Handleiding. PrintShop Mail Professionele Mailing-Software voor Apple Macintosh

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Handleiding. PrintShop Mail Professionele Mailing-Software voor Apple Macintosh"

Transcriptie

1 Handleiding PrintShop Mail Professionele Mailing-Software voor Apple Macintosh I

2 PrintShop Mail is een Software-Product van: Atlas Software BV Daltonstraat BX Harderwijk Tel. +31 (0) Fax +31 (0) Homepage: Atlas Software B.V. Harderwijk Hoewel Atlas Software haar uiterste best doet een zo hoog mogelijke kwaliteit te bereiken in haar software, kan het gebeuren dat er fouten in de software voorkomen. Atlas Software B.V. kan daarvoor niet aansprakelijk worden gesteld. Niets uit deze uitgave en de bijbehorende programmatuur mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Atlas Software B.V. Harderwijk. Alle handelsmerken waarin in deze handleiding wordt gerefereerd, zijn handelsmerken of geregistreerde handelsmerken van hun respectievelijke houders. Apple en Macintosh zijn geregistreerde handelsmerken van Apple Computer, Inc. QuarkXPress is een geregistreerd handelsmerk van Quark, Inc. Adobe, Acrobat, PostScript, PageMaker, FileMaker en alle daaraan gerelateerde handelsmerken zijn geregistreerde handelsmerken van Adobe Systems Incorporated. CreoScitex VPS is een geregistreerd handelsmerk van CreoScitex Corporation Ltd. Fiery FreeForm is een geregistreerd handelsmerk van Electronics For Imaging, Inc. Splash VI en Splash DiamondMerge zijn geregistreerde handelsmerken van Splash Technology, Inc. AHT is een geregistreerd handelsmerk van AHT, Inc. Windows, Word en Excel zijn geregistreerde handelsmerken van Microsoft.

3 Inhoudsopgave Inleiding 5 Wat is PrintShop Mail? 5 PrintShop Mail Schema 6 Over deze handleiding 8 Installatie van PrintShop Mail 9 Installatieprocedure 10 Installatie van PrintShop Mail 12 Configureren van de LaserWriter driver 15 De Hardware Sleutel aansluiten 17 PrintShop Mail gebruiken op Mac OS X 18 Ondersteuning voor Adobe Acrobat 21 PrintShop Mail Overzicht 23 De algemene werkbalk 23 Het documentvenster 24 Database- en variabelenvensters 27 De overige PrintShop Mail vensters 28 Kennismaking met PrintShop Mail 29 Een nieuw PrintShop Mail document maken 30 Statische elementen in een document plaatsen 31 Een database met uw document verbinden 33 Een object voor variabele tekst invoegen 36 Variabelen met databasevelden verbinden 40 Een object voor variabele afbeeldingen invoegen 45 Opmaak van tekstobjecten 49 Het document afdrukken 51 Adreslabels voor de mailing maken 52 Inhoudsopgave 1

4 Werken met PrintShop Mail 57 Inleiding 57 Opbouw van een PrintShop Mail document 58 Een nieuw PrintShop Mail document maken 59 Een PrintShop Mail document openen 61 Documenten met meerdere pagina s 62 Statische EPS afbeeldingen plaatsen 65 Statische PDF afbeeldingen plaatsen 66 Objecten invoegen en verwijderen 67 Objecten manipuleren 72 Opmaak van objecten 80 Transparantie gebruiken 84 De inhoud van een tekstobject opmaken 85 Barcodes in PrintShop Mail documenten 89 Optisch Leesbare Acceptgiro s 91 De PrintShop Mail Voorkeuren 94 Databasegebruik in PrintShop Mail 103 Inleiding 103 Namen van databasevelden 104 Een DBF database gebruiken 105 Een ODBC-verbinding gebruiken 107 Een tekstbestand als database gebruiken 107 Databasevelden met variabelen verbinden 109 Records filteren 111 Sorteren van de database 115 Variabelen in PrintShop Mail 117 Berekeningen en datatypes 117 De berekening van een variabele bepalen 120 Favorieten importeren 123 Alfabetische lijst van functies 124 Voorbeelden van definities Inhoudsopgave

5 Afdrukken van documenten 135 PrintShop Mail documenten controleren 135 "Bleed" marge en snijlijnen 137 Vouwlijnen afdrukken 138 Het papierformaat instellen 139 Afdrukopdrachten verdelen 140 Layout Condities 142 Print Record 145 PPML 145 De Open PrePress Interface gebruiken 147 Gebruik van de HotFolder 148 Appendix 151 Ondersteunde grafische bestandsformaten 151 Printtechnologieën 152 Barcode functies 158 Index 163 Inhoudsopgave 3

6 4 Inhoudsopgave

7 Inleiding Wat is PrintShop Mail? PrintShop Mail is een professioneel programma voor het verwerken van variabele gegevens in alle mogelijke soorten drukwerk: gepersonaliseerde brieven, adreslabels, barcodes, entreekaarten, etc. PrintShop Mail optimaliseert de productie van gepersonaliseerd drukwerk, doordat het de variabele gegevens gescheiden houdt van het onveranderlijke deel van het drukwerk. Het gebruik van variabele velden in drukwerk wordt door alle moderne printers ondersteund. PrintShop Mail draait op een Power Macintosh en is speciaal ontwikkeld voor toepassing met de nieuwste generaties printers voor volume-drukwerk. U kunt alle denkbare formateringen op de variabele elementen toepassen: kleurige teksten, rotatie van elementen, variabele afbeeldingen, voorwaardelijk ingevoegde teksten, etc. Voor dit alles heeft u geen diepgaande technische kennis nodig: werken met PrintShop Mail is eenvoudig en efficiënt, ook wanneer u geen expert bent in het gebruik van DTP programma s of database software. Inleiding 3

8 PrintShop Mail Schema Inleiding

9 1 Gebruik uw favoriete DTP- of tekstverwerkingsprogramma om een layout document aan te maken. 2 Verzamel de afbeeldingen die in de gepersonaliseerde kopieën van uw document gebruikt zullen worden. 3 Voeg de variabele gegevens voor uw drukwerk (adressen, namen, contactpersonen, etc.) in een database in. U kunt een bestaande database gebruiken, waaruit u vanuit PrintShop Mail de benodigde gegevens selecteert. 4 Maak een PrintShop Mail document en plaats de onveranderlijke elementen (het eerder aangemaakte layout document) daarin. Voeg vervolgens tekstobjecten in en bepaal de variabele inhoud daarvan. 5 Voeg beeldobjecten in en bepaal, welke afbeeldingen in welke exemplaren van uw drukwerk gebruikt zullen worden. 6 Druk het PrintShop Mail document af. Het onveranderlijke deel van uw document wordt slechts éénmaal naar de printer gestuurd. Daarna volgen de in de individuele exemplaren van het document in te voegen gegevens van de door u uit de database geselecteerde records. 7 De RIP van uw printer maakt de pagina s op, en de resulterende gepersonaliseerde kopieën van uw document worden afgedrukt. De RIP kan in uw printer geïntegreerd zijn of op een daarmee verbonden computer draaien. 8 Het resultaat: gepersonaliseerde kopieën van uw document. Inleiding 5

10 Over deze handleiding Deze handleiding is geschreven voor professionele samenstellers van variabel drukwerk (mailings, gepersonaliseerde kopieën van documenten, visitekaartjes, adreslabels, etc.). Om met PrintShop Mail te kunnen werken, dient u over basiskennis te beschikken omtrent het Apple Macintosh besturingssysteem. Dit symbool wijst op belangrijke informatie, die u bij het gebruik van PrintShop Mail zal helpen. Als u nog vragen heeft... Als u in deze handleiding geen antwoorden vindt op uw vragen, kunt u contact opnemen met de support afdeling van Atlas Software BV ( Wij kunnen uw vragen beter en sneller beantwoorden als u de nodige informatie bij de hand heeft (en in een bericht meesturen). U kunt een compleet overzicht van de nodige informatie eenvoudig aanmaken, door vanuit PrintShop Mail een rapport af te drukken. Opent u daartoe het Printer gedeelte in het venster Instellingen en klikt u op de Afdrukken toets in het Rapport gedeelte van het getoonde venster. Zorg ervoor, dat u dit rapport bij de hand heeft wanneer u telefonisch contact opneemt met Atlas Software BV. 6 Inleiding

11 Installatie van PrintShop Mail Inhoud van de PrintShop Mail CD-ROM PrintShop Mail wordt op een CD-ROM geleverd. Op de CD-ROM zijn minimaal de volgende zaken beschikbaar: Het PrintShop Mail installatieprogramma voor: Macintosh versie van PrintShop Mail LaserWriter printer driver PSMail plug-in voor Adobe Acrobat USB driver voor gebruik met de HASP dongle PrintShop Mail voorbeelddocumenten PDF versie van deze handleiding Systeemvereisten Om met PrintShop Mail te kunnen werken, heeft u het volgende nodig: PowerPC Macintosh met tenminste 64 MB werkgeheugen Besturingssysteem versie of hoger - PSM is getest op OS QuickTime 4.0 of hoger Vereisten voor optionele software: Adobe Acrobat: versie 4.0 of hoger en tenminste 50 MB werkgeheugen Mac OS X: een HASP USB dongle. Installatie van PrintShop Mail 7

12 Bestanden die geïnstalleerd worden Deze tabel toont, welke bestanden op uw computer worden geïnstalleerd, en in welke folders: Bestanden PrintShop Mail Voorbeelddocumenten LaserWriter printer driver USB dongle drivers PSMail plug-in voor Adobe Locaties Door u gekozen programmafolder Voorbeeld -folder in de door u gekozen programmafolder Systeemfolder, Extensies map Systeemfolder, Extensies map PrintShop Mail folder Installatieprocedure De installatieprocedure is in een aantal stappen verdeeld, zoals in onderstaande tabel wordt weergegeven: Procedure Zie Installatie van PrintShop Mail pagina 10 Configureren van de LaserWriter driver pagina 13 De Hardware Sleutel aansluiten* pagina 15 PrintShop Mail gebruiken op Mac OS X pagina 16 Ondersteuning voor Adobe Acrobat pagina 19 (*) De hardware sleutel wordt geleverd wanneer u een PrintShop Mail licentie aanschaft. Wanneer u nog geen licentie (en dus geen geldige hardware sleutel) bezit, kunt u de software toch installeren en gebruiken. U kunt echter slechts 25 exemplaren 8 Installatie van PrintShop Mail

13 van uw gepersonaliseerde drukwerk afdrukken, waarbij het woord PrintShop Mail op elke afdruk verschijnt. Zie Krediet op pagina 18 voor verdere details. Installatie van PrintShop Mail 9

14 Installatie van PrintShop Mail 1 Plaats de PrintShop Mail CD-ROM in uw CD-ROM station en dubbelklik op het CD-ROM symbool op uw bureaublad. 2 Open de folder waarin zich de PrintShop Mail Installer bevindt en dubbelklik op het Installer symbool. 3 Klik op Verder. Het installatievenster wordt geopend: Het installatievenster toont een lijst met beschikbare opties. Deze zijn in de volgende tabel kort beschreven: Optie Easy install PrintShop Mail programma Laserwriter printer bestand PrintShop Mail voorbeelden Beschrijving Installeert PrintShop Mail voor de PowerPC Macintosh en een voorbeeld Installeert alleen de PrintShop Mail programma bestanden Installeert een Laserwriter printer driver, die met PrintShop Mail kan worden gebruikt Voorbeelden van PSMail documenten, met bijbehorende database en afbeeldingen 10 Installatie van PrintShop Mail

15 Optie KIX Barcode USB driver Beschrijving Lettertype om barcodes mee af te drukken Driver om een USB dongle te gebruiken 4 Kies de optie Standaard installatie en klik op Installeren om PrintShop Mail voor de PowerPC Macintosh met een voorbeeld te installeren. Het volgende venster wordt geopend: 5 Kies de folder waar de PrintShop Mail programmabestanden dienen te worden opgeslagen en klik op Installeren. Nadat de bestanden in deze folder zijn gekopieëerd, verschijnt de volgende melding: 6 Klik op Stoppen om de installatie te beëindigen. Installatie van PrintShop Mail 11

16 7 Dubbelklik op het PrintShop Mail symbool in de PrintShop Mail folder om het programma te starten. 12 Installatie van PrintShop Mail

17 Configureren van de LaserWriter driver 1 Open de Kiezer vanuit het Apple menu. 2 Kies de LaserWriter...PSMail driver uit de lijst aan de linkerkant. 3 Kies de gewenste PostScript printer uit de lijst van beschikbare printers die aan de rechterkant verschijnt: 4 Klik op Setup. Het volgende venster wordt geopend: Installatie van PrintShop Mail 13

18 5 Klik op PPD selecteren. Een venster wordt geopend, waarin u het benodigde PPD bestand kunt kiezen: 6 Kies het PPD bestand uit de lijst en klik op Selecteren. 7 Klik op OK om terug te keren naar de Kiezer en sluit deze af. 14 Installatie van PrintShop Mail

19 De Hardware Sleutel aansluiten Wanneer u PrintShop Mail documenten wilt afdrukken, dient u de hardware sleutel aan een van de USB poorten van uw Macintosh aan te sluiten. Om de installatie van de hardware sleutel te testen, kiest u in het PrintShop Mail programma het commando Over PrintShop Mail uit het Apple menu. Hierdoor worden het versienummer van uw programma en het beschikbare krediet getoond. Installatie van PrintShop Mail 15

20 PrintShop Mail gebruiken op Mac OS X PrintShop Mail draait in Classic mode wanneer het programma onder Mac OS X geïnstalleerd wordt. Daarnaast dient u ook de HASP hardwaresleutel aan te sluiten en de USB driver te installeren: 1 Start de aksusb installer, die in de Installers folder op de PSMail CD beschikbaar is. Dit programma opent het volgende venster: 2 Voer de gebruikersnaam root in en geef het voor deze gebruiker geldige wachtwoord. Wanneer u het wachtwoord voor root niet kent, neemt u dan contact op met uw systeembeheerder. 16 Installatie van PrintShop Mail

21 3 De installer toont het volgende venster: 4 De driver wordt binnen enkele seconden geïnstalleerd; het is niet nodig, de Mac te herstarten. 5 U kunt PrintShop Mail 4.3 nu starten; het programma herkent de dongle automatisch. U kunt dit controleren door de krediet informatie te openen (zie onder voor details). Installatie van PrintShop Mail 17

22 Krediet Het krediet geeft het aantal beschikbare afdrukeenheden aan, oftewel het aantal combinaties uit een layout document en een database record, dat u met uw licentie nog kunt afdrukken. Krediet Designer mode xxxxx tikken onbeperkt Betekenis Uw Macintosh heeft geen geldige hardware sleutel gevonden. U kunt 25 afdrukken maken. U kunt xxxxx eenheden afdrukken. U heeft een onbeperkte licentie. Wanneer u meerdere documenten per pagina afdrukt (bijvoorbeeld bij het aanmaken van adreslabels), wordt elk document als een afdrukeenheid geteld. Als u dus 25 labels afdrukt die samen op één pagina passen, kost dit 25 tikken. Als u een document van 5 pagina s met 25 records afdrukt, kost dit ook 25 tikken, hoewel in dit geval 125 pagina s worden afgedrukt. Neem voor verdere informatie over uw licentie en de mogelijkheid, deze op te waarderen, contact op met Atlas Software of de distributeur bij wie u PrintShop Mail heeft aangeschaft. U kunt uw krediet controleren door de functie Krediet informatie te kiezen in het Help menu. Als de hardwaresleutel niet aanwezig is, zullen de meldingen Sleutel type: Niet gevonden en Krediet: 25 (Demo Modus) verschijnen. 18 Installatie van PrintShop Mail

23 Ondersteuning voor Adobe Acrobat In PrintShop Mail kunnen PDF bestanden als basis voor gepersonaliseerd drukwerk worden gebruikt. Hiervoor dient Adobe Acrobat versie 4 of hoger op de Mac geïnstalleerd te zijn. Bij het importeren van een PDF bestand wordt Adobe Acrobat in de achtergrond gestart, om de PDF codes te interpreteren en het resulterende beeld voor PrintShop Mail beschikbaar te maken. Wanneer Adobe Acrobat opstart, kan een registratievenster verschijnen. Dit moet vermeden worden wanneer het programma door PrintShop Mail gestart wordt, omdat dit tot problemen in de communicatie tussen de beide programma s voert. Om de melding te vermijden dient Acrobat geregistreerd te worden, of de herinnerings-melding onderdrukt te worden. PrintShop Mail gebruikt een Adobe Acrobat plug-in om het programma op te starten wanneer het nodig is. Wanneer u voor het eerst een PDF bestand in een PrintShop Mail document plaatst, wordt u gevraagd om Adobe Acrobat te localiseren. Deze informatie wordt in de voorkeuren van PrintShop Mail opgeslagen en hoeft niet opnieuw ingegeven te worden. Let op: u kunt geen PDF bestanden in PrintShop Mail gebruiken, wanneer deze bestanden versleuteld, met een wachtwoord beschermd of tegen afdrukken beschermd zijn. Installatie van PrintShop Mail 19

24 20 Installatie van PrintShop Mail

25 PrintShop Mail Overzicht Dit hoofdstuk beschrijft de gebruikersinterface van PrintShop Mail en verklaart de inhoud van de beschikbare programmavensters. De algemene werkbalk De algemene werkbalk wordt links naast het documentvenster getoond, ook als nog geen document geopend is. Symbool Functie Objecten selecteren. Tekstcursor plaatsen en tekst invoegen. Vergroten van het document, of verkleinen (als de optietoets ingedrukt is). Kleur van een object opnemen (de vulkleur instellen op de vulkleur van het geselecteerde object). Kleur van een object instellen (de momenteel gekozen vulkleur wordt gebruikt). Een tekstobject invoegen. Een variabele afbeelding invoegen. PrintShop Mail Overzicht 21

26 Het documentvenster U kunt slechts één PrintShop Mail document tegelijk openen. Na het openen van een document wordt de eerste pagina in het documentvenster getoond. Het Pagina menu bevat functies voor het hanteren van een document met meerdere pagina s (toevoegen of verwijderen van pagina s, verplaatsen van pagina s en een andere pagina tonen). Het documentvenster bevat een horizontale en een verticale liniaal, een werkbalk, horizontale en verticale schuifbalken, knoppen voor het vergroten of verkleinen en een deel van de momenteel gekozen pagina van het document: 22 PrintShop Mail Overzicht

27 De linialen De linialen kunnen getoond of verborgen worden door de Toon Liniaal en Verberg Liniaal functies in het Venster menu. De maateenheid kan in de programma-instellingen gekozen worden. De linialen worden ook bij het invoegen van hulp- en vouwlijnen gebruikt. Zie Hulplijnen in het documentvenster tonen op pagina 72 en Een vouwlijn invoegen op pagina 140. Vergrotingsfactor en pagina Onderaan links in het documentvenster worden de huidige vergrotingsfactor en pagina getoond. Deze zijn via de getoonde symbolen te veranderen: vorige pagina volgende pagina Klik op de aanduiding van de huidige vergrotingsfactor om een menu met beschikbare vergrotingsfactoren te openen, waaruit u de gewenste grootte kunt kiezen. Wanneer u voor Venstergrootte kiest, wordt het document zover vergroot of verkleind, dat een hele pagina in het documentvenster past. De aanduiding van de vergrotingsfactor wordt hierop aangepast. Bladeren naar een volgende of vorige pagina doet u door op de pijlen naast de aanduiding van de huidige pagina te klikken, of door gebruik te maken van het document-opmaak venster. PrintShop Mail Overzicht 23

28 De document werkbalk In het documentvenster wordt direct onder de horizontale liniaal een werkbalk getoond. De volgende tabel geeft de functie van de diverse symbolen op deze document werkbalk weer: Symbool Functie Gedeelte voor vulkleur en vulpatroon. Gedeelte voor eigenschappen van objectranden. Gedeelte voor eigenschappen van teksten. Objectachtergrond negeren (transparantie). Kleurpalet openen om een kleur te kiezen. Lijndikte instellen. Tekst links in het object uitlijnen. Tekst in het object centreren. Tekst rechts in het object uitlijnen. 24 PrintShop Mail Overzicht

29 Database- en variabelenvensters Deze vensters zijn nodig om de variabele gegevens uit database met variabele teksten en afbeeldingen te verbinden. Zie Databasevelden met variabelen verbinden op pagina 111. Het variabelenvenster Kies de functie Toon Variabelen in het Beeld menu, om het variabelenvenster te openen. Dit venster bevat ook de layout condities (zie pagina 144): namen van variabelen inhoud van het database record of resultaat van de berekening formules, die de inhoud van de variabelen bepalen Het databasevenster De functie Toon Database in het Beeld menu, om het databasevenser te openen: namen van velden in de geopende database inhoud van het record dat in het variabelenvenster geselecteerd is PrintShop Mail Overzicht 25

30 De overige PrintShop Mail vensters Behalve de hierboven getoonde database- en veldenvensters kunt u nog enkele andere vensters openen via het Beeld menu. Een korte beschrijving hiervan vindt u hieronder: Het lettertypen venster Dit venster toont een lijst van de in het geopende PrintShop Mail document gebruikte lettertypen en de beschikbaarheid van deze lettertypen op uw Macintosh. Het document-opmaak venster Dit venster toont de pagina s in het geopende document en maakt het mogelijk om direct naar een andere pagina van het document te springen, door op de aanduiding van de gewenste pagina te klikken. Ook kunt u in dit venster eenvoudig pagina s toe te voegen of te verwijderen, en de eigenschappen van pagina s in te stellen. Gedetailleerde informatie vindt u op pagina 61 Het coördinaten venster Dit venster toont de coördinaten van het geselecteerde object (een statische afbeelding of een tekst-, dan wel beeldobject). Het maakt tevens een uiterst nauwkeurige bepaling van de positie en grootte van het geselecteerde object mogelijk, door het met de hand ingeven van de gewenste coördinaten. Tenslotte kunt u in dit venster ook de maateenheid instellen (die ook direct in de horizontale en verticale linialen van het documentvenster worden overgenomen). 26 PrintShop Mail Overzicht

