Afstelbare parameters - Alarm en centrale vergrendeling

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Afstelbare parameters - Alarm en centrale vergrendeling"

Transcriptie

1 Inleiding Inleiding De lijst van afstelbare parameters is beperkt tot die parameters die relevant worden geacht voor carrosseriebouwers. Bezoek voor meer informatie over de huidige parameters voor een bepaald voertuig een erkende Scania werkplaats. De parameters zijn opgeslagen in verschillende regeleenheden van het voertuig en kunnen worden afgesteld met behulp van SDP3 (Scania Diagnos & Programmer 3) en SDP3 voor carrosseriebouwers. Dit document is een uitgebreide lijst. Welke parameters en instellingen beschikbaar zijn in een specifiek voertuig hangt af van hoe het voertuig is uitgerust en van de voertuigspecificatie. Afgezien van de instelbare parameters zijn er ook parameters voor de fysieke specificatie van het voertuig in een SOPS-bestand (Scania On-board Product Specification). Dit type parameter moet wellicht worden bijgewerkt wanneer een conversie wordt uitgevoerd. Raadpleeg voor meer informatie over SOPS het document Regeleenheden herprogrammeren onder Algemene informatie. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 1 (54)

2 Inleiding SDP3 voor carrosseriebouwers Met behulp van SDP3 voor carrosseriebouwers kunnen carrosseriebouwers de parameters controleren en aanpassen die in dit document worden beschreven. SDP3 voor carrosseriebouwers is een gelimiteerde versie van SDP3, die door Scania werkplaatsen wordt gebruikt. De applicatie is beperkt tot de zaken m.b.t. parameters voor carrosseriebouwers. Systeemaanduidingen BWS EMS SMS COO VIS ICL LAS Carrosseriesysteem Motorregelsysteem Regelsysteem ophanging Coördinator Zichtbaarheidssysteem Instrumentengroep Vergrendelings- en alarmsysteem Beschrijving van afstelbare parameters Iedere parameter wordt geïdentificeerd door de relevante parameteraanduiding in het kopje. Iedere parameteraanduiding eindigt met het systeem waarop de parameter is toegewezen (aangegeven tussen haakjes). 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 2 (54)

3 Alarm versie 1 Alarm versie 1 Op afstand bediende functies Afstandsbediening (LAS) De afstandsbediening interpreteert dubbele toetsaanslagen als twee kort op elkaar volgende en bij elkaar horende aanslagen wanneer er minimaal 0,4 seconden tussen de twee aanslagen verstrijkt, maar wacht niet te lang, anders wordt na een bepaalde tijd de tweede aanslag opgevat als een aparte aanslag. Kort - binnen 1 seconde Gemiddeld - binnen 2 seconden Lang - binnen 3 seconden Basisinstelling: Lang. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 3 (54)

4 Alarm versie 1 Ontgrendelen (LAS) Regelt of de portieren tegelijk of afzonderlijk moeten worden ontgrendeld. Beide portieren Afzonderlijk ontgrendelen Basisinstelling: Afzonderlijke ontgrendeling. Parameters instellen Beide portieren Afzonderlijk ontgrendelen Ontgrendelen De bestuurders- en passagiersportieren worden tegelijkertijd ontgrendeld door eenmaal op de ontgrendelingsknop van de afstandsbediening te drukken. Het bestuurdersportier wordt vergrendeld door eenmaal op de ontgrendelknop van de afstandsbediening te drukken. Het passagiersportier en de laadruimtedeur worden ontgrendeld door tweemaal op de ontgrendelknop van de afstandsbediening te drukken. Toegangsbeveiligingsfunctie (LAS) Hier kunt u selecteren of de inbraakbeveiligingsfunctie al dan niet moet worden ingeschakeld. De inbraakbeveiligingsfunctie zorgt ervoor dat de bewegingssensor in de cabine en de kantelsensor tijdelijk worden onderbroken bij het vergrendelen en het inschakelen van het alarm van de cabine en de laadruimtedeur. Zie voor meer informatie over deze functie Gebruikersfunctie Vrachtwagenalarm. Zonder Met Basisinstelling: Met 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 4 (54)

5 Alarm versie 1 Slotinstellingen Automatische hervergrendeling en alarminschakeling (LAS) Hier kunt u Automatisch vergrendelen en inschakelen van het alarm selecteren. Deze functie houdt in dat na het ontgrendelen de portieren worden vergrendeld en het alarm wordt ingeschakeld wanneer binnen de ingestelde tijd geen portier is geopend of de sleutel niet naar in de rijstand is gezet. De functie kan tevens worden geselecteerd voor voertuigen die alleen zijn uitgerust met centrale vergrendeling. In een dergelijk geval vindt alleen vergrendelen plaats. De tijd kan worden ingesteld (de duur na het ontgrendelen alvorens het vergrendelen wordt geactiveerd) via Tijdsinstelling voor automatisch vergrendelen en inschakelen alarm. Inactief - Niet opnieuw vergrendelen en inschakelen van alarm. Actief - Opnieuw vergrendelen en inschakelen van alarm. Basisinstelling: Inactief of Actief. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 5 (54)

6 Alarm versie 1 Tijdsinstelling voor automatisch opnieuw vergrendelen en inschakelen van alarm (LAS) Automatisch vergrendelen en inschakelen alarm betekent dat de deuren na enige seconden weer worden vergrendeld en het alarm weer wordt ingeschakeld, tenzij een deur wordt geopend nadat de deuren zijn ontgrendeld. Hier kunt u het aantal seconden instellen waarna automatische vergrendeling van de deuren en inschakeling van het alarm moet plaatsvinden. 10 s 20 s 30 s Basisinstelling: 30 s Verklaring: De parameter Automatische hervergrendeling van de portieren en inschakeling van het alarm moet worden geactiveerd voordat de tijdsinstelling wordt toegepast. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 6 (54)

7 Alarm versie 1 Lichtsignaal Bevestiging door de richtingaanwijzers (LAS) Hier kunt u selecteren of een bevestiging door de richtingaanwijzers bij vergrendelen en ontgrendelen moet worden geactiveerd. Actief Inactief Basisinstelling: Actief Verklaring: Is de functie geactiveerd, dan geven de richtingaanwijzers de volgende knippersignalen ter bevestiging: Vergrendelen = 2 bevestigingssignalen Ontgrendelen = 1 bevestigingssignaal Storing tijdens vergrendelen = 7 snel opeenvolgende signalen Tijdsinstelling voor lichtsignaal (LAS) Hier kunt u een tijd instellen die aangeeft hoe lang de lampen moeten knipperen wanneer het alarm wordt geactiveerd. Min = 1 min. Max = 5 min. Basisinstelling: 5 min. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 7 (54)

8 Alarm versie 1 Akoestisch signaal Geluidssignaal voor afgegaan alarm (LAS) Hier kunt u het type akoestisch signaal instellen dat te horen is wanneer het alarm wordt geactiveerd. De lokale regels gelden bij het instellen van het akoestisch signaal. Vast Pulserend Sirene Verreikend Basisinstelling: Verreikend Tijdsinstelling akoestisch signaal (LAS) Hier kunt u instellen hoe lang het akoestische signaal te horen moet zijn bij iedere herhaling wanneer het alarm wordt geactiveerd. Min. = 10 s. Max. = 30 s. Basisinstelling: 30 s. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 8 (54)

9 Alarm versie 1 Bevestiging van sirene bij het deactiveren van het alarm (LAS) Hier kunt u het vereiste aantal bevestigingssignalen bij het deactiveren van het alarm instellen. Min. = 0 Max. = 3 Basisinstelling: 0 Bevestiging van sirene bij het deactiveren van het alarm (LAS) Hier kunt u het vereiste aantal bevestigingssignalen bij het activeren van het alarm instellen. Min. = 0 Max. = 3 Basisinstelling: 0 Bevestiging van sirene ingeval van een storing bij het inschakelen van het alarm (LAS) Hier kunt u het aantal bevestigingssignalen invoeren wanneer storingen in het systeem aanwezig zijn bij activering van het alarm. Min. = 0 Max. = 3 Basisinstelling: 0 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 9 (54)

10 Alarm versie 1 Bevestiging van sirene wanneer het alarm met toegangsbeveiliging (LAS) wordt geactiveerd. Hier kunt u het gewenste aantal bevestigingssignalen instellen wanneer het alarm wordt geactiveerd met behulp van toegangsbeveiliging. Min. = 0 Max. = 3 Zie voor meer informatie over deze functie Gebruikersfunctie Vrachtwagenalarm. Geluidssignaal toegangsbeveiligingsfunctie, aantal herhalingen (LAS) Hier kunt u het aantal herhalingen van het geluidssignaal instellen wanneer het alarm wordt geactiveerd door de sensor van het cabineportier of het luik. Min. = 1 Max. = 8 Basisinstelling: 1 of 8 Geluidssignaal kantelsensor, aantal herhalingen (LAS) Hier kunt u het aantal herhalingen van het geluidssignaal instellen wanneer het alarm wordt geactiveerd door de cabinekantelsensor. Min. = 1 Max. = 8 Basisinstelling: 1 of 8 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 10 (54)

11 Alarm versie 1 Geluidssignaal MMS, aantal herhalingen (LAS) Hier kunt u het aantal herhalingen van het geluidssignaal instellen wanneer het alarm wordt geactiveerd door de bewegingssensor in de cabine. Min. = 1 Max. = 8 Basisinstelling: 1 of 8 Overvalalarm Afstandsbediening, instellingen voor overvalsalarm (LAS) Hier kunt u invoeren dat het overvalsalarm wordt geactiveerd via de afstandsbediening en de toets voor het activeren van het alarm selecteren. De functie wordt geactiveerd door Vergrendeltoets of Alle toetsen te selecteren. Inactief Borgknop Alle toetsen Basisinstelling: Inactief of Alle toetsen. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 11 (54)

12 Alarm versie 1 Overvalalarm Hier kiest u of het uitgaande signaal van de regeleenheid op de schakelaar van het overvalsalarm aangesloten moet worden. Zonder Met Basisinstelling: Met Afstandsbediening, tijdsinstelling voor overvalsalarm (LAS) Hier kunt u het aantal seconden instellen waarbinnen de knop voor activering van het overvalsalarm ingedrukt moet worden gehouden alvorens het alarm wordt geactiveerd. De instelling is van toepassing voor de knop op de afstandsbediening en de schakelaar in de cabine. De instelling is tevens van toepassing op de periode dat de schakelaar ingedrukt moet worden gehouden om het overvalsalarm uit te schakelen. Min. = 1 s. Max. = 3 s. Basisinstelling: 3 s. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 12 (54)

13 Alarm versie 1 Geluidssignaal voor geactiveerd overvalsalarm (LAS) Hier kunt u het type akoestisch signaal instellen dat te horen is wanneer het overvalsalarm wordt geactiveerd. De lokale regels gelden bij het instellen van het akoestisch signaal. Vast Pulserend Sirene Verreikend Basisinstelling: Verreikend Stil alarm Stil alarm (LAS) Hier kunt u selecteren of het alarm al dan niet stil moet zijn. Een stil alarm houdt in dat geen geluids- of lichtsignaal wordt afgegeven wanneer een alarm wordt geactiveerd. In het geval van een overvalsalarm of onderbreking van de voedingsspanning is de sirene altijd te horen. Hetzelfde geldt als er een communicatiestoring wordt geregistreerd. De extra alarmfuncties blijven normaal werken. Zonder Met Basisinstelling: Zonder 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 13 (54)

