De effectisering van schuldvorderingen ten aanzien van de inkomstenbelastingen en de btw

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De effectisering van schuldvorderingen ten aanzien van de inkomstenbelastingen en de btw"

Transcriptie

1 De effectisering van schuldvorderingen ten aanzien van de inkomstenbelastingen en de btw I. Inleiding De effectisering van schuldvorderingen kan gedefinieerd worden als de financiële operatie waarbij een rechtspersoon die beschikt over schuldvorderingen tegenover derden, deze geheel of gedeeltelijk overdraagt aan een instelling voor collectieve belegging in schuldvorderingen, opgericht om de overgedragen schuldvorderingen te beheren, en die in ruil verhandelbare titels uitgeeft, die te koop aangeboden worden aan beleggers. Deze financiële techniek, die het daglicht zag in de Verenigde Staten, werd vooral gebruikt door kredietinstellingen maar is inmiddels ook uitgebreid naar industriële en commerciële ondernemingen door de vele voordelen die zij te bieden heeft. te voegen met betrekking tot instellingen voor collectieve belegging in schuldvorderingen. De zware eisen van het gemeen recht inzake overdracht van schuldvorderingen waren nochtans niet aangewezen voor de verrichtingen van effectisering. Bijgevolg heeft een wet van 6 juli 1994 een wijziging aangebracht aan artikel 1690 van het Burgerlijk Wetboek, door toe te laten dat de overdracht van schuldvorderingen tegenstelbaar is aan andere derden dan de gecedeerde schuldenaar, door het enkele feit van het sluiten van de overeenkomst tot overdracht. Voor wat de gecedeerde schuldenaar betreft is de overdracht hem slechts tegenstelbaar vanaf het moment dat hij ervan in kennis werd gesteld of vanaf het moment dat hij de overdracht heeft erkend. P Afgiftekantoor 9000 Gent X Tweewekelijks Verschijnt niet in juli De transactie laat de overdrager toe liquiditeiten te verwerven door de schuldvorderingen op het actief van zijn boekhouding te verkopen en zo een onmiddellijk rendement te bekomen en zich te bevrijden van de risico s die aan dergelijke activa zijn verbonden, zoals de insolvabiliteit van de schuldenaars, de wijziging van de vervaldagen of de aanpassing van de intrestvoet. Bovendien heeft effectisering tot gevolg dat de solvabiliteitscoëfficiënt van de promotor verbeterd wordt in zoverre zijn kredietportefeuille wordt omgezet in effecten buiten balans (F. De Canniere en A. De Viron, «Les aspects fiscaux de la titrisation de créances», R.G.F. 1997, p. 263). De techniek van effectisering werd ingevoerd in België door de wet van 5 augustus 1992 die de wet van 4 december 1990 op de financiële transacties en de financiële markten wijzigde door er specifieke bepalingen aan toe De wet van 20 juli 2004 heeft voorts de toepassing van artikel 1328 van het Burgerlijk Wetboek uitgeschakeld, door de situaties te preciseren waarin een onderhandse akte vaste datum kan verwerven ten opzichte van derden, I N H O U D De effectisering van schuldvorderingen ten aanzien van de inkomstenbelastingen en de btw 1 Zelfstandigenpensioen : discriminatie? 6 Bedrijfsvoorheffing : elektronische aangifte verplicht, nog een stap in de richting van de volledige elektronische ruimte 8 PACIOLI NR. 235 BIBF-IPCF 20 AUGUSTUS 2 SEPTEMBER

2 wanneer de overdracht van schuldvordering gebeurde aan of door een instelling voor collectieve belegging. Deze wet van 20 juli 2004 betreffende bepaalde vormen van beheer van collectieve beleggingsportefeuilles heeft de bepalingen van de wet van 4 december 1990 betreffende instellingen voor collectieve beleggingen opgeheven en vervangen. Deze wet verzekert de gedeeltelijke omzetting van de Europese richtlijn 2001/107/EG van 21 januari 2002 tot wijziging van richtlijn 85/611/EEG tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten, met het oog op het invoeren van een reglementering met betrekking tot beheersvennootschappen en de vereenvoudigde prospectus, alsook het gedeeltelijk omzetten van de richtlijn 85/611/EEG voor wat betreft de beleggingen van deze instellingen. Het zijn de bepalingen van deze wet, die gedeeltelijk in werking traden op 9 maart 2005 en gedeeltelijk op 14 februari 2007, die onderzocht zullen worden in punt II van deze uiteenzetting. II. Effectisering : algemene principes Verschillende personen komen tussen in het proces van effectisering. Preciseringen betreffende bepaalde onder hen zullen toelaten het mechanisme beter te begrijpen. II.1. De overdrager van de schuldvorderingen Het betreft de persoon die de operatie van effectisering op gang brengt. Geen enkele wettelijke vereiste wordt gesteld met betrekking tot zijn statuut. Zoals artikel 22 van de wet van 20 juli 2004 het uitdrukkelijk toelaat, kan de initiële overdrager het beheer behouden van de gecedeerde schuldvorderingen. Die bepaling stelt immers dat «de instelling voor collectieve belegging in schuldvorderingen de oorspronkelijke overdrager van de schuldvorderingen volgens de bij overeenkomst bepaalde nadere regels, opdracht kan geven de schuldvorderingen te innen en andere taken te verrichten die verband houden met het behoud en de uitvoering van met de schuldvorderingen verbonden accessoire rechten». De overdrager kan deze taken echter ook delegeren aan een entiteit die gespecialiseerd is in dat soort beheer. II.2. De gecedeerde schuldenaar Het betreft de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die gehouden is in het kader van de schuldvorderingen die het voorwerp uitmaakten van de effectisering. Zoals hierboven gepreciseerd werd in punt I, is de overdracht van schuldvordering hem tegenstelbaar zodra hij ervan in kennis werd gesteld of zodra hij de overdracht heeft erkend. De geldigheid van de overdracht hangt echter niet af van de kennisgeving of kennisname door de gecedeerde schuldenaar : de wet verplicht de schuldeiser immers geenszins om de schuldenaar te verwittigen van de overdracht van zijn schuldvordering. II.3. De cessionaris van de schuldvorderingen Het betreft de instellingen voor collectieve belegging in schuldvorderingen. Dit kunnen «openbare» of «institutionele» instellingen zijn. In het eerste geval worden de financiële middelen van de beleggingsinstelling gedeeltelijk aangetrokken via een openbare uitgifte van al dan niet verhandelbare effecten (artikel 21 van de wet van 20 juli 2004). In het tweede geval worden de financiële middelen uitsluitend aangetrokken bij institutionele of professionele beleggers die voor eigen rekening handelen, en waarvan de effecten uitsluitend door dergelijke beleggers kunnen worden verworven (artikel 103 van de wet van 20 juli 2004). Artikel 5, 3 van de wet definieert wat verstaan dient te worden onder «institutionele of professionele beleggers». Het betreft in essentie de nationale, gemeenschaps- en gewestregeringen, de Europese Centrale Bank, de Nationale Bank van België en de andere nationale centrale banken, de internationale of supranationale instellingen, het Rentenfonds, het Beschermingsfonds voor deposito s en financiële instrumenten en de Deposito- en Consignatiekas, en financiële instellingen en kredietinstellingen erkend door de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen. De beleggingsinstellingen kunnen opgericht worden onder de vorm van een gemeenschappelijk beleggingsfonds, een «onverdeeld vermogen» (artikel 11 van de wet) dat dan beheerd zal worden door een beheersvennootschap (zie 4 infra), of onder de vorm van een vennootschap voor belegging in schuldvorderingen (VBS). Deze zal ofwel een naamloze vennootschap moeten zijn, ofwel een commanditaire vennootschap op aandelen (artikelen 24 en volgende van de wet). Zij zal onderworpen zijn aan het Wetboek van Vennootschappen, voor zover de wet van 20 juli 2004 daar niet van afwijkt. 20 AUGUSTUS 2 SEPTEMBER 2007 BIBF-IPCF PACIOLI NR