31 Kennismaking met PrintShop Mail Dit hoofdstuk is geschreven voor gebruikers die nog geen ervaring hebben met een voorgaande versie van PrintShop Mail. De stap-voorstap beschrijving van het werken met het programma toont hoe u de basisfuncties voor gepersonaliseerd drukwerk kunt gebruiken. Het voorbeeld, wat in dit hoofdstuk wordt beschreven, is op de CD-ROM beschikbaar. U kunt de beschreven stappen dus direct meedoen. De volgende stappen worden in dit hoofdstuk beschreven: Stap Zie Een nieuw PrintShop Mail document maken pagina 28 Statische elementen in een document plaatsen pagina 29 Een database met uw document verbinden pagina 31 Een object voor variabele tekst invoegen pagina 34 Variabelen met databasevelden verbinden pagina 38 Een object voor variabele afbeeldingen invoegen pagina 43 Opmaak van tekstobjecten pagina 47 Het document afdrukken pagina 49 Adreslabels voor de mailing maken pagina 51 Kennismaking met PrintShop Mail 27

32 Een nieuw PrintShop Mail document maken 1 Dubbelklik op het PrintShop Mail symbool om het programma te starten. 2 Kies de functie Nieuw... in het Archief menu. Het Opmaakformaatvenster wordt geopend: Staand formaat Liggend formaat 3 Kies het gewenste paginaformaat uit de keuzelijst. Als u het formaat Anders... kiest, dient u breedte en hoogte met de hand in te toetsen. Voor het voorbeeld gebruikt u de instellingen zoals ze in bovenstaande figuur zijn aangegeven. Als uw voorkeur uitgaat naar punten i.p.v. comma s (of andersom) dan kunt u dit aanpassen onder het Apple menu, Regelpanelen-Getallen Om de wijziging door te voeren moet PrintShop Mail herstart worden. 4 Klik op OK om het nieuwe PrintShop Mail document te openen. 28 Kennismaking met PrintShop Mail

33 5 Kies de functie Bewaren als... in het Archief menu om het document te benoemen en te bewaren: 6 Geef de gewenste bestandsnaam (v.b. Versie1.psm ) en klik op Bewaar. Statische elementen in een document plaatsen 1 Kies de functie Plaats afbeelding... in het Archief menu. Kennismaking met PrintShop Mail 29

34 2 Kies het EPS bestand CatMetics NL.eps voor het voorbeeld document en klik op Open. In PrintShop Mail 4.3 kunt u ook PDF bestanden als statische elementen plaatsen. Om dit te doen kiest u de functie Plaats PDF... in het Archief menu (zie????). Nadat het bestand ingelezen is, ziet uw document er alsvolgt uit: 3 U kunt de geplaatste afbeelding groter of kleiner maken door het aan te klikken en daarna de randen naar buiten of binnen te bewegen (gebruik de zwarte blokjes op de randen als handgrepen voor de afbeelding). 4 Tevens kunt u de inhoud van bepaalde databasevelden op uw documenten laten afdrukken, door in de opmaak variabelen te gebruiken die met de gewenste velden uit de geopende database verbonden kunnen worden. Die veldvariabelen moet u op de gewenste positie in uw EPS-bestand of in uw tekstkader plaatsen: bijvoorbeeld Elke veldvariabelenaam 30 Kennismaking met PrintShop Mail

35 in een EPS-bestand mag uit slechts één teken bestaan. In een EPS moeten de variabelen altijd aan het einde van een regel toegevoegd worden. Achter de mag namelijk geen enkel teken meer staan, dus ook geen tweede variabele-aanduiding. Om dus bijvoorbeeld in een briefaanhef een komma achter de persoonsnaam te krijgen of in de adressering de woonplaats achter de postcode, is een speciale oplossing noodzakelijk. Gelukkig voorziet PrintShop Mail hierin. Een database met uw document verbinden Tekstbestand of DBF bestand Welke teksten en afbeeldingen in de exemplaren van uw document afgedrukt moeten worden, wordt door de berekingen van variabele objecten bepaald. De bereking verbindt een tekstobjekt of afbeelding met velden uit de geopende database. Deze database kan als DBF bestand (native formaat voor de Macintosh) of als tekstbestand beschikbaar zijn. Kennismaking met PrintShop Mail 31

36 Een tekstbestand als database gebruiken 1 Kies de functie Tekstbestand converteren... in het Database menu om een tekstbestand (bijvoorbeeld CatData.tab ) in een DBF bestand om te zetten (het resultaat wordt in het nieuwe bestand CatData.tab.DBF bewaard). Een venster wordt geopend, waarin u het tekstbestand kunt kiezen: 2 Klik op Opties. Een extra venster wordt geopend, waarin u het scheidingsteken kunt aangeven, wat in het tekstbestand wordt gebruikt om de velden van elkaar te onderscheiden (tab, komma, spatie, puntkomma of een nader te specificeren teken). 3 Wanneer u een tekstbestand opent, wat op een DOS/Windows computer aangemaakt is, dient u een conversietabel voor DOS karakters te kiezen. Zie pagina 109 voor verdere details. 32 Kennismaking met PrintShop Mail

37 4 Zorg ervoor, dat de Tab als scheidingsteken is ingesteld en kies het bestand CatData.tab. Klik op Open om dit bestand te converteren en met uw PrintShop Mail document te verbinden. Het Databasevenster wordt geopend en toont de in uw database beschikbare velden: veldnamen inhoud van het geselecteerde record Een DBF bestand als database gebruiken Wanneer een database in Macintosh formaat beschikbaar is, hoeft u geen tekstbestand te converteren. Houd er echter rekening mee, dat in PrintShop Mail slechts één database tegelijk geopend kan zijn. U dient dus eerst de huidige database te sluiten. 1 Kies de Open DBF-bestand... in het Database menu. 2 Kies de gewenste database (bijvoorbeeld Data.tab.dbf ) en klik op Open. Het Databasevenster wordt geopend en toont een lijst van velden, die in de database gedefiniëerd zijn. De inhoud van het geselecteerde record wordt ook getoond. Een ander record selecteren wordt in het variabelenvenster gedaan. Kennismaking met PrintShop Mail 33

38 Een object voor variabele tekst invoegen Er zijn diverse methoden om variabele teksten in een PrintShop Mail document in te voegen. Elk van deze methoden wordt in het voorbeeld minstens éénmaal gebruikt, en hieronder beschreven. Een tekstobject tekenen en velden erop slepen 1 Klik op in de algemene werkbalk. Zie De algemene werkbalk op pagina 21 voor een gedetailleerde beschrijving. 2 Teken een kader voor het tekstobject, zoals hier getoond wordt: U kunt hulplijnen gebruiken om het nauwkeurig tekenen en plaatsen van tekstobjecten eenvoudiger te maken. Zie Hulplijnen in het documentvenster tonen op pagina Klik op het veld Voornaam in het databasevenster, en sleep het in het tekstobject. De veldnaam wordt nu zowel in het tekstobject als in het variabelenvenster getoond. 34 Kennismaking met PrintShop Mail

39 4 Klik op in de algemene werkbalk en klik vervolgens éénmaal in het tekstobject, achter de tekst Voeg nu een spatie in. Selecteer nu het veld Achternaam in het databasevenster en sleep het in het tekstobject. De tekst verschijnt in het tekstobject, en wordt als nieuwe variabele in het variabelenvenster toegevoegd. 5 Nadat u ook de velden Straat, Postcode en Plaats ingevoegd hebben, met op de gewenste plaatsen een nieuwe regel en een spatie, zal uw document er ongeveer zo uitzien: Kennismaking met PrintShop Mail 35

40 Een tekstobject tekenen en variabelen invoegen 1 Teken een nieuw tekstobject, zoals hierboven is beschreven. Als voorbeeld in Versie1.psm maakt u een tekstobject, wat de regel Geachte heer/mevrouw, in de brief zal afdekken. In plaats van deze tekst zullen we een persoonlijker aanhef gebruiken. 2 Voeg in het tekstobject de tekst Beste in (zonder aanhalingstekens). De variabele Voornaam was al gebruikt en wordt niet nogmaals in het variabelen-venster toegevoegd. Dezelfde variabele kan op meerdere plaatsen in het PrintShop Mail document worden gebruikt, en zal per afdruk op al deze plaatsen dezelfde inhoud krijgen. 3 Klik op het symbool in de document werkbalk, wat de huidige vulkleur aangeeft (bij nieuwe tekstobjecten is dit het symbool voor transparantie). Een kleurenpalet wordt geopend, waaruit u wit als achtergrondkleur voor het tekstobject kiest: 36 Kennismaking met PrintShop Mail

41 Variabelen moeten tekens ingevoegd worden om als variabelen herkend te worden. Wanneer u andere markeringssymbolen wilt gebruiken, dient u deze in de voorkeuren van PrintShop Mail aan te geven. Een databaseveld op het document slepen Wanneer u een tekstobject in willen voegen, wat enkel de inhoud van een bepaald databaseveld toegewezen krijgt, kunt u een snellere methode gebruiken dan de hierboven beschreven manieren. 1 Zorg ervoor, dat het gedeelte van het document, waar u het databaseveld wilt plaatsen, op uw beeldscherm zichtbaar is. 2 Klik op het gewenste databaseveld in het databasevenster. en sleep het naar de gewenste plek in het documentvenster. Een tekstobject verschijnt met de veldnaam als inhoud, en deze wordt tevens aan het variabelenvenster toegevoegd. Kennismaking met PrintShop Mail 37

42 Variabelen met databasevelden verbinden In PrintShop Mail worden variabele gegevens niet direct, maar via een berekening met de inhoud van de gebruikte database verbonden. Het bepalen van de berekening gebeurt in PrintShop Mail, en biedt in verhouding tot conventionele mailing-programma s een bijzondere flexibiliteit. De volgende paragrafen beschrijven de belangrijkste mogelijkheden. Details vindt u in het hoofdstuk Variabelen in PrintShop Mail. Velden naar het variabelenvenster slepen 1 Indien de database- en variabelenvensters nog niet zichtbaar zijn, dient u deze te openen via de functies in het Beeld menu. 2 Kies één van de beschikbare velden in het databasevenster uit door het aan te klikken. Sleep het naar het variabelenvenster en plaats het op de variabele waarmee u het veld wilt verbinden. De veldnaam wordt in de kolom Berekening van de gekozen variabele getoond: Wanneer u een databaseveld op een variabele plaatst, die reeds een berekening bevat, wordt om bevestiging gevraagd voordat de berekening wordt vervangen. 38 Kennismaking met PrintShop Mail

43 Meerdere databasevelden in een variabele samenvoegen Een tekstobject kan meerdere variabelen bevatten, die via de boven aangegeven methode met databasevelden verbonden zijn. Het is ook mogelijk, meerdere databasevelden in één variabele samen te voegen: 1 Klik op in de algemene werkbalk en klik vervolgens in het tekstobject, wat het adres bevat. Vervang de tekst door 2 Klik nu buiten het tekstobject. De nieuwe variabele Naam wordt in het variabelenvenster getoond. Dubbelklik op die variabele in de Berekening kolom: 3 Dubbelklik in de lijst aan de rechterkant op het veld Voornaam, om dit veld aan de berekening toe te voegen. Kennismaking met PrintShop Mail 39

44 4 Klik op om een & teken aan de berekening toe te voegen. Dit teken wordt gebruikt om tekstgedeelten samen te voegen. U kunt het teken ook via het toetsenbord invoegen. 5 Klik op. Aanhalingstekens worden aan de berekening toegevoegd en de tekstcursor wordt ertussen geplaatst. Voeg nu een spatie in. Deze zal de samengevoegde databasevelden in de afdruk optisch van elkaar scheiden. 6 Klik achter het laatste aanhalingsteken en voeg nog een & teken in. Dubbelklik vervolgens in de lijst met databasevelden op het veld Achternaam. De berekening is nu compleet: 7 Klik op Verifieer. Wanneer een fout in de opbouw van de berekening wordt gevonden, wordt de tekstcursor op de betreffende positie geplaatst en verschijnt er een foutmelding. 40 Kennismaking met PrintShop Mail

45 8 Klik op OK om de berekening aan de variabele toe te wijzen. Deze wordt nu in de Berekening kolom van het variabelenvenster getoond. Het resultaat van de berekening voor het momenteel geselecteerde record wordt daarnaast getoond. 9 U kunt resultaten van de berekening voor andere records zien, door te bladeren door de database. Klik daarvoor op de pijlen die rechtsboven in het variabelenvenster geplaatst zijn, of geef direct het recordnummer aan, waarvan u de resultaten wilt zien. Kiezen tussen verschillende teksten Wanneer de gegevens in de database niet precies overeenstemmen met hetgeen u in uw document wilt afdrukken, moet u een berekening samenstellen die voor elk exemplaar de juiste tekst als resultaat heeft. In het CatMetics voorbeeld bevat de database alleen de voornaam van de contactpersoon, en in de brief wil men graag ook de achternaam hieraan toevoegen. Omdat er slechts twee contactpersonen zijn, kunt u hiertussen eenvoudig een keuze maken, op basis van de beschikbare voornaam. 1 Dubbelklik op Contact in het variabelenvenster. Hierdoor wordt het venster geopend waarin u de berekening van de variabele kunt aanpassen. Kennismaking met PrintShop Mail 41

46 2 Aan de linkerkant vindt u een keuzelijst met functietypen. Kies de optie Logisch, om alleen de logische functies in de functielijst te tonen. 3 Dubbelklik op IF(,, ). Deze functie wordt in de berekening geplaatst, met het eerste argument geselecteerd. Dit eerste argument moet een logische uitdrukking bevatten, die bepaalt, of het tweede, dan wel het derde argument als tekst van de variabele wordt gebruikt. 4 Dubbelklik nu op Contact in de lijst met databasevelden, om dit veld als eerste argument in te voegen. Maak nu de logische uitdrukking af met de tekst: = Jenny. 5 Vervang het tweede argument door Jenny Kattenburg en het derde door Bob Leeuwenhoek (beide inclusief aanhalingstekens). De Berekening is nu af, en ziet er alsvolgt uit: 42 Kennismaking met PrintShop Mail

47 Een object voor variabele afbeeldingen invoegen 1 Klik op in de algemene werkbalk. 2 Teken een kader voor het beeldobject. In het CatMetics voorbeeld willen we onder de naam van de contactpersoon een foto plaatsen. De variabele wordt automatisch als Afbeelding 1 benoemd en in het variabelenvenster getoond: 3 Dubbelklik in de afbeelding, om het venster te openen waarin de instellingen bepaald kunnen worden. De twee volgende paragrafen beschrijven verschillende methoden, om de variabele inhoud van afbeeldingen te bepalen. Beide worden in het voorbeelddocument gebruikt. Kennismaking met PrintShop Mail 43

48 Een beeldobject met een databaseveld verbinden 1 Dubbelklik in de afbeelding om het venster met instellingen voor de afbeelding te openen: 2 Selecteer Expressie als methode om de inhoud van de afbeelding te bepalen. 3 Kies in het gedeelte Aanpassing aan kader de optie Schalen (passend). Deze optie zorgt ervoor dat de afbeeldingen zodanig geschaald worden, dat ze binnen het objectkader passen. 4 Sluit het venster door op OK te klikken. Dubbelklik vervolgens op de variabele Afbeelding 1 in het variabelenvenster. Hierdoor wordt het venster geopend, waarin u de berekening kunt bepalen. 44 Kennismaking met PrintShop Mail

49 5 Dubbelklik op het databaseveld Contact. Voeg daaraan de volgende tekst toe: &.Foto.eps (vergeet de punten en aanhalingstekens niet). We gaan ervan uit, dat voor beide contactpersonen een bestand <Contactnaam>.Foto.eps bestaat. 6 Klik OK om de berekening aan deze afbeelding toe te kennen. Een vaste opeenvolging van afbeeldingen 1 Voeg rechts van Afbeelding 1 een nieuwe afbeelding toe. Dit zal een vaste opeenvolging van afbeeldingen van katten tonen, zonder verbinding met de gegevens in de database. 2 Dubbelklik op het nieuwe beeldobject (wat de automatische naam Afbeelding 2 heeft gekregen) en kies de Opeenvolging optie. Kennismaking met PrintShop Mail 45

50 3 Klik op Lijst om een venster te openen waarin u de bestanden kunt kiezen, die bij het afdrukken in de vaste opeenvolging zullen worden gebruikt. 4 Voeg de bestanden aan de opeenvolgingslijst toe, door op Toevoegen te klikken en het toe te voegen bestand te kiezen. Voor het CatMetics voorbeeld zijn EPS bestanden beschikbaar, die foto s van verschillende katten bevatten. Andere grafische bestandsformaten kunnen ook gebruikt worden (zie de Appendix voor een lijst met ondersteunde grafische bestandsformaten). 5 Een bestand kan meermaals gebruikt worden door het aantal, wat achter de bestandsnaam wordt getoond, te verhogen. Dit doet u door dubbelklikken op de bestandsnaam en vervolgens het aantal te veranderen. Het bestand wordt herhaald voordat het volgende bestand uit de lijst wordt gebruikt. 6 Om de gehele lijst te herhalen, kiest u de optie Blijf lijst herhalen. Als u kiest voor de optie Kopieer laatste record dan wordt het laatste bestand uit de lijst voor alle resterende afdrukken gebruikt: 46 Kennismaking met PrintShop Mail

51 7 Als u het venster met instellingen voor het beeldobject sluit (door op OK te klikken), verdwijnt de variabele Afbeelding 2 uit het variabelenvenster. Door een opeenvolging van bestanden in te stellen, is het beeldobject namelijk geen PrintShop Mail variabele meer en kunt u geen berekening bepalen voor de inhoud. Opmaak van tekstobjecten Teksteigenschappen veranderen De opmaak van variabele teksten kan aan uw wensen worden aangepast, door de tekst te selecteren en daarop de gewenste opmaak onder tekstmenu aan te passen. Let er wel op, dat een enkele variabele slechts één bepaalde opmaak kan hebben. Als u verschillende opmaak voor verschillende delen van de variabele tekst wilt inzetten, dient u de tekst in twee (of meer) variabelen te verdelen en elk daarvan apart van de gewenste opmaak te voorzien. Het hieronder beschreven voorbeeld toont u hoe u een kleurrijke groet aan de kat van de ontvanger van de mailing kunt toevoegen: 1 Voeg een nieuw tekstobject in, direct onder het tweede afbeelding (wat de vaste opeenvolging van kattenfoto s toont). 2 Voeg de vaste tekst Groeten aan in het tekstobject in, begin een nieuwe regel en voeg de variabele toe. 3 Selecteer het gehele tekstobject (klik op in de algemene werkbalk) en kies de fontgrootte 14 pt en gecentreerde uitlijning. Deze opmaak wordt op de gehele tekst toegepast. Kennismaking met PrintShop Mail 47

52 4 Klik nu op in de algemene werkbalk en selecteer de variabele in het tekstobject. Kies hiervoor de stijl Vet en een groter font (18 pt.). 5 Klik nu in de document werkbalk op het kleurvlak rechts naast de letter A. Het kleurenpalet wordt geopend. Kies de gewenste tekstkleur voor de variabele (in ons geval rood): 6 Dubbelklik op de variabele DeKat in het variabelenvenster. Voeg nu de volgende berekening in: IF(Katnaam<>, Katnaam, uw kat ) 48 Kennismaking met PrintShop Mail

53 7 Kies de functie Afdrukvoorbeeld in het Beeld menu. Het onderste deel van het Catmetics document zou er nu alsvolgt uit moeten zien: Het document afdrukken 1 Kies de functie Paginaformaat... in het Archief menu, om de afdrukinstellingen voor uw document te controleren en eventueel te veranderen. Kennismaking met PrintShop Mail 49

54 2 Kies de functie Afdrukken... in het Archief menu. PrintShop Mail opent een venster, waarin u de voor dit programma specifieke instellingen kunt kiezen: 3 In het hierboven getoonde instellingenvenster zijn alle records in de geopende database geselecteerd. 4 Als de optie Van aanklikt kunt u een reeks records specificeren waarmee uw document afgedrukt dient te worden. 5 Wanneer u een grote database heeft en de afdrukopdrachten in kleinere opdrachten wilt verdelen, kunt u de optie Splits opdracht elke inschakelen en de grootte van de kleinere drukopdrachten bepalen. Zie Afdrukopdrachten verdelen op pagina Kennismaking met PrintShop Mail

55 Adreslabels voor de mailing maken Adreslabels worden normaliter met meerdere per pagina gedrukt, afhankelijk van de labelgrootte en het gebruikte papierformaat. PrintShop Mail biedt hiervoor een bijzondere ondersteuning, zoals in de volgende paragrafen wordt beschreven. In het hieronder gebruikte voorbeeld wordt een layout document voor adreslabels gebruikt, wat in QuarkXPress is opgemaakt en als EPS bestand bewaard. Als u zelf een layout document voor adreslabels maakt, let er dan op dat de afmetingen van het layout document (wat de statische elementen van de adreslabels bevat) op de juiste manier gezet zijn, om het document als statische afbeelding in uw PrintShop Mail Document te kunnen plaatsen. Het hier gebruikte voorbeeld vindt u op de PrintShop Mail CD. 1 Open een nieuw PrintShop Mail document. In het Opmaakformaat... venster kiest u in de standaard formatenlijst de optie Anders en voert u vervolgens de gewenste maten van een enkel adreslabel in. Als u voorkeur uitgaat naar punten i.p.v. comma s (of andersom) dan kunt u dit aanpassen onder het Apple menu, Regelpanelen-Getallen. Om de wijziging te kunnen doorvoeren moet wel PrintShop Mail opnieuw worden opgestart, Kennismaking met PrintShop Mail 51

56 2 Wanneer u nog geen database heeft geopend, dient u dit nu te doen. Kies dezelfde database ( CatData.tab.DBF ) die voor de mailing zelf werd gebruikt. 3 Bewaar het nieuwe document onder een andere naam (bijvoorbeeld CatLabel.NL.psm ). 4 Kies de functie Plaats afbeelding... in het Archief menu en zoek het grafische bestand, waarin u het onveranderlijke deel van de adreslabels heeft bewaard. Voor het voorbeelddocument kiest u CatLabel NL.eps. 5 Teken een tekstobject voor het adres en sleep de gewenste databasevelden daarin. Zie de beschrijving op pagina Kies de functie Toon Afdrukvoorbeeld uit het Beeld menu, om op uw beeldscherm te zien, hoe het document er na afdrukken uit zal zien. U kunt door de database bladeren door op de pijltoetsen rechtsboven in het variabelenvenster te klikken. Het voorbeelddocument zou er als volgt uit moeten zien: 52 Kennismaking met PrintShop Mail