14 Alarm versie 1 Bedrijfsperiodemodus Voertuig vergrendelen zonder alarminschakeling (LAS) Kies hier of u het gebruik van de Bedrijfsperiodemodus mogelijk wilt maken. De Bedrijfsperiodemodus betekent dat het voertuig kan worden vergrendeld met de contactsleutel in de start- of rijstand zonder het alarm in te schakelen. Zie voor meer informatie over deze functie Gebruikersfunctie Vrachtwagenalarm. Zonder Met Basisinstelling: Met Sensoren instellen Extra sensor 1 (LAS) Hier kunt u kiezen of de uitgang van de regeleenheid op extra sensor 1 aangesloten moet worden. Zonder Met Basisinstelling: Zonder 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 14 (54)

15 Alarm versie 1 Extra sensor 2 (LAS) Hier kunt u kiezen of de uitgang van de regeleenheid op extra sensor 2 aangesloten moet worden. Zonder Met Basisinstelling: Zonder Bewegingssensor, afstellen (LAS) Hier kunt u de gevoeligheid van de bewegingssensor in de cabine afstellen. Door een waarde van -25, -24, -23 etc. tot +10 te selecteren, wordt de bewegingssensor afgesteld met een specifieke gevoeligheid in %. -25 = Lage gevoeligheid. 0 = Standaard (normaal) +10 = Hoge gevoeligheid. Basisinstelling: 0%. Kantelingsensor (LAS) Hier kunt u selecteren of de kantelsensor al dan niet moet worden aangesloten. Actief Inactief Basisinstelling: Actief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 15 (54)

16 Alarm versie 1 Laadruimtedeur vergrendelen (LAS) Hier kiest u of het uitgaande signaal van de regeleenheid naar "Laadruimtedeur vergrendelen" aangesloten moet worden. Zonder Met Basisinstelling: Zonder Bewegingssensor, carrosserie (LAS) Hier kunt u de bewegingssensor in de carrosserie aansluiten en de gevoeligheid van de bewegingssensor afstellen. Door een waarde (10, 20, 30 enz. tot 100) te selecteren, wordt de bewegingssensor geactiveerd met een specifieke gevoeligheid in %. 10 = Lage gevoeligheid. 100 = Hoge gevoeligheid. Inactief = Ontkoppeld Basisinstelling: Inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 16 (54)

17 Alarm versie 1 Extra instellingen GSM (LAS) Door het activeren van de functie kan de GSM-module worden aangesloten. Zonder Met Basisinstelling: Met of Zonder. LED in plafondconsole (LAS) Hier kunt u het stroomverbruik en het knipperen van de LED in de plafondconsole afstellen. Modus Economy = Knippert om de 5 seconden. Normaal = Knippert om de seconde. Uitgebreid = Knippert om de seconde maar de LED brandt langer dan in Normaal. Snel - Knippert iedere seconde. Basisinstelling: Normaal 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 17 (54)

18 Centrale vergrendeling versie 1 Centrale vergrendeling versie 1 Op afstand bediende functies Afstandsbediening (LAS) De afstandsbediening registreert dubbel indrukken alleen wanneer de tweede keer indrukken pas na 0,4 seconden na de eerste keer indrukken plaatsvindt, maar wel binnen een bepaalde maximale tijdsperiode. Gebeurt dit niet, dan registreert de regeleenheid twee aparte keren indrukken. Kort = binnen 1 s. Gemiddeld = binnen 2 s. Lang = binnen 3 s. Basisinstelling: Lang Ontgrendelen (LAS) Hier kunt u kiezen of de deuren tegelijkertijd of afzonderlijk moeten worden ontgrendeld. Beide portieren. Afzonderlijke ontgrendeling. Basisinstelling: Afzonderlijke ontgrendeling. Parameters instellen Beide portieren Afzonderlijk ontgrendelen Ontgrendelen De bestuurders- en passagiersportieren worden tegelijkertijd ontgrendeld door eenmaal op de ontgrendelingsknop van de afstandsbediening te drukken. Het bestuurdersportier wordt vergrendeld door eenmaal op de ontgrendelknop van de afstandsbediening te drukken. Het passagiersportier en de laadruimtedeur worden ontgrendeld door tweemaal op de ontgrendelknop van de afstandsbediening te drukken. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 18 (54)

19 Centrale vergrendeling versie 1 Slotinstellingen Automatische hervergrendeling en alarminschakeling (LAS) Hier kunt u Automatisch vergrendelen en inschakelen van het alarm selecteren. Deze functie houdt in dat na het ontgrendelen de portieren worden vergrendeld en het alarm wordt ingeschakeld wanneer binnen de ingestelde tijd geen portier is geopend of de sleutel niet naar in de rijstand is gezet. De functie kan tevens worden geselecteerd voor voertuigen die alleen zijn uitgerust met centrale vergrendeling. In een dergelijk geval vindt alleen vergrendelen plaats. De tijd kan worden ingesteld (de duur na het ontgrendelen alvorens het vergrendelen wordt geactiveerd) via Tijdsinstelling voor automatisch vergrendelen en inschakelen alarm. Inactief = Geen vergrendeling van portieren en inschakeling van alarm. Actief = Vergrendeling portieren en inschakeling alarm. Basisinstelling: Inactief of Actief. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 19 (54)

20 Centrale vergrendeling versie 1 Tijdsinstelling voor automatisch opnieuw vergrendelen en inschakelen van alarm (LAS) Automatisch vergrendelen en inschakelen alarm betekent dat de deuren na enige seconden weer worden vergrendeld en het alarm weer wordt ingeschakeld, tenzij een deur wordt geopend nadat de deuren zijn ontgrendeld. Hier kunt u het aantal seconden instellen waarna automatische vergrendeling van de deuren en inschakeling van het alarm moet plaatsvinden. 10 s. 20 s. 30 s. Basisinstelling: 30 s. Verklaring: De parameter Automatische hervergrendeling van de portieren en inschakeling van het alarm moet worden geactiveerd voordat de tijdsinstelling wordt toegepast. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 20 (54)

21 Centrale vergrendeling versie 1 Lichtsignaal Bevestiging door de richtingaanwijzers (LAS) Hier kunt u selecteren of een bevestiging door de richtingaanwijzers bij vergrendelen en ontgrendelen moet worden geactiveerd. Actief Inactief Basisinstelling: Actief Verklaring: Is de functie geactiveerd, dan geven de richtingaanwijzers de volgende knippersignalen ter bevestiging: Vergrendelen = 2 bevestigingssignalen Ontgrendelen = 1 bevestigingssignaal Storing tijdens vergrendelen = 7 snel opeenvolgende signalen Bedrijfsperiodemodus Voertuig vergrendelen zonder alarminschakeling (LAS) Kies hier of u het gebruik van de Bedrijfsperiodemodus mogelijk wilt maken. De Bedrijfsperiodemodus betekent dat het voertuig kan worden vergrendeld met de contactsleutel in de start- of rijstand zonder het alarm in te schakelen. Zie voor meer informatie over deze functie Gebruikersfunctie Vrachtwagenalarm. Zonder Met Basisinstelling: Met 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 21 (54)

22 Alarm versie 2 Alarm versie 2 Op afstand bediende functies Ontgrendelen (LAS) Hier kunt u kiezen of de deuren tegelijkertijd of afzonderlijk moeten worden ontgrendeld. Beide portieren. Afzonderlijke ontgrendeling. Basisinstelling: Afzonderlijke ontgrendeling. Parameters instellen Beide portieren Afzonderlijk ontgrendelen Ontgrendelen De bestuurders- en passagiersportieren worden tegelijkertijd ontgrendeld door eenmaal op de ontgrendelingsknop van de afstandsbediening te drukken. Het bestuurdersportier wordt vergrendeld door eenmaal op de ontgrendelknop van de afstandsbediening te drukken. Het passagiersportier en de laadruimtedeur worden ontgrendeld door tweemaal op de ontgrendelknop van de afstandsbediening te drukken. Afstandsbediening (LAS) De afstandsbediening registreert dubbel indrukken alleen wanneer de tweede keer indrukken pas na 0,4 seconden na de eerste keer indrukken plaatsvindt, maar wel binnen een bepaalde maximale tijdsperiode. Gebeurt dit niet, dan registreert de regeleenheid twee aparte keren indrukken. Hier kunt u de maximale tijd instellen, d.w.z. de tijd waarbinnen de tweede keer indrukken moet plaatsvinden. Kort = binnen 1 s. Gemiddeld = binnen 2 s. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 22 (54)

23 Alarm versie 2 Lang = binnen 3 s. Basisinstelling: Lang Verlichtingscontrole (LAS) Hier kunt u de functie Verlichtingscontrole activeren, die alle buitenverlichting van het voertuig op volgorde laat branden. De functie kan worden geactiveerd van 20 tot 180 seconden. Zonder = Functie niet geactiveerd seconden op volgorde Beveiligingsverlichting (LAS) Met deze parameter kan de tijd/duur voor het branden van de verlichting worden ingesteld, of gebruikt de parameter om de functie te deactiveren die de parkeerverlichting en richtingaanwijzers inschakelt. Zonder = Functie niet geactiveerd seconden op volgorde 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 23 (54)

24 Alarm versie 2 Slotinstellingen Automatische hervergrendeling en alarminschakeling (LAS) Hier kunt u Automatisch vergrendelen en inschakelen van het alarm selecteren. Deze functie houdt in dat na het ontgrendelen de portieren worden vergrendeld en het alarm wordt ingeschakeld wanneer binnen de ingestelde tijd geen portier is geopend of de sleutel niet naar in de rijstand is gezet. De functie kan tevens worden geselecteerd voor voertuigen die alleen zijn uitgerust met centrale vergrendeling. In een dergelijk geval vindt alleen vergrendelen plaats. De tijd kan worden ingesteld (de duur na het ontgrendelen alvorens het vergrendelen wordt geactiveerd) via Tijdsinstelling voor automatisch vergrendelen en inschakelen alarm. U kunt selecteren welke deuren vergrendeld moeten worden en waarvoor het alarm, indien mogelijk, ingeschakeld moet worden. Gedeactiveerd Cabine Laadruimte Cabine en laadruimte 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 24 (54)

25 Alarm versie 2 Tijdsinstelling voor automatisch opnieuw vergrendelen en inschakelen van alarm (LAS) Automatisch vergrendelen en inschakelen alarm betekent dat de deuren na enige seconden weer worden vergrendeld en het alarm weer wordt ingeschakeld, tenzij een deur wordt geopend nadat de deuren zijn ontgrendeld. Hier kunt u het aantal seconden instellen waarna automatische vergrendeling van de deuren en inschakeling van het alarm moet plaatsvinden. Kort = 10 s. Gemiddeld = 20 s. Lang = 30 s. De parameter Automatische hervergrendeling van de portieren en inschakeling van het alarm moet worden geactiveerd voordat de tijdsinstelling wordt toegepast. Automatische vergrendeling (LAS) Hier kunt u een automatische vergrendeling en alarmfunctie instellen seconden nadat de sleutel uit het contactslot verwijderd en het portier geopend en gesloten wordt, zal het voertuig vergrendeld en het alarm voor de geselecteerde deuren ingeschakeld worden. De duur van de tijdsvertraging wordt ingesteld met de parameter Automatische vergrendeling, tijdsinstelling. Inactief Cabine = Tijdsinstelling mogelijk Laadruimte = Tijdsinstelling mogelijk Cabine en laadruimte = Tijdsinstelling mogelijk 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 25 (54)

26 Alarm versie 2 Automatische vergrendeling, tijdsinstelling (LAS) Hier kunt u de beschikbare tijd instellen voor het openen en sluiten van de deur voordat de automatische vergrendeling wordt geactiveerd. De tijd regelt de parameter Automatische vergrendeling. Alternatieven: s. Handmatige vergrendeling (LAS) Hier kunt u selecteren welke deuren moeten worden vergrendeld bij het handmatig vergrendelen met de sleutel. Alternatieven: Zonder = Alleen huidige deur Met cabine = Cabinedeuren Met cabine en laadruimte = Cabine- en laadruimtedeuren Automatische centrale vergrendeling (LAS) De parameter activeert de functie Automatische centrale vergrendeling. De functie voorkomt dat onbevoegden de portieren van het voertuig van buitenaf kunnen openen tijdens korte stops of bij lage snelheid. Zie voor meer informatie de gebruikersfunctie Portiersloten en alarmfuncties. Actief Inactief Verklaring: Activering is alleen mogelijk wanneer het voertuig af fabriek is uitgerust met de functie. Als de functie niet beschikbaar is, dan is een door de fabriek ondersteunde conversie nodig om de automatische centrale vergrendeling te activeren. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 26 (54)

27 Alarm versie 2 Lichtindicatie Bevestiging door de richtingaanwijzers (LAS) Hier kunt u selecteren of bevestiging door de richtingaanwijzers bij vergrendelen en ontgrendelen moet worden geactiveerd. Is de functie geactiveerd, dan geven de richtingaanwijzers de volgende knippersignalen ter bevestiging: Vergrendelen = 2 bevestigingssignalen Ontgrendelen = 1 bevestigingssignaal Storing tijdens vergrendelen = 5 bevestigingssignalen Alternatieven: Met Zonder Tijdsinstelling richtingaanwijzers (LAS) Wanneer het alarm geactiveerd wordt, kunnen de richtingaanwijzers knipperen of branden. Hier kunt u het totale aantal seconden instellen dat de richtingaanwijzers moeten knipperen of branden indien het alarm geactiveerd wordt. Deze parameter is superieur aan Tijdsinstelling richtingaanwijzers, actief en Tijdsinstelling richtingaanwijzers, pauze s. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 27 (54)

28 Alarm versie 2 Tijdsinstelling richtingaanwijzers, actief (LAS) Wanneer het alarm geactiveerd wordt, kunnen de richtingaanwijzers ingeschakeld zijn. De richtingaanwijzers gaan afwisselend aan en uit en hier stelt u in hoeveel seconden ze ingeschakeld moeten zijn. Dit betekent dat de Tijdsinstelling richtingaanwijzers moet worden ingesteld op een waarde hoger dan 0 seconden om deze parameter aan te passen. Deze parameter is een subparameter van Tijdsinstelling richtingaanwijzers s. Tijdsinstelling richtingaanwijzers, pauze (LAS) Wanneer het alarm geactiveerd wordt, kunnen de richtingaanwijzers uitgeschakeld zijn. De richtingaanwijzers gaan afwisselend aan en uit en hier stelt u in hoeveel seconden ze uitgeschakeld moeten zijn. Deze parameter is een subparameter van Tijdsinstelling richtingaanwijzers. Dit betekent dat de Tijdsinstelling richtingaanwijzers moet worden ingesteld op een waarde hoger dan 0 seconden om deze parameter aan te passen s. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 28 (54)

29 Alarm versie 2 Akoestische indicatie Bevestigingssignaal van sirene (LAS) Hier kunt u selecteren of de sirene het vergrendelen en ontgrendelen via de afstandsbediening met een kort akoestisch signaal moet bevestigen. Het akoestische signaal weerklinkt om te bevestigen dat een vergrendeling geconfigureerd of een alarm ingesteld wordt. Bij de functie wordt echter geen rekening gehouden met het feit dat de activiteit mislukt is. Met Zonder Geluidssignaal voor afgegaan alarm (LAS) Hier kunt u het type akoestisch signaal instellen dat te horen is wanneer het alarm wordt geactiveerd. De lokale regels gelden bij het instellen van het akoestisch signaal. Stil Vast Pulserend Sirene Verreikend Tijdsinstelling akoestisch signaal voor geactiveerd alarm (LAS) Hier kunt u instellen hoe lang een geactiveerd alarm te horen moet zijn. Deze parameter is de hoofdparameter van Tijdsinstelling akoestisch signaal, actief en Tijdsinstelling akoestisch signaal, pauze s. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 29 (54)

30 Alarm versie 2 Tijdsinstelling richtingaanwijzers, actief (LAS) Hier kunt u instellen hoe lang de sirene met tussenpozen hoorbaar moet zijn. De parameter is een subparameter van Tijdsinstelling akoestisch signaal voor geactiveerd alarm s. Tijdsinstelling richtingaanwijzers, pauze (LAS) Hier kunt u instellen hoe lang de sirene met tussenpozen stil moet zijn als het alarm geactiveerd wordt. De parameter is een subparameter van Tijdsinstelling akoestisch signaal, actief en Tijdsinstelling akoestisch signaal voor geactiveerd alarm s. Overvalalarm Afstandsbediening, overvalsalarm activeren (LAS) Hier kunt u instellen of het overvalsalarm met de afstandsbediening kan worden geactiveerd. Wanneer deze parameter is ingesteld op "Met", dan zijn alle knoppen op de afstandsbediening actief en activeren het overvalsalarm. De duur dat een knop moet worden ingedrukt om het alarm te activeren, wordt geregeld met de parameter Afstandsbediening, tijdsinstelling voor overvalsalarm. Met = Overvalsalarm kan met de afstandsbediening worden geactiveerd. Zonder = Overvalsalarm kan niet met de afstandsbediening worden geactiveerd. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 30 (54)

31 Alarm versie 2 Overvalsalarm (LAS) Hier kiest u of het uitgaande signaal van de regeleenheid op de schakelaar van het overvalsalarm (S139) aangesloten moet worden. Met = Overvalsalarm kan via de schakelaar worden geactiveerd. Zonder = Overvalsalarm kan niet via de schakelaar worden geactiveerd. Tijdsinstelling voor activeren overvalsalarm (LAS) Hier kunt u instellen hoe lang de knop voor activering van het overvalalarm ingedrukt moet worden gehouden voordat het alarm wordt geactiveerd. De instelling is van toepassing voor de knop op de afstandsbediening en de schakelaar in de cabine. De instelling is tevens van toepassing op de periode dat de knop ingedrukt moet worden gehouden om het overvalsalarm uit te schakelen. Min. = 1 s. Max. = 3 s. Geluidssignaal voor geactiveerd overvalsalarm (LAS) Hier kunt u het type akoestisch signaal instellen dat te horen is wanneer het overvalsalarm wordt geactiveerd. De lokale regels gelden bij het instellen van het akoestisch signaal. Stil Pulserend Vast Verreikend Sirene 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 31 (54)

32 Alarm versie 2 Tijdsinstelling akoestisch signaal voor geactiveerd alarm (LAS) Hier kunt u instellen hoe lang een geactiveerd alarm te horen moet zijn. 0-5 min. Geluidssignaal voor geactiveerd overvalsalarm (LAS) Hier kunt u instellen hoe lang de richtingaanwijzers moeten knipperen wanneer het alarm geactiveerd wordt. 1-5 min. Stil alarm Stil alarm (LAS) Hier kunt u selecteren of het alarm al dan niet stil moet zijn. Een stil alarm houdt in dat geen geluidssignaal wordt afgegeven wanneer een alarm wordt geactiveerd. Als een lichtsignaal via de richtingaanwijzers van het voertuig moet worden geactiveerd wanneer een stil alarm wordt geactiveerd, dan kan dit worden afgesteld met de parameter Verlichtingsinstelling, stil alarm. In het geval van een overvalsalarm of onderbreking van de voedingsspanning is de sirene altijd te horen. Hetzelfde geldt als er een communicatiestoring wordt geregistreerd. De extra alarmfuncties blijven normaal werken. Zonder = Functie niet geactiveerd Met = Functie geactiveerd 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 32 (54)

33 Alarm versie 2 Verlichtingsinstelling, stil alarm (LAS) Hier kunt u instellen hoe lang de richtingsaanwijzers actief moeten zijn wanneer het Stille alarm is geactiveerd. 0-5 min. Bedrijfsperiodemodus Functie Bedrijfsperiodemodus activeren (LAS) Kies hier of u het gebruik van de Bedrijfsperiodemodus mogelijk wilt maken. De Bedrijfsperiodemodus betekent dat het voertuig kan worden vergrendeld met de contactsleutel in de start- of rijstand en het alarm wordt ingeschakeld. De parameter is de hoofdparameter, die diverse functies regelt die in deze parametergroep met afzonderlijke instellingen kunnen worden aangepast, d.w.z. welke sensoren actief moeten zijn en welke deuren vergrendeld moeten worden wanneer de functie geselecteerd wordt. Zie voor meer informatie over deze functie Gebruikersfunctie Vrachtwagenalarm. Met = Functie actief Zonder = Functie inactief Vergrendelinstelling, deuren (LAS) Deze parameter wordt gebruikt om te selecteren welke portieren vergrendeld moeten worden wanneer de functie Bedrijfsperiodemodus is geactiveerd. Inactief = Er worden geen deuren vergrendeld Cabine = Cabinedeuren worden vergrendeld Laadruimte = Laadruimtedeuren worden vergrendeld Cabine en laadruimte = Cabine- en laadruimtedeuren worden vergrendeld 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 33 (54)

34 Alarm versie 2 Alarminstelling, extra sensor 1 (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of het uitgaande signaal van de regeleenheid naar extra sensor 1 (B76) actief moet zijn. Met = Uitgaande signaal actief Zonder = Uitgaande signaal inactief Alarminstelling, extra sensor 2 (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of het uitgaande signaal van de regeleenheid naar extra sensor 2 (B77) actief moet zijn. Met = Uitgaande signaal actief Zonder = Uitgaande signaal inactief Alarminstelling, extra sensor 3 (LAS) Deze parameter wordt gebruikt om te selecteren of de sensor van de accubak moet actief zijn wanneer de functie functie Bedrijfsperiodemodus geselecteerd wordt. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 34 (54)

35 Alarm versie 2 Alarminstelling, frontluik (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de frontgrillesensor (B24) actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Alarminstelling, dakluik (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de dakluiksensor (B38) actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Alarminstelling, luik voor opbergruimte bestuurderszijde (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de sensor voor de externe opbergruimte aan de bestuurderszijde actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 35 (54)

36 Alarm versie 2 Alarminstelling, luik voor opbergruimte passagierszijde (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de sensor voor de externe opbergruimte aan de passagierszijde actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Alarminstelling, bestuurdersportier (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de bestuurdersportiersensor actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Alarminstelling, passagiersportier (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de passagiersportiersensor actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 36 (54)

37 Alarm versie 2 Alarminstelling, laadruimtedeur (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de laadruimtedeursensor actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Alarminstelling, bestuurdersportierslot (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de sensor die aanduidt of het slot van het bestuurdersportier wordt bediend, actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Alarminstelling, passagiersportierslot (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de sensor die aanduidt of het slot van het passagiersportier wordt bediend, actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 37 (54)

38 Alarm versie 2 Alarminstelling, laadruimtedeurslot (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de sensor die aanduidt of het slot van de laadruimte wordt bediend, actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Alarminstelling, bewegingssensor cabine (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de bewegingssensor in de cabine actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Alarminstelling, bewegingssensor cabine (LAS) Dit is een sub-parameter van de functie Bedrijfsperiodemodus en moet actief zijn. De parameter wordt gebruikt om te selecteren of de bewegingssensor in de laadruimte actief moet zijn. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 38 (54)

39 Alarm versie 2 Sensoren instellen Extra sensor 1 (LAS) De extra sensor moet een verbreekcontact zijn zonder geïntegreerde weerstand en moet zijn aangesloten op pen B2 en B9 van de regeleenheid. Hier kunt u kiezen of de uitgang van de regeleenheid op extra sensor 1 aangesloten moet worden. Met = Uitgangssignaal regeleenheid actief Zonder = Uitgangssignaal regeleenheid inactief Extra sensor 2 (LAS) Extra sensor 2 moet een verbreekcontact zijn zonder geïntegreerde weerstand en moet zijn aangesloten op pen B7 en B15 van de regeleenheid. Hier kunt u kiezen of de uitgang van de regeleenheid op extra sensor 2 aangesloten moet worden. Met = Uitgangssignaal regeleenheid actief Zonder = Uitgangssignaal regeleenheid inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 39 (54)

40 Alarm versie 2 Extra sensor 3 (LAS) Extra sensor 3 moet van hetzelfde type als de alarmsensor voor het frontluik zijn. Als dit sensortype niet wordt gebruikt, moet een afzonderlijke weerstand van ohm op het circuit worden aangesloten. Extra sensor 3 moet worden verbonden met pen B12 en B18 van de regeleenheid. Hier kunt u instellen of de sensor van extra sensor 3 (accubak) actief moet zijn, ongeautoriseerde toegang moet kunnen aanduiden en het alarm moet kunnen activeren. Met = sensor kan alarm activeren. Zonder = sensor kan alarm niet activeren. Alarmsensor, frontluik (LAS) Hier kunt u instellen of de sensor van de frontgrille aangesloten moet worden, ongeautoriseerde toegang moet kunnen aanduiden en het alarm moet kunnen activeren. Met = sensor geactiveerd Zonder = sensor niet geactiveerd Alarmsensor, dakluik (LAS) Hier kunt u instellen of de sensor van het dakluik aangesloten moet worden, ongeautoriseerde toegang moet kunnen aanduiden en het alarm moet kunnen activeren. Met = sensor geactiveerd Zonder = sensor niet geactiveerd 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 40 (54)

41 Alarm versie 2 Alarmsensor, luik voor opbergruimte bestuurderszijde (LAS) Hier kunt u instellen of de sensor van de opbergruimte aan bestuurderszijde aangesloten moet worden, ongeautoriseerde toegang moet kunnen aanduiden en het alarm moet kunnen activeren. Met = sensor geactiveerd Zonder = sensor niet geactiveerd Alarmsensor, luik voor opbergruimte passagierszijde (LAS) Hier kunt u instellen of de sensor van de opbergruimte aan passagierszijde aangesloten moet worden, ongeautoriseerde toegang moet kunnen aanduiden en het alarm moet kunnen activeren. Met = sensor geactiveerd Zonder = sensor niet geactiveerd Sensor bestuurdersportier (LAS) De parameter activeert de sensor, die aanduidt dat het bestuurderportier geopend wordt en het alarm activeert. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 41 (54)

42 Alarm versie 2 Sensor passagiersportier (LAS) De parameter activeert de sensor, die aanduidt dat het passagiersportier geopend wordt en het alarm activeert. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Sensor laadruimtedeur (LAS) De sensor van de laadruimtedeur moet een massasensor zijn die vergekijkbaar is met de sensor van het bestuurdersportier en passagiersportier. De sensor is aangesloten op pen A15 van de regeleenheid en massa. De parameter activeert de sensor, die aanduidt dat de laadruimtedeur geopend wordt en het alarm activeert. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Laadruimtedeur vergrendelen (LAS) Hier kiest u of het uitgaande signaal van de regeleenheid naar "Laadruimtedeur vergrendelen" aangesloten moet worden. De parameter activeert de vergrendeling van de laadruimtedeur en de inschakeling van het alarm. Met = Vergrendeling actief Zonder = Vergrendeling inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 42 (54)

43 Alarm versie 2 Bewegingssensor cabine, activering (LAS) De bewegingssensor cabine wordt hier geactiveerd. In de actieve modus kan deze ongeoorloofde toegang aanduiden en het alarm activeren. De gevoeligheid van de bewegingssensor kan worden afgesteld met de parameter Bewegingssensor cabine, afstellen. Met = Actief Zonder = Inactief Bewegingssensor carroserie, activering (LAS) De bewegingssensor carrosserie wordt hier geactiveerd. In de actieve modus kan deze ongeoorloofde toegang aanduiden en het alarm activeren. De gevoeligheid van de bewegingssensor kan worden afgesteld met de parameter Bewegingssensor carrosserie, afstellen. Met = Actief Zonder = Inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 43 (54)

44 Alarm versie 2 Bewegingssensor cabine, afstellen (LAS) Hier kunt u de gevoeligheid van de bewegingssensor in de cabine afstellen. De sensor wordt geactiveerd met de parameter Bewegingssensor cabine, activering. U kunt de gevoeligheid van de bewegingssensor instellen op een waarde tussen 6 en = Lage gevoeligheid 63 = Maximale gevoeligheid Alternatieven: 6 63 Bewegingssensor carrosserie, afstellen (LAS) Hier kunt u de gevoeligheid van de bewegingssensor in de carrosserie afstellen. De sensor wordt geactiveerd met de parameter Bewegingssensor carrosserie, activering. Door een waarde (10, 20, 30 etc. tot 100) te selecteren, wordt de gevoeligheid van de bewegingssensor afgesteld in %. 10 = Lage gevoeligheid 100 = Maximale gevoeligheid Alternatieven: :70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 44 (54)

45 Alarm versie 2 Alarmsensor contactslot (LAS) Hier kunt u instellen of de detectie voor het contactslot geactiveerd moet worden. Als het contactslot in de rijstand wordt gezet wanneer het alarm van het voertuig ingeschakeld is, dan wordt dit aangeduid en het alarm wordt geactiveerd. Met = Functie actief Zonder = Functie niet geactiveerd Kantelingsensor (LAS) De parameter activeert de sensor, die aanduidt dat de cabine gekanteld wordt en het alarm activeert. Met = sensor actief Zonder = sensor inactief Kantelsensor, gevoeligheid (LAS) De kantelsensor geeft aan of de cabine wordt gekanteld en activeert het alarm. Hier kunt u de hoek instellen waarbij de sensor het alarm moet activeren :70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 45 (54)

46 Alarm versie 2 Extra instellingen GSM (LAS) Parameteractivering maak aansluiting van GSM-module mogelijk. Extra aansluiting op regeleenheid, pen C11, +24 V voedingsspanning wanneer het alarm wordt geactiveerd (GSM-module Scania Communicator C200). Extra aansluiting op regeleenheid, pen C15, digitaal signaal laag voor geactiveerd alarm (Scania Interactor). Met = Aansluiting GSM-module mogelijk. Zonder = Aansluiting GSM-module niet mogelijk. Uitgangssignaal van ECU wanneer alarm is geactiveerd (LAS) Instelling voor carrosseriebouwer om alarmstatus uit te lezen. Aangesloten op regeleenheid pen B13 die het uitgangssignaal met massa verbindt als het alarm geactiveerd wordt. Altijd actief. Maximale belasting 500 ma. Uitgangssignaal van ECU wanneer alarm is geactiveerd (LAS) Instelling voor carrosseriebouwer om alarmstatus uit te lezen. Aangesloten op regeleenheid pen B10 die het uitgangssignaal met massa verbindt als het alarm geactiveerd wordt. Altijd actief. Maximale belasting 500 ma. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 46 (54)

47 Centrale vergrendeling versie 2 Centrale vergrendeling versie 2 Op afstand bediende functies Ontgrendelen (LAS) Regelt of de portieren tegelijk of afzonderlijk moeten worden ontgrendeld. Beide portieren. Afzonderlijke ontgrendeling. Basisinstelling: Afzonderlijke ontgrendeling. Parameters instellen Beide portieren Afzonderlijk ontgrendelen Ontgrendelen De bestuurders- en passagiersportieren worden tegelijkertijd ontgrendeld door eenmaal op de ontgrendelingsknop van de afstandsbediening te drukken. Het bestuurdersportier wordt vergrendeld door eenmaal op de ontgrendelknop van de afstandsbediening te drukken. Het passagiersportier en de laadruimtedeur worden ontgrendeld door tweemaal op de ontgrendelknop van de afstandsbediening te drukken. Afstandsbediening (LAS) De afstandsbediening interpreteert dubbele toetsaanslagen als twee kort op elkaar volgende en bij elkaar horende aanslagen wanneer er minimaal 0,4 seconden tussen de twee aanslagen verstrijkt, maar wacht niet te lang, anders wordt na een bepaalde tijd de tweede aanslag opgevat als een aparte aanslag. Hier kunt u de maximale tijd instellen, d.w.z. de tijd waarbinnen de tweede keer indrukken moet plaatsvinden. Kort = binnen 1 s. Gemiddeld = binnen 2 s. Lang = binnen 3 s. 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 47 (54)

48 Centrale vergrendeling versie 2 Verlichtingscontrole (LAS) Hier kunt u de functie Verlichtingscontrole activeren, die alle buitenverlichting van het voertuig op volgorde laat branden. De functie kan worden geactiveerd van 20 tot 180 seconden. Zonder = Functie niet geactiveerd seconden op volgorde Beveiligingsverlichting (LAS) Met deze parameter kan de tijd/duur voor het branden van de verlichting worden ingesteld, of gebruikt de parameter om de functie te deactiveren die de parkeerverlichting en richtingaanwijzers inschakelt. Zonder = Functie niet geactiveerd seconden op volgorde 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 48 (54)

49 Centrale vergrendeling versie 2 Slotinstellingen Automatische hervergrendeling en alarminschakeling (LAS) Hier kunt u Automatisch vergrendelen en inschakelen van het alarm selecteren. Deze functie houdt in dat na het ontgrendelen de portieren worden vergrendeld en het alarm wordt ingeschakeld wanneer binnen de ingestelde tijd geen portier is geopend of de sleutel niet naar in de rijstand is gezet. De functie kan tevens worden geselecteerd voor voertuigen die alleen zijn uitgerust met centrale vergrendeling. In een dergelijk geval vindt alleen vergrendelen plaats. De tijd kan worden ingesteld (de duur na het ontgrendelen alvorens het vergrendelen wordt geactiveerd) via Tijdsinstelling voor automatisch vergrendelen en inschakelen alarm. U kunt selecteren welke deuren vergrendeld moeten worden en waarvoor het alarm, indien mogelijk, ingeschakeld moet worden. Inactief Cabine Laadruimte Cabine en laadruimte 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 49 (54)

50 Centrale vergrendeling versie 2 Tijdsinstelling voor automatisch opnieuw vergrendelen en inschakelen van alarm (LAS) Automatisch vergrendelen en inschakelen alarm betekent dat de deuren na enige seconden weer worden vergrendeld en het alarm weer wordt ingeschakeld, tenzij een deur wordt geopend nadat de deuren zijn ontgrendeld. Hier kunt u het aantal seconden instellen waarna automatische vergrendeling van de deuren en inschakeling van het alarm moet plaatsvinden. Kort = 10 s. Gemiddeld = 20 s. Lang = 30 s. Verklaring: De parameter Automatische hervergrendeling van de portieren en inschakeling van het alarm moet worden geactiveerd voordat de tijdsinstelling wordt toegepast. Automatische vergrendeling (LAS) Hier kunt u een automatische vergrendeling en alarmfunctie instellen seconden nadat de sleutel uit het contactslot verwijderd en het portier geopend en gesloten wordt, zal het voertuig vergrendeld en het alarm voor de geselecteerde deuren ingeschakeld worden. De duur van de tijdsvertraging wordt ingesteld met de parameter Automatische vergrendeling, tijdsinstelling. Inactief Cabine = Tijdsinstelling mogelijk Laadruimte = Tijdsinstelling mogelijk Cabine en laadruimte = Tijdsinstelling mogelijk 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 50 (54)

51 Centrale vergrendeling versie 2 Automatische vergrendeling, tijdsinstelling (LAS) Hier kunt u de beschikbare tijd instellen voor het openen en sluiten van de deur voordat de automatische vergrendeling wordt geactiveerd. De tijd regelt de parameter Automatische vergrendeling. Alternatieven: s. Handmatige vergrendeling (LAS) Hier kunt u selecteren welke deuren moeten worden vergrendeld bij het handmatig vergrendelen met de sleutel. Alternatieven: Zonder = Alleen huidige deur Met cabine = Cabinedeuren Met cabine en laadruimte = Cabine- en laadruimtedeuren 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 51 (54)

52 Centrale vergrendeling versie 2 Lichtindicatie Bevestiging door de richtingaanwijzers (LAS) Hier kunt u selecteren of bevestiging door de richtingaanwijzers bij vergrendelen en ontgrendelen moet worden geactiveerd. Is de functie geactiveerd, dan geven de richtingaanwijzers de volgende knippersignalen ter bevestiging: Vergrendelen = 2 bevestigingssignalen Ontgrendelen = 1 bevestigingssignaal Storing tijdens vergrendelen = 5 bevestigingssignalen Alternatieven: Met Zonder 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 52 (54)

53 Centrale vergrendeling versie 2 Bedrijfsperiodemodus Functie Bedrijfsperiodemodus activeren (LAS) Kies hier of u het gebruik van de Bedrijfsperiodemodus mogelijk wilt maken. De Bedrijfsperiodemodus betekent dat het voertuig kan worden vergrendeld met de contactsleutel in de start- of rijstand zonder het alarm in te schakelen. De parameter is de hoofdparameter, die meerdere functies regelt die met afzonderlijke instellingen kunnen worden aangepast, d.w.z. welke sensoren actief moeten zijn en welke deuren vergrendeld moeten worden wanneer de functie geselecteerd wordt. Zie voor meer informatie over deze functie Gebruikersfunctie Vrachtwagenalarm. Met = Functie actief Zonder = Functie inactief Vergrendelinstelling, deuren (LAS) Deze parameter wordt gebruikt om te selecteren welke portieren vergrendeld moeten worden wanneer de functie Bedrijfsperiodemodus is geactiveerd. Inactief = Er worden geen deuren vergrendeld Cabine = Cabinedeuren worden vergrendeld Laadruimte = Laadruimtedeuren worden vergrendeld Cabine en laadruimte = Cabine- en laadruimtedeuren worden vergrendeld 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 53 (54)

54 Centrale vergrendeling versie 2 Sensoren instellen Laadruimtedeur vergrendelen (LAS) Hier kiest u of het uitgaande signaal van de regeleenheid naar "Laadruimtedeur vergrendelen" aangesloten moet worden. De parameter activeert de vergrendeling van de laadruimtedeur en de inschakeling van het alarm. Met = Vergrendeling actief Zonder = Vergrendeling inactief 11:70-01/06 Uitgave 4.1 nl-nl 54 (54)

Afstelbare parameters - Signalering en zichtbaarheidssystemen

Afstelbare parameters - Signalering en zichtbaarheidssystemen Inleiding Inleiding De lijst van afstelbare parameters is beperkt tot die parameters die relevant worden geacht voor carrosseriebouwers. Bezoek voor meer informatie over de huidige parameters voor een

Nadere informatie

Aansluiting van alarm op voorbereide bekabeling

Aansluiting van alarm op voorbereide bekabeling De alarmregeleenheid heeft aansluitingen die voorbereid af fabriek kunnen worden verkregen om het aansluiten van de volgende functies mogelijk te maken: Bediening van de centrale vergrendeling van de laadruimte

Nadere informatie

Parameters Zichtbaarheid. Inleiding

Parameters Zichtbaarheid. Inleiding Inleiding Inleiding De lijst van parameters in dit document is beperkt tot die parameters die relevant worden geacht voor carrosseriebouwers. Neem contact op met een een erkende Scania werkplaats voor

Nadere informatie

Alarmsensoren aansluiten. Algemeen

Alarmsensoren aansluiten. Algemeen Algemeen De ALM-regeleenheid (alarmsysteem) kan worden besteld met een fabrieksvoorbereiding voor aansluiting van externe alarmsensoren. De voorbereiding bestaat uit stekker C8112. De stekker is geel en

Nadere informatie

Vehicle Security System VSS3 - Alarm system remote

Vehicle Security System VSS3 - Alarm system remote Vehicle Security System VSS3 - Alarm system remote Alarmsysteem met afstandsbediening leidraad bij het instellen - Dutch Geachte klant, In deze handleiding vindt u de informatie en bedieningen die nodig

Nadere informatie

Activering van zichtbaarheids- en verlichtingsfuncties op afstand

Activering van zichtbaarheids- en verlichtingsfuncties op afstand Functie Functie De volgende zichtbaarheids- en verlichtingsfuncties kunnen op worden geactiveerd: Meer informatie over verlichting vindt u in de documenten Deactivering van rijverlichting en Wisselend

Nadere informatie

Activering krachtafnemer automatische transmissie

Activering krachtafnemer automatische transmissie Functie Functie De functie is bedoeld voor het activeren van de krachtafnemer vanaf de bestuurdersplaats en van buiten de cabine. De krachtafnemer wordt geregeld door de BCI-regeleenheid (communicatie-interface

Nadere informatie

Nederlandstalige handleiding Autoalarm AS5

Nederlandstalige handleiding Autoalarm AS5 Nederlandstalige handleiding Autoalarm AS5 Inhoud verpakking: Alarmunit Sirene Handzender ( 2 stuks) Kabels incl. zekeringen Zoekfunctie Stil alarm Startblokkering Paniek functie Anti carjacking Aansturing

Nadere informatie

Parameters Zichtbaarheid

Parameters Zichtbaarheid Inleiding Inleiding In dit document worden de parameters beschreven die verband houden met zichtbaarheid. Het vermeldt alleen de parameters die nuttig worden geacht voor de carrosseriebouwer. De parameters

Nadere informatie

Activering EK-krachtafnemer. Algemene informatie

Activering EK-krachtafnemer. Algemene informatie Algemene informatie EK-krachtafnemers worden mechanisch aangedreven door het vliegwiel. Algemene informatie Informatie over hoe krachtafnemers kunnen worden gecombineerd vindt u in het document Krachtafnemercombinaties.

Nadere informatie

Vehicle Security System VSS3 - Vehicle original remote

Vehicle Security System VSS3 - Vehicle original remote Vehicle Security System VSS3 - Vehicle original remote Originele afstandsbediening van het voertuig leidraad bij het instellen - Dutch Geachte klant, In deze handleiding vindt u de informatie en bedieningen

Nadere informatie

Activeren van een EK-krachtafnemer via BWS. Algemene informatie. Veiligheidsvoorwaarden. Permanente veiligheidsvoorwaarden

Activeren van een EK-krachtafnemer via BWS. Algemene informatie. Veiligheidsvoorwaarden. Permanente veiligheidsvoorwaarden Algemene informatie Algemene informatie De functie EK-krachtafnemer activeren is bedoeld voor het activeren voor de door het vliegwiel aangedreven krachtafnemer vanaf de bestuurdersplaats en/of vanaf de

Nadere informatie

Gefeliciteerd met uw nieuwe autoalarm! Inhoud

Gefeliciteerd met uw nieuwe autoalarm! Inhoud Gefeliciteerd met uw nieuwe autoalarm! Lees de gebruikershandleiding voor gebruik zorgvuldig door en maak u vertrouwd met de verschillende functies van uw autoalarm. Deze handleiding beschrijft de functies

Nadere informatie

Bewaakt op afstand activeren van noodstopfunctie

Bewaakt op afstand activeren van noodstopfunctie Benaming Benaming De functie Bewaakt op afstand activeren van noodstopfunctie (motorstop 2) wordt gebruikt om de motor buiten de cabine af te zetten. Dit is een veiligere functie dan Op afstand activeren

Nadere informatie

Activering werkverlichting. Beschrijving. Algemeen. Drukknop achteraf aanbrengen. Aansluitopties PGRT

Activering werkverlichting. Beschrijving. Algemeen. Drukknop achteraf aanbrengen. Aansluitopties PGRT Beschrijving Beschrijving Algemeen De functie Werkverlichting activeren wordt gebruikt om werklampen in en uit te schakelen. De werklampen kunnen zijn aangebracht op de achterwand van de cabine, op het

Nadere informatie

GEBRUIKERSHANDLEIDING. Elektronisch slot Multicode. think safe

GEBRUIKERSHANDLEIDING. Elektronisch slot Multicode. think safe GEBRUIKERSHANDLEIDING Elektronisch slot Multicode think safe Gebruikershandleiding elektronisch slot Multicode Algemeen Het slot werkt met een 6- of 7-cijferige code of een 6- of 7-letterige code. Elke

Nadere informatie

Rijverlichting deactiveren

Rijverlichting deactiveren Achtergrondinformatie Achtergrondinformatie De functie voor deactivering van de rijverlichting wordt geregeld door de BCI-regeleenheid (communicatie-interface carrosserie). De functie kan ofwel door analoge

Nadere informatie

Cobra Bridge CAN 8800

Cobra Bridge CAN 8800 Cobra Bridge CAN 8800 Installatie Handleiding 2005 Clifford Electronics Benelux, Lijnden. Inhoudsopgave. Bridge 8800 CAN...3 Tabel Geheugen Alarm LED....3 Garagestand...4 Plaatsing van de alarmunit...4

Nadere informatie

Mitsubishi - Cobra Alarm CO4627. Gebruikers Handleiding

Mitsubishi - Cobra Alarm CO4627. Gebruikers Handleiding Mitsubishi - Cobra Alarm CO4627 Gebruikers Handleiding Clifford Electronics Benelux BV Tel.+31 20 40 40 919 info@clifford.nl ISO 9001:2008 Mitsubishi - Cobra Alarmsysteem: Om uw auto optimaal te beschermen

Nadere informatie

MotorCycle Alarm by DEF COM 3 MONTAGE-INSTRUCTIES LED 80 C

MotorCycle Alarm by DEF COM 3 MONTAGE-INSTRUCTIES LED 80 C MTAGE + DEF COM 3 MTAGE-INSTRUCTIES H 2 O MotorCycle Alarm by OK KO MOTORBLOKKERING (FAIL SAFE SYSTEM) Positieve logica (het relais schakelt over wanneer de centrale uitgeschakeld is en bij +15). Fig.2

Nadere informatie

GT-912/GT-913/GT-914 Gebruikers handleiding

GT-912/GT-913/GT-914 Gebruikers handleiding GT-912/GT-913/GT-914 Gebruikers handleiding Rho-Delta b.v. Escudostraat 2 2991 XV Barendrecht Tel. +03110-4795755 Fax. +03110-2927461 www.rhodelta.nl info@rhodelta.nl - OMSCHRIJVING De GT-912 /GT-913/GT-914

Nadere informatie

Clifford Electronics Benelux bv. Tel.+31 20 40 40 919 Fax. +31 20 40 40 948

Clifford Electronics Benelux bv. Tel.+31 20 40 40 919 Fax. +31 20 40 40 948 Clifford Electronics Benelux bv. Tel.+31 20 40 40 919 Fax. +31 20 40 40 948 Belangrijke informatie Gefeliciteerd met de aankoop van uw voertuig beveiligingsysteem. Het is ontworpen om jaren van probleemloze

Nadere informatie

INBOUW HANDLEIDING GT806 (GT804+GT844)

INBOUW HANDLEIDING GT806 (GT804+GT844) 1 INBOUW HANDLEIDING GT806 (GT804+GT844) Hartelijk dank voor het kiezen van een GT produkt. Onze materialen zijn met uiterste zorg gefabriceerd en getest. Mocht U vragen over onze produkten hebben, dan

Nadere informatie

ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000

ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 INFOTEC AP/TAVG/MMXP/MUX BEVESTIGING DIAGNOSE BSI ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 G05 CONTROLEPROCEDURE VAN DE FUNCTIE CENTRALE VERGRENDELING Toepassing bij PEUGEOT 206 (vanaf DAM-nr. 9076)

Nadere informatie

Vehicle Security System VSS 1. Handleiding voor systeeminstelling - Dutch

Vehicle Security System VSS 1. Handleiding voor systeeminstelling - Dutch Vehicle Security System VSS 1 Handleiding voor systeeminstelling - Dutch Geachte klant, In deze handleiding vindt u de informatie en bedieningen die nodig zijn om de installatie van het alarmsysteem te

Nadere informatie

INBOUW HANDLEIDING GT403, 404

INBOUW HANDLEIDING GT403, 404 INBOUW HANDLEIDING GT403, 404 Hartelijk dank voor het kiezen van een GT produkt. Onze materialen zijn met uiterste zorg gefabriceerd en getest. Mocht U vragen over onze produkten hebben, dan staan onze

Nadere informatie

Hartelijk gefeliciteerd met de aanschaf van een COBRA alarmsysteem type 889.

Hartelijk gefeliciteerd met de aanschaf van een COBRA alarmsysteem type 889. COBRA 889 INLEIDING Hartelijk gefeliciteerd met de aanschaf van een COBRA alarmsysteem type 889. De belangrijkste vernieuwing in deze 889-serie bestaat uit het systeem, dat de herkenningscode van de afstandsbediening

Nadere informatie

Cobra 4627 Alarmsysteem met DriverCards

Cobra 4627 Alarmsysteem met DriverCards Cobra 4627 Alarmsysteem met DriverCards Gebruikershandleidingding Effectief en gebruiksvriendelijk Het in uw voertuig gemonteerde Cobra alarmsysteem biedt een simpele, maar uiterst effectieve en gebruiksvriendelijke

Nadere informatie

Cobra Alarm 4627. Gebruikers Handleiding

Cobra Alarm 4627. Gebruikers Handleiding Cobra Alarm 4627 Gebruikers Handleiding Clifford Electronics Benelux BV Tel.+31 20 40 40 919 info@clifford.nl ISO 9001:2008 Cobra Alarmsysteem: Diefstal is de laatste tijd explosief gestegen. CAN Bus manipulatie

Nadere informatie

Vodafone Automotive 4627 Alarmsysteem met DriverCards. Gebruikershandleiding. Vodafone Power to you

Vodafone Automotive 4627 Alarmsysteem met DriverCards. Gebruikershandleiding. Vodafone Power to you Vodafone Automotive 4627 Alarmsysteem met DriverCards Gebruikershandleiding Vodafone Power to you Effectief en gebruiksvriendelijk 1. Alarmsysteem met aparte autorisatie Het in uw voertuig gemonteerde

Nadere informatie

LCD scherm va LCD scherm

LCD scherm va LCD scherm scherm 1. Gebruik scherm Met het in Uw scooter ingebouwde scherm kunt U alle rij-, stuuracties, remmen en bedienen van het voertuig bepalen. De elektrische installatie van de scooter en de elektronica

Nadere informatie

Vodafone Automotive 4627 Alarmsysteem met DriverCards. Gebruikershandleiding. Vodafone Power to you

Vodafone Automotive 4627 Alarmsysteem met DriverCards. Gebruikershandleiding. Vodafone Power to you Vodafone Automotive 4627 Alarmsysteem met DriverCards Gebruikershandleiding Vodafone Power to you Effectief en gebruiksvriendelijk 1. Alarmsysteem met aparte autorisatie Het in uw voertuig gemonteerde

Nadere informatie

INBOUW HANDLEIDING GT625, GT626, GT627

INBOUW HANDLEIDING GT625, GT626, GT627 1 INBOUW HANDLEIDING GT625, GT626, GT627 Hartelijk dank voor het kiezen van een GT produkt. Onze materialen zijn met uiterste zorg gefabriceerd en getest. Mocht U vragen over onze produkten hebben, dan

Nadere informatie

Integratie van Net2 met een inbraakalarmsysteem

Integratie van Net2 met een inbraakalarmsysteem Integratie van met een inbraakalarm Overzicht kan controleren of het inbraakalarm in of uit geschakeld is. Als het alarm aan staat zal alleen toegang verlenen aan gebruikers die gemachtigd zijn om het

Nadere informatie

Het Keypad (met segmenten)

Het Keypad (met segmenten) Het Keypad (met segmenten) Het JABLOTRON 100 systeem kan worden gebruikt met verschillende type keypads waarmee het systeem kan worden bediend, en die informatie geven omtrent de status van het systeem

Nadere informatie

Krachtafnemer in aandrijflijn via BWS. Algemene informatie over de functie. Bediening met voertuig in beweging en stilstaand voertuig

Krachtafnemer in aandrijflijn via BWS. Algemene informatie over de functie. Bediening met voertuig in beweging en stilstaand voertuig Algemene informatie over de functie Algemene informatie over de functie De krachtafnemer in de aandrijflijn wordt hoofdzakelijk gebruikt als er om heel veel vermogen wordt gevraagd. Het voordeel is dat

Nadere informatie

Dit beveiligingssysteem voor uw auto is getest en goedgekeurd door

Dit beveiligingssysteem voor uw auto is getest en goedgekeurd door SYSTEEM 2980 COMPLEET ALARMSYSTEEM MET AFSTANDSBEDIENING GEBRUIKERSHANDLEIDING GOED BEWAREN VOOR TOEKOMSTIG GEBRUIK DIT SYSTEEM MAG UITSLUITEND DOOR EEN VAKKUNDIG INSTALLATEUR WORDEN INGEBOUWD BELANGRIJK

Nadere informatie

VibraLITE 3. Digitale aanduiding ( naar keuze 12 of 24 uren). De 2de aanduiding kan gebruikt worden voor reizen in verschillende tijdzones.

VibraLITE 3. Digitale aanduiding ( naar keuze 12 of 24 uren). De 2de aanduiding kan gebruikt worden voor reizen in verschillende tijdzones. VibraLITE 3 Horlogefuncties Dubbele uuraanduiding. Digitale aanduiding ( naar keuze 12 of 24 uren). De 2de aanduiding kan gebruikt worden voor reizen in verschillende tijdzones. 2 Alarmfuncties Wekker

Nadere informatie

installatiehandleiding Alarmlicht met sirene

installatiehandleiding Alarmlicht met sirene installatiehandleiding Alarmlicht met sirene INSTALLATIEHANDLEIDING ALARMLICHT MET SIRENE Gefeliciteerd met de aankoop van het WoonVeilig alarmlicht met sirene. Telefoonnummer WoonVeilig 0900-388 88 88

Nadere informatie

BICT:01 BICT. nl-nl. Gebruiksaanwijzing. Uitgave 3.0. Scania CV AB 2015, Sweden

BICT:01 BICT. nl-nl. Gebruiksaanwijzing. Uitgave 3.0. Scania CV AB 2015, Sweden BICT:01 Uitgave 3.0 nl-nl BICT Gebruiksaanwijzing 339 837 Scania CV AB 2015, Sweden Introductie... 3 Info over BICT... 3 Instellingen... 4 Overzicht... 5 Verklaring van termen... 6 Grafische symbolen die

Nadere informatie

LCD scherm ve LCD scherm

LCD scherm ve LCD scherm scherm. Gebruik scherm Met het in Uw scooter ingebouwde scherm kunt U alle rij-, stuuracties, remmen en bedienen van het voertuig bepalen. De elektrische installatie van de scooter en de elektronica zelf

Nadere informatie

Sigma CP K and Sigma CP T series

Sigma CP K and Sigma CP T series Sigma CP K and Sigma CP T series Brandmeldcentrale Gebruikers Handleiding DOCUMENT REFERENCE K6800-08 (Man-1082) MODEL NUMBERS K11020M2, K11040M2, K11080M2 T11020M2, T11040M2, T11080M2 191108V1.0FN Brand

Nadere informatie

ALARM. De werking van het systeem wordt door de body computer geregeld, die via de seriële verbinding commando''s verzendt/ontvangt.

ALARM. De werking van het systeem wordt door de body computer geregeld, die via de seriële verbinding commando''s verzendt/ontvangt. Elektrische functie printen ALARM DIEFSTALALARM BESCHRIJVING Het diefstalalarm beveiligt de auto tegen diefstal m.b.v.: interieur en omtrekbeveiliging, kanteldetectie en controle op doorsnijden van voedingskabels.

Nadere informatie

installatiehandleiding Alarmlicht met sirene

installatiehandleiding Alarmlicht met sirene installatiehandleiding Alarmlicht met sirene INSTALLATIEHANDLEIDING ALARMLICHT MET SIRENE Gefeliciteerd met de aankoop van het Egardia alarmlicht met sirene. Website Egardia www.egardia.com Klantenservice

Nadere informatie

INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR

INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch

Nadere informatie

Montagevoorschriften

Montagevoorschriften Montagevoorschriften BCU Mont_BCU1_NL.Doc 1/9 Inhoudsopgave 1. Montage van de onderdelen... 3 2. Aansluitingen van de 8 polige stekker... 3 3. Aansluitingen van de 10 polige stekker... 4 4. Opstarten...

Nadere informatie

Auto Alarm FM5000 FM500 FM600 FM700 LCD MINI

Auto Alarm FM5000 FM500 FM600 FM700 LCD MINI Auto Alarm FM5000 FM500 FM600 FM700 LCD MINI I. Functies FM 2-weg autoalarm. 2. Alarm aan (stil) Druk nogmaals 1x op de knop van de afstandbediening om alarm in AUTO Localiseren status te activeren, indien

Nadere informatie

Sloten en alarm ALARM-SYSTEEM

Sloten en alarm ALARM-SYSTEEM Sloten en alarm ALARM-SYSTEEM H6716G Uw voertuig is voorzien van een uiterst verfijnd elektronisch diefstalalarm en motor-immobilisatiesysteem. Tevens beschikt het voertuig over een aantal extra veiligheidssystemen.

Nadere informatie

Programma Eco stand 8-SYMBOOL DISPLAY

Programma Eco stand 8-SYMBOOL DISPLAY BEDIENINGS INSTRUCTIES 8-SYMBOOL AFSTANDBEDIENING Kinder slot Tijd Signaal indicator Thermostatische stand Batterij Countdown F or C Programma Eco stand Temperatuur Dubbele brander 8-SYMBOOL DISPLAY INSTELLING

Nadere informatie

GT909NL. Gebruikershandleiding

GT909NL. Gebruikershandleiding GT909NL Gebruikershandleiding Rhodelta b.v. Escudostraat 2 2991 XV Barendrecht Tel. +31 102927461 Fax + 31 104795755 www.rhodelta.nl info@rhodelta.nl 1.0 HANDZENDER OMSCHRIJVING GT889 GT969CH GT889: handzender

Nadere informatie

C259 - Stekker voor uitgebreide functies C259

C259 - Stekker voor uitgebreide functies C259 is een 21-pens stekker die de carrosseriebouwer toegang geeft tot verschillende signalen en functies via het regelsysteem carrosserie (BWS, Bodywork System). Ook kan de carrosseriebouwer het voertuig aanpassen

Nadere informatie

ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000

ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 INFOTEC AP/TAVG/MMXP/MUX BEVESTIGING DIAGNOSE BSI ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 G01 CONTROLEPROCEDURE VAN DE FUNCTIE VERLICHTING Toepassing bij PEUGEOT 206 (vanaf DAM-nr. 9076) 307 406 (vanaf

Nadere informatie

Gebrukershandleiding Gemel/SerpiStar GR48n

Gebrukershandleiding Gemel/SerpiStar GR48n ALGEMEEN Gebrukershandleiding Gemel/SerpiStar GR48n GEFELICITEERD! Met de aanschaf van de alarmkit GR48 klasse 2 / klasse 3 bent u in het bezit gekomen van de nieuwste generatie alarmsystemen van SERPI

Nadere informatie

Applicatiesoftware Tebis

Applicatiesoftware Tebis 5 Applicatiesoftware Tebis STXB322 V 1.x 2 ingangen / Schakeluitgang inbouw, 2-v LED (licht / jal. / venti.) (Status indicatie) STXB344 V 1.x 4 ingangen / Schakeluitgang inbouw, 4-v LED (licht / jal. /

Nadere informatie

BE.REC L Rev. 10/07/02 BE.PLAY L Rev. 05/06/03 BE.PLAY BE.REC INSTALLATIEHANDLEIDING

BE.REC L Rev. 10/07/02 BE.PLAY L Rev. 05/06/03 BE.PLAY BE.REC INSTALLATIEHANDLEIDING BE.REC L8542778 - Rev. 10/07/02 BE.PLAY L8542759 - Rev. 05/06/03 BE.PLAY BE.REC INSTALLATIEHANDLEIDING BE.PLAY CODEPANEEL WANDMONTAGE Buitenste afdichting Binnenste afdichting Kabeldoorgang Sleufgaten

Nadere informatie

Gebruikers handleiding. JupiterPro. P2000 alarmontvanger

Gebruikers handleiding. JupiterPro. P2000 alarmontvanger Gebruikers handleiding JupiterPro P2000 alarmontvanger Inhoudsopgave: Functie toetsen. 3 Opties en functies. 4 Het scherm... 5 Ontvangen en lezen van de meldingen.. 6 Prioriteit per capcode selecteren

Nadere informatie

SELCA SPLIT GEBRUIKSAANWIJZING

SELCA SPLIT GEBRUIKSAANWIJZING SELCA SPLIT GEBRUIKSAANWIJZING (zie voor uitschakelen alarm zonder handzender hoofdstuk 6.1) Beste klant, Wij danken u voor de aanschaf van het high tech SELCA SPLIT modulair alarm systeem. Deze gebruiksaanwijzing

Nadere informatie

SELCA SPLIT INSTALLATIEHANDLEIDING

SELCA SPLIT INSTALLATIEHANDLEIDING SELCA SPLIT INSTALLATIEHANDLEIDING 1.0 INTRODUCTIE. Het Selca Split systeem is een Hi-Tech auto alarm met een externe sirene. Het systeem voldoet aan de Europese eisen 95/54 en 95/56 en wordt in- en uitgeschakeld

Nadere informatie

istorage datashur Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding Pagina 1 www.e-quipment.eu

istorage datashur Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding Pagina 1 www.e-quipment.eu Gebruikershandleiding Pagina 1 www.e-quipment.eu istorage datashur Gebruikershandleiding Copyright istorage Limited 2011, 2012. Alle rechten voorbehouden. Windows is een gedeponeerd handelsmerk van Microsoft

Nadere informatie

8075-000-048 - April 2010. Handleiding infrarood afstandsbediening

8075-000-048 - April 2010. Handleiding infrarood afstandsbediening 8075-000-048 - April 00 Handleiding infrarood afstandsbediening x 9V Batterij x x I zonder geheugen A, B, C + D S I met geheugen A, B, C + E I met massage A, B, C + F, G A Ontvangstinstelling A. Verwijder

Nadere informatie

C489 - Stekker voor standaard functies C489

C489 - Stekker voor standaard functies C489 is een -pens stekker die toegang geeft tot algemene functies in het voertuig. De stekker is bruin en is aangebracht aan de binnenzijde van de carrosseriesteun. 36 37 C34 C493 C59 C449 C447 C494 C34 C60

Nadere informatie

Handleiding Diefstalbeveiligingsinstallatie DWA 6

Handleiding Diefstalbeveiligingsinstallatie DWA 6 Handleiding Diefstalbeveiligingsinstallatie DWA 6 BMW Motorrad The Ultimate Riding Machine Motorfiets-/dealergegevens Motorfietsgegevens Dealergegevens Model Contactpersoon in de werkplaats Framenummer

Nadere informatie

GEBRUIKSAANWIJZING META AUTO-ALARMSYSTEMEN HPB SERIE SCM/TNO GOEDGEKEURD KLASSE 2Z EN 3Z

GEBRUIKSAANWIJZING META AUTO-ALARMSYSTEMEN HPB SERIE SCM/TNO GOEDGEKEURD KLASSE 2Z EN 3Z GEBRUIKSAANWIJZING META AUTO-ALARMSYSTEMEN HPB SERIE SCM/TNO GOEDGEKEURD KLASSE 2Z EN 3Z De HPB voldoet aan de keuringseisen van het SCM (Stichting Certificering Motorrijtuigbeveiliging) ten behoeve van

Nadere informatie

Handleiding van het elektronisch slot DFS SB

Handleiding van het elektronisch slot DFS SB 3 (data-interface) Batterijhouder open Toetsenbord Batterijhouder dicht ALGEMEEN Het slot werkt met een 7-cijferige code of met een woord bestaande uit zeven letters. Elke druk op de knop wordt met een

Nadere informatie

- 0 - INSTALLATIE HANDLEIDING ND 6

- 0 - INSTALLATIE HANDLEIDING ND 6 - 0 - INSTALLATIE HANDLEIDING ND 6 - 1 - INHOUD BLZ. - WERKING 2 - INSCHAKELTIJD 2 - SOORTEN ALARM EN GEHEUGENCAPACITEIT ALARM 3 - COMFORTSLUITINGEN 3 - INSTALLATIE 4 - NOODSLEUTEL 4 - PASSIEVE INSCHAKELING

Nadere informatie

INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR

INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch

Nadere informatie

installatiehandleiding Alarmlicht

installatiehandleiding Alarmlicht installatiehandleiding Alarmlicht INSTALLATIEHANDLEIDING ALARMLICHT Gefeliciteerd met de aankoop van het WoonVeilig alarmlicht. Telefoonnummer WoonVeilig 0900-388 88 88 E-mail WoonVeilig klantenservice@woonveilig.nl

Nadere informatie

INSTALLATIE HANDLEIDING MKR 41

INSTALLATIE HANDLEIDING MKR 41 INSTALLATIE HANDLEIDING MKR 41 MKR41 HI-SEC DEZE KIT BESTAAT UIT: 1. Elektronische module met een startonderbrekingssysteem, knipperlichtsignalering, aansluitingen voor alle typen deurvergrendeling en

Nadere informatie

Productinformatieblad

Productinformatieblad Productinformatieblad Productinformatieblad A. Koelvak 1. Groente- en fruitlade 2. Schappen/Zone voor schappen 3. Led-verlichting 4. Bovenste schap 5. Deurvakken 6. Flessenplank 7. Flessenblokkering (indien

Nadere informatie

Constante motortoerentalbegrenzing

Constante motortoerentalbegrenzing Achtergrondinformatie Achtergrondinformatie Er zijn drie opties voor het activeren van de constante motortoerentalbegrenzing. Als het voertuig is uitgerust met BCI-functionaliteit (Bodywork Communication

Nadere informatie

GT-912/GT-913/GT-914 Inbouwhandleiding

GT-912/GT-913/GT-914 Inbouwhandleiding GT-912/GT-913/GT-914 Inbouwhandleiding Rho-Delta b.v. Escudostraat 2 2991 XV Barendrecht Tel. +031 102927461 Fax. +031 104795755 www.rhodelta.nl info@rhodelta.nl 1.0 - OMSCHRIJVING De GT-912 /GT-913/GT-914

Nadere informatie

Draadloze buitensirene

Draadloze buitensirene Draadloze buitensirene Beschrijving Met de buitensirene (vermogen 104 db op 1 m) kan de aandacht getrokken worden van omstaanders wanneer een alarm afgaat. Dit gebeurt door het activeren van het geïntegreerde

Nadere informatie

GfS Day Alarm. Algemene omschrijving...p. 2. Montage handleiding en functies...p. 3. Instellingen van magneet contacten...p. 4

GfS Day Alarm. Algemene omschrijving...p. 2. Montage handleiding en functies...p. 3. Instellingen van magneet contacten...p. 4 Art.-Nr.: Art.-Nr.: Montage handleiding Inhoud Algemene omschrijving...p. Montage handleiding en functies...p. Instellingen van magneet contacten...p. Aansluiting met draadloos magneet contact...p. Aansluiting

Nadere informatie

CLIFFORD 330X. CAN Bus alarmsysteem. Gebruikershandleiding. 2009 Clifford Electronics Benelux

CLIFFORD 330X. CAN Bus alarmsysteem. Gebruikershandleiding. 2009 Clifford Electronics Benelux CLIFFORD 330X CAN Bus alarmsysteem 2009 Clifford Electronics Benelux Garantie bepaling Clifford Electronics Benelux B.V. zegt aan de originele koper van dit alarmsysteem toe, onder garantie dit alarmsysteem

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding MED 3200 Goedgekeurd alarmsysteem voor voertuigen met originele afstandsbediening Inhoud Voorwoord 3 Aan u wordt verstrekt 3 Systeemeigenschappen 3 Inschakelen alarm 4 Uitschakelen

Nadere informatie

Het instellen van de ControlBox 3.0 moet worden uitgevoerd door gekwalificeerde mensen.

Het instellen van de ControlBox 3.0 moet worden uitgevoerd door gekwalificeerde mensen. Gebruikers handleiding Algemeen De ControlBox 3.0 bedient een standaard High Security Slot (HSS). Er zijn 3 opties om de firmware in te stellen. Zowel het type als de modus moeten worden geselecteerd:

Nadere informatie

Gebruikshandleiding E515

Gebruikshandleiding E515 BINNEN BUITEN blad 1/6 Optioneel: externe codegever inbouwdoos drukknopschakelaar inbouwdoos schakelaar aansluiting voor besturingseenheid voeding: installatie in elektrische schakelkast aanbevolen montagehoogte:

Nadere informatie

TECHNISCHE HANDLEIDING

TECHNISCHE HANDLEIDING TECHNISCHE HANDLEIDING TIMER SCHAKELAAR Sleutelschakelaar met timerfunctie 230/380V / 4 x 10 Amp - 1 x 2 AMP inschakelbaar incl. LED controle, uitvoering opbouw ASW BV 2011 Technische Handleiding Documentversie

Nadere informatie

Multi Level Software Sloten

Multi Level Software Sloten Multi Level Software Sloten EM2050 EM3050 EM3550 Gebruikershandleiding V01 NE M LOCKS BV Vlijtstraat 40 7005 BN Doetinchem Nederland www.m-locks.com 2 www.m-locks.com Multi Level Software Locks V01 NE

Nadere informatie

KIT OVO. De automatisering moet worden onderworpen aan onderhoud op een regelmatige basis om een goede werking te garanderen.

KIT OVO. De automatisering moet worden onderworpen aan onderhoud op een regelmatige basis om een goede werking te garanderen. Onderhoud De automatisering moet worden onderworpen aan onderhoud op een regelmatige basis om een goede werking te garanderen. 01. OVO vergt gepland onderhoud om de 6 maanden of 3000 manoeuvres na eerdere

Nadere informatie

HC883 8-KANAALS ZENDER / ONTVANGER

HC883 8-KANAALS ZENDER / ONTVANGER 1. Inleiding 8-KANAALS ZENDER / ONTVANGER Dank u voor uw aankoop! U heeft geen vergunning nodig voor dit handige toestel. Bovendien kunt u praten met om het even wie en u hoeft ook geen zendtijd te betalen!

Nadere informatie

F I A T 5 0 0 603.83.297 NL S N E L G I D S

F I A T 5 0 0 603.83.297 NL S N E L G I D S F I A T 5 0 0 603.83.297 NL S N E L G I D S Raadpleeg voor een uitvoerige beschrijving en meer informatie, of in noodgevallen, het instructieboek. DASHBOARD 1 Linker hendel: bediening buitenverlichting

Nadere informatie

Elektrische functie printen DIMLICHT

Elektrische functie printen DIMLICHT Elektrische functie printen DIMLICHT DIMLICHT BESCHRIJVING De auto is uitgerust met twee dimlichten in de koplampunits. Het dimlicht wordt ingeschakeld als de stuurkolomschakelaar in de stand na de stand

Nadere informatie

Motor Scooter Alarm Systeem. Installatie handleiding

Motor Scooter Alarm Systeem. Installatie handleiding Motor Scooter Alarm Systeem Installatie handleiding Aansluiten van draden en stekkers Stap 1 Basisunit.Basis unit aansluiten (speaker, sirene, antenne) en tijdelijk een plaats zoeken voor bevestiging (pas

Nadere informatie

VERKORTE GEBRUIKSAANWIJZING TMC 212. Toro Modulaire Controller REGENAUTOMAAT

VERKORTE GEBRUIKSAANWIJZING TMC 212. Toro Modulaire Controller REGENAUTOMAAT VERKORTE GEBRUIKSAANWIJZING TMC 212 Toro Modulaire Controller REGENAUTOMAAT INHOUD Pagina Instellen van tijd en datum. 2. Bekijken of wijzigen beregeningsschema. 3. Bekijken of wijzigen programma starttijden.

Nadere informatie

Met het MKP-300 bediendeel kunt u het MICRA Alarmsysteem bedienen. Deze werkt alleen als de MICRA module in de alarm module mode is ingesteld.

Met het MKP-300 bediendeel kunt u het MICRA Alarmsysteem bedienen. Deze werkt alleen als de MICRA module in de alarm module mode is ingesteld. MKP-300 DRAADLOOS BEDIENDEEL MKP300_NL 03/12 Met het MKP-300 bediendeel kunt u het MICRA Alarmsysteem bedienen. Deze werkt alleen als de MICRA module in de alarm module mode is ingesteld. 1. Eigenschappen

Nadere informatie

HENKELMAN BV. Adres Veemarktkade 8 / D 9 5222 AE s-hertogenbosch Nederland. Postadres Postbus 2117 5202 AE s-hertogenbosch Nederland

HENKELMAN BV. Adres Veemarktkade 8 / D 9 5222 AE s-hertogenbosch Nederland. Postadres Postbus 2117 5202 AE s-hertogenbosch Nederland HANDLEIDING VOOR DE DEALER DIGITAAL BEDIENINGSPANEEL JUMBO-SERIE 0,6 0,4 VACUUM 0,8-1 0 0,2 SEAL HENKELMAN BV Adres Veemarktkade 8 / D 9 5222 AE s-hertogenbosch Nederland Postadres Postbus 2117 5202 AE

Nadere informatie

MK99 NL AUTOMATISCH IN WERKING TREDENDE STARTONDERBREKER MET ELEKTRONISCHE SLEUTEL EN OVERRIDE NOODCODE

MK99 NL AUTOMATISCH IN WERKING TREDENDE STARTONDERBREKER MET ELEKTRONISCHE SLEUTEL EN OVERRIDE NOODCODE MK99 NL AUTOMATISCH IN WERKING TREDENDE STARTONDERBREKER MET ELEKTRONISCHE SLEUTEL EN OVERRIDE NOODCODE Met de startonderbreker MK99 kunnen twee automatisch in werking tredende startonderbrekingen plaatsvinden

Nadere informatie

Sloten en alarmen. Gebruiken van de zender

Sloten en alarmen. Gebruiken van de zender Sloten en alarmen ALARMSYSTEEM* Uw voertuig is voorzien van een uiterst verfijnd elektronisch diefstalalarm en motorimmobilisatiesysteem. Teneinde maximale veiligheid en maximaal bedieningsgemak te garanderen

Nadere informatie

INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR

INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch

Nadere informatie

Gebruikersinstructie Roth Touchline thermostaat

Gebruikersinstructie Roth Touchline thermostaat Gebruikersinstructie Roth Touchline thermostaat Techneco Energiesystemen BV Kleveringweg 9 2616 LZ Delft T. 015 21 91 000 Symbolen Beschrijving Menu selecteren, wisselen bedrijfsmodus Verstellen waarde

Nadere informatie

Gebruikershandleiding SCORPIO Afhankelijk van het abonnement te bereiken via: Vaste telefoon Mobiele telefoon

Gebruikershandleiding SCORPIO Afhankelijk van het abonnement te bereiken via:  Vaste telefoon Mobiele telefoon Gebruikershandleiding SCORPIO Afhankelijk van het abonnement te bereiken via: E-Mail Vaste telefoon Mobiele telefoon Inhoudsopgave : Functie toetsen Opties en functies Het scherm Ontvangen en lezen van

Nadere informatie

Toonaangevend in veiligheid. Detect 3004. De juiste mensen op de juiste plek

Toonaangevend in veiligheid. Detect 3004. De juiste mensen op de juiste plek Toonaangevend in veiligheid Detect 3004 De juiste mensen op de juiste plek BEDIENINGSINSTRUCTIE BRANDMELDCENTRALE SYSTEEM 3000 2.1 Normale bewakingstoestand 2.2 Alarm De groene lampen "netvoeding" en "in

Nadere informatie

Centrale elektrische eenheden

Centrale elektrische eenheden Algemeen Algemeen Er zijn vier centrale elektrische eenheden in het voertuig: Beschrijving Aanduiding Locatie Centrale elektrische eenheid Centrale elektrische eenheid opbouw Centrale elektrische eenheid

Nadere informatie

De GT636 is een afstandsbediend autoalarmsysteem met de volgende mogelijkheden:

De GT636 is een afstandsbediend autoalarmsysteem met de volgende mogelijkheden: INBOUW HANDLEIDING GT636 Hartelijk dank voor het kiezen van een GT product. Onze materialen zijn met uiterste zorg gefabriceerd en getest. Mocht U vragen over onze producten hebben, dan staan onze technische

Nadere informatie

GEBRUIKERSHANDLEIDING

GEBRUIKERSHANDLEIDING GEBRUIKERSHANDLEIDING VLEUGELHEKOPENER De Hekopenerspecialist Byzantium gebouw Stadhouderskade 20 B 1054 ES Amsterdam Telefoon: 020-489.9459 Telefax: 020-612.2581 Technische dienst: 06-46.075.244 info@hekopener.nl

Nadere informatie

INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR. Citroën Distributeur Nieuwe Auto's. - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties. Citroën Erkend Reparateur

INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR. Citroën Distributeur Nieuwe Auto's. - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties. Citroën Erkend Reparateur CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 29 AFTER SALES SERVICE Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager

Nadere informatie

EM8622 Draadloos bedieningspaneel

EM8622 Draadloos bedieningspaneel EM8622 Draadloos bedieningspaneel 2 NEDERLANDS EM8622 - Draadloos bedieningspaneel Inhoudsopgave 1.0 Introductie... 3 1.1 Inhoud van de verpakking... 3 1.2 Voorkant bedieningspaneel... 3 1.3 Binnenkant

Nadere informatie

AC-239-2 ZONE ALARMCONTROLLER MET DEURBEL HANDLEIDING

AC-239-2 ZONE ALARMCONTROLLER MET DEURBEL HANDLEIDING AC-239-2 ZONE ALARMCONTROLLER MET DEURBEL HANDLEIDING Handleiding AC-239 1. Beschrijving Uw AC-239 is een economische en veelzijdige alarmcontroller uitgerust met twee beveiligingszones en ingebouwde deurbel.

Nadere informatie

Verkorte handleiding S4 Combo Secual / S4 Combo Vid Secual

Verkorte handleiding S4 Combo Secual / S4 Combo Vid Secual Verkorte handleiding S4 Combo Secual / S4 Combo Vid Secual www.etiger.com NL 1 Vaste telefoonlijn of SIM-kaart? Hoe wilt u communiceren met het bedieningspaneel? - Een vaste telefoonlijn maakt standaard

Nadere informatie