Succesvol Tijdelijk Anders Bestemmen voor hernieuwbare energie. Handreiking aan Gelderse gemeenten

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Succesvol Tijdelijk Anders Bestemmen voor hernieuwbare energie. Handreiking aan Gelderse gemeenten"

Transcriptie

1 Succesvol Tijdelijk Anders Bestemmen voor hernieuwbare energie Handreiking aan Gelderse gemeenten

2 Managementsamenvatting Waarom deze handreiking? Bijna iedere gemeente heeft ermee te maken: stukken grond waar voorziene ontwikkelingen uitblijven en het wellicht mogelijk is deze - al dan niet tijdelijk - in te zetten voor de productie van hernieuwbare energie. Veel van deze gemeenten geven aan behoefte te hebben aan een scherper beeld van de duurzame opties enerzijds en de financiële, juridische en organisatorische implicaties hiervan anderzijds. Om die reden is deze handreiking opgesteld. Wat wijst de praktijk uit? Aangetoond is dat onder voorwaarden renderende hernieuwbare-energie-projecten te realiseren zijn op braakliggende gronden (ook wel TAB-gronden genoemd: Tijdelijk Anders Bestemmen). Van belang hierbij is het inzicht dat de duurzame opties in het huidige politieke, fiscale en economische klimaat geen hoog financieel rendement opleveren; niet voor de risicodragende ontwikkelaar en veelal ook niet voor de (publieke) grondeigenaar (zeker niet in het geval van zon en biomassa). Voor de gemeente dienen duurzameenergie-projecten op braakliggende terreinen dan ook vooral maatschappelijke doelen: CO₂uitstootreductie, lokale werkgelegenheid en participatie door omwonenden zijn voorbeelden van uitkomsten met een andere waarde dan een puur financiële. Wind, zon of biomassateelt? Deze drie concepten zijn zeer verschillend en er zijn veel locatiespecifieke factoren die van invloed zijn op de exacte haalbaarheid en wenselijkheid. In het algemeen geldt echter: wind levert qua duurzame energie en financiën het meeste op; zon is ruimtelijk eenvoudiger in te passen en biedt uitstekende participatiemogelijkheden; biomassateelt is flexibel in te zetten, maar levert lang niet altijd een aantoonbare bijdrage aan lokale DE-doelstellingen. Tijdelijkheid is een relatief begrip: voor rendabele exploitatie kan voor bioteelt soms minder dan vijf jaar volstaan; voor wind en zon is respectievelijk 15 en 25 nodig. Voor wind en zon betekent dit dat doorgaans altijd een wijziging van het bestemmingsplan nodig is. Via privaatrechtelijke overeenkomsten en wijzigingsbevoegdheden kan de tijdelijke aard van initiatieven alsnog worden geborgd. 2

3 Hoe kunnen gemeenten projecten faciliteren? Om daadwerkelijk projecten te komen, is het voor gemeenten zaak op ambtelijk en bestuurlijk niveau realistische randvoorwaarden te stellen. Van belang daarbij is het inzicht dat ontwikkelaars te maken hebben met aanzienlijke aanloopkosten, onzekere ontwikkeltrajecten en dunne exploitatiemarges. Actieve ondersteuning bieden gedurende het ontwikkeltraject is dan ook een gewenste rol van de gemeente, bijvoorbeeld bij ruimtelijke procedures en vergunningprocedures. Voor de gemeente vraagt het bovengenoemde spanningsveld een proactieve aanpak: de rol van de andere overheid is hier van toepassing. De klassieke gedachte dat de gemeente kaders vaststelt en dat de markt het daarna wel oppikt, gaat in het geval van hernieuwbare energie meestal niet op. Ad-hockeuzes of strategisch beleid? Gemeenten kunnen (eenvoudigweg) per braakliggende locatie de afweging maken of zon, wind of bioteelt haalbare en wenselijke opties zijn. Wenselijker is het om op strategischer niveau structureel ruimte vrij te maken voor duurzame energie en vast te stellen waar wind, zon, en biomassateelt een plek kunnen krijgen. In een duurzaamheidsstructuurvisie kunnen inzichten uit de werelden van de ruimtelijke ordening en hernieuwbare energie in dat kader op een eigentijdse wijze samenkomen. Executive Summary Why this practical guide? Many Dutch municipalities face undeveloped land areas, where the realization of housing or business projects are delayed. These municipalities recognize a window of opportunity for temporary renewable energy production on available sites. However, there is a need among local governments for profound insights into the characteristics of the different energy options and their financial, legal and organizational implications. This guide provides such knowledge and could thus be used by municipalities and other stakeholders in their decision making processes. What does practice show? Given the actual Dutch political, fiscal and economic climate, the profitability of wind, solar and biomass projects often turns out to be low. The project developer as well as the (governmental) landowner should not expect great financial benefits. Nonetheless, under certain conditions viable renewable energy projects can find their way to the practice. All in all, wind, solar and biomass initiatives predominantly result in a social return on investment rather than a mere financial return, in terms of carbon emission reduction, stimulation of local employment and chances for participation by the local community. 3

4 Wind energy, solar energy or biomass production? Wind, solar and biomass are poles apart in many perspectives. Moreover, numerous location specific factors influence the feasibility and desirability of concrete initiatives. In general however, the following specifics apply: Wind projects yield the largest amount of green energy and could result in the most significant financial benefits; Solar projects offer excellent participation opportunities while their presence in the landscape is often considered less problematic; Biomass cultivation results in the largest flexibility, but its contribution to local energy transition goals is often difficult to define. Common business plans presume time horizons of 15 years (wind), 25 years (solar) and 5-10 years (biomass). As the time frame of Dutch land use plans is ten years, this implies that for solar and wind projects a change of the actual land use plan is required. Via contracts under private law governments could still assure the temporal aspect of such renewable energy initiatives. What can municipalities do to facilitate concrete projects? Establishing realistic boundary conditions for project developers is crucial for any renewable energy initiative on available sites. In that context, the insight that developers have to deal with large initial costs, uncertainties during the development processes and thin margins, is relevant. Offering active support in a joint development process, for example in relation to spatial planning and permit procedures, can make a big difference. Renewable energy does not call for a traditional government that implements policy in a top down manner while expecting private developers to make use of it. Ad hoc assessments or strategic policies? Municipalities could (simply) assess individual undeveloped lands for their suitability concerning wind, solar or biomass initiatives. A more desirable way is to structurally plan space for the application of renewable energy techniques; to know in advance where wind, solar and biomass initiatives are welcome and where they are not. In spite of everything, renewable energy deserves more than locations that are (only) temporarily available. 4

5 Voorwoord De provincie Gelderland, regio s en gemeenten streven naar een betrouwbare, betaalbare en duurzame energievoorziening, opgewekt uit zon, wind, biomassa, aardwarmte en waterkracht. Fossiele energie komt uit de diepte. Duurzame energie moet uit de oppervlakte komen. Voor de transitie naar een duurzame energievoorziening is daarom veel ruimte nodig. De uitdaging is duurzame energie een plek te geven met behoud of zelfs toevoeging van ruimtelijke kwaliteit. De overheid heeft veel grond in haar bezit. Zeker nu veel uitbreidingsplannen voor woningbouw en bedrijventerreinen stagneren, dringt zich de vraag op of en hoe deze gronden tijdelijk of langer kunnen worden ingezet voor de opwekking van duurzame energie. Onder welke voorwaarden is het mogelijk tot een rendabele businesscase te komen voor energieproductie op overheidsgronden? Hoeveel tijd en ruimte is hiervoor nodig? In een gezamenlijk proces met gemeenten en provincie is bestaande kennis gebundeld, is procesbegeleiding geboden aan vier Gelderse gemeenten en zijn generieke lessen getrokken, onder meer uit indicatieve business cases. De resultaten vindt u in de voorliggende handreiking. Ik hoop dat deze handreiking u inzicht geeft in de mogelijkheden en helpt bij uw besluitvorming over de inzet van overheidsgronden voor duurzame energie. Op naar een energieneutraal Gelderland! Annemieke Traag Gedeputeerde provincie Gelderland 5

6 Inhoudsopgave Managementsamenvatting Executive summary Voorwoord Definities Inleiding Tijdelijk Anders Bestemmen? Deel 1: wat is mogelijk? Deel 2: wat wil je? Conclusies Veelgestelde vragen Bijlage 1: de Postcoderoosregeling uit het SER-Energieakkoord Bijlage 2: kosten voor de bouw en het instandhouden van een elektriciteitsaansluiting

7 Definities Biomassateelt Grondgebonden zonne-energie-installatie Omvormer Postcoderoos (Zon-)PV-paneel TAB-grond De doelbewuste teelt van vlas, miscanthus, vezelhennep, wilgen en/of koolzaad, teneinde de gewassen direct op hoogwaardige wijze in de procesindustrie in te zetten, zonder dat conversie in gas, warmte of stroom hoeft plaats te vinden via verbranding, vergisting, vergassing of anderszins. Zonnepanelen met alle toebehoren die in veldopstelling stroom produceren en deze via een nieuw te bouwen aansluiting rechtstreeks invoeden op het publieke elektriciteitsnet. Ook wel zonneweide, zonneveld of zonnepark genoemd. Omvormers transformeren de opgewekte gelijkspanning uit PV-panelen in wisselspanning en maken de elektriciteit zodoende geschikt voor invoeding op het net of directe consumptie. Het areaal dat bestaat uit het viercijferig postcodegebied waarin zich het productiemiddel van hernieuwbare energie bevindt én de direct aangrenzende viercijferige postcodegebieden. Een zonnepaneel of PV-paneel (naar het Engelse Photovoltaics ) bestaat uit meerdere geschakelde zonnecellen die zonlicht omzetten in elektriciteit. Zonnepanelen zijn er in verschillende soorten en maten; de meeste varianten hebben een oppervlakte van ongeveer 1,65 m² en wegen circa 20 kg. Plek waar ontwikkelingen qua woningbouw of bedrijvigheid uitblijven en die derhalve - al dan niet tijdelijk - in theorie geschikt zijn als locatie voor de productie van hernieuwbare energie. 7

8 Inleiding Bijna alle gemeenten in Gelderland en daarbuiten zijn bekend met het verschijnsel: braakliggende terreinen waar voorziene ontwikkelingen qua woningbouw dan wel bedrijvigheid niet of nauwelijks van de grond komen. De lokale overheid ervaart vooral de (rente)lasten van deze situatie, terwijl enige economische en/of maatschappelijke baten uitblijven. Gelukkig zijn er diverse mogelijkheden om, in afwachting van de genoemde ontwikkelingen, andere functies hier ruimte en tijd te gunnen. Recreatie, studentenhuisvesting, natuur, cultuur, water: dit is slechts een greep uit de denkbare mogelijkheden. Ook hernieuwbare energie kan een zinvolle vorm van tijdelijke ruimtebenutting zijn, gegeven alle lokale, regionale en (inter) nationale duurzaamheidsdoelstellingen. Wat in de praktijk blijkt, is dat veel gemeenten behoefte hebben aan een scherper beeld van het pallet aan duurzame opties enerzijds en de financiële, juridische en organisatorische implicaties hiervan anderzijds. Deze handreiking is bedoeld om gemeenten deze inzichten te bieden. Hierbij maken we onderscheid tussen drie hernieuwbare-energie-technieken die een plek kunnen vinden op TAB-gronden: zonneenergie, windenergie en biomassateelt. Daarbij is onder meer geput uit de concrete lessen die case studies in de gemeenten Apeldoorn, Bronckhorst, Geldermalsen en Nijkerk hebben opgeleverd. Deze handreiking bestaat uit drie delen. In deel 1 komt de feitelijke kennis naar voren omtrent de toepassingsmogelijkheden van (tijdelijke) duurzame opties: wat is mogelijk onder welke voorwaarden? Vervolgens ligt de nadruk op een afwegingskader voor wat betreft de wenselijkheid van de haalbare opties: wat zou je als gemeente willen en waarom? Ten slotte verschuift het accent in deel 3 naar het handelingsperspectief: stel een concrete duurzame optie is zowel haalbaar als wenselijk op een TAB-grond, hoe ziet dan het traject eruit dat leidt tot daadwerkelijke productie van hernieuwbare energie? Anders gezegd: voor gemeenten weerspiegelt deze handreiking het pad dat zij in de praktijk moeten doorlopen om te komen tot een project: van kennis, via keuzes, naar acties. Voorafgaand hieraan duiden we het onderwerp Tijdelijk Anders Bestemmen bondig vanuit een ruimtelijk-planologisch perspectief. Eén van de belangrijkste conclusies hier luidt dat de T in de afkorting TAB geen stabiele factor is: in de praktijk gaat het al snel om Anders Bestemmen, wanneer hernieuwbare energie het doel is. Net zoals flexibel omgaan met ruimte hier het onderwerp van studie is, blijkt ook de aanduiding ervan veranderlijk. 8

9 Tijdelijk Anders Bestemmen? Het concept Tijdelijk Anders Bestemmen (hierna: TAB) stoelt op de gedachte dat initiatiefnemers van een project tijdelijk van een vigerende bestemming kunnen afwijken, om vlot in te spelen op actuele ontwikkelingen. Het huidige Besluit Omgevingsrecht (BOR) voorziet al in de mogelijkheid af te wijken van een huidige bestemming, zij het nu nog voor een periode van ten hoogste vijf jaar. Ontheffing van vigerende bestemmingsplannen Zonder hier al op business-case-niveau de (financiële) haalbaarheid van hernieuwbareenergie-opties vast te stellen, kunnen we concluderen dat de huidige BOR niet het instrument is dat realisatie van duurzame initiatieven op TAB-gronden vereenvoudigt. Immers: om zonneweides en windprojecten rendabel op te kunnen tuigen, zijn in de regel exploitatieperiodes nodig die de tijdsspanne van een vigerend bestemmingsplan (maximaal 10 jaar) ruimschoots overschrijden. Voor wind is een termijn van circa vijftien jaar redelijk en als het gaat om grondgebonden zonne-energie zal geen enkele exploitant genoegen nemen met een periode van minder dan vijfentwintig jaar. Hierbij is rekening gehouden met een pachtvergoeding, afhankelijk van de ruimte die de business case hiervoor biedt is deze hoog (wind), beperkt (zon) of zeer beperkt (biomassa). In 2013 zou de permanente Crisis- en herstelwet (Chw) de mogelijkheden enigszins verruimen, door de BOR-termijn voor een tijdelijke bestemmingsplanontheffing te verruimen naar tien jaar. Hoewel de permanente Chw intussen is aangenomen, ontbreekt hierin de wijziging van de termijn die geldt voor de tijdelijke ontheffing van een vigirende bestemming. Het is evenwel de algemene verwachting dat de nieuwe Omgevingswet, waarin de Chw uiteindelijk zal opgaan, wél de termijn van tien jaar koppelt aan de tijdelijke ontheffing van bestemmingen. De nieuwe Omgevingswet krijgt momenteel vorm, maar doet naar verwachting pas in 2016 haar intrede. Toch is eigenlijk al duidelijk dat deze maatregel weinig zoden aan de dijk zal zetten, gegeven de genoemde exploitatietermijnen van grondgebonden zon- en windinitiatieven. Biomassa Voor teelt van biomassa kan de genoemde oprekking van de ontheffingstermijn in beginsel wél uitkomst bieden. Immers: projecten op biomassateeltgebied kunnen doorgaans wel hun rendabiliteit bewijzen binnen de tienjaarshorizon van een bestemmingsplan. Echter: op basis van het overgangsrecht is in de regel helemaal geen ontheffing van het bestemmingsplan nodig voor biomassateeltprojecten, aangezien het veelal gaat om locaties met een (voormalige) agrarische bestemming. Toch tijdelijkheid Een praktijkoplossing voor zon en wind komt al met al snel neer op AB (anders bestemmen), terwijl biomassateeltprojecten gewoonlijk 9

10 helemaal zonder planologische interventie kunnen starten. Maar: bestuurders vinden het vaak toch prettig om op enige wijze te borgen dat een zonneveld na verloop van tijd - al gaat het om een periode van vijftien tot vijfentwintig jaar - verdwijnt en weer plaats maakt voor de originele bestemming: woningen en/of bedrijven. Het is mogelijk gehoor te geven aan deze wens. Een privaatrechtelijke overeenkomst is het middel hiertoe. Een gemeente kan betrekkelijk eenvoudig afspraken maken met exploitanten over de maximale duur van de beschikbaarheid van de gronden. Uiteraard leiden dergelijke privaatrechtelijke overeenkomsten wel tot werkzaamheden op het gebied van handhaving. Een gemeente die veel waarde hecht aan het verweven van het tijdelijke element in de planvorming, zal dit echter gauw voor lief nemen. Einde van het bestemmen voor de eeuwigheid De inzichten rond de tijdelijkheid van hernieuwbare-energie-opties op braakliggende gronden tornen aan de van oudsher geldende opvatting dat we voor de eeuwigheid bestemmen. Steeds vaker ervaren gemeenten en andere stakeholders de wens flexibel(er) met ruimte om te gaan. Het achterblijven van ontwikkelingen qua woningbouw en bedrijvigheid ten gevolge van de crisis, is slechts één van de redenen hiervoor. TAB staat welbeschouwd symbool voor een transitie in het Nederlandse beleid op het gebied van ruimtelijke ordening: wat gemeenten vastleggen in bestemmingsplannen, heeft niet langer eeuwigheidswaarde. We maken al met al een ruimtelijke transitie door: van beheersing, duidelijkheid en harde waarheden in bestemmingsplannen naar een fuzzy realiteit waarin wettelijke kaders geïnterpreteerd worden en mogelijkheden ontstaan door ontwikkelingen tijdelijk in te bedden. Dat tijdelijkheid hier een relatief begrip is, moge intussen duidelijk zijn. Figuur 1 geeft de belangrijkste conclusies van dit hoofdstuk schematisch weer: een ontheffing van een actuele bestemming blijkt in de praktijk niet het middel om de weg vrij te maken voor (tijdelijke) hernieuwbare energie op TABgronden. Als het gaat om zon of wind, dan is een bestemmingsplanwijziging te allen tijde nodig, terwijl een privaatrechtelijke overeenkomst desgewenst alsnog een tijdelijk element aan een initiatief kan koppelen. Biomassateelt kan daarnaast vaak zonder wijziging van een bestemming plaatsvinden, op basis van het overgangsrecht. Afstel: AB Uitstel: TAB bio Agrarische grond (i.c.m. overgangsrecht): BOR niet nodig wind BP-wijziging i.c.m. privaatrechtelijke overeenkomst zon-pv grond Nieuwe omgevingswet Huidige BOR BP-wijziging i.c.m. privaatrechtelijke overeenkomst Figuur 1: in de praktijk blijkt tijdelijk anders bestemmen vaak geen doelmatige oplossing. 10

11 Deel 1: wat is mogelijk? Grondgebonden zonne-energie, windenergie en biomassateelt zijn drie technieken waarmee initiatiefnemers duurzaamheidsbaten kunnen realiseren op een TAB-grond. Of een techniek daadwerkelijk toepasbaar is op een locatie, is vooraf vaak de hamvraag. In dit hoofdstuk komt per techniek aan de orde wat de randvoorwaarden en voornaamste kenmerken zijn, zodat gemeenten de afweging op hoofdlijnen kunnen maken of grondgebonden zonne-energie een reële optie is op de al dan niet tijdelijk beschikbare locaties. 1.1 Grondgebonden zonne-energie Een grondgebonden zonne-energie-systeem bestaat uit zonnepanelen, omvormers en toebehoren. In tegenstelling tot gebouwgebonden installaties wordt de geproduceerde elektriciteit direct op het publieke net afgezet. Dat is precies de reden dat de economische haalbaarheid van zonneweides tot op heden zeer beperkt is geweest; de waarde van een kwh is in dit geval circa 0,055. Een kwh die kan worden weggestreept tegen afname van het net, kan een veelvoud hiervan waard zijn (ten hoogste 0,23) doordat gebruikers van de elektriciteit naast de kale stroomprijs ook energiebelasting en BTW uitsparen. Uit figuur 2 blijkt dat met name de energiebelasting in Nederland van grote invloed is op de verrekenprijs van een kwh uit een zonnepaneel. De figuur laat tevens zien dat de energiebelasting afneemt naarmate het verbruik op een locatie toeneemt. Prijs per kwh 0,25 0,20 0,15 0,10 0,05 0, Jaarverbruik in kwh Figuur 2: de invloed van de energiebelasting op de verrekenprijs. Techniek Vanuit technisch oogpunt bekeken, bestaan diverse randvoorwaarden voor de toepassing van grondgebonden zonne-energie. Deze staan hieronder opgesomd. Het areaal in kwestie moet aaneengesloten zijn en de mogelijkheid bieden tot volledig schaduwvrije plaatsing van zonnepanelen met een oriëntatie tussen het zuidoosten en zuidwesten, zodat de exploitant zich van een optimale stroomopbrengst verzekert. Figuur 3 laat kenmerken van zonneparken van diverse oppervlaktes zien. Op het terrein moeten mogelijkheden bestaan tot het funderen van de panelen. Dit gebeurt in de regel via een hei- of schroefmethode, waarbij staanders tot circa anderhalve meter diep in de grond terechtkomen. Alternatief is een systeem waarbij gebruik van ballast de fundatiewijze is. Aanleg van betonstroken op de locatie is dan wel noodzakelijk. BTW Energiebelasting Levering 11 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

12 1 hectare 462 kwp 21 omvormers kwh 119 huishoudens hectare kwp 275 omvormers kwh huishoudens 25 hectare kwp 705 omvormers kwh huishoudens Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk? 5 hectare kwp 133 omvormers kwh 755 huishoudens Figuur 3: kenmerken van zonneparken van diverse oppervlaktes.

13 Het systeem dient inpasbaar te zijn op de bestaande LS- of MSelektriciteitsinfrastructuur (laagspanning of middenspanning). De netbeheerder heeft in principe de plicht elke partij die om een aansluiting verzoekt, aan te sluiten op haar netten. Een technische horde zal de netinpassing dus niet snel opleveren. Uit de bevindingen bij economie blijkt dat de wijze van netaansluiting voor het financiële plaatje wel een cruciale variabele is. Economie De business case van een grondgebonden zonne-energie kan, gegeven de geldende regelingen in 2014, onder voorwaarden een positief projectrendement vertonen, hoewel een zonnepark absoluut geen kip met de gouden eieren is. Hieronder volgen enkele inzichten in dat kader. Voor een haalbaar zonnepark is onder de huidige financiële en fiscale condities zeker een subsidie of belastingkorting nodig, net als een exploitatietermijn van 25 jaar. Tijdens de exploitatie worden enkel inkomsten verworven uit de stroomverkoop. Bijkomende voordeel is de energiebelastingkorting van de coöperatieleden. De duur van de bovengenoemde energiebelastingkorting (10-25 jaar) is de meest gevoelige parameter uit de business case. De prijsfluctuatie van elektriciteit, de hardwarekosten en de pachtprijs van de grondeigenaar zijn andere variabelen die veel invloed hebben op het projectrendement; 13 Deel 1: wat is mogelijk? Deel 2: wat wil je? Coöperatieve exploitatie via de regeling uit het Energieakkoord is anno 2014 de meest voor de hand liggende wijze van financiële structuratie, gezien de energiebelastingkorting van 7,5 cent per kwh exclusief BTW, waar afnemers uit de postcoderoos van kunnen profiteren. Een SDE+-subsidie in de 11- of 13-centstranche is een alternatief, maar wel een onzekere optie gezien de beschikbaarheid van deze exploitatiesubsidie. Figuur 4: zonnepark.

14 Zonneparken kunnen al rendabel zijn vanaf een relatief kleine schaal: één à twee hectare kan voldoende zijn. Schaalvoordelen zijn er qua inkoop van de systeemcomponenten (zie figuur 5), maar de relatieve kosten die te maken hebben met het bouwen en instand houden van de nieuwe elektriciteitsaansluiting kunnen juist oplopen naarmate de omvang van de locatie toeneemt; zie bijlage 1 voor het inzicht in deze parameters. Een park van circa vier hectare met een zonne-energie-vermogen van 2,25 MW levert economisch het optimale resultaat op, zoals figuur 6 bewijst. Rendementen voor coöperatieleden variëren al met al tussen de 0,3% en 3,4%, uitgaande van tienjarige beschikbaarheid van de energiebelastingkorting. Figuur 7 laat de kasstroom zien van een optimaal project. Te zien is dat het grootste financiële gewin in de eerste 10 jaar wordt gehaald, maar dat een langere exploitatieperiode noodzakelijk is voor een positieve uitkomst. Het rendement voor de coöperatieleden kan oplopen tot maximaal 6% bij vijftienjarige energiebelastingkorting, zoals figuur 6 laat zien. Kortom: een grondgebonden PV-systeem kan rendabel zijn, maar gegeven de rendementen is het economische gewin niet groot. Investeringskosten in / Wp (richtprijs) 1,15 1,10 1,05 1,00 0,95 0, Beschikbare oppervlakte in hectare Figuur 5: schaalvoordelen qua inkoop van de systeemcomponenten. Projectrendement leden coöperatie 7,0% 6,0% 5,0% 4,0% 3,0% 2,0% 1,0% 0,0% 1 1,5 2 2,5 3 3,5 4 4,5 5 Beschikbare oppervlakte in hectare 10-jarige korting 12-jarige korting 15-jarige korting Figuur 6: rendementen bij verschillende duur van de energiebelastingkorting. Cumulatieve kasstroom (x euro) Tijd (jaren) Figuur 7: kasstroom van een zonne-energie-project met een vermogen van 2,25 MW. 14 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

15 Het uitgangspunt is dat de grondeigenaar (vaak de gemeente) een jaarlijkse pacht van per hectare tegemoet kan zien. Ook voor een gemeente staan dus beperkte financiële baten tegenover grondgebonden zonne-energie. Sterker nog: om een project net het laatste benodigde zetje in de rug te geven, is het denkbaar dat gemeenten zelfs helemaal afzien van pacht. Dit levert een gemiddeld project circa 0,3% tot 0,5% extra rendement op. Andersom geldt: een hogere pacht leidt in alle gevallen tot significant lagere rendementen. Vermeden beheer- en onderhoudskosten kunnen daarbij worden beschouwd als baten voor de gemeente. Juridisch-planologisch Wanneer een zonnepark zowel technisch als economisch haalbaar blijkt, kan het juridischplanologische traject rond de planvorming starten. De onderstaande feiten zijn in dat licht van belang. Gegeven de inzichten uit het vorige hoofdstuk (TAB of AB?) gaan we voor een zonnepark uit van een wijziging van de vigirende bestemming in productie van hernieuwbare energie of een soortgelijke betiteling. Een uitspraak van de Raad van State van maart 2014 wijst er evenwel op dat een zonneveld als verstedelijking wordt aangemerkt. Dit bemoeilijkt de planvorming van zonneparken in landelijke gebieden. Deze bestemmingsplanwijziging is niet de enige juridisch-planologische randvoorwaarde: voor de bouw van de zonne-energieinstallatie moet de initiatiefnemer ook een omgevingsvergunning bemachtigen. In het kader van de bestemmingsplanwijziging zal ten minste indicatief onderzoek verricht moeten worden naar de aanwezige flora en fauna en de invloed op de waterhuishouding. Daarnaast is het in sommige gevallen nodig onderzoek te doen naar bodemverontreinigingen en archeologische waarden op de locatie in kwestie. Duitse studies tonen aan dat hinder door spiegeling en/of flikkering geen kritisch aspect is dat de planvorming voor of locatiekeuze van een zonneweide zal beïnvloeden. De procedures omtrent bestemmingsplanwijziging, omgevingsvergunning en eventuele benodigde onderzoeken beïnvloeden stuk voor stuk de planning behorende bij een initiatief voor een zonnepark. Uit figuur 8 blijkt in dat kader dat initiatiefnemers al gauw rekening moeten houden met een doorlooptijd van een jaar voordat de realisatiefase daadwerkelijk kan aanvangen. Het absolute minimum is een periode van circa veertig weken. 15 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

16 Doorlooptijd bestemmingsplan en omgevingsvergunning Mogelijke onderzoeken Watertoets Ecologisch onderzoek Archeologisch onderzoek Bodemonderzoek Jan Feb Maa Apr Mei Jun Jul Aug Sep Okt Nov Dec 16 Bestemmingsplan (BP) Offerte aanvragen opstellen BP Opdracht verlenen Opstellen BP door bureau Voorontwerp uitzetten gemeente Aanpassing voorontwerp (eventueel) Deel 1: wat is mogelijk? Vooroverleg extern * Inspraakronde (optioneel) Opstellen definitief ontwerp Besluit college B&W terinzagelegging Publicatie terinzagelegging ontwerp BP Ontwerp BP ligt ter inzage ** BP naar college B&W Deel 2: wat wil je? Vaststelling BP Bekendmaking vaststelling Vastgesteld BP ligt ter inzage ** Plan in werking Omgevingsvergunning Procedure omgevingsvergunning ** * niet voor alle plannen is extern vooroverleg nodig ** exclusief eventuele bezwaarprocedures Figuur 8: doorlooptijd bestemmingsplanwijziging en omgevingsvergunning

17 Organisatie Ten slotte: de vertaalslag van een op papier haalbaar initiatief naar een daadwerkelijk gerealiseerd zonnepark vindt plaats indien een pasklaar antwoord op organisatorische drempels voorhanden is. Drie belangrijkste aandachtspunten zijn: De toegankelijkheid van de productielocatie is bij voorkeur laag, omwille van risicobeperking ten aanzien van diefstal en/of vandalisme. Mensen die de locatie betreden en panelen wegnemen, van een afstand bakstenen gooien of op andere wijze vernielingen aanrichten: dit zijn slechts enkele voorbeelden van scenario s die zoveel als mogelijk voorkomen dienen te worden. In Nederland zijn meerdere gevallen van panelendiefstal bekend en in Duitsland, waar veel meer zonneparken zijn gerealiseerd dan in Nederland, is zelfs een online database ontwikkeld waarin gestolen PV-modules worden geregistreerd. Dat vernieling en diefstal van zonnepanelen een thema is dat aandacht behoeft, bewijzen de figuren 9 & 10. Figuur 11: een voorbeeld van een postcoderoos In de realisatiefase dient de toegang tot het park juist wel goed te zijn, met het oog op de aanvoer van materialen, dienstverlening op het gebied van netinpassing et cetera. Het vinden en binden van voldoende particuliere afnemers uit de postcoderoos (zie figuur 11) is de laatste organisatorische uitdaging voor het welslagen van een grondgebonden zonne-energie-installatie. Dat dit een absolute randvoorwaarde betreft, is reeds gebleken uit de economische inzichten. De particulieren verenigen zich in een coöperatie, die investeert en de rol exploitant op zich neemt (zie bijlage 2 voor details). In het merendeel van de Nederlandse postcoderozen zijn tussen de en huishoudens gesitueerd; zie figuur 9 voor een impressie. 17 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk? Figuur 9: diefstal van zonnepanelen (bron: Polder PV); Figuur 10: vandalisme

18 Uit organisatorisch oogpunt bekeken geldt feitelijk: hoe kleiner de zonneweide, des te eenvoudiger de opgave om de geproduceerde stroom binnen de postcoderoos af te zetten. Wanneer meer dan 5% van de aanwezige particuliere kleinverbruikers uit de postcoderoos tot deelname moet overgaan om alle stroom af te kunnen zetten, is de uitdaging waarschijnlijk te groot. Een kleiner park biedt dan wellicht uitkomst. Van belang daarbij is dat deelnemers waarschijnlijk niet voor hun volledige jaarverbruik (gemiddeld kwh) in een zonneweide zullen participeren, maar slechts voor een equivalent van zes panelen (1.350 kwh). Uit figuur 13 en 14 is af te leiden hoe de omvang van een zonnepark zich verhoudt tot de opgave om particuliere kleinverbruikers uit de postcoderoos aan het project te verbinden. Figuur 12: zonnepark 120% 100% 80% 60% 40% 20% 0% 1 1,5 2 2,5 3 3,5 4 4, Hectare Figuur 13: benodigd percentage afnemers bij een postcoderoos van kleinverbruikers. Percentage 18 Deel 1: wat is mogelijk? Deel 2: wat wil je? Oppervlakte (ha) Vermogen (Wp) Productie (kwh/jr) Equivalenten (hh) Aantal hh bij 6 panelen per hh PR PR PR PR PR PR PR ,2% 3,1% 2,1% 1,5% 1,0% 0,8% 0,6% 1, ,0% 5,0% 3,3% 2,5% 1,7% 1,3% 1,0% ,3% 6,7% 4,4% 3,3% 2,2% 1,7% 1,3% 2, ,7% 8,3% 5,6% 4,2% 2,8% 2,1% 1,7% ,3% 10,7% 7,1% 5,3% 3,6% 2,7% 2,1% 3, ,3% 12,7% 8,4% 6,3% 4,2% 3,2% 2,5% ,0% 15,0% 10,0% 7,5% 5,0% 3,8% 3,0% 4, ,7% 17,3% 11,6% 8,7% 5,8% 4,3% 3,5% ,2% 19,6% 13,1% 9,8% 6,5% 4,9% 3,9% ,80% 40,4% 26,9% 20,2% 13,5% 10,1% 8,1% ,9% 103,5% 69,0% 51,7% 34,5% 25,9% 20,7% Figuur 14: de uitdaging om genoeg afnemers in de postcoderoos te vinden is groter naarmate het zonnepark in opppervlakte toeneemt

19 Conclusies In deze paragraaf zijn de technische, economische, juridisch-planologische en organisatorische parameters behandeld die van invloed zijn op de haalbaarheid van grondgebonden zonne-energieinstallaties op TAB-gronden. Aangetoond is dat een zonneweide onder optimale voorwaarden tot een rendabele exploitatie kan leiden, waarbij altijd het uitgangspunt is dat de zonneweide minimaal 25 exploitatiejaren draait. Een economisch optimum wordt bereikt bij een park van circa vier hectare (2,25 MW vermogen), zolang de postcoderoos gunstig is en dus veel huishoudens herbergt. Minder stroom opwekken is mogelijk, maar het is dan onzeker of voldoende rendement voor participanten overblijft. Met andere woorden: De financiële vooruitzichten zijn evenwel noch voor de gemeente, noch voor investeerders uit de postcoderoos dusdanig dat we een zonneweide als kip met de gouden eieren kunnen beschouwen. Het maatschappelijke rendement van een dergelijk initiatief overtreft al gauw het financiële rendement ervan. Omwonenden van het park hebben de kans via een coöperatie direct en in gezamenlijkheid betrokken te raken bij de totstandkoming van een duurzame energiehuishouding. In de bouw- en exploitatiefase kunnen lokale partijen een bijdrage leveren. Dit sluit aan op de landelijke trend dat burgers steeds meer zeggenschap willen over hun energievoorziening: zij hechten in toenemende mate waarde aan de aard en herkomst van de energie die zij consumeren. Zij accepteren niet langer dat grote energiebedrijven geld verdienen aan huishoudens, waarbij winsten vaak wegvloeien naar buitenlandse partijen. Een zonneweide - op een TAB-grond of elders - is voor een gemeente dan ook eerder een middel waarmee zij invulling kan geven aan de lokale, regionale of (inter) nationale klimaatdoelstellingen, dan een middel om (tijdelijk) significante inkomsten uit verlieslatende gronden te realiseren. In een kleine gemeente (qua inwoners) kan een haalbare zonneweide een paar procent van de lokale stroomvraag duurzaam beantwoorden. In een gemeente met een bovengemiddeld aantal inwoners is de relatieve bijdrage aan de energietransitie aanmerkelijk kleiner. Met het oog op benodigde voorstudies, de bestemmingsplanwijziging en de verlening van de omgevingsvergunning hebben initiatiefnemers al gauw te maken met een doorlooptijd van een jaar voordat de bouw kan aanvangen. Deze periode kan benut worden voor het werven van participanten. 19 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

20 Met het oog op diefstal- en vandalismepreventie is aandacht voor beveiliging van cruciaal belang bij de totstandkoming van een zonnepark: hekwerk en natuurlijke begrenzingen/afsluitingen (meidoornen, sloten et cetera) zijn onmisbaar. Figuur 15 duidt ten slotte de belangrijkste feiten en fabels die van toepassing zijn op de haalbaarheid van grondgebonden zonne-energieinstallaties. Fabels Grondgebonden zonneenergie levert veel geld op per hectare. Waarheid: alleen de meest optimale projecten staan een pacht toe. Grondgebonden zonnepanelen zijn eenvoudig verplaatsbaar. Waarheid: de business case laat dit niet toe. Productie van zonnepanelen doet het duurzame effect ervan teniet. Waarheid: binnen enkele maanden produceert een zonnepaneel net zoveel energie als het kost om het te maken. Feiten Vandalisme en diefstal zijn belangrijke risico s Geografische aspecten (afstand tot het net, natuurlijke afscherming) zijn van groot belang Het SER-Energieakkoord vergroot de financiële haalbaarheid van grondgebonden zonneweides 20 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk? Figuur 15: fabels en feiten haalbaarheid zonneparken Figuur 16: zonnepark

21 1.2 Grootschalige windenergie Windturbines met een ashoogte van ten minste honderd meter kunnen letterlijk en figuurlijk op grote schaal bijdragen aan de verduurzaming van een energiehuishouding. Procesmatig duurt het al snel vijf tot acht jaar voordat een windplan daadwerkelijk in de realisatiefase belandt: niet alleen doordat de invloed van turbines op het (leef)milieu minutieus dient te worden onderzocht, maar ook vanwege de (lokale) weerstand waarmee windturbines vaak te maken hebben. In het vervolg van deze paragraaf staan inzichten met betrekking tot de haalbaarheid van windturbines op TAB-gronden centraal. Ondanks de noodzaak om windturbines zorgvuldig in te passen in de leefomgeving, leent de techniek zich wel goed voor combinatie met andere functies. Denk hierbij aan industriële bedrijvigheid en agrarische bedrijvigheid. Ook zijn combinaties mogelijk met andere duurzame opties, zoals biomassateelt en zonnepanelen zolang de windturbines geen schaduw werpen op de PVpanelen (zie ook figuur 33). 21 Deel 1: wat is mogelijk? Techniek De techniek is doorgaans geen limiterende factor als het gaat om de rendabele exploitatie van windturbines. Wel is het windaanbod natuurlijk een zeer gevoelige parameter als het gaat om de technische (en economische) haalbaarheid van een windinitiatief. Het windaanbod bepaalt in sterke mate de geschiktheid van een locatie. De grootte van de rotorbladen, de ashoogte en het vermogen van de generator beïnvloeden de (efficiëntie van de) wijze waarop een turbine de bewegingsenergie van wind omzet in stroom. Landschappelijk verdient het de voorkeur windturbines te clusteren in lijnopstelling of in een grid. Van belang hierbij is dat voldoende ruimte tussen de windturbines wordt aangehouden. In de regel gaat het om een afstand van vijf keer de rotordiameter tussen twee turbines. Figuur 17: windturbine Deel 2: wat wil je?

22 Economie De financiële haalbaarheid van een windturbine is sterk afhankelijk van een aantal factoren: Het aantal vollasturen qua wind (en daarmee de totale jaarlijkse elektriciteitsproductie) dat op de locatie kan worden gerealiseerd. Deze wordt voor een belangrijk deel bepaald door de (gemiddelde) windsnelheid op ashoogte van de turbine. Bij een ashoogte van 100 meter ligt deze doorgaans tussen 6,5 en 8,5 m/s. De totale investeringskosten, die mede afhankelijk zijn van het type en vermogen van nieuw te installeren turbines. Gangbaar is: 1,1 miljoen per MW vermogen voor de turbines zelf, 0,2 miljoen per MW vermogen voor civiele werken (fundatie, bekabeling, netaansluiting), 0,1 miljoen per MW voor ontwikkeling- en engineeringskosten (circa 7,5% van de totale investering) De vergoeding voor elektriciteit: een Nederlands windpark kan gewoonlijk niet uit zonder SDE+-subsidie: het ter beschikking gestelde SDE+-basistarief is afhankelijk van de eerder genoemde windsnelheid. De basisprijs van elektriciteit die op de vrije markt verkocht, is anno 2014 circa 0,05 tot 0,055 per kwh. Ter illustratie: de SDE+ (2014) vult dit bedrag aan tot 0,09 per kwh bij een windsnelheid van 7,0 m/s. De pachtvergoeding die de grondeigenaar ontvangt voor de turbines. Voor windparken in Nederland is een vergoeding van per MW geïnstalleerd vermogen gebruikelijk. Voor de technische en economische levensduur van het project wordt een termijn van 15 jaar aangehouden. Al met al geldt dat windturbines vooraf een hoge investering vergen van de ontwikkelaar, dat gemeenten (of andere grondeigenaren) een relatief hoge pacht kunnen verwachten en dat de rendabiliteit van het project hoofdzakelijk terug te leiden is op de SDE+subsidie. Figuur 18 laat in dat kader zien hoe de kasstromen van een windproject er in de loop der tijd uit kunnen zien, uitgaande van twee turbines van 3 MW (ashoogte 105 meter). Het projectrendement is hier 7,2%. Cumulatieve kasstroom (x euro) Tijd (jaren) Figuur 18: kasstroom van een project met 2 windturbines van 3 MW per stuk. Juridisch-planologisch De ontheffing van een vigerende bestemming is voor windturbines geen oplossing, gezien de exploitatiehorizon van vijftien jaar. Net als voor zonne-energie geldt de route van bestemmingsplanwijziging in combinatie met vergunningverlening. Zorgvuldige inpassing van windturbines in de leefomgeving is, anders dan bij 22 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

23 zonne-energie, de grootste uitdaging op weg naar de productie van hernieuwbare energie op TABgronden. Het is algemeen bekend dat de juridischplanologische procedures omtrent de bouw van windturbines eenvoudig vijf tot acht jaar in beslag kunnen nemen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een initiatief binnen de nodige ruimtelijke kaders dient te blijven: Windturbines verrijzen niet binnen een straal van 300 meter rond gebouwen met een woonfunctie, in verband met geluidsoverlast en overlast van slagschaduw. Plannen voor windturbines houden waar mogelijk rekening met Natura 2000-gebieden, gebieden die tot de ecologische hoofdstructuur (EHS) behoren, waardevolle landschappen en belangrijke (weide) vogelgebieden. Windturbines worden niet in stiltegebieden geplaatst. Plannen voor windturbines houden rekening met de vigerende driedimensionale hoogtebeperkingsvlakken van de inspectie Leefomgeving en Transport (ILenT), om de veiligheid van vliegtuigoperaties rondom burgerluchthavens te kunnen waarborgen. Plannen voor windturbines houden rekening met de vigerende driedimensionale toetsingsvlakken voor communicatie-, navigatie- en surveillanceapparatuur zoals de Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) deze heeft vastgesteld. Plannen voor windturbines houden rekening met de vigerende radarverstoringsgebieden zoals Defensie die heeft vastgesteld. De afstand tussen de hartlijn van windturbines en de hartlijn van beschermde straalpaden is groter dan de rotordiameter, met een minimum van 35 meter. Windturbines verrijzen niet in beschermde stads- of dorpsgezichten en bij voorkeur niet in de nabijheid daarvan. Plannen voor windturbines houden rekening met terreinen van (zeer) hoge archeologische waarde. Windturbines kunnen niet gebouwd worden in de nabijheid van kwetsbare objecten en nabij plekken waarde opslag of het transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Zoals figuur 8 al liet zien, is het planologische traject rondom bestemmingsplanwijzingen en vergunningverlening veelomvattend. De figuur is ook op windturbines van toepassing, zij het dat het zwaartepunt vaak ligt op de bezwaarprocedures. De impact van een windplan op de (leef)omgeving is daarnaast tot in de details onderwerp van studie. Zo geldt voor alle (bestemmings)plannen en structuurvisies over windenergie, of die windturbineparken mogelijk maken de plicht een plan-mer op te stellen. Of er aanvullend ook een project-m.e.r.-plicht is, hangt af van de m.e.r.-beoordeling. 23 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

24 Organisatie Het publieke draagvlak voor grootschalige windturbines is doorgaans niet groot. NIMBYgedrag (Not In My BackYard) is eerder regel dan uitzondering als het gaat om concrete windinitiatieven. Ontwikkelaars omarmen in dat kader steeds vaker participatiemodellen, zodat omwonenden en anderen naast de lasten ook de lusten van de windturbines kunnen ervaren. Zo kunnen mensen financieel participeren en een rendement op hun inleg realiseren, of als mede-eigenaar de geproduceerde stroom voordelig geleverd krijgen. Het draagvlak dat ontstaat, verruimt de haalbaarheid van een windinitiatief in sterke mate. Conclusies Ondanks het feit dat het overal waait, is de kans betrekkelijk klein dat een willekeurige TAB-grond zich leent voor de plaatsing van windturbines. De zoektocht naar een geschikte plek voor windturbines blijkt an sich al een forse uitdaging, zeker in Nederland, waar ruimte schaars is. Een haalbaar windinitiatief houdt dan ook rekening met uiteenlopende ruimtelijke criteria. De volgende inzichten zijn daarbij cruciaal: Het windaanbod moet voldoende zijn voor een (economisch) gunstige exploitatie. Zoals doorgaans geldt bij de ontwikkeling van windparken moet in ieder geval rekening worden gehouden met een lange ontwikkeltijd (zeker vijf jaar) en een exploitatieperiode van vijftien jaar. Wanneer de ontwikkeling succesvol verloopt, ligt meestal een financieel haalbaar windproject in het verschiet. Een windproject heeft naast een lange aanloopfase te maken met een hoge voorinvestering, waarbij de stroomverkoop in combinatie met de SDE+subsidie een rendabele exploitatie mogelijk maakt. Een gemeente die wind als optie beschouwt op een TAB-terrein, kan hier een relatief zeer hoge pacht voor ontvangen, wanneer zij de grondeigenaar is. Maatschappelijk rendement kan daarnaast worden behaald door gebruik te maken van de inzet van het lokale bedrijfsleven in de bouw- en exploitatiefase. Ook zal de gemeente met het windinitiatief snel meters maken als het gaat om de verduurzaming van de lokale energiehuishouding: iedere MW aan geplaatst vermogen levert op een windrijke locatie circa 2,2 GWh op (voldoende voor ruim 625 huishoudens). 24 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

25 Draagvlak voor windturbines is veel opzichten cruciaal voor het welslagen van een project. Een participatiemodel voor omwonenden en andere geïnteresseerden is om die reden een haast onmisbaar middel in de planvorming. Ondanks het feit dat bedrijvenparken en (tijdelijke) windinitiatieven mogelijk te combineren zijn, zal een gemeente zich goed moeten afvragen of zij bereid is een deel van de veelal gewenste flexibele invulling prijs te geven voor de exploitatie van turbines met een ashoogte van al gauw 100 meter. Figuur 19 duidt ten slotte de belangrijkste feiten en fabels die van toepassing zijn op de haalbaarheid van grootschalige windturbines. Fabels Productie van windturbines doet het duurzame effect ervan teniet Waarheid: binnen een halfjaar produceert een windturbine net zoveel energie als het kost om het te maken Windturbines zijn birdshredders Waarheid: het aantal vogels dat door windturbines sterft is te verwaarlozen, zeker in vergelijking met verlichting, verkeer, ruiten en katten Windturbines staan vaak stil voor onderhoud Waarheid: huidige fabrikanten garanderen 98% beschikbaarheid Feiten Windturbines kunnen (nog) niet zonder (landelijke) subsidie (SDE+) Onmisbaar voor het halen van lokale, provinciale, landelijke en Europese doelstellingen 1 windmolen van 2 MW (ashoogte 100 m.) levert net zoveel elektriciteit op als zonnepanelen 25 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk? Windturbines zorgen voor een instabiel netwerk Waarheid: de netten kunnen hier prima mee omgaan, zelfs bij een veel groter aandeel windenergie Figuur 19: feiten en fabels over windenergie Windturbines zorgen voor geluid en slagschaduw (maar: mitigerende maatregelen mogelijk)

26 1.3 Biomassateelt Teelt van biomassa is een derde optie qua duurzame invulling van TAB-gronden, met geheel eigen kenmerken. Biomassateelt leidt immers niet per definitie tot verduurzaming van de lokale energievoorziening. Geteelde biomassa kan immers net zo goed als grondstof dienen voor materialen. Hierbij geldt dat biomassa kan worden getransporteerd naar een plek buiten de gemeente waar deze geteeld is. In sommige gevallen kan de bestemming en toepassing van de biomassa met de initiatiefnemers worden besproken. Uit hoofdstuk 1 bleek reeds dat het wel goed zit met de flexibiliteit van teeltprojecten: biomassateelt combineert vaak relatief korte exploitaties met de planologische vrijheid om snel te starten met de realisatie van projecten, op basis van het overgangsrecht. Wanneer dit overgangsrecht niet van toepassing is, kan een ontheffing van een vigerende bestemming hier wél uitkomst bieden. Deze paragraaf gaat vanuit een breder perspectief in op de haalbaarheid van biomassateeltprojecten. Technieken/soorten In tegenstelling tot verbranding, vergisting of vergassing van biomassa (conversie in groen gas, synthesegas en/of groene stroom), kunnen organische stromen ook op een directe manier in hoogwaardige vorm hun waarde bewijzen. Biomassateelt is de gangbare naam voor het proces waarbij agrariërs gewassen doelbewust geteeld telen voor directe toepassing in de praktijk. We onderscheiden hier vijf gangbare biomassasoorten: Kort-omloop-hout Wilgen of populieren kunnen goed worden ingezet voor biomassaproductie. Dergelijke bossen kunnen elke drie tot vijf jaar geoogst worden, terwijl de stekken ook drie tot vijf keer kunnen uitgroeien tot een oogstklaar bos, zonder dat bodemverarming optreedt. De houtige stromen worden doorgaans niet hoogwaardig benut, maar in houtkachels verbrand om (duurzame) warmte te genereren. Optimale groei wordt bereikt op kleigronden of op vochtige leemhoudende zandgronden. Figuur 20: wilgenteelt Miscanthus Miscanthus, ook wel olifantengras genoemd, is een snel groeiend, sterk, droog, meerjarig, zeer hoog (tot 3,5 meter) en rietachtig gewas. In ruwe vorm kan miscanthus fungeren als stalstrooisel dan wel kachelbrandstof, maar het kan tevens dienen als grondstof in de bouwwereld (spaanplaat), voor papier, bioplastics of biobrandstoffen. Miscanthus groeit op alle gronden, van zand tot klei. 26 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

27 Figuur 21: miscanthus Vezelhennep Vezelhennep is een bron van vezels, hout en zaden die na bewerking industrieel kunnen worden toegepast. Het betreft een eenjarige plant die diverse toepassingen kent. De afzet vindt plaats in de vorm van bastvezel aan de automobielsector, terwijl ook de papierindustrie de grondstof gebruikt. In de bouw geldt vezelhennep als alternatief voor glas- en steenwol en onderdeel van isolerend beton. Vezelhennep groeit op elk type grond en behoeft geen bestrijdingsmiddelen. Figuur 22: vezelhennep Vlas Vlas is een éénjarig wit- of blauwbloeiend teeltgewas dat prima als rotatiegewas kan fungeren. De toepassingsen zijn breed: de vezels van vlas kunnen worden aangewend in de textiel-, bouw- en automobielindustrie of in de medische sector. Vlas wordt in het voorjaar ingezaaid en is binnen drie à vier maanden oogstrijp. Vlas kent weinig eisen qua grondsoort. Zware kleigronden hebben de voorkeur, maar zandgronden bieden ook kansen. Bestrijdingsmiddelen en kunstmest zijn slechts in minimale hoeveelheden benodigd. Figuur 23: vlas Koolzaad Koolzaad kent de hoogste opbrengst op zeekleigronden, maar groeit tevens op dal- en kleigronden. De koolzaden worden vermalen tot olie en worden gebruikt als biobrandstof. Het stro kan worden afgezet bij vee- en paardenhouders, terwijl ook het residu van het persen kan worden verwerkt in veevoeders. De felgele velden trekken bovendien bezoekers aan in de zomerperiode. Figuur 24: koolzaad 27 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

28 Figuur 25 vat de bodemeisen van de diverse biomassaopties nog eens samen. In figuur 26 staan de kenmerken van de diverse biomassateeltopties en hun betekenis in de energietransitie schematisch weergegeven. Gewas Wilgen Miscanthus Vezelhennep Vlas Koolzaad Eisen aan bodem Optimale productie wordt bereikt op kleigronden of op vochtige leemhoudende zandgronden Toepasbaar op alle gronden Elk type bodem is geschikt Kleigronden hebben de voorkeur, groeit ook op andere gronden, mits de ph hoger is dan 4,5 Toepasbaar op alle gronden, hoogste opbrengst op jonge zeeklei- en zavelgronden Soort teelt Product Toepassing Wilgen Vezelhennep Hout Blad/stro Houtverwerkende industrie, verbranding voor warmteopwekking Automobielindustrie, papierindustrie, bouw Koolzaad Zaad/stro Veehouderij, transportbrandstof Miscanthus Riet Figuur 25: bodemeisen van de diverse biomassaopties Bouw, papierindustrie, biobrandstof, bioplastics, veehouderij 28 Deel 1: wat is mogelijk? Deel 2: wat wil je? Vlas Stengels/vezels Linnen, bouw, papierindustrie Figuur 26: kenmerken van de diverse biomassateeltopties Figuur 27: een braakliggend terrein waar wellicht productie van hernieuwbare energie kan plaatsvinden

29 Economie Om de aanloopkosten te beperken en schaalvoordelen voor de exploitatie te maximaliseren, hebben biomassatelers een uitgesproken voorkeur voor grote arealen van circa tien hectare of meer; met kleine en/of niet aaneengesloten stukken grond van enkele hectares kunnen zij doorgaans minder goed uit de voeten. Hoe de business cases voor de diverse vormen van teelt eruit kunnen zien, is af te leiden uit de figuren 28 en 29. Van belang zijn de volgende inzichten: Wilg behoort tot het zogenaamde kortomloop-hout: doorgaans wordt elke drie jaar geoogst: een wilgenplantage heeft enkele cycli nodig om tot maximale opbrengst te komen. Uitgangspunt is een termijn van tien jaar, waarbinnen drie keer geoogst kan worden. Miscanthus heeft een aantal oogstcycli nodig om tot maximale opbrengst te komen. Uitgangspunt is een projectduur van acht jaar. 29 Deel 1: wat is mogelijk? Algemeen Wilg Miscanthus Vezelhennep (stro + zaad) Vlas (stro + zaad) Koolzaad (stro + zaad) Start exploitatie (jaar) Eind exploitatie (jaren) Omvang areaal (hectare) Aanvangsgroei (jaren tot start oogstcyclus) Oogstcyclus (jaren) Prijspeil (jaar) Technische specificaties Specifieke opbrengst 1e cyclus (ton ds/ha) ,5 4,5 Specifieke opbrengst vanaf 2e cyclus (ton ds/ha) ,5 4,5 Specifieke opbrengst vanaf 3e cyclus (ton ds/ha) ,5 4,5 Deel 2: wat wil je? Figuur 28: uitgangspunten business case

30 Vezelhennep, vlas en koolzaad zijn eenjaarsgewassen die relatief eenvoudig en flexibel in te zaaien zijn en vanaf het eerste jaar een volle opbrengst kunnen geven. Gezien de aanloopkosten is gekozen voor een minimale exploitatietermijn van vijf jaar. De gemeentelijke pachtinkomsten zijn beperkt ( ), maar het financiële gewin voor gemeenten loopt hard op als vermeden beheers- en onderhoudskosten in ogenschouw worden genomen. Cruciaal is de bevinding dat biomassateelt zich kenmerkt door relatief lage investeringskosten en relatief hoge kosten en baten in exploitatiejaren: een analyse op basis van een projectrendement is in dergelijke gevallen minder geschikt. Juridisch-planologisch Teelt van biomassa is in vergelijking met de aanleg van een zonne- of windpark eenvoudiger te realiseren: de doorlooptijd van initiatief tot realisatie is kort en ruimtelijke implicaties zijn gering: hoewel TAB-gronden doorgaans bestemd zijn voor bedrijven of woningen geldt het overgangsrecht, wat inhoudt dat de actuele agrarische bestemming vigerend blijft, zolang de grond niet op een andere wijze benut wordt. Daarnaast kan de inzet van de gronden flexibel plaatsvinden: indien nodig kan de gemeente relatief snel weer beschikken over de gronden. Tijd (jaren) Wilg Miscanthus Vezelhennep (stro + zaad) Figuur 29: resultaten business case Terugverdientijd Vlas (stro + zaad) Aangenomen projectduur Koolzaad (stro + zaad) Organisatie Ook de organisatorische randvoorwaarden voor de teelt van biomassa hebben relatief weinig om het lijf: zeker op arealen waar nu al agrarische (voedsel)activiteiten plaatsvinden, zullen initiatiefnemers in principe beperkte organisatorische drempels tegenkomen. In beginsel is ieder egaal stuk onbebouwd land met de juiste grondsoort geschikt vanuit het organisatorische perspectief, zolang het terrein voldoende bereikbaar en toegankelijk voor de exploitant om werkzaamheden als ploegen, eggen, planten en bemesten uit te voeren. Lokale betrokkenheid realiseren voor een bioteelt project, is een opgave met een hoge moeilijkheidsgraad. Participatiemodellen ontbreken en de mate waarin biomassateelt bijdraagt aan het behalen van duurzaamheidsdoelstellingen, is verre van eenvoudig vast te stellen: in theorie kan de afzet van de productie lokaal of regionaal plaatsvinden, maar afdwingbaar is dit zeker niet, gegeven het 30 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

31 feit dat de exploitant de oogst zal afzetten op de plek waar daar de hoogste vergoeding tegenover staat. Gezien de dunne marges is dat natuurlijk niet verwonderlijk. In de operationele fase draagt een veld voor biomassateelt bovendien niet van zichzelf de boodschap uit dat hier (tijdelijk) duurzame productie van grondstoffen plaatsvindt; voor het oog van mensen vinden hier gebruikelijke agrarische activiteiten plaats en aan een duurzaam initiatief zullen zij niet direct denken. Een gemeente die kiest voor biomassateelt, kan desgewenst ruchtbaarheid geven aan het duurzame karakter via aanduidingen op borden. Conclusies Een biomassaproject blijkt in technisch en organisatorisch perspectief relatief eenvoudig op te tuigen, maar kenmerkt zich door dunne en onzekere marges voor initiatiefnemers. De inzet van de gronden kan flexibel plaatsvinden: indien gewenst kan de gemeente snel weer over de gronden beschikken. Voor een gemeente staat kiezen voor teelt van biomassa dan ook gelijk aan kiezen voor de weg van weinig weerstand. Die heeft echter ook een keerzijde: De haalbaarheid van biomassateelt wordt voor een aanzienlijk deel bepaald door de uiteindelijke projectduur: voor kortomloop-hout, zoals wilg, is onder de gestelde aannames een duur van tien jaar niet voldoende voor rendabele teelt. Ook voor éénjarige gewassen zoals vezelhennep, vlas en koolzaad is normaal gesproken drie tot vijf jaar wenselijk. 31 Deel 1: wat is mogelijk? Deel 2: wat wil je? Figuur 30: vlas De uiteindelijke toepassing van de geoogste biomassa ligt normaliter buiten de invloedssfeer van de gemeente: het is aan de initiatiefnemer/investeerder om te bepalen wat er met de biomassa gebeurt. Deze kan verkocht worden als brandstof, maar net zo goed worden ingezet als grondstof. Toepassing kan plaatsvinden binnen de gemeente in kwestie, maar ook daarbuiten. Kortom: het is maar de vraag in hoeverre teelt van biomassa bijdraagt aan een lokale duurzame-energiedoelstelling.

32 Voor biomassateelt moet een gemeente rekening houden met lage pachtopbrengsten van 100 tot 400 per hectare per jaar. Dit is lager dan reguliere agrarische pachtprijzen: biomassateelt levert doorgaans minder op dan voedingsgewassen. Bovendien zijn afzetprijzen aan sterke fluctuaties onderhevig. Hoewel biomassateelt relatief flexibel en eenvoudig is, geldt uiteraard wel dat initiatiefnemers een zekere mate van commitment en zekerheid van de gemeente nodig hebben: de markt voor biomassaproducten is in vergelijking tot voedselgewassen nog vrij onvolwassen. Dat maakt dat risico s relatief groot zijn. De geringe marge tussen kosten en baten maakt dat een kleine tegenvaller het verschil maakt tussen een rendabel en een verlieslatend project. Figuur 31 duidt ten slotte de belangrijkste feiten en fabels die van toepassing zijn op de haalbaarheid van initiatieven op het gebied van biomassateelt. Fabels Kwantitatief van groot belang in de energietransitie Waarheid: In vergelijking met andere duurzame-energietechnieken is de potentie van biomassa relatief klein Grote financiële opbrengst voor gemeente en projectontwikkelaar Waarheid: de marges in de exploitatie van biomassa zijn flinterdun Kleine stukken grond kunnen voor biomassateelt worden ingezet Waarheid: telers van biomassa kunnen alleen uit de voeten met grotere en aaneengesloten arealen Figuur 31: feiten en fabels over biomassateelt Feiten Overgangsrecht van oude agrarische bestemming voorziet in snelle planvorming Winst zit vooral in vermeden beheers- en onderhoudskosten Hoogwaardige en flexibele toepassing van biomassa 32 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

33 Deel 2: wat wil je? In deel 1 is een ruime toelichting gegeven op de kenmerken en randvoorwaarden (de haalbaarheid) van diverse duurzame opties op TAB-gronden. Vanuit deze kennis kan een gemeente aansturen op keuzes die niet alleen haalbaar zijn, maar zij ook wenselijk vindt, gegeven de inzichtelijk gemaakte implicaties van hernieuwbare-energietechnieken. Dit deel van de handreiking voorziet in een afwegingskader dat gemeenten kan helpen bij het maken van keuzes tussen haalbare opties. 2.1 Criteria-analyse Wanneer de generieke kansen van duurzame opties in het studiegebied zijn vastgesteld, kan een gemeente aan de slag met het maken van een integrale afweging tussen de concepten. Criterium Lokale levering Waarneembaarheid/imago Innovatief karakter Bijdrage DE-doelstelling Financiële implicaties gemeente Financiële implicaties initiatiefnemer Werkgelegenheid Financiële participatie burgers Diversiteit en hybriditeit Schaalgrootte Slaagkans Toelichting Vooraf moge duidelijk zijn dat zon, wind en biomassa zeer verschillend van aard zijn als het gaat om kenmerken die ten grondslag kunnen liggen aan keuzes. De criteria die hier worden belicht, zijn in willekeurige volgorde: mogelijkheden tot lokale levering van productie, waarneembaarheid, innovativiteit, bijdrage aan doelstellingen op het gebied van duurzame energie, financiële implicaties voor de gemeente, financiële implicaties voor de initiatiefnemers, invloed op werkgelegenheid, mogelijkheid tot burgerparticipatie, mogelijkheid tot combinatie van functies, schaalgrootte en slaagkans. In figuur 32 staat per criterium een beknopte toelichting. In hoeverre kan de opgewekte energie fysiek dan wel administratief worden geleverd aan burgers en bedrijven? In hoeverre fungeert het concept als waarneembaar visitekaartje van de gemeente? In hoeverre herbergt het concept potentie voor (technologische) innovaties? Wat is de opbrengst van het concept uitgedrukt in ton CO 2 /ha/jr en ton CO 2 /jr in verhouding tot de totale CO 2 -uitstoot in de gemeente? Wat is de opbrengst van het concept uitgedrukt in /ha/jr (voor de gemeente)? Welke condities (zoals termijn) zijn nodig voor een rendabele exploitatie? Levert het concet een positieve bijdrage aan de lokale werkgelegenheid? Op welke wijze kunnen burgers financieel dan wel anderszins participeren in een project? In hoeverre kunnen verschillende concepten in hetzelfde gebied gecombineerd worden en/of naast elkaar bestaan? Wat is de minimale dan wel optimale schaalgroote en/of ruimtebeslag van een project? Wat is de kans dan wel het afbreukrisico dat een project succesvol wordt geïmplementeerd? 33 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk? Figuur 32: toelichting per criterium

34 Criteria Lokale levering Waarneembaarheid/ imago Innovatief karakter Concept Zon-PV Wind Biomassa, Wilgen (KOH) Product Elektriciteit Elektriciteit Warmte Elektriciteit (Materialen) Lokale administratieve levering elektriciteit is mogelijk PV-panelen langs/nabij snelweg, ringweg of spoorlijn vormen duidelijk visitekaartje De ontwikkeling van nieuwe generaties zon-pv-panelen alsmede opslagsystemen voor elektriciteit is en blijft zeer actueel Lokale administratieve levering elektriciteit is mogelijk Windmolens langs/nabij snelweg, ringweg of spoorlijn kunnen letterlijk een entree vormen voor het gebied De ontwikkeling van nieuwe windturbines richt zich met name op grootschalige offshore turbines en urban turbines en minder op turbines op land. Bijdrage DE-doelstelling 200 ton CO 2 /ha/jr 300 ton CO 2 /ha/jr 40 ton CO 2 /ha/jr Financiële implicaties gemeente Financiële implicaties initiatiefnemer Werkgelegenheid Financiële participatie burgers Diversiteit en hybriditeit /ha/jr inclusief OZB exclusief vermeden beheerskosten jaar nodig voor rendabele exploitatie In beginsel zijn zon-pv-velden niet mobiel Installatie door een lokaal bedrijf is denkbaar PV-velden vragen slechts weinig beheer en onderhoud In het Energieakkoord worden mogelijkheden geboden aan burgers in de postcoderoos rondom het project Combinatie met biomassa op naastgelegen velden. Geen combinatie met wind door schaduw /ha/jr inclusief OZB exclusief vermeden beheerskosten jaar nodig voor rendabele exploitatie Grond- en civiel werk kan door een lokale bouwondernemen worden gedaan Levering en onderhoud windturbines door externe partij Financiële participatie wordt veelvuldig toegepast en werkt draagvlakverhogend. Levering van elektriciteit is ook mogelijk Goed te combineren met biomassateelt. Kavel blijft ook geschikt als bedrijfslocatie Schaalgrootte Vanaf 1-2 ha solitair: < 1 ha 4 turbines in rij: strook van 1,35 km Slaagkans/risico s Draagvlak goed, ontwikkeltijd kort. Redelijk grote kans van slagen, afbreukrisico gemeente laag Publieke weerstand groot, lange ontwikkeltijd. Afhankelijk van toekomstige (financiële) condities Toepassing en locatie van toepassing materiaal niet afdwingbaar Wilgenteelt springt vanaf snelweg, ringweg of spoorlijn niet direct in het oog, zichtbaar maken kan met borden o.i.d. De biobased economy is volop in ontwikkeling en zal de komende decennia om veel onderzoek en innovatie vragen m.b.t. teelt van gewassen /ha/jr exclusief vermeden beheerskosten 9 jaar Wilgen kennen een oogstcyclus van ca. 3 jaar. Minimaal zijn 3 cycli nodig Teelt en onderhoud kan door een lokale onderneming worden verzorgd Participatie door burgers ligt minder voor de hand Combinatie met zon-pv op naastgelegen velden. Combinatie met windturbines goed minimaal 5 ha, ha wenselijk Draagvlak goed. Risico s zijn klein. Flexibiliteit minder dan bij eenjarig gewas 34 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk?

35 Criteria Lokale levering Concept Miscanthus Vezelhennep Vlas Koolzaad Product Waarneembaarheid/ imago Innovatief karakter Warmte Elektriciteit Materialen Toepassing en locatie van toepassing materiaal niet afdwingbaar Miscanthus springt als exotisch gewas relatief meer in het oog, maar is daarmee nog geen visitekaartje De biobased economy is volop in ontwikkeling en zal de komende decennia om veel onderzoek en innovatie vragen m.b.t. teelt van gewassen. Warmte Elektriciteit Materialen Toepassing en locatie van toepassing materiaal niet afdwingbaar Vezelhennep springt vanaf snelweg, ringweg of spoorlijn niet direct in het oog, zichtbaar maken kan met borden o.i.d. De biobased economy is volop in ontwikkeling en zal de komende decennia om veel onderzoek en innovatie vragen m.b.t. teelt van gewassen. Warmte Elektriciteit Materialen Toepassing en locatie van toepassing materiaal niet afdwingbaar Vlas springt vanaf snelweg, ringweg of spoorlijn niet direct in het oog, afgezien van de bloeiperiode De biobased economy is volop in ontwikkeling en zal de komende decennia om veel onderzoek en innovatie vragen m.b.t. teelt van gewassen. Warmte Elektriciteit Materialen Toepassing en locatie van toepassing materiaal niet afdwingbaar Koolzaad springt vanaf snelweg, ringweg of spoorlijn niet direct in het oog, afgezien van de bloeiperiode (gele bloemenzee) De biobased economy is volop in ontwikkeling en zal de komende decennia om veel onderzoek en innovatie vragen m.b.t. teelt van gewassen. Bijdrage DE-doelstelling 10 ton CO 2 /ha/jr 9 ton CO 2 /ha/jr 9 ton CO 2 /ha/jr 13 ton CO 2 /ha/jr Financiële implicaties gemeente Financiële implicaties initiatiefnemer Werkgelegenheid Financiële participatie burgers Diversiteit en hybriditeit Schaalgrootte Slaagkans/risico s /ha/jr exclusief vermeden beheerskosten 8-10 jaar is wenselijk. Miscanthus rendeert vanaf het 3e tot het 20e jaar Teelt en onderhoud kan door een lokale onderneming worden verzorgd Participatie door burgers ligt minder voor de hand Combinatie met zon-pv op naastgelegen velden. Combinatie met windturbines goed minimaal 5 ha, ha wenselijk Draagvlak goed. Risico s zijn klein. Flexibiliteit minder dan bij eenjarig gewas /ha/jr exclusief vermeden beheerskosten 3-5 jaar. Ook verbouwd in wisselteelt met voedselgewassen Teelt en onderhoud kan door een lokale onderneming worden verzorgd Participatie door burgers ligt minder voor de hand Combinatie met zon-pv op naastgelegen velden. Combinatie met windturbines goed minimaal 5 ha, ha wenselijk Draagvlak goed, mits duidelijk gemaakt kan worden dat vezelhennep anders is dan wiet. Risico s zijn klein /ha/jr exclusief vermeden beheerskosten 3-5 jaar. Ook verbouwd in wisselteelt met voedselgewassen Teelt en onderhoud kan door een lokale onderneming worden verzorgd Participatie door burgers ligt minder voor de hand Combinatie met zon-pv op naastgelegen velden. Combinatie met windturbines goed minimaal 5 ha, ha wenselijk Draagvlak goed. Risico s zijn klein /ha/jr exclusief vermeden beheerskosten 3-5 jaar. Ook verbouwd in wisselteelt met voedselgewassen Teelt en onderhoud kan door een lokale onderneming worden verzorgd Participatie door burgers ligt minder voor de hand Combinatie met zon-pv op naastgelegen velden. Combinatie met windturbines goed minimaal 5 ha, ha wenselijk Draagvlak goed. Risico s zijn klein. 35 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk? Figuur 33: vergelijking technieken op basis van criteria

36 De drie technieken die onderwerp van studie zijn in deze handreiking bekennen gauw kleur in een vergelijking op basis van de genoemde criteria; zie figuur 33 voor een integraal overzicht. Figuur 34 laat zien welke keuze(s) voor de hand liggen wanneer voor een gemeente één bepaald specifiek criterium leidend is. In de praktijk zijn voor gemeenten vaak meerdere criteria van bovengemiddeld belang. Zon Waarneembaarheid Lokale levering Bijdrage DE/doelen Participatiemogelijkheden Innovativiteit Lokale werkgelegenheid Slaagkans Biomassa Wind Financieel gewin gemeente Financieel gewin exploitant Combineren van functies 2.2 Integrale afweging tussen plekken en technieken Totnogtoe is de (tijdelijke) beschikbaarheid en verlieslatendheid van TAB-gronden aanleiding geweest om na te denken over - in het geval van deze studie - inpassingsmogelijkheden van mogelijke duurzame-energie-opties. Achterliggende reden is het feit dat energie voor het eerst sinds lange tijd een weerslag krijgt op (de lokale) ruimte. Vanuit de fossiele energiehuishouding van de laatste decennia zijn we gewend geraakt aan het feit dat energie juist lokaal geen ruimtebeslag heeft. Met de komst van duurzame energie (windmolens, zonnepanelen et cetera) verandert dit. Anders gezegd: hernieuwbare energie zal in toenemende mate meedoen in de toch al hevige concurrentiestrijd om ruimte. Dat is ontegenzeggelijk het gevolg van alle lokale, regionale en (inter)nationale doelstellingen op het gebied van duurzaamheid. Gezien deze concrete doelstellingen van overheden op het gebied van duurzame energie verdient het thema allicht meer dan een zoektocht naar locaties die tijdelijk, min of meer toevalligerwijs, vrijkomen als gevolg van uitblijvende andere ontwikkelingen. Dit neemt overigens niet weg dat het alsnog zinvol kan zijn een braakliggend terrein in te zetten voor (tijdelijke) duurzame-energie-productie. 36 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk? Figuur 34: technieken en criteria

37 Een gemeente die zijn duurzame ambities serieus neemt, zal evenwel ook op een hoger schaalniveau ruimte voor duurzame energie moeten afdwingen. Dit impliceert dat de beleidswerelden van de ruimtelijke ordening en duurzaamheid elkaar in toenemende mate moeten opzoeken. Waar nu nog duurzaamheidsvisies en structuurvisies haast geïsoleerd van elkaar bestaan, is het raadzaam via een duurzaamheidsstructuurvisie ruimte vrij te maken voor duurzame energie, voor de korte, middellange en lange termijn; zie figuur 35. Voor gemeenten is dit een expliciete kans om te komen tot een maatwerkoplossing als het gaat om de (lokale) energievoorziening van de toekomst: wat kan waar en wat wil je waar? Gemeenten met een op maat gesneden duurzaamheidsstructuurvisie hebben lokale (on) mogelijkheden voor de toepassing van duurzameenergie-technieken letterlijk en figuurlijk in kaart gebracht. Dit impliceert dat zij van tevoren kunnen aangeven of bepaalde duurzame opties op een TAB-terrein al dan niet haalbaar en wenselijk zijn. Een vraaggestuurde ad-hocbenadering per braakliggende (T)AB-grond is dan niet langer noodzakelijk. Gezien de felle concurrentiestrijd om ruimte kunnen andere opties naast duurzame energie (water, recreatie, natuur et cetera) alsnog voorzien in een zinvolle en waarschijnlijk veel flexibere wijze van zinvolle ruimtebenutting. Let wel: het kán ook bewust beleid zijn om juist versnipperde stroken beschikbare TAB-gronden te benutten voor zonneparken, biomassateelt of windturbines, hoewel de laatste optie minder aannemelijk is. 37 Deel 1: wat is mogelijk? Deel 2: wat wil je? Ruimtelijke Ordening Duurzaamheid Structuurvisie Ruimtelijke afweging voor DE Duurzaamheidsvisie Duurzaamheidsstructuurvisie Figuur 35: ruimtelijke ordening en duurzaamheid komen samen in een duurzaamheidsstructuurvisie

38 Wanneer een gemeente vanuit de verworven kennis op het gebied van hernieuwbare energie tot een keuze is gekomen voor een combinatie van grond en techniek, moet nog veel gebeuren voordat een project daadwerkelijk in de operationale fase belandt. In dit deel van de handreiking volgt daarom een generiek handelingsperspectief of ontwikkelplan dat stakeholders ter harte kunnen nemen, op weg naar het verduurzamen van de lokale energiehuishouding. Figuur 37 biedt dit handelingsperspectief, in de vorm van een stappenplan. 38 Deel 1: wat is mogelijk? Deel 2: wat wil je? Figuur 36: zonnepark

39 Stap Relevant voor Noemer Centrale vragen/aandachtsgebieden Wie is primair aan zet? 1 Zon, wind, bio Bepaling rolverdeling Wie zijn intern betrokken? Wie ontwikkelt? Wie stelt grond beschikbaar? 2 Zon, wind, bio Kenbaar maken belang voor gemeente 3 Zon, wind, bio Vaststellen randvoorwaarden (zie criteria figuur 31) Waarom zon/wind/bio? Waarom hier? Eventuele borging tijdelijkheid Pacht (ja/nee, hoeveelheid) Esthetiek Participatiemodel 4 Zon, wind, bio Zoek verbinding met markt Maak beschikbaarheid locatie kenbaar Geef randvoorwaarden aan 5 Zon, wind Locatieonderzoek en gereedmaken locatie Definitief technisch ontwerp Netstudie Borging beveiliging Omgevingsstudies Landschappelijke inpassing Definitieve business case Bestemmingsplanwijziging Omgevingsvergunning 6 Zon, wind Oprichten coöperatie Vaststellen statuten Vorming bestuur Sluiten contracten Sluiten afnamecontract stroomlevering Opvragen offertes turn-key-realisatie project Aanvragen beschikking Belastingdienst t.b.v. coöperatie 7 Zon, wind Creëren lokale betrokkenheid Inrichten website Organiseren informatieavonden Informeren lokale pers Up-to-date houden geïnteresseerden 8 Zon, wind Werven leden en gelden Aanbieden project op platform zodat mensen kunnen aangeven of en voor hoeveel zij willen participeren Gemeente, grondeigenaar Gemeente Gemeente Gemeente Ontwikkelaar en gemeenten Ontwikkelaar, gemeente kan faciliteren Gemeente, ontwikkelaar, coöperatie Gemeente, ontwikkelaar, coöperatie 9 Zon, wind, bio Realisatie project Uitvoering van het project EPC-partij (zon en wind), exploitant (biomassa) 10 Zon, wind Exploitatie project Stroom wordt afgenomen door energiebedrijf en geleverd aan coöperatieleden Energiebedrijf legt verantwoording af aan Belastingdienst Zorg voor de administratie Coöperatie 39 Deel 2: wat wil je? Deel 1: wat is mogelijk? Figuur 37: stappenplan voor de verduurzaming van de lokale energiehuishouding

40 Conclusies Veel Gelderse gemeenten beschikken over gronden waar voorziene ontwikkelingen uitblijven en de optie hernieuwbare energie al dan niet tijdelijk een plek kan krijgen. De arealen waar het concreet over gaat, staan weergegeven in figuur 38. In deze handreiking is aangetoond dat op dit soort gronden onder voorwaarden interessante projecten te realiseren zijn, maar daarvoor heeft de markt heeft een welwillende gemeente nodig. Tegelijkertijd leveren de meeste duurzameenergie-projecten onder het huidige politieke, 40 Figuur 38: TAB-locaties in Gelderland

Ruimte voor Hernieuwbare Energie Bijeenkomst in het kader van project Tijdelijk Anders Bestemmen

Ruimte voor Hernieuwbare Energie Bijeenkomst in het kader van project Tijdelijk Anders Bestemmen Ruimte voor Hernieuwbare Energie Bijeenkomst in het kader van project Tijdelijk Anders Bestemmen 15 januari 2014 Roy Ellenbroek Sander Kooper Ter herinnering: handreiking vs. TAB-project Presentatie: kritieke

Nadere informatie

Tijdelijke duurzame energie

Tijdelijke duurzame energie Tijdelijke duurzame energie Tijdelijk Uitgewerkte businesscases voor windenergie, zonne-energie en biomassa Anders Bestemmen Tijdelijke duurzame energie Inleiding In het Corporate Innovatieprogramma van

Nadere informatie

Zonnevelden in Nederland (Toekoms(ge) mogelijkheden

Zonnevelden in Nederland (Toekoms(ge) mogelijkheden Zonnevelden in Nederland (Toekoms(ge) mogelijkheden Den Bosch, 26 september 2013 TAB in Gelderland Tijdelijk Anders Bestemmen Grootste provincie van Nederland 56 gemeenten 4.975 km2 Gemeente in Gelderland

Nadere informatie

Nummer 2013009302. Kansen voor zonneparken. Programmanummer 11. Voorstel aan de gemeenteraad:

Nummer 2013009302. Kansen voor zonneparken. Programmanummer 11. Voorstel aan de gemeenteraad: Nummer 2013009302 Onderwerp: Kansen voor zonneparken Programmanummer 11 Portefeuillehouder Behandeling in de raadscommissie: Voorstel aan de gemeenteraad: Wethouder H.J. Morssink Ja, ter kennisname aanbieden

Nadere informatie

INHOUD. 1. Het project. 2. De organisatie. 3. Vragen en hoe verder INTRODUCTIE STAND VAN ZAKEN WIEK- II WINDPOWERNIJMEGEN

INHOUD. 1. Het project. 2. De organisatie. 3. Vragen en hoe verder INTRODUCTIE STAND VAN ZAKEN WIEK- II WINDPOWERNIJMEGEN ALEX DE MEIJER INHOUD 1. Het project INTRODUCTIE STAND VAN ZAKEN 2. De organisatie WIEK- II WINDPOWERNIJMEGEN 3. Vragen en hoe verder Transitie naar duurzaam en lokaal 1. Energie besparen! 2. Van fossiel

Nadere informatie

Haalbaarheid van Zon-PV. 26 November 2012 Jan Willem Zwang Martin Marquering

Haalbaarheid van Zon-PV. 26 November 2012 Jan Willem Zwang Martin Marquering Haalbaarheid van Zon-PV 26 November 2012 Jan Willem Zwang Martin Marquering Agenda Zon-PV Algemeen Business case Giesbers Business case Flynth Investeren door Green Spread Over Green Spread Zonnepanelen

Nadere informatie

Financiële baten van windenergie

Financiële baten van windenergie Financiële baten van windenergie Grootschalige toepassing van 500 MW in 2010 en 2020 Opdrachtgever Ministerie van VROM i.s.m. Islant Auteurs Drs. Ruud van Rijn Drs. Foreno van der Hulst Drs. Ing. Jeroen

Nadere informatie

Mogelijkheden voor energie coöperaties. Jeroen Leclercq jeroen.leclercq@wijkenergie.coop 06-53544195

Mogelijkheden voor energie coöperaties. Jeroen Leclercq jeroen.leclercq@wijkenergie.coop 06-53544195 Mogelijkheden voor energie coöperaties Jeroen Leclercq jeroen.leclercq@wijkenergie.coop 06-53544195 Inhoud Samen sterker Belang van gezamenlijke projecten Variant 1: alles achter de meter Variant 2: korting

Nadere informatie

Presentatie van het onderzoek: Windenergie in Dordrecht? Verkenning van kansen

Presentatie van het onderzoek: Windenergie in Dordrecht? Verkenning van kansen Presentatie van het onderzoek: Windenergie in Dordrecht? Verkenning van kansen 1 Doelstelling Dordrecht 2015 Routekaart Duurzaamheidsdoelstellingen 2010-2015: Doelstelling 2015 Duurzame energie 132 TJ

Nadere informatie

Beleidsnotitie. Kleine Windturbines in de Gemeente Oude IJsselstreek

Beleidsnotitie. Kleine Windturbines in de Gemeente Oude IJsselstreek Beleidsnotitie Kleine Windturbines in de Gemeente Oude IJsselstreek Aanleiding De afgelopen periode is de interesse voor kleine windturbines in Nederland toegenomen. Verwacht wordt dat de komende jaren

Nadere informatie

De toolbox. Te gebruiken instrument

De toolbox. Te gebruiken instrument LochemEnergie heeft geen blauwdruk klaarliggen voor het plaatsen van windmolens. We zullen samen met de leden en lokale organisaties de opties en locaties bespreken. We hebben een draaiboek en een toolbox

Nadere informatie

Wij hopen dat u deze punten zult meenemen in de definitieve startnotitie. 1

Wij hopen dat u deze punten zult meenemen in de definitieve startnotitie. 1 Coöperatie Windunie U.A. Centrum Publieksparticipatie SWOL Postbus 30316 2500 GH Den Haag Churchilllaan 11 Postbus 4098 3502 HB Utrecht tel +31 (0)30 753 3100 fax +31 (0)30 753 3199 secretariaat@windunie.nl

Nadere informatie

TIJDELIJK ANDERS BESTEMMEN TIJDELIJK ANDERS BESTEMMEN. Flexibel bestemmen en tijdelijk gebruik: Tapijnkazerne, Maastricht 12 juni 2013

TIJDELIJK ANDERS BESTEMMEN TIJDELIJK ANDERS BESTEMMEN. Flexibel bestemmen en tijdelijk gebruik: Tapijnkazerne, Maastricht 12 juni 2013 E CULTUUR E COMMERCIE E RECREATIE E ENERGIE E TUINEN WATER VERBINDEN WONEN GROEN GOEDKOPE GRONDEN BEHOUD AREAAL SOCIALE VERRIJKING OPBRENGST GROND BOTTOM UP INITIATIEF KWALITEITS IMPULS RUIMTE CLAIMEN

Nadere informatie

Deel 3: de Productie(-installatie) MONITOR

Deel 3: de Productie(-installatie) MONITOR Deel 3: de Productie(-installatie) MONITOR Deze Monitor gaat over productie-installaties: windturbines, windparken collectieve zonprojecten andere productie-installaties alle productie-projecten waar jullie

Nadere informatie

Spiekbriefje Frisse Wind

Spiekbriefje Frisse Wind Spiekbriefje Frisse Wind Feiten over windenergie voor feestjes, verjaardagen of andere bijeenkomsten. Er worden dan veel halve waarheden over windenergie verkondigd, en dat is jammer, want windenergie

Nadere informatie

Alphen aan den Rijn, Boskoop, Rijnwoude Samen, lokaal en duurzaam! ENERGIEK ALPHEN AAN DEN RIJN

Alphen aan den Rijn, Boskoop, Rijnwoude Samen, lokaal en duurzaam! ENERGIEK ALPHEN AAN DEN RIJN Alphen aan den Rijn, Boskoop, Rijnwoude Samen, lokaal en duurzaam! ENERGIEK ALPHEN AAN DEN RIJN Energiek Alphen aan den Rijn AGENDA 1. Opening 2. Wie en wat is Energiek Alphen aan den Rijn 3. Gemeente

Nadere informatie

Groen gas. Duurzame energieopwekking. Totaalgebruik 2010: 245 Petajoule (PJ) Welke keuzes en wat levert het op?

Groen gas. Duurzame energieopwekking. Totaalgebruik 2010: 245 Petajoule (PJ) Welke keuzes en wat levert het op? Totaalgebruik 2010: 245 Petajoule (PJ) Groen gas Welke keuzes en wat levert het op? Huidig beleid 100 miljoen m 3 groen gas. Opbrengst: 3 PJ. Extra inspanning 200 miljoen m 3 groen gas. Opbrengst: 6 PJ.

Nadere informatie

Ontwerp wijziging PRVS

Ontwerp wijziging PRVS Model bekendmaking regeling provinciale staten 1 8 Ontwerp wijziging PRVS Ontwerp besluit van Provinciale Staten van Noord-Holland van [..], tot wijziging van de Provinciale Ruimtelijke Verordening Structuurvisie

Nadere informatie

Greenspread. realising sustainable connections

Greenspread. realising sustainable connections Greenspread realising sustainable connections Greenspread, het Energieakkoord en CoopDeZon Inleiding Inleiding Greenspread richt zich op het ontwikkelen van lokale duurzame-energieproductiemiddelen. Greenspread

Nadere informatie

Zon-PV op maatschappelijk vastgoed

Zon-PV op maatschappelijk vastgoed Zon-PV op maatschappelijk vastgoed Financiering en subsidie (SDE+) 9 juni 2016 Sander Huitink Agenda Over Greenspread Financiering zon-pv-projecten Salderen Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie

Nadere informatie

Geluid. De norm: 47 db L den

Geluid. De norm: 47 db L den Geluid De norm: 47 db L den Elk windenergieproject moet voldoen aan de wettelijke norm: 47 db L den bij alle geluidsgevoelige objecten in de buurt. Dit is de maximaal toegestane gemiddelde jaarlijkse geluidsdruk

Nadere informatie

Business Case Windpark Lage Weide. Raadsinformatie avond 20 maart

Business Case Windpark Lage Weide. Raadsinformatie avond 20 maart Business Case Windpark Lage Weide Raadsinformatie avond 20 maart 1 Doelstelling presentatie Aspecten het sociaal ondernemen Energie-U Inzicht in de algemene financiële haalbaarheid van een windpark Inzicht

Nadere informatie

Overzicht onderzoeken

Overzicht onderzoeken Overzicht onderzoeken Activiteit Windenergie Communicatieplan maken Afspraken tussen overheden maken (convenant, regionale afspraken, e.d.) Gemeentelijk windbeleidsplan opstellen Toelichting Het opstellen

Nadere informatie

Hartelijk welkom! Uniek nieuw initiatief Transition Town Breda Energie coöperatie: Brabants Eigen Energie (BREE)

Hartelijk welkom! Uniek nieuw initiatief Transition Town Breda Energie coöperatie: Brabants Eigen Energie (BREE) Hartelijk welkom! Uniek nieuw initiatief Transition Town Breda Energie coöperatie: Brabants Eigen Energie (BREE) Peter Nuijten Mob: 06-22811585 E-mail: peter.nuijten@hotmail.nl 1 Concept Energie coöperatie

Nadere informatie

Duorsume enerzjy yn Fryslân. Energiegebruik en productie van duurzame energie

Duorsume enerzjy yn Fryslân. Energiegebruik en productie van duurzame energie Duorsume enerzjy yn Fryslân Energiegebruik en productie van duurzame energie 1 15 11 oktober 1 Inhoud Management Essay...3 1 Management Essay De conclusies op één A4 De provincie Fryslân heeft hoge ambities

Nadere informatie

RAADSCOMMISSIE. Nummer:

RAADSCOMMISSIE. Nummer: RAADSCOMMISSIE Onderwerp: Nummer: Datum vergadering: 4 februari 2014 Locatieonderzoek kleine windmolens op bedrijventerreinen Hooidijk, Groot Verlaat en Dolderkanaal in Steenwijk en Boterberg in Oldemarkt.

Nadere informatie

Windenergie in Utrecht

Windenergie in Utrecht Windenergie in Utrecht J.H. Fred Jansen Nationaal Kritisch Platform Windenergie (NKPW) www.nkpw.nl Conclusies Windenergie is geen noemenswaardig alternatief voor fossiele energie en levert geen noemenswaardige

Nadere informatie

Samenwerken met agrariërs geeft kansen voor groene energie. Ton van Korven Projectleider Bio-economie Ton.van.Korven@zlto.nl

Samenwerken met agrariërs geeft kansen voor groene energie. Ton van Korven Projectleider Bio-economie Ton.van.Korven@zlto.nl Samenwerken met agrariërs geeft kansen voor groene energie Ton van Korven Projectleider Bio-economie Ton.van.Korven@zlto.nl LTO inzet duurzame energie 1. Verbetering inkomenspositie door (decentrale)energieproductie

Nadere informatie

Zon op VVE. Wormerveer Eric de Lange 19 mei 2016

Zon op VVE. Wormerveer Eric de Lange 19 mei 2016 Zon op VVE Wormerveer Eric de Lange 19 mei 2016 Waarom doen we dit? Wereldwijde klimaatcrisis Klimaat top Parijs Energie Akkoord Nederland Klimaatzaak Urgenda Maar er gebeurt nog steeds te weinig en te

Nadere informatie

Inventarisatie van locaties voor grootschalige zonne-energiesystemen

Inventarisatie van locaties voor grootschalige zonne-energiesystemen Inventarisatie van locaties voor grootschalige zonne-energiesystemen Gemeente Utrecht Maart 2016 1. Inleiding 1.1 Zonne-energie voor Utrecht In het coalitieakkoord is de ambitie opgenomen dat er in 2020

Nadere informatie

Keuze zonnepanelen op VvE of corporatieflat

Keuze zonnepanelen op VvE of corporatieflat Australiëlaan 5 3526 AB Utrecht T: 030 693 60 00 KvK nr. 31042832 E: info@atrive.nl I: www.atrive.nl Keuze zonnepanelen op VvE of corporatieflat dr. Ronald Franken maart 2015 B l a d 1 Inhoudsopgave 1

Nadere informatie

/ \ [Lm«f i l Ï J 1 \ f %smms^ JP^\_ 1.^ LH^# l i l ^sssd' fl ^$ ^ 0 9 JAN 2112. < ' Q)lä f ' ^*~>r

/ \ [Lm«f i l Ï J 1 \ f %smms^ JP^\_ 1.^ LH^# l i l ^sssd' fl ^$ ^ 0 9 JAN 2112. < ' Q)lä f ' ^*~>r R / \ [Lm«f i l Ï J 1 \ f %smms^ JP^\_ 1.^ LH^# l i l ^sssd' fl ^$ ^ Gemeente Emmen T.a.v. de gemeenteraad Postbus 30001 7800 RA Emmen Gemeente Einmen No.: 0 9 JAN 2112 < ' Q)lä f ' ^*~>r \Ci2 i Enschede,

Nadere informatie

Mogelijkheden collectieven

Mogelijkheden collectieven Mogelijkheden collectieven Welke mogelijkheden zijn er 23 januari 2914 Roelof Dijkstra Sectorstrategie Inhoud Over Enexis Trias Energetica Standaard situatie Zon-PV op eigen woning Collectieve opwek Waarom

Nadere informatie

Markstudie naar kleine windturbines in Vlaanderen

Markstudie naar kleine windturbines in Vlaanderen Markstudie naar kleine windturbines in Vlaanderen September 12, 2012 Deze marktstudie werd uitgevoerd in samenwerking met Gfk Significant uit Leuven. 1 Gemeenten van de 308 Vlaamse gemeenten werden geïnterviewed.

Nadere informatie

ENERGIE IN EIGEN HAND

ENERGIE IN EIGEN HAND Zonne-energie voor bedrijven? ENERGIE IN EIGEN HAND De Stichting Beheer Bedrijvenpark Merm, heeft een onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor bedrijven om d.m.v. aanbrengen van zonnepanelen op het

Nadere informatie

Raadsinformatieavond invulling sociale randvoorwaarden windenergie Zonzeel Welkom

Raadsinformatieavond invulling sociale randvoorwaarden windenergie Zonzeel Welkom Raadsinformatieavond invulling sociale randvoorwaarden windenergie Zonzeel Welkom 19 november 2015 1 Opzet presentatie 1. Inleiding 2. Terugblik/voorgeschiedenis 3. Gemeentelijke ambitie vertaald naar

Nadere informatie

Bijlage: Green Deal Sun Share Breda

Bijlage: Green Deal Sun Share Breda 1. Breda DuurSaam Breda DuurSaam is een onafhankelijke coöperatie die projecten opzet, begeleidt en uitvoert die bijdragen aan een volhoudbare, leefbare en gezonde Bredase samenleving. Deze projecten richten

Nadere informatie

VAN ONRENDABELE GROND NAAR DUURZAAM RENDEMENT

VAN ONRENDABELE GROND NAAR DUURZAAM RENDEMENT VAN ONRENDABELE GROND NAAR DUURZAAM RENDEMENT De overheid wil duurzame energie stimu leren en innovatie van duurzame energietechnieken bevor deren: meer duurzame energie in de toekomst. Doel is 16% duur

Nadere informatie

Onderwerp: Kaders voor windenergie

Onderwerp: Kaders voor windenergie Aan het Algemeen Bestuur Datum: 02-10-2013 Onderwerp: Kaders voor windenergie Voorstel 1. Vaststellen van beleidskaders voor windenergie-initiatieven; 2. Kennis te nemen van het initiatief voor een windmolenpark

Nadere informatie

Ruim baan voor windenergie in het leefgebied van vleermuizen. De optimale bescherming van vleermuizen rond windturbines. Bat Protection System

Ruim baan voor windenergie in het leefgebied van vleermuizen. De optimale bescherming van vleermuizen rond windturbines. Bat Protection System Ruim baan voor windenergie in het leefgebied van vleermuizen De optimale bescherming van vleermuizen rond windturbines Bat Protection System De missie van Topwind Meer kans op een succesvolle ontwikkeling

Nadere informatie

Als u zelf elektriciteit wilt opwekken, kan een kleine windmolen een mogelijkheid zijn.

Als u zelf elektriciteit wilt opwekken, kan een kleine windmolen een mogelijkheid zijn. DOSSIER Kleine windmolens Als u zelf elektriciteit wilt opwekken, kan een kleine windmolen een mogelijkheid zijn. Er zijn veel typen windmolens op de markt, met mast, zonder mast, horizontaal of verticaal.

Nadere informatie

De wind in de zeilen voor Dilbeek

De wind in de zeilen voor Dilbeek De wind in de zeilen voor Dilbeek Op zoek naar geschikte locaties voor windturbines in Dilbeek aan de hand van het Windplan Vlaanderen en de Vlaamse Omzendbrief Windenergie Waarom windenergie? Op zoek

Nadere informatie

Vragen bijeenkomst Windmolens 6 maart 2014

Vragen bijeenkomst Windmolens 6 maart 2014 Vragen bijeenkomst Windmolens 6 maart 2014 Vragen naar aanleiding van introductie wethouder Wagemakers Hoe is de provincie tot de keuze van de twee locaties gekomen? In de provincie Zuid Holland wordt

Nadere informatie

Maatschappelijke Kosten- en Baten Analyse: energie uit wind en zon

Maatschappelijke Kosten- en Baten Analyse: energie uit wind en zon Maatschappelijke Kosten- en Baten Analyse: energie uit wind en zon Maatschappelijke Kosten- en Baten Analyse: energie uit wind en zon. Inleiding Het veenkoloniaal gebied in Drenthe is door het Rijk aangewezen

Nadere informatie

Zonnige stortplaats. Onderzoek mogelijkheid stortplaats als locatie voor zonnepanelen

Zonnige stortplaats. Onderzoek mogelijkheid stortplaats als locatie voor zonnepanelen Onderzoek mogelijkheid stortplaats als locatie voor zonnepanelen Is het mogelijk om zonnepanelen te plaatsen op de voormalige stortplaats van de gemeente Terneuzen? Onderzoek mogelijkheid stortplaats als

Nadere informatie

Windenergie in Steenbergen

Windenergie in Steenbergen Windenergie in Steenbergen J.H. Fred Jansen Nationaal Kritisch Platform Windenergie (NKPW) www.nkpw.nl Conclusies Windenergie is geen noemenswaardig alternatief voor fossiele energie en levert geen noemenswaardige

Nadere informatie

Stappenplan Zon op Huurwoning Amsterdam

Stappenplan Zon op Huurwoning Amsterdam Context Klimaatprobleem Er is sprake van een wereldwijd klimaatprobleem, waarbij de temperatuur over de afgelopen decennia structureel is opgelopen. Deze trend wordt veroorzaakt door de uitstoot van broeikasgas,

Nadere informatie

Sociale Windenergie. Windenergie langs de A16. Wind A16 & Sociale windenergie

Sociale Windenergie. Windenergie langs de A16. Wind A16 & Sociale windenergie Sociale Windenergie & Windenergie langs de A16 1 Ons idee Samen Sociale Windenergie realiseren door samenwerking lokale initiatieven in Zundert?? 2 Wat zijn onze doelstellingen? DUURZAAM LOKAAL BETAALBAAR

Nadere informatie

ASPIRAVI. Windpark Haaltert

ASPIRAVI. Windpark Haaltert ASPIRAVI Windpark Haaltert SAMEN GEDREVEN DOOR DE WIND WINDPARK HAALTERT Windpark Haaltert: Projectlocatie Projectkenmerken Timing van de werken Investeer mee via Aspiravi Samen cvba Aankoop van groene

Nadere informatie

Insights Energiebranche

Insights Energiebranche Insights Energiebranche Naar aanleiding van de nucleaire ramp in Fukushima heeft de Duitse politiek besloten vaart te zetten achter het afbouwen van kernenergie. Een transitie naar duurzame energie is

Nadere informatie

INITIATIEFVOORSTEL CONFORM ARTIKEL 4:2 REGLEMENT VAN ORDE

INITIATIEFVOORSTEL CONFORM ARTIKEL 4:2 REGLEMENT VAN ORDE INITIATIEFVOORSTEL CONFORM ARTIKEL 4:2 REGLEMENT VAN ORDE 1. Rol van de gemeente bij het opzetten en ondersteunen van lokale duurzame energie initiatieven. 2. Onderzoek naar de mogelijkheden plaatsing

Nadere informatie

Besluit college van Burgemeester en Wethouders

Besluit college van Burgemeester en Wethouders Registratienr: 2013/4543 Registratiedatum: Afdeling: Leefomgeving Agendapunt: 49-Va-09 Openbaar: Ja X Nee Reden niet openbaar: Onderwerp: Windpark gemeente Kranenburg (DE) Besluit: Kennis te nemen van

Nadere informatie

MKBA Windenergie Lage Weide Samenvatting

MKBA Windenergie Lage Weide Samenvatting MKBA Windenergie Lage Weide Delft, april 2013 Opgesteld door: G.E.A. (Geert) Warringa M.J. (Martijn) Blom M.J. (Marnix) Koopman Inleiding Het Utrechtse College en de Gemeenteraad zetten in op de ambitie

Nadere informatie

Regeling verlaagd tarief bij collectieve opwekking

Regeling verlaagd tarief bij collectieve opwekking Regeling verlaagd tarief bij collectieve opwekking Energiecafé 12 december 2013 Johan de Kanter Salderen Het kunnen verrekenen van afname van en levering aan het net en de consequenties daarvan voor Energiebelasting

Nadere informatie

Renewable energy in the Reijerscop area Peter Dekker Luc Dijkstra Bo Burgmans Malte Schubert Paul Brouwer

Renewable energy in the Reijerscop area Peter Dekker Luc Dijkstra Bo Burgmans Malte Schubert Paul Brouwer Renewable energy in the Reijerscop area Peter Dekker Luc Dijkstra Bo Burgmans Malte Schubert Paul Brouwer Introductie Methode Subsidies Technologien Wind Zon Geothermisch Biomassa Externe Investeerders

Nadere informatie

Uitwegen voor de moeilijke situatie van NL (industriële) WKK

Uitwegen voor de moeilijke situatie van NL (industriële) WKK Uitwegen voor de moeilijke situatie van NL (industriële) WKK Kees den Blanken Cogen Nederland Driebergen, Dinsdag 3 juni 2014 Kees.denblanken@cogen.nl Renewables genereren alle stroom (in Nederland in

Nadere informatie

PV-BOMEN EN PV-BLOEMEN

PV-BOMEN EN PV-BLOEMEN Ruimtelijke onderbouwing inzake zonnebomen PRO N329 Inleiding PRO N329 is de bouwcombinatie die de werkzaamheden aan de N329 uitvoert en daarbij een energieneutrale weg wil realiseren. Direct langs de

Nadere informatie

Beknopte beleidsnotitie voor zonne-energie gemeente Leeuwarderadeel 2016. Versie : ontwerp Datum : 1 februari 2016

Beknopte beleidsnotitie voor zonne-energie gemeente Leeuwarderadeel 2016. Versie : ontwerp Datum : 1 februari 2016 Beknopte beleidsnotitie voor zonne-energie gemeente Leeuwarderadeel 2016 Versie : ontwerp Datum : 1 februari 2016 1 1 Inleiding Op 18 februari 2015 heeft Provinciale Staten van Fryslân het beleidsstuk

Nadere informatie

Draagvlak en participatie. Windcongres 6 oktober 2015

Draagvlak en participatie. Windcongres 6 oktober 2015 Draagvlak en participatie Windcongres 6 oktober 2015 Gerrit Modderkolk Procap adviseurs en projectmanagers Procap Procap adviseurs en projectmanagers - Voor ruimtelijke vraagstukken: haalbaar maken en

Nadere informatie

Energieakkoord, gevolgen voor lokale energie. Inspiratiebijeenkomst Netwerk Duurzame Dorpen

Energieakkoord, gevolgen voor lokale energie. Inspiratiebijeenkomst Netwerk Duurzame Dorpen Energieakkoord, gevolgen voor lokale energie Inspiratiebijeenkomst Netwerk Duurzame Dorpen Hoofdlijnen Besparing finale energieverbruik van 1,5% per jaar 100 Petajoule* aan energiebesparing in het finale

Nadere informatie

100% groene energie. uit eigen land

100% groene energie. uit eigen land 100% groene energie uit eigen land Sepa green wil Nederland op een verantwoorde en transparante wijze van energie voorzien. Dit doen wij door gebruik te maken van duurzame energieopwekking van Nederlandse

Nadere informatie

Vraag- en antwoordlijst Windenergie op Goeree-Overflakkee Aanleiding

Vraag- en antwoordlijst Windenergie op Goeree-Overflakkee Aanleiding 1 Vraag- en antwoordlijst Windenergie op Goeree-Overflakkee Versie: 25 april 2013 Opgesteld door: Windgroep Goeree-Overflakkee, gemeente Goeree-Overflakkee en provincie Zuid-Holland Aanleiding Waarom zijn

Nadere informatie

Alleen ter besluitvorming door het College Actief informeren van de Raad. Collegevoorstel Openbaar. Onderwerp Windturbines De Grift

Alleen ter besluitvorming door het College Actief informeren van de Raad. Collegevoorstel Openbaar. Onderwerp Windturbines De Grift Collegevoorstel Openbaar Onderwerp Windturbines De Grift Programma / Programmanummer Grondbeleid / 1032 BW-nummer Portefeuillehouder J. van der Meer Samenvatting In dit voorjaar heeft de Raad van State

Nadere informatie

Windenergie in de Wieringermeer

Windenergie in de Wieringermeer Windenergie in de Wieringermeer J. H. Fred Jansen Nationaal Kritisch Platform Windenergie Conclusies Windenergie is geen noemenswaardig alternatief voor fossiele energie en levert geen noemenswaardige

Nadere informatie

Regio Stedendriehoek

Regio Stedendriehoek Regio Stedendriehoek 1 Energieneutrale regio Energietransitie Stedendriehoek Apeldoorn, Brummen, Deventer, Epe, Lochem, Voorst,Zutphen Netbeheer en Duurzame Gebiedsontwikkeling Pieter van der Ploeg, Alliander

Nadere informatie

Notitie Duurzame energie per kern in de gemeente Utrechtse Heuvelrug

Notitie Duurzame energie per kern in de gemeente Utrechtse Heuvelrug Notitie Duurzame energie per kern in de gemeente Utrechtse Heuvelrug CONCEPT Omgevingsdienst regio Utrecht Mei 2015 opgesteld door Erwin Mikkers Duurzame energie per Kern in gemeente Utrechtse Heuvelrug

Nadere informatie

Raymond Roeffel Directeur Trineco. Regelgeving, Organisatie en beheermodellen rondom Zonne

Raymond Roeffel Directeur Trineco. Regelgeving, Organisatie en beheermodellen rondom Zonne Raymond Roeffel Directeur Trineco Regelgeving, Organisatie en beheermodellen rondom Zonne Agenda Waarom zonnestroom? Wet en regelgeving rondom zonnesystemen Salderingstarieven De meest voorkomende situaties

Nadere informatie

Vergisting anno 2010 Rendabele vergister onder SDE 2010. Hans van den Boom 22 april 2010 Sectormanager Duurzame Energie

Vergisting anno 2010 Rendabele vergister onder SDE 2010. Hans van den Boom 22 april 2010 Sectormanager Duurzame Energie Vergisting anno 2010 Rendabele vergister onder SDE 2010 Hans van den Boom 22 april 2010 Sectormanager Duurzame Energie Financieren Duurzame energie binnen Rabobank Groep Maatwerk Sustainability naast Food

Nadere informatie

Samen is de snelste weg voor Wind op Land

Samen is de snelste weg voor Wind op Land Samen is de snelste weg voor Wind op Land NWEA bijeenkomst Leon Pulles Januari 2015 Vragen aan de zaal Wie is er voor wind energie op land? Wie vindt windmolens mooi? Wie wil een 3 MW molen op 300 meter

Nadere informatie

Realisatie wind-energie in Weert in samenwerking met Nederweert, Leudal en Peel-en Maas. Informatiebijeenkomst Commissie Weert, 17 november 2015

Realisatie wind-energie in Weert in samenwerking met Nederweert, Leudal en Peel-en Maas. Informatiebijeenkomst Commissie Weert, 17 november 2015 Realisatie wind-energie in Weert in samenwerking met Nederweert, Leudal en Peel-en Maas Informatiebijeenkomst Commissie Weert, 17 november 2015 1 Inhoud Duurzame energie in Weert POL en samenwerking Uitgangspunt

Nadere informatie

PARKSTAD LIMBURG ENERGIE TRANSITIE

PARKSTAD LIMBURG ENERGIE TRANSITIE 1 PARKSTAD LIMBURG ENERGIE TRANSITIE BIJEENKOMST 3 DECEMBER 2015 Programma Duurzaam Landgraaf TON ANCION WETHOUDER GEMEENTE LANDGRAAF RONALD BOUWERS PROJECTLEIDER DUURZAAMHEID WIE ZIJN WIJ? PROJECTTEAM

Nadere informatie

Houtige biomassaketen

Houtige biomassaketen Houtige biomassaketen 27 januari 2016, Gilze Rijen Schakelevent RVO: Is houtige biomassateelt voor kleinschalige warmte-opwekking interessant? Ton.van.Korven@zlto.nl Eigen duurzame energieketen Biomassaproductie/Biomassa

Nadere informatie

5-3-2015 WERKGROEP TECHNIEK EN AANBESTEDING 03-03-2015. Zie de leidraad op www.zondeventer.nl

5-3-2015 WERKGROEP TECHNIEK EN AANBESTEDING 03-03-2015. Zie de leidraad op www.zondeventer.nl WERKGROEP TECHNIEK EN AANBESTEDING 03-03-2015 Zie de leidraad op www.zondeventer.nl Waarom zonne-energie Wat is zonne-energie Kengetallen Opbrengst zonne-energie Stappenplan Componenten Plaatsing Turnkey

Nadere informatie

ASPIRAVI. Windpark Assenede

ASPIRAVI. Windpark Assenede ASPIRAVI Windpark Assenede SAMEN GEDREVEN DOOR DE WIND WINDPARK ASSENEDE Windpark Assenede: Projectlocatie Projectkenmerken Timing / planning van de werken Investeer mee via Aspiravi Samen cvba Aankoop

Nadere informatie

Ontwikkelingen Zonne-energie

Ontwikkelingen Zonne-energie Ontwikkelingen Zonne-energie : Energieke Samenleving onderweg naar morgen Bert Bakker NIEUW: Bezuidenhoutseweg 50 2594 AW Den Haag 070 3040114 De oorsprong van (duurzame) energie De zon als energieleverancier

Nadere informatie

Voor- of tegenwind? Drenthe Molenvrij?

Voor- of tegenwind? Drenthe Molenvrij? Voor- of tegenwind? Het Ministerie van Economische Zaken heeft aangegeven met alle provincies tot afspraken te willen komen over windenergie: hoeveel energie kan er in elke provincie opgewekt worden met

Nadere informatie

TAB Verdienmodel. 1. Overzicht potentieel TAB areaal 2. Huidig grondbezit 3. Quickscan verdienmodel 4. Cases verdienmodel:

TAB Verdienmodel. 1. Overzicht potentieel TAB areaal 2. Huidig grondbezit 3. Quickscan verdienmodel 4. Cases verdienmodel: TAB Verdienmodel 1. Overzicht potentieel TAB areaal 2. Huidig grondbezit 3. Quickscan verdienmodel 4. Cases verdienmodel: Stadslandbouw Tijdelijke (wind)energie Natte bedrijventerreinen Potentieel TAB

Nadere informatie

Onderw erp Beschikbaar stellen daken maatschappelijk vastgoed aan energiecoöperaties voor zonnepanelen

Onderw erp Beschikbaar stellen daken maatschappelijk vastgoed aan energiecoöperaties voor zonnepanelen Collegevoorstel Sector : SOB Opsteller : P.M. Sparenburg Telefoon : (033) 469 50 43 User-id : SPAP Onderw erp Beschikbaar stellen daken maatschappelijk vastgoed aan energiecoöperaties voor zonnepanelen

Nadere informatie

Zie vervolgblad. Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Embargo tot en met 22 mei. Onderwerp Burgerwindpark A15

Zie vervolgblad. Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Embargo tot en met 22 mei. Onderwerp Burgerwindpark A15 Embargo tot en met 22 mei Onderwerp Burgerwindpark A15 Programma / Programmanummer Grondbeleid / 1032, Klimaat & Energie / 1022 BW-nummer n.v.t. Portefeuillehouder J. van der Meer Samenvatting De gemeente

Nadere informatie

GEEN EIGEN DAK, WEL EIGEN ZONNEPANELEN? KOOP NU PANELEN OP ZONSTATION 1. EEN COLLECTIEF ZONNEDAK OP METROSTATION REIGERSBOS

GEEN EIGEN DAK, WEL EIGEN ZONNEPANELEN? KOOP NU PANELEN OP ZONSTATION 1. EEN COLLECTIEF ZONNEDAK OP METROSTATION REIGERSBOS ZONSTATION GEEN EIGEN DAK, WEL EIGEN ZONNEPANELEN? KOOP NU PANELEN OP ZONSTATION 1. EEN COLLECTIEF ZONNEDAK OP METROSTATION REIGERSBOS Amsterdam staat aan de vooravond van een energietransitie. Van vieze

Nadere informatie

Windenergie in Oss. Ontwikkelscenario s. Opdrachtgever

Windenergie in Oss. Ontwikkelscenario s. Opdrachtgever Windenergie in Oss Ontwikkelscenario s Opdrachtgever Windenergie in Oss Ontwikkelscenario s Datum 11 augustus 2015 Versie 4 -Def Auteurs Drs. Ruud van Rijn Steven Velthuijsen MSc. Bosch & Van Rijn Groenmarktstraat

Nadere informatie

Businesscases zonne-energie: waar kan het, en wat levert het op?

Businesscases zonne-energie: waar kan het, en wat levert het op? Businesscases zonne-energie: waar kan het, en wat levert het op? Door: Ronald Franken en Maarten Corpeleijn (r.franken@atrive.nl / m.corpeleijn@atrive.nl) 3 september 2013 Ten geleide Met het nieuwe energie-akkoord

Nadere informatie

VERHUUR JE DAK AAN GREENCROWD

VERHUUR JE DAK AAN GREENCROWD VERHUUR JE DAK AAN GREENCROWD Over Greencrowd Greencrowd structureert en financiert duurzame-energie-projecten. Greencrowd richt zich hierbij op projecten waarbij lokale, duurzame energieproductie wordt

Nadere informatie

BLIX Consultancy BV. Hoe kies je de juiste windturbine voor je project

BLIX Consultancy BV. Hoe kies je de juiste windturbine voor je project BLIX Consultancy BV Hoe kies je de juiste windturbine voor je project In deze presentatie Introductie BLIX Hoe kies je de juiste windturbine voor je project Techniek Turbinevermogen en powercurve Aandachtspunten

Nadere informatie

Startnotitie procedure bestemmingsplan Brediusgronden

Startnotitie procedure bestemmingsplan Brediusgronden Startnotitie procedure bestemmingsplan Brediusgronden Startnotitie procedure bestemmingsplan Brediusgronden 1. Inleiding Het college heeft op 17 juli 2013 besloten om een intentieoverkomst met Rijkswaterstaat

Nadere informatie

28 december 2011. Subsidieaanvraag Stadsinitiatief Rotterdam. Solar Green Point

28 december 2011. Subsidieaanvraag Stadsinitiatief Rotterdam. Solar Green Point 28december2011 SubsidieaanvraagStadsinitiatiefRotterdam SolarGreenPoint Inhoudsopgave Voorwoord...1 1. Introductie Solar Green Point.......2 2. Salderingsregeling Electriciteitswet..........2 3. Activiteiten....3

Nadere informatie

Windenergie. Verkenning van de mogelijkheden binnen de gemeente Apeldoorn

Windenergie. Verkenning van de mogelijkheden binnen de gemeente Apeldoorn Windenergie Verkenning van de mogelijkheden binnen de gemeente Apeldoorn dea juni 2014 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Facts & Figures Windenergie 3 3 Geografische mogelijkheden 5 4 Participatiemodellen

Nadere informatie

Antwoord Toelichting Antwoord Toelichting Antwoord Toelichting. instrumentarium geeft om goed op de windmolens om zo in 2020 20%

Antwoord Toelichting Antwoord Toelichting Antwoord Toelichting. instrumentarium geeft om goed op de windmolens om zo in 2020 20% Vragen Provincie Partij Hoe belangrijk vindt u dat er draagvlak van Zoals hierboven geschetst staat D66 Ik sta hier gedeeltelijk achter Omdat dit omwonenden een prima voor het plaatsen van deze instrumentarium

Nadere informatie

Parkstad Limburg Energy Transition Implementation Program PALET 3.0. Discussie en vragen

Parkstad Limburg Energy Transition Implementation Program PALET 3.0. Discussie en vragen Parkstad Limburg Energy Transition Implementation Program PALET 3.0 Discussie en vragen Ambition Document 1.0 2.0 Potention Research Parkstad Limburg Energy Transition (PALET 3.0) Basic principles PALET

Nadere informatie

Vragen van de heer D.J. van der Sluijs (PVV) over Windturbines, hogedruk gasleidingen en veiligheid

Vragen van de heer D.J. van der Sluijs (PVV) over Windturbines, hogedruk gasleidingen en veiligheid Vragen nr. 83 Aan de leden van Provinciale Staten van Noord-Holland Haarlem, 28 oktober 2014 Vragen van de heer D.J. van der Sluijs (PVV) over Windturbines, hogedruk gasleidingen en veiligheid De voorzitter

Nadere informatie

Riedsútstel. Underwerp Grootschalige toepassing van zonnepanelen

Riedsútstel. Underwerp Grootschalige toepassing van zonnepanelen Riedsútstel Ynformaasjekarrûsel : 3 april 2014 Status : Informerend / Informatiestuk Agindapunt : 5 Portefúljehâlder : J. Lammers Amtner : mw. R.M.A. van Sonsbeek Taheakke : - Op besjen : - Underwerp Grootschalige

Nadere informatie

Aan de Raad Raad Made, 24 oktober 2014

Aan de Raad Raad Made, 24 oktober 2014 Aan de Raad Raad Made, 24 oktober 2014 OPINIERONDE 2 oktober 2014 Agendapuntnummer: 6 Raadsvergadering 16 oktober 2014 Onderwerp: Sociale randvoorwaarden windenergie Registratienummer: 14int03080 Casenr:

Nadere informatie

Peter Huijs/Yvonne de Graaf Afdeling. Naam en telefoon. Portefeuillehouder

Peter Huijs/Yvonne de Graaf Afdeling. Naam en telefoon. Portefeuillehouder Onderwerp De keuze van de gemeente uit de mogelijkheden om het windpark Elzenburg/De Geer te realiseren als begin 2016 wordt besloten om het proces hiervoor voort te zetten. Datum 2 september 2015 Naam

Nadere informatie

4 maart 2014. Project ontwikkeling. Zon-P.V.

4 maart 2014. Project ontwikkeling. Zon-P.V. 4 maart 2014 Project ontwikkeling Zon-P.V. 1 Inhoud Inhoudsopgave Locatie keuze Ontwikkel en investering en exploitatie kosten Kostprijs kwh Vragen 2 Projectontwikkeling Coöperatieve Zon-P.V. Geen rekensommen

Nadere informatie

nieuwe turf Brochure over de mogelijkheden voor Duurzame energie en energiebesparing in de regio Oostermoer.

nieuwe turf Brochure over de mogelijkheden voor Duurzame energie en energiebesparing in de regio Oostermoer. Op zoek naar het nieuwe turf Brochure over de mogelijkheden voor Duurzame energie en energiebesparing in de regio Oostermoer. Opgave Windenergie Het Rijk heeft zichzelf tot doel gesteld om in 2020 6000

Nadere informatie

Hernieuwbaar energie-aandeel in Vlaamse nieuwbouwprojecten Ontdek de zonnestroomoplossingen van SMA

Hernieuwbaar energie-aandeel in Vlaamse nieuwbouwprojecten Ontdek de zonnestroomoplossingen van SMA Hernieuwbaar energie-aandeel in Vlaamse nieuwbouwprojecten Ontdek de zonnestroomoplossingen van SMA Verplicht aandeel hernieuwbare energie in nieuwbouw Vanaf 1 januari 2014 moet elke nieuwe woning, kantoor

Nadere informatie

Maak werk van zon & wind Schone energie voor heel Tynaarlo. Tynaarlo

Maak werk van zon & wind Schone energie voor heel Tynaarlo. Tynaarlo Maak werk van zon & wind Tynaarlo Aanleiding Najaarsnota 2008 aankondiging plannen voor duurzame energie Voorjaar 2009 ontwikkelen scenario s Mei 2009 raadpleging inwoners Tynaarlo Juni 2009 voorstellen

Nadere informatie

Jan Willem Zwang & Sven Pluut Amersfoort, 15 november 2013

Jan Willem Zwang & Sven Pluut Amersfoort, 15 november 2013 Crowdfunding Jan Willem Zwang & Sven Pluut Amersfoort, 15 november 2013 Stichting Green Crowd Utrechtseweg 310 Gebouw H02 6812 AR Arnhem 0285 4013 471 www.greencrowd.nl Agenda Korte introductie Wat is

Nadere informatie

Harderwijk in de zon

Harderwijk in de zon Harderwijk in de zon Informatieavond zonne-energie Veluwe Duurzaam samen met Gemeente Harderwijk 17 juni 2014 ir. A.D. Hekstra Handicom Solar solar@handicom.nl 0341-412629 Vanavond Zonnestraling -> warmte

Nadere informatie

ZONNEWIJDE-BREDA LDE BRABANT D.D. 30 MEI 2013. Breda DuurSaam: - Edwin Waelput

ZONNEWIJDE-BREDA LDE BRABANT D.D. 30 MEI 2013. Breda DuurSaam: - Edwin Waelput ZONNEWIJDE-BREDA LDE BRABANT D.D. 30 MEI 2013 1 Breda DuurSaam: - Edwin Waelput - Breda DuurSaam 2 Coöperatie van Betrokken Bredase Burgers Opgericht in september 2011 Projecten opzetten, ondersteunen

Nadere informatie