57 7 Controleer of de instelling van het papierformaat correct is voor de door u gebruikte printer. Het papierformaat bepaalt, hoeveel adreslabels per pagina afgedrukt kunnen worden. 8 Open de Voorkeuren in het Wijzig menu en kies de groep Printvolgorde. Het venster toont de volgende opties: 9 Specificeer het aantal adreslabels wat per pagina in horizontale en verticale richting afgedrukt dient te worden. Het aantal wat voor beide richtingen tussen haakjes wordt getoond is het door PrintShop Mail aan de hand van de ingestelde labelgrootte en het gekozen papierformaat berekende maximum. 10 De instellingen onder Prioriteiten bepalen, in welke volgorde de adreslabels op de pagina s worden afgedrukt. Het voorbeeld rechts van de opties tonen de volgorde, zoals die met de gekozen prioriteiten (en het ingestelde aantal labels per pagina) eruit zal zien (dit is pas aktief als u de tabtoets gebruikt). Zie ook pagina 97 voor meer informatie. Kennismaking met PrintShop Mail 53

58 11 Wanneer u de opties hebt ingesteld sluit u het venster door op OK te klikken. U kunt de adreslabels nu via de Afdrukken... functie in het Archief menu naar uw printer sturen. 54 Kennismaking met PrintShop Mail

59 Werken met PrintShop Mail Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft de volgende onderwerpen en functies van PrintShop Mail: Onderwerp Zie Opbouw van een PrintShop Mail document pagina 56 Een nieuw PrintShop Mail document maken pagina 57 Een PrintShop Mail document openen pagina 59 Documenten met meerdere pagina s pagina 60 Objecten invoegen en verwijderen pagina 65 Objecten manipuleren pagina 70 Objectkleur bepalen pagina 79 De inhoud van een tekstobject opmaken pagina 84 Barcodes in PrintShop Mail documenten pagina 88 De PrintShop Mail Voorkeuren pagina 93 Werken met PrintShop Mail 55

60 Opbouw van een PrintShop Mail document Statische elementen De statische elementen worden in DTP programma s als Quark- XPress, Aldus Freehand of Adobe Illustrator opgemaakt en in grafische bestanden bewaard. Een lijst met de door PrintShop Mail herkende bestandsformaten vindt u in de Appendix. Wanneer u Adobe Acrobat 4.0 of later heeft geïnstalleerd en minstens 50 MBytes werk-geheugen beschikbaar heeft, kunt u PDF bestanden als statische elementen gebruiken. Variabele elementen Deze elementen worden in PrintShop Mail als objecten gedefiniëerd: variabele teksten en afbeeldingen, die u aan het document toevoegt. De berekening van de objecten bepaalt, hoe ze met variabele gegevens in databasevelden verbonden zijn. Wanneer het document vanuit PrintShop Mail afgedrukt wordt, bepaalt de inhoud van de gebruikte databasevelden, wat er bij elk gebruikt record in de teksten beeld-objecten wordt afgedrukt. 56 Werken met PrintShop Mail

61 Opmaakformaat en afdrukgebied De grootte van uw document kan via de functie Opmaakformaat in het Archief menu ingesteld worden. Om er zeker van te zijn, dat alle geplaatste elementen in het afdrukgebied van de gebruikte printer liggen, kiest u de functie Toon Afdrukgebied in het Beeld menu. Het afdrukgebied wordt door lijnen alsvolgt aangegeven: Afdrukgebied Op pagina 139 vindt u meer details over de Bleed Marge, Vouwlijnen en Snijtekens. Een nieuw PrintShop Mail document maken 1 Kies de functie Nieuw... in het Archief menu. Het venster voor het instellen van het opmaakformaat wordt geopend: Staand formaat Liggend formaat 2 Kies het gewenste opmaakformaat. Als u in de keuzelijst van standaard papierformaten de optie Anders kiest, kunt u de gewenste breedte en hoogte invoeren. Werken met PrintShop Mail 57

62 U kunt deze instellingen bij een reeds aangemaakt document nog veranderen door de Opmaakformaat... functie in het Archief menu opnieuw uit te voeren. 3 Als u het gewenste opmaakformaat heeft ingesteld, klikt u op OK. Een nieuw PrintShop Mail document wordt nu geopend. 4 Kies de functie Bewaar als in het Archief menu, om het document onder een door u gekozen naam op te slaan: 58 Werken met PrintShop Mail

63 Een PrintShop Mail document openen 1 In PrintShop Mail kunt u slechts één document tegelijk bewerken. Als u een ander document wilt openen, dient u eerst het reeds geopende document te sluiten. 2 Kies de functie Open... in het Archief menu. Het koppelen van een database aan een PrintShop Mail document gebeurt door het openen van die database, terwijl het document geopend is. Bij een volgende keer openen van het document, wordt dezelfde database opnieuw geopend, tenzij reeds een database open was. Voor uitgebreide informatie over het hanteren van database bestanden in PrintShop Mail, zie het hoofdstuk Databases in PrintShop Mail. 3 Als u een document recentelijk heeft opgeslagen, dan kunt u dat document openen door naar Archief te gaan en te kiezen voor Recente Documenten. Werken met PrintShop Mail 59

64 Documenten met meerdere pagina s Pagina s invoegen 1 Kies de functie Voeg in... ih het Lay-out menu. 2 Geef het aantal in te voegen pagina s aan en de plaats, waar de pagina s ingevoegd dienen te worden. Klik vervolgens op OK. De eerste van de ingevoegde pagina s wordt op het scherm getoond. Pagina s verwijderen 1 Kies de functie Wis pagina( s)... in het Lay-out menu. 2 Geef de paginanummers aan van de te verwijderen pagina s, en klik op OK. Alle elementen (statische afbeeldingen en variabele objecten) op de verwijderde pagina s verdwijnen hierdoor. 3 Houd er rekening mee, dat een PrintShop Mail document minstens één pagina dient te bevatten. Het wissen van de laatst overgebleven pagina wordt geweigerd. 60 Werken met PrintShop Mail

65 Pagina s verplaatsen 1 Kies de functie Verplaats... in het Lay-out menu. 2 Geef aan, welke pagina( s) naar welke positie in het document dienen te worden verplaatst, en klik op OK. Het documentlayout venster gebruiken 1 Kies de functie Toon Document-opmaak in het Venster menu, om het document-opmaak venster te openen. Een voorbeeld van dit venster ziet er alsvolgt uit: een pagina verwijderen een pagina invoegen De pagina-eigenschappen (de optionele naam en de door de printer te gebruiken papierbak) worden rechts van het paginanummer getoond. 2 Selecteer een pagina, door er éénmaal op te klikken. Deze pagina wordt dan in het documentvenster getoond. Om direct na deze pagina een nieuwe pagina in te voegen, klikt u op het daarvoor bestemde symbool onderin het document-opmaak venster (zoals hierboven getoond). Werken met PrintShop Mail 61

66 3 Om een pagina te verwijderen selecteert u deze en klikt u vervolgens op het prullenbak-symbool. Een venster wordt geopend, waarin om bevestiging wordt gevraagd. 4 Om een pagina te verplaatsen selecteert u de pagina en houdt u de muisknop ingedrukt, terwijl u de muis naar de gewenste positie in het document-opmaak venster bewegen. Een kleine driehoek aan de linkerkant toont, waar de pagina zal worden geplaatst als u de muisknop loslaat. 5 Om een pagina te benoemen of de voor die pagina door de printer te gebruiken papierbak te veranderen, dubbelklikt u op de pagina in het document-opmaak venster. Hierdoor wordt een venster geopend, waarin de pagina-eigenschappen kunnen worden ingesteld: De naam wordt in het document-opmaak venster boven de indicatie van de papierbak getoond: 6 Sluit het documentlayout venster door in de sluitbox linksboven te klikken of door de functie Verberg Document-opmaak in het Venster menu te kiezen. 62 Werken met PrintShop Mail

67 Statische EPS afbeeldingen plaatsen 1 Kies de functie Plaats afbeelding... in het Archief menu. 2 Selecteer het bestand, dat de gewenste statische afbeelding bevat en klik op Open. U kunt meerdere afbeeldingen per pagina plaatsen. 3 Verplaats de afbeelding naar de gewenste positie op de pagina. Als u de grootte van de afbeelding wilt veranderen, kunt u hiertoe de handgrepen op de randen (die getoond worden, wanneer u de afbeelding geselecteerd heeft) naar binnen of buiten slepen. 4 Wanneer afbeeldingen elkaar deels overlappen, kunt u de volgorde (van boven naar onder op de bladzijde) via de Verplaatsen functies in het Item menu bepalen. Statische PDF afbeeldingen plaatsen 1 Kies de functie Plaats PDF... in het Archief menu. Wanneer u dit voor de eerste keer doet, weet PrintShop Mail nog niet waar zich het Adobe Acrobat programma bevindt, wat u voor de PDF bestanden wilt gebruiken. Daarom wordt een dialoogvenster Werken met PrintShop Mail 63

68 geopend, waarin u het programma kunt aanwijzen: PrintShop Mail plaatst nu de PSMail plug-in voor Acrobat in de Plug-ins folder van het aangewezen Acrobat programma en start vervolgens het programma in de achtergrond op. De volgende keer wordt hetzelfde programma direct opgestart; PrintShop Mail slaat de locatie van Adobe Acrobat in de PSMail voorkeuren op. 2 Wanneer Adobe Acrobat is gestart, kunt u het gewenste PDF bestand openen: 3 Verplaats de afbeelding naar de gewenste positie op de pagina. 64 Werken met PrintShop Mail

69 Objecten invoegen en verwijderen Een tekstobject invoegen 1 Klik op in de algemene werkbalk. 2 Teken het kader voor het nieuwe tekstobject. De Tabliniaal wordt alleen boven het geselecteerde tekstobject getoond, en wanneer u de functie Toon Tabliniaal in het Beeld menu heeft ingeschakeld. 3 Geef de gewenste variabelen tekens aan. U kunt variabele teksten mengen met vaste tekst: die delen van de tekst, die niet tekens staat, worden in elk exemplaar van het document afgedrukt. De variabelen worden bij het afdrukken door variabele teksten vervangen. Zie Tabs in een tekstobject plaatsen op pagina 85 voor meer details. Vergeet niet om alle variabelen tekens te schrijven. Werken met PrintShop Mail 65

70 4 Nadat u variabelen heeft ingevoegd en buiten het tekstobject klikt, verschijnen de variabelen in het variabelenvenster: 5 Om teksten te veranderen, dient u op in de algemene werkbalk en vervolgens in het tekstobject te klikken, om de tekstcursor te plaatsen. Daarna kunt u de gewenste tekst invoeren. Wanneer u buiten het tekstobject klikken, wisselt het programma automatisch terug naar de selecteer-toestand. 6 U kunt tekst uit een bestand in een tekstobject invoegen, door in het tekstobject te klikken en de functie Importeer tekst... uit het Archief menu te kiezen. Deze functie werkt alleen als MacLink op uw systeem geinstalleerd is. 7 U kunt natuurlijk ook het klembord gebruiken, om teksten in een tekstobject in te voeren. Om de inhoud van het klembord te zien kiest u de functie Toon Klembord uit het Wijzig menu. 66 Werken met PrintShop Mail

71 Een beeldobject invoegen 1 Klik op in de algemene werkbalk. 2 Teken het kader voor het beeldobject. Een nieuw beeldobject wordt automatisch benoemd ( Afbeelding 1, Afbeelding 2, etc.) en in het variabelenvenster getoond. 3 Dubbelklik in het beeldobject. Een venster wordt geopend, waarin de instellingen voor het afbeelding kunnen worden bepaald: Werken met PrintShop Mail 67

72 4 U kunt de naam van het beeldobject hier veranderen. Deze zal dan ook in het variabelenvenster veranderen. 5 Kies de gewenste optie in het gedeelte Aanpassing aan kader : Optie Knippen Schalen (passend) Schalen (vullend) Centreren Beschrijving De ingevoegde afbeeldingen behouden hun grootte, maar alleen het deel wat in het objectkader past, wordt afgedrukt. De ingevoegde afbeeldingen worden zo geschaald, dat ze optimaal in het objectkader passen. Mogelijk blijft een deel van het beeldobject daardoor leeg. De ingevoegde afbeeldingen worden zo geschaald, dat ze het gehele objectkader vullen. Mogelijk wordt daardoor een deel van de afbeelding afgesneden. De ingevoegde afbeeldingen worden in het objectkader gecentreerd. 6 Nadat u de gewenste opties heeft gekozen, klikt u op OK. Zie voor een beschrijving van de Samenvoeging opties Een object voor variabele afbeeldingen invoegen op pagina 43. Een object verwijderen 1 Klik op in de algemene werkbalk en selecteer het object, dat u wilt verwijderen. Wanneer u een object verwijdert worden alle variabelen, die in het object gedefiniëerd zijn met hun berekeningen en overige eigenschappen gewist. 68 Werken met PrintShop Mail

73 2 Kies Wis in het Wijzig menu of druk de daarmee corresponderende toets op uw toetsenbord. Beeldinformatie bekijken 1 Selecteer de afbeelding en kies de functie Informatie in het Item menu. U kunt ook in het object dubbelklikken. 2 Wanneer u een statisch element geselecteerd heeft, worden de eigenschappen van de statische afbeelding getoond: Werken met PrintShop Mail 69

74 3 Wanneer u een variabele afbeelding (een PrintShop Mail beeldobject) geselecteerd heeft, wordt bij het kiezen van Informatie het venster met instellingen van dit beeldobject getoond: Objecten manipuleren Kies de functie Toon Coördinaten in het Beeld menu om een venster te openen, waarin de positie en grootte van geselecteerde objecten wordt getoond. Zie Het gebruik van het coördinatenvenster op pagina 77 voor verdere details over dit venster. Objecten verplaatsen 1 Klik op in de algemene werkbalk. 70 Werken met PrintShop Mail

75 2 Selecteer het object, dat u verplaatsen wilt. Houd de Shift-toets ingedrukt en klik in andere objecten, om meerdere objecten tegelijk te selecteren. U kunt de functie Alles selecteren in het Wijzig menu kiezen om alle elementen op de huidige pagina te selecteren. Let op: ook de statische afbeeldingen worden geselecteerd. 3 Beweeg de muis boven het geselecteerde object (of één van de geselecteerde objecten). De cursor verandert in een klein vierkant met naar buiten wijzende pijlen. Druk nu de muisknop in en sleep het object naar de gewenste positie. Zie ook het hoofdstuk: Hulplijnen gebruiken om objecten te positioneren. Wanneer u het object met grote precisie wilt verplaatsen kunt u de pijltoetsen gebruiken: eenmaal drukken zorgt ervoor, dat het object één beeldpunt in de gekozen richting wordt verplaatst. Werken met PrintShop Mail 71

76 Objecten vergroten of verkleinen 1 Klik op in de algemene werkbalk. 2 Selecteer het object, waarvan u de grootte wilt veranderen. Aan de zijden en hoeken van het objectkader verschijnen een soort handgrepen. Plaats de cursor op één van deze handgrepen. De cursor verandert in een dubbele pijl, druk vervolgens de muistoets in en beweeg de muis naar binnen of buiten. 3 Wanneer u een tekstobject verkleint, kan het voorkomen dat de tekst niet meer in het object past. Dit is afhankelijk van de inhoud, die met databasevelden verbonden kan zijn. Als de tekst voor het momenteel geselecteerde database record niet meer in het kader past, wordt rechtsonder in het objectkader een klein vierkant getoond, zoals in het volgende voorbeeld: 4 U kunt ieder record controleren of die binnen het tekstkader past. Zie Opmaak van het document controleren op pagina 138 voor gedetailleerde informatie. Selecteer een statische afbeelding en kies Originele grootte in het Item menu, om deze in te stellen op de originele grootte. Hulplijnen in het documentvenster tonen 1 Kies de functie Toon Opmaaklinialen in het venster menu. 2 Kies de functie Toon Hulplijnen in het venster menu. 72 Werken met PrintShop Mail

77 3 Klik op de pijlen rechtsboven in de horizontale opmaakliniaal en kies Hulplijnen uit het pop-up menu: 4 Wanneer u een verticale hulplijn in willen voegen, klikt u op de verticale opmaakliniaal (links in het documentvenster) en beweegt u de muis met ingedrukte muisknop naar de positie, waar u de hulplijn wilt plaatsen. Voor een horizontale hulplijn klikt u in de horizontale opmaakliniaal (bovenaan) en beweegt u de muis naar beneden. 5 Een hulplijn wordt getoond zodra u met de muis boven het document beweegt. Loslaten van de muisknop zorgt ervoor, dat de hulplijn op die positie wordt geplaatst. 6 De kleur van hulplijnen kan worden veranderd via de Voorkeuren... functie in het Wijzig menu. Hulplijn 7 U kunt meerdere horizontale en verticale hulplijnen per pagina plaatsen. Elke pagina in het document heeft een eigen verzameling hulplijnen. 8 Om een hulplijn te verwijderen beweegt u de cursor op de lijn en drukt u de muisknop in. Vervolgens sleept u de hulplijn terug naar de opmaakliniaal. Werken met PrintShop Mail 73

78 Hulplijnen gebruiken om objecten te positioneren 1 Kies de functie Hulplijnen Magnetisch in het Beeld menu. 2 Selecteer een object en sleept u naar de hulplijn. In de buurt van de hulplijn springt het object naar de precieze hoogte of breedte van deze hulplijn (alsof de hulplijn magnetisch is). 3 U kunt de magnetische sterkte van de hulplijnen instellen via de Voorkeuren... functie in het Wijzig menu: 4 De magnetische sterkte wordt gemeten in beeldpunten. Wanneer u een object binnen het aangegeven aantal beeldpunten afstand van de hulplijn beweegt, springt het naar de positie van die hulplijn. 74 Werken met PrintShop Mail

79 Objecten draaien 1 Selecteer het object, wat u wilt draaien. Houd de Shift-Toets ingedrukt en klik op andere objecten, als u meerdere objecten tegelijk wilt selecteren. 2 Kies de gewenste draaiingshoek (0, 90, 180 of 270 ) uit de Rotatie functies in het Item menu. De geselecteerde objecten en hun inhouden worden over de gekozen hoek met de klok mee gedraaid. 3 U kunt ook beschikken over een vrije draaiingshoek (rotatie). Maar dan moet u de variabelen opnemen in de EPS (zie pagina 27 voor meer details). Objecten uitlijnen 1 Houd de Shift-toets gedrukt terwijl u de objecten aanklikt, die u aan elkaar wilt uitlijnen. 2 Kies een van de beschikbare Uitlijnen functies in het Item menu. Uitlijning Links Rechts Boven Onder Beschrijving De objecten worden langs de linkerkant van hun objectkaders uitgelijnd. De objecten worden langs de rechterkant van hun objectkaders uitgelijnd. De objecten worden langs de bovenkant van hun objectkaders uitgelijnd. De objecten worden langs de onderkant van hun objectkaders uitgelijnd. Werken met PrintShop Mail 75

80 Uitlijning Horizontaal Verticaal Beschrijving De objecten worden langs het horizontale centrum van hun objectkaders uitgelijnd. De objecten worden langs het verticale centrum van hun objectkaders uitgelijnd. Objecten op een ander niveau plaatsen Wanneer objecten elkaar (geheel of ten dele) overlappen, bepalen hun niveaus, welke objecten (geheel of ten dele) over andere objecten heen worden afgedrukt. De objecten zijn in niveaus van onder naar boven gerangschikt, en worden in deze volgorde over elkaar heen geplaatst. De bovenste objecten worden over alle andere heen afgedrukt. 1 Klik op in de algemene werkbalk. 2 Selecteer het object, waarvan u het niveau wilt veranderen. Houd de Shift-Toets ingedrukt, wanneer u meerdere objecten tegelijk wilt selecteren. 3 Kies nu een van de Verplaatsen functies in het Item menu. De beschikbare functies hebben de volgende effecten: Functie Voorop Naar Voren Naar Onderen Onderop Beschrijving Plaatst het object boven alle anderen. Verschuift één niveau naar boven. Verschuift één niveau naar onder. Plaatst het object achter alle anderen. 76 Werken met PrintShop Mail

81 Objecten vergrendelen en ontgrendelen 1 Klik op in de algemene werkbalk. 2 Selecteer het object, dat u wilt vergrendelen of ontgrendelen, en kies de functie Vergrendelen of Ontgrendelen in het Item menu. Wanneer een object vergrendeld is, worden de handgrepen op het objectkader in grijs getoond. U kunt de positie en grootte dan niet veranderen, maar wel de inhoud. Het gebruik van het coördinatenvenster 1 Kies de functie Toon Coördinaten in het Beeld menu: 2 Kies indien nodig de gewenste maateenheid: mm, inch, ciceros, didots, picas of punten. De gekozen eenheden worden ook in de horizontale en verticale opmaaklinialen en in de voorkeuren gebruikt. 3 Wanneer u een object selecteert, worden de coördinaten daarvan in het coördinatenvenster getoond. Bij verplaatsing of vergroting, dan wel verkleining van het object wordt bovendien de relatieve verschuiving in horizontale en verticale richting getoond. Werken met PrintShop Mail 77

82 4 Door invoeren van coördinaten kunt u zeer nauwkeurig de positie en grootte van het geselecteerde object bepalen. U voert hiertoe de gewenste coördinaten in en klikt op Pas toe. Indien de waarden grijs zijn en niet veranderd kunnen worden dan is het object vergrendeld. Waarde Beschrijving X toont de horizontale en Y de verticale positie van het object. 0,0 is de linkerbovenhoek van de pagina. B breedte en H de hoogte van het object. h toont de horizontale verschuiving en v de verticale verschuiving, wanneer u het object beweegt of vergroot/verkleint. 5 Klik op Pas toe om de instellingen door te voeren of klik op Herstel om naar uw vorige waarden terug te keren. 78 Werken met PrintShop Mail

83 Opmaak van objecten Objectkader 1 Selecteer het object, waarvan u de kaderopmaak wilt bepalen. 2 Klik op in de document werkbalk. Een menu met lijndiktes wordt geopend, waarvan u er een kunt kiezen. Wanneer u de muis buiten het bereik van het menu bewegen, wordt het van de werkbalk losgemaakt en blijft in een apart venster geopend, zodat u ook de opmaak van andere objectkaders aan uw wensen kunt aanpassen, voordat u het lijndikte-venster sluit. 3 Wanneer u Anders als lijndikte kiest, wordt een nieuw venster geopend, waarin u de gewenste lijndikte kunt invoeren. Objectkleur bepalen Voor tekstobjecten kunt u de achtergrondkleur, de kleur van het objectkader en de tekstkleur instellen. Voor beelobjecten kunt u alleen de kleur van het objectkader bepalen. Uiteraard maakt het instellen van een kleur voor het objectkader alleen zin, wanneer de lijndikte voor dat kader groter is dan nul. De procedure voor het instellen van de kleur is gelijk voor alle hierboven genoemde elementen. De velden, waardoor de CMYK kleurenschijf of het kleurenpalet voor de diverse onderdelen wordt geopend, zijn over drie plaatsen op de document werkbalk verdeeld, zoals in de onderstaande figuur getoond is. Werken met PrintShop Mail 79