3 In principe wordt de beleggingsinstelling slechts opgericht voor het verwerven van de geëffectiseerde schuldvorderingen in het kader van een enkele operatie van effectisering, hetgeen betekent dat de instelling in principe ontbonden wordt wanneer alle schuldvorderingen geïnd werden (zie in die zin J.F. Romain, «Examen du régime spécifique de la titrisation des créances en droit civil belge», R.D.C. 1992, p. 855; F. De Canniere en A. De Viron, «Les aspects fiscaux de la titrisation de créances», R.G.F. 1997, p. 264). II.4. De beheersvennootschap Deel III van de wet van 20 juli 2004 is geheel gewijd aan de beheersvennootschappen, gedefinieerd als de «vennootschappen naar Belgisch recht waarvan het gewone bedrijf bestaat in het beroepsmatige collectieve beheer van portefeuilles van openbare instellingen voor collectieve belegging, alsook voor de ondernemingen naar buitenlands recht die dit bedrijf in België uitoefenen». Voor zover het «gemeenschappelijk beleggingsfonds» niet beschikt over rechtspersoonlijkheid, vereist artikel 11 van de wet van 20 juli 2004 dat het beheerd wordt door een beheersvennootschap. Die verplichting wordt in principe niet opgelegd aan de beleggingsvennootschap. Deze laatste moet echter wel beantwoorden aan een reeks verplichtingen inzake beheersstructuur en controlemechanismen, omschreven in de artikelen 40 en 41 van de wet. Indien deze eisen niet vervuld worden, moet de beleggingsvennootschap, krachtens artikel 43 van de wet, een beheersvennootschap aanduiden die op globale wijze de taken van beheer van de beleggingsinstelling zal uitoefenen. II.5. De bewaarder Artikel 48 van de wet laat de Koning toe de gevallen te bepalen waarin een instelling voor collectieve belegging over een bewaarder moet beschikken voor haar effecten of andere financiële instrumenten, alsook zijn opdracht en de voorwaarden waaraan hij moet voldoen. De Koning moet eveneens individueel of per categorie de natuurlijke personen of rechtspersonen aanduiden die kunnen tussenkomen als bewaarders. Tot op heden is in die zin nog geen dergelijk koninklijk besluit aangenomen. Men zal echter opmerken dat de artikelen 7, 1 en 14, 1 van de richtlijn 85/611 zowel aan het gemeenschappelijk beleggingsfonds als aan de beleggingsvennootschap opleggen om beroep te doen op een bewaarder. Het koninklijk besluit van 23 november 1995 ter uitvoering van de wet van 5 augustus 1992 herneemt eveneens die verplichting. II.6. De houders Het betreft de investeerders, verwervers van de titels die werden uitgegeven door de beleggingsinstelling, institutioneel, openbaar of privé. De houders kunnen een actieve rol spelen bij de vertegenwoordiging van de beleggingsvennootschap en in bepaalde omstandigheden en onder bepaalde voorwaarden kunnen zij optreden in naam van het geheel van houders van titels die zij moeten vertegenwoordigen. Voor dit punt wordt verwezen naar artikel 27 van de wet van 20 juli II.7. De controleorganismen De wet definieert de controlemechanismen in haar artikelen 80 en volgende voor de «openbare» beleggingsinstellingen. Die bepalingen voorzien enerzijds een controle door de Commissie voor Bank-, Financie- en Assurantiewezen. Voor de aanvang van haar activiteiten moet elke openbare beleggingsinstelling zich inschrijven bij de commissie, die daarenboven : de keuze moet aanvaarden van de beheersvennootschap van het gemeenschappelijk beleggingsfonds of de beleggingsvennootschap moet erkennen; de regeling van beheer van het gemeenschappelijk beleggingsfonds of de statuten van de beleggingsvennootschap moet goedkeuren; de keuze moet aanvaarden van de bewaarder van de collectieve beleggingsinstelling. De commissie controleert eveneens of de instelling haar wettelijke, reglementaire of statutaire verplichtingen nakomt. De wet voorziet ook in een revisorale controle : krachtens artikel 83 is de instelling gehouden om een commissaris aan te stellen die de opdracht van commissaris uitoefent zoals bedoeld in het Wetboek van Vennootschappen. De «institutionele» instellingen moeten ingeschreven zijn bij de Federale Overheidsdienst Financiën. Artikel 83 is gedeeltelijk van toepassing op die instellingen. PACIOLI NR. 235 BIBF-IPCF 20 AUGUSTUS 2 SEPTEMBER

4 III. Fiscaal regime In het kader van dit hoofdstuk zal het fiscale regime onderzocht worden van de operaties van effectisering binnen een vennootschap voor belegging in schuldvorderingen. III.1. Wat betreft de operatie van effectisering De overdracht van schuldvorderingen, die voor de overdrager activabestanddelen zijn, zal onderworpen zijn aan de gemeenrechtelijke vennootschapsbelasting. Indien de overdracht van schuldvorderingen een minderwaarde teweegbrengt in hoofde van de overdrager zal die aftrekbaar zijn van het belastbaar inkomen. Indien daarentegen een meerwaarde op de schuldvordering het resultaat is van de overdracht, zal zij onderworpen worden aan de vennootschapsbelasting. Het is echter mogelijk dat deze meerwaarde niet belastbaar is in haar geheel op het moment van de overdracht. Indien de partijen zijn overeengekomen dat de prijs van de overdracht slechts betaalbaar en opeisbaar is naargelang de terugbetaling van de schuldvorderingen aan de collectieve beleggingsinstelling, zal de complementaire prijs op dezelfde manier belastbaar worden in hoofde van de overdrager. III.2. Fiscaal regime van de VBS III.2.1. Directe belasting a) De beleggingsvennootschappen beschikken over rechtspersoonlijkheid en zijn onderworpen aan de vennootschapsbelasting. Nochtans, zo bevestigt artikel 185bis WIB 1992, van toepassing vanaf 1 januari 2007, is de VBS enkel belastbaar op het totale bedrag van de ontvangen abnormale of goedgunstige voordelen en de uitgaven en kosten die niet afgetrokken kunnen worden als beroepskosten, andere dan de waardeverminderingen en de minderwaarden op aandelen. Zij wordt dus niet belast op de uitgekeerde of gereserveerde winsten. Artikel 185bis WIB 1992 sluit, net zoals daarvoor door artikel 143 van de wet van 4 december 1990 op de financiële transacties en de financiële markten, in hoofde van de beleggingsvennootschap de toepassing uit van de artikelen 202 tot 205 WIB 1992 (definitief belaste inkomsten) en van de artikelen 285 tot 289 WIB 1992 (forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting). De bijzondere aanslag voor geheime commissielonen is toepasselijk op de VBS ingeval van niet-verantwoorde uitgaven. De beleggingsvennootschap kan echter niet genieten van een verminderd tarief van vennootschapsbelasting : artikel 215, derde lid WIB 1992 sluit de beleggingsvennootschappen uitdrukkelijk uit. b) De VBS ontvangt roerende inkomsten bestaande uit de intresten op de schuldvorderingen die zij verkregen heeft of op de beleggingen van liquiditeiten die zij heeft uitgevoerd. Krachtens artikel 116 van het KB/WIB 1992, worden deze roerende inkomsten uitgesloten van roerende voorheffing. Deze maatregel is echter onderworpen aan de voorwaarde dat de VBS een attest aflevert aan de schuldenaar van de roerende voorheffing om te bevestigen dat die inkomsten voortkomen uit activa waarvan zij eigenaar is. III.2.2. Btw De operaties die worden uitgevoerd door de beleggingsvennootschappen zijn operaties die vallen onder het Btw- Wetboek. Zij kennen dus aan de VBS de hoedanigheid van belastingplichtige toe. Die operaties worden echter uitgesloten van de btw krachtens artikel 44, 3, 11 WBTW. Zoals de btw-commentaar en de btw-handleiding preciseren «zijn uitgesloten de prestaties geleverd door of voor collectieve beleggingsinstellingen» (btw-commentaar 44/1382; btw-handleiding 332/3). Artikel 44, 3, 11 WBTW bepaalt immers dat niet alleen de operaties die worden uitgevoerd door de beleggingsinstellingen worden uitgesloten, maar ook de prestaties tot beheer van die instellingen alsook van hun activa. In dat opzicht heeft het Europees Hof van Justitie de gelegenheid gehad om, in een arrest C-169/04 van 4 mei 2006, te expliciteren wat verstaan dient te worden onder de notie «beheer» van een collectieve beleggingsinstelling in de zin van artikel 13,B, onder d) van de zesde Europese richtlijn van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten inzake omzetbelasting. Het Hof heeft er eerst en vooral aan herinnerd dat het een autonome notie betrof van het gemeenschapsrecht, waarvan de interpretatie niet aan de lidstaten toekwam. 20 AUGUSTUS 2 SEPTEMBER 2007 BIBF-IPCF PACIOLI NR

5 In samenlezing met de bepalingen van de richtlijn 85/611/EEG van 20 december 1985 tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten, heeft het Hof gesteld dat ook behoorden tot het toepassingsgebied van uitgesloten beheersprestaties «naast de taken van portefeuillebeheer, taken van administratie van gemeenschappelijke beleggingsfondsen zelf, zoals genoemd in bijlage II bij richtlijn 85/611 ( )», te weten, onder meer, de juridische diensten en het boekhoudkundig beheer van het fonds, de verzoeken tot informatie van de cliënten, de beoordeling van de portefeuille en het bepalen van de waarde van de aandelen, de controle op de naleving van de reglementaire bepalingen, het bijhouden van het register van houders van aandelen, de bestemming van inkomsten, de uitgifte en de wederinkoop van aandelen, de afloop van contracten of nog de registratie en bewaring van de operaties. Het Hof heeft eveneens toegevoegd dat de beheersdiensten geleverd door een derde beheerder ook vielen onder het toepassingsgebied van artikel 13,B, onder d), indien zij «een afzonderlijk geheel vormen, en kenmerkend en essentieel zijn voor het beheer van gemeenschappelijke beleggingsfondsen». Het komt echter aan de nationale jurisdicties toe om te appreciëren of de door derden geleverde diensten beantwoorden aan die criteria. III.3. Fiscaal regime toepasselijk op de houders III.3.1. Wat betreft de belasting van de roerende inkomsten De investeerders ontvangen de roerende inkomsten van de titels die werden uitgegeven door de VBS. a) Voor wat betreft de investeerders die onderworpen zijn aan de personenbelasting of aan de rechtspersonenbelasting, zijn deze inkomsten in principe onderworpen aan een bevrijdende roerende voorheffing van 15%, afgehouden aan de bron door de VBS. In dat opzicht, in de hypothese waarin dividenden worden uitgekeerd door de VBS, kan het tarief van de roerende voorheffing worden verminderd van 25 naar 15%, op voorwaarde dat de beleggingsvennootschap daar niet onherroepelijk van afziet (artikel 269, derde lid, c) WIB 1992). Bepaalde investeerders zijn echter niet onderworpen aan de roerende voorheffing. Dat is bijvoorbeeld zo voor de spaarders niet-inwoners. Zo wordt, krachtens artikel 106, 7 van het KB/WIB 1992, volledig afstand gedaan van de inning van roerende voorheffing op de dividenden, indien de schuldenaar een beleggingsvennootschap is en de begunstigde een spaarder niet-inwoner. Hetzelfde geldt krachtens artikel 107, 2, 10 van hetzelfde KB voor wat betreft de intresten. In beide gevallen wordt de verzaking echter onderworpen aan de voorwaarde dat de VBS beschikt over een attest dat bevestigt dat de begunstigde van de inkomsten : eigenaar of vruchtgebruiker is van de rentegevende roerende kapitalen; niet-inwoner is die deze kapitalen niet voor het uitoefenen van een beroepswerkzaamheid in België gebruikt. In voorkomend geval voorziet artikel 119 van het KB/WIB 1992 in de mogelijkheid om de teruggave te verkrijgen van de eventueel bij de bron geïnde roerende voorheffing, mits indiening van een bezwaarschrift in de vormen en termijnen die zijn voorgeschreven door artikel 371 van het WIB b) Wat betreft de investeerders die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting, zijn de inkomsten in principe belastbaar in de vennootschapsbelasting. De eventueel aan de bron geïnde roerende voorheffing is aftrekbaar en in voorkomend geval terugbetaalbaar. In zoverre men meent dat de beleggingsvennootschap in België onderworpen is aan een regime dat afwijkt van het gemeen recht, zal de dbi-aftrek niet toepasselijk zijn op de investeerders (artikel 203, 1, 2 WIB 1992). III.3.2. Wat betreft de belasting in geval van overdracht van titels Voor de investeerders die onderworpen zijn aan de personenbelasting of aan de rechtspersonenbelasting, zijn de meerwaarden in principe niet belastbaar. Zij kunnen het echter wel zijn in hoofde van natuurlijke personen wanneer zij beschouwd worden als diverse inkomsten, namelijk wanneer de overdracht beschouwd kan worden als verdergaand dan het normaal beheer van het privévermogen (artikel 90, 1 WIB 1992). Wat de investeerders betreft die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting, zijn de meerwaarden die voortkomen uit de overdracht van obligaties volledig onderworpen aan de vennootschapsbelasting. De minderwaarden zijn op hun beurt fiscaal aftrekbaar. De meerwaarden die het resultaat zijn van de overdracht van aandelen zijn eveneens onderworpen aan de vennootschapsbelasting. De minderwaarden zijn dan echter, krachtens artikel 198, 7 WIB 1992, slechts aftrekbaar als beroepskosten indien PACIOLI NR. 235 BIBF-IPCF 20 AUGUSTUS 2 SEPTEMBER

6 ze geboekt zijn naar aanleiding van de gehele verdeling van het maatschappelijk vermogen van de vennootschap en tot ten hoogste het verlies aan gestort kapitaal dat door die aandelen wordt vertegenwoordigd. IV. Besluit Wij kunnen vaststellen dat het aantal wettelijke bepalingen die de effectisering bevoordelen de laatste jaren sterk zijn toegenomen, zowel in het Europees recht als in het Belgisch recht, en zowel in het gemeen recht als in het fiscaal recht. Zo werd artikel 1690 van het Burgerlijk Wetboek gewijzigd, terwijl artikel 1328 van het Burgerlijk Wetboek buiten werking wordt gesteld voor de overdracht van schuldvorderingen door of aan een collectieve beleggingsinstelling. Het fiscale regime van de beleggingsvennootschappen werd eveneens gunstiger, gezien de quasifiscale uitsluiting in hunnen hoofde, zowel op het niveau van de directe belasting als van de btw. De Europese wetgever kwam ook op dit punt tussen. De maatregelen tot uitsluiting van de roerende voorheffing op de inkomsten van de door de beleggingsvennootschappen uitgegeven titels zijn eveneens van aard om effectisering te bevorderen. Zodoende heeft de effectisering van schuldvorderingen zich kunnen ontwikkelen. Behalve de bankondernemingen, de financiële, industriële of commerciële ondernemingen uit de privésector, stelt men vast dat ook de Belgische Staat zijn toevlucht heeft genomen tot de effectisering van haar fiscale schuldvorderingen, zowel inzake inkomstenbelasting als inzake btw. Zo heeft artikel 43 van de programmawet van 11 juli 2005 de overdracht van de fiscale schuldvorderingen van de Staat inzake inkomstenbelastingen mogelijk gemaakt. De bepaling voorziet echter dat de Staat geacht wordt schuldeiser te zijn van de overgedragen schuldvorderingen bij het stellen van alle handelingen en alle verrichtingen strekkende tot de vestiging en de invordering van de belasting. De overdracht blijft zonder gevolgen voor de rechten en zekerheden waarover de Staat beschikt inzake invordering en voor de rechten en verplichtingen van de schuldenaren. De ingevorderde bedragen die het totaal van de bedragen verschuldigd door de overnemer aan de inschrijvers op de effecten overschrijden, komen toe aan de Staat (artikel 43, 4). De artikelen 24 en 25 van de programmawet van 20 juli 2006 hebben het toepassingsgebied van artikel 43 van de programmawet van 11 juli 2005 en het voordeel van de effectisering uitgebreid tot de fiscale schuldvorderingen inzake btw. Catherine DAUBY Advocaat aan de balie te Luik Zelfstandigenpensioen : discriminatie? Het pensioenstelsel in België bestaat uit drie of vier pijlers, naargelang de Staat tussenkomt in de opbouw ervan. De eerste pijler bestaat uit het wettelijk pensioen, waarvan alle aspecten georganiseerd en geregeld worden door de Staat. De tweede pijler is het aanvullend pensioen dat verband houdt met de beroepsactiviteit van de werknemer en waarvan de regels door de Staat werden ingevoerd en de bijdragen als beroepskosten aftrekbaar zijn. De derde pijler betreft het individueel pensioen, dat zich alleen door de fiscale gunstregels die erop van toepassing zijn, onderscheidt van de vierde pijler, die ook een individueel pensioen in het leven roept. De eerste pijler is verschillend naargelang het sociaal statuut van de werknemer (loontrekkende, zelfstandige of ambtenaar), terwijl de derde pijler en de vierde pijler, ongeacht de uitgeoefende activiteit, identiek zijn. Wat de tweede pijler betreft, kunnen zelfstandigen (sinds 1982) een aanvullend pensioen opbouwen, dat vrij aanvullend pensioen voor zelfstandigen wordt genoemd (VAPZ). Hiertoe betalen ze vrijwillig bijdragen, terwijl loontrekkenden een aanvullend pensioen kunnen genieten waarvan de financiering hoofdzakelijk afhangt van hun werkgever. De wetgeving betreffende het aanvullende pensioen, zowel voor loontrekkenden als zelfstandigen, werd grondig gewijzigd om de tweede pensioenpijler aan te moedigen en te democratiseren. Voor zelfstandigen spreken we nog steeds over VAPZ, terwijl de benamingen van het aanvul- 20 AUGUSTUS 2 SEPTEMBER 2007 BIBF-IPCF PACIOLI NR

7 lend pensioen voor loontrekkenden werden gewijzigd : nu heeft men het over collectieve pensioentoezegging (CPT) en over individuele pensioentoezegging (IPT) naargelang de toezegging werd ingevoerd voor een geheel van werknemers of voor één werknemer. In deze wetgeving is echter een flagrante ongelijke behandeling blijven bestaan tussen zelfstandigen, naargelang ze hun beroepsactiviteit uitoefenen als natuurlijk persoon of binnen een vennootschap/rechtspersoon. Hoewel alle zelfstandigen een VAPZ kunnen afsluiten, komen alleen zelfstandigen die hun activiteit in een vennootschap uitoefenen in aanmerking voor een individuele pensioentoezegging die door die vennootschap werd afgesloten. Deze toestand is zeer nadelig voor zelfstandigen die hun beroepsactiviteit als natuurlijk persoon uitoefenen. Zij kunnen immers alleen een VAPZ afsluiten, waarvan het bedrag van de bijdrage die bestemd is voor de opbouw van het aanvullend pensioen beperkt is tot 8,17% (of 8,25% indien het VAPZ een sociaal luik bevat) van hun, eventueel begrensde, belastbare beroepsinkomsten van het op twee na laatste jaar. Het aanvullend pensioen zal hierdoor altijd lager zijn dan het pensioen dat wordt opgebouwd door een individuele pensioentoezegging van een bedrijfsleider. Het bedrag van de bijdrage en het eruit voortvloeiend pensioen van een individuele pensioentoezegging zijn immers maar beperkt door de fiscale 80%-regel. Ter herinnering : de fiscale 80%-regel bepaalt dat zowel wettelijke als extralegale pensioenprestaties, maar met uitzondering van deze die voortvloeien uit individuele levensverzekering- en pensioenspaarovereenkomsten, uitgedrukt in jaarlijkse rente, niet meer mogen bedragen dan 80% van het laatste normale brutojaarloon van de aangesloten werknemer en dat de bijdragen voor aanvullend pensioen slechts aftrekbaar zijn voor zover ze betrekking hebben op bezoldigingen die regelmatig en ten minste één keer per maand worden verleend of toegekend vóór het einde van het belastbare tijdperk in de loop waarvan de bezoldigde activiteit werd uitgeoefend en op voorwaarde dat deze bezoldigingen door de vennootschap op de resultaten van dat tijdperk worden aangerekend. Bovendien zijn bij individuele pensioentoezeggingen, net als bij collectieve pensioentoezeggingen, back service en inhaalbijdragen mogelijk. Back service houdt in dat premies worden betaald om de verhoging van de inkomsten te compenseren en om de verhoging van het pensioenplan te compenseren. Met inhaalbijdragen kunnen premies worden betaald voor de voorafgaande arbeidsjaren, buiten (maximaal tien jaar) en binnen de onderneming, vóór de invoering van het pensioenplan en na de einddatum van de overeenkomst indien deze niet samenvalt met de wettelijke pensioenleeftijd. Terwijl een zelfstandige die zijn activiteit als natuurlijk persoon uitoefent een collectieve pensioentoezegging kan sluiten voor de werknemers die voor hem werken, werd het hem nooit toegestaan om een individuele pensioentoezegging voor zichzelf af te sluiten. Dit was onder de vroegere wetgeving gedeeltelijk te begrijpen, want indien de begunstigde een loontrekkende of zelfstandige was, waren er automatische verschillende begunstigden nodig, al waren het potentiële begunstigden. Er was toen echter de bedrijfsleidersverzekering, maar de bedrijfsleider mocht nooit de begunstigde zijn. Was hij dat wel, dan waren de betaalde bijdragen niet aftrekbaar. Het is echter waarschijnlijker dat de weigering van een collectieve pensioentoezegging voor een zelfstandige die zijn activiteit als natuurlijk persoon uitoefent, voortvloeit uit het feit dat de bijdragen werden beschouwd als persoonlijke betalingen en dus betalingen van de derde pijler, terwijl ze wel degelijk verband houden met de beroepsactiviteit en dus met de tweede pijler. Indien wordt aangenomen dat de bijdragen die in het kader van de beroepsactiviteit worden betaald, wel degelijk bijdragen van de tweede pijler zijn, is de enige moeilijkheid die nog moet worden opgelost dat een fiscale 80%- regel moet worden uitgewerkt voor zelfstandigen die hun activiteit als natuurlijk persoon uitoefenen, aangezien de huidige regel niet als dusdanig kan worden toegepast. Deze moeilijkheid mag echter niet de reden zijn om sommige zelfstandigen ten opzichte van andere te discrimineren. Het zou uiteraard niet wenselijk zijn om deze discriminatie weg te werken door zelfstandigen die hun activiteit in een vennootschap uitoefenen de mogelijkheid te ontnemen om een individuele pensioentoezegging te sluiten. Dit zou inhouden dat alle zelfstandigen worden gediscrimineerd in vergelijking met loontrekkenden, terwijl steeds meer gepraat worden over een harmonisering van de sociale zekerheidsprestaties. Jacques BOULET Zaakvoerder Viaxis PACIOLI NR. 235 BIBF-IPCF 20 AUGUSTUS 2 SEPTEMBER

8 Bedrijfsvoorheffing : elektronische aangifte verplicht, nog een stap in de richting van de volledige elektronische ruimte Het koninklijk besluit van 3 juni 2007 dat op 14 juni 2007 verscheen in het Belgisch Staatsblad verplicht ons gebruik te maken van de informaticatoepassingen FINPROF en BOW (belcotax on web). De wetgeving zal in twee fasen van toepassing worden : Fiches en samenvattende opgaven 281.XX en 325.XX Eerste fase : de elektronische indiening is slechts verplicht vanaf de indiening van de fiches en samenvattende opgaven die betrekking hebben op 2007 (aanslagjaar 2008) en dit enkel voor de schuldenaars waarvan het bedrag van de verschuldigde bedrijfsvoorheffing op de inkomsten van het vorige jaar meer bedraagt of gelijk is aan euro (men bedoelt sommige maandaangevers voor de bedrijfsvoorheffing zoals vermeld in artikel 412, tweede en derde lid WIB 1992). Tweede fase : de verplichting tot elektronische indiening zal ook gelden voor de andere schuldenaars (m.a.w. veralgemeende verplichting voor alle schuldenaars), maar vanaf de indiening van de fiches en samenvattende opgaven die betrekking hebben op de inkomsten van 2008 (aanslagjaar 2009), m.a.w. vanaf 1 januari 2009 tot 31 maart Aangifte in de bedrijfsvoorheffing Eerste fase : de elektronische indiening is slechts verplicht vanaf de indiening van de aangiften in de bedrijfsvoorheffing die betrekking hebben op de belastbare inkomsten die betaald of toegekend zijn vanaf 1 januari 2008 (aanslagjaar 2008), d.w.z. voor de inkomsten toegekend in januari 2008, en dit enkel voor de schuldenaars waarvan het bedrag van de verschuldigde bedrijfsvoorheffing op de inkomsten van het vorige jaar meer bedraagt of gelijk is aan euro (men bedoelt hier sommige maandaangevers voor de bedrijfsvoorheffing zoals vermeld in artikel 412, tweede en derde lid van het WIB Tweede fase : de verplichting tot elektronische indiening zal ook gelden voor alle andere schuldenaars vanaf de indiening van de aangiften in de bedrijfsvoorheffing die betrekking hebben op de belastbare inkomsten die betaald of toegekend zijn vanaf 1 januari 2009 (aanslagjaar 2009), in dat geval de eerste kwartaalaangifte in april Daarnaast is er in beide fasen naar analogie met het systeem van de elektronische btw-aangifte (artikel 2 van het koninklijk besluit van 31 januari 2007, B.S. 7 februari 2007) in een vrijstelling van elektronische indiening voorzien voor de schuldenaars of de personen die namens hen gemachtigd zijn om deze fiches en samenvattende opgaven in te dienen, en die niet over de nodige geïnformatiseerde middelen beschikken. Voor hen is het nog steeds toegelaten om de fiches en samenvattende opgaven op papier of op elektronische informatiedrager en de aangiften in de bedrijfsvoorheffing op papier in te dienen. Bovendien werd een delegatie van bevoegdheden verleend aan de Minister van Financiën of zijn gedelegeerde om het model van de fiches, samenvattende opgaven en aangiften in de bedrijfsvoorheffing vast te stellen en, conform het systeem van de elektronische btw-aangifte (artikel 2 van het koninklijk besluit van 31 januari 2007, B.S. 7 februari 2007), de modaliteiten met betrekking tot hun indiening te bepalen. Het is dan ook de Minister van Financiën of zijn afgevaardigde die de werking van de elektronische indiening zal concretiseren en die de formaliteiten zal vastleggen die moeten vervuld worden om nog op papier of op elektronische informatiedrager te mogen blijven indienen. Door middel van zijn bevoorrechte contacten met de FOD Financiën zal het Instituut erop toezien dat binnen redelijke termijnen operationele en gebruiksvriendelijke informaticaoplossingen worden uitgewerkt. Marc VAN THOURNOUT Erkend boekhouder-fiscalist Plaatsvervangend raadslid Noch deze publicatie, noch gedeelten van deze publicatie mogen worden gereproduceerd of opgeslagen in een retrievalsysteem, en evenmin worden overgedragen in welke vorm of op welke wijze ook, elektronisch, mechanisch of door middel van fotokopieën, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. De redactie staat in voor de betrouwbaarheid van de in haar uitgaven opgenomen info, waarvoor zij echter niet aansprakelijk kan worden gesteld. Verantwoordelijke uitgever : Roland SMETS, B.I.B.F. Legrandlaan 45, 1050 Brussel, Tel. 02/ , Fax. 02/ URL : http : //www.bibf.be. Redactie : Gaëtan HANOT, Geert LENAERTS, Maria PLOUMEN, Roland SMETS. Adviesraad : Professor P. MICHEL, Ecole d Administration des Affaires de l Université de Liège, Professor C. LEFEBVRE, Katholieke Universiteit Leuven. Gerealiseerd in samenwerking met kluwer 20 AUGUSTUS 2 SEPTEMBER 2007 BIBF-IPCF PACIOLI NR

Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, titel III, hoofdstuk II, afdeling III, onderafdeling 4. Ondernemingen die investeren in een raamovereenkomst voor de productie van een audiovisueel werk Art. 194ter.

Nadere informatie

http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments...

http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments... Page 1 of 5 Home > Résultats de la recherche > Circulaires > Circulaire nr. Ci.RH.231/532.259 (AAFisc Nr. 3/2013) dd. 25.01.2013 Algemene administratie van de FISCALITEIT - Centrale diensten Personenbelasting

Nadere informatie

Aftrek voor risicokapitaal

Aftrek voor risicokapitaal Opgave 275C 1/2 Benaming :............... Ondernemingsnummer :... Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen Aftrek voor risicokapitaal AANSLAGJAAR

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus April 2010

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus April 2010 Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus April 2010 ARGENTA-FUND De vennootschap ARGENTA-FUND (hierna "de vennootschap" genoemd) is een beleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal ("SICAV") met

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus 4 januari 2010

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus 4 januari 2010 Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus 4 januari 2010 ARGENTA FUND OF FUNDS De vennootschap ARGENTA FUND OF FUNDS (hierna de vennootschap genoemd) is een beleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal

Nadere informatie

Beslissing tot het verlenen van een voorafgaand akkoord Statuut van openbare instelling voor collectieve belegging in schuldvorderingen

Beslissing tot het verlenen van een voorafgaand akkoord Statuut van openbare instelling voor collectieve belegging in schuldvorderingen Beslissing tot het verlenen van een voorafgaand akkoord Statuut van openbare instelling voor collectieve belegging in schuldvorderingen Mei en september 2006 Conform artikel 11 van het koninklijk besluit

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling Federale Overheidsdienst Financiën www.minfin.fgov.be Onderwerp Circulaire nr. Ci.RH.421/620.779 (AAFisc Nr. 19/2013). Belastbare grondslag in de Ven.B. Meerwaarde. Verwezenlijkte meerwaarde.

Nadere informatie

FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING

FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING Bestemd voor de Administratie Datum van ontvangst van de aangifte:.. FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus Dexia Total Return II Gemeenschappelijk Beleggingsfonds conform Richtlijn 85/611/EEG 136, route d Arlon, L 1150 Luxemburg Gemeenschappelijk Beleggingsfonds

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus December 2009 DB PLATINUM Beleggingsvennootschap conform Richtlijn 85/611/EEG Route d Esch 69, L-1470 Luxembourg De informatie die in deze bijlage bij het prospectus

Nadere informatie

BELGISCHE BIJLAGE BIJ HET UITGIFTEPROSPECTUS SAINT-HONORE INDE

BELGISCHE BIJLAGE BIJ HET UITGIFTEPROSPECTUS SAINT-HONORE INDE BELGISCHE BIJLAGE BIJ HET UITGIFTEPROSPECTUS SAINT-HONORE INDE Gemeenschappelijk beleggingsfonds (GBF) naar Frans recht overeenkomstig de Richtlijn 85/611/EEG 47, rue du Faubourg Saint-Honoré, 75401 Parijs,

Nadere informatie

KEUZEDIVIDEND INFORMATIEDOCUMENT TER ATTENTIE VAN DE AANDEELHOUDERS VAN COFINIMMO

KEUZEDIVIDEND INFORMATIEDOCUMENT TER ATTENTIE VAN DE AANDEELHOUDERS VAN COFINIMMO Woluwedal 58 1200 Brussel BE 0 426 184 049 RPR Brussel Naamloze vennootschap en Openbare Vastgoedbeleggingsvennootschap met vast kapitaal naar Belgisch Recht KEUZEDIVIDEND INFORMATIEDOCUMENT TER ATTENTIE

Nadere informatie

IAB-Info. Inhoud. Beroep. Economie

IAB-Info. Inhoud. Beroep. Economie Nummer 4 16 29 februari 2004 IAB-Info Inhoud 16e jaargang Beroep c Bestuur en aandeelhouderschap van erkende professionele vennootschappen Deze bijdrage strekt ertoe een overzicht te bieden van zowel de

Nadere informatie

De Fairness Tax: nieuwe minimumbelasting voor grote vennootschappen?

De Fairness Tax: nieuwe minimumbelasting voor grote vennootschappen? De Fairness Tax: nieuwe minimumbelasting voor grote vennootschappen? Op 30 juli 2013 werd de wet houdende diverse bepalingen omtrent de nieuwe fiscale maatregelen in het kader van de begrotingscontrole

Nadere informatie

Het model van het aangifteformulier voor aanslagjaar 2014 is verschenen in het Belgisch Staatsblad dd. 02.05.2014.

Het model van het aangifteformulier voor aanslagjaar 2014 is verschenen in het Belgisch Staatsblad dd. 02.05.2014. Nieuwigheden in de aangifte aanslagjaar 2014 in de belasting van niet-inwoners Buitenlandse vennootschappen, verenigingen, instellingen of lichamen die een onderneming exploiteren of zich met verrichtingen

Nadere informatie

BELASTINGKREDIET van toepassing in de PERSONENBELASTING (art. 289bis, 290, 2 en 291, tweede lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992)

BELASTINGKREDIET van toepassing in de PERSONENBELASTING (art. 289bis, 290, 2 en 291, tweede lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992) Identiteit:... Repertoriumnr.:... Ondernemingsnr. of nationaal nr.:... BELASTINGKREDIET van toepassing in de PERSONENBELASTING (art. 289bis, 290, 2 en 291, tweede lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus Dexia Bonds Beleggingsvennootschap conform Richtlijn 85/611/EEG 69, route d Esch, L 2953 Luxemburg Beleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal naar Luxemburgs

Nadere informatie

Voorafgaande opmerking bij de circulaire nr. Ci.RH.421/628.803

Voorafgaande opmerking bij de circulaire nr. Ci.RH.421/628.803 Algemene administratie van de FISCALITEIT Centrale diensten Circulaire nr. Ci.RH.421/628.803 (AAFisc Nr. 30/2013) dd. 22.07.2013 Berekening van de Ven.B Rechtspersonenbelasting Berekening van de RPB Afzonderlijke

Nadere informatie

De institutionele instellingen voor collectieve belegging in schuldvorderingen. Hoofdstuk II. Bedrijfsvergunning en bedrijfsuitoefening

De institutionele instellingen voor collectieve belegging in schuldvorderingen. Hoofdstuk II. Bedrijfsvergunning en bedrijfsuitoefening Belgisch recht" ofwel volgen deze woorden onmiddellijk op haar naam. Indien uit deze naam niet blijkt voor welke categorie van toegelaten beleggingen zij overeenkomstig artikel 7, eerste lid heeft geopteerd,

Nadere informatie

De bedrijfsleidersverzekering is een levensverzekering gesloten door een onderneming in haar eigen voordeel, op het hoofd van een bedrijfsleider.

De bedrijfsleidersverzekering is een levensverzekering gesloten door een onderneming in haar eigen voordeel, op het hoofd van een bedrijfsleider. Vorstlaan 280 1160 Brussel Tel +32 2 761 46 00 Fax +32 2 761 47 00 www.claeysengels.be info@claeysengels.be DE BEDRIJFSLEIDERSVERZEKERING www.iuslaboris.com De bedrijfsleidersverzekering is een levensverzekering

Nadere informatie

KEUZEDIVIDEND INFORMATIEDOCUMENT TER ATTENTIE VAN DE AANDEELHOUDERS VAN COFINIMMO

KEUZEDIVIDEND INFORMATIEDOCUMENT TER ATTENTIE VAN DE AANDEELHOUDERS VAN COFINIMMO Woluwedal 58 1200 Brussel BE 0 426 184 049 RPR Brussel Naamloze vennootschap en Openbare Vastgoedbeleggingsvennootschap met vast kapitaal naar Belgisch Recht KEUZEDIVIDEND INFORMATIEDOCUMENT TER ATTENTIE

Nadere informatie

TETRALERT - TAX VERVOLG VAN DE FISCALE HERVORMINGEN VAN DI RUPO I : WET VAN 13 DECEMBER EN VAN 27 DECEMBER 2012

TETRALERT - TAX VERVOLG VAN DE FISCALE HERVORMINGEN VAN DI RUPO I : WET VAN 13 DECEMBER EN VAN 27 DECEMBER 2012 TETRALERT - TAX VERVOLG VAN DE FISCALE HERVORMINGEN VAN DI RUPO I : WET VAN 13 DECEMBER EN VAN 27 DECEMBER 2012 Bepaalde maatregelen die reeds waren opgenomen in de nota van Di Rupo I uitgegeven in 2011

Nadere informatie

3.3.1. Het tariefverschil

3.3.1. Het tariefverschil www.vdvaccountants.be 49 3.3. Motieven van fiscale aard Werken met een vennootschap kan in de fiscale context motieven hebben die zowel betrekking hebben op de inkomstenbelasting als op de successierechten.

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus April 2010 TRIODOS SICAV I sicav naar Luxemburgse recht conform Richtlijn 85/611/EEG Route D Esch, 69, 1470 Luxemburg LUXEMBURG De informatie die in deze bijlage

Nadere informatie

I. INLEIDING. http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments&i...

I. INLEIDING. http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments&i... Page 1 of 12 Home > Circulaire AAFisc Nr. 13/2014 (nr. Ci.RH.421/630.788) dd. 03.04.2014 Algemene Administratie van de Fiscaliteit - Operationele Expertise en Ondersteuning Dienst VENB Vennootschapsbelasting/Belasting

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2015/XXX - Boekhoudkundige verwerking van de liquidatiereserve bedoeld in artikel 541 WIB 92 (Programmawet van 10 augustus 2015) en de bijzondere aanslag

Nadere informatie

HOOFDSTUK I. Definities. Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :

HOOFDSTUK I. Definities. Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : Koninklijk besluit van 15 februari 2005 betreffende de uitoefening van het beroep van erkend boekhouder en erkend boekhouder-fiscalist in het kader van een rechtspersoon Bron : Koninklijk besluit van 15

Nadere informatie

De individuele pensioentoezegging

De individuele pensioentoezegging CLAEYS & ENGELS Advocaten Vorstlaan 280 1160 Brussel Tel +32 2 761 46 00 Fax +32 2 761 47 00 De individuele pensioentoezegging info@claeysengels.be www.claeysengels.be www.iuslaboris.com I WAT IS EEN INDIVIDUELE

Nadere informatie

Ontbinding en vereffening

Ontbinding en vereffening Ontbinding en vereffening Art. 208-214 Situering TITEL III : VENNOOTSCHAPSBELASTING Art. 179-219bis HOOFDSTUK I : AAN DE BELASTING ONDERWORPEN VENNOOTSCHAPPEN Art. 179-182 HOOFDSTUK II : GRONDSLAG VAN

Nadere informatie

I. WETBOEK VAN DE INKOMSTENBELASTINGEN Wetboek van de inkomstenbelastingen april

I. WETBOEK VAN DE INKOMSTENBELASTINGEN Wetboek van de inkomstenbelastingen april Algemene inhoud I. WETBOEK VAN DE INKOMSTENBELASTINGEN 1992 1 Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 10 april 1992............. 3 II. KONINKLIJK BESLUIT TOT UITVOERING VAN HET WIB 1992 415 Koninklijk

Nadere informatie

SPECIMEN. Bankinformatie. Contactpersoon. AANGIFTE IN DE RECHTSPERSONENBELASTING AANSLAGJAAR 2015 (Inkomsten van het jaar 2014) BIJKOMENDE INFORMATIE

SPECIMEN. Bankinformatie. Contactpersoon. AANGIFTE IN DE RECHTSPERSONENBELASTING AANSLAGJAAR 2015 (Inkomsten van het jaar 2014) BIJKOMENDE INFORMATIE Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE RECHTSPERSONENBELASTING AANSLAGJAAR 2015 (Inkomsten van het jaar 2014) De aangifte moet,

Nadere informatie

Reglement voor het toezicht op de boekhouding

Reglement voor het toezicht op de boekhouding NATIONALE KAMER VAN NOTARISSEN Reglement voor het toezicht op de boekhouding Aangenomen door de algemene vergadering van de Nationale Kamer van notarissen op 29 januari 2002 Goedgekeurd bij K.B. van 9

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR HET VRIJ AANVULLEND PENSIOEN VOOR ZELFSTANDIGEN ADVIES NR. 2 VAN 15 SEPTEMBER 2003

COMMISSIE VOOR HET VRIJ AANVULLEND PENSIOEN VOOR ZELFSTANDIGEN ADVIES NR. 2 VAN 15 SEPTEMBER 2003 COMMISSIE VOOR HET VRIJ AANVULLEND PENSIOEN VOOR ZELFSTANDIGEN ADVIES NR. 2 VAN 15 SEPTEMBER 2003 INVENTARIS VAN DE VRAGEN BETREFFENDE TITEL II, HOOFDSTUK I, AFDELING 4 VAN DE PROGRAMMAWET (I) VAN 24 DECEMBER

Nadere informatie

HOOFDSTUK 1 Situering van de vennootschapsbelasting

HOOFDSTUK 1 Situering van de vennootschapsbelasting DEEL 1 Inleiding 31 HOOFDSTUK 1 Situering van de vennootschapsbelasting HOOFDSTUK 1 Situering van de vennootschapsbelasting In België onderscheiden we vier belastingstelsels, namelijk: 1 De directe belastingen

Nadere informatie

Page 1 of 6 Home > FAQ Deeleconomie Algemene Administratie van de Fiscaliteit - Operationele Expertise en Ondersteuning Dienst PB Personenbelasting FAQ - Deeleconomie ALGEMEEN 1. Wat is deeleconomie? 2.

