Moet je horen! Piet Heil. bron Piet Heil, Moet je horen!. De Arbeiderspers, Amsterdam dbnl / erven Piet Heil

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Moet je horen! Piet Heil. bron Piet Heil, Moet je horen!. De Arbeiderspers, Amsterdam 1952. 2010 dbnl / erven Piet Heil"

Transcriptie

1 Moet je horen! Piet Heil bron. De Arbeiderspers, Amsterdam 1952 Zie voor verantwoording: dbnl / erven Piet Heil

2 4 VOOR HANSJE MULDER

3 7 Versje voor Hansje Het was een mooie lentedag, ik vond een madeliefje. Wat leuk als Hansje dat nu zag, dacht ik en schreef een briefje. Kom hier, kom daar, kom in de wei, kom overal, daar vind je mij. Toen wachtte ik het antwoord af en of hij blij zou wezen. Maar niemand, die ooit antwoord gaf, want Hansje kan niet lezen.

4 8 In 't bos vond ik een edelsteen, die wilde ik hem geven. Ik liep vlug naar zijn huisje heen en zei: Zeg, kijk eens even. Een steen van groen, een steen van goud, van binnen warm, van buiten koud. Als jij die steen wilt hebben dan zal ik hem bij je laten. Maar Hansje zei geen woord daarvan, want Hansje kan niet praten. Maar wat dan wel, zo dacht ik toen, 'k zal een paar liedjes zingen. Van alles wat de dieren doen en andere leuke dingen. De duif, de mol, de knappe hond, de schilder met zijn open mond. En als je even luistren wil dan kun je ze nu horen. Maar Hansje slaapt en houdt zich stil, want hij is pas geboren. Hij slaapt en lacht en niemand weet waarvan hij ligt te dromen. Ik moet steeds kijken en vergeet, waarvoor ik ben gekomen. Geen steen, geen bloem, geen briefje meer en ook geen madeliefje meer. 'k Sta op mijn tenen en ik blijf hier wachten op een kansje, dat hij mij ziet; en als ik schrijf, dan schrijf ik wat voor Hansje.

5 9 De zangers Er waren eens drie heren die zongen saam een lied, dat waren ze aan 't leren, maar lukken deed het niet. De een zong hoog, de ander laag, de derde kraste als een zaag en wie het hoorde zei ontsteld: Wat is dat vreselijk geweld? Toen zeiden de drie heren: we zijn wat uit de maat. We moeten iets proberen waardoor het beter gaat. De eerste nam een slokje thee, daar gorgelde hij even mee. De mensen zeiden allemaal: Daar zingt zowaar een nachtegaal!

6 10 De tweede van de heren zei vastbesloten: Kom, ik zal mij ook eens weren. Hij nam een sprong en klom toen boven op de kast en vroeg: Nu zing ik toch wel hoog genoeg? En ieder zei: Wat klinkt dat schoon Wie zingt daar op zo hoge toon? De derde van de heren riep eensklaps: opgepast! Ik ga mijn keel eens smeren zodat mijn stem niet krast. Hij dronk gezwind, toen ieder zweeg, een fles met wonderolie leeg. En ieder vroeg: Wie zingt dat lied, zo vol gevoel, zo vol verdriet? Toen zeiden de drie heren: Nu doen we 't weer in koor. We zullen flink studeren en doe je best nu, hoor! Maar ach, ze waren toch zo moe. Hun ogen vielen bijna toe. En later hoorde men op straat de heren snurken: in de maat.

7 11 De rover De roverman stond op zijn schip. Je schrok als je hem zag. Hij had een lange onderlip en zei nooit goejendag. Een lange, dikke, rode baard zat onder aan zijn kin en met zijn kromme Turkse zwaard ging hij de wereld in. Bij zonlicht en bij volle maan zo zeilde hij en sprak: Nu moet ik eens uit roven gaan want dat is toch mijn vak. 't Wordt tijd, daar staat de lege kist want al mijn geld is op. Hoe koop ik nu bij de drogist een stukje veterdrop?

8 12 De rover keek tot hij op zee een vissersscheepje zag. Toen riep hij: Mannen, kom ga mee en hijs de zwarte vlag! De visser keek zijn ogen uit en zei: Wat doet u raar. Kom gauw aan boord, in de kajuit daar staat de koffie klaar. De rover zei: Ja, dat is fijn maar geef me eerst je geld. Want als je dat niet doet, dan zijn je dagen wel geteld! De visser zei: Het spijt me zeer. Ik heb geen geld aan boord en roven mag al lang niet meer. Hebt u dat nooit gehoord? De rover vroeg: Is dat heus waar? Dan heb ik me vergist. Maar als ik niet mag roven, waarmee vul ik dan mijn kist? Ga vissen, zei de visser toen en vang wat kabeljauw. De rover zei: Dat zal ik doen, en 'k geef de helft aan jou.

9 13 De domme tovenaar Daar staat de oude tovenaar, hij maakt een toverdrankje klaar en mompelt in zijn toverhoek de spreuken uit zijn toverboek dat op zijn tafel ligt. Hij zegt: Ziezo, 't gaat naar mijn zin en diepe rimpels komen in zijn tovenaarsgezicht.

10 14 Zo las de oude tovenaar: Men neme eerst een kikvorshaar, een hanekam en maak een brij van berkenbast en voeg daarbij een vingerhoedje water. Roer dit nu in een gaatjespan en knip dan nog de puntjes van de snorren van een kater. Daar stond de oude tovenaar. Hij had zijn toverdrankje klaar en vroeg nu welke kracht het heeft als men 't een mens te drinken geeft en wat er dan gebeurt. Toen bleef hij staan met open mond, Het blad, waar dit beschreven stond was uit het boek gescheurd. Toen dacht de oude tovenaar: dan drink ik zelf dit drankje maar. Hij nam een flinke grote slok en werd opeens een... koekoekklok. Wat heeft hij nu een spijt! Want daar hangt hij zijn leven lang, als koekoekklok hoog in de gang, door onvoorzichtigheid.

11 15 De kleine ster Er stond een kleine gouden ster al eeuwen lang te schijnen voor groten en voor kleinen. En voor ieder, die op aarde 's avonds naar de hemel staarde, bleef zij even ver. Nu was er eens een prachtig feest en de kabouters kwamen uit alle landen samen. Want ze waren heel tevreden dat er nooit in het verleden ruzie was geweest.

12 16 Daar zei de koning Diedeldons: Die ster, die je ziet schijnen, is eigenlijk de mijne. In het land waarvan wij komen staat hij 's nachts boven de bomen want hij hoort van ons. O nee, zei koning Kwinkeleer, hoe durf je dat te beweren, we zullen je wel leren! Onze ster, jij domme koning, schijnt voor óns op ónze woning en voor niemand meer! Ach, toen was er weldra geen kabouter, die wou spelen. Ze sloegen aan 't krakelen. En de ster stond maar te schijnen voor de groten en de kleinen en voor iedereen.

13 17 De winkel Klop, klop, klop - rinkinkel. Dag, mevrouw Fontijn. Kom maar in de winkel. En wat mag het zijn? Zeven scheve schelpen en een suikerbiet? 'k Kan u echt niet helpen, dat verkoop ik niet. Deurtje open, deurtje dicht. Klant verdwenen - boos gezicht. Bom, bom, bom - doe open. Hé, meneer Van Laar. Wel, wat wilt u kopen? Zeg de boodschap maar. Wat zegt u? Twee draken en een toverknoop? Nee, meneer, die zaken zijn hier niet te koop. Deurtje open, deurtje dicht. Klant verdwenen - boos gezicht.

14 18 O, o, o - die mensen! 't Lijkt vandaag niet pluis. Alles wat ze wensen heb ik niet in huis. Nee, mevrouw Van Manders. Nee, meneer De Weerd. Ga maar ergens anders, hier bent u verkeerd. Deurtje open - deurtje dicht. Klanten weg met boos gezicht. Trip, trip, trip - wie dansen binnen in galop? Guus en Rietje Jansen om een centje drop. - Wel wat zal het wezen, lang of plat of bol? En ze wijzen: deze, elk een zakje vol. Deurtje open - deurtje dicht. Klantjes weg met blij gezicht.

15 19 Luchtkastelen Meisje, 'k wil je overhalen, stap maar in mijn bootje. Schipper, wat moet ik betalen? 'n Goudsbloem en een strootje. Hoelang zullen wij dan varen? Duizend en één uren. Zul je goed de koers bewaren? 'k Zal voorzichtig sturen. Waarheen wenden wij de steven? Naar de luchtkastelen. En wat zul je mij daar geven? 'n Kindje om mee te spelen. Moet ik daar dan altijd blijven? Ja, daar gaan wij wonen. Mag ik nooit aan moeder schrijven? Nee, dat is verboden.

16 20 Beste schipper, ga voorbij. Ik moet nog wat wachten tot ik groot ben, net als jij, over heel veel nachten. Als je mij dan terug zult zien mag je 't nog eens vragen. Als ik groter ben, misschien durf ik het wel wagen.

17 21 Ach wat een dag! Vooruit, zei de vrouw, pak een kar en een touw en dan nemen we 't varken mee! De man zei: jawel. Naar de markt, en wat snel. Maar het varken dat gilde: Nee! Ach, wat een dag, zei de vrouw. Jan, wat een pan, zei de man. 't Varken riep: je moet mij dragen. 'k Wil niet rijden in je wagen. De vrouw zei: pas op. Gooi het touw om zijn kop. En de man gaf een harde ruk. Hij zette zich schrap, maar het varken zei: hap! En toen beet hij het touw weer stuk.

18 22 Ach, wat een dag, zei de vrouw. Jan, wat een pan, zei de man. 't Varken riep: je moet mij dragen. 'k Wil niet rijden in je wagen. Van hup-faldera. Duwen voor, duwen na. Maar het varken bleef stokstijf staan. Het krulde zijn staart en opeens met een vaart is het hard op de loop gegaan. Ach, wat een dag, zei de vrouw. Jan, wat een pan, zei de man. 't Varken riep: je moet mij dragen. 'k Wil niet rijden in je wagen. Wat gek, zei de vrouw. Waar is 't varkentje nou? En de man zei: ik zie hem niet. Maar hoog op het dak, op zijn dooie gemak zat het varken en zong dit lied: Ach, wat een dag, malle vrouw. Jan, wat een pan, rare man. 'k Zei toch al: je moet mij dragen. 'k Zal nooit rijden in je wagen.

19 23 De schilder Een wonderlijke schilder leeft in 't verre land Bengalen, die ieder een portretje geeft, wanneer je 't maar komt halen. En, zegt hij, wie geen geld meer heeft die hoeft niet te betalen. Zoals die schilder is er geen zo vaardig, zo bedreven. Hij werkt soms dagen achtereen zonder zich rust te geven. En al wat op zijn doek verscheen dat lijkt wel echt te leven. Eens toen die schilder honger kreeg, nam hij penseel en doeken en schilderde in ene veeg een grote schaal vol koeken. En heel die schaal at hij toen leeg - Zo staat het in de boeken.

20 24 Maar dat heeft hij nooit weer gedaan, want toen - zijn mond viel open! - zijn de portretten opgestaan en uit de lijst gelopen. Nu schildert hij van voor af aan en koeken gaat hij kopen.

21 25 De oude dame Wie woont er in de stille straat achter de hoge ramen, in 't huis, waar niemand binnengaat? Een oude, grijze dame. Toen zij nog een jong meisje was heeft zij eens mogen kiezen: een huis van goud met spiegelglas en prachtige serviezen. En 't andere dat haar keus kon zijn zou haar geen rijkdom geven, maar wel veel vriendschap en 't geheim om altijd blij te leven.

22 26 Toen heeft zij gauw gezegd: Geef mij het huis en de juwelen. Toen sloot zij vlug de deur en zei: nu kan geen mens het stelen. Nu zit ze voor het grote raam wat stilletjes te pruilen, want niemand noemt haar bij haar naam en dikwijls moet ze huilen.

23 27 Oei, wat een brug! Oei, wat een brug! Oei, wat een brug! Kijkt, wat trekt die groenteman, hij heeft er rode konen van en pijn in zijn rug, pijn in zijn voeten, pijn in zijn handen, hoor hem eens hijgen; de wagen staat stil. Waar zal die dekselse wagen belanden als niemand de groenteman helpen wil? Loop aan de lijn van de lange, lange wagen, trek aan het touw op de hoge, hoge brug. Zal hij het halen? Je moet niets vragen, trek wat je kunt, anders rolt hij weer terug! Oei, wat een brug! Oei wat een brug! De wagen kan niet verder gaan, maar nu komen er kinderen aan en helpen hem vlug.

24 28 Twee aan de kanten, twee aan de touwen. Ja, ik geloof, dat hij even bewoog. Nu nog een vijfde om achter te douwen. Dan met zijn allen: daar rijdt hij omhoog. Loop aan de lijn van de lange, lange wagen, trek aan het touw op de hoge, hoge brug. Zal hij het halen? Je moet niets vragen, trek wat je kunt, anders rolt hij weer terug! Oei, wat een brug! Oei, wat een brug! Van een-twee-drie en zet je schrap en langzaam voorwaarts, stap voor stap, wat gaat het toch stug. Krak in de wielen, krak in de planken, op naar de top en er dan overheen. Fijn, zegt de koopman en wil gaan bedanken. Maar weg is het stel en geen mens weet waarheen.

25 29 Witte vis, witte vis Witte vis, witte vis, kom eens naar het strand en vertel mij hoe het is in je waterland. Heb je bloemen daar en bomen? Kan ik niet eens bij je komen? Witte vis, witte vis, zwem eens naar de kant. Blauwe vis, blauwe vis, neem mij met je mee. Laat me zien hoe mooi het is in de diepe zee. Zijn daar huizen ook, en straten, kun je onder water praten? Blauwe vis, blauwe vis, ik wil met je mee.

26 30 Rode vis, rode vis, zeg me hoe je heet. Zeg me hoe je voornaam is. Niemand, die het weet. Waarom blijf je steeds zo zwijgen, zal ik nooit een antwoord krijgen? Rode vis, rode vis, kom, ik pak je beet! Gouden vis, gouden vis, wat is dat voor grap dat je kleur zo anders is om de haverklap? Draag je telkens nieuwe kleren? 'k Zou dat ook wel willen leren. Gouden vis, gouden vis, 'k vind je reuze knap. Lieve vis, lieve vis, ik ben zo alleen. Al mijn vriendjes zijn op reis. 'k Zie er hier geeneen. Moet ook jij je zo vervelen? Kom maar hier, dan gaan we spelen. Lieve vis, lieve vis Ach, nu zwemt hij heen!

27 31 Feest Ver in het bos waar geen mens is geweest daar geeft de Bruine Suikerbeer voor iedereen een feest. Dan komen alle dieren, de egels en de mieren, het konijn op wollen voeten, herten met hun zachte snoeten en de vlugge vos.

28 32 Ver op het veld, in een kleine boerderij, daar gaat de kille winterdag niet snel genoeg voorbij voor 't meisje dat wil spelen, maar dat zich moet vervelen, omdat al wat zij zou wensen niet bekend is bij de mensen voor geen goed of geld. Dan wordt het nacht en het meisje ligt in bed, nu komt de Bruine Suikerbeer en daar begint de pret. Want alle dieren komen te spelen in haar dromen en wat ze speelden meld ik niet, want wie het weet vertelt het niet, maar het meisje lacht.

29 33 Maskerade Ergens in een land (hoe dat heet moet je maar raden) daar hielden op een goede dag de dieren maskerade. Je weet wat dat betekent: dan moet zich elk verkleden. En dat was dan ook net precies wat al die dieren deden. En ieder deed zijn best op een ander te gelijken, maar toen het feest beginnen zou stonden ze vreemd te kijken. Dezelfde dieren van voorheen liepen er door elkander, maar ieder van die dieren droeg de kleren van een ander. Een poes had zich als aap verkleed, je hoorde haar miauwen, een schaapje droeg een berenvel, met wrede, scherpe klauwen. De vos was erg onschuldig in een hertenpak gestoken en als gewei had hij heel slim twee takken afgebroken en boven op zijn hoofd gezet. Dan was er nog de bever, hij had een schild aan en hij leek precies een grote kever. 't Konijn liep in een hondenjas, die was hem veel te groot en hij struikelde bij 't lopen in die malle, lange poten. Zo waren er nog heel veel meer en 't feest zou juist beginnen: toen kwam opeens een grote leeuw de dierenspeelplaats binnen. Toen schrokken alle dieren en ze holden naar hun holen. Daar hielden ze zich urenlang bewegingloos verscholen. En midden in het bos stond nog steeds de leeuw te wachten. Wanneer begint

30 34 het feest, zei hij, het is al over achten. Toen zei ineens de slimme vos: Een leeuw hoort toch te brullen, maar deze leeuw die knort maar wat en zie zijn staart eens krullen. Het is beslist geen echte, we zijn te vlug geschrokken. Die leeuwenhuid is zeker door een varken aangetrokken! En ja hoor, dat was waar. Wel, toen was de angst geweken. Het werd een reuze feest en het duurde zeven weken.

31 35 Mevrouw Kameleon O wat heerlijk is de zon, kijk eens door de ruiten, zei mevrouw Kameleon, ik ga gauw naar buiten. Alle bomen zijn al groen en het gras in het plantsoen. Weet je wat ik nu ga doen? 'k Neem mijn groene feestjapon, zei mevrouw Kameleon. O wat prachtig is de zon, ik ben heel tevreden, zei mevrouw Kameleon, 'k ga me gauw verkleden. Zie de rode rozen staan, kijk die rode daken aan, 'n groene jurk zou daar niet staan. 'k Neem mijn rode feestjapon, zei mevrouw Kameleon.

32 36 O wat helder is de zon, zij lijkt net gewassen, zei mevrouw Kameleon, wat zou daarbij passen? Kijk de lucht, zo blauw en strak en het blauwe watervlak, ieder draagt zijn beste pak. 'k Neem mijn blauwe feestjapon, zei mevrouw Kameleon. O wat donker wordt de zon, 't ziet er uit naar regen, zei mevrouw Kameleon, wat valt dat nu tegen! Ach, ik heb te lang gewacht en te ernstig nagedacht, 't wordt al donker, 't wordt al nacht. 'k Kruip maar in mijn nachtjapon, zei mevrouw Kameleon.

33 37 Grote leeuw heeft pijn Grote leeuw zit in het bos. Grote leeuw heeft trek. Grote leeuw zijn tand zit los in zijn grote bek. Maar de tandarts in die landen is het bange boskonijn en dat denkt: die leeuwentanden! Nee, ik zal wel wijzer zijn. Grote leeuw zegt: help nu even. Grote leeuw heeft haast. Grote leeuw moet pootjes geven in het bos hiernaast. Tante Leopard is jarig en ze vroeg speciaal naar mij. Lief konijn, wees nu eens aardig, kom een stapje dichterbij.

34 38 Grote leeuw snuit droef zijn neus. Grote leeuw heeft pijn. Grote leeuw zegt: ik zal heus niet gevaarlijk zijn. Maar het boskonijn zegt: weet je, doe een draadje aan je tand, bind dat vast en trek een beetje en dan ben je uit de brand. Grote leeuw zegt: is dat waar? Grote leeuw zegt: fijn! Grote leeuw zegt: trekken maar, weg is nu de pijn. En daar gaat hij op visite naar zijn tante Leopard met een bosje margarieten en een chocolade-hart.

35 39 De hond van meester Jaromir De hond van meester Jaromir, een schrander en welwillend dier, wou eens zijn baas verrassen. Hij pakte een katoenen schort en bond dat voor en nam een bord en ging de vaten wassen. Hij maakte ook de bedden op, deed al de vuile was in 't sop en wilde koffie malen. Maar, dacht hij, 't moet gezellig zijn. Ik weet het al, ik ga ook fijn een doos gebakjes halen.

36 40 De hond van meester Jaromir die wachtte om een uur of vier of nu de baas zou komen. Maar hij bleef zitten met zijn koek, want meester Jaromir was zoek en is nooit teruggekomen. Toen is de hond naar school gegaan. Hij deed een oude stofjas aan die meester had vergeten. Zo stond hij voortaan voor de klas en dat het niet de meester was heeft niemand ooit geweten.

37 41 Verjaardagsvisite Als poesje haar verjaardag viert klinkt getrippel en gedruis op de zolder van het huis, want alles wordt versierd. Maar zodra begint de nacht bij het eerste licht der maan of daar komen door de dakgoot vele gasten aan in hun allerbeste pak met een leverworst op zak. En ze zochten naar het venster waar de vlag uitstak. De eerste gast sprong door het raam. Hij had maandenlang gespaard voor een lintje in zijn staart. Grijsbertus was zijn naam. Hij gaf heel beleefd een poot en toen kwam met luid gespin ook een meisjespoes met witte bef de kamer in met een buiging en ze zei: deze worst krijg je van mij en nu ga ik weer, want buiten wacht een lange rij.

38 42 De jarige werd erg verwend en de gasten kregen elk een klein bekertje met melk en 'n muts van perkament. En toen hebben ze gezongen van In Holland staat een huis, en daar rook het heel erg lekker, maar de muis, die was niet thuis. Ja, toen was het weer gedaan. Bij het laatste licht der maan zijn de gasten op een holletje naar huis gegaan.

39 43 De dikke muis Hé fideldé van Muizenstein. Wie woont op dat kasteel? Daar woont de muis van marsepein met snorren van kaneel. Hij woont daar al driehonderd jaar en maakt er fijne hapjes klaar, die glijden door zijn keel. Hé fideldé van Staartenland. Hoe ziet het er daar uit? Een zaal van spek en langs de wand daar staat een gemberkluit. Je ziet er ook een grote vaas. Die is gemaakt van stukjes kaas met hengsels van beschuit.

40 44 Hé fideldé van Snorrepot. Waar komt die muis vandaan? Hij vond een grote koffiepot, die was vol room gedaan. Hij ging er in en at zich dik en toen kon hij - dat was een schrik - niet meer naar buiten gaan. Hé fideldé van Piepenis. Wat voert die muis daar uit? Hij eet totdat er niets meer is en blaast dan op een fluit. Dan duwt hij even met zijn kop de deksel van de ketel op en moppert door de tuit. Hé fideldé van Knagerbrug. Wie heeft dat ooit gehoord? Dan komen er kabouters, vlug en hollen door de poort. Ze sjouwen zakken, twee aan twee, en brengen hopen lekkers mee. Dan eet de muis weer voort.

41 45 De domme hond Daar woonde op een boerderij een grote domme hond. Een meisje liep er langs en zei dat ze hem aardig vond. Ze ging voorbij en keek eens om en riep nog, bij de hoek: Tot ziens, en als je tijd hebt kom eens bij mij op bezoek. Dat doe ik, dacht de domme hond en wachtte eerst een week. Hij liep onrustig in het rond en was totaal van streek. Maar ja, nu moet ik toch eens gaan, zo zei hij toen, en trok zijn allermooiste halsband aan en rende uit zijn hok.

42 46 Het meisje had de thee klaarstaan en kleine stukjes koek. Daar kwam de domme hond al aan hard hollend om de hoek. Hij sprong door 't raam in volle vaart en danste door het huis. Daar sloeg hij met zijn kwispelstaart het theeservies aan gruis. En ook de mooie bloemenkom en ook de glazen schaal, die vielen op de tafel om en braken allemaal. En ook de klok viel op de grond en nog wel meer misschien. Het meisje huilde: nare hond, ik wil je niet meer zien! De hond sloeg droef zijn ogen neer en wist zich haast geen raad. Hij zei: Juffrouw, het spijt me zeer, maar 'k meende het niet kwaad. Het meisje zei: Ik schrok me dood, zorg dat je 't nooit meer doet. Toen gaven ze elkaar een poot en zeiden: Zo is 't goed.

43 47 Omgekeerde wereld Je weet: professor Spijker die is verbazend knap. Hij maakte eens een kijker, een kijker voor de grap. Die hield ik voor mijn ogen en keek er vreemd van op. Daar zag ik, ongelogen, de wereld op zijn kop! Eerst zag ik er een wagen. De voerman, sjok, sjok, sjok, die liep er voor te klagen, het paard zat op de bok en zei: Om u te dienen, ik ben de schillenman. De voerman liep te grienen. Wat zeg je daar wel van?

44 48 En daar, o wee, je gaat er van rillen, 't is toch bar! Een nieuwe haring staat er te venten bij een kar. De koopman is verdwenen. Begrijp je hoe dát kon? Je ziet nog net zijn benen al in de harington. Wie komt daar aangelopen? Dat wordt toch al te dwaas. Een hondje op twee poten, aan 't touwtje zit zijn baas. Het hondje rookt een pijpje. De baas kluift aan een been. Dat klopt niet, dat begrijp je. Waar moet dat alles heen? Je ziet, professor Spijker is wel verbazend knap. Maar 'k zei het al, die kijker was enkel voor de grap. En dat is ook maar beter, want zou het écht zo zijn dan heette ik geen Peter maar Houtje Harlekijn.

45 49 De uitverkoop Daar heb je mevrouw Konijn. Ze wil een staart van zijde. En waar kan ze dan beter zijn dan op de Grote Weide? Want daar is juist een uitverkoop van allerhande staarten. De dieren lopen er te hoop en kijken op de kaarten. Een mooie pluim, zo lees je daar, kost vijftig beukenootjes. De kopers roepen door elkaar en dringen met hun pootjes. Mevrouw Konijn loopt vlug in 't rond. Ze kijkt wat ze kan kijken.

46 50 Ze denkt: Zo'n mooie vossenbont die zou me toch wel lijken. De egelkoopman zegt beleefd: Wilt u uw man verrassen!? Wanneer u mij de maat maar geeft dan zullen we eens passen. Hij zoekt een mooie eekhoornstaart en zegt: Die staat u prachtig. Hij is wel honderd nootjes waard maar u krijgt hem voor tachtig. En 's avonds loopt mevrouw Konijn parmantig naar haar huisje. Daar staan de buren, groot en klein en lachen in hun vuistje. O, kijk nu toch, wat komt daar an, is dat niet om te gillen! Haar staart is wel een meter lang, ze kan hem haast niet tillen! Mevrouw Konijn loopt haastig voort met grote boze stappen en doet alsof ze heel niets hoort van al die nare grappen. Maar toen ze in de spiegel keek is ze toch wel geschrokken. Ze heeft maar gauw en erg van streek die staart weer uitgetrokken. En als je haar nu tegenkomt - op straat of in haar huisje - dan draagt ze weer haar eigen rond en wit konijnenpluisje.

47 51 Het wonderdier Het wonderdier, het wonderdier vroeg op een dag vol schrik: Ik voel me zo verwonderd hier, wat voor een dier ben ik? Het wonderdier, het wonderdier ging naar de meester toe. De meester zei: je bent geen stier, dus ben je vast een koe. Het wonderdier, het wonderdier werd toen verbazend bang. Het holde naar de kruidenier. Die zei: u bent een slang. Het wonderdier, het wonderdier riep: help, dat is niet waar. Toen zei de dikke nachtportier: U bent een ooievaar.

48 52 Het wonderdier, het wonderdier dat liep naar Knollendam, alwaar het om een uur of vier bij de professor kwam. Het wonderdier, het wonderdier zei: geef me toch eens raad. De wijze man zei: met plezier. 'k Denk dat je niet bestaat. Het wonderdier zei afgemat: wanneer ik niet besta dan lijkt het mij het beste dat ik dan meteen maar ga. Toen zei het arme wonderdier de tafel op van tien. En eensklaps was het weg en hier is het nooit teruggezien.

49 53 De film Ga je mee, zei Rinus Reiger, gaan we naar de bioscoop. 't Zal niet gaan, zei Theo Tijger, want mijn staart zit in de knoop. Een, twee, drie, zei Rinus Reiger, kijk, nu is de knoop er uit. Ga je mee? Maar Theo Tijger zei: Ik heb geen rooie duit. Dat's niet erg, zei Rinus Reiger. Ik heb geld genoeg voor tien. 'k Heb geen bril, zei Theo Tijger, zonder bril kan ik niets zien.

50 54 Weet je wat, zei Rinus Reiger. Neem mijn bril, als je die staat. Zeer bedankt, zei Theo Tijger, maar we zijn al veel te laat. 't Kan nog net, zei Rinus Reiger. Met de tram, dat gaat heel snel. Niets daarvan, zei Theo Tijger. In de tram word ik onwel. Luister goed, zei Rinus Reiger. Ga je mee dan op de fiets? En vertel eens, Theo Tijger, voel je 'r wel wat voor of niets? 'k Heb de film, zei Theo Tijger, al gezien en 'k vond hem slecht. Dat 's wat moois, zei Rinus Reiger, had dat dadelijk gezegd!

51 55 De sigaar Barend Bolle Botervlieg en Meindert Miene Mug die zagen op een Zaterdag iets vreemds, dat in het water lag. Ze riepen met een schaterlach: Dat pakken we eens vlug! Zoemend zwierden zij omlaag in 't slootje langs de weg. En Barend zei: Een rammelaar. Maar Meindert zei: Dat is niet waar, ik zie het al: 't is een sigaar, let op wat ik je zeg.

52 56 'n Zwarte zware klapsigaar. Maar daarom niet getreurd. Ze gingen zitten op een tak tot Meindert er de brand in stak. Toen rookten zij op hun gemak gezellig om de beurt. Barend Bolle Botervlieg die werd een beetje bleek. En Meindert Miene Mug zei traag: Ik voel iets draaien in mijn maag. Wat kan dat zijn? Dat is de vraag. We zijn wel wat van streek. Weet je wat ik er van vind zei Meindert Miene Mug. Het is geen kwaliteitssigaar. Ik ken dat wel, geloof me maar. Hij is gevuld met paardenhaar. We sturen hem weer terug. Blaadje van de beukeboom, een touwtje er omheen. Dat pakje stuurden ze toen aan het paard en zeiden heel voldaan: Dat hebben we weer goed gedaan! En vlogen vrolijk heen.

53 57 De luie klok De klok hing in de toren en bromde in zijn baard en zei: Zeg, moet je horen, ik werk hier als een paard; de hele dag, de hele nacht, het hele jaar hang ik op wacht en niemand zet mij even stil of vraagt of ik ook rusten wil. Ben ik dat soms niet waard?

54 58 Hij gaf tien boze slagen en ieder keek verrast. De mensen kwamen klagen: dat is toch ongepast! De klok zei: Nee, ik schei er uit en voortaan geef ik geen geluid. Hij kneep zijn grote klok-oog dicht en hield met slaperig gezicht de klepel stevig vast. De mensen daar beneden vonden dat eerst niet kwaad. Ze liepen erg tevreden de hele dag op straat. Geen schoolkind zat er in de klas want niemand wist hoe laat het was. Maar toen er ook geen bakker kwam zat ieder zonder boterham en niemand wist meer raad. Ja toch, een kleine rakker vroeg: Klok, je slaapt toch niet? en kietelde hem wakker met kleine stukjes riet. De klok riep lachend: Bom, bom, bom. O, houd toch op, ik kom, ik kom! Hij beierde van lieve lust en zei: Ik ben weer uitgerust. Zo is het wáár geschied.

55 59 De zieke tram Daar was er eens een oude tram die voelde zich wat ziek. De dokter kwam en zei: Ahem, u hebt de rheumatiek. Ik vind: uw kleur is wat te groen, misschien kan dat wel kwaad. Daar moeten we iets tegen doen. U mag niet meer op straat. De dokter schreef een drankje voor, één liter om het uur. De tram zei: Nee, dat kan niet hoor. Dat wordt me veel te duur. Ik moet hard werken elke dag. Dat is u toch bekend. En als ik niet meer rijden mag verdien ik ook geen cent.

56 60 De dokter zei: ik weet wel raad. En heeft vlug hulp gehaald. En alle mensen op de straat hebben een cent betaald. Daar kocht de tram het drankje voor en werd weer gauw gezond. Nu rijdt hij elke dag weer door de grote stad in 't rond.

57 61 De wonderboon Een grote bruine boon een tover-bruine boon lag zo maar op de straat en zei: Ik hoop, m'n vrinden, dat iemand mij zal vinden voordat het negen slaat.

58 62 De grote bruine boon de tover-bruine boon lag daar een hele poos te wachten en dat speet hem. Een jongen kwam en deed hem diep in zijn sponzedoos. De grote bruine boon de tover-bruine boon was daar op zijn gemak. Toen sloeg de schoolbel negen en alle kind'ren zwegen maar eensklaps klonk er: Krak! De grote bruine boon de tover-bruine boon sprong uit de sponzedoos en kreeg wel honderd takken. Hou op, ik zal je pakken, zo riep de meester boos. De grote bruine boon de tover-bruine boon die groeide al maar voort! De kind'ren haast-je-rep-je zijn weggevlucht. Zeg heb je ooit zo iets geks gehoord?

59 63 De wedstrijd De grote klok hing aan de muur en tikte heel bedaard. Hij zei: Bim, bom, 't is zeven uur! en zwaaide met zijn staart. Toen moest het jongetje naar bed. Z'n moeder zei: Pas op! Ik heb een wekker neergezet. Om acht uur moet je op. De grote hangklok keek eens rond. En ja hoor, het was waar. Beneden op de tafel stond een kleine wekker klaar. Die tikte vlug van rikketik. De klok werd boos en sloeg van bom, bom, bom en vroeg: ben ik alléén hier niet genoeg? De wekker hoorde dit gebrom en zei: wat ben je raar. Noem jij jezelf een klok, ach kom, schei uit, ik lach me naar!

60 64 De grote klok zei toen heel kwaad: je haalt me toch niet in. We doen wie 't eerst acht uren slaat. Pas op nu, ik begin. De wekker riep: Ik kom al, hoor! en tikte met een vaart. Maar ook de klok ging er vandoor, hij zwiepte met zijn staart. Dat werd een felle klokkenstrijd daar midden in de nacht. En samen riepen ze: 't Is tijd! Sta op, de klok heit acht! Het jongetje is opgestaan, want, dacht hij, 't is al laat. Hij is op weg naar school gegaan, maar zag geen mens op straat. Hij zei: ik ga naar bed weer terug, wat is dat voor een kuur! Die domme klokken gaan te vlug. Het is nog pas drie uur. De wekker en de grote klok, die schaamden zich toen zeer, Ze liepen moe van sjok, sjok, sjok en konden haast niet meer. Hun wijzers draaiden traag en stram heel langzaam op de plaat. Ook dat was dom, want ja, toen kwam dat jongetje te laat.

H E T R I J M T TED VAN LIESHOUT V E E L V E R S J E S & L I E D J E S 1 9 8 4 2 0 1 4 LEOPOLD / AMSTERDAM

H E T R I J M T TED VAN LIESHOUT V E E L V E R S J E S & L I E D J E S 1 9 8 4 2 0 1 4 LEOPOLD / AMSTERDAM H E T R I J M T TED VAN LIESHOUT V E E L V E R S J E S & L I E D J E S 1 9 8 4 2 0 1 4 V E R B E E L D D O O R T E D V A N L I E S H O U T LEOPOLD / AMSTERDAM KAATJE KOE 1 Ik ben het zat! Wat doe ik hier!

Nadere informatie

Er was eens een heel groot bos. Met bomen en bloemen. En heel veel verschillende dieren. Aan de rand van dat bos woonde, in een grot, een draakje. Dat draakje had de mooiste grot van iedereen. Lekker vochtig

Nadere informatie

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 MEMORY WOORDEN 1.1 TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 ik jij hij zij wij jullie zij de baby het kind ja nee de naam TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 2 MEMORY WOORDEN 1.2 TaalCompleet A1 Memory Woorden

Nadere informatie

Soms ben ik eens boos, en soms wel eens verdrietig, af en toe eens bang, en heel vaak ook wel blij.

Soms ben ik eens boos, en soms wel eens verdrietig, af en toe eens bang, en heel vaak ook wel blij. Lied: Ik ben ik (bij thema 1: ik ben mezelf) (nr. 1 en 2 op de CD) : Weet ik wie ik ben? Ja, ik weet wie ik ben. Weet ik wie ik ben? Ja, ik weet wie ik ben. Ik heb een mooie naam, van achter en vooraan.

Nadere informatie

Het tweede avontuur van Broer Vos en Broer Konijn

Het tweede avontuur van Broer Vos en Broer Konijn Het tweede avontuur van Broer Vos en Broer Konijn Oom Remus bron. Z.n., z.p. ca. 1950 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/remu001twee01_01/colofon.php 2010 dbnl / erven J.C. Harries 2 [Het

Nadere informatie

Inhoud. Een nacht 7. Voetstappen 27. Strijder in de schaduw 51

Inhoud. Een nacht 7. Voetstappen 27. Strijder in de schaduw 51 Inhoud Een nacht 7 Voetstappen 27 Strijder in de schaduw 51 5 Een nacht 6 Een plek om te slapen Ik ben gevlucht uit mijn land. Daardoor heb ik geen thuis meer. De wind neemt me mee. Soms hierheen, soms

Nadere informatie

Kinderliedboekje Inhoudsopgave

Kinderliedboekje Inhoudsopgave Kinderliedboekje Inhoudsopgave Jezus is de goede herder...2 Hoor de vogels zingen weer...2 Dank U voor deze nieuwe morgen...3 Jezus is geboren...4 Zit je deur nog op slot...4 Dank U voor uw liefde Heer...4

Nadere informatie

Germa de Vos. Kletsboek. Een vrolijk voorleesboek

Germa de Vos. Kletsboek. Een vrolijk voorleesboek Germa de Vos Kletsboek Een vrolijk voorleesboek 1 Het huis van de tien kinderen 1., daar kun je haast niet lopen. Overal zitten kleintjes hun vetertjes te knopen. 2., daar is het altijd feest, omdat er

Nadere informatie

Een meneer heeft veel ballonnen. Hij roept: Kinderen, kom erbij! Mijn ballonnen die zijn gratis. Wie wil een ballon van mij?

Een meneer heeft veel ballonnen. Hij roept: Kinderen, kom erbij! Mijn ballonnen die zijn gratis. Wie wil een ballon van mij? Een meneer heeft veel ballonnen. Hij roept: Kinderen, kom erbij! Mijn ballonnen die zijn gratis. Wie wil een ballon van mij? Wat een mooie luchtballonnen! Geel, oranje, groen en blauw. Kies maar uit Daan,

Nadere informatie

Het paaltje van Oosterlittens Er stond weer een pot met bonen! Elke avond kreeg de schoenmaker van Oosterlittens bonen te eten. Maar de schoenmaker

Het paaltje van Oosterlittens Er stond weer een pot met bonen! Elke avond kreeg de schoenmaker van Oosterlittens bonen te eten. Maar de schoenmaker Het paaltje van Oosterlittens Er stond weer een pot met bonen! Elke avond kreeg de schoenmaker van Oosterlittens bonen te eten. Maar de schoenmaker klaagde nooit. Hij was te arm om vlees te kopen. Elke

Nadere informatie

Tik-tak Tik-tak tik-tak. Ik tik de tijd op mijn gemak. Ik haast me niet zoals je ziet. Tik-tak tik-tak, ik denk dat ik een slaapje pak.

Tik-tak Tik-tak tik-tak. Ik tik de tijd op mijn gemak. Ik haast me niet zoals je ziet. Tik-tak tik-tak, ik denk dat ik een slaapje pak. Tik-tak - Lees het gedicht tik-tak voor. Doe dit in het strakke ritme van een langzaam tikkende klok: Tik - tak - tik - tak Ik tik - de tijd - op mijn - gemak. Enzovoort. - Laat de kinderen vrij op het

Nadere informatie

De twee zaken waarover je in dit boek kunt lezen, zijn de meest vreemde zaken die Sherlock Holmes ooit heeft opgelost.

De twee zaken waarover je in dit boek kunt lezen, zijn de meest vreemde zaken die Sherlock Holmes ooit heeft opgelost. Sherlock Holmes was een beroemde Engelse privédetective. Hij heeft niet echt bestaan. Maar de schrijver Arthur Conan Doyle kon zo goed schrijven, dat veel mensen dachten dat hij wél echt bestond. Sherlock

Nadere informatie

Vraag aan de zee. Vraag aan de tijd. wk 3. wk 2

Vraag aan de zee. Vraag aan de tijd. wk 3. wk 2 Bladzijde negen, Bladzijde tien, Krijg ik het wel ooit te zien? Ander hoofdstuk, Nieuw begin.. Maar niets, Weer dicht, Het heeft geen zin. Dan probeer ik achterin dat dikke boek. Dat ik daar niet vaker

Nadere informatie

Ik heb geen zin om op te staan

Ik heb geen zin om op te staan Liedteksten De avonturen van mijnheer Kommer en mijnheer Kwel Voorbereiding in de klas: meezingen refrein Het Dorp Het is weer tijd om op te staan Maar ik heb geen zin Hij heeft geen zin Om naar m n school

Nadere informatie

rijm By fightgirl91 Submitted: October 17, 2005 Updated: October 17, 2005

rijm By fightgirl91 Submitted: October 17, 2005 Updated: October 17, 2005 rijm By fightgirl91 Submitted: October 17, 2005 Updated: October 17, 2005 Provided by Fanart Central. http://www.fanart-central.net/stories/user/fightgirl91/21803/rijm Chapter 1 - rijm 2 1 - rijm Gepaard

Nadere informatie

1. Joris. Voor haar huis remt Roos. Ik ben er. De gordijnen beneden zijn weer dicht.

1. Joris. Voor haar huis remt Roos. Ik ben er. De gordijnen beneden zijn weer dicht. 1. Joris Hé Roos, fiets eens niet zo hard. Roos schrikt op en kijkt naast zich. Recht in het vrolijke gezicht van Joris. Joris zit in haar klas. Ben je voor mij op de vlucht?, vraagt hij. Wat een onzin.

Nadere informatie

WERELDORIËNTATIE 1e & 2e klas 12 oktober - 30 oktober 1998

WERELDORIËNTATIE 1e & 2e klas 12 oktober - 30 oktober 1998 WERELDORIËNTATIE 1e & 2e klas 12 oktober - 30 oktober 1998 1. De leeuw en de muis 2. De muis en de slak 3. De zieke leeuw 4. De vos en de raaf 5. De vos en de geit 6. De twee bokken 7. De herdersjongen

Nadere informatie

De leessleutel Begrijpend luisteren-lezen thema 5 verhaal 1 groep 3. Thema 5 Verhaal 1 bladzijde 2 t/m 5 van het leesboek

De leessleutel Begrijpend luisteren-lezen thema 5 verhaal 1 groep 3. Thema 5 Verhaal 1 bladzijde 2 t/m 5 van het leesboek De leessleutel Begrijpend luisteren-lezen thema 5 verhaal 1 groep 3 Thema 5 Verhaal 1 bladzijde 2 t/m 5 van het leesboek Het wiel doet raar! 1 Naar wie gaat Daan? a Naar school b Naar Loes c Naar Rik 2

Nadere informatie

Ankie. het meisje uit de bossen van Karoetsja. Antoon Kersten ooit geschreven voor zijn kleindochter Karin. blad 1

Ankie. het meisje uit de bossen van Karoetsja. Antoon Kersten ooit geschreven voor zijn kleindochter Karin. blad 1 Ankie het meisje uit de bossen van Karoetsja Antoon Kersten ooit geschreven voor zijn kleindochter Karin blad 1 In een ver land, wel duizend kilometer hier vandaan, woonde Angelina. Haar moeder noemde

Nadere informatie

Verhaal: Jozef en Maria

Verhaal: Jozef en Maria Verhaal: Jozef en Maria Er was eens een vrouw, Maria. Maria was een heel gewone jonge vrouw, net zo gewoon als jij en ik. Toch had God haar uitgekozen om iets heel belangrijks te doen. Iets wat de hele

Nadere informatie

Geelzucht. Toen pakte een vrouw mijn arm. Ze nam me mee naar de binnenplaats van het huis. Naast de deur van de binnenplaats was een kraan.

Geelzucht. Toen pakte een vrouw mijn arm. Ze nam me mee naar de binnenplaats van het huis. Naast de deur van de binnenplaats was een kraan. Geelzucht Toen ik 15 was, kreeg ik geelzucht. De ziekte begon in de herfst en duurde tot het voorjaar. Ik voelde me eerst steeds ellendiger worden. Maar in januari ging het beter. Mijn moeder zette een

Nadere informatie

Pasen met peuters en kleuters. Jojo is weg

Pasen met peuters en kleuters. Jojo is weg Pasen met peuters en kleuters Beertje Jojo is weg Thema Maria is verdrietig, haar beste Vriend is er niet meer. Wat is Maria blij als ze Jezus weer ziet. Hij is opgestaan uit de dood! Wat heb je nodig?

Nadere informatie

JAN STEVENS. Voorjaarsdroom. De Wielewaal" Dordrecht 1945

JAN STEVENS. Voorjaarsdroom. De Wielewaal Dordrecht 1945 JAN STEVENS Voorjaarsdroom De Wielewaal" Dordrecht 1945 r JAN STEVENS 4 Voorjaarsdroom De Wielewaal" Dordrecht 1945 voor Minke « Die lentemorgen, vroeg - ben ik door de boomgaard gegaan en het was of

Nadere informatie

Maar gelukkig is er nog de Zing-Piet. Die zorgt ervoor dat alle Pieten alle Sinterklaasliedjes goed kunnen zingen. Dus ook:

Maar gelukkig is er nog de Zing-Piet. Die zorgt ervoor dat alle Pieten alle Sinterklaasliedjes goed kunnen zingen. Dus ook: Weten jullie hoe Sinterklaas van Spanje naar Nederland komt? Ja? Met de fiets? Nee! Met de stoomboot, natuurlijk! Het is een heel gedoe voordat Sinterklaas en zijn Pieten kunnen vertrekken. Je wil niet

Nadere informatie

Paasviering 2014. Vandaag sluiten we het project Schatzoekers af en vieren we het feest van de opstanding.

Paasviering 2014. Vandaag sluiten we het project Schatzoekers af en vieren we het feest van de opstanding. Welkom Vandaag sluiten we het project Schatzoekers af en vieren we het feest van de opstanding. Gebed (groep 6) Lieve God, we zijn hier bij elkaar gekomen om Pasen te vieren het feest van de opstanding

Nadere informatie

Fruit eten: Appel, kiwi en banaan Fruit, dat moet je eten. Brood eten:

Fruit eten: Appel, kiwi en banaan Fruit, dat moet je eten. Brood eten: Liedjes Zingen Fruit eten: Appel, kiwi en banaan Fruit, dat moet je eten. Stop het nu maar in je mond Fruit, dat is gezond! En jullie krijgen een bakje fruit Dan worden jullie sterk en stoer Bewegingen

Nadere informatie

NAAM. Uil kijkt in een boek. Het is een boek over dieren. Er staan plaatjes in. Van elk dier één. Uil ziet een leeuw. En een pauw. En een bever.

NAAM. Uil kijkt in een boek. Het is een boek over dieren. Er staan plaatjes in. Van elk dier één. Uil ziet een leeuw. En een pauw. En een bever. Vos en Waar is Haas het ijs? NAAM Uil kijkt in een boek. Het is een boek over dieren. Er staan plaatjes in. Van elk dier één. Uil ziet een leeuw. En een pauw. En een bever. Wat een raar beest! lacht Uil.

Nadere informatie

Op weg met Jezus. eerste communieproject. hoofdstuk 1 De droom van Jesaja. H. Theobaldusparochie, Overloon

Op weg met Jezus. eerste communieproject. hoofdstuk 1 De droom van Jesaja. H. Theobaldusparochie, Overloon Op weg met Jezus eerste communieproject H. Theobaldusparochie, Overloon hoofdstuk 1 De droom van Jesaja Eerste communieproject "Op weg met Jezus" hoofdstuk 1 blz. 1 Lieve God, Soms droom ik van het paradijs.

Nadere informatie

Moeders bloemen. Agatha Snellen. bron Agatha Snellen, Moeders bloemen. Gebr. Kluitman, Alkmaar 1926. 2010 dbnl / erven Agatha Snellen

Moeders bloemen. Agatha Snellen. bron Agatha Snellen, Moeders bloemen. Gebr. Kluitman, Alkmaar 1926. 2010 dbnl / erven Agatha Snellen Moeders bloemen Agatha Snellen bron. Gebr. Kluitman, Alkmaar 1926 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/snel011moed02_01/colofon.htm 2010 dbnl / erven Agatha Snellen 1 2 Moeders bloemen. Het

Nadere informatie

Sambo, ga je mee? Leonard Roggeveen. Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/rogg009samb01_01/colofon.htm

Sambo, ga je mee? Leonard Roggeveen. Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/rogg009samb01_01/colofon.htm Sambo, ga je mee? Leonard Roggeveen bron G.B. van Goor Zonen's Uitgeversmaatschappij N.V., Den Haag/Batavia z.j. [1939] Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/rogg009samb01_01/colofon.htm 2005

Nadere informatie

Een buik van wol. Tom! Tom! Cato kwam hard aan rennen. En zei: vandaag word mevr. Catharina. 90 jaar en ik wil haar een heel mooi cadeau

Een buik van wol. Tom! Tom! Cato kwam hard aan rennen. En zei: vandaag word mevr. Catharina. 90 jaar en ik wil haar een heel mooi cadeau Een buik van wol. Tom! Tom! Cato kwam hard aan rennen En zei: vandaag word mevr. Catharina 90 jaar en ik wil haar een heel mooi cadeau Geven. Ja maar wat zei Tom. Umm wacht ik Weet het zei Cato een herinnering.

Nadere informatie

Zie ginds komt de stoomboot. Hij komt, hij komt!

Zie ginds komt de stoomboot. Hij komt, hij komt! Hij komt, hij komt! Hij komt, hij komt, die lieve goede Sint. Mijn beste vriend, jouw beste vriend, De vriend van ieder kind. Mijn hartje klopt, Mijn hartje klopt zo blij. Wat brengt hij jou, wat brengt

Nadere informatie

Op reis naar Bethlehem

Op reis naar Bethlehem Op reis naar Bethlehem Rollen: Verteller Jozef Maria Engel Twee omroepers Kind 1 Kind 2 Kind 3 Receptionist 1 Receptionist 2 Receptionist 3 Kind 4 Kind 5 Herder 1 Herder 2 Herder 3 Herder 4 Drie wijzen

Nadere informatie

Papa en mama hebben ruzie. Ton en Toya vinden dat niet leuk. Papa wil graag dat Ton en Toya bij hem op bezoek komen, maar van mama mag dat niet.

Papa en mama hebben ruzie. Ton en Toya vinden dat niet leuk. Papa wil graag dat Ton en Toya bij hem op bezoek komen, maar van mama mag dat niet. Bezoek op kantoor Papa en mama hebben ruzie. Ton en Toya vinden dat niet leuk. Papa wil graag dat Ton en Toya bij hem op bezoek komen, maar van mama mag dat niet. Ton en Toya hebben wat problemen thuis.

Nadere informatie

KINDEREN VAN HET LICHT

KINDEREN VAN HET LICHT KINDEREN VAN HET LICHT Verteller: Het gebeurde in een donkere nacht, heel lang geleden, dat er herders in het veld waren, die de wacht hielden over hun schapen. Zij stonden net wat met elkaar te praten,

Nadere informatie

Noach bouwt een ark Genesis 6-8

Noach bouwt een ark Genesis 6-8 2 Noach bouwt een ark Genesis 6-8 Het is niet fijn meer op de aarde. De mensen maken ruzie, ze vechten en ze zijn God vergeten. Maar er is één man die anders is. Dat is Noach. Op een dag praat God met

Nadere informatie

Liedjes Kerstmusical: Volg die ster

Liedjes Kerstmusical: Volg die ster 14-1: Waar ben je geboren Waar ben je geboren, waar kom je vandaan Waar is het begonnen, waar is het ontstaan Waar ken jij de weg zelfs met je ogen dicht Waar ben je geboren, waar zag jij het licht Iedereen

Nadere informatie

eerste communieproject H. Theobaldusparochie, Overloon Hoofdstuk 4 Jezus maakt mensen beter

eerste communieproject H. Theobaldusparochie, Overloon Hoofdstuk 4 Jezus maakt mensen beter Op weg met Jezus eerste communieproject H. Theobaldusparochie, Overloon Hoofdstuk 4 Jezus maakt mensen beter Eerste communieproject "Op weg met Jezus" hoofdstuk 4 blz. 1 Mijn oma kan niet meer lopen. Ze

Nadere informatie

Johanna Kruit. Gedichten, geïnspireerd door bomen. Geheimen

Johanna Kruit. Gedichten, geïnspireerd door bomen. Geheimen 1 Gedichten, geïnspireerd door bomen Geheimen In het donker huizen bomen die overdag gewoner zijn. Wij slaan de bochten van een pad mee om en gaan, ontkomen aan het licht af op geheimen.kleine geluiden

Nadere informatie

Er vaart een boot op het grote meer

Er vaart een boot op het grote meer Er vaart een boot op het grote meer Er vaart een boot op het grote meer, met discipelen en de Heer. Maar bij storm en lelijk weer, roepen de vrienden: Help ons Heer! De Here zegt dan: Zwijg,wees stil.

Nadere informatie

Rick de Leeuw. Hou me stevig vast

Rick de Leeuw. Hou me stevig vast Rick de Leeuw Hou me stevig vast Ik zit op de trap En luister naar de radio Er klinkt een mooi en triestig lied Ik neurie zachtjes mee Ik wil muziek als het sneeuwt Ook al sneeuwt het nu even niet Ik neem

Nadere informatie

De ronde volle maan. Alleen als de maan rond en vol is, wordt dit feest gevierd. En dat heeft een hele bijzondere reden.

De ronde volle maan. Alleen als de maan rond en vol is, wordt dit feest gevierd. En dat heeft een hele bijzondere reden. De ronde volle maan Al vele duizenden jaren is Kabouterland een bijzondere plek voor Kabouters uit de hele wereld. Dit verhaal vertelt hoe bijzonder de samenwerking tussen de dieren en de kabouters in

Nadere informatie

KRUISWOORDRAADSEL 1: WILDE DIEREN

KRUISWOORDRAADSEL 1: WILDE DIEREN KRUISWOORDRAADSEL 1: WILDE DIEREN KRUISWOORDRAADSEL 1: WILDE DIEREN Vul de benamingen van onderstaande dieren in rooster 1 in. 10 3 6 18 16 12 8 23 21 22 19 5 9 17 4 15 14 20 27 1 7 2 13 26 24 25 11 KRUISWOORDRAADSEL

Nadere informatie

Kom jij ook uit een ei?

Kom jij ook uit een ei? Kom jij ook uit een ei? Er was eens een prachtig bos. Er groeiden de hoogste bomen en allerlei prachtige bloemen. Er was een vijver en een groot grasveld, waar je lekker kon spelen. Maar om het bos stond

Nadere informatie

Gedicht over de Loonse en Drunense Duinen (Uit: Bergen Zand met hoedjes op van Elle van Lieshout en Erik van Os)

Gedicht over de Loonse en Drunense Duinen (Uit: Bergen Zand met hoedjes op van Elle van Lieshout en Erik van Os) Keutelgedichten Het konijntje Er was eens een konijntje en hij was echt niet dom hij keek wanneer hij drukken moest steeds even achterom Dan telde hij de keuteltjes die vielen in het gras zo wist hij elke

Nadere informatie

Appeltje en Eitje Een postpakket uit Spanje

Appeltje en Eitje Een postpakket uit Spanje Appeltje en Eitje Een postpakket uit Spanje Voor kinderen van 3 tot 8 jaar Geschreven door Elisabeth Roodenburg Er zijn nog meer verhalen van Elisabeth Roodenburg Copyright: Elisabeth Roodenburg Vermaat

Nadere informatie

We spelen in het huis van mijn mama deze keer,

We spelen in het huis van mijn mama deze keer, Jip en Janneke. Ik ben Jip. Ik ben Janneke en we wonen naast elkaar. Hij heet Jip, zij heet Janneke. en we spelen soms bij hem en soms bij haar. We spelen in het huis van mijn mama deze keer, we kunnen

Nadere informatie

Schrijver: KAT Coverontwerp: MTH ISBN: 9 789402 123678

Schrijver: KAT Coverontwerp: MTH ISBN: 9 789402 123678 <Katelyne> Schrijver: KAT Coverontwerp: MTH ISBN: 9 789402 123678 Inleiding Timo is een ander mens geworden door zijn grote vriend Tommy. Toch was het niet altijd zo geweest, Timo had Tommy gekregen voor

Nadere informatie

De boekenbeer Module dans groep 1-2

De boekenbeer Module dans groep 1-2 De boekenbeer Module dans groep 1-2 Teksten: Stella van Lieshout Illustraties: Tjarko van der Pol In samenwerking met Centrum voor de Kunsten Beverwijk en ABC Cultuur Contact: DeboraVollebregt@centrumvoordekunstenbeverwijk.nl

Nadere informatie

Het verhaal van. de bomen

Het verhaal van. de bomen Het verhaal van de bomen 24 Mr finney liep fluitend het bos in. Hij snoof een paar keer heel diep. Niets ruikt lekkerder dan een bos waar het net geregend heeft! Pinky Pepper zou het hier vast mooi vinden.

Nadere informatie

de aanbieding reclame, korting De appels zijn in de a Ze zijn vandaag extra goedkoop.

de aanbieding reclame, korting De appels zijn in de a Ze zijn vandaag extra goedkoop. Woordenlijst bij hoofdstuk 4 de aanbieding reclame, korting De appels zijn in de a Ze zijn vandaag extra goedkoop. alleen zonder andere mensen Hij is niet getrouwd. Hij woont helemaal a, zonder familie.

Nadere informatie

De honderd hazen van Grimm

De honderd hazen van Grimm De honderd hazen van Grimm Sprookje van vogelgrijp Voor klas 1 Rudolf Steinerschool De Bilt April 2003 TONEELSTUK DE HONDERD HAZEN DOOR MARIJKE HEUNKS EN KLAS 1 april 2003 KONING PRINSES BOER ZOON OELE

Nadere informatie

Ik ben maar een eenvoudige ezel, maar ik wil je graag een mooi verhaal vertellen

Ik ben maar een eenvoudige ezel, maar ik wil je graag een mooi verhaal vertellen De ezel van Bethlehem Naar een verhaal van Jacques Elan Bewerkt door Koos Stenger Ik ben maar een eenvoudige ezel, maar ik wil je graag een mooi verhaal vertellen over iets wat er met me gebeurd is. Het

Nadere informatie

De gelukkige olifant

De gelukkige olifant De gelukkige olifant Voor Geesje, Mats, Rinke en Samuel Youp van t Hek De gelukkige olifant TEKENINGEN GEORGIEN OVERWATER Leopold / Amsterdam Eerste druk 2011 2011 tekst: Youp van t Hek Omslag en illustraties:

Nadere informatie

inhoud 8. Hoor, wie klopt daar? 10 9. Slaap kindje, slaap. 11 10. O, denneboom. 12 11. Een knalfeest 13 Filmpjes 14 Werkblad 16 Puzzel 17

inhoud 8. Hoor, wie klopt daar? 10 9. Slaap kindje, slaap. 11 10. O, denneboom. 12 11. Een knalfeest 13 Filmpjes 14 Werkblad 16 Puzzel 17 Een jaar vol feest inhoud 1 Feest 3 2 Lang zal hij leven! 4 3 Verkleden 5 4 Ei, ei, waar ben je? 6 5 Daar komt de bruid! 7 6 Beestenfeest 8 7 Boekenfeest 9 8 Hoor, wie klopt daar? 10 9 Slaap kindje, slaap

Nadere informatie

Rivka voelt tranen in haar ogen. Vader aait over haar wang. Hij zegt: Veel plezier, prinsesje. Vergeet je nooit wie je bent? Dan draait vader zich

Rivka voelt tranen in haar ogen. Vader aait over haar wang. Hij zegt: Veel plezier, prinsesje. Vergeet je nooit wie je bent? Dan draait vader zich 1942-1943 1 Rivka! Het is tijd om te gaan!, roept vader. Rivka is blij. Ze gaat logeren. Ze weet niet bij wie. En ze weet ook niet hoe lang. Maar ze heeft er wel zin in. Vader heeft gezegd: Je gaat in

Nadere informatie

Gedichten werkboekje. Naam: Groep:

Gedichten werkboekje. Naam: Groep: Gedichten werkboekje Naam: Groep: Gedichten lezen 1. Wat valt je als eerste op bij dit gedicht? Bang Bang, dat ik het nooit vergeten zal. Ik zal het nooit vergeten. Ik zag hem daar voor het laatst in de

Nadere informatie

Deel 2. Begrijpend lezen Smoetie zoekt haar weg

Deel 2. Begrijpend lezen Smoetie zoekt haar weg Deel 2 Begrijpend lezen Smoetie zoekt haar weg IN H ET BO S Wat valt er op Smoeties kopje? Hoe komt dat? Welk seizoen zou het nu zijn? Hoe weet je dat? Wat zal er nu nog allemaal op de grond liggen denk

Nadere informatie

Op een avond besloot Dolfje naar de dierentuin te gaan. Er stond een mooie volle maan aan de hemel, dus Dolfje was geen gewone jongen.

Op een avond besloot Dolfje naar de dierentuin te gaan. Er stond een mooie volle maan aan de hemel, dus Dolfje was geen gewone jongen. 6-9 jaar Dolfje Weerwolfje en de verdwenen dierentuindieren Op een avond besloot Dolfje naar de dierentuin te gaan. Er stond een mooie volle maan aan de hemel, dus Dolfje was geen gewone jongen. Hij had

Nadere informatie

Spel 0 Adam woont in het paradijs. God praat elke dag met Adam. Hij mag alle dieren een naam geven. Wij gaan Adam helpen.

Spel 0 Adam woont in het paradijs. God praat elke dag met Adam. Hij mag alle dieren een naam geven. Wij gaan Adam helpen. Genesis 2:18-20 0 Leeftijd: 4-8 jaar Wat heb je nodig? 0 Lied: Adam geeft de dieren namen 0 Estafette: touw en attributen, bijvoorbeeld: pionnen, emmers, tafel 0 Speel het spel in 2 groepen Spel 0 Adam

Nadere informatie

VERSJES: In de herfst zijn alle blaadjes rood en bruin en geel. Kijk, ze komen van de bomen. 't Zijn er lekker veel.

VERSJES: In de herfst zijn alle blaadjes rood en bruin en geel. Kijk, ze komen van de bomen. 't Zijn er lekker veel. VERSJES: Zie je de takken wiegen Alle blaadjes vliegen Kleine blaadjes bruin en geel Oei, oei, oei, wat zijn er veel! IN DE HERFST In de herfst zijn alle blaadjes rood en bruin en geel. Kijk, ze komen

Nadere informatie

Sinterklaas liedboek

Sinterklaas liedboek Sinterklaas liedboek Hij komt, hij komt Hij komt, hij komt, die lieve goede Sint: mijn beste vriend, jouw beste vriend, de vriend van ieder kind. Mijn hartje klopt, mijn hartje klopt zo blij. Wat brengt

Nadere informatie

WEEK 1. we zetten de deur open voor onze vrienden. sleutel van. gastvrijheid. Godsdienst OV 1 - advent 2008 - LC

WEEK 1. we zetten de deur open voor onze vrienden. sleutel van. gastvrijheid. Godsdienst OV 1 - advent 2008 - LC WEEK 1 we zetten de deur open voor onze vrienden sleutel van gastvrijheid WEEK 1 Het verhaal van de oude poortwachter laat de sleutel blinken zoals die van Simeon zo kan je de deur openen om Jezus welkom

Nadere informatie

Ze neemt nog een slok van haar rum-cola. Even lijkt het alsof de slok weer omhoogkomt.

Ze neemt nog een slok van haar rum-cola. Even lijkt het alsof de slok weer omhoogkomt. Manon De muziek dreunt in haar hoofd, haar maag, haar buik. Manon neemt nog een slok uit het glas dat voor haar staat. Wat was het ook alweer? O ja, rum-cola natuurlijk. Een bacootje noemen de jongens

Nadere informatie

HANDIG ALS EEN HOND DREIGT

HANDIG ALS EEN HOND DREIGT l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n HANDIG ALS EEN HOND DREIGT OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN HIER LEES JE HANDIGE INFORMATIE OVER HONDEN DIE DREIGEN. JE KUNT

Nadere informatie

Niet eerlijk. Kyara Blaak

Niet eerlijk. Kyara Blaak Kyara Blaak Niet eerlijk Kyara Blaak Kyara Blaak 248media uitgeverij, Steenwijk Grafische realisatie: MDS Grafische Vormgeving Illustraties binnenwerk: Kyara Blaak Alle rechten voorbehouden. Niets uit

Nadere informatie

Bijbellezing: Johannes 2 vers 1-12. Bruiloftsfeest

Bijbellezing: Johannes 2 vers 1-12. Bruiloftsfeest Bijbellezing: Johannes 2 vers 1-12 Bruiloftsfeest Sara en Johannes hebben een kaart gekregen In een hele mooie enveloppe Met de post kregen ze die kaart Weet je wat op die kaart stond? Nou? Wij gaan trouwen!

Nadere informatie

VERSJES: Mourik lou VADERDAG. Lieve papa, kom eens even met uw hoofd heel dicht bij mij. k wil u graag een zoentje geven en u krijgt daar nog wat bij!

VERSJES: Mourik lou VADERDAG. Lieve papa, kom eens even met uw hoofd heel dicht bij mij. k wil u graag een zoentje geven en u krijgt daar nog wat bij! VERSJES: Mourik lou VADERDAG Lieve papa, kom eens even met uw hoofd heel dicht bij mij. k wil u graag een zoentje geven en u krijgt daar nog wat bij! t Is geen zakdoek of sigaren, t is een heel, heel ander

Nadere informatie

De allerliefste oppas

De allerliefste oppas De allerliefste oppas Met de ene oppas ga ik buiten spelen door de andere wordt altijd thee gezet bij de derde zal ik mij echt nooit vervelen en van de vierde mag ik lekker laat naar bed Met de ene oppas

Nadere informatie

LES 3 Ik leer Nederlands. TESTEN TEST 1

LES 3 Ik leer Nederlands. TESTEN TEST 1 12/11/14 1 LES 3 Ik leer Nederlands. TESTEN TEST 1 1. (lezen) Ik.... een lange tekst. 2 Hij.... een moeilijk boek. 3. Zij.... een gemakkelijk tekstje. 4..... jullie veel? Ja, wij.... graag kinderboeken.

Nadere informatie

Jij bent nog onbeschreven en nog geen groot verhaal jij blaakt alleen van leven dat in jou ademhaalt.

Jij bent nog onbeschreven en nog geen groot verhaal jij blaakt alleen van leven dat in jou ademhaalt. Jij bent nog onbeschreven en nog geen groot verhaal jij blaakt alleen van leven dat in jou ademhaalt. Jij kunt geen mensen haten en doet geen ander zeer misschien ben jij het wapen waarmee ik liefde leer.

Nadere informatie

GAVE Kerk: werkblad Bijbelklassen en Spoorzoekers

GAVE Kerk: werkblad Bijbelklassen en Spoorzoekers Onze gemeentevisie GAVE Kerk: werkblad Bijbelklassen en Spoorzoekers Wij zijn gemeente van Jezus Christus die hem leren kennen, volgen en verkondigen. G K V - V Thematekst met gebaren: Sleutelvers: God

Nadere informatie

KINDEREN VOOR KINDEREN CONCERT. ZONDAG 24 JUNI 2012 PURMEREND. Met het Stedelijk Orkest.

KINDEREN VOOR KINDEREN CONCERT. ZONDAG 24 JUNI 2012 PURMEREND. Met het Stedelijk Orkest. KINDEREN VOOR KINDEREN CONCERT. ZONDAG 24 JUNI 2012 PURMEREND. Met het Stedelijk Orkest. WAKKER MET EEN WIJSJE Als ik door de stad loop Vraag ik me vaak af Waarom zijn alle mensen Zo nors en zo kortaf?

Nadere informatie

Beste vrienden, ik mag jullie vandaag vertellen over de laatste week van het leven van Jezus.

Beste vrienden, ik mag jullie vandaag vertellen over de laatste week van het leven van Jezus. 1 Beste vrienden, ik mag jullie vandaag vertellen over de laatste week van het leven van Jezus. 2 Het verhaal De Goede Week Trouw, Hoop en Spijt Ik wil jullie vandaag vertellen over de Goede Week. Dat

Nadere informatie

Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden

Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden zijn ouders hem, maar alle andere konijntjes noemden

Nadere informatie

Soms is er thuis ruzie Dan is mama boos en roept soms omdat ik mijn speelgoed niet opruim Maar ik heb daar helemaal niet mee gespeeld Dat was Bram,

Soms is er thuis ruzie Dan is mama boos en roept soms omdat ik mijn speelgoed niet opruim Maar ik heb daar helemaal niet mee gespeeld Dat was Bram, Soms is er thuis ruzie Dan is mama boos en roept soms omdat ik mijn speelgoed niet opruim Maar ik heb daar helemaal niet mee gespeeld Dat was Bram, mijn kleine broer Dat is niet van mij mama Dan zegt ze

Nadere informatie

Ik moet Claire nu niet aankijken. Wij kennen elkaar te goed. Mijn ogen zouden me verraden.

Ik moet Claire nu niet aankijken. Wij kennen elkaar te goed. Mijn ogen zouden me verraden. 1. We gaan eten in een restaurant. Serge heeft gereserveerd; dat doet híj altijd. Het is zo n restaurant waar je drie maanden van tevoren moet bellen. Of nog langer. Serge belt nooit drie maanden van tevoren.

Nadere informatie

* Musical. Spelers: David

* Musical. Spelers: David David * Musical Musical over het leven van David: 1. David bij de schapen 2. David wordt tot koning gezalfd 3. David komt bij Saul aan het hof 4. David en Goliath 5. David op de vlucht voor Saul 6. David

Nadere informatie

Sinterklaasliedjes. Daar wordt aan de deur geklopt

Sinterklaasliedjes. Daar wordt aan de deur geklopt Sinterklaasliedjes Daar wordt aan de deur geklopt Daar wordt aan de deur geklopt, hard geklopt, zacht geklopt. Daar wordt aan de deur geklopt. Wie zou dat zijn? Wees maar gerust mijn kind. Ik ben een goede

Nadere informatie

Nella s nieuwe kamer is heel mooi. Op het bed liggen zijden lakens en een wollen deken.

Nella s nieuwe kamer is heel mooi. Op het bed liggen zijden lakens en een wollen deken. Amsterdam, 1686 1 Nella loopt op de Herengracht in Amsterdam. Ze heeft een grote koffer bij zich. Aan deze gracht staan de duurste woningen van de hele stad. Hier wonen de rijkste koopmannen. Daarom wordt

Nadere informatie

GAAT ER OP UIT. Balder

GAAT ER OP UIT. Balder Balder GAAT ER OP UIT H et was die ene nacht van het jaar dat de tijd stil lijkt te staan voor het merendeel van de mensen, maar voor EEN persoon ging die nog altijd veel te snel. Er was nooit genoeg tijd

Nadere informatie

Makkers en rakkers. Nel Ooievaar. bron Nel Ooievaar, Makkers en rakkers. 'De Vliegende Hollander', Utrecht ca. 1940. 2010 dbnl

Makkers en rakkers. Nel Ooievaar. bron Nel Ooievaar, Makkers en rakkers. 'De Vliegende Hollander', Utrecht ca. 1940. 2010 dbnl Makkers en rakkers Nel Ooievaar bron. 'De Vliegende Hollander', Utrecht ca. 1940 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/ooie002makk01_01/colofon.php 2010 dbnl 2 [Makkers en rakkers] 3 Een mus

Nadere informatie

Kerstviering groep 4. Welkom. Als de kerstklokken luiden Dan zingen wij een lied Voor God die met veel liefde Naar alle mensen ziet.

Kerstviering groep 4. Welkom. Als de kerstklokken luiden Dan zingen wij een lied Voor God die met veel liefde Naar alle mensen ziet. Kerstviering groep 4 Welkom Als de kerstklokken luiden Dan zingen wij een lied Voor God die met veel liefde Naar alle mensen ziet. Als de kerstklokken luiden Dan horen wij steeds weer Dat Jezus is geboren.

Nadere informatie

1 In het begin. In het begin leefde alleen God. De Heere God is er altijd geweest. En Hij maakte de hemel en de aarde.

1 In het begin. In het begin leefde alleen God. De Heere God is er altijd geweest. En Hij maakte de hemel en de aarde. 1 In het begin GENESIS 1:1-25 In het begin leefde alleen God. De Heere God is er altijd geweest. En Hij maakte de hemel en de aarde. De aarde is nat en donker. God wil van de aarde iets heel moois maken.

Nadere informatie

Pannenkoeken met stroop

Pannenkoeken met stroop Pannenkoeken met stroop Al een maand lang zegt Yvonne alleen maar nee. Heb je je best gedaan op school? Nee. Was het leuk? Nee. Heb je nog met iemand gespeeld? Nee. Heb je lekker gegeten? Nee. Heb je goed

Nadere informatie

Poekie is verdrietig. Want zijn papa en mama gaan scheiden. Geschreven door. Mariska van der Made. Illustraties van. Dick Rink

Poekie is verdrietig. Want zijn papa en mama gaan scheiden. Geschreven door. Mariska van der Made. Illustraties van. Dick Rink Poekie is verdrietig Want zijn papa en mama gaan scheiden Geschreven door Mariska van der Made Illustraties van Dick Rink Poekie is een lief klein monstertje van vijf jaar oud. Hij woont samen met zijn

Nadere informatie

Klein Kontakt. Jarigen. in april zijn:

Klein Kontakt. Jarigen. in april zijn: A Klein Kontakt Het is alweer eind maart wanneer dit Kontakt uitkomt, het voorjaar lijkt begonnen, veel kinderen hebben kweekbakjes met groentes in de vensterbank staan, die straks de tuin in gaan. Over

Nadere informatie

Eerst de printer kiezen (op printer-icoon klikken en kijken welke printer gekozen is, desnoods de keuze wijzigen).

Eerst de printer kiezen (op printer-icoon klikken en kijken welke printer gekozen is, desnoods de keuze wijzigen). Deze fabels op tekenpapier uitprinten. Dit kan zowel op de kleurenlaserprinter als op de zwart-witlaserprinter. De volgorde van de fabels kan gewijzigd worden. Eerst de printer kiezen (op printer-icoon

Nadere informatie

Een greep uit een presentatieviering met als thema: Licht zijn voor anderen

Een greep uit een presentatieviering met als thema: Licht zijn voor anderen Een greep uit een presentatieviering met als thema: Licht zijn voor anderen Openingstekst: (Door een ouder en kind) A. Zeg zou jij het licht aandoen? Je moet opschieten, want het is bijna tijd. Dadelijk

Nadere informatie

Arie van der Veer & Ellen Laninga. Luister maar. Met illustraties van Rike Janssen. Boekencentrum

Arie van der Veer & Ellen Laninga. Luister maar. Met illustraties van Rike Janssen. Boekencentrum Luister maar Met illustraties van Rike Janssen Arie van der Veer & Ellen Laninga Boekencentrum Verhalen uit het Oude Testament 4 Het begin van de wereld God maakt de wereld Genesis 1:1-2:4 Lang, heel

Nadere informatie

Noach. moest een ark gaan bouwen. 2009 Ans Heij - de Boer / www.bijbelidee.nl

Noach. moest een ark gaan bouwen. 2009 Ans Heij - de Boer / www.bijbelidee.nl Noach moest een ark gaan bouwen 2009 Ans Heij - de Boer / www.bijbelidee.nl 1 2 De ark van Noach Vouw een ( bruin) vel karton dubbel. Vouw de beide zijkanten 3 cm om. Plak deze plakstroken (A) tegen de

Nadere informatie

Jimmy s thuiskomst. Er was echter één huis waar geen lichtjes brandden. Het leek haast alsof niemand daar kerstmis vierde.

Jimmy s thuiskomst. Er was echter één huis waar geen lichtjes brandden. Het leek haast alsof niemand daar kerstmis vierde. Jimmy s thuiskomst H et was kerstavond en het was bitter koud in het jaar 1953. De mensen deden nog snel hun laatste kerstinkopen en in de betere buurten waren de huizen gezellig verlicht. Er was echter

Nadere informatie

Voor Cootje. de vuurtoren

Voor Cootje. de vuurtoren Voor Cootje de vuurtoren De Koos Meinderts vuurtoren Lemniscaat & Annette Fienieg Nederlandse rechten Lemniscaat b.v. Rotterdam 2007 isbn 978 90 5637 909 4 Tekst: Koos Meinderts, 2007 Illustraties: Annette

Nadere informatie

Bijlage 1: Luchtpost voor de kerstman van Brigitte Weninger. Luchtpost voor de kerstman 1

Bijlage 1: Luchtpost voor de kerstman van Brigitte Weninger. Luchtpost voor de kerstman 1 Bijlage 1: Luchtpost voor de kerstman van Brigitte Weninger Luchtpost voor de kerstman 1 Martijn en zijn moeder woonden in een dorpje hoog in de bergen. Ze waren arm. Martijn had geen vader. Martijns moeder

Nadere informatie

1. De tuin wordt opgeruimd

1. De tuin wordt opgeruimd 1. De tuin wordt opgeruimd Wat gaan jullie doen? vraagt mama. Ze is iets lekkers aan het maken: zoute bolletjes. Dat doet ze elke vrijdagmiddag als Joas, Aron en Lisa uit school komen. Vaak helpt een van

Nadere informatie

Adam en Eva eten van de boom

Adam en Eva eten van de boom Adam en Eva eten van de boom God maakt een prachtig paradijs. Hij zegt: Het is heel goed. Maar God heeft ook een vijand, En weet jij wel wat hij doet? Het mooie wat God heeft gemaakt, maakt hij juist graag

Nadere informatie

1 Vinden de andere flamingo s mij een vreemde vogel? Dat moeten ze dan maar zelf weten. Misschien hebben ze wel gelijk. Het is ook raar, een flamingo die jaloers is op een mens. En ook nog op een paard.

Nadere informatie

Wij zijn twee vrienden... jij en ik

Wij zijn twee vrienden... jij en ik Wij zijn twee vrienden... jij en ik Twee dikke vrienden... jij en ik voor Nona voor altijd negen... voor altijd in mijn hart Kika Konijn Kika Konijn was een goede vriendin van alle dieren in het bos. Ze

Nadere informatie

Kinderdeuntjes en wiegeliedjes. Kinderrijmpjes

Kinderdeuntjes en wiegeliedjes. Kinderrijmpjes Kinderdeuntjes en wiegeliedjes. Kinderrijmpjes J.J.A. Goeverneur bron. A.W. Sijthoff, Leiden ca. 1870-1880 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/goev001kind03_01/colofon.php 2011 dbnl i.s.m.

Nadere informatie