84 achtergrond kader tekst kleurenschijf kleurenpalet Het kleurenpalet gebruiken 1 Selecteer een object, waarvan u de achtergrondkleur, kaderkleur en/of tekstkleur wilt veranderen. U kunt de kleur voor meerdere objecten tegelijk bepalen, door meerdere objecten te selecteren (houd de Shift-toets ingedrukt terwijl u de objecten aanklikt). Als u de instellingen verandert zonder dat er iets geselecteerd is, wordt dat als standaardwaarde gehanteerd voor huidige en nieuwe documenten. 2 Klik op de gewenste knop op de document werkbalk om het kleurenpalet voor achtergrondkleur, kaderkleur, dan wel tekstkleur te openen. Kies een kleur uit het kleurenpalet door deze aan te klikken. 3 Wanneer u de muis buiten het bereik van het kleurenpalet bewegen, wordt het betreffende kleurenpalet van de document werkbalk losgemaakt en in een apart venster geplaatst. U kunt het palet op deze manier voor het bepalen van de kleur van andere objecten gebruiken, tot u het venster zelf weer sluit. 80 Werken met PrintShop Mail

85 4 U kunt een kleur in het kleurenpalet opnieuw definiëren door op die kleur te klikken. Hierdoor wordt de kleurenschijf geopend, waarin u de keuze hebt uit alle kleuren die uw Macintosh momenteel ter beschikking heeft. Zie de beschrijving van het gebruik van de kleurenschijf op de volgende pagina. 5 Omdat het kleurenpalet voor elk van de drie onderdelen gelijk is, wordt dezelfde kleur in elk kleurenpalet aangepast. De kleurenschijf gebruiken 1 Selecteer het object, waarvan u de achtergrondkleur, kaderkleur of tekstkleur wilt bepalen. Selecteer meerdere objecten indien gewenst. 2 Klik op de huidige kleurindicator voor de achtergrondkleur of kaderkleur dan wel tekstkleur in de document werkbalk, om een venster met een kleurenschijf te openen: Werken met PrintShop Mail 81

86 3 Kies een kleur door ergens op de kleurenschijf te klikken, of door de precieze waarden in de velden aan de rechterkant in te voeren. De helderheid kan via de scrollbox worden veranderd. Klik op OK om het venster weer te sluiten en de gekozen kleur toe te kennen aan het geselecteerde element. 82 Werken met PrintShop Mail

87 Transparantie gebruiken Overprint voor een object instellen Overprint wordt gebruikt om de achtergrondkleur van een object door de printer te laten mengen met de voorgrondkleur. 1 Selecteer een tekstobject. 2 Kies de optie Overprint in het Item menu. Op uw beeldscherm worden de kleuren van de achtergrond en het object los van elkaar getoond. In de afdruk worden de kleuren door de printer vermengd, en ontstaat dus een mengkleur, zoals in het onderstaande voorbeeld getoond (deze veranderingen zijn niet zichtbaar op het scherm): op uw beeldscherm in de afdruk Knockout voor objecten instellen Knockout wordt gebruikt om de achtergrond achter het object te verbergen. 1 Selecteer het object. 2 Kies de optie Knockout in het Item menu. Het object zal nu precies zo worden afgedrukt als het op uw beeldscherm verschijnt (afgezien van mogelijke kleurverschillen tussen printer en beeldscherm). In het bovenstaande voorbeeld verschijnt de tekst Koozbaine dus in geel op de afdruk, onafhankelijk van de achtergrondkleur op die plaats. Werken met PrintShop Mail 83

88 De inhoud van een tekstobject opmaken Tekst en variabelen invoegen 1 Klik op in de algemene werkbalk en klik in het tekstobject, om de tekstcursor daarin te plaatsen. 2 Voeg de gewenste tekst en variabelen in. Variabelen moeten tekens worden ingevoegd, om herkend te worden, en mogen ten hoogste 30 karkakters bevatten. Tekst in een tekstobject uitlijnen 1 Plaats de tekstcursor in het tekstobject. 2 Klik op het gewenste uitlijningssymbool in de document werkbalk of kies een van de Uitlijning functies in het Tekst menu. Symbool Functie Beschrijving Links Gecentreerd Rechts Uitgevuld De tekst wordt links in het objectkader uitgelijnd. De tekst wordt in het objectkader gecentreerd. De tekst wordt rechts in het objectkader uitgelijnd. De tekst wordt binnen het objectkader uitgevuld. 84 Werken met PrintShop Mail

89 Tabs in een tekstobject plaatsen 1 Plaats de tekstcursor in het tekstobject. 2 Kies de functie Toon Tabliniaal in het Beeld menu. De Tab- Liniaal wordt boven het geselecteerde tekstobject getoond. tab-selectie tab-posities 3 Klik op de tab-selectie in het bovenste deel van de tabliniaal en kies het gewenste soort tab. De rechter kantlijn wordt verderop beschreven. 4 Klik in het onderste deel van de tabliniaal op de posities waar u de tabs wilt plaatsen. Het symbool voor de gekozen soort tab wordt op die posities getoond. Tab-posities veranderen 1 Dubbelklik op een tab in het onderste deel van de tabliniaal. Het Tab-instellingen venster wordt geopend: Werken met PrintShop Mail 85

90 2 Pas de instellingen aan en klik op Pas toe, om het resultaat van de aanpassingen te zien zonder het tab-instellingen venster te sluiten. Door op OK te klikken worden de instellingen overgenomen en wordt het venster gesloten. U kunt de positie van een tab ook veranderen door de tab naar de gewenste positie te slepen. Om een tab uit de liniaal te verwijderen, sleept u deze naar boven toe van de liniaal weg. In het bovenste deel van de liniaal verschijnt de melding verwijderen. Tekstmarges en inspringing aanpassen 1 Selecteer de tekstregels, waarvan u de marges en/of inspringing wilt veranderen. 2 Sleep het symbool voor de linker marge (links in het onderste deel van de tabliniaal) naar de gewenste positie. Het symbool bestaat uit een symbool voor de linker marge en een symbool voor inspringing van de eerste tekstregel. 3 Sleep het symbool voor de rechter marge (rechts onder in de tabliniaal) naar de gewenste positie. linker marge en inspringing rechter marge Let erop, dat de rechter marge de plaats bepaalt, waar tekstregels worden afgebroken en nieuwe regels worden ingevoegd. 86 Werken met PrintShop Mail

91 Interlinie in een tekstobject bepalen 1 Selecteer de tekstregels, waartussen u de afstand wilt veranderen. Kies de functie Interlinie in het Tekst menu. 2 Klik de optie Vast aan en kies het aantal punten, of kies de optie Automatisch (deze bepaalt de interlinie aan de hand van de fonteigenschappen). Font, stijl en fontgrootte instellen 1 Selecteer de tekst, waarvan u de teksteigenschappen wilt instellen. U kunt verschillende delen van de tekst in een tekstobject op verschillende manieren opmaken. 2 Kies het gewenste font en de gewenste fontgrootte en stijl via de daarvoor beschikbare functies in het Tekst menu. U kunt aan een enkele variabele slechts één font, fontgrootte en stijl toekennen. Wanneer u delen van een variabele tekst verschillend wilt opmaken, dient u de delen in verschillende variabelen te plaatsen en deze apart van de gewenste tekstopmaak te voorzien. Werken met PrintShop Mail 87

92 Barcodes in PrintShop Mail documenten Gedetailleerde informatie over de beschikbare barcode functies in PrintShop Mail vindt u in de appendix, waar een lijst van momenteel beschikbare barcode berekeningen is opgenomen. 1 Teken een nieuw tekstobject en voeg een nieuwe variabelenaam daarin toe (bijvoorbeeld 2 Klik buiten het tekstveld en dubbelklik dan op de definitie van de Barcode variabele, die in het variabelenvenster verschijnt. Het venster met de definitie van deze variabele wordt geopend: 3 Selecteer de groep Barcode om alleen de barcode functies in de functielijst te zien, en kies de functie die u nodig heeft. Een barcode functie vertaalt een numerieke code in een tekstregel, die in een barcodefont de gewenste streepjescode oplevert. 88 Werken met PrintShop Mail

93 4 Voeg als argument voor de barcode functie het veld uit de database in, waar de code staat die in een streepjescode moet worden vertaald. Sommige barcode functies hebben een extra veld nodig. Zie hiervoor de beschrijving in de appendix, en raadpleeg ook de technische documentatie van de barcode instrumenten, die u gebruikt (barcode lezers). 5 Selecteer de variabele en kies uit de functie Font in het Text menu het barcode font, wat voor de barcode functie (en de te gebruiken barcode lezers) gespecificeerd is. Stel de fontgrootte zodanig in, dat de streepjescode op het juiste formaat wordt afgedrukt. Gebruik de functie Toon Afdrukvoorbeeld in het Beeld menu om te zien, hoe het resultaat eruit zal zien. Voorbeeld van een EAN8 en een UPCA barcode: Item digit Check digit ID digit Producer digit Item digit Check digit Werken met PrintShop Mail 89

94 Optisch Leesbare Acceptgiro s OLA s kunnen in PrintShop Mail eenvoudig aan een document worden toegevoegd en van de nodige gegevens uit een database worden voorzien. Hier is in het kort beschreven hoe het plaatsen en afdrukken van OLA s in zijn werk gaat. 1 Kies de Ola prefs groep in het Voorkeuren venster: 2 Voer het contractnummer in, dat u toegewezen heeft gekregen door de bankgirocentrale. Sluit vervolgens de Voorkeuren. 3 Maak een document en zorg ervoor, dat u het onderste gedeelte van de pagina, waarop u de OLA wilt afdrukken, vrijlaat. Stel de papierbak van die pagina in op de papierbak, die de pagina s met een acceptgiroformulier bevatten. 4 Zorg dat de pagina, waarop u de OLA wilt plaatsen, zichtbaar is en kies de functie Plaats OLA uit het Archief menu. 90 Werken met PrintShop Mail

95 5 In het variabelenvenster verschijnen de variabelen, die u met de diverse velden uit uw database dient te verbinden. Elk van de variabelen die met de acceptgiro te maken hebben, begint met het woord OLA : 6 Voor de OLA wordt het onderste gedeelte van de pagina gereserveerd, en een afbeelding van een acceptgiro wordt op het scherm getoond. Deze afbeelding wordt niet afgedrukt, omdat het papier reeds een voorgedrukte acceptgiro bevat. Alleen de inhoud van de diverse variabelen wordt afgedrukt, zodat het voorbedrukte acceptgiropapier op de juiste manier van de nodige gegevens wordt voorzien. Werken met PrintShop Mail 91

96 7 Om de vaste gegevens van een OLA in te voeren, kunt u dubbelklikken op de OLA. De Formuliercode wordt automatisch ingevuld met een waarde, afhankelijk van de aangevinkte checkbox. Het invoervenster ziet er als volgt uit: 92 Werken met PrintShop Mail

97 De PrintShop Mail Voorkeuren De voorkeursinstellingen van PrintShop Mail kunnen via de functie Voorkeuren in het Wijzig menu worden getoond en veranderd. De functie opent een venster, waarin de diverse voorkeuren in groepen zijn verdeeld, die via symbolen aan de linkerkant gekozen kunnen worden. Klik op het symbool van de gewenste groep voorkeuren om aan de rechterkant van het venster de voorkeuren te openen. De beschrijvingen staan op de volgende bladzijden: Symbool Beschrijving Pagina Programma: Variabelemarkering, kleuren, eenheden, magnetische sterkte van hulplijnen. Printer: Overzicht afdrukken, printertechnologie, opties voor speciale printertypes. Printvolgorde: Aantal afdrukken per pagina, volgorde en positie bij layout herhaling. Impositioning: Grootte en positie van de Bleed marge, de snijtekens en vouwlijnen. Nummeroteur: Instellingen voor de COUNTER( ) functie die serienummering mogelijk maakt. Afbeeldingen: Folder voor grafische bestanden, maximale grootte van previews. Datumformaat: Opmaak en taal voor de weergave van datums in PrintShop Mail Werken met PrintShop Mail 93

98 Symbool Beschrijving Pagina Hotfolder: Instelling van de HotFolder, voor het automatisch afdrukken van documenten. Euro-OLA s: Instelling van het contractnummer voor optisch leesbare euro-acceptgiro s Werken met PrintShop Mail

99 Kleuren en variablenmarkering De opmaak van de grafische elementen van het documentvenster kunnen aan uw wensen worden aangepast. 1 Kies de Programma groep in het Voorkeuren venster: 2 Specificeer andere variabelenmarkering, indien nodig. 3 Verander de aangegeven kleuren, door te klikken op de betreffende kleurvlakken en de gewenste kleur te kiezen. Element Afdrukgebied Hulplijnen Bleed marge Vouwlijnen Beschrijving Maximaal bereik van de printer. Hulplijnen bij het plaatsen van objecten. Marge voor snijtekens. Vouwlijnen voor nabewerking. Werken met PrintShop Mail 95

100 Printer voorkeuren PrintShop Mail ondersteunt meerdere printtechnologieën. Sommige printertypes maken gebruik van speciale functies die tevens door PrintShop Mail worden ondersteund. Zie Printtechnologieën op pagina 156 voor gedetailleerde informatie. 1 Kies de Printer groep in het Voorkeuren... venster: 2 Wanneer u de afgedrukte pagina s in horizontale en/of verticale richting wilt verschuiven, kunt u de gewenste grootte van de verschuiving in de velden h en v instellen. 3 In het gedeelte Technologie stelt u het door u gebruikte printertype in. Wanneer specifieke opties beschikbaar zijn, worden deze getoond. De door PrintShop Mail ondersteunde printer technologieën zijn in de Appendix beschreven. 96 Werken met PrintShop Mail

101 4 In het onderste deel van het venster kunt u instellen, of na elke printopdracht een rapportpagina afgedrukt dient te worden. Ook kunt u rechtstreek een rapportpagina laten afdrukken, onder Archief - Print Report Pagina.... De afgedrukte pagina bevat de gegevens die u nodig heeft als u contact opneemt met de support afdeling van Atlas Software BV, of met uw PrintShop Mail leverancier. Printvolgorde Wanneer u meer dan één document per pagina wilt afdrukken (bijvoorbeeld bij adreslabels of visitekaartjes), moet u het aantal herhalingen per pagina en de volgorde van afdrukken bepalen. 1 Kies de Printvolgorde groep in het Voorkeuren... venster: Werken met PrintShop Mail 97

102 2 Specificeer het aantal herhalingen van het af te drukken document per afgedrukte pagina in horizontale en verticale richting. De aantallen tussen haakjes zijn de door PrintShop Mail op basis van de ingestelde opmaak- en papierformaten berekende maximale herhalingen in beide richtingen. 3 Wanneer de afdrukken niet direct tegen elkaar, maar met enige tussenruimte moeten worden afgedrukt, kunt u die afstanden instellen in het Tussenruimte gedeelte. 4 Het gedeelte Prioriteiten bepaalt in welke volgorde de achtereenvolgende herhalingen op de af te drukken pagina s worden gerangschikt. Kies een prioriteit uit het keuzelijstje aan de linkerkant. Daarnaast kunt u de volgorde voor die prioriteit kiezen. Wanneer u een prioriteit kiest, worden de anderen automatisch aangepast. Aan de rechterkant wordt getoond, hoe de afdrukken op de pagina s zullen worden verdeeld bij de gekozen instelling. 5 De optie voor Dubbelzijdige opmaak maakt het mogelijk om documenten op voor- en achterkant te bedrukken. De afdrukken worden zodanig gerangschikt, dat de voor- en achterzijdes bij elkaar passen, zoals in dit voorbeeld getoond: 98 Werken met PrintShop Mail

103 Snijtekens en vouwlijnen Voor de nabewerking van drukwerk kunnen snijtekens en vouwlijnen nodig zijn. Snijtekens worden op een Bleed marge geplaatst. 1 Kies de Impositioning groep in het Voorkeuren venster: 2 Kies de gewenste optie voor de Bleed marge: geen, voeg toe of perk in (ten opzichte van het gekozen papierformaat). Geef ook de breedte van deze marge aan. 3 Kies de gewenste optie voor snijlijnen en de marge tussen de snijlijnen en het feitelijke document. 4 Als u vouwlijnen wilt gebruiken, kunt u de overlappingslengte hier instellen. De vouwlijnen zelf plaatst u op het document via de opmaaklinialen (zie Vouwlijnen afdrukken op pagina 140 voor details). Werken met PrintShop Mail 99

104 Nummeroteur instellingen PrintShop Mail bevat een COUNTER( ) functie, die gebruikt kan worden om serienummers in documenten in te voegen. 1 Kies de Nummeroteur groep in het Voorkeuren venster: 2 Het aantal herhalingen bepaalt, hoevaak elk nummer herhaald wordt voordat de teller met de stapgrootte, vanaf de startwaarde wordt opgehoogd. 3 Specificeer het aantal cijfers dat afgedrukt moet worden. Wanneer u elk getal met hetzelfde aantal cijfers wilt afdrukken, dient u de optie Voorloopnullen in te schakelen. Het eerste getal in het bovenstaande voorbeeld wordt als 0001 afgedrukt. 4 Het getal, wat aangegeven is bij Aantal items zonder database geeft aan, hoeveel exemplaren van uw document worden afgedrukt wanneer geen database geopend is. 100 Werken met PrintShop Mail

105 Instellingen voor variabele afbeeldingen 1 Kies de Afbeeldingen groep van het Voorkeuren venster: 2 Wanneer de variabele afbeeldingen niet in dezelfde folder bewaard worden als de gebruikte database, dient u deze folder aan te geven. Klik de optie Anders aan en klik op Wijzig om de folder uit te kiezen. De momenteel geldige folder wordt onder de instellingen getoond. U kunt ook de subfolders van de aangegeven folder laten doorzoeken, door de optie in te schakelen. Datumformaat Het hier ingestelde datumformaat bepaalt, hoe datums worden afgedrukt, die door de diverse datum functies in PrintShop Mail opgeleverd worden. Werken met PrintShop Mail 101

106 1 Kies de Datumformaat groep in het Voorkeuren venster: 2 Kies één van de beschikbare standaard datumformaten of kies Anders... om een eigen formaat samen te stellen: Instelling van de HotFolder Dit scherm maakt het instellen van de zogenaamde HotFolder mogelijk (zie pagina 150 voor informatie over de HotFolder). 102 Werken met PrintShop Mail

107 1 Kies de HotFolder groep in het Voorkeuren venster: 2 Klik op de knop Bladeren om de gewenste folder te selecteren: Instelling voor optisch leesbare acceptgiro s (OLA) Voor het afdrukken van euro-acceptgiro s dienen een aantal vaste gegevens ingevuld te worden. Het contractnummer is gekoppeld aan het bedrijf wat de acceptgiro s verstuurd. Dit wordt in de voorkeuren ingevoerd; andere gegevens worden per PrintShop Mail document aangegeven (zie pagina 90). Werken met PrintShop Mail 103

108 1 Kies de OLA prefs groep in het Voorkeuren venster: 2 Voer het contractnummer in en sluit het venster door op OK te klikken. 104 Werken met PrintShop Mail

109 Databasegebruik in PrintShop Mail Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft het gebruik van databases in PrintShop Mail: Onderwerp Zie Namen van databasevelden pagina 106 Een DBF database gebruiken pagina 107 Een ODBC-verbinding gebruiken pagina 109 Een tekstbestand als database gebruiken pagina 109 Databasevelden met variabelen verbinden pagina 111 Records filteren pagina 113 Sorteren van de database pagina 117 Databasegebruik in PrintShop Mail 105

110 Namen van databasevelden Gereserveerde namen Enkele namen mogen niet voor databasevelden gebruikt worden, omdat ze voor het samenstellen van de berekening in PrintShop Mail gereserveerd zijn: AND OR NOT TRUE FALSE. Functienamen Berekeningen kunnen zowel functienamen als veldnamen bevatten. Om deze uit elkaar te houden, is het handig om de veldnamen anders te kiezen dan de in PrintShop Mail beschikbare functienamen. Als een veldnaam hetzelfde is als een van de functienamen, wordt aan de veldnaam automatisch een underscore teken toegevoegd (dus: Counter_ in plaats van Counter). Zie Variabelen in PrintShop Mail op pagina 119. Daar vindt u een beschrijving van berekeningen voor de variabelen en het gebruik van functies. 106 Databasegebruik in PrintShop Mail

111 Een DBF database gebruiken Een Excel of Claris FileMaker database gebruiken De volgende voorwaarden gelden voor databases in het DBF bestandsformaat, om deze in PrintShop Mail te kunnen gebruiken: De eerste regel in uw database moet de veldnamen bevatten. Veldnamen mogen alleen uit alfanumerieke tekens en het underscore teken bestaan, met een maximum van 10 karakters. De variabele gegevens worden na de eerste regel verwacht. De gegevens mogen geen aanhalingstekens bevatten. De database moet in het DBF3 of DBF4 bestandsformaat zijn bewaard. Bijvoorbeeld als u gebruik maakt van Claris FileMaker dient u dat bestand te bewaren als DBF-formaat. De bestandsnaam dient op.dbf te eindigen (en niet op dbf3 of dbf4). Verwijzing naar grafische bestanden De volgende voorwaarden gelden voor verwijzingen naar grafische bestanden in een database: De verwijzingen moeten gelijk zijn aan de bestandsnamen. De grafische bestanden moeten in dezelfde folder aanwezig zijn als de database. Databasegebruik in PrintShop Mail 107

112 Een DBF database openen in PrintShop Mail 1 Kies de functie Open DBF-bestand... in het Database menu: 2 Kies de gewenste database en klik op Open. Het bestand wordt geopend en de veldnamen verschijnen in het databasevenster. 3 Om mogelijke problemen met bijzondere tekens (bijvoorbeeld é, ü, π, ç, etc) te vermijden kunt u een conversietabel kiezen via de functie DOS-tabel in het Database menu. Een andere database openen 1 Kies eerst de Sluiten functie in het Database menu: u kunt slechts één database tegelijk openen in PrintShop Mail. 2 Kies nu de functie Open DBF-bestand... in het Database menu en selecteer de gewenste database. De nieuw geopende database zou minstens ook de velden moeten bevatten, die al in berekeningen van uw huidige document gebruikt worden, om fouten bij het afdrukken te vermijden. U kunt natuurlijk ook de berekeningen aan nieuwe veldnamen aanpassen. 108 Databasegebruik in PrintShop Mail

