De relatie tussen leiderschap en cohesie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De relatie tussen leiderschap en cohesie"

Transcriptie

1 Bachelor scriptie De relatie tussen leiderschap en cohesie Anouk Schmidt Datum: Begeleider: 16 juni 2014 Dr. R.R.D. Oudejans 1 Faculteit der Bewegingswetenschappen, Vrije Universiteit Amsterdam

2 Inhoudsopgave 1. Samenvatting Inleiding Teamcohesie Definitie Taakcohesie vs. Sociale cohesie Operationalisatie Factoren die van invloed zijn op teamcohesie Leiderschap Definitie Soorten leiderschap Operationalisatie Factoren van invloed op cohesie Leiderschap en cohesie Discussie en conclusies Aanbevelingen Referenties

3 1. Samenvatting In een sportteam zijn er vele factoren die van invloed zijn op de prestatie van een team. Eén van die factoren is de samenhang binnen het team, ook wel (team)cohesie genoemd. In een team met sporters die goed samenwerken is vaak sprake van een grote cohesie, waardoor de prestatie ook beter is. Er zijn verschillende variabelen die de cohesie binnen een team kunnen beïnvloeden. Een belangrijke variabele is leiderschap. In deze scriptie zal de relatie tussen leiderschapsfactoren en teamcohesie worden besproken. De algemene onderzoeksvraag van deze studie luidt: Wat is de relatie tussen leiderschapsfactoren en teamcohesie? Uit de resultaten komt naar voren dat zowel voor een coach leader als athlete leader geldt dat hij/zij het beste democratisch, in tegenstelling tot autocratisch, gedrag kan vertonen en daarnaast voldoende aandacht kan besteden aan training en instructie en sociale steun. Voor de coach leader kan positieve feedback daar ook nog aan toegevoegd worden. Daarnaast geldt dat wanneer een athlete leader een stijl aanneemt waarbij de focus ligt op het bevorderen van de acceptatie van de groepsdoelen en teamwork, hoge verwachtingen van de prestaties en individuele aandacht, dit resulteert in een toename van de taakcohesie binnen het team. Verder resulteert het bevorderen van de acceptatie van de groepsdoelen en teamwork in een toename van de sociale cohesie. De resultaten wijzen erop dat leiderschapsgedragingen en leiderschapsstijlen van de coach en sporter een effect hebben op de cohesie binnen een team en dat de coach en athlete leader een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van teamcohesie. Wat nu precies de relatie is tussen leiderschapsfactoren en teamcohesie, is afhankelijk van de soort leiderschap die het betreft. 3

4 2. Inleiding Het is een veel voorkomend verschijnsel in de sportwereld, teams met talentvolle spelers die falen om te presteren of teams met minder talentvolle spelers die ver boven verwachting presteren. Het zijn situaties die elk seizoen opnieuw, in verschillende teamsporten, voorkomen. Hoe kan het dat een team met hele talentvolle sporters, die op het eerste gezicht geen onderlinge problemen met elkaar lijken te hebben, niet goed presteert? Het lijkt erop dat er iets ontbreekt. Maar wat? Voormalig Red Sox speler Rob Murphy uit het als volgt in 1988: We ve got a funny chemistry here. It s a strange mixture of guys. They re all good guys; I don t have any problem with any of them. They are guys who have great talent and good dispositions, but the mix something is not there. I can t really explain it other than it s a strange chemistry. (Cox, 2007, p. 375). Het (ontbrekende) verschijnsel, dat Rob Murphy in bovenstaande uitspraak beschrijft, heeft betrekking op de samenhang van het team. Deze samenhang wordt in de sportpsychologie ook wel cohesie genoemd. Het is een complex begrip, want het is niet direct zichtbaar en lastig te omschrijven of definiëren. Een vooraanstaand sportpsycholoog, Albert Carron, omschreef het begrip groepscohesie als a dynamic process which is reflected in the tendency for a group to stick together and remain united in the pursuit of goals and objectives (Carron, 1982, p. 124). Uit deze definitie komt naar voren dat cohesie een construct is dat de sterkte van de band binnen een groep weergeeft (Carron, 1982). Er wordt gesproken van een groep wanneer er o.a. twee of meer personen met elkaar in interactie zijn, de personen elkaar beïnvloeden en de groep als zodanig door een ander wordt herkend (Bakker & Oudejans, 2012). In elke groep is sprake van cohesie, de sterkte van deze band verschilt echter per groep. Voorbeelden van verschillende groepen zijn: militairen, sportteams, zakelijke groepen, etc. Uit de literatuur komt naar voren dat de cohesie het sterkst is in sportteams (Mullen & Copper, 1994), dus kan in het geval van een team gesproken worden van teamcohesie. Er kunnen twee typen cohesie worden onderscheiden, namelijk de mate waarin teamleden samenwerken om een gezamenlijk doel te bereiken (taakcohesie) en de mate waarin de leden van het team elkaar mogen en om die reden graag onderdeel van het team uitmaken (sociale cohesie) (Cox, 2007; Martin et al., 2013). Van belang voor het bestuderen van teamcohesie is het begrijpen van de groepsdynamiek (Cox, 2007). Er zijn verschillende variabelen die van invloed (kunnen) zijn op de grootte van de cohesie binnen een team. Zo kan de grootte van het team van invloed zijn, de motivatie (passie) van de teamleden, de trainingsintensiteit en instructies, de rolverdeling binnen het team en nog vele andere variabelen. Al deze variabelen zijn in vier categorieën onder te verdelen, namelijk (1) omgevingsfactoren, (2) persoonlijke factoren, (3) leiderschapsfactoren en (4) teamfactoren (Cox, 2007; Bakker & Oudejans, 2012; Martin et al., 2013). Het ligt voor de hand dat de teamcohesie het sterkt is wanneer er sprake is van een optimale combinatie van de verschillende variabelen. 4

5 In de sport is het algemeen bekend dat een team met sporters die goed samenwerken effectiever is dan een team met sporters die hun taken afzonderlijk van elkaar uitvoeren (Cox, 2007). Daaruit volgt dat aangenomen wordt dat een grotere teamcohesie in het team gerelateerd is aan een betere prestatie (Carron et al., 2002; Carron & Chelladurai, 1981; Beal & Cohen, 2003). Met andere woorden, teamcohesie zou een belangrijke factor zijn voor het verbeteren van prestaties. Uit bovenstaande kan afgeleid worden dat de prestatie zal verbeteren wanneer de vier bovengenoemde factoren, die van invloed zijn op teamcohesie (omgevingsfactoren, persoonlijke factoren, leiderschapsfactoren en teamfactoren), zo optimaal mogelijk zijn. Hoewel over elk van deze vier factoren gezegd kan worden dat ze een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van cohesie, zal ik me in deze scriptie voornamelijk focussen op de invloed van de leiderschapsfactoren. Dit is mogelijk een van de belangrijkste factoren, omdat het zeer nauw verwant is aan de effectiviteit van een groep (Carron, Hausenblas & Eys, 2005). Daarnaast is er de afgelopen 10 jaar veel onderzoek gedaan naar de relatie tussen leiderschapsfactoren en teamcohesie. In deze literatuurstudie wordt dan ook getracht een overzicht te geven van de reeds bestaande literatuur over de relatie tussen leiderschapsfactoren en teamcohesie. Daarbij zal de focus met name liggen op de ontwikkeling van de afgelopen 10 jaar. Voor geïnteresseerden, zoals coaches en begeleiders, kan deze studie eventueel bruikbare informatie geven over de begrippen leiderschap en teamcohesie. Wanneer men bekend is met de onderliggende factoren van leiderschapsfactoren en teamcohesie kan gepoogd worden deze kennis toe te passen in bijvoorbeeld teambuildinginterventies, zodat betere prestaties behaald kunnen worden. De algemene onderzoeksvraag van deze studie luidt: Wat is de relatie tussen leiderschapsfactoren en teamcohesie? Om deze vraag te kunnen beantwoorden zal eerst het begrip teamcohesie in het algemeen besproken worden, daarna zullen de factoren die van invloed zijn op teamcohesie aan bod komen, waarna dieper wordt ingegaan op de leiderschapsfactoren. Vervolgens zal de relatie tussen leiderschapsfactoren en teamcohesie worden besproken aan de hand van de bevindingen in recente studies waarin deze relatie onderzocht is. 5

6 3. Teamcohesie 3.1. Definitie Een zeer gedateerde definitie van cohesie is de definitie van Festiger (1950), die groepscohesie omschreef als "the resultant forces which are acting on the members to stay in a group" (Mullen & Copper, 1994, p. 210). Deze definitie en de omschrijving van Mudrack (1989), cohesion is represented by a group that is bonded and sticks together, zijn beide een voorbeeld van een eendimensionale omschrijving van het begrip cohesie. Beide auteurs waren echter van mening dat cohesie beter weergegeven wordt door meerdere dimensies. In de inleiding werd zo n meerdimensionale definitie gegeven van Carron (1982). Deze definitie werd een aantal jaren later aangescherpt naar a dynamic process that is reflected in the tendency for a group to stick together and remain united in the pursuit of its instrumental objectives and/or for the satisfaction of member affective needs (Carron, Brawley, & Widmeyer, 1998, p. 213). De kracht van deze definitie is dat het vier belangrijke kenmerken van cohesie weergeeft (Carron & Eys, 2012). 1. Meerdimensionaal. Leden sluiten zich aan en blijven in groepen voor vele verschillende redenen en deze redenen verschillen tussen groepen. 2. Dynamisch. De krachten die werken op een lid om zich aan te sluiten en bij groepen betrokken te blijven zijn niet stabiel en kunnen veranderen als groepen zich ontwikkelen in de tijd. 3. Instrumenteel. Elke groep heeft een doel voor zijn vorming en daarom een doel voor zijn acties. 4. Affectief. Alle groepen zijn voorzien van een samenhang voor de ontwikkeling van sociale relaties, goede of slechte, tijdens hun bestaan. In aanvulling op deze kenmerken ontwikkelden Carron, Widmeyer en Brawley (1985) het conceptuele model van cohesie. In de volgende alinea s wordt dit model uitgebreid besproken. 3.2 Taakcohesie vs. Sociale cohesie Het onderscheid tussen taakcohesie en sociale cohesie werd in 1969 al gemaakt door Mikalachki (aangehaald in Carron, 1982 en Carron et al., 1985). Hij stelde dat de twee concepten (taakcohesie en sociale cohesie) afzonderlijk van elkaar beschouwd moesten worden wat betreft oorzaken en gevolgen (Carron et al., 1985). Zoals in de inleiding al aan bod kwam heeft taakcohesie te maken met de mate waarin teamleden samenwerken om een gezamenlijk doel te bereiken, terwijl sociale cohesie betrekking heeft op de mate waarin de leden van het team elkaar mogen en om die reden graag onderdeel van het team uitmaken (Cox, 2007; Martin et al., 2013). 6

7 3.3 Operationalisatie In het verleden werd het construct teamcohesie op zoveel verschillende manier gemeten, dat het niet goed mogelijk was om de bevindingen van verschillende studies met elkaar te vergelijken. Daarom ontwikkelden Widmeyer, Brawley en Carron in 1985 een instrument om teamcohesie meetbaar te maken: The Group Environment Questionnaire (GEQ). Het is inmiddels bijna 30 jaar geleden dat dit instrument werd ontwikkeld, maar in recente studies wordt de GEQ nog steeds gebruikt om de cohesie binnen een team te meten (Vincer & Loughead, 2010; Spink et al., 2010; Marcos et al., 2012). De ontwikkeling van de GEQ begon met het opstellen van een conceptueel model van teamcohesie. In dit model maakten Carron et al. (1985) ten eerste onderscheid tussen taakcohesie en sociale cohesie. Deze twee vormen van groepsoriëntatie zijn hierboven besproken. Daarnaast maakten ze onderscheid tussen hoe een sporter de groep als geheel ervaart (groepsintegratie) en de persoonlijke aantrekkingskracht van de sporter tot de groep (individuele aantrekkingskracht). Groepsintegratie heeft betrekking op hoe verbonden en hecht een groep als geheel is, terwijl de individuele aantrekkingskracht betrekking heeft op persoonlijke betrokkenheid van een teamlid bij het team en de betrokkenheid met andere groepsleden (Carron et al., 1985). De twee vormen van perceptie (groepsintegratie versus individuele aantrekkingskracht) en de twee vormen van groepsoriëntatie (taak versus sociaal) leiden samen tot vier aspecten van teamcohesie: groepsintegratie taak (GI-T), groepsintegratie sociaal (GI-S), individuele aantrekkingskracht taak (ATG-T) en individuele aantrekkingskracht sociaal (ATG-S) (Carron et al., 1985). Er wordt aangenomen dat de vier constructen met elkaar correleren, omdat er interactie bestaat tussen verschillende taakoriëntaties en sociale oriëntaties, die door de mensen op individueel niveau en op groepsniveau worden beschouwd (Carron et al., 1985). In Figuur 1 is het conceptuele model, dat de basis vormt voor de GEQ, schematisch weergegeven. Figuur 1 Het conceptuele model van cohesie (Carron, Widmeyer, & Brawley, 1985). 7

8 De GEQ meet dus vier aspecten van teamcohesie (Carron et al., 1985): 1. Groepsintegratie-taak (GI-T) is de mate waarin een groep is verenigd in de richting van het bereiken van zijn instrumentele doelstellingen (bijvoorbeeld: Hoe goed een team samenwerkt op het speelveld om het spel te winnen); 2. Individuele aantrekkingskracht-taak (ATG-T) heeft te maken met individuele motivaties met betrekking tot de instrumentele doelstellingen van de groep (bijvoorbeeld: Hoe geïntegreerd en gemotiveerd een teamlid zich voelt over de persoonlijke betrekking tot de groepstaak); 3. Groepsintegratie-sociaal (GI-S) is de mate waarin een groep is verenigd in de richting van het ontwikkelen van sociale relaties en activiteiten binnen de groep (bijvoorbeeld: Hoe waarschijnlijk het is dat het team voor sociale doeleinden samenkomt buiten de sportcontext); 4. Individuele aantrekkingskracht-sociaal (ATG-S) heeft te maken met individuele motivaties met betrekking tot de sociale relaties en activiteiten binnen de groep (bijvoorbeeld: Hoe geïntegreerd en gemotiveerd een teamlid zich voelt met betrekking tot het maken van vrienden en tijd doorbrengen met anderen van het team). In het verleden was het onderzoek naar teamcohesie vooral gericht op volwassen groepen. Inmiddels bestaan er sinds een aantal jaar ook een aantal instrumenten om cohesie specifiek in jonge groepen te meten, waaronder The Youth Sport Environment Questionnaire (Eys et al., 2009) en de Child Sport Questionnaire (Martin et al. 2013). Een andere methode dan de GEQ om de cohesie binnen een team te meten is het gebruik van de Physical Activity Group Environment Questionnaire (PAGEQ). De PAGEQ heeft validiteit aangetoond in het meten van groepscohesie onder volwassen sporters (Estabrooks & Carron, 2000). De PAGEQ meet net als de GEQ vier aspecten van teamcohesie: groepsintegratie taak (GI-T), groepsintegratie sociaal (GI-S), individuele aantrekkingskracht taak (ATG-T) en individuele aantrekkingskracht sociaal (ATG-S) (Caperchione et al.,2011). Het verschil tussen de GEQ en de PAGEQ is dat de laatstgenoemde vragenlijst beter van toepassing is op (oudere) volwassen sporters. Uit onderzoek bleek dat volwassenen boven de 35 jaar een andere opvatting hebben van cohesie dan jongere volwassen. Met de PAGEQ kan de cohesie onder volwassen beter weergegeven worden dan met de GEQ (Estabrooks & Carron, 2000). 8

9 4. Factoren die van invloed zijn op teamcohesie Uit bovenstaande alinea s is het al duidelijk geworden dat het begrip teamcohesie geen eenvoudig construct is. Het hangt dan ook samen met vele verschillende variabelen. Voorbeelden zijn de grootte van het team, de motivatie, de rolverdeling binnen de groep, etc. Carron (1982) maakte onderscheid in deze vele factoren die van invloed zijn op de cohesie in een sportteam. Uit deze studie komt naar voren dat deze factoren in vier categorieën uiteenvallen: 1. Omgevingsfactoren 2. Persoonlijke factoren 3. Leiderschapsfactoren 4. Teamfactoren Deze vier factoren hebben op hun beurt ook onderling invloed op elkaar, waarbij er een verschil bestaat in hoe groot deze invloed is en hoe groot de uiteindelijk invloed op de cohesie van het team is. In Figuur 2 is te zien hoe deze factoren zich onderling met elkaar verhouden. Figuur 2 Schematisch overzicht van de factoren die van invloed zijn op de cohesie in een team (Carron, 1982). 9

10 Omgevingsfactoren, ook wel situationele factoren genoemd, verwijzen naar de sociale en fysieke kenmerken van de omgeving van het team en omvatten aspecten als de aard van de taak (Vincer & Loughead, 2010), organisatorische factoren en geografische aspecten (Carron & Eys, 2012). Voorbeelden zijn het niveau van de competitie waaraan het team deelneemt, de grootte van het team en de afstand van de woonplaats van de teamleden tot elkaar en de sportclub (Martin et al., 2013). Carron (1982) maakt onderscheid tussen twee typen omgevingsfactoren: contractuele verantwoordelijkheid en de aard van de organisatie. Contractuele verantwoordelijkheid heeft betrekking op de regels over een eventuele financiële bijdrage en/of transfer, geografische beperkingen voor deelname van amateurs en de contractuele verplichtingen. De aard van de organisatie is het tweede type omgevingsfactor die invloed heeft op de cohesie. Organisaties (bijv. sportclubs, sportbonden, e.d.) verschillen in doelstellingen en strategieën voor deze doelstellingen. Een goed voorbeeld van twee organisaties waarvan de aard sterk verschilt zijn een amateurvoetbalclub en een professionele voetbalclub. Over het algemeen draagt de aard van de organisatie bij aan de grootte en sterkte van de onderliggende taakcohesie en sociale cohesie binnen een team (Carron, 1982). Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat teamcohesie makkelijker ontstaat in teams die in een lage competitie spelen en dat de cohesie in een team afneemt wanneer de grootte van het team toeneemt (Martin et al., 2013). De tweede variabele, persoonlijke factoren, verwijst naar de individuele factoren, zoals bijvoorbeeld individuele kennis en kunde, persoonlijkheid en motivatie (Vincer & Loughead, 2010). Carron (1982) maakt onderscheid in drie typen persoonlijke factoren die de cohesie mogelijk beïnvloeden. De eerste is individuele oriëntatie/motivatie. Een individueel teamlid is georiënteerd met betrekking tot drie richtingen: (1) het vervullen van de groepstaak (taakmotivatie), (2) het ontwikkelen en bewaren van een harmonieuze relatie met de groep (verwantschapmotivatie) en (3) het behalen van persoonlijke voldoening uit de groep en activiteiten (zelfmotivatie). Deze drie motivaties dragen allen op een andere manier bij aan de cohesie (Carron, 1982). Het tweede type van de persoonlijke factoren is individuele tevredenheid. Cohesie, prestatie en tevredenheid zijn alle drie aan elkaar gerelateerd. Aanwezigheid van teamcohesie in een groep zorgt voor een betere prestatie en uiteindelijk voor succes. Wanneer succes behaald wordt, zorgt dit voor tevredenheid bij de teamleden onderling en dit zorgt weer voor meer cohesie. Het derde type van de persoonlijke factoren zijn individuele verschillen. Dit heeft betrekking op het verschil in leeftijd, achtergrond, sekse, etc. Er is echter niet veel empirische bewijs om te kunnen vaststellen dat verschil in sekse van invloed is op de cohesie (Carron, 1982; Carron & Eys, 2012). De derde variabele, die van invloed is op cohesie, betreft leiderschapsfactoren. In de meeste onderzoeken naar leiderschap wordt de coach als leider beschouwd. De afgelopen jaren is echter ook onderzoek gedaan naar de invloed van teamspelers als leiders. Een voor de hand liggende teamspeler als leider is natuurlijk de aanvoerder. Er kunnen vier typen leiderschapsfactoren worden onderscheiden die de cohesie mogelijk beïnvloeden: 10

11 leiderschapsgedrag, leiderschapsstijl, de relatie tussen de coach en de sporter en de relatie tussen de coach en het team (Carron, 1982; Vincer & Loughead, 2010). Wanneer de relatie tussen de coach en het team goed is, wordt de coach beschouwd als een soort teamlid (met meer gezag). Wanneer deze relatie niet goed is en er sprake is van een conflict tussen de coach en de teamleden, wordt de coach uitgesloten van die plek als teamlid (Carron, 1982). Verder blijkt uit onderzoek dat veel training en instructies, sociale steun en positieve feedback leiden tot een toename van de cohesie. Daarnaast leidt een democratische beslissingsstijl tot een toename van de cohesie (Carron & Eys, 2012). Er is sprake van een democratische beslissingsstijl wanneer de leider de mening van teamleden meeweegt bij het nemen van een beslissing. In de volgende paragraaf zal verder en uitgebreider worden ingegaan op het begrip leiderschap. De drie bovengenoemde factoren (omgevingsfactoren, persoonlijke factoren en leiderschapsfactoren) dragen allen bij aan de laatste, en meest specifieke, categorie: teamfactoren. Teamfactoren verwijzen naar groepsfactoren, zoals teamnormen, teamstabiliteit, collectieve doeltreffendheid en de groepsinteracties (Vincer & Loughead, 2010). Volgens Carron (1982) bestaan er zes typen teamfactoren. Een van die factoren is groepsoriëntatie. De oriëntatie van een groep is afhankelijk van de balans die er heerst tussen sociale invloeden en taakinvloeden. Om te achterhalen wat de invloed van cohesie op de prestatie is, moet gekeken worden naar de oriëntatie van de groep. Een tweede factor is de productiviteitsnorm van de groep. Dit heeft te maken met de standaard die het team stelt met betrekking tot prestaties (Carron, 1982). Hoe groter de cohesie in het team, hoe meer overeenstemming er bestaat over de normen (Martin et al.,2013). Deze relatie is hoogstwaarschijnlijk bidirectioneel (Carron, 1982). Een derde factor is de teamstabiliteit. Dit heeft te maken met de duur dat teamleden van een team bij elkaar zijn. Hoe langer een team bij elkaar blijft, hoe groter de mogelijkheid is dat er sociale cohesie en/of taak cohesie ontstaat. Een vierde factor is het streven naar groepssucces. Het is echter niet zeker of deze factor daadwerkelijk een voorspeller voor cohesie is. De vijfde factor is de groepstaak. De aard van de groepstaak heeft veel invloed op de groepscohesie (Carron & Chelladurai, 1981). In de studie van Carron (1982) wordt group ability ook als teamfactor genoemd, hierover wordt in de tekst echter niks vermeld. Naast de genoemde factoren behoort ook het teamzelfvertrouwen tot de teamfactoren. Teamzelfvertrouwen hangt samen met teamcohesie en ze zouden elkaar over en weer versterken (Bakker & Oudejans, 2012). In Tabel 1 zijn de bovengenoemde factoren nogmaals op een rijtje gezet. Per factor zijn van de onderliggende variabelen de correlaties met de cohesie weergegeven. De relatie tussen de factoren en de cohesie werkt voor sommige variabelen twee richtingen op. 11

12 Tabel 1 Vier categorieën die correleren met cohesie (Martin et al., 2013). 12

13 5. Leiderschap In de vorige paragraaf zijn de factoren die van invloed zijn op teamcohesie kort besproken. Een van die factoren betreft de leiderschapsfactoren. Zoals in de inleiding al aan bod kwam is dit mogelijk een van de belangrijkste factoren die van invloed is op teamcohesie. Voordat de invloed van leiderschap op teamcohesie besproken kan worden, zal in deze paragraaf eerst dieper worden ingegaan op het begrip leiderschap. 5.1 Definitie Leiderschap is een complex en divers onderwerp. Leiderschap is vaak gemakkelijk te herkennen, maar in de praktijk is het moeilijk om precies te definiëren (Day & Antonakis, 2012). In de afgelopen 60 jaar zijn er wel 65 verschillende classificatiesystemen ontwikkeld om de dimensies van de leidingschap te definiëren. Ondanks de vele manieren waarop leiderschap opgevat kan worden, kan van vier componenten vastgesteld worden dat ze centraal staan in het begrip leiderschap: (1) leiderschap is een proces, (2) leiderschap omvat invloed, (3) leiderschap komt voor in groepen en (4) leiderschap omvat gemeenschappelijke doelen (Northouse, 2013). Uit deze vier componenten volgt de volgende definitie van leiderschap: Leadership is a process whereby an individual influences a group of individuals to achieve a common goal (Northouse, 2013, p. 5). De eerste component die centraal staat in de definitie is dat leiderschap een proces is. Het definiëren van leiderschap als een proces geeft aan dat het geen kenmerk of eigenschap is dat zich bevindt in de leider, maar dat het om een interactieve gebeurtenis gaat tussen de leider en volgers. Het woord proces impliceert dat de leider de volgers beïnvloedt en dat de leider door hen wordt beïnvloed. Het is dus een interactief proces. De tweede component betreft invloed. Het heeft te maken met hoe de leider zijn volgers beïnvloedt. Invloed is noodzakelijk wanneer het gaat om leiderschap, want zonder invloed bestaat leiderschap niet. De derde component is dat leiderschap voorkomt in groepen. Groepen zijn de context waarin leiderschap voorkomt. Leiderschap gaat om het beïnvloeden van een groep individuen die een gemeenschappelijk doel hebben. Andere mensen (een groep) zijn nodig voor het ontstaan van leiderschap. De laatste component betreft gemeenschappelijke doelen. Leiderschap betreft het leiden van een groep mensen naar een bepaald gemeenschappelijk doel (Northouse, 2013; Loughead & Hardy, 2005). Uit het bovenstaande komt naar voren dat leiders en volgers dus samen betrokken zijn in het proces van leiderschap. Mensen die zich bezighouden met leiderschap worden leiders genoemd en degenen tot wie het leiderschap is gericht worden volgelingen genoemd. Leiders kunnen niet zonder volgers en volgers niet zonder leiders (Northouse, 2013). 13

14 5.2 Soorten leiderschap De term leiderschap is een vrij breed en algemeen begrip. Net zoals teamcohesie onderverdeeld kan worden in twee typen cohesie, kunnen er dan ook verschillende soorten leiderschap onderscheiden worden. In het onderzoek naar leiderschap en teamcohesie richt men zich vaak op een specifiek soort leiderschap. Hieronder zullen de verschillende soorten leiderschap, die voor deze scriptie relevant zijn, besproken worden. Assigned vs. Emergent Leadership Op basis van de functies die mensen bekleden kan onderscheid worden gemaakt tussen twee soorten leiderschap. Sommige mensen zijn leiders vanwege hun formele positie in een organisatie of groep, terwijl andere leiders zijn vanwege de manier waarop andere groepsleden op hen reageren. In het eerst geval gaat het om assigned leadership (Northouse, 2013), ook wel formal leadership genoemd (Carron & Hausenblas, 1998; Loughead & Hardy, 2005). Voorbeelden van zulke leiders zijn coaches en teamaanvoerders. Zij zijn door het team of de club aangewezen als leider. Daarentegen gaat het om emergent leadership (Northouse, 2013), ook wel informal leadership genoemd (Carron & Hausenblas, 1998; Loughead & Hardy, 2005), wanneer anderen een individu beschouwen als het meest invloedrijke lid van de groep of een organisatie (ongeacht de titel of functie van het individu). Deze persoon verkrijgt het leiderschap doordat andere mensen in de organisatie of groep het gedrag van die persoon aanmoedigen en accepteren (Northouse, 2013). Athlete vs. Coach leadership Wanneer we spreken van een team, hebben we in de meeste gevallen te maken met twee of meer teamleden en een coach. Het ligt voor de hand dat de coach een leidinggevende rol heeft. We spreken dan van coach leadership. Teamleden kunnen echter ook als leider optreden in een team. We spreken dan van athlete leadership (leiders onder de sporters). Hierin kan onderscheid gemaakt worden tussen formele ( assigned ) en informele ( emergent ) leiders (zoals in de vorige alinea besproken is). Daarnaast maken Loughead, Hardy en Eys (2006) nog een onderscheid in team leaders en peer leaders. Team leaders zijn spelers die door minstens de helft van de teamleden als leider worden gezien. Peer leaders zijn spelers die door minstens twee teamleden als leider worden gezien (Bakker & Oudejans, 2012). De twee verschillende vormen van leiderschap (athlete en coach leadership) spelen in de meeste gevallen beiden een rol binnen het team. Het hoeft niet zo te zijn dat wanneer er sprake is van coach leaderschip, er geen athlete leadership bestaat, of andersom. Transactional vs. Transformational Leadership De vormen transactional en transformational leadership hebben met name betrekking op de manier waarop leiderschap wordt gerealiseerd. Het verschil tussen transactional en transformational leadership heeft te maken met de omgangsvorm van de leider ten 14

15 opzichte van de volger. De theorie van Burns (1978) stelt dat transactional leadership te maken heeft met de uitwisseling van processen tussen de leider en de volger, waarbij de volger directe beloningen of straffen ontvangt. Een voorbeeld van transactional leadership is wanneer een leraar (de leider) een cijfer toekent aan een gemaakte opdracht van een student (de volger). In tegenstelling tot transactional leadership is er bij transformational leadership sprake van het opbouwen van een persoonlijke relatie tussen de leider en zijn volger(s) met als doel het niveau van motivatie en potentie te verhogen voor zowel de volgers als de leider (aangehaald in Northouse, 2013; Smith et al., 2013; Callow et al., 2009). 5.3 Operationalisatie Een veelgebruikte methode om leiderschap te operationaliseren is aan de hand van de Leadership Scale for Sports (LSS) van Chelladurai en Saleh (1980). De Leadership Scale for Sports omvat vijf dimensies van leiderschapsgedrag in sport, te weten: (1) training en instructie (d.w.z. het verbeteren van de prestaties van de sporter), (2) democratisch gedrag (d.w.z. leden van de groep betrekken bij het besluitvormingsproces), (3) autocratisch gedrag (d.w.z. onafhankelijk optreden in de besluitvorming), (4) sociale steun (d.w.z. het voldoen aan persoonlijke behoeften van leden van de groep) en (5) positieve feedback (d.w.z. het belonen van goede prestaties). De LSS is tot dusver vooral gebruikt in onderzoeken waarbij de focus lag op het leiderschapsgedrag van coaches (Vincer & Loughead, 2010; Loughead & Hardy, 2005). De LSS kan echter ook toegepast worden op het onderzoeken van leiderschapsgedrag van teamleden. Op het gebied van leiderschap wordt naast leiderschapsgedragingen ook onderzoek gedaan naar leiderschapsstijlen. De laatste jaren is vooral veel onderzoek gedaan naar transformational leadership, waarvoor vaak gebruik wordt gemaakt van de Differentiated Transformational Leadership Inventory (DTLI) (Callow et al., 2009; Smith et. al., 2013). De DTLI is een inventarisatie die zes gedragingen meet van transformational leadership: (1) inspirerende motivatie (bijv. "Mijn coach/aanvoerder praat enthousiast over wat er moet worden bewerkstelligd ), (2) passende rolverdeling (bijv. "Mijn coach/aanvoerder leidt vanaf de voorzijde wanneer hij / zij kan"), (3) individuele aandacht (bijv. "Mijn coach/aanvoerder erkent dat verschillende spelers verschillende behoeften hebben"), (4) intellectuele stimulatie (bijv. "Mijn coach/aanvoerder daagt mij uit om op nieuwe manieren na te denken over problemen"), (5) hoge verwachtingen van de prestaties (bijv. "Mijn coach/aanvoerder verwacht dat wij hoge standaards bereiken") en (6) het bevorderen van de acceptatie van de groepsdoelen en teamwork (bijv. "Mijn coach/aanvoerder ontwikkelt een sterke houding en teamgeest tussen teamleden") (Smith et al., 2013). Wanneer het gaat om met meten van transformational leadership in sportteams, worden de psychometrische eigenschappen van de DTLI gesteund (Callow et al.,2009). 15

16 5.4 Factoren van invloed op cohesie In de vorige paragraaf werden vier typen leiderschapsfactoren genoemd ( leiderschapsgedrag, leiderschapsstijl, de relatie tussen de coach en de sporter en de relatie tussen de coach en het team ) die volgens Carron (1982) invloed hebben op de cohesie binnen een groep. De vijf dimensies die worden gemeten met de Leadership Scale for Sports, zoals hierboven besproken, hebben betrekking op het gedrag van de leider (leiderschapsgedrag). De twee besproken vormen van leiderschap, transactional en transformational leadership, zijn voorbeelden van de stijl die een leider kan toepassen (leiderschapsstijlen). Naast deze twee factoren zijn ook de relatie tussen de coach en de sporter en de relatie tussen de coach en het team van invloed op de cohesie binnen het team (Carron, 1982; Vincer & Loughead, 2010). In deze scriptie zullen echter alleen studies over leiderschapsgedragingen en leiderschapsstijlen aan bod komen, simpelweg omdat er naar de relatie tussen de coach en de sporter/het team nog niet zoveel onderzoek is gedaan. In de volgende paragraaf zal besproken worden op welke manieren deze factoren van invloed zijn op de cohesie. 16

17 6. Leiderschap en cohesie Eerder onderzoek heeft uitgewezen dat leiderschapsgedragingen een cruciale rol spelen in het ontwikkelen van teamcohesie (Carron, 1982). In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van de studies die de afgelopen tien jaar zijn gedaan naar de relatie tussen leiderschap en cohesie. Zoals in de vorige paragraaf beschreven is kan er onderscheid gemaakt worden in coach leadership en athlete leadership. De studies waarin onderzoek is gedaan naar de relatie tussen leiderschap en teamcohesie kunnen dan ook onderverdeeld worden in deze twee verschillende soorten leiderschap. Eerst zal een overzicht gegeven worden van studies waarin de relatie tussen coach leadership en teamcohesie is onderzocht, vervolgens zal een overzicht worden gegeven van studies waarin de relatie tussen athlete leadership en teamcohesie is onderzocht. Coach leadership en teamcohesie In de studie van Jowett en Chaundy (2004) werd de relatie tussen leiderschapsgedragingen van de coach en teamcohesie onderzocht. Op basis van resultaten uit eerdere onderzoeken werd verwacht dat de leiderschapsgedragingen van de coach zowel taakcohesie als sociale cohesie zouden voorspellen. Om de relatie tussen leiderschapsgedragingen en teamcohesie te bepalen, werd door 111 sporters (86 mannen, 25 vrouwen) van een universiteit de Leadership Scale for Sports (LSS) en de Group Environment Questionnaire (GEQ) ingevuld. De sporters beoefenden verschillende sporten, maar wel allemaal op teamniveau. Uit het onderzoek komt naar voren dat de leiderschapsgedragingen training en instructie, democratisch gedrag, sociale steun en positieve feedback 26% van de taakcohesie verklaren en 12% van de sociale cohesie. Zoals verwacht voorspellen de leiderschapsgedragingen van de coach dus inderdaad zowel taakcohesie als sociale cohesie, waarbij de leiderschapsgedragingen een sterkere en betere relatie laten zien met taakcohesie dan met sociale cohesie. Een mogelijke verklaring die voor dit verschil wordt gegeven is dat in een competitieve sport het onderliggende doel van de leiderschapsgedragingen van de coach is om teams op zo n manier te beïnvloeden dat een klimaat gecreëerd wordt waarin teamleden samenwerken om teamsucces te bereiken. Ook in de studie van Murray (2006) werd een relatie gevonden tussen leiderschapsgedragingen van de coach en teamcohesie. Murray (2006) onderzocht deze relatie onder 320 mannelijke voetbal- en basketbalspelers van een middelbare school m.b.v. de LSS en de GEQ. Hij onderzocht niet alleen of er een verband was tussen leiderschapsgedragingen en teamcohesie, maar ook of de mate van teamcohesie verandert bij hogere scores op de LSS. Verwacht werd dat hogere scores op de LSS voor training en instructie, democratisch gedrag, positieve feedback en sociale steun positief gerelateerd zouden zijn aan een hogere mate van taakcohesie en sociale cohesie. Ook deze hypothese is gebaseerd op resultaten uit eerdere onderzoeken naar leiderschap en cohesie. Uit de resultaten van het onderzoek komt naar voren dat de hypothese deels gesteund wordt. Een hogere mate van taakcohesie en sociale cohesie is inderdaad gerelateerd aan een hogere 17

18 mate van positieve feedback, training en instructie en sociale steun, terwijl democratisch gedrag niet aanzienlijk bijdraagt aan de mate van cohesie. Met name coaches die hoog scoorden op training en instructie en positieve feedback, hadden teams met meer taakcohesie en sociale cohesie. In de studie van Ramzaninezhad en Keshtan (2009) werd de relatie tussen leiderschapsstijlen en teamcohesie binnen professionele voetbalclubs onderzocht. In dit geval wordt met leiderschapsstijlen gedoeld op leiderschapsgedragingen, want een van de verwachtingen in deze studie is dat coachgedrag invloed heeft op groepscohesie. Ook deze hypothese werd opgesteld aan de hand van uitkomsten van eerdere onderzoeken. Om de hypothese te testen werd door 264 voetballers de LSS en de GEQ ingevuld. Uit de resultaten komt naar voren dat een grotere mate van taakcohesie en sociale cohesie gerelateerd is aan een hoger niveau van training en instructie, democratisch gedrag, sociale steun en positieve feedback. Daarnaast is een hogere mate van taakcohesie en sociale cohesie gerelateerd aan een lager niveau van autocratisch gedrag. Dit komt deels overeen met de uitkomsten van de studie van Murray (2006), alleen vond Murray dat democratisch gedrag niet aanzienlijk bijdraagt aan de mate van cohesie. Net als Ramzaninezhad en Keshtan (2009) onderzochten Alemu en Babu (2012) ook de relatie tussen leiderschapsstijlen en teamcohesie, waarbij de leiderschapsstijlen in dit geval ook weer leiderschapsgedragingen betreft. Om de relatie te onderzoeken werden ook in deze studie de LSS en GEQ gebruikt. Deze werden ingevuld door 180 mannelijke voetballers. In deze studie werd geen duidelijke hypotheses gesteld. Uit de resultaten komt naar voren dat er een positieve relatie bestaat tussen teamcohesie en de leiderschapsgedragingen training en instructie, democratisch gedrag en sociale steun. Daarnaast werd er een niet-significante positieve relatie gevonden tussen teamcohesie en positieve feedback en een niet-significante negatieve relatie tussen teamcohesie en autocratisch gedrag. De genoemde relaties met teamcohesie gelden voor zowel taakcohesie als sociale cohesie. Deze resultaten komen overeen met de uitkomsten van de studie van Ramzaninezhad en Keshtan (2009), alhoewel in tegenstelling tot de studie van Ramzaninezhad en Keshtan (2009) wel een positieve, maar geen significante relatie wordt gevonden tussen de leiderschapsgedraging positieve feedback en sociale cohesie. In tegenstelling tot de resultaten van de bovengenoemde studies van Jowett en Chaundy (2004), Murray (2006), Ramzaninezhad en Keshtan (2009) en Alemu en Babu (2012), werd in de studie van Aoyagi et al. (2008) een negatieve relatie gevonden tussen leiderschap en teamcohesie. In deze studie werden de modellen van leiderschap, cohesie en tevredenheid met elkaar in verband gebracht. Een van de verwachtingen was dat leiderschap geassocieerd is met cohesie. Ook deze verwachting is gebaseerd op de uitkomsten van eerdere onderzoeken. Om de relatie tussen leiderschap en teamcohesie te onderzoeken werd de GEQ en LSS door 193 sporters (97 mannen, 96 vrouwen) van een universiteit ingevuld. Een deel van de sporters beoefende een teamsport, het andere deel een individuele sport. Met betrekking tot de individuele sporten worden sporten als golf, worstelen, zwemmen en duiken bedoeld. Het is onduidelijk of de sporters die een 18

19 individuele sport beoefenden deel uitmaakten van een team en of ze hebben deelgenomen aan het invullen van de GEQ. Uit de resultaten kwam naar voren dat het verband tussen leiderschap en teamcohesie negatief is. Wanneer de ervaren leiderschapsgedragingen overeenkwamen met de geprefereerde leiderschapsgedragingen, nam de teamcohesie af. Met andere woorden, wanneer de ervaren leiderschapsgedragingen minder overeenkwamen met de geprefereerde leiderschapsgedragingen, dan nam de cohesie binnen het team toe. Als mogelijke verklaring hiervoor wordt genoemd dat wanneer de sporters op gespannen voet staan met hun coach, ze zich meer tot elkaar wenden voor ondersteuning waardoor de samenhang binnen het team groter wordt. In deze studie wordt verder niet duidelijk hoe de onderliggende constructen van leiderschap (die door de LSS worden gemeten) zich verhouden tot de cohesie binnen het team. Ondanks het feit dat de resultaten uit bovengenoemde studies niet volledig in overeenstemming zijn met elkaar, kan gesteld worden dat er een relatie bestaat tussen leiderschapsgedragingen van de coach en teamcohesie. In een van de vijf studies komt naar voren dat deze relatie negatief is, terwijl in de overige vier studies een positief verband wordt gevonden. Uit de resultaten van de studies waarin een positief verband werd gevonden komt naar voren dat de leiderschapsgedragingen training en instructie, sociale steun, democratisch gedrag en positieve feedback positief gerelateerd zijn aan de cohesie binnen het team. Athlete leadership en teamcohesie Eerder onderzoek heeft uitgewezen dat, behalve de leiderschapsgedragingen van een coach, ook de leiderschapsgedragingen van een sporter binnen een team een positieve invloed hebben op de cohesie binnen dat team (Dupuis et al., 2006). Het was echter nog niet duidelijk welke leiderschapsgedragingen precies van invloed zijn. Vincer & Loughead (2010) hebben als een van de weinigen onderzoek gedaan naar de relatie tussen de leiderschapsgedragingen van een sporter (athlete leadership) en de teamcohesie. Vanwege het gebrek aan eerder onderzoek werden de hypotheses geformuleerd op basis van eerder onderzoek naar de relatie tussen leiderschapsgedragingen van de coach en teamcohesie. Verwacht werd dat de leiderschapsgedragingen training en instructie, democratisch gedrag, sociale steun en positieve feedback positief gerelateerd zouden zijn aan alle vier de dimensies van cohesie (ATG-T, ATG-S, GI-T en GI-S). Om die relatie te onderzoeken werden 312 sporters (182 mannen, 130 vrouwen), die allen een teamsport beoefenden, gevraagd de GEQ en een aangepaste versie van de LSS in te vullen. De LSS werd aangepast in die zin dat het stukje My coach in de stelling werd vervangen door The athlete leader(s) on my team. Er werd geen duidelijk onderscheid gemaakt tussen formele en informele athlete leaders. De resultaten van deze studie komen deels overeen met de verwachting. Er werd gevonden dat alle vier de dimensies van cohesie positief gerelateerd zijn aan de leiderschapsgedragingen training en instructie en sociale steun. Daarnaast zijn alle vier de dimensies van cohesie negatief gerelateerd aan de leiderschapsgedraging autocratisch gedrag. En als laatste werd gevonden dat alleen de dimensie ATG-T van cohesie gerelateerd is aan 19

20 leiderschapsgedraging democratisch gedrag. Voor de overige drie dimensies van cohesie werd dus geen relatie gevonden met democratisch gedrag en voor de leiderschapsgedraging positieve feedback werd zelfs geen enkele relatie gevonden met (een van de vier dimensies van) cohesie. Dit is in tegenstelling met eerder onderzoek naar de relatie tussen leiderschapsgedragingen van de coach en cohesie (Jowett & Chaundy, 2004; Murray, 2006; Ramzaninezhad & Keshtan, 2009). Bovendien vonden Loughead en Hardy (2005) dat athlete leaders voor meer positieve feedback en democratisch gedrag zorgden dan coach leaders. Een mogelijke verklaring voor de tegenstrijdige resultaten is dat de mogelijkheid bestaat dat positieve feedback afkomstig van een athlete leader minder impact heeft dan wanneer het vanuit de coach leader komt. Wat betreft democratisch gedrag is het mogelijk dat wanneer een team uit veel athlete leaders bestaat, het lastig is om met het gehele team tot overeenstemming te komen. In de studie van Caperchione et al. (2011) werd de relatie tussen leiderschapsgedragingen en groepscohesie in een vrouwen wandelgroep onderzocht. In deze studie is echter onduidelijk of het om coach leadership of athlete leadership gaat. Er is in ieder geval sprake van een formele leider, alleen het is onduidelijk of de rol van deze leider beter opgevat kan worden als coach leader of als athlete leader. De cohesie binnen de groep werd gemeten aan de hand van de Physical Activity Group Environment Questionnaire (PAGEQ). De leiderschapsgedragingen werden gemeten met een aangepaste versie van een vragenlijst die werd gebruikt door Remers et al. (1995) (aangehaald in Caperchione et al., 2011). Deze vragenlijst bevat vier items die betrekking hebben op (1) de tevredenheid van de deelnemer met en over het enthousiasme van de leider, (2) zijn/haar vermogen om de deelnemers te motiveren, (3) de beschikbaarheid buiten de groepsactiviteiten en (4) het vermogen om persoonlijk advies/instructies te geven aan de deelnemers. Beide vragenlijsten zijn door 95 vrouwen ingevuld. Omdat er nog niet eerder onderzoek was gedaan naar de relatie tussen leiderschapsgedragingen en cohesie op het gebied van vrouwelijke fysieke activiteit, werden er geen hypotheses gesteld. Uit de resultaten van het onderzoek kwam naar voren dat er een relatie bestaat tussen groepscohesie en leiderschapsgedragingen. Groepsleiders die enthousiast waren, die bekwaam waren om hun groepsleden te motiveren, het vermogen hadden om persoonlijke instructies te geven en beschikbaar waren buiten de groep om advies te geven, hadden in de meeste gevallen meer cohesie binnen hun groep. Hoewel taakcohesie en taakgerelateerde leiderschapsgedragingen overheersten in deze studie, werd ook een relatie gevonden tussen sociale cohesie en leiderschapsgedragingen. In de tot nu toe beschreven onderzoeken werd de relatie tussen leiderschapsgedragingen (van de coach, dan wel van de sporter) en teamcohesie onderzocht. Een andere factor van leiderschap betreft de leiderschapsstijl, waarvan transactional en transformational leadership, zoals eerder genoemd, voorbeelden zijn. In de studie van Callow et al. (2009) werd de relatie tussen transformational leadership en cohesie onderzocht. In deze studie werd de aanvoerder van het team als leider gezien. Transformational leadership werd gemeten met de Differentiated Transformational 20

A TEAM IS NOT ALWAYS A DREAM

A TEAM IS NOT ALWAYS A DREAM Info@heavymental.be A TEAM IS NOT ALWAYS A DREAM GROEPSDYNAMISCHE PROCESSEN RUDY HEYLEN SOCIAL LOAFING 1. OMSCHRIJVING FENOMEEN 2. OORZAKEN/ VERKLARINGEN 3. REDUCTIE/ INTERVENTIES 4. REACTIES VAN OP DE

Nadere informatie

Het effect van doelstellingen

Het effect van doelstellingen Het effect van doelstellingen Inleiding Goalsetting of het stellen van doelen is een van de meest populaire motivatietechnieken om de prestatie te bevorderen. In eerste instantie werd er vooral onderzoek

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting Rond leiderschap: Een studie naar de invloed van individuele eigenschappen op de perceptie van leiderschap Leiderschap is een van de meest bestudeerde onderwerpen in de arbeids-

Nadere informatie

Schoolbeleid en ontwikkeling

Schoolbeleid en ontwikkeling Schoolbeleid en ontwikkeling V. Maakt gedeeld leiderschap een verschil voor de betrokkenheid van leerkrachten? Een studie in het secundair onderwijs 1 Krachtlijnen Een schooldirecteur wordt genoodzaakt

Nadere informatie

Inhoudsopgave: Inleiding. Hoofdstuk 1: Achtergrond van de vragenlijst 1.1 : Het Team Leadership Competence Model

Inhoudsopgave: Inleiding. Hoofdstuk 1: Achtergrond van de vragenlijst 1.1 : Het Team Leadership Competence Model Inhoudsopgave: Inleiding Hoofdstuk 1: Achtergrond van de vragenlijst 1.1 : Het Team Leadership Competence Model Hoofdstuk 2: De Team Leadership Competence Questionnaire 2.1 : Opbouw van de lijst 2.2 :

Nadere informatie

BLITS LITERATUUR. Eva Kyndt Elisabeth Raes Bart Lismont Filip Dochy

BLITS LITERATUUR. Eva Kyndt Elisabeth Raes Bart Lismont Filip Dochy BLITS LITERATUUR Eva Kyndt Elisabeth Raes Bart Lismont Filip Dochy INHOUD Coöperatief leren Team of groep? Teamleren Kenmerkenteams Ontwikkeling van teams Faciliteren van (informeel) leren Faciliteren

Nadere informatie

Leren/coachen van meisjes - Dingen om bij stil te staan

Leren/coachen van meisjes - Dingen om bij stil te staan De ontwikkeling van vrouwen en meisjes in het rugby heeft de afgelopen jaren flink aan momentum gewonnen en de beslissing om zowel heren als dames uit te laten komen op het sevenstoernooi van de Olympische

Nadere informatie

One Style Fits All? A Study on the Content, Effects, and Origins of Follower Expectations of Ethical Leadership

One Style Fits All? A Study on the Content, Effects, and Origins of Follower Expectations of Ethical Leadership One Style Fits All? A Study on the Content, Effects, and Origins of Follower Expectations of Ethical Leadership Samenvatting proefschrift Leonie Heres MSc. www.leonieheres.com l.heres@fm.ru.nl Introductie

Nadere informatie

Antreum RAPPORT TLC-Q. Test Kandidaat Administratienummer: Datum: 01 Sep 2011. de heer Consultant

Antreum RAPPORT TLC-Q. Test Kandidaat Administratienummer: Datum: 01 Sep 2011. de heer Consultant RAPPORT TLC-Q Van: Test Kandidaat Administratienummer: Datum: 01 Sep 2011 Normgroep: Advies de heer Consultant 1. Inleiding Het leiden van een team vraagt om een aantal specifieke competenties. Dit rapport

Nadere informatie

"The significant problems we have can not be solved at the level of thinking we were at when we created them."

The significant problems we have can not be solved at the level of thinking we were at when we created them. Levens Stijlen Inventarisatie De Levens Stijlen Inventarisatie (LSI) is een instrument waarmee mensen hun persoonlijke effectiviteit blijvend kunnen verbeteren. "The significant problems we have can not

Nadere informatie

Summary in Dutch Nederlandse Samenvatting. Het delen van Affect: Paden, Processen en Prestatie

Summary in Dutch Nederlandse Samenvatting. Het delen van Affect: Paden, Processen en Prestatie Summary in Dutch Nederlandse Samenvatting Het delen van Affect: Paden, Processen en Prestatie Het delen van gevoelens (emoties of stemmingen) met anderen is bijna onvermijdelijk in ons dagelijks leven.

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting (summary in Dutch)

Nederlandse samenvatting (summary in Dutch) Nederlandse samenvatting (summary in Dutch) Relatiemarketing is gericht op het ontwikkelen van winstgevende, lange termijn relaties met klanten in plaats van het realiseren van korte termijn transacties.

Nadere informatie

Wat motiveert u in uw werk?

Wat motiveert u in uw werk? Wat motiveert u in uw werk? Begin dit jaar heeft u kunnen deelnemen aan een online onderzoek naar de motivatie en werktevredenheid van actuarieel geschoolden. In dit artikel worden de resultaten aan u

Nadere informatie

Samenvatting, conclusies en discussie

Samenvatting, conclusies en discussie Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit

Nadere informatie

Kennisdeling in lerende netwerken

Kennisdeling in lerende netwerken Kennisdeling in lerende netwerken Managementsamenvatting Dit rapport presenteert een onderzoek naar kennisdeling. Kennis neemt in de samenleving een steeds belangrijker plaats in. Individuen en/of groepen

Nadere informatie

Mijn Natuurlijke Leiderschap Stijl (NLS)

Mijn Natuurlijke Leiderschap Stijl (NLS) Mijn Natuurlijke Leiderschap Stijl (NLS) Gegevens van de referentiegroep: Uw unieke logincode: Bewaar deze code goed, u kan ze gebruiken voor het aanvragen van bijkomende rapporten. Copyright: De Natuurlijke

Nadere informatie

Huiswerk, het huis uit!

Huiswerk, het huis uit! Huiswerk, het huis uit! Een explorerend onderzoek naar de effecten van studiebegeleiding op attitudes en gedragsdeterminanten en de bijdrage van de sociale- en leeromgeving aan deze effecten Samenvatting

Nadere informatie

VRAGENLIJST LERENDE ORGANISATIE (op basis van Nelson & Burns) 1

VRAGENLIJST LERENDE ORGANISATIE (op basis van Nelson & Burns) 1 VRAGENLIJST LERENDE ORGANISATIE (op basis van Nelson & Burns) 1 Onderstaande diagnostische vragenlijst bestaat uit 12 items. De score geeft weer in welke mate uw organisatie reactief, responsief, pro-actief

Nadere informatie

Mijn Natuurlijke Werk Stijl (NWS)

Mijn Natuurlijke Werk Stijl (NWS) Mijn Natuurlijke Werk Stijl (NWS) Gegevens van de referentiegroep: Uw unieke logincode: Bewaar deze code goed, u kan ze gebruiken voor het aanvragen van bijkomende rapporten. Copyright 2011-2013 Pontis

Nadere informatie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en Discrepantie The Relationship between Involvement in Bullying and Well-Being and the Influence of Social Support

Nadere informatie

Voorstellen. Topsport 1. Naam 2. Coachervaring 3. Ervaring met mentale begeleiding 4. Wat voor type coach bent u? Voorstellen

Voorstellen. Topsport 1. Naam 2. Coachervaring 3. Ervaring met mentale begeleiding 4. Wat voor type coach bent u? Voorstellen Voorstellen Coachen: Aansluiten op Motivatie-stijl Rogier Hoorn sport- & prestatiepsycholoog VSPN drs. Rogier Hoorn sport- en prestatiepsycholoog VSPN SportsMind.nl Sinds 2003 praktijk Bussum en Papendal

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Dit proefschrift gaat over de invloed van inductieprogramma s op het welbevinden en de professionele ontwikkeling van beginnende docenten, en welke specifieke kenmerken van inductieprogramma s daarvoor

Nadere informatie

HPC-O. Human Performance Contextscan Organisatierapportage Datum: Opdrachtgever: Auteur:

HPC-O. Human Performance Contextscan Organisatierapportage <Naam onderwijsinstelling> Datum: Opdrachtgever: Auteur: HPC-O 1 HPC-O Human Performance Contextscan Organisatierapportage Datum: Opdrachtgever: Auteur: 24 april 2008 drs M.G. Wildschut HPC-O

Nadere informatie

Nederland heeft een lange hockeyhistorie en is één van de toonaangevende landen als het om tophockey gaat. De meeste tophockeyers zijn begonnen met

Nederland heeft een lange hockeyhistorie en is één van de toonaangevende landen als het om tophockey gaat. De meeste tophockeyers zijn begonnen met Samenvatting Nederland heeft een lange hockeyhistorie en is één van de toonaangevende landen als het om tophockey gaat. De meeste tophockeyers zijn begonnen met hun sport toen ze 7 jaar oud waren en allemaal

Nadere informatie

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effects of Contact-oriented Play and Learning in the Relationship between parent and child with autism Kristel Stes Studentnummer:

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Docenten in het hoger onderwijs zijn experts in wát zij doceren, maar niet noodzakelijk in hóe zij dit zouden moeten doen. Dit komt omdat zij vaak weinig tot geen training hebben gehad in het lesgeven.

Nadere informatie

Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte.

Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte. Een chronische en progressieve aandoening zoals multiple sclerose (MS) heeft vaak grote consequenties voor het leven van patiënten en hun intieme partners. Naast het omgaan met de fysieke beperkingen van

Nadere informatie

Resultaten van de TeamSpiegel

Resultaten van de TeamSpiegel Resultaten van de TeamSpiegel We onderscheiden zes dimensies die samen een beeld geven hoe ver dit team is in haar ontwikkeling. De eerste drie dimensies (Cohesie, Vertrouwen en Veiligheid) hangen sterk

Nadere informatie

Inleiding. It's the difference in mental capacities that will determine who the real winners are." Sven Goran Eriksson

Inleiding. It's the difference in mental capacities that will determine who the real winners are. Sven Goran Eriksson Inleiding Eigenlijk kan je als sporter niet verliezen. Het wedstrijdresultaat staat voorop, maar er is duidelijk meer. Wie of wat bepaalt het resultaat? Talent. Conditie. Motivatie. Maar ook je mentale

Nadere informatie

De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention

De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention Samenvatting Wesley Brandes MSc Introductie Het succes van CRM is volgens Bauer, Grether en Leach (2002) afhankelijk van

Nadere informatie

Geschiedenis van leidinggevende stijlen

Geschiedenis van leidinggevende stijlen Geschiedenis van leidinggevende stijlen Aan het begin van de vorige eeuw zijn de eerste theorieën over management en leiderschap geformuleerd. Tegen de achtergrond van de industriële revolutie stonden

Nadere informatie

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen Running head: ACTIEVE OUDEREN EN BEWEGEN 1 De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de Lichaamsbeweging van Ouderen The Influence of Identification with 'Active Elderly' and Wellbeing

Nadere informatie

Effect van Planetree op kwaliteit en tevredenheid, wetenschappelijk aangetoond?

Effect van Planetree op kwaliteit en tevredenheid, wetenschappelijk aangetoond? Effect van Planetree op kwaliteit en tevredenheid, wetenschappelijk aangetoond? Donderdag 13 maart 2014 Martijn Kilsdonk MScHA Manager behandeling & begeleiding en Planetree coördinator Disclosure belangen

Nadere informatie

Ondanks dat het in Nederland niet is toegestaan om alcohol te verkopen aan jongeren onder de 16 jaar, drinkt een groot deel van deze jongeren

Ondanks dat het in Nederland niet is toegestaan om alcohol te verkopen aan jongeren onder de 16 jaar, drinkt een groot deel van deze jongeren Ondanks dat het in Nederland niet is toegestaan om alcohol te verkopen aan jongeren onder de 16 jaar, drinkt een groot deel van deze jongeren alcohol. Dit proefschrift laat zien dat de meerderheid van

Nadere informatie

Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie

Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie Voorlopige resultaten van het onderzoek naar de perceptie van medewerkers in sociale (wijk)teams bij gemeenten - Yvonne Zuidgeest

Nadere informatie

Case Medewerkerstevredenheiden betrokkenheidscan

Case Medewerkerstevredenheiden betrokkenheidscan Case Medewerkerstevredenheiden betrokkenheidscan Hoe tevreden zijn de medewerkers met en hoe betrokken zijn zij bij de organisatie en welke verbeterpunten ziet men voor de toekomst? Wat is medewerkerstevredenheid

Nadere informatie

MINISTERIE VAN DEFENSIE WERKGROEP STAAL EERSTE DRUK, NOVEMBER 2007 VISIE LEIDINGGEVEN

MINISTERIE VAN DEFENSIE WERKGROEP STAAL EERSTE DRUK, NOVEMBER 2007 VISIE LEIDINGGEVEN MINISTERIE VAN DEFENSIE WERKGROEP STAAL EERSTE DRUK, NOVEMBER 2007 VISIE LEIDINGGEVEN INLEIDING Voorwoord Commandant der Strijdkrachten CONTEXT De complexe omgeving waarin bij Defensie leiding wordt gegeven

Nadere informatie

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting Een brede kijk op onderwijskwaliteit E e n o n d e r z o e k n a a r p e r c e p t i e s o p o n d e r w i j s k w a l i t e i t b i n n e n S t i c h t i n g U N 1 E K Samenvatting Hester Hill-Veen, Erasmus

Nadere informatie

Arnoud van de Ven Hogeschool Arnhem Nijmegen 7 april 2016

Arnoud van de Ven Hogeschool Arnhem Nijmegen 7 april 2016 Navolgbaarheid bij kwalitatief onderzoek: consistentie van vraagstelling tot eindrapportaged van de Ven Arnoud van de Ven Hogeschool Arnhem Nijmegen 7 april 2016 Piet Verschuren en Hans Doorewaard (2015)

Nadere informatie

Bonus: Hoe goed ben jij momenteel?

Bonus: Hoe goed ben jij momenteel? Bonus: Hoe goed ben jij momenteel? Blad 1 van 20 Hoe goed ben jij momenteel? Iedereen kan zijn leiderschapsvaardigheden aanzienlijk verbeteren met een beetje denkwerk en oefening. Met deze test krijg je

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting Proefschrift_LVerburgh211214.indd 171 21-12-2014 16:46:37 172 Samenvatting ACHTERGROND DEEL A: DE RELATIE TUSSEN BEWEGING EN NEUROCOGNITIEF FUNCTIONEREN Ondanks bewezen gezondheidseffecten

Nadere informatie

Is er ander leiderschap nodig in de logistiek?

Is er ander leiderschap nodig in de logistiek? Is er ander leiderschap nodig in de logistiek? Is het zo dat bepaalde leiderschapsgedragingen in de logistiek en supply chain effectiever zijn dan in andere branches en andersom? Pieter Keeris en Roland

Nadere informatie

Situationeel leiding geven. Dr. Paul Hersey (Center for Leadership Studies, California, USA)

Situationeel leiding geven. Dr. Paul Hersey (Center for Leadership Studies, California, USA) Vraag vooraf: wat is je (natuurlijke) stijl van leiding geven? Door wie of wat wordt deze bepaald? Vragenlijst leiderschapsstijlen De effectiviteit van de leider is afhankelijk van de wisselwerking tussen

Nadere informatie

Inleiding Deel I. Ontwikkelingsfase

Inleiding Deel I. Ontwikkelingsfase Inleiding Door de toenemende globalisering en bijbehorende concurrentiegroei tussen bedrijven over de hele wereld, de economische recessie in veel landen, en de groeiende behoefte aan duurzame inzetbaarheid,

Nadere informatie

Wij willen u inspireren.

Wij willen u inspireren. FITCH Wij willen u inspireren. Mensen die energie krijgen van wat ze doen. Dat zijn de medewerkers die het verschil maken in uw organisatie. Fitch gelooft in het succes van geïnspireerde bedrijven. Dat

Nadere informatie

OPEN TRAINING. Situationeel Leiderschap DRIE DAAGSE

OPEN TRAINING. Situationeel Leiderschap DRIE DAAGSE DRIE DAAGSE OPEN TRAINING Situationeel Leiderschap II Ceresstraat 13 4811 CA Breda Blanchard International Tel: 076 7676338 / 06 51528617 www.blanchardinternational.nl Situationeel Leiderschap II DOEL

Nadere informatie

SITUATIONEEL LEIDERSCHAP EN VERZUIM

SITUATIONEEL LEIDERSCHAP EN VERZUIM Trefwoorden Leiderschapsstijl Leidinggeven Verzuim JORINDE MOEKE SITUATIONEEL LEIDERSCHAP EN VERZUIM Waarom wordt er binnen het ene bedrijf of op die ene afdeling veel meer verzuimd dan bij een andere

Nadere informatie

Mijn Natuurlijke Leiderschap Stijl (NLS)

Mijn Natuurlijke Leiderschap Stijl (NLS) Mijn Natuurlijke Leiderschap Stijl (NLS) Jan Voorbeeld 20.10.2011 Gegevens van de referentiegroep: Managementlevel: Alle Leeftijdsgroep: Alle Geslacht: M en V Regio: Alle Groepscode : PON-SLA-VLA Uw unieke

Nadere informatie

Leiderschap in planning & control

Leiderschap in planning & control Leiderschap in planning & control A3 netwerkbijeenkomst, 20 januari 2015 Henk Doeleman Leiderschap in planning & control? Minder papier Meer participatief en versterkte betrokkenheid Versterking van de

Nadere informatie

Leiderschap en diversiteit. Annemieke Voogd

Leiderschap en diversiteit. Annemieke Voogd Leiderschap en diversiteit Annemieke Voogd 2 Inhoudopgave 1 INLEIDING 3 1.1 VRAAGSTELLING 4 1.2 ONDERZOEKSVRAAG 5 2 RELEVANTE LITERATUUR 6 2.1 ETNISCHE DIVERSITEIT 6 2.2 COHESIE 7 2.3 HET EFFECT VAN DIVERSITEIT

Nadere informatie

EFFECTIEF LEIDINGGEVEN. Een gave of een vak?

EFFECTIEF LEIDINGGEVEN. Een gave of een vak? EFFECTIEF LEIDINGGEVEN Een gave of een vak? Een training van COMMUNICERENENZO Mensen zijn belangrijk. Resultaten ook Mensen zijn belangrijk en waardevol. Resultaten worden behaald dankzij mensen. Zij voegen

Nadere informatie

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten The Moderating Influence of Social Support on the Relationship between Mobbing at Work

Nadere informatie

Trots op het werk en plezier met de collega s. Brancherapportage uitzend- en recruitmentbranche

Trots op het werk en plezier met de collega s. Brancherapportage uitzend- en recruitmentbranche Trots op het werk en plezier met de collega s Brancherapportage uitzend- en recruitmentbranche Trots op het werk en plezier met de collega s Medewerkers in de uitzend- en recruitmentbranche zijn er voornamelijk

Nadere informatie

Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu

Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu Nederlandse Samenvatting De adolescentie is levensfase waarin de neiging om nieuwe ervaringen op te

Nadere informatie

REALTIME LEIDERSCHAP ONTWIKKELING

REALTIME LEIDERSCHAP ONTWIKKELING REALTIME LEIDERSCHAP ONTWIKKELING ERNST JAN REITSMA 27 NOVEMBER 2014 REALTIME LEADERSHIP DEVELOPMENT 1. Iets over theorieën 2. Belang van Live Event 3. Ervaringen 4. Feedback organiseren 5. Voorbeelden

Nadere informatie

Rampen- en Crisisbestrijding: Wat en wie moeten we trainen

Rampen- en Crisisbestrijding: Wat en wie moeten we trainen Kenmerken van rampen- en crisisbestrijding Crisissen of rampen hebben een aantal gedeelde kenmerken die van grote invloed zijn op de wijze waarop ze bestreden worden en die tevens de voorbereiding erop

Nadere informatie

Reading Notes. ! [Type!the!company!name]! Master in History, Module: Leadership! !!!! !!!!!!!! !!!

Reading Notes. ! [Type!the!company!name]! Master in History, Module: Leadership! !!!! !!!!!!!! !!! Reading Notes [Typethecompanyname] Master in History, Module: Leadership Student:MarlynRDenz Docenten:Professor.M.Schalkwijk,Phd.enH.Bendt.Msc AntondeKomUniversiteitvanSuriname InstituutForGraduateStudiesandResearch

Nadere informatie

Informatie over de deelnemers

Informatie over de deelnemers Tot eind mei 2015 hebben in totaal 45558 mensen deelgenomen aan de twee Impliciete Associatie Testen (IATs) op Onderhuids.nl. Een enorm aantal dat nog steeds groeit. Ook via deze weg willen we jullie nogmaals

Nadere informatie

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind.

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Bullying among Students with Autism Spectrum Disorders in Secondary

Nadere informatie

Ethisch Leiderschap in de zorg

Ethisch Leiderschap in de zorg Ethisch Leiderschap in de zorg Ranking en Toezicht NVLO, 26 september 2014 Drs. Marlies Akemann-vanWerkhoven Adviseur Advies & Beleid, Kennemer Gasthuis Haarlem Introductie Wie heb ik voor me? Leiderschapstijlen

Nadere informatie

Rapport VCT Leidinggeven

Rapport VCT Leidinggeven Rapport VCT Leidinggeven Naam Adviseur Jan Voorbeeld Adviseur Ixly Datum 0/06/2015 Inleiding De Video Competentie Test (VCT) Leidinggeven bestond uit dertien filmpjes waarop u geacht werd te reageren:

Nadere informatie

Simon Voorbeeld VERTROUWELIJK. Competentietest

Simon Voorbeeld VERTROUWELIJK. Competentietest Simon Voorbeeld Competentietest 2015 Testcentrum Groei De Algemene Voorwaarden van Testcentrum Groei B.V., die zijn na te lezen op www.testcentrumgroei.nl zijn van toepassing op het gebruik van deze testrapportage.

Nadere informatie

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

Fort van de Democratie

Fort van de Democratie Fort van de Democratie Stichting Vredeseducatie / peace education projects Het Fort van de Democratie WERKT! Samenvatting van een onderzoek door de Universiteit van Amsterdam naar de effecten van de interactieve

Nadere informatie

Rapportage onderzoek. Leiderschap en Bevlogenheid

Rapportage onderzoek. Leiderschap en Bevlogenheid Rapportage onderzoek Leiderschap en Bevlogenheid 2013-2014 Inhoudsopgave Achtergrondinformatie onderzoek...2 Doelen van het onderzoek...2 Procedure van het onderzoek...2 Resultaten...3 Kenmerken deelnemers

Nadere informatie

Inhoudsopgave Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

Inhoudsopgave Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Validatie van het EHF meetinstrument tijdens de Jonge Volwassenheid en meer specifiek in relatie tot ADHD Validation of the EHF assessment instrument during Emerging Adulthood, and more specific in relation

Nadere informatie

dat individuen met een doelpromotie-oriëntatie positieve eigeneffectiviteitswaarnemingen

dat individuen met een doelpromotie-oriëntatie positieve eigeneffectiviteitswaarnemingen 133 SAMENVATTING Sociale vergelijking is een automatisch en dagelijks proces waarmee individuen informatie over zichzelf verkrijgen. Sinds Festinger (1954) zijn assumpties over sociale vergelijking bekendmaakte,

Nadere informatie

Compatibility Process Scale (ACPS). De therapeutische alliantie is gemeten met de Werk

Compatibility Process Scale (ACPS). De therapeutische alliantie is gemeten met de Werk De invloed van indicatiestelling door overleg (the Negotiated Approach) op patiëntbehandelingcompatibiliteit en uitkomst bij de behandeling van depressieve stoornissen 185 In deze thesis staat de vraag

Nadere informatie

Lijdende teams of Leidende teams? Of: bezieling versus burnout

Lijdende teams of Leidende teams? Of: bezieling versus burnout Lijdende teams of Leidende teams? Of: bezieling versus burnout Waaraan herken je een Leidend Team? Effectieve teams zorgen ervoor dat mensen het naar hun zin hebben in de organisatie. Dat mensen met plezier

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Een goede hand functie is van belang voor interactie met onze omgeving. Vanaf het moment dat we opstaan, tot we s avonds weer naar bed gaan,

Nadere informatie

Prestatiebeloning werkt nauwelijks, maar prestatieafstemming

Prestatiebeloning werkt nauwelijks, maar prestatieafstemming Prestatiebeloning werkt nauwelijks, maar prestatieafstemming werkt wel André de Waal Prestatiebeloning wordt steeds populairder bij organisaties. Echter, deze soort van beloning werkt in veel gevallen

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting Dutch Summary

Nederlandse Samenvatting Dutch Summary Nederlandse Samenvatting Dutch Summary Het managen van diversiteit is een onderwerp dat steeds vaker op de agenda staat van onderzoekers, beleidsmakers en managers in organisaties. Onderzoek heeft aangetoond

Nadere informatie

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS Gezondheidsgedrag als compensatie voor de schadelijke gevolgen van roken COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS Health behaviour as compensation for the harmful effects of smoking

Nadere informatie

Linking the Customer Purchase Process to E-commerce

Linking the Customer Purchase Process to E-commerce Samenvatting Elektronische handel verandert fundamenteel de manier waarop consumenten goederen en diensten kopen. E-commerce is het kopen en verkopen van producten of diensten via elektronische systemen

Nadere informatie

Overzicht van beschikbare testen

Overzicht van beschikbare testen Overzicht van beschikbare testen Big Five De naam van dit persoonlijkheidsmodel slaat op de vijf karaktertrekken die het onderscheidt. De Big Five theorie is onder psychologen algemeen geaccepteerd als

Nadere informatie

EMOTIONELE INTELLIGENTIE

EMOTIONELE INTELLIGENTIE EMOTIONELE INTELLIGENTIE drs. S. van den Eshof 1 SITUATIE Wat zijn emoties en welke invloed hebben ze op ons leven? Sommige mensen worden bestempeld als over-emotioneel, terwijl anderen van zichzelf vinden

Nadere informatie

Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success

Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success Leercentrum Nijmegen Oberon, november 2012 1 Inleiding Playing for Success heeft, naast het verhogen van de taal- en rekenprestaties van de

Nadere informatie

TH-SCI Sales Capability Indicator. Best Peter Sales Representative

TH-SCI Sales Capability Indicator. Best Peter Sales Representative Best Peter Sales Representative TH-SCI Sales Capability Indicator Dit rapport werd gegenereerd op 03-09-2013 door White Alan van Brainwave Ltd.. De onderliggende data dateren van 24-07-2013. OVER DE SALES

Nadere informatie

MOTIVES, VALUES, PREFERENCES INVENTORY

MOTIVES, VALUES, PREFERENCES INVENTORY MOTIVES, VALUES, PREFERENCES INVENTORY O V E R Z I C H T INTRODUCTIE De Motives, Values, Preferences Inventory () is een persoonlijkheidstest die de kernwaarden, doelen en interesses van een persoon meet.

Nadere informatie

Omgaan met verschillen in de klas: Onderzoeksresultaten

Omgaan met verschillen in de klas: Onderzoeksresultaten Omgaan met verschillen in de klas: Onderzoeksresultaten Jolien Geerlings PhD Onderzoeker J.Geerlings@uu.nl Overzicht 1) Inleiding 2) Wat hebben we precies onderzocht? 3) Hoe gaan we om met verschillen

Nadere informatie

Het ontwikkelen van de vastgestelde Competenties van Crisis Management Teamleden: wat is trainable?

Het ontwikkelen van de vastgestelde Competenties van Crisis Management Teamleden: wat is trainable? Het ontwikkelen van de vastgestelde Competenties van Crisis Management Teamleden: wat is trainable? Niet alle competenties zijn even gemakkelijk te trainen. Ook zijn ze niet allemaal op dezelfde wijze

Nadere informatie

Psychologische aspecten van leiderschap. > Karianne Kalshoven ACIL. > Okke Postmus Development Booster

Psychologische aspecten van leiderschap. > Karianne Kalshoven ACIL. > Okke Postmus Development Booster Psychologische aspecten van leiderschap > Karianne Kalshoven ACIL > Okke Postmus Development Booster Theorethische benaderingen van leiderschap Trait Approaches Behavioral Approaches Contingency Theories

Nadere informatie

Kwaliteitsmanagement theoretisch kader

Kwaliteitsmanagement theoretisch kader 1 Kwaliteitsmanagement theoretisch kader Versie 1.0 2000-2009, Biloxi Business Professionals BV 1 1. Kwaliteitsmanagement Kwaliteitsmanagement richt zich op de kwaliteit organisaties. Eerst wordt het begrip

Nadere informatie

Master in. Leadership MAAK HET VERSCHIL IN 2015 VERBIND HART EN HARD START: FEB 2015 KLANTWAARDERING:

Master in. Leadership MAAK HET VERSCHIL IN 2015 VERBIND HART EN HARD START: FEB 2015 KLANTWAARDERING: Master in Leadership MAAK HET VERSCHIL IN 2015 VERBIND HART EN HARD START: FEB 2015 KLANTWAARDERING: Master in Leadership Weet jij wat jouw hart sneller doet kloppen? Collega s die precies doen wat jij

Nadere informatie

Inzet van social media in productontwikkeling: Meer en beter gebruik door een systematische aanpak

Inzet van social media in productontwikkeling: Meer en beter gebruik door een systematische aanpak Inzet van social media in productontwikkeling: Meer en beter gebruik door een systematische aanpak 1 Achtergrond van het onderzoek Bedrijven vertrouwen meer en meer op social media om klanten te betrekken

Nadere informatie

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim.

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Bullying at work and the impact of Social Support on Health and Absenteeism. Rieneke Dingemans April 2008 Scriptiebegeleider:

Nadere informatie

Samenvatting. Leeftijd en Psychologisch Contractbreuk in Relatie tot Werkuitkomsten

Samenvatting. Leeftijd en Psychologisch Contractbreuk in Relatie tot Werkuitkomsten Samenvatting Leeftijd en Psychologisch Contractbreuk in Relatie tot Werkuitkomsten De beroepsbevolking in Nederland, maar ook in andere westerse landen, vergrijst in een rap tempo. Terwijl er minder kinderen

Nadere informatie

SoHuman PROFIT/NON-PROFIT PARTICULIEREN SCHOLIEREN [INZICHT IN GEDRAG EN COMMUNICATIE]

SoHuman PROFIT/NON-PROFIT PARTICULIEREN SCHOLIEREN [INZICHT IN GEDRAG EN COMMUNICATIE] SoHuman PROFIT/NON-PROFIT PARTICULIEREN SCHOLIEREN [INZICHT IN GEDRAG EN COMMUNICATIE] Waarvoor kiezen klanten voor SoHuman? SoHuman helpt mensen, teams en organisaties met hun persoonlijke en professionele

Nadere informatie

Welkom bij jezelf. Powered by

Welkom bij jezelf. Powered by Welkom bij jezelf. Powered by 2 Commercieel excelleren. Het is onze filosofie dat commerciële professionals alleen duurzaam succesvol kunnen zijn als ze hun biologische talenten inzetten in een rol die

Nadere informatie

Thomas Voorbeeld. Thomas Leiderschap Vragenlijst. Persoonlijk & Vertrouwelijk

Thomas Voorbeeld. Thomas Leiderschap Vragenlijst. Persoonlijk & Vertrouwelijk 360-rapport Thomas Voorbeeld Thomas Leiderschap Vragenlijst Persoonlijk & Vertrouwelijk Inhoud Inleiding Toelichting bij het 360-rapport Gemiddelde per competentie Weergave van de 5 hoogste en 5 laagste

Nadere informatie

Persoonlijk Actieplan voor Ontwikkeling

Persoonlijk Actieplan voor Ontwikkeling PAPI PAPI Coachingsrapport Persoonlijk Actieplan voor Ontwikkeling Alle rechten voorbehouden Cubiks Intellectual Property Limited 2008. De inhoud van dit document is relevant op de afnamedatum en bevat

Nadere informatie

De evolutie-sprong van management naar leiderschap

De evolutie-sprong van management naar leiderschap De evolutie-sprong van management naar leiderschap What got you here, won't get you there - Marshall Goldsmith Als ervaren manager heb je het allemaal al eerder gehoord Als effectief manager gebruik je

Nadere informatie

Boeien en Binden, bezielende leiders doen het

Boeien en Binden, bezielende leiders doen het Boeien en Binden, bezielende leiders doen het Verslag van de Workshop tijdens de Noorderlinkdagen 2006 Door Maurits Bruel en Stef Driessen De Noorderlinkdagen zijn weer voorbij. Het was een groot succes,

Nadere informatie

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere vrouwen: Onderzoek naar de relatie tussen angst, depressieve

Nadere informatie

WERKBELEVINGSONDERZOEK HOGESCHOOL ZUYD - FACULTEIT ICT

WERKBELEVINGSONDERZOEK HOGESCHOOL ZUYD - FACULTEIT ICT WERKBELEVINGSONDERZOEK HOGESCHOOL ZUYD - FACULTEIT ICT Versie : 0.1 Auteur : Alfred Wagenaar Datum : 14 Februari 2008 Review : Ewout ten Broek Status : Concept 2 1 RESULTATEN In dit rapport zullen allereerst

Nadere informatie

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa Physical factors as predictors of psychological and physical recovery of anorexia nervosa Liesbeth Libbers

Nadere informatie

Leiderschap bij organisatie verandering. Prof. dr. Janka Stoker Faculteit Economie en Bedrijfskunde Divosa, 22 mei 2015

Leiderschap bij organisatie verandering. Prof. dr. Janka Stoker Faculteit Economie en Bedrijfskunde Divosa, 22 mei 2015 1 1 Leiderschap bij organisatie verandering Prof. dr. Janka Stoker Faculteit Economie en Bedrijfskunde Divosa, 22 mei 2015 Het belang van leiderschap: overal om ons heen 2 Thema s 3 1. Wat is leiderschap?

Nadere informatie

Beoordelen van Beoor co co--assistenten assistenten Praktijk ve Praktijk v rsus theorie Marjan Govaerts

Beoordelen van Beoor co co--assistenten assistenten Praktijk ve Praktijk v rsus theorie Marjan Govaerts Beoordelen van co-assistenten Praktijk versus theorie Marjan Govaerts Waar hebben we het over? Why Bother? Frequente feedback, op basis van Frequente toetsing Oefening en follow-up Ericsson, Academic

Nadere informatie

Psychosocial Problems in Cancer Genetic Counseling: Detecting and Facilitating Communication W. Eijzenga

Psychosocial Problems in Cancer Genetic Counseling: Detecting and Facilitating Communication W. Eijzenga Psychosocial Problems in Cancer Genetic Counseling: Detecting and Facilitating Communication W. Eijzenga Nederlandse samenvatting INLEIDING Mensen met een mogelijk verhoogde kans op kanker kunnen zich

Nadere informatie