Nadere informatie

Belgisch addendum bij het uitgifteprospectus

Belgisch addendum bij het uitgifteprospectus Belgisch addendum bij het uitgifteprospectus CapitalatWork Umbrella Fund SICAV Beleggingsvennootschap naar Luxemburgs recht overeenkomstig richtlijn 85/611/EEG 69, route d'esch, L -1014 Luxembourg De informatie

Nadere informatie

Fiscale maatregelen Stand van zaken op 20 januari 2012

Fiscale maatregelen Stand van zaken op 20 januari 2012 Fiscale maatregelen Stand van zaken op 20 januari 2012 Inleiding Op 22 december 2011 werd de wet houdende diverse bepalingen (document kamer nr. 1952/018) aangenomen in de plenaire vergadering van het

Nadere informatie

Meerwaarden op aandelen: Vindt u uw weg in de praktijk?

Meerwaarden op aandelen: Vindt u uw weg in de praktijk? Meerwaarden op aandelen: Vindt u uw weg in de praktijk? De programmawet van 27 december 2012 heeft een nieuwe belasting op meerwaarden op aandelen ingevoerd. Meer dan één jaar na de inwerkingtreding, blijven

Nadere informatie

2. Voordelen van een doktersvennootschap

2. Voordelen van een doktersvennootschap 2. Voordelen van een doktersvennootschap 2.1 Samenwerken Een belangrijke reden om te starten met een vennootschap is de samenwerkingsfactor. De vennoten kunnen elkaar bijstaan in raad en daad. Het is natuurlijk

Nadere informatie

ABLYNX NV. (de Vennootschap of Ablynx )

ABLYNX NV. (de Vennootschap of Ablynx ) ABLYNX NV Naamloze Vennootschap die een openbaar beroep heeft gedaan op het spaarwezen Maatschappelijke zetel: Technologiepark 21, 9052 Zwijnaarde Ondernemingsnummer: 0475.295.446 (RPR Gent) (de Vennootschap

Nadere informatie

HOOFDSTUK I. Definities. Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :

HOOFDSTUK I. Definities. Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : Koninklijk besluit van 15 februari 2005 betreffende de uitoefening van het beroep van erkend boekhouder en erkend boekhouder-fiscalist in het kader van een rechtspersoon Bron : Koninklijk besluit van 15

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2015/6 - Boekhoudkundige verwerking van de liquidatiereserve bedoeld in artikel 541 WIB 92 (Programmawet van 10 augustus 2015) en de bijzondere aanslag

Nadere informatie

Belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling: boekhoudkundige verwerking en fiscale behandeling.

Belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling: boekhoudkundige verwerking en fiscale behandeling. Algemene administratie van de FISCALITEIT - Centrale diensten Directie I/1 Circulaire nr. Ci.RH.421/579.072 (AOIF Nr. 60/2010) dd 10.09.2010 Vennootschapsbelasting Belasting van niet-inwoners vennootschappen

Nadere informatie

Relevante feiten. Beoordeling. RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996

Relevante feiten. Beoordeling. RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996 RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996 Relevante feiten Als kaderlid van M heeft eerste eiser in 1993 aandelenopties verkregen op aandelen

Nadere informatie

Vereenvoudigd voorbeeld van een vereffening : boekhoudkundige en fiscale aspecten

Vereenvoudigd voorbeeld van een vereffening : boekhoudkundige en fiscale aspecten Vereenvoudigd voorbeeld van een vereffening : boekhoudkundige en fiscale aspecten Noot vooraf Dit voorbeeld analyseert zowel de boekhoudkundige als de fiscale aspecten van de ontbinding en de vereffening

Nadere informatie

Inwerkingtreding van de wet van 19 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders

Inwerkingtreding van de wet van 19 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders Mededeling FSMA_2014_03 dd. 23/06/2014 Inwerkingtreding van de wet van 19 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders Toepassingsgebied: Deze mededeling

Nadere informatie

FAQ VRIJSTELLING VAN DOORSTORTING VAN DE BEDRIJFSVOORHEFFING - STARTENDE ONDENREMINGEN

FAQ VRIJSTELLING VAN DOORSTORTING VAN DE BEDRIJFSVOORHEFFING - STARTENDE ONDENREMINGEN Page 1 of 10 Home > FAQ - Vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing - Startende ondernemingen FAQ VRIJSTELLING VAN DOORSTORTING VAN DE BEDRIJFSVOORHEFFING - STARTENDE ONDENREMINGEN Opgelet:

Nadere informatie

Update@Work Juli 2012 Nummer 3 Jaargang 8

Update@Work Juli 2012 Nummer 3 Jaargang 8 Update@Work Juli 2012 Nummer 3 Jaargang 8 Regeerakkoord Di Rupo (l): enkele fiscale maatregelen inzake de 2de pijler krijgen concrete vorm Via update@work van december 2011 informeerden wij u over de maatregelen

Nadere informatie

MINISTERIE VAN FINANCIEN VAN BELGIE Administratie der directe belastingen VERKLARENDE NOTA 276 INT. (Not.) (A) 1999 "Het formulier 276 Int.-Aut. is aangepast voor computerverwerking en dient bijgevolg

Nadere informatie

A. Gedematerialiseerde effecten van de overheidsschuld

A. Gedematerialiseerde effecten van de overheidsschuld PPB-2007-4-CPB-2 BIJLAGE II : OVERZICHT VAN DE REGLEMENTERING INZAKE HET BIJHOUDEN VAN GEDEMATERIALISEERDE EFFECTEN A. Gedematerialiseerde effecten van de overheidsschuld 1 Erkenning voor het bijhouden

Nadere informatie

CIRCULAIRE AOIF Nr. 27/2010

CIRCULAIRE AOIF Nr. 27/2010 CIRCULAIRE AOIF Nr. 27/2010 Federale Overheidsdienst Brussel, 31 maart 2010 FINANCIEN ----------------------------------------- Personenbelasting. Administratie van de ondernemings- Bijzondere bijdrage

Nadere informatie

Directe belastingen >> Circulaires >> Personenbelasting / Vennootschapsbelasting. Aan alle ambtenaren INHOUDSTAFEL

Directe belastingen >> Circulaires >> Personenbelasting / Vennootschapsbelasting. Aan alle ambtenaren INHOUDSTAFEL pagina 1 van 6 Directe belastingen >> Circulaires >> Personenbelasting / Vennootschapsbelasting CIRC 05.02.04/1 Circulaire nr. Ci.RH.241/561.364 (AOIF 8/2004) dd. 05.02.2004 BEDRIJFSVOORHEFFING Inkomen

Nadere informatie

Dematerialisatie sinds 1 januari 2008

Dematerialisatie sinds 1 januari 2008 Dematerialisatie sinds 1 januari 2008 Sinds 1 januari 2008 is het enkel nog mogelijk effecten naar Belgisch recht op naam of in gedematerialiseerde vorm uit te geven. Daarnaast zal de materiële levering

Nadere informatie

Afdeling 6. Aftrekbaarheid van de uitkeringen in hoofde van de werkgever. Afdeling 7. Belastbaarheid van de uitkeringen in hoofde van de begunstigden

Afdeling 6. Aftrekbaarheid van de uitkeringen in hoofde van de werkgever. Afdeling 7. Belastbaarheid van de uitkeringen in hoofde van de begunstigden gen dan 1.990 EUR per jaar (2.080 EUR voor aanslagjaar 2010). Dat jaarbedrag wordt verminderd in verhouding tot de dagen van aansluiting tijdens hetzelfde jaar bij een pensioenstelsel 922. Afdeling 6.

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus. Maart 2010 DELTA LLOYD L

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus. Maart 2010 DELTA LLOYD L elgische bijlage bij het uitgifteprospectus Maart 2010 DELT LLOYD L eleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal met meerdere compartimenten naar Luxemburgs recht conform Richtlijn 85/611/EEG (Société

Nadere informatie

Fiscaliteit van beleggingen door een vennootschap. Jobert Van In 05/12/2013

Fiscaliteit van beleggingen door een vennootschap. Jobert Van In 05/12/2013 Fiscaliteit van beleggingen door een vennootschap Jobert Van In 05/12/2013 Fiscaliteit van beleggingen door een vennootschap 5 kernvragen 1. Welke impact heeft de RV? 2. Komt de toepassing van het Verlaagd

Nadere informatie

Tax shelter voor startende ondernemingen

Tax shelter voor startende ondernemingen Newsflash Tax shelter voor startende ondernemingen Via de tax shelter wil de Federale overheid natuurlijke personen fiscaal aanmoedigen om risicokapitaal te verschaffen aan startende ondernemingen binnen

Nadere informatie

Aanslagjaar 2015 - Inkomsten 2014

Aanslagjaar 2015 - Inkomsten 2014 EENDRACHT MAAKT MACHT Federale Overheidsdienst FINANCIEN NOTIONELE INTERESTAFTREK: uniek en innoverend belastingvoordeel in België Aanslagjaar 2015 - Inkomsten 2014 www.business.belgium.be 2 Inhoud 4 Waarover

Nadere informatie

OPROEPING OM DE GEWONE ALGEMENE VERGADERING VAN 10 MEI 2016 BIJ TE WONEN

OPROEPING OM DE GEWONE ALGEMENE VERGADERING VAN 10 MEI 2016 BIJ TE WONEN F L U X Y S B E L G I U M Naamloze Vennootschap Kunstlaan 31-1040 Brussel BTW BE 0402 954 628 RPR Brussel OPROEPING OM DE GEWONE ALGEMENE VERGADERING VAN 10 MEI 2016 BIJ TE WONEN De raad van bestuur van

Nadere informatie

Bijlage 1 Fiscale fiche - bijkomende gegevens op te vragen aan de auteurs

Bijlage 1 Fiscale fiche - bijkomende gegevens op te vragen aan de auteurs Bijlage 1 Fiscale fiche - bijkomende gegevens op te vragen aan de auteurs De belastingadministratie publiceert de fiscale fiche voor de aangifte van inkomsten uit auteursrechten op haar website. Voor het

Nadere informatie

RV-vrijstelling geconformeerd aan EU-recht en geactualiseerd maar niet volledig

RV-vrijstelling geconformeerd aan EU-recht en geactualiseerd maar niet volledig RV-vrijstelling geconformeerd aan EU-recht en geactualiseerd maar niet volledig Auteurs: Christophe Coudron en Matthias Vekeman Editie: Fiscale Actualiteit nr. 2016-04 p. 3-7 Publicatiedatum: 21 januari

Nadere informatie

Hoofdstuk I, Afdeling VI, Afdeling XXIV, Art. 62, Art. 63/11, Art. 120, 123-125, Art. 144/2, Art. 200, Art. 254-256 en Bijlage IIbis

Hoofdstuk I, Afdeling VI, Afdeling XXIV, Art. 62, Art. 63/11, Art. 120, 123-125, Art. 144/2, Art. 200, Art. 254-256 en Bijlage IIbis WIB: Art. 178/1 KB/WIB: Hoofdstuk I, Afdeling VI, Afdeling XXIV, Art. 62, Art. 63/11, Art. 120, 123-125, Art. 144/2, Art. 200, Art. 254-256 en Bijlage IIbis VCF: Art. 2.1.4.0.1. 1 WIJZIGINGEN KB/WIB WIJZIGINGEN

Nadere informatie

Federale Overheidsdienst FINANCIEN. Algemene Administratie van de Fiscaliteit Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING

Federale Overheidsdienst FINANCIEN. Algemene Administratie van de Fiscaliteit Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING Bestemd voor de Administratie Datum van ontvangst van de aangifte:.. Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene Administratie van de Fiscaliteit Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING

Nadere informatie

Dmat Newsletter nr. 3 Bescherming van de spaarders

Dmat Newsletter nr. 3 Bescherming van de spaarders DMAT TASK FORCE Dmat Newsletter nr. 3 Bescherming van de spaarders Inleiding Als antwoord op de problemen die zich de jongste maanden op de financiële markten hebben voorgedaan, heeft de wetgever een aantal

Nadere informatie

Kan een VAPZE gecombineerd worden met een groepsverzekering?

Kan een VAPZE gecombineerd worden met een groepsverzekering? Kan een VAPZE gecombineerd worden met een groepsverzekering? Sedert enkele jaren hebben zelfstandigen de mogelijkheid om via hun sociaal verzekeringsfonds een aanvullend pensioen op te bouwen, het zogenaamde

Nadere informatie

Kosten eigen aan de werkgever

Kosten eigen aan de werkgever CLAEYS & ENGELS Advocaten Vorstlaan 280 1160 Brussel Tel +32 2 761 46 00 Fax +32 2 761 47 00 Kosten eigen aan de werkgever info@claeysengels.be www.claeysengels.be www.iuslaboris.com De bedragen die aan

Nadere informatie

GESPREIDE BELASTING VAN MEERWAARDEN OP BEPAALDE EFFECTEN

GESPREIDE BELASTING VAN MEERWAARDEN OP BEPAALDE EFFECTEN Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen GESPREIDE BELASTING VAN MEERWAARDEN OP BEPAALDE EFFECTEN (artikel 513 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus Oktober 2008 Threadneedle Focus Investment Funds ICVC Beleggingsvennootschap met een veranderlijk kapitaal en een beperkte aansprakelijkheid conform de Richtlijn

Nadere informatie

Pensioensparen. Verzekeringsnemer. Uw jaarlijks maximale premies van 940 EUR, hetzij maandelijks 78.33 EURO. Premies

Pensioensparen. Verzekeringsnemer. Uw jaarlijks maximale premies van 940 EUR, hetzij maandelijks 78.33 EURO. Premies Pensioensparen Verzekeringsnemer Premies Basisrentevoet Fiscaliteit Begunstigde bij leven Begunstigde bij overlijden Minimum kapitaal overlijden U Uw jaarlijks maximale premies van 940 EUR, hetzij maandelijks

Nadere informatie

Inhoudsopgave BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE. BTW-Wetboek. Uitvoeringsbesluiten. Inhoudsopgave

Inhoudsopgave BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE. BTW-Wetboek. Uitvoeringsbesluiten. Inhoudsopgave Inhoudsopgave BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE BTW-Wetboek Wet 3 juli 1969 tot invoering van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, zoals gewijzigd bij wet 28 december 1992 (B.S.,

Nadere informatie

De operatie doet een voordeel van alle aard ontstaan in hoofde van de werknemer (of bedrijfsleider) die ervan geniet.

De operatie doet een voordeel van alle aard ontstaan in hoofde van de werknemer (of bedrijfsleider) die ervan geniet. CLAEYS & ENGELS Advocaten Vorstlaan 280 1160 Brussel Tel +32 2 761 46 00 Fax +32 2 761 47 00 Renteloze lening of een lening tegen verminderde rentevoet info@claeysengels.be www.claeysengels.be www.iuslaboris.com

Nadere informatie

LUX INTERNATIONAL STRATEGY BELGISCHE BIJLAGE VAN JUNI 2005 AAN HET PROSPECTUS VAN JULI 2004 EN ZIJN AANHANGSEL VAN AUGUSTUS 2004

LUX INTERNATIONAL STRATEGY BELGISCHE BIJLAGE VAN JUNI 2005 AAN HET PROSPECTUS VAN JULI 2004 EN ZIJN AANHANGSEL VAN AUGUSTUS 2004 LUX INTERNATIONAL STRATEGY BELGISCHE BIJLAGE VAN JUNI 2005 AAN HET PROSPECTUS VAN JULI 2004 EN ZIJN AANHANGSEL VAN AUGUSTUS 2004 BIJKOMENDE INLICHTINGEN VOOR BELGISCHE INWONERS Belangrijke opmerking :

Nadere informatie

In het ontwerp van programmawet werden een aantal maatregelen opgenomen die het starten van een onderneming moeten aanmoedigen.

In het ontwerp van programmawet werden een aantal maatregelen opgenomen die het starten van een onderneming moeten aanmoedigen. 1 van 9 14/06/2015 11:33 Ondersteuning van startende ondernemingen In het ontwerp van programmawet werden een aantal maatregelen opgenomen die het starten van een onderneming moeten aanmoedigen. 1 Fiscaal

Nadere informatie

Aandelenopties en warrants

Aandelenopties en warrants CLAEYS & ENGELS Advocaten Vorstlaan 280 1160 Brussel Tel +32 2 761 46 00 Fax +32 2 761 47 00 info@claeysengels.be www.claeysengels.be Aandelenopties en warrants www.iuslaboris.com Deze wijze van winstdeelneming

Nadere informatie

Invloed van het buitengerechtelijk minnelijk akkoord of de gerechtelijke reorganisatie op de schulden en vorderingen. Ontwerpadvies 2010/X

Invloed van het buitengerechtelijk minnelijk akkoord of de gerechtelijke reorganisatie op de schulden en vorderingen. Ontwerpadvies 2010/X Invloed van het buitengerechtelijk minnelijk akkoord of de gerechtelijke reorganisatie op de schulden en vorderingen Ontwerpadvies 2010/X De Wet betreffende de continuïteit van de ondernemingen 1 vervangt

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1998 1999 26 277 Wijziging van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek in verband met de herziening van het preventief toezicht bij oprichting en wijzigingen van

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling Ministerie van Justitie Onderwerp Wet betreffende de certificatie van effecten uitgegeven door handelsvennootschappen. Datum 15 juli 1998 Copyright and disclaimer Gelieve er nota van te nemen

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2009/13 De boekhoudkundige verwerking van het stelsel tot gedeeltelijke vrijstelling van betaling van de bedrijfsvoorheffing, zoals geregeld door artikel

Nadere informatie

OVEREENKOMST TOT OVERDRACHT VAN AANDELEN (Kort naamloze vennootschap)

OVEREENKOMST TOT OVERDRACHT VAN AANDELEN (Kort naamloze vennootschap) 1 OVEREENKOMST TOT OVERDRACHT VAN AANDELEN (Kort naamloze vennootschap) TUSSEN : De naamloze vennootschap naar Belgisch recht,, met maatschappelijke zetel te, en ingeschreven bij de Kruispuntbank der Ondernemingen

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies Omrekening van kapitaal bij grensoverschrijdende fusies

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies Omrekening van kapitaal bij grensoverschrijdende fusies COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN Omrekening van kapitaal bij grensoverschrijdende fusies Advies van 16 december 2009 I. INLEIDING De Belgische wetgever heeft de grensoverschrijdende fusie, voorzien

Nadere informatie

"ECODIS" in vereffening Naamloze vennootschap. Brechtsebaan 30 2900 Schoten. RPR (Antwerpen) 0478.049.157 BTW BE 0478.049.157. (de "Vennootschap")

ECODIS in vereffening Naamloze vennootschap. Brechtsebaan 30 2900 Schoten. RPR (Antwerpen) 0478.049.157 BTW BE 0478.049.157. (de Vennootschap) "ECODIS" in vereffening Naamloze vennootschap Brechtsebaan 30 2900 Schoten RPR (Antwerpen) 0478.049.157 BTW BE 0478.049.157 (de "Vennootschap") De vereffenaar van de Vennootschap nodigt u bij deze graag

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 15 I ROERENDE VOORHEFFING 17. 3. Bepaling van de belastbare grondslag van de R.V. 22. 4. Tarief van de R.V. 24

Inhoud. Inleiding 15 I ROERENDE VOORHEFFING 17. 3. Bepaling van de belastbare grondslag van de R.V. 22. 4. Tarief van de R.V. 24 Deel I Basisprincipes 13 Inleiding 15 I ROERENDE VOORHEFFING 17 1. Schuldenaars van de R.V. 17 1.1. Inkomsten van Belgische oorsprong 17 1.2. Inkomsten van buitenlandse oorsprong 18 1.3. Aangifte en betaling

Nadere informatie

Abnormale of goedgunstige voordelen toch geen minimale belastbare basis?

Abnormale of goedgunstige voordelen toch geen minimale belastbare basis? Abnormale of goedgunstige voordelen toch geen minimale belastbare basis? Aan de hand van bepaalde transacties wordt binnen groepen van vennootschappen soms gepoogd om winsten te verschuiven naar de vennootschappen

Nadere informatie

Bijlage 1 bij Circulaire WAP nr. 7 over de regels betreffende het paritair beheer en het toezichtscomité INHOUD

Bijlage 1 bij Circulaire WAP nr. 7 over de regels betreffende het paritair beheer en het toezichtscomité INHOUD Toezicht op de pensioeninstellingen en de binnenlandse verzekeringsondernemingen Bijlage 1 bij Circulaire WAP nr. 7 over de regels betreffende het paritair beheer en het toezichtscomité * In de tekst moeten

Nadere informatie

Wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers (BS 02.07.1981)

Wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers (BS 02.07.1981) Wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers (BS 02.07.1981) Gewijzigd bij : (1) Programmawet van 22 december 2003 (BS 31.12.2003) Gewijzigd bij : (2) Programmawet

Nadere informatie

Overzicht van de belangrijkste wijzigingen aan het aangifteformulier inclusief de fiscale bijlagen voor het aj. 2015

Overzicht van de belangrijkste wijzigingen aan het aangifteformulier inclusief de fiscale bijlagen voor het aj. 2015 Overzicht van de belangrijkste wijzigingen aan het aangifteformulier inclusief de fiscale bijlagen voor het aj. 2015 Het model van het aangifteformulier voor aj. 2015 is verschenen in het Belgisch Staatsblad

Nadere informatie

BELGISCH ADDENDUM BIJ HET UITGIFTEPROSPECTUS CARMIGNAC PATRIMOINE

BELGISCH ADDENDUM BIJ HET UITGIFTEPROSPECTUS CARMIGNAC PATRIMOINE BELGISCH ADDENDUM BIJ HET UITGIFTEPROSPECTUS CARMIGNAC PATRIMOINE Gemeenschappelijk beleggingsfonds naar Frans recht in overeenstemming met de richtlijn 85/611/EEG Beheervennootschap Carmignac Gestion

Nadere informatie

Instelling voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP)

Instelling voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP) CLAEYS & ENGELS Advocaten Vorstlaan 280 1160 Brussel Tel +32 2 761 46 00 Fax +32 2 761 47 00 Pensioenfonds info@claeysengels.be www.claeysengels.be Instelling voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP) www.iuslaboris.com

Nadere informatie

Basisbedrag Geïndexeerd bedrag Artikel WIB 92 Omschrijving Aj. 2014

Basisbedrag Geïndexeerd bedrag Artikel WIB 92 Omschrijving Aj. 2014 I. Titel II van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (Coëfficiënt art. 178, 1 en 2, WIB 92: 1,7073) Art. 131, 1 ste lid, 1 Grensbedrag : 15.220 25.990 Belastingvrije som : 4.260 7.270 1 ste lid,

Nadere informatie

Het wel en wee van de vzw Deel 4 De vzw en de fiscus

Het wel en wee van de vzw Deel 4 De vzw en de fiscus Het wel en wee van de vzw Deel 4 De vzw en de fiscus William Wils, accountant De vzw en de fiscus Rechtspersonenbelasting Belasting over de toegevoegde waarde Schenkingsrechten Registratierechten Rechtspersonenbelasting

Nadere informatie

Trefwoord(en) Cassatie I-> INKOMSTENBELASTINGEN-> VENNOOTSCHAPSBELASTING-> Vaststelling van het belastbaar nettoinkomen->

Trefwoord(en) Cassatie I-> INKOMSTENBELASTINGEN-> VENNOOTSCHAPSBELASTING-> Vaststelling van het belastbaar nettoinkomen-> Details Justel Nummer: N-19970220-13 Rolnummer: F950097F Instantie: Hof van Cassatie, België Datum : 20/02/1997 Type van beslissing: Arrest Samenvatting Wanneer een vennootschap anders dan per kalenderjaar

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. Advies van 4 september 2013 1

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. Advies van 4 september 2013 1 COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2013/12 - Erkenning van de opbrengsten en kosten die overeenstemmen met interesten en royalty's, evenals de toewijzing van de resultaten in de vorm van

Nadere informatie

2. Wat is het fiscale voordeel?

2. Wat is het fiscale voordeel? 2. Wat is het fiscale voordeel? 2.1. verlaagd tarief behouden Bij twee van de voorwaarden om recht te hebben op het verlaagd tarief, is het kapitaal van belang. Het bedrag van het kapitaal kan van belang

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2015/XXX - Boekhoudkundige verwerking van de liquidatiereserve en de afzonderlijke aanslag op deze liquidatiereserve Ontwerpadvies van 4 maart 2015 I. Algemeen

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2013/14 De boekhoudkundige verwerking van de uitgestelde belastingen bij gerealiseerde meerwaarden waarvoor de uitgestelde belastingregeling geldt en bij

Nadere informatie

PERSNOTA. Het fiscaal resultaat zal worden vastgesteld op basis van een percentage (0,55%) op de omzet die werd behaald uit de diamanthandel.

PERSNOTA. Het fiscaal resultaat zal worden vastgesteld op basis van een percentage (0,55%) op de omzet die werd behaald uit de diamanthandel. Kabinet Minister van Financiën PERSNOTA Onderwerp Fiscale maatregelen Programmawet Datum Ministerraad 21.05.2015 Bankentaks Onze samenleving heeft de voorbije jaren heel wat inspanningen gedaan om de financiële

Nadere informatie

OPDRACHTGEVEND BESTUUR. Gemeente Lint Koning Albertstraat Lint. BRANDVEILIG MAKEN ontmoetingscentrum De Witte Merel FASE 4

OPDRACHTGEVEND BESTUUR. Gemeente Lint Koning Albertstraat Lint. BRANDVEILIG MAKEN ontmoetingscentrum De Witte Merel FASE 4 OPDRACHTGEVEND BESTUUR Gemeente Lint Koning Albertstraat 41 2547 Lint BRANDVEILIG MAKEN ontmoetingscentrum De Witte Merel FASE 4 INSCHRIJVINGSBILJET. Gebruikte eenheid in het inschrijvingsbiljet: EURO.

Nadere informatie

Extracten van het wetboek van vennootschappen

Extracten van het wetboek van vennootschappen Extracten van het wetboek van vennootschappen Art. 533bis. [ 1 1. De oproepingen tot de algemene vergadering van een vennootschap waarvan de aandelen zijn toegelaten tot de verhandeling op een markt als

Nadere informatie

I. RUST- EN OVERLEVINGSPENSIOEN

I. RUST- EN OVERLEVINGSPENSIOEN I. RUST- EN OVERLEVINGSPENSIOEN De wetgeving legt voortaan de externe financiering van de individuele toezeggingen op (met naleving van bepaalde voorwaarden en beperkingen - cfr. infra). Sinds 16 november

Nadere informatie

SOLIDARITEITSREGLEMENT VOOR DE WERKNEMERS TEWERKGESTELD IN HET PARITAIR COMITÉ 302. Inhoudstafel... 1. 1 Voorwerp... 2. 2 Werking in de tijd...

SOLIDARITEITSREGLEMENT VOOR DE WERKNEMERS TEWERKGESTELD IN HET PARITAIR COMITÉ 302. Inhoudstafel... 1. 1 Voorwerp... 2. 2 Werking in de tijd... SOLIDARITEITSREGLEMENT VOOR DE WERKNEMERS TEWERKGESTELD IN HET PARITAIR COMITÉ 302 Inhoudstafel Inhoudstafel... 1 1 Voorwerp... 2 2 Werking in de tijd... 2 3 Aansluiting... 2 4 De solidariteitsinstelling

Nadere informatie