113 Een ODBC-verbinding gebruiken Om een verbinding met een ODBC databron te gebruiken, moet op uw Macintosh een ODBC driver geïnstalleerd zijn. In dat geval zal de functie Open ODBC-verbinding... in het Database menu actief zijn. Verdere informatie over het gebruik van de ODBC verbinding is geheel afhankelijk van de ODBC driver, en wordt in de documentatie beschreven, die u bij deze driver heeft gekregen. Een tekstbestand als database gebruiken De volgende voorwaarden gelden voor tekstbestanden, om ze als database in PrintShop Mail te kunnen gebruiken: De eerste tekstregel moet de veldnamen bevatten. Veldnamen mogen alleen uit alfanumerieke tekens en het underscore teken bestaan. De gegevens van de diverse records worden op de volgende tekstregels verwacht: één tekstregel per record. De velden in een record kunnen door tabs, komma s, spaties, puntkomma s of andere gespecificeerde tekens gescheiden zijn. Wanneer de inhoud van een veld het scheidingsteken bevat, moet de inhoud tussen aanhalingstekens worden geplaatst. Wanneer twee scheidingstekens direct naast elkaar staan, wordt een leeg veld daartussen aangenomen. Het scheidingsteken tussen twee records is altijd het nieuwe regel teken. Missende waarden aan het einde van een regel worden als lege velden aangenomen. Databasegebruik in PrintShop Mail 109

114 Een tekstbestand als database importeren 1 Kies Converteer tekstbestand... in het Database menu: 2 Als standaard instelling wordt de tab als scheidingsteken tussen de velden in een tekstbestand aangenomen. Wanneer in uw tekstbestand een ander scheidingsteken wordt gebruikt, dient u dit aan te geven door op Opties te klikken, zie voorbeeld: Als u op Anders... klikt is de optie ernaast aktief en kunt u daar iets anders invullen. De meest gebruikte scheidingstekens zijn tabs en komma s. 3 Om mogelijke problemen met bijzondere tekens te vermijden kunt U een conversietabel kiezen via de functie DOS-tabel in het Database menu. 110 Databasegebruik in PrintShop Mail

115 4 Selecteer het gewenste tekstbestand en klik op Open. Nadat het bestand geopend en geconverteerd is, worden de velden in het databasevenster getoond: veldnamen inhoud van het in het variabelenvenster geselecteerde record Databasevelden met variabelen verbinden 1 Zorg ervoor, dat zowel het databasevenster als het variabelenvenster op uw beeldscherm zichtbaar zijn. 2 Selecteer een veldnaam in het databasevenster. Klik erop met de muis en houd de muisknop ingedrukt, terwijl u de muis naar de variabele in het variabelenvenster beweegt, die u met het veld uit de database wilt verbinden. Laat dan de muisknop los. Databasegebruik in PrintShop Mail 111

116 3 In de Berekening kolom van de variabele wordt nu de veldnaam getoond. In de Resultaat kolom verschijnt de inhoud van het momenteel geselecteerde record. U kunt door de database bladeren via de pijltoetsen boven de Resultaat kolom, of via het invoeren van het gewenste recordnummer en een return. Wanneer u een databaseveld op een variabele plaatst, die al een berekening bezit, wordt om bevestiging gevraagd voordat de berekening wordt overschreven. 4 In plaats van het slepen van een veldnaam op een variabele, kunt u het veld ook direct in uw document slepen. Er wordt dan een nieuw tekstobject aangelegd, met de veldnaam als inhoud (deze verschijnt als nieuwe variabele in het variabelenvenster). Let op dat de lengte van de variabelenaam wordt gebruikt en niet de lengte van de inhoud. 112 Databasegebruik in PrintShop Mail

117 Records filteren PrintShop Mail maakt het mogelijk om uit een bestaande database een aantal records te selecteren, die voor het variabele drukwerk gebruikt worden, zonder deze in een aparte database te hoeven exporteren. Daartoe dient u een filter in te stellen, zoals hieronder beschreven wordt. Een filter voor de database definiëren 1 Open het basebasevenster. Rechtsboven in dit venster ziet u de optie Filteren, met daanaast de knop Aanpassen.... Klik hierop, om het Database-filter venster te openen: 2 Voeg de filterberekening in. Let erop, dat de berekening voor een filter alleen de logische waarden waar of onwaar op mag leveren: deze waarden bepalen, of een record wordt getoond of niet. Databasegebruik in PrintShop Mail 113

118 Filter-Favorieten bewaren en invoegen Wanneer u vaak dezelfde filters op databases toe wilt passen, is het raadzaam om deze favoriete filters op te slaan voor later gebruik. De filters worden door PrintShop Mail in het Filter Favorieten bestand in de PrintShop Mail programmafolder opgeslagen, en zijn dan via het Favorieten blad in het Database-filter venster beschikbaar, ook wanneer u een ander document en/of database geopend heeft. 1 Om een favoriete database-filter te bewaren, stelt u deze berekening eerst samen. Vervolgens klikt u op de tab Favorieten : berekening gebruikt voor het filter geselecteerde filter favoriet lijst van favorieten berekening van deze favoriet 2 Klik op Nieuw, om de huidige filter berekening in het bovenste deel van het venster als nieuw filter te bewaren. De nieuwe favoriet krijgt een automatisch doorgenummerde naam, die u echter nog in iets betekenisvollers kunt veranderen. 114 Databasegebruik in PrintShop Mail

119 3 Om de berekening van een bestaande filter favoriet te veranderen selecteert u deze favoriet, door op de favorietnaam in de lijst aan de linkerkant van het venster te klikken. De huidige filter berekening wordt rechts onder de naam getoond, en kan daar veranderd worden. Klik vervolgens op Bewaar. Zolang u de wijzigingen niet heeft bewaard kunt u deze via Herstel ongedaan maken. De favoriet wordt dan opnieuw uit het filter favorieten bestand ingelezen. 4 Om een favoriet uit het bestand te verwijderen selecteert u deze in de favorietenlijst, om vervolgens onder de lijst op Verwijder te klikken. 5 Om een van de opgeslagen filterberekeningen te gebruiken dubbelklikt u op de favoriet in de lijst. De berekening wordt in het bovenste deel van het databasefilter venster ingevoegd op de plaats van de tekstcursor. U kunt dus ook meerdere favorieten combineren (zorg er wel voor, dat de juiste samenvoegingsfuncties worden gebruikt, zodat de filterberekening correct is. 6 U kunt de filterberekening altijd nog veranderen, ook nadat u een favoriet heeft gekozen. Wanneer u terugwisselt naar het Bouwstenen tabblad, blijft de huidige definitie boven in het venster zichtbaar, en kunt u deze met alle beschikbare bouwstenen, en door invoeren van tekst via het toetsenbord, verder uitbreiden of aanpassen. Databasegebruik in PrintShop Mail 115

120 Filter-Favorieten importeren Zoals hierboven reeds werd vermeld, worden filter-favorieten door PrintShop Mail in het Filter favorieten bestand in de PrintShop Mail programmafolder opgeslagen. Wanneer u met een eerdere versie van het programma heeft gewerkt, kan het zijn dat u reeds favorieten heeft samengesteld. U kunt deze favorieten op de onderstaande manieren in de nieuwe versie van PrintShop Mail importeren. 1 Dubbelklik op het symbool van het oude Filter favorieten bestand. Het PrintShop Mail programma wordt gestart of geactiveerd, en de filter favorieten worden geladen. 2 Sleep het symbool van het oude Filter favorieten bestand op het nieuwe PrintShop Mail programmasymbool. Het PrintShop Mail programma wordt gestart of geactiveerd, en de filter favorieten worden geladen. 3 Wanneer u PrintShop Mail reeds gestart heeft, maar momenteel geen PrintShop Mail document geopend heeft, kunt u de functie Open... in het Archief menu gebruiken, om het oude Filter favorieten bestand te selecteren en te laden. De filter favorieten uit het oude bestand zijn direct in PrintShop Mail beschikbaar, en worden bij het verlaten van het programma aan het nieuwe Filter favorieten bestand toegevoegd. Het kan gebeuren, dat filter favorieten dezelfde naam hebben. Dit is voor PrintShop Mail geen probleem, maar voor u is het waarschijnlijk handig om sommige namen te veranderen. 116 Databasegebruik in PrintShop Mail

121 Sorteren van de database 1 Klik op Aanpassen... naast de functie Sorteren in het databasevenster, om de sorteersleutels te bepalen. Hierdoor wordt het volgende venster geopend: 2 Aan de linkerkant van het venster worden de veldnamen uit de momenteel geopende database getoond. Selecteer een veld en klik op Voeg toe, om deze als sorteersleutel te gebruiken. Door meerdere velden aan de lijst van sorteersteutels toe te voegen en hun onderlinge volgorde te bepalen (door naar boven of naar beneden slepen van de sorteersleutels) kunt u precies bepalen, hoe de records in de geopende database gesorteerd dienen te worden. Verwijder een sorteersleutel door deze in de lijst aan de rechterkant te selecteren en op Wis te klikken. 3 Naast oplopend kunt u ook aflopend sorteren (Z-A). Selecteer aan de rechterkant in de sorteervolgorde veld bijvoorbeeld: Achternaam nu kunt u onderaan de optie Aflopend activeren. Met als resultaat dat eerst de Plaats oplopend wordt gesorteerd wordt en dan pas de Achternaam maar die dan aflopend. Databasegebruik in PrintShop Mail 117

122 4 Klik op Sorteer om het venster te sluiten en de sortering direct in te schakelen. Als u op Klaar klikt, worden de sorteersleutels opgeslagen maar de sortering nog niet ingeschakeld. 5 U kunt de sortering in- of uitschakelen door aanklikken van de optie Sorteren in het databasevenster, of via de functie Sorteren in het Database menu. 118 Databasegebruik in PrintShop Mail

123 Variabelen in PrintShop Mail Berekeningen en datatypes Een berekening is een combinatie van databasevelden, getallen, tekst-elementen, functies en operatoren. Berekeningen worden voor variabele tekstobjecten en beeldobjecten in PrintShop Mail aangemaakt. Bij het afdrukken van een document bepalen de berekeningen van de diverse objecten, welke inhouden in elk exemplaar van het document zullen worden afgedrukt. De databasevelden, functies en berekingen gebruiken de volgende datatypes (soorten gegevens): Datatype String Nummer Datum Barcode Logisch Beschrijving Tekstregels (of enkele letters). Getallen, met of zonder decimalen. Datum als tekstregel in bepaalde formaten. Tekstregel die met barcodefont afgedrukt wordt. Keuze uit twee waarden: waar of onwaar. De argumenten die in de PrintShop Mail functies ingevoegd moeten worden, dienen van het juiste datatype te zijn. Converteren tussen datatypes gebeurt bij sommige functies automatisch; bij anderen moet u dit zelf doen, door toepassing van de daarvoor beschikbare conversiefuncties. Zie Functie-argumenten op pagina 120 voor meer detail. Variabelen in PrintShop Mail 119

124 Functiegroepen en datatypes De datatypes van de resultaten, die door functies worden geleverd, zijn in de volgende tabel per functiegroep weergegeven: Groep Functies Resultaat String Nummer CHR, LEFT, LOWER, LTRIM, MID, PROPER, RIGHT, RTRIM, STR, TRIM, UPPER ABS, ASC, COUNTER, CCOUNTER, INT, LEN, MOD, POS, ROUND, SGN, VAL Tekstregels Getallen Datum DATE, TODAY Datumtekst Barcode CODABAR, CODE39, CODE128, EAN8, EAN13, ITF, POSTNET, KIX, KIX_NL, UPCA, UPCE Barcodes Logisch AND, IF, NOT, OR "true" / "false" Functie-argumenten Een functie heeft beginwaarden voor berekeningen nodig, die als argumenten in de functie-oproep worden meegegeven, gescheiden door komma s. De argumenten moeten van het juiste datatype zijn. In de functiebeschrijvingen worden deze symbolische namen gebruikt: Argument <C>, <C1>, <C2> <N>, <N1>, <N2> <L>, <L1>, <L2> <D> Beschrijving Dedinities die strings (tekstregels) opleveren Definities die getallen opleveren Definities die logische waarden opleveren Datumformaat (tekstregel) 120 Variabelen in PrintShop Mail

125 Datumformaat Deze tabel toont de betekenis van de letters, die in de tekstregel voor het datumformaat gebruikt kunnen worden: Letter(s) Betekenis Voorbeeld D Dagnummer in de maand 2, 30 DD Dagnummer (twee cijfers) 02, 30 DDD Afgekorte weekdag Maa DDDD Volledige weekdag Maandag M Maandnummer in het jaar 9, 11 MM Maandnummer (twee cijfers) 09 MMM Afgekorte maand Sept MMMM Volledige maand September YY of Y Afgekort jaartal 99 YYY of YYYY Volledig jaartal 1999 Wanneer een lege tekstregel Date( ) als datumformaat wordt aangegeven, wordt het datumformaat uit de voorkeuren van PrintShop Mail gebruikt. Zie Datumformaat op pagina 101. Variabelen in PrintShop Mail 121

126 De berekening van een variabele bepalen 1 Dubbelklik op de variabele in het variabelenvenster. Het venster waarin de variabele kan worden gedefiniëerd, wordt geopend: berekening syntax functie groepen database velden functies operatoren 2 Kies een van de functiegroepen, om alleen de functies uit die groep in de functielijst te tonen. De gekozen functies worden in alfabetische volgorde opgevoerd. Wanneer u een functie aanklikt, wordt de syntax van deze functie getoond, alsmede een verklarende tekst en voorbeeld van het gebruik van de functie. 3 Dubbelklik op een functie, om deze op de positie van de tekstcursor in de berekening (boven in het venster) in te voegen. Als u in de huidige berekening een gedeelte heeft geselecteerd, wordt dat deel door de ingevoegde functie vervangen. 122 Variabelen in PrintShop Mail

127 4 Voeg operatoren in de berekening in, door op een van de daartoe beschikbare knoppen te klikken. 5 Dubbelklik op een databaseveld in de lijst aan de rechterkant, om dat veld in de berekening in te voegen. Operatoren De volgende operatoren kunnen in definities gebruikt worden: Categorie Operator Beschrijving Logisch Rekenkundig Relationeel Tekst ( ) Groepeert definities NOT AND OR Logische negatie Logische EN Logische OF (inclusief) * Vermenigvuldigen / Delen + Optellen - Aftrekken < Kleiner > Groter = Gelijk aan <> Ongelijk aan <= Kleiner of gelijk aan >= Groter of gelijk aan + & Tekstdelen samenvoegen Return Variabelen in PrintShop Mail 123

128 Favorieten in definities invoegen Om het bepalen van berekeningen eenvoudiger te maken, is een lijst met favorieten beschikbaar. Hierin kunt u (delen van) berekeningen bewaren, die vaker gebruikt worden en die u dus niet elke keer opnieuw wilt samenstellen. Klik in het definitievenster op de tab Favorieten : berekening lijst van favorieten geselecteerde favoriet huidige berekening Klik op Nieuw om de berekening als favoriet aan de lijst toe te voegen. De huidige berkening wordt overgenomen en rechts in het venster getoond. U kunt deze inhoud, en de favorietnaam die daarboven wordt getoond, aanpassen voordat u op Bewaren klikt. Dubbelklik op een favoriet in de favorietenlijst om deze op de positie van de tekstcursor in de berekening in te voegen. De berekening blijft bij het wisselen tussen de tabs Bouwstenen en Favorieten ongewijzigd. U kunt dus naar believen favorieten en andere bouwstenen tot de gewenste complete berekeningen samenvoegen. 124 Variabelen in PrintShop Mail

129 Favorieten importeren Favorieten worden in een Expressie favorieten bestand in de PrintShop Mail programmafolder opgeslagen. Wanneer u reeds met een eerdere versie van het programma heeft gewerkt, heeft u wellicht nog een oud favorieten bestand. U kunt de inhoud daarvan eenvoudig aan het nieuwe bestand toevoegen, op één van de volgende manieren: 1 Dubbelklik op het symbool van het oude Expressie favorieten bestand. Het PrintShop Mail programma wordt gestart of geactiveerd, en de favorieten worden geladen. 2 Sleep het symbool van het oude Expressie favorieten bestand op het nieuwe PrintShop Mail programmasymbool. Het PrintShop Mail programma wordt gestart of geactiveerd, en de favorieten worden geladen. 3 Wanneer u PrintShop Mail reeds gestart heeft, maar momenteel geen PrintShop Mail document geopend heeft, kunt u de functie Open in het Archief menu gebruiken, om het oude Expressie favorieten bestand te selecteren en te laden. De favorieten uit het oude bestand zijn direct in PrintShop Mail beschikbaar, en worden bij het verlaten van het programma aan het nieuwe Expressie favorieten bestand toegevoegd. De verschillende favorieten mogen dezelfde naam bevatten, dit is geen probleem voor PrintShop Mail. Wilt u echter een duidelijk overzicht behouden, kunt u beter andere bestandnamen kiezen. Variabelen in PrintShop Mail 125

130 Alfabetische lijst van functies Barcode-functies zijn in de Appendix opgenomen. ABS( <N> ) ABS levert de absolute waarde van <N>. ABS(-25) = 25 ASC( <C> ) ASC levert de ASCII waarde van de eerste letter in <C>. ASC("A") = 65 ASC("Alpha") = 65 CCOUNTER( <N1>, <N2>, <N3>, <N4>, <C> ) CCOUNTER levert een tellerwaarde, die door de argumenten alsvolgt is gespecificeerd: <N1> is de startwaarde voor de teller <N2> is de eindwaarde voor de teller (wordt meegeteld) <N3> is de stapgrootte (die bij elke stap opgeteld wordt) <N4> is het aantal cijfers voor de teller <C> bepaalt wat voor opvul karakter er wordt gebruikt. Wanneer de eindwaarde wordt bereikt voordat het laatste record is afgedrukt, begint de teller weer opnieuw vanaf de startwaarde. CCOUNTER(5, 100, 2, 3, "0") = 005, 007, 009,... CCOUNTER(1, 6, 2, 1, "") = 1, 3, 5, 1, 3, Variabelen in PrintShop Mail

131 CHR( <N> ) CHR levert de letter met de ASCII waarde <N>. CHR(65) = A COUNTER( ) COUNTER levert de huidige waarde van de ingebouwde tellerfunctie van PrintShop Mail. Zie Nummeroteur instellingen op pagina 100. COUNTER( ) = 0001 COUNTER( ) = 0002 DATE( <C1>, <C2> ) DATE wordt gebruikt om de weergave van een datum aan uw wensen aan te passen. DATE neemt een datum in <C1> en past daarop de opmaak toe, die in <C2> wordt gespecificeerd. Wanneer <C2> leeg is, gelden de PrintShop Mail voorkeuren voor het datumformaat. DATE(" ", "") = 5/1/99 DATE(" ","MM/DD/YY") = 05/01/99 DATE(" ", "DDD, D MMM YY") = Maa, 1 Mei 99 DATE(" ", "D MMMM YYYY") = 1 Mei 1999 DATE(" ", "anno domini YYYY") = anno domini 1999 IF( <L>, <expr1>, <expr2> ) IF levert <expr1>, als het resultaat van de logische uitdrukking <L> TRUE is; wanneer het resultaat van <L> FALSE is, wordt <expr2> geleverd. <expr1> en <expr2> moeten onderling vergelijkbaar zijn (bijvoorbeeld twee getallen of twee tekstregels). Het resultaat wordt altijd in een tekstregel omgezet. IF(1>2, "Correct", "Verkeerd") = Verkeerd Variabelen in PrintShop Mail 127

132 INT( <N> ) INT levert het gehele deel van het getal <N>. INT(" ") = 123 LEFT( <C>, <N> ) LEFT levert een tekstregel, die de linker <N> letters van <C> bevat. Wanneer <N> groter is als de lengte van <C>, wordt de complete tekstregel <C> geleverd. Wanneer <N> kleiner of gelijk aan nul is, wordt een lege regel geleverd. LEFT("PrintShop Mail", 5) = Print LEFT(Postcode, 4) = 8830 LEN( <C> ) LEN levert de lengte (aantal lettertekens) van <C>. LEN("PrintShop Mail") = 14 LEN(Naam) = 5 LOWER( <C> ) LOWER converteert alle hoofdletters in <C> naar kleine letters. LOWER("PrintShop Mail") = printshop mail LTRIM( <C> ) LTRIM verwijdert spaties aan het begin van de tekstregel <C>. Wanneer <C> alleen spaties bevat, wordt een lege tekstregel geleverd. LTRIM(Titel &"") & LTRIM(Voorvoegsel & ) & Naam 128 Variabelen in PrintShop Mail

133 MID( <C>, <N1>, <N2> ) MID levert het deel van de tekstregel <C>, wat op positie <N1> begint en <N2> lettertekens lang is. De eerste letter in <C> staat op positie 1. MID("PrintShop Mail", 6, 4) = Shop MOD( <N1>, <N2> ) MOD levert de rest, wanneer <N1> door <N2> gedeeld wordt. MOD(7, 3) = 1 MOD(2, 3) = 2 POS( <C1>, <C2>, <N> ) POS zoekt de tekstregel <C2> in <C1> en levert de beginpositie van die tekstregel in <C1>. Via het getal <N> wordt bepaald, vanaf welke positie het zoeken in <C1> begint. POS("prepress", "pre", 1) = 1 POS("prepress", "pre", 2) = 4 PROPER( <C> ) PROPER converteert de eerste letter van elk woord in <C> naar hoofdletters en alle anderen naar kleine letters. PROPER("pRintsHOP MAIL") = Printshop Mail PROPER("Atlas software BV") = Atlas Software Bv Variabelen in PrintShop Mail 129

134 RIGHT( <C>, <N> ) RIGHT levert een tekstregel, die de laatste <N> lettertekens van <C> bevat. Wanneer <N> groter is dan de lengte van <C> wordt de hele tekstregel <C> geleverd. Wanneer <N> kleiner dan of gelijk aan nul is, wordt een lege tekstregel geleverd. RIGHT("PrintShop Mail", 4) = Mail ROUND( <N> ) ROUND levert de afronding van <N> op een geheel getal. ROUND( ) = 123 RTRIM( <C> ) RTRIM verwijdert spaties aan het einde van de tekstregel <C>. Wanneer <C> helemaal uit spaties bestaat, wordt een lege regel geleverd. RTRIM("PrintShop ") = PrintShop SGN( <N> ) SGN levert het teken van het getal <N> SGN(-100) = -1 SGN(0) = 0 SGN(100) = 1 STR( <N> ) STR converteert de getalswaarde van <N> in een tekstregel. STR(5*2) = Variabelen in PrintShop Mail

135 TODAY( <D> ) TODAY levert de datum van de systeemklok. De datum wordt opgemaakt volgens het meegeleverde datumformaat <D>. Wanneer <D> leeg is, wordt het standaard datumformaat gebruikt, wat in de PrintShop Mail voorkeuren is ingesteld. TODAY("") = 5/1/99 TODAY("MMMM DD, YYYY") = Mei 01, 1999 TRIM( <C> ) TRIM verwijdert alle spaties aan het begin en einde van de tekstregel <C>. Wanneer <C> alleen uit spaties bestaat, wordt een lege regel geleverd. TRIM(" PrintShop ") = "PrintShop" UPPER( <C> ) UPPER converteert alle lettertekens in <C> naar hoofdletters. UPPER("PrintShop Mail") = PRINTSHOP MAIL VAL( <C> ) VAL converteert <C> naar een numerieke waarde. De tekstregel <C> wordt als ASCII weergave van een geldige getalswaarde verwacht. VAL("99") = 99 Variabelen in PrintShop Mail 131

136 Voorbeelden van definities Mijnheer of Mevrouw vóór de naam plaatsen U wilt wellicht als aanhef in uw brief de zin Geachte Heer Jansen of Geachte Mevrouw Pietersen gebruiken. Wanneer het geslacht van de geadresseerde in de database bekend is, kunt u dit effect via de volgende berekening bereiken: "Geachte " & IF(Geslacht = "m","heer ","Mevrouw ") & Achternaam & "," Om fouten te vermijden bij personen, waarvan het geslacht niet bekend is (of waarvan de letter m of v met hoofdletters in de database is geschreven), kunt u de berekening als volgt uitbreiden: "Geachte " & IF(LOWER(Geslacht)="m", "Heer ", IF(LOWER(Geslacht) = "v","mevrouw ", "Heer/Mevrouw ")) & Achternaam & "," Let u op de toevoeging van spaties aan het einde van bijna alle tekstelementen: daardoor hoeft u geen aparte tekstelementen voor de nodige spaties tussen de diverse woorden en velden toe te voegen. In het CatMetics voorbeeld bevat de statische afbeelding reeds de zin Geachte Heer/Mevrouw,. U hoeft het origineel niet in een DTP programma te veranderen om deze regel door bovenstaande aanhef te vervangen. In plaats daarvan legt u een tekstobject over de regel heen, voegt bovenstaande berekening in het tekstobject in, en stelt de achtergrondkleur van het tekstobject op wit (in plaats van de standaard voor tekstobjecten gekozen transparante achtergrond). Daarmee is de regel uit de oorspronkelijke brief verscholen achter het tekstobject met variabele inhoud. 132 Variabelen in PrintShop Mail

137 Een speciale teller samenstellen Om een serienummer in uw document in te voegen, kunt u de COUNTER of CCOUNTER functies gebruiken. De instellingen van de COUNTER functie zijn in Nummeroteur instellingen op pagina 100 beschreven. Wanneer u een speciale serienummering nodig heeft, bijvoorbeeld een combinatie uit een letter en een cijfer, moet u een eigen berekening samenstellen. Ten eerste moeten enige converteringen doorgevoerd worden om een letter als serienummer te kunnen gebruiken. Voor ons voorbeeld maken we een teller, die van A naar C telt, en elke letter viermaal gebruikt: CCOUNTER(ASC("A"),ASC("C"),1/4,2,"") Deze definitie levert de ASCII waarden van A tot C in tekstvorm. Het aantal cijfers is op 2 gezet, omdat de ASCII waarden voor letters 2 cijfers bevatten. Om het gewenste resultaat te bereiken, moeten de ASCII waarden eerst in getallen en vervolgens in letters veranderd worden. Daarmee ziet de berekening er alsvolgt uit: CHR(VAL(CCOUNTER(ASC("A"),ASC("C"),1/4,2,""))) Nu hoeft u dit eerste deel van uw teller alleen nog samen te voegen met een eenvoudige numerieke teller die van 1 tot 4 loopt: CHR(VAL(CCOUNTER(ASC("A"),ASC("C"),1/4,2,""))) & CCOUNTER(1,4,1,1,"") Het eindresultaat is de volgende serie getallen : A1 - A2 - A3 - A4 - B1 - B2 - B3 - B4 - C1 - Variabelen in PrintShop Mail 133

138 Tekstkleur variabel maken U kunt de tekstkleur van een tekstobject afhankelijk van de inhoud bepalen, bijvoorbeeld om positieve waarden in zwart en negatieve waarden in rood af te drukken. Om dit resultaat te bereiken, worden twee variabelen (bijvoorbeeld en naast elkaar in hetzelfde tekstobject geplaatst, en krijgen ze verschillende tekstkleuren toegewezen. De inhoud van de beide variabelen wordt complementair bepaald door de volgende definities: IF(Saldo < "0",Saldo,"") IF(Saldo < "0","",Saldo) Het resultaat is, dat negatieve inhouden van het databaseveld Saldo in rood worden afgedrukt en positieve inhouden op dezelfde positie in zwart. Variabele afbeeldingen via een databaseveld bepalen In de CatMetics voorbeeldfolder zijn foto s van diverse kattenrassen toegevoegd. Ook is in de database met kattenbezitters voor de meeste katten het ras bekend. Hiermee kunt u een foto van het juiste kattenras aan de brief toevoegen (met een uitwijkmogelijkheid wanneer het ras van de kat niet bekend is): IF(Katras = "", "lapjeskat", Katras) &".eps" De afbeeldingen Siamees.eps, Straatkat.eps etc. moeten in dezelfde folder beschikbaar zijn als de database die gebruikt wordt. 134 Variabelen in PrintShop Mail

139 Datumvergelijking in een voorwaarde Het zou natuurlijk heel aardig zijn om in de brief aan kattenbezitters een gelukwens te kunnen schrijven met hun jarige huisdier. Wanneer de geboortedatum van het huisdier in de database bekend is, kunt u deze met het moment van afdrukken vergelijken om te bepalen, of het passend is om het huisdier te feliciteren. Zoniet, dan wordt eenvoudig een groet afgedrukt. De uitdrukking zou alsvolgt eruit kunnen zien: IF(DATE(Verjaardag,"M")=TODAY("M")," Gefeliciteerd met de verjaardag van " & IF(Katnaam<>"",Katnaam,"uw kat"), "Groeten aan " & IF(Katnaam<>"",Katnaam,"uw kat")) De eerste IF functie vergelijkt de inhoud van het databaseveld Verjaardag met de systeemklok. Beide data worden op dezelfde manier opgemaakt (alleen het maandnummer wordt gebruikt) en zijn daardoor direct met elkaar vergelijkbaar. Als de maanden overeen komen wordt de felicitatietekst afgedrukt; in het andere geval volstaat een groet. In beide gevallen wordt de naam van de kat gebruikt, als deze in de database bekend is. Variabelen in PrintShop Mail 135

140 136 Variabelen in PrintShop Mail

141 Afdrukken van documenten PrintShop Mail documenten controleren Gebruikte Lettertypen U kunt eenvoudig controleren welke fonts in uw document worden gebruikt, door de functie Toon Lettertypen in het Beeld menu te kiezen. Het lettertypen-venster wordt daardoor geopend: De lettertypen die op uw Macintosh beschikbaar zijn, worden met een vinkje vóór de naam aangegeven. De lettertypen die niet beschikbaar zijn, dienen op uw Macintosh geïnstalleerd te worden, voordat u het document vanaf deze machine kunt afdrukken. Afdrukken van documenten 137

142 Opmaak van het document controleren PrintShop Mail kan vóór het afdrukken automatisch de opmaak controleren. U kunt deze controle ook zelf uitvoeren, los van het geven van een afdrukopdracht, door de functie Controle in het Layout menu te kiezen. Hierdoor wordt een venster geopend, waarin u de opties voor de opmaakcontrole kunt instellen: Wanneer fouten in de opmaak van uw document worden gevonden, wordt een venster met foutmeldingen getoond: Klik in dit venster op een foutmelding om te zien waar de fout zich bevindt. 138 Afdrukken van documenten

143 "Bleed" marge en snijlijnen Snijlijnen kunnen gebruikt worden voor het nabewerken van het document. Als het opmaakformaat niet overeenkomt met het papierformaat van de printer, kunnen de snijlijnen de exacte positie voor het nabewerken bepalen. De bleed marge wordt gebruikt om het printgebied aan te geven. 1 Kies de "Voorkeuren..." functie in het Wijzig menu en selecteer de groep Impositioning : 2 Schakel de optie Bleed marge in door de optie Voeg toe of Perk in te kiezen, en stel de gewenste breedte in. In het eerste geval wordt de opgegeven breedte aan de opmaakgrootte toegevoegd; in het andere geval wordt de opmaakgrootte ingeperkt. Afdrukken van documenten 139

144 3 Schakel de optie Snijlijnen in en geef bij Marge aan, hoeveel ruimte tussen de snijlijn en het overblijvende document vrijgelaten moet worden. Let erop, dat deze marge kleiner moet zijn dan de breedte van de Bleed marge, omdat de snijlijnen anders niet zichtbaar zullen zijn. Vouwlijnen afdrukken Vouwlijnen worden op het zichtbare deel van het document afgedrukt (dus op dat deel, wat na eventueel snijden overblijft). U kunt dus ook vouwlijnen laten afdrukken als u geen Bleed marge heeft ingesteld. Een vouwlijn invoegen 1 Zorg ervoor, dat de opmaaklinialen zichtbaar zijn.( venster menu) 2 Klik op de pijlen bovenaan rechts in de horizontale liniaal: 3 Kies Vouwlijnen uit het pop-up menu. 4 Klik in de verticale opmaakliniaal en houd de muisknop ingedrukt terwijl u de muis naar rechts beweegt naar de gewenste positie. Hierdoor wordt een verticale vouwlijn op uw document geplaatst. Voor een horizontale vouwlijn klikt u op de horizontale opmaakliniaal en beweegt u de muis naar beneden. 5 Om een vouwlijn te verwijderen sleept u deze terug naar de opmaakliniaal. 140 Afdrukken van documenten

145 6 Kies de Voorkeuren functie uit het Wijzig menu en open de groep Impositioning. Stel in het gedeelte Vouwlijnen de overlappingslengte in. Dit is de lengte van de vouwlijnen op het uiteindelijke document (dus na eventueel snijden). Het papierformaat instellen 1 Kies de gewenste printer in de Kiezer functie. Zie Configureren van de LaserWriter driver op pagina Kies de functie Papierformaat... in het Archief menu en selecteer het te gebruiken papierformaat uit de keuzelijst: 3 Wanneer u geen standaard papierformaat wilt gebruiken, kiest u de optie Anders. U kunt de maateenheid in dit venster tussen inches en centimeters wisselen door op het pagina-symbool te klikken. Afdrukken van documenten 141

146 4 Kies het aantal pagina s per afgedrukte bladzijde uit de "Layout" keuzelijst. Specifceer de orientatie van het papier en een eventuele schalingsfactor. Klik op OK om de instellingen te bevestigen. Als u deze instelling wilt opslaan moet u de ALT toets ingedrukt houden voordat u op OK drukt. Afdrukopdrachten verdelen Wanneer u grote afdrukopdrachten uitvoeren, kan het nodig zijn om deze in kleinere jobs te verdelen. Dit is in PrintShop Mail zeer eenvoudig. 1 Kies de functie Afdrukken... in het Archief menu: 2 Schakel de optie Splits opdracht elke in, en geef het aantal pagina s per afdrukopdracht aan. 142 Afdrukken van documenten

147 3 Wanneer u een document met meerdere pagina s wilt afdrukken, moet de opsplitsing zodanig zijn, dat deze een geheel aantal documenten bevat. Zonodig wordt het volgende venster getoond: Kies één van de geboden alternatieven en klik op OK. Afdrukken van documenten 143

148 Layout Condities Layout condities maken het mogelijk om, afhankelijk van gegevens in de database, pagina s door de printer te laten overslaan (SKIP) of niet te bedrukken (BLANK). De functie Toon Layout Condities in het Beeld menu opent het variabelenvenster en zorgt ervoor dat het tabblad met de layout condities op de voorgrond ligt. Elke layout representeert één pagina in het PrintShop Mail document en heeft precies één expressie, die bepaalt wat de printer met deze pagina moet doen. De expressie voor iedere pagina wordt op dezelfde manier aangelegd als de expressies voor variabele elementen (zie Databasevelden met variabelen verbinden op pagina 111), maar het resultaat van de expressie mag alleen de waarden PRINT, BLANK of SKIP zijn. Niet-geldige expressies worden niet geaccepteerd. De standaard expressie voor elke pagina is PRINT (zoals in het hierboven getoonde voorbeeld geldt voor de eerste pagina van het document). Fiery FreeForm, Splash DiamondMerge en PrintStreamer ondersteunen de layout condities niet, omdat deze afdruktechnieken met een master document werken. Dit document moet een vast aantal layouts per document hebben, zodat de SKIP expressie niet gebruikt kan worden. 144 Afdrukken van documenten

149 Voorbeeld: een reclamefolder Stelt u zich een modewinkel voor, die een mailing wil produceren, waarin de nieuwe voorjaarsmode wordt gepresenteerd. Men wil, naast het algemene voorblad, een apart blad met mode voor vrouwen en mannen afdrukken. Daarnaast wil men, om klanten van buiten de stad te werven, voor deze doelgroep een lunchbon op een extra pagina toevoegen. De database met klantgegevens bevat de nodige informatie om de af te drukken pagina s aan iedere klant aan te passen. Alle optionele pagina s (layouts) worden aan het PrintShop Mail document toegevoegd, maar ze worden overgeslagen of afgedrukt aan de hand van de gegevens in de database. Wanneer het geslacht bekend is, wordt alleen de pagina met mode voor mannen (geslacht M ) of die met mode voor vrouwen (geslacht V ) afgedrukt. Is het geslacht niet in de database bekend, dan worden beide pagina s meegestuurd. De laatste pagina van het document bevat de lunchbon. Deze pagina wordt alleen afgedrukt wanneer de klant volgens de database buiten de eigen stad woont. De layout condities voor dit voorbeelddocument zien er alsvolgt uit: Afdrukken van documenten 145

150 SKIP gebruiken met layout herhaling Wanneer meerdere exemplaren van een document op dezelfde pagina worden afgedrukt (zie Adreslabels voor de mailing maken op pagina 51), dient men er rekening mee te houden dat het gebruiken van layout condities met SKIP als resultaat tot ongewenste resultaten kan leiden. In bepaalde gevallen zal PrintShop Mail een SKIP als BLANK behandelen om problemen te voorkomen. Het gebruiken van meerzijdige documenten, waarvan meerdere exemplaren op dezelfde pagina worden afgedrukt, en in combinatie met layout condities, dient grondig getest te worden voordat grote afdrukopdrachten worden gestart. Soortgelijke problemen kunnen zich voordoen met documenten die niet op dezelfde afdrukpagina worden herhaald. Ook hierbij kan het voorkomen van een SKIP de volgorde van afgedrukte pagina s beïnvloeden. Wanneer de pagina-invoer voor uw printer van een bepaald aantal pagina s per document uitgaat, dient u wellicht een BLANK te gebruiken in plaats van een SKIP. Hierdoor worden evenveel pagina s door de printer gestuurd als bij een PRINT, maar de BLANK pagina s worden niet bedrukt en kunnen naderhand uit de uitvoer verwijderd worden. 146 Afdrukken van documenten

151 Print Record Maakt het mogelijk om het huidige record zonder het watermerk PrintShop Mail af te drukken. Er worden geen tikken van uw krediet afgeboekt. PPML PPML is de afkorting van Personalized Printing Markup Language. Dit is een standaard beschrijvingstaal, die door producenten van printers, en printsoftware is vastgelegd, om gepersonaliseerd drukwerk eenvoudiger, flexibeler en goedkoper te maken. Een PPML bestand beschrijft de volledige gepersonaliseerde afdrukopdracht. Hierin zijn alle gegevens opgenomen, die voor het afdrukken van de opdracht nodig zijn (de layouts en de geselecteerde variabele gegevens). Afdrukken van documenten 147

152 Het produceren van een PPML bestand wordt in PrintShop Mail gedaan door de functie Export naar PPML in het Archief menu. Deze functie opent een venster, waarin diverse instellingen voor het PPML bestand kunnen worden gekozen: Opties voor grafische bestanden Locale verwijzingen invoegen Hierdoor worden de verwijzingen naar grafische bestanden in het PPML bestand ingevoegd als locale verwijzingen (relatief aan de locatie van het PPML bestand). De bestanden worden gezocht op de computer, waar de afdrukopdracht wordt gestart. Het invoegen van locale verwijzingen reduceert de omvang van het PPML bestand sterk (afhankelijk van het aantal gebruikte afbeeldingen). Wanneer de afdrukopdracht op een andere computer wordt gestart, dienen de grafische bestanden op die computer beschikbaar te zijn. Kopieën van beelden aanleggen 148 Afdrukken van documenten

153 Hierdoor worden kopieën van de gebruikte grafische bestanden gemaakt, die in dezelfde folder als het PPML bestand worden bewaard. De verwijzingen worden veranderd in verwijzingen naar deze kopieën. Exporteren naar PPML Zip Deze optie wordt gebruikt voor printers, die een PPML Zip bestand verwachten. Het bestand bevat de PPML beschrijving plus kopieën van alle gebruikte grafische bestanden. Geen beelden invoegen In dit geval worden de locale verwijzingen naar gebruikte grafische bestanden aangepast, zodat ze vanuit andere computers bereikbaar zijn. Elke verwijzing wordt voorafgegaan door de markering Het bestand kan hierdoor ook vanuit een andere computer via een netwerk opgehaald worden, wanneer de afdrukopdracht vanuit die andere computer wordt gestart. De Open PrePress Interface gebruiken PrintShop Mail ondersteunt de Open PrePress Interface (OPI) versie 2.0. Deze standaard maakt het mogelijk om afbeeldingen met lage resolutie te gebruiken bij het aanleggen van het PrintShop Mail bestand, en toch afbeeldingen met hoge resolutie te gebruiken voor het afdrukken. De OPI server vervangt de afbeeldingen tijdens (of als voorbereiding op) het afdrukken. Deze techniek maakt een hogere snelheid mogelijk bij het spoolen en afdrukken, omdat de afbeeldingen met lage resolutie minder groot zijn. Afdrukken van documenten 149

154 Het gebruik van de OPI standaard wordt in het instellingenvenster voor het afdrukken ingeschakeld, zoals hieronder getoond: Bij de CreoScitex VPS afdruktechniek wordt de OPI optie in het getoonde instellingenvenster vervangen door APR. Deze Automatic Picture Replacement is alleen beschikbaaar op CreoScitex printers en is equivalent met OPI. Zie CreoScitex VPS op pagina 158. Gebruik van de HotFolder PrintShop Mail 4.3 maakt het mogelijk om het afdrukproces in hoge mate te automatiseren. In plaats van het handmatig openen van een PrintShop Mail bestand en het geven van de afdrukopdracht, kan een zogenaamde HotFolder ingesteld worden. PrintShop Mail controleert dan regelmatig, of zich in deze folder een PrintShop Mail document en een database bestand bevinden. In dat geval wordt het document geopend en, gecombineerd met de gegevens uit de database, afgedrukt. 150 Afdrukken van documenten

155 De HotFolder kan ook worden gebruikt om hetzelfde bestand (bijvoorbeeld een mailing) door verschillende gebruikers met verschillende databases te laten afdrukken. De gebruikers hoeven geen toegang tot het PrintShop Mail programma te hebben: ze hoeven alleen de database in de HotFolder te plaatsen, om het afdrukken van de mailing met hun database plaats te laten vinden. De HotFolder initialiseren 1 Sluit alle PrintShop Mail bestanden af maar beëindig niet het programma. 2 Kies de functie Voorkeuren in het Archief menu en selecteer de groep HotFolder. Dit is de onderste groep in het voorkeurenvenster. 3 Selecteer de HotFolder door de knop aan te klikken en de gewenste folder op te zoeken en aan te wijzen. Sluit vervolgens het voorkeurenvenster. 4 Kies nu de functie Bewaak HotFolder in het Archief menu. Het PrintShop Mail programma blijft nu actief en zal elke minuut in de aangewezen HotFolder zoeken naar een PrintShop Mail document en een database. De HotFolder gebruiken 1 Maak een PrintShop Mail document en sla het op in de folder, die als HotFolder is aangemerkt. Omdat het automatisch afdrukken vanuit de HotFolder geen interactie met een gebruiker toelaat, dient u ervoor te zorgen, dat het document geen fouten bevat. Afdrukken van documenten 151

156 Let erop, dat expressies bij bepaalde waarden van variabelen tot fouten kunnen voeren. Test dus het ontwerp voldoende voordat het document in de HotFolder geplaatst en het bewaken van de HotFolder geactiveerd wordt. 2 Plaats een database (met bestandsnaam eindigend op.dbf ) in de HotFolder. PrintShop Mail combineert het reeds aanwezige PrintShop Mail bestand met de gegevens uit deze database en voert de gepersonalizeerde afdrukopdracht automatisch uit. Naast de HotFolder zelf worden ook de subfolders tot drie niveaus diep doorzocht naar geldige database bestanden. 3 U kunt slechts één PrintShop Mail per HotFolder laten afdrukken. Wanneer u meerdere documenten automatisch wilt laten afdrukken, dient u meerdere PrintShop Mail licenties te hebben en voor iedere HotFolder (dus ieder PrintShop Mail document) een aparte installatie te doen. 4 Wanneer PrintShop Mail een afdrukopdracht heeft uitgevoerd, wordt het gebruikte database bestand naar een andere folder verplaatst. Dit om te voorkomen dat hetzelfde drukwerk nogmaals wordt uitgevoerd. De database bestanden verschijnen in een folder genaamd PSMAIL_PRINTED, die naast de HotFolder verschijnt. Het PrintShop Mail document blijft op dezelfde plek en kan nogmaals gebruikt worden, door eenvoudigweg een nieuwe database in de HotFolder (of subfolders daarvan) te plaatsen. 5 PrintShop Mail schrijft elke handeling in een logfile, ook als bij het controleren van de HotFolder geen geldige database (of Print- Shop Mail document) werd gevonden. Deze logfile maakt het 152 Afdrukken van documenten

157 mogelijk om te controleren of PrintShop Mail nog werkt: het tijdstip, waarop de logfile het laatst veranderd werd, zou niet langer dan ongeveer een minuut moeten zijn. U vindt de logfile direct naast de HotFolder. Afdrukken van documenten 153

158 154 Afdrukken van documenten

159 Appendix Ondersteunde grafische bestandsformaten PrintShop Mail 4.3 gebruikt QuickTime (versie 4.0 of later) voor het importeren en tonen van grafische bestanden. Dit betekent dat de lijst met ondersteunde grafische formaten afhangt van de versie van QuickTime, die op uw Macintosh beschikbaar is. De lijst voor uw versie is beschikbaar op Apple s QuickTime website. QuickTime 5.2 ondersteunt QuickDraw PICT, QuickTime Image, MacPaint, Photoshop (versies 2.5 en 3.0), GIF, JPEG, TIFF, Amiga IFF, PCX, Scitex CT en Targa. Appendix 155

160 Printtechnologieën CopyPage Deze technologie gebruikt de PostScript CopyPage functie om het opnieuw rasteren van de statische elementen van een pagina bij elke afdruk te vermijden. U kunt met deze methode slechts documenten van één pagina afdrukken. Bovendien kunt u transparantie voor variabele objecten niet toepassen. Standaard PostScript Deze technologie gebruikt geen enkele PostScript optimalisatie om de verwerkingstijd te verkorten. 156 Appendix

161 Geoptimaliseerd PostScript Deze technologie gebruikt de PostScript Level 2 Forms, om een snellere verwerkingstijd van variabel drukwerk te bereiken. Dit functioneert met vrijwel alle moderne printers, maar de bereikte afdruksnelheid hangt af van de complexiteit van het document. Fiery FreeForm Deze technologie is beschikbaar in Fiery ZX RIP s van de firma EFI. Deze RIP s realiseren variabel drukwerk in een twee-fasen proces. In eerste instantie drukt u slechts één record af, met als optie Master. Er wordt nu een Master in het geheugen van de RIP aangelegd, maar er wordt nog geen pagina afgedrukt. Vervolgens drukt u alle gewenste records af, waarbij u hetzelfde formuliernummer gebruiken, wat voor de Master werd gespecificeerd. U kunt zowel de Master als Variabelen in één keer printen, door bij Verstuur Alles te kiezen, zie voorbeeld: Appendix 157

162 Fiery FreeForm 2 Deze technologie komt overeen met Fiery FreeForm maar biedt als extra functionaliteit page picking wat inhoudt dat voorwaardelijke pagina s worden ondersteund, terwijl u ook kunt zien welke masters naar de RIP zijn verzonden. PrintStreamer Deze technologie verstuurt twee aparte bestanden naar de RIP. Een voor de Master en de andere voor de variable gegevens.. CreoScitex VPS Deze technologie is beschikbaar in een Scitex SX3000 en gebruikt het Variable-Data-System wat in deze RIP is ingebouwd. 158 Appendix

163 Deze techniek kent een aantal nabewerkingsopties (zoals nieten en binden), die in een apart dialoogvenster kunnen worden ingesteld, wanneer het afdrukken wordt gestart. Een verdere optie in het VPS systeem is de APR (Automatic Picture Replacement) functie. Dit is feitelijk dezelfde techniek als het eerder in deze handleiding beschreven OPI functie (zie pagina 149). Grafische bestanden worden apart naar de RIP gestuurd en daar opgeslagen. Bij het opmaken van een document en het spoolen en versturen naar de RIP worden afbeeldingen met lage resolutie gebruikt; deze worden door de RIP door afbeeldingen met hoge resolutie vervangen wanneer de afdrukopdracht wordt gestart. Splash DiamondMerge Deze technologie is beschikbaar op DocuPress Ultra printers van de firma Splash. Hetzelfde twee-fasen proces als in de Fiery FreeForm wordt hier gebruikt. Stel eerst de optie Create Master in, om daarna met Use Master alle gewenste records, onder gebruikmaking van hetzelfde formuliernummer, af te drukken. Door Alles te kiezen worden zowel het Form als de Variabelen in één keer naar de printer gestuurd. Appendix 159

164 Splash VI Deze technologie gebruikt het Variable-Information-System van de firma Splash. Gebruik deze technologie wanneer u een Splash printer gebruiken, die niet aan de specificaties van de DocuPress Ultra (met de DiamondMerge technologie) voldoet. AHT Deze methode voor het realiseren van variabel drukwerk is beschikbaar in Colorflare printers van de firma AHT. 160 Appendix

Getting Started Guide Nederlands

Getting Started Guide Nederlands Getting Started Guide Nederlands Inhoud De technologie van PrintShop Mail... 2 Systeemvereisten voor PrintShop Mail... 4 Inhoud van de cd-rom... 5 PrintShop Mail installeren (Windows)... 6 PrintShop Mail

Nadere informatie

PrintShop Mail Professionele software voor het maken van mailings Voor Macintosh en Windows

PrintShop Mail Professionele software voor het maken van mailings Voor Macintosh en Windows PrintShop Mail Professionele software voor het maken van mailings Voor Macintosh en Windows PrintShop Mail is een softwareproduct van: Atlas Software B.V. Daltonstraat 4244 3946 BX Harderwijk Nederland

Nadere informatie

INSTALLATIE IN PRINT INSTALLEREN. Aan de slag met Communicate In Print

INSTALLATIE IN PRINT INSTALLEREN. Aan de slag met Communicate In Print AAN DE SLAG INSTALLATIE In deze handleiding worden de stappen besproken die doorlopen worden bij het installeren van de volledige versie Communicate In Print LET OP! WANNEER U EERDER EEN VERSIE VAN IN

Nadere informatie

Algemene basis instructies

Algemene basis instructies Inhoud: Algemene basis instructies... 2 Pictogrammen en knoppen... 2 Overzicht... 3 Navigeren (bladeren)... 3 Gegevens filteren... 4 Getoonde gegevens... 5 Archief... 5 Album... 5 Tabbladen en velden...

Nadere informatie

Via het tabblad Pagina-indeling, groep Pagina-instelling kun je de afdrukstand en het papierformaat instellen.

Via het tabblad Pagina-indeling, groep Pagina-instelling kun je de afdrukstand en het papierformaat instellen. SAMENVATTING HOOFDSTUK 9 Pagina-indeling, de Pagina-instelling Via het tabblad Pagina-indeling, groep Pagina-instelling kun je de afdrukstand en het papierformaat instellen. Klik op de knop Afdrukstand

Nadere informatie

Les 1. Digitale Media - DTP 1

Les 1. Digitale Media - DTP 1 Intro InDesign werkt met objecten, dit zijn alle elementen die je op een pagina kunt plaatsen. Bijvoorbeeld hulplijnen, om aan te geven waar de marges van de pagina s komen, maar ook tekstkaders, illustratiekaders,

Nadere informatie

Op basis van klanten-,product-,barcodegegevens wordt automatisch een barcode document aangemaakt

Op basis van klanten-,product-,barcodegegevens wordt automatisch een barcode document aangemaakt Op basis van klanten-,product-,barcodegegevens wordt automatisch een barcode document aangemaakt Pagina 1 van 56 Inhoud van deze help 1. Algemeen 1.1 Inhoud van deze box. 1.2 Minimum systeemvereisten 2.

Nadere informatie

Badge it. Inhoudsopgave. 1. Installatie... 3

Badge it. Inhoudsopgave. 1. Installatie... 3 Badge it voor Windows 95/98/NT/2000/XP Inhoudsopgave 1. Installatie... 3 2. Start... 4 2.1. Nieuwe database maken... 5 2.2. De geselecteerde database openen... 5 2.3. De naam van de geselecteerde database

Nadere informatie

BASIS TEKSTBEWERKING deel 2

BASIS TEKSTBEWERKING deel 2 BASIS TEKSTBEWERKING deel 2 Opslaan en openen. Opslaan. Om een tekst document te kunnen bewaren, zult u het moeten opslaan op de harde schijf van uw computer. Het blijft daar dan net zo lang staan tot

Nadere informatie

Technische handleiding database ontslagmanagement

Technische handleiding database ontslagmanagement Technische handleiding database ontslagmanagement 1. Het databasevenster De database opent u door te dubbelklikken 1 op het Access-icoon Ontslagmanagement.lnk Mogelijk krijgt u eerst één of meerdere vensters

Nadere informatie

10. Pagina-instellingen

10. Pagina-instellingen 10. Pagina-instellingen Voordat u begint met het schrijven van een document in het programma Writer, is het raadzaam eerst te bepalen hoe het er uiteindelijk uit moet komen te zien. In deze module leert

Nadere informatie

Landelijk Indicatie Protocol (LIP)

Landelijk Indicatie Protocol (LIP) Handleiding Landelijk Indicatie Protocol programma pagina 1 of 18 Landelijk Indicatie Protocol (LIP) Welkom bij LIP Lip is ontstaan uit een toegevoegde module aan het kraamzorg administratie pakket van

Nadere informatie

QL-500 QL-560 QL-570 QL-650TD QL-1050

QL-500 QL-560 QL-570 QL-650TD QL-1050 QL-500 QL-560 QL-570 QL-650TD QL-1050 Handleiding voor de installatie van de software Nederlands LB9153001A Inleiding Opties P-touch Editor Printerstuurprogramma P-touch Address Book (uitsluitend Windows

Nadere informatie

Versienotities voor de klant Fiery EXP4110, versie 1.1SP1 voor Xerox 4110

Versienotities voor de klant Fiery EXP4110, versie 1.1SP1 voor Xerox 4110 Versienotities voor de klant Fiery EXP4110, versie 1.1SP1 voor Xerox 4110 Dit document beschrijft de upgrade van de Fiery EXP4110-printerstuurprogramma s voor ondersteuning van de optie Lade 6 (Extra groot).

Nadere informatie

Migreren naar Access 2010

Migreren naar Access 2010 In deze handleiding Het uiterlijk van Microsoft Access 2010 verschilt aanzienlijk van Access 2003. Daarom hebben we deze handleiding gemaakt, zodat u niet te veel tijd hoeft te besteden aan het leren werken

Nadere informatie

HANDLEIDING INFOGRAPHIC SOFTWARE Versie 2.3 / jan 2014

HANDLEIDING INFOGRAPHIC SOFTWARE Versie 2.3 / jan 2014 HANDLEIDING INFOGRAPHIC SOFTWARE Versie 2.3 / jan 2014 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Systeemvereisten... 3 3. Installeren van de software... 4 4. Programma instellingen... 5 5. Importeren van een

Nadere informatie

ADRES 2000 VOOR WINDOWS

ADRES 2000 VOOR WINDOWS Theun Bollema 2011 Met Adres 2000 voor Windows is het mogelijk om eenvoudige databases te maken of om adressenbestanden (met meer dan 50000 adressen is geen probleem) te beheren. Door zijn opzet kan het

Nadere informatie

Aan de slag met de LEDENADMINISTRATIE

Aan de slag met de LEDENADMINISTRATIE Aan de slag met de LEDENADMINISTRATIE Het maken en gebruiken van rapportages 1. Rapportages en Excel Een rapportage gebruikt u om een bestand aan te maken: u wilt bijvoorbeeld etiketten uitdraaien, een

Nadere informatie

Mac OS X 10.6 Snow Leopard Installatie- en configuratiehandleiding

Mac OS X 10.6 Snow Leopard Installatie- en configuratiehandleiding Mac OS X 10.6 Snow Leopard Installatie- en configuratiehandleiding Lees dit document voordat u Mac OS X installeert. Dit document bevat belangrijke informatie over de installatie van Mac OS X. Systeemvereisten

Nadere informatie

23. Standaardbrieven (MailMerge)

23. Standaardbrieven (MailMerge) 23. Standaardbrieven (MailMerge) In deze module leert u: 1. Wat een standaardbrief is. 2. Hoe u een standaardbrief maakt. 3. Hoe u een adressenbestand kunt koppelen aan een standaardbrief. 4. Hoe u een

Nadere informatie

(2) Handleiding Computer Configuratie voor USB ADSL modem

(2) Handleiding Computer Configuratie voor USB ADSL modem (2) Handleiding Computer Configuratie voor USB ADSL modem Raadpleeg eerst de Quick-Start Guide voor het installeren van uw DSL-aansluiting voordat u deze handleiding leest. Versie 30-08-02 Handleiding

Nadere informatie

Handicom. Symbol for Windows. Image Manager. (Versie 4) Handicom, 2011, Nederland

Handicom. Symbol for Windows. Image Manager. (Versie 4) Handicom, 2011, Nederland Handicom Symbol for Windows Image Manager (Versie 4) Handicom, 2011, Nederland Inhoud Inleiding... 2 1. Image Manager hoofdscherm...3 1.1 Onderdelen van het venster...3 1.2 Het scherm veranderen...3 1.2.1

Nadere informatie

Word 2010: rondleiding

Word 2010: rondleiding Word 2010: rondleiding Microsoft Word is in de eerste plaats een tekstverwerkingsprogramma, maar er is meer. Men kan standaardbrieven, memoranda, fax, enveloppen, etiketten, en andere types van documenten

Nadere informatie

Afdrukken in Calc Module 7

Afdrukken in Calc Module 7 7. Afdrukken in Calc In deze module leert u een aantal opties die u kunt toepassen bij het afdrukken van Calc-bestanden. Achtereenvolgens worden behandeld: Afdrukken van werkbladen Marges Gedeeltelijk

Nadere informatie

Gebruikershandleiding Oefenboek voor groepen. Bohn Stafleu van Loghum

Gebruikershandleiding Oefenboek voor groepen. Bohn Stafleu van Loghum Gebruikershandleiding Oefenboek voor groepen Bohn Stafleu van Loghum Inhoudsopgave 1. Opstarten cd rom na installatie 3 2. Zoeken in de cd rom Oefenboek voor groepen 5 1. Zoekopdracht 5 2. Geavanceerde

Nadere informatie

De tekstverwerker. Afb. 1 de tekstverwerker

De tekstverwerker. Afb. 1 de tekstverwerker De tekstverwerker De tekstverwerker is een module die u bij het vullen van uw website veel zult gebruiken. Naast de module tekst maken onder andere de modules Aankondigingen en Events ook gebruik van de

Nadere informatie

P-touch Editor starten

P-touch Editor starten P-touch Editor starten Versie 0 DUT Inleiding Belangrijke mededeling De inhoud van dit document en de specificaties van dit product kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden aangepast. Brother behoudt

Nadere informatie

INRICHTEN VAN DAXIS CLOUD

INRICHTEN VAN DAXIS CLOUD INRICHTEN VAN DAXIS CLOUD Dit is een handleiding over het inrichten van de Daxis Cloud, waarin enkele onderdelen voor het personaliseren worden behandeld. Inhoud 1. Inleiding... 2 2. De metro-omgeving...

Nadere informatie

A & A Consultancy Het samenvoegen van een adressenbestand en het afdrukken op adresetiketten in Word. (versie 2003)

A & A Consultancy Het samenvoegen van een adressenbestand en het afdrukken op adresetiketten in Word. (versie 2003) Het samenvoegen van een adressenbestand en het afdrukken op adresetiketten in Word. (versie 2003) Open een leeg Word document en klik op menu Extra Brieven en verzendlijsten Controleer of er een vinkje

Nadere informatie

Inhoud. 1 Starten 1. 2a Maken van een nieuw document 2. 2b Verder gaan met een opgeslagen document 3. 3 Mogelijkheden 4

Inhoud. 1 Starten 1. 2a Maken van een nieuw document 2. 2b Verder gaan met een opgeslagen document 3. 3 Mogelijkheden 4 Inhoud 1 Starten 1 2a Maken van een nieuw document 2 2b Verder gaan met een opgeslagen document 3 3 Mogelijkheden 4 3a Autoflow of handmatig inslepen 6 Handleiding Wanneer je deze handige tips doorneemt

Nadere informatie

handleiding v3.1 Overzicht toont u alle bladzijden van uw album Bladzijde toont een specifieke pagina van uw album

handleiding v3.1 Overzicht toont u alle bladzijden van uw album Bladzijde toont een specifieke pagina van uw album 3 Foto s en tekst invoegen en schikken Bovenaan het programmavenster ziet u twee tabs: handleiding v3.1 Overzicht toont u alle bladzijden van uw album Bladzijde toont een specifieke pagina van uw album

Nadere informatie

D4600 Duplex Photo Printer

D4600 Duplex Photo Printer KODAK D4000 Duplex Photo Printer D4600 Duplex Photo Printer Handleiding printerstuurprogramma januari 2015 TM/MC/MR-licentie van Eastman Kodak Company: Kodak Kodak Alaris Inc. 2400 Mount Read Blvd., Rochester,

Nadere informatie

Een tabel is samengesteld uit rijen (horizontaal) en kolommen (verticaal). Elk vakje uit een tabel is een cel.

Een tabel is samengesteld uit rijen (horizontaal) en kolommen (verticaal). Elk vakje uit een tabel is een cel. Module 14 Tabellen Een tabel invoegen Een tabel tekenen Verplaatsen en selecteren in een tabel Een tabel opmaken Veldnamenrij herhalen Rijen en kolommen toevoegen en verwijderen Tekst converteren naar

Nadere informatie

WISKUNDE EN ICT. 1 Wiskundige symbolen N, R, 2 Symbolen

WISKUNDE EN ICT. 1 Wiskundige symbolen N, R, 2 Symbolen Vergelijkingseditor 2003 Module 1a en ICT 1 WISKUNDE EN ICT Tijdens de lessen wiskunde op deze hogeschool met de laptop moet je ook voor wiskunde de laptop zinvol gebruiken. Dat dit niet zo evident is,

Nadere informatie

Central Station. Handleiding Algemeen Maatschappelijk Werk

Central Station. Handleiding Algemeen Maatschappelijk Werk Central Station Handleiding Algemeen Maatschappelijk Werk Versie: november 2010 Inhoudsopgave Inleiding... 3 H1. Cliëntdossier... 4 H1.1 Zoeken naar een cliëntdossier... 4 H1.2. Aanmaken van een nieuw

Nadere informatie

Handleiding 103: Collecte Database (CDB) voor Wijkhoofden

Handleiding 103: Collecte Database (CDB) voor Wijkhoofden Handleiding 103: Collecte Database (CDB) voor Wijkhoofden Gebruik handleiding 103: Deze handleiding is bestemd voor wijkhoofden en Vrienden die gegevens gaan verwerken en bewerken in een wijk binnen een

Nadere informatie

Doe het zelf installatiehandleiding

Doe het zelf installatiehandleiding Doe het zelf installatiehandleiding Inleiding Deze handleiding helpt u bij het installeren van KSYOS TeleDermatologie. De installatie duurt maximaal 30 minuten, als u alle onderdelen van het systeem gereed

Nadere informatie

Zorgmail handleiding. Inhoud

Zorgmail handleiding. Inhoud Inhoud 1. Beginnen met Zorgmail pag. 2 2. Het instellen van Zorgmail pag. 2 3. Het gebruik van Zorgmail m.b.t. Artsen pag. 3 4. Het aanpassen van de lay-out van Zorgmail pag. 4 5. Werken met Zorgmail pag.

Nadere informatie

Central Station. CS website

Central Station. CS website Central Station CS website Versie 1.0 18-05-2007 Inhoud Inleiding...3 1 De website...4 2 Het content management systeem...5 2.1 Inloggen in het CMS... 5 2.2 Boomstructuur... 5 2.3 Maptypen... 6 2.4 Aanmaken

Nadere informatie

Inhoudsopgave Voorwoord 5 Nieuwsbrief 5 Introductie Visual Steps 6 Wat heeft u nodig? 6 De volgorde van lezen 7 Uw voorkennis

Inhoudsopgave Voorwoord 5 Nieuwsbrief 5 Introductie Visual Steps 6 Wat heeft u nodig? 6 De volgorde van lezen 7 Uw voorkennis Inhoudsopgave Voorwoord... 5 Nieuwsbrief... 5 Introductie Visual Steps... 6 Wat heeft u nodig?... 6 De volgorde van lezen... 7 Uw voorkennis... 8 Hoe werkt u met dit boek?... 8 Website... 9 Toets uw kennis...

Nadere informatie

4.1 4.2 5.1 5.2 6.1 6.2 6.3 6.4

4.1 4.2 5.1 5.2 6.1 6.2 6.3 6.4 Handleiding CMS Inhoud 1 Inloggen 2 Algemeen 3 Hoofdmenu 4 Pagina s 4.1 Pagina s algemeen 4.2 Pagina aanpassen 5 Items 5.1 Items algemeen 5.2 Item aanpassen 6 Editor 6.1 Editor algemeen 6.2 Afbeeldingen

Nadere informatie

DURAPRINT ONLINE HELP

DURAPRINT ONLINE HELP DURAPRINT ONLINE HELP U MAAKT GEBRUIK VAN EEN DATABASE Ga verder naar pagina 4 als u geen gebruik maakt van een database 1. Start Duraprint 2. Selecteer nieuw document Klik om DURAPRINT te starten Klik

Nadere informatie

Werken met Webmail (Outlook Web Access 2007)

Werken met Webmail (Outlook Web Access 2007) werken met webmail - OWA 2007 pag. 1 Werken met Webmail (Outlook Web Access 2007) Deze handleiding beschrijft de meest voorkomende handelingen bij het gebruik van OWA 2007. Het is ook tegelijkertijd cursusmateriaal

Nadere informatie

Handleiding Afdrukken samenvoegen

Handleiding Afdrukken samenvoegen Handleiding Afdrukken samenvoegen Versie: 1.0 Afdrukken Samenvoegen Datum: 17-07-2013 Brieven afdrukken met afdruk samenvoegen U gebruikt Afdruk samenvoegen wanneer u een reeks documenten maakt, bijvoorbeeld

Nadere informatie

www.sencomp.nl 194 Aldi Windows Laatst gewijzigd 15 oktober 2012 Uw keuze voor het maken van een fotoboek is Aldi. Deze cursus bestaat uit 5 delen.

www.sencomp.nl 194 Aldi Windows Laatst gewijzigd 15 oktober 2012 Uw keuze voor het maken van een fotoboek is Aldi. Deze cursus bestaat uit 5 delen. www.sencomp.nl 194 Aldi Windows Laatst gewijzigd 15 oktober 2012 Uw keuze voor het maken van een fotoboek is Aldi. Deze cursus bestaat uit 5 delen. Deel 1 Aldi printsoftware downloaden en installeren Deel

Nadere informatie

Deel 1: PowerPoint Basis

Deel 1: PowerPoint Basis Deel 1: PowerPoint Basis De mogelijkheden van PowerPoint als ondersteunend middel voor een gedifferentieerde begeleiding van leerlingen met beperkingen. CNO Universiteit Antwerpen 1 Deel 1 PowerPoint Basis

Nadere informatie

Handleiding Pétanque Competitie Beheer. (versie 1.1) April 2014

Handleiding Pétanque Competitie Beheer. (versie 1.1) April 2014 Handleiding Pétanque Competitie Beheer (versie 1.1) April 2014 2 Algemeen Het programma Pétanque Competitie Beheer is gratis software voor de verwerking van halve en hele competities tot en met 99 speelrondes

Nadere informatie

Het Wepsysteem. Het Wepsysteem wordt op maat gebouwd, gekoppeld aan de gewenste functionaliteiten en lay-out van de site. Versie september 2010

Het Wepsysteem. Het Wepsysteem wordt op maat gebouwd, gekoppeld aan de gewenste functionaliteiten en lay-out van de site. Versie september 2010 Het Wepsysteem Het Wepsysteem is een content management systeem, een systeem om zonder veel kennis van html of andere internettalen een website te onderhouden en uit te breiden. Met het Content Management

Nadere informatie

Inhoudsopgave van deze FAQ

Inhoudsopgave van deze FAQ Inhoudsopgave van deze FAQ Vraag 1:...2 Ik kan mijn registratie codes niet invoeren...2 Het programma start niet meer op...2 Ik krijg en melding bij het opstarten: U heeft de applicatie langer dan 42 dagen

Nadere informatie

Hoofdstuk 1: Het Excel Dashboard* 2010

Hoofdstuk 1: Het Excel Dashboard* 2010 Hoofdstuk 1: Het Excel Dashboard* 2010 1.0 Introductie Excel helpt om data beter te begrijpen door het in cellen (die rijen en kolommen vormen) in te delen en formules te gebruiken om relevante berekeningen

Nadere informatie

Handleiding WIS TM Live-editing Live editing is een WIS TM module

Handleiding WIS TM Live-editing Live editing is een WIS TM module Handleiding WIS TM Live-editing Live editing is een WIS TM module Live-edit 1. Inleiding De nieuwe versie van WIS tm beschikt over een aantal nieuwe functionaliteiten, waarvan vooral liveediting als nieuwe

Nadere informatie

Avery DesignPro 2000

Avery DesignPro 2000 Handleiding. Avery DesignPro 2000 Box: Fitnesscentrum Onderdeel: Veiligheid voor alles Praktijkoefening. Versie 2.0 DesignPro 2000 Behorende bij de methode leren door doen voor technologie. Inleiding.

Nadere informatie

Ga naar volgende website: http://www.tracker-software.com/ product/downloads. Klik op EXE installer. Klik daarna op Download now

Ga naar volgende website: http://www.tracker-software.com/ product/downloads. Klik op EXE installer. Klik daarna op Download now PDF-XChange installeren Ga naar volgende website: http://www.tracker-software.com/ product/downloads Klik op EXE installer Klik daarna op Download now Boven de website verschijnt nu mogelijk volgende tekst:

Nadere informatie

Invoegen... 8 Invulpunt... 9 Nieuwe bouwsteen maken... 9 Bouwsteen opslaan... 10. Wijze van werken in Outlook... 11 Informatie...

Invoegen... 8 Invulpunt... 9 Nieuwe bouwsteen maken... 9 Bouwsteen opslaan... 10. Wijze van werken in Outlook... 11 Informatie... ProDoc Bouwstenen voor Word & Outlook 2007 Inhoud Kopiëren bestanden... 2 Hoofdmap Bouwstenen... 2 Bouwsteen.dotm... 2 Installatie Bouwstenenmodule onder Word 2007... 3 Installatie Bouwstenenmodule onder

Nadere informatie

Handleiding: Rapportages Publicatiedatum: 12 mei 2010 (versie 1.0) Pagina 1 van 22 pagina s. Handleiding Rapportages

Handleiding: Rapportages Publicatiedatum: 12 mei 2010 (versie 1.0) Pagina 1 van 22 pagina s. Handleiding Rapportages Pagina 1 van 22 pagina s. Handleiding Rapportages Pagina 2 van 22 pagina s. Inhouds Opgave Rapportages... 3 Rapportdefinities... 4 Importeren & Exporteren... 5 Bedrijfslogo aanpassen... 8 De rapport editor

Nadere informatie

Een toekomst voor ieder kind. www.altra.nl

Een toekomst voor ieder kind. www.altra.nl Een toekomst voor ieder kind www.altra.nl Excel Tips en trucs Knippen/kopiëren Kolommen verplaatsen Het is handig om de kolommen met de module en locatie als eerste twee in het overzicht te hebben. Selecteer

Nadere informatie

PowerPoint Basis. PowerPoint openen. 1. Klik op Starten 2. Klik op Alle programma s 3. Klik op de map Microsoft Office

PowerPoint Basis. PowerPoint openen. 1. Klik op Starten 2. Klik op Alle programma s 3. Klik op de map Microsoft Office PowerPoint Basis PowerPoint openen 1. Klik op Starten 2. Klik op Alle programma s 3. Klik op de map Microsoft Office Klik op Microsoft PowerPoint 2010 Wacht nu tot het programma volledig is opgestart.

Nadere informatie

Het is af en toe niet om aan te zien hoe sommige

Het is af en toe niet om aan te zien hoe sommige Tabellen in Word 2010 Otto Slijkhuis Het is af en toe niet om aan te zien hoe sommige Word-gebruikers met teksten omgaan. In plaats van het invoegen van een tabel om gegevens keurig in een overzicht te

Nadere informatie

Etiketten printen met OpenOffice

Etiketten printen met OpenOffice Etiketten printen met OpenOffice Johan Henselmans Het is eenvoudig om met OpenOffice etiketten te printen. Hieronder de stappen: 1. Ga naar Extra,Gegevensbronnen en kies een gegevensbron of maak er een.

Nadere informatie

Inloggen in AccountView online voor Mac OS 30 april 2015 versie 9.1 en hoger

Inloggen in AccountView online voor Mac OS 30 april 2015 versie 9.1 en hoger Inloggen in AccountView online Welkom bij eserviceware! Deze handleiding begeleidt u bij de stappen die nodig zijn voor het inloggen in AccountView online. Wanneer u gebruik maakt van een Apple computer,

Nadere informatie

Digitale camera Softwarehandleiding

Digitale camera Softwarehandleiding EPSON digitale camera / Digitale camera Softwarehandleiding Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar worden

Nadere informatie

In de tabel hieronder vindt u een beschrijving van de verschillende velden die kunnen voorkomen in uw import-bestand.

In de tabel hieronder vindt u een beschrijving van de verschillende velden die kunnen voorkomen in uw import-bestand. Algemeen Met behulp van deze handleiding zal u leren hoe u een bestand in het juiste formaat kan aanmaken en importeren naar uw winkelwagen. U zal merken dat dit zeer weinig moeite vergt en u op die manier

Nadere informatie

2 mei 2014. Remote Scan

2 mei 2014. Remote Scan 2 mei 2014 Remote Scan 2014 Electronics For Imaging. De informatie in deze publicatie wordt beschermd volgens de Kennisgevingen voor dit product. Inhoudsopgave 3 Inhoudsopgave...5 openen...5 Postvakken...5

Nadere informatie

Handleiding. Beheeromgeving

Handleiding. Beheeromgeving Handleiding Beheeromgeving Kant en Klare Site Veluwelaan 80 8443 AH Heerenveen www.kantenklaresite.nl - info@kantenklaresite.nl - fax: 084-8368243 KvK 01134248 Inhoud Inloggen op de beheeromgeving...3

Nadere informatie

NACSPORT TAG&GO HANDLEIDING. 3.2.1. Eigenschappen knop

NACSPORT TAG&GO HANDLEIDING. 3.2.1. Eigenschappen knop Handleiding NACSPORT TAG&GO HANDLEIDING 1. Introductie 2. Configureren en bestellen 3. Sjabloon (categorieën en descriptors) 3.1 Lijst sjablonen 3.2 Sjablonen bewerken 3.2.1. Eigenschappen knop 4. Analyseren

Nadere informatie

Formulieren maken. U kent ze waarschijnlijk wel, die notitieblokjes voor het noteren van een telefoongesprek.

Formulieren maken. U kent ze waarschijnlijk wel, die notitieblokjes voor het noteren van een telefoongesprek. Les 14 Formulieren maken In deze les leert u een hoe u met velden een invulformulier voor een telefoonnotitie maakt. Hierbij wordt gebruikgemaakt van velden, secties en beveiliging. Daarvoor moet wel een

Nadere informatie

Vakrapport (Access XP)

Vakrapport (Access XP) Vakrapport (Access XP) J. Gantois Evaluaties bijhouden in een elektronisch rekenblad is een heel logische operatie. Wanneer je echter iedere leerling afzonderlijk op de hoogte wil brengen van zijn scores

Nadere informatie

Handleiding. Maak gemakkelijk een fotoboek

Handleiding. Maak gemakkelijk een fotoboek Handleiding Maak gemakkelijk een fotoboek In deze handleiding voor de software van FotoboekShop.nl worden alle stukjes met behulp van afbeeldingen overzichtelijk uitgelegd, zodat je stap voor stap je fotoproduct

Nadere informatie

Factuur Lay-out / Factuur Template

Factuur Lay-out / Factuur Template Factuur Lay-out / Factuur Template In i-reserve is het mogelijk facturen te verzenden. De facturen worden als pdf bijlage per e-mail naar de klant verzonden. In deze tutorial wordt beschreven hoe u een

Nadere informatie

Over Kobo Desktop... 4 Kobo Desktop downloaden en installeren... 6. Kobo Desktop voor Windows installeren... 6 Kobo Desktop voor Mac installeren...

Over Kobo Desktop... 4 Kobo Desktop downloaden en installeren... 6. Kobo Desktop voor Windows installeren... 6 Kobo Desktop voor Mac installeren... Kobo Desktop Handleiding Inhoudsopgave Over Kobo Desktop... 4 Kobo Desktop downloaden en installeren... 6 Kobo Desktop voor Windows installeren... 6 Kobo Desktop voor Mac installeren... 7 ebooks kopen

Nadere informatie

Uw gebruiksaanwijzing. SHARP AL-1633/1644 http://nl.yourpdfguides.com/dref/1289396

Uw gebruiksaanwijzing. SHARP AL-1633/1644 http://nl.yourpdfguides.com/dref/1289396 U kunt de aanbevelingen in de handleiding, de technische gids of de installatie gids voor. U vindt de antwoorden op al uw vragen over de in de gebruikershandleiding (informatie, specificaties, veiligheidsaanbevelingen,

Nadere informatie

Auteur boek: Vera Lukassen Titel boek: Word Gevorderd 2010. 2011, Serasta Uitgegeven in eigen beheer info@serasta.nl Eerste druk: augustus 2012

Auteur boek: Vera Lukassen Titel boek: Word Gevorderd 2010. 2011, Serasta Uitgegeven in eigen beheer info@serasta.nl Eerste druk: augustus 2012 Auteur boek: Vera Lukassen Titel boek: Word Gevorderd 2010 2011, Serasta Uitgegeven in eigen beheer info@serasta.nl Eerste druk: augustus 2012 ISBN: 978-90-817910-7-6 Dit boek is gedrukt op een papiersoort

Nadere informatie

Afdrukken Module 5. In de volgende opdracht gaat u een afdrukvoorbeeld van de tekst Dolfijnen bekijken.

Afdrukken Module 5. In de volgende opdracht gaat u een afdrukvoorbeeld van de tekst Dolfijnen bekijken. 5. Afdrukken Met de knop (Afdrukvoorbeeld) op de standaard werkbalk of met de optie (Bestand, Afdrukvoorbeeld) op de menubalk kunt u op het beeldscherm bekijken hoe de tekst er op papier uit komt te zien.

Nadere informatie

bla bla Documenten Gebruikershandleiding

bla bla Documenten Gebruikershandleiding bla bla Documenten Gebruikershandleiding Documenten Documenten: Gebruikershandleiding publicatie datum vrijdag, 06. februari 2015 Version 7.6.2 Copyright 2006-2013 OPEN-XCHANGE Inc., Dit document is intellectueel

Nadere informatie

Versienotities voor de klant Fiery EX4112/4127, versie 2.5

Versienotities voor de klant Fiery EX4112/4127, versie 2.5 Versienotities voor de klant Fiery EX4112/4127, versie 2.5 Dit document bevat informatie over de Fiery EX4112/4127 versie 2.5. Voordat u de Fiery EX4112/4127 gebruikt, moet u een kopie maken van deze Versienotities

Nadere informatie

System Updates Gebruikersbijlage

System Updates Gebruikersbijlage System Updates Gebruikersbijlage System Updates is een hulpprogramma van de afdrukserver dat de systeemsoftware van uw afdrukserver met de recentste beveiligingsupdates van Microsoft bijwerkt. Het is op

Nadere informatie

Back-up Online van KPN Handleiding Mac OS X 10.6 en hoger. Mac OS X Client built 2013 13.0.0.13196

Back-up Online van KPN Handleiding Mac OS X 10.6 en hoger. Mac OS X Client built 2013 13.0.0.13196 Back-up Online van KPN Handleiding Mac OS X 10.6 en hoger Mac OS X Client built 2013 13.0.0.13196 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 3 1.1 Systeemeisen... 3 2 Installatie... 4 3 Back-up Online configureren...

Nadere informatie

Cursus Publisher 2000

Cursus Publisher 2000 Cursus Publisher 2000 Microsoft Publisher is een DTP-programma. DTP staat voor DeskTop Publishing, een term die alle handelingen omvat waarmee een pc-gebruiker min of meer professioneel drukwerk samenstelt

Nadere informatie

HTA Software - Klachten Registratie Manager Gebruikershandleiding

HTA Software - Klachten Registratie Manager Gebruikershandleiding HTA Software - Klachten Registratie Manager Gebruikershandleiding Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Opstarten en inloggen, overzicht startscherm, uitleg symbolen Hoofdstuk 2: aanmaken relaties Hoofdstuk 1: Opstarten

Nadere informatie

SIM SAVER KORTE HANDLEIDING

SIM SAVER KORTE HANDLEIDING SIM SAVER KORTE HANDLEIDING (WinXP en 2000: Indien u het toestel niet in dezelfde USB-poort steekt, zal de drive voor de tweede poort opnieuw moeten worden gedefinieerd. Dit probleem heeft te maken met

Nadere informatie

Over Kobo Desktop... 4 Kobo Desktop downloaden en installeren... 6. Kobo Desktop voor Windows installeren... 6 Kobo Desktop voor Mac installeren...

Over Kobo Desktop... 4 Kobo Desktop downloaden en installeren... 6. Kobo Desktop voor Windows installeren... 6 Kobo Desktop voor Mac installeren... Kobo Desktop Handleiding Inhoudsopgave Over Kobo Desktop... 4 Kobo Desktop downloaden en installeren... 6 Kobo Desktop voor Windows installeren... 6 Kobo Desktop voor Mac installeren... 7 ebooks kopen

Nadere informatie

bigfreddy.com Handleiding BigFreddy software Oktober 2012 Big Freddy 3.2 Inhoudsopgave: Pagina Starten:

bigfreddy.com Handleiding BigFreddy software Oktober 2012 Big Freddy 3.2 Inhoudsopgave: Pagina Starten: Handleiding BigFreddy software Oktober 2012 Big Freddy 3.2 Inhoudsopgave: Starten: Taakbalken: Taakbalk 1 Taakbalk 2 Taakbalk 3 Taakbalk 4 - Categorieën - Updates - Product kiezen - Afbeeldingen kiezen

Nadere informatie

Fiery Driver Configurator

Fiery Driver Configurator 2015 Electronics For Imaging, Inc. De informatie in deze publicatie wordt beschermd volgens de Kennisgevingen voor dit product. 16 november 2015 Inhoud 3 Inhoud Fiery Driver Configurator...5 Systeemvereisten...5

Nadere informatie

AAN DE SLAG SYMWRITER INSTALLEREN. Aan de slag met Communicate Symwriter. www.leerhulpmiddelen.nl

AAN DE SLAG SYMWRITER INSTALLEREN. Aan de slag met Communicate Symwriter. www.leerhulpmiddelen.nl AAN DE SLAG AAN DE SLAG Aan de slag met Communicate Symwriter Symwriter, schrijven met symbolen, is een eenvoudige tekstverwerker, voor kinderen die beginnen met leren lezen en schrijven. De symbolen verschijnen

Nadere informatie

Handleiding XL Food. Installatie patch

Handleiding XL Food. Installatie patch Handleiding XL Food Installatie patch Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE... 2 1 INLEIDING... 3 2 BASISINSTELLINGEN VOOR INSTALLATIE VAN EEN PATCH... 4 3 INSTALLATIE VAN EEN PATCH... 5 4 ENKELE BELANGRIJKE PUNTEN...

Nadere informatie

1. Etiketten en visitekaartjes

1. Etiketten en visitekaartjes 1. Etiketten en visitekaartjes In dit hoofdstuk gaan wij etiketten en kaartjes aanmaken. Deze zijn er van diverse merken, afmetingen,... Van enkele merken zijn de specifaties reeds voorhanden voor een

Nadere informatie

Handleiding Vedor-editor

Handleiding Vedor-editor Handleiding Vedor-editor Mei 2007, versie 0.9 Inhoudsopgave Inleiding... 3 Aanmelden... 4 De werkbalk... 5 Het context menu... 6 Navigeren binnen je website... 7 Tekst toevoegen en bewerken... 8 Afbeeldingen

Nadere informatie

Toelichting op enkele knoppen: (als u de muis bij een knop houdt, verschijnt een tekst met een korte aanwijzing (tooltip) bij deze knop).

Toelichting op enkele knoppen: (als u de muis bij een knop houdt, verschijnt een tekst met een korte aanwijzing (tooltip) bij deze knop). FAQ Leerlingdossier & handelingsplannen Welke mogelijkheden biedt de online tekstverwerker in ESIS? De online tekstverwerker beschikt over veel mogelijkheden voor het bewerken van tekst. U vindt de online

Nadere informatie

Handleiding. Documentbeheer. PlanCare 2. elektronisch cliënten dossier. G2 Paramedici het EPD voor paramedici. Handleiding. Declareren. Versie 3.0.0.

Handleiding. Documentbeheer. PlanCare 2. elektronisch cliënten dossier. G2 Paramedici het EPD voor paramedici. Handleiding. Declareren. Versie 3.0.0. Handleiding Documentbeheer Handleiding Declareren Versie 3.0.0.3 PlanCare 2 elektronisch cliënten dossier G2 Paramedici het EPD voor paramedici INHOUDSOPGAVE 1 Inleiding... 2 2 Gebruik van de module...

Nadere informatie

Handleiding om uw website/webshop aan te passen

Handleiding om uw website/webshop aan te passen Handleiding om uw website/webshop aan te passen ONDERWERP PAGINA 1. Hoe moet ik inloggen in het beheer? 2 2. Hoe pas ik een bestaande pagina aan? 2 3. Hoe plaats ik een afbeelding? 3 4. Hoe maak ik een

Nadere informatie

Tips; fotoboek maken (bron: hema.nl)

Tips; fotoboek maken (bron: hema.nl) Tips; fotoboek maken (bron: hema.nl) tekst roteren Draai je tekst zodat het mooi onder of op je scheef geplaatste foto staat. Of maak zelf leuke labels in combinatie met clipart. 1. kies de clipart (bij

Nadere informatie

SECRETZIP HANDLEIDING

SECRETZIP HANDLEIDING SECRETZIP COMPRESSIE & ENCRYPTIE programma (enkel voor Windows). Het programma bevindt zich op de USB Flash-drive. Raadpleeg a.u.b. de handleiding op de USB Flash-drive of bezoek integralmemory.com om

Nadere informatie

PLAKKEN Nadat u een gedeelte heeft geknipt of gekopieerd kunt u met dit icoon de selectie weer in het veld plakken.

PLAKKEN Nadat u een gedeelte heeft geknipt of gekopieerd kunt u met dit icoon de selectie weer in het veld plakken. KNIPPEN Als u na de selectie van een gedeelte van een tekst of een afbeelding op dit icoon klikt, knipt u de selectie uit het veld. Op deze manier kunt u het geselecteerde verwijderen, maar het ook juist

Nadere informatie

Handleiding Visio 2013. www.dubbelklik.nu

Handleiding Visio 2013. www.dubbelklik.nu Handleiding Visio 2013 www.dubbelklik.nu Deze handleiding is onderdeel van Dubbelklik, een lesmethode Technologie, ICT/ Loopbaanoriëntatie en Intersectoraal Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave

Nadere informatie

Met de intuïtieve interface van InDesign CC kunt u op eenvoudige wijze uitdagende lay-outs maken zoals u hier ziet. Het is belangrijk dat u het

Met de intuïtieve interface van InDesign CC kunt u op eenvoudige wijze uitdagende lay-outs maken zoals u hier ziet. Het is belangrijk dat u het Met de intuïtieve interface van InDesign CC kunt u op eenvoudige wijze uitdagende lay-outs maken zoals u hier ziet. Het is belangrijk dat u het werkgebied van InDesign kent zodat u de krachtige mogelijkheden

Nadere informatie

Bijlage 1b: Lidgegevens voor samenvoegen met Word 2003

Bijlage 1b: Lidgegevens voor samenvoegen met Word 2003 In hoofdstuk 1.5 (diverse ledenlijsten) op pagina 24 wordt verwezen naar deze bijlage. In dit document wordt uitgelegd hoe u lidgegevens vanuit het EHBO ledenprogramma kunt samenvoegen met een Word document.

Nadere informatie

Leerlingdossier & handelingsplannen. Welke mogelijkheden biedt de online tekstverwerker in ESIS? FAQ

Leerlingdossier & handelingsplannen. Welke mogelijkheden biedt de online tekstverwerker in ESIS? FAQ FAQ Leerlingdossier & handelingsplannen Welke mogelijkheden biedt de online tekstverwerker in ESIS? De online tekstverwerker beschikt over veel mogelijkheden voor het bewerken van tekst. U vindt de online

Nadere informatie

Snel aan de slag met BasisOnline en InstapInternet

Snel aan de slag met BasisOnline en InstapInternet Snel aan de slag met BasisOnline en InstapInternet Inloggen Surf naar www.instapinternet.nl of www.basisonline.nl. Vervolgens klikt u op de button Login links bovenin en vervolgens op Member Login. (Figuur

Nadere informatie