VLAAMSERAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende regeling tot erkenning van de outplacement-, wervingsen selectiebureaus in het Vlaamse Gewest VERSLAG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "VLAAMSERAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende regeling tot erkenning van de outplacement-, wervingsen selectiebureaus in het Vlaamse Gewest VERSLAG"

Transcriptie

1 Stuk 172 (BZ 1992) - Nr. 5 ARCHIEF 1IuAMsE RAAD TEFWB~~~RGEN VLAAMSERAAD ZITTING FEBRUARI 1993 ONTWERP VAN DECREET houdende regeling tot erkenning van de outplacement-, wervingsen selectiebureaus in het Vlaamse Gewest VERSLAG namens de Commissie voor Economie, Energie en Werkgelegenheid uitgebracht door de heer E. Schuermans Samenstelling van de commissie : Voorzitter : de heer J. Laverge. Vaste leden : de heren P. Deprez, J. De Roo, J. Lenssens, E. Schuermans, J. Weyts ; de heren F. Dielens, C. Lisabeth, J. Sleeckx, G. Vermassen ; de heren L. Bril, J. Buchmann, J. Laverge ; de heer F. Wymeersch ; de heer H. Candries ; mevrouw M. Aelvoet. Plaatsvervangers : de heren S. De Clerck, M. Didden, mevrouw L. Nelis-Van Liedekerke, de heren K. Pinxten, J. Taylor ; de heren G. Bossuyt, M. Bourgois, J. Leclercq, D. Van der Maelen ; de heren W. Cortois, D. Van Mechelen, F. Vergote ; de heer W. Peeters ; de heer M. Capoen ; de heer J. Ulburghs. Zie : 172 (BZ 1992) - Nr. 1 : Ontwerp van decreet - Nrs. 2 en 3 : Amendementen - Nr. 4 : Subamendement 466

2 172 (BZ 1992) - Nr. 5 PI DAMES EN HEREN, Uw Commissie besprak op 13 en 27 januari 1993 het ontwerp van decreet houdende regeling tot erkenning van de outplacement-, wervings- en selectiebureaus in het Vlaamse Gewest en keurde het na amendering goed. 1. INLEIDENDE UITEENZETTING DOOR ME- VROUW L. DETIEGE, VLAAMSE MINISTER VAN TE- WERKSTELLING EN SOCIALE AANGELEGENHE- DEN 1. Outplacement gekaderd in de evoluties op de arbeidsmarkt De maatschappelijke en technologische evoluties hebben op korte tijd de arbeidsmarkt grondig gewijzigd. Het klassieke beeld van de onderneming met een Fordistisch-Tayloristische produktiewijze en de werknemer met een zowel inhoudelijke als juridische vaste arbeidsovereenkomst is dooreengeschud. Door de filialisering en de KMO-isering is enerzijds de tewerkstelling in grotere en stabiele produktie-eenheden afgenomen en de economische netwerkafhankelijkheid toegenomen. De toeleveringsbedrijven zijn daarbij sterk gebonden aan de marktpositie van de centrumonderneming. Anderzijds wordt van de werknemers een verhoogde functionele flexibiliteit gevraagd. Twee opvallende kenmerken hiervan zijn de tendens tot taakroulatie en de tendens tot meermachinebediening. Bovendien is er een toenemende integratie van de algemeen technische, de specifiek technische en de socio-normatieve functies. Deze evoluties brengen met zich mee dat de opleidingsinspanningen zowel binnen de bedrijfsexterne als binnen de bedrijfsinterne arbeidsmarkt geïntensifieerd worden. Hoe langer hoe minder werknemers kunnen nog zonder om- of bijscholing hun taken vervullen. De wijzigende werkprocedures en -methodes stellen voortdurend het probleem van kwalificatie-aanpassingen. De geschetste veranderingen op macro- en micro-niveau leiden ertoe dat absolute werkzekerheid nog nauwelijks kan gegarandeerd worden. Meer en meer werknemers zullen geconfronteerd worden met een verandering van werkgever of ontslag. Exacte kwantitatieve gegevens over afgevloeide werknemers ontbreken. De VDAB noteerde in 1990 ongeveer inschrijvingen van ontslagen werknemers die nog geen nieuwe betrekking hadden en aanspraak maakten op werkloosheidsuitkeringen. Outplacement moet gekaderd worden binnen deze algemene evolutie. De werknemers die getroffen worden door deze aanpassingsproblemen moeten kunnen rekenen op een aangepaste begeleiding tijdens de zoektocht naar een nieuwe betrekking. Het aanbieden van outplacement door de overheid kan gezien worden als tegengewicht voor de verhoogde flexibiliteit die van de werknemer wordt vereist..

3 [ (BZ 1992) - Nr Aandachtspunten bij een optreden van de Vlaamse overheid 2.1. Outplacement en arbeidsbemiddeling Preliminair aan de omschrijving van de rol van de Vlaamse overheid inzake outplacement stelt zich de vraag naar de juridische mogelijkheid van een optreden van de Vlaamse overheid op dit beleidsdomein. Door de Staatshervorming zijn de contouren van dergelijk optreden immers niet zo duidelijk. Concreet stelt zich de vraag of outplacement een vorm van arbeidsbemiddeling uitmaakt. De Bijzondere Wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen hevelt, wat het tewerkstellingsbeleid betreft, immers de materie,,arbeidsbemiddeling over van de nationale overheid naar de Gewesten. Nochtans geeft deze wet geen definitie van het begrip,,arbeidsbemiddeling. De Memorie van Toelichting, die geen bindende rechtskracht heeft, geeft wel enkele nuttige verduidelijkingen.,,arbeidsbemiddeling behelst onder andere de plaatsing van werknemers onder meer wat betreft de organisatie en het beleid van de arbeidsmarkt en de overheidstussenkomsten die de professionele of geografische mobiliteit van de werknemers trachten te begunstigen. Meer duidelijkheid omtrent het begrip,,arbeidsbemiddeling wordt gegeven door de wet van 28 december 1984 tot afschaffing of herstructurering van sommige instellingen van openbaar nut. Deze wet hevelt expliciet de taken vermeld in artikel 6, paragraaf 1, derde lid, a van de Besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders over van de RVA naar de VDAB. Deze taken betreffen,,de aanwerving en de plaatsing van de werknemers te bevorderen en te organiseren. Het decreet van 20 maart 1984 houdende oprichting van de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling herneemt deze taken in artikel 4, 1. Het lijkt mij onbetwistbaar dat,,outplacement een maatregel is waardoor de aanwerving en de plaatsing van werknemers wordt bevorderd. Outplacement slaat immers op een geheel van adviezen en diensten dat in opdracht van een werkgever ter beschikking wordt gesteld van een ontslagen of met ontslag bedreigde werknemer om deze in staat te stellen in een zo kort mogelijke tijd een nieuwe passende werkkring te vinden. Zonder meer duidelijk is de definitie die in het Benelux Sociaalrechtelijk Woordenboek weerhouden wordt. Arbeidsbemiddeling wordt er gedefinieerd als,,bemoeiing met het doel werkgevers bij het zoeken van arbeidskrachten en werknemers bij het zoeken van een arbeidsplaats behulpzaam te zijn. Deze ruime definitie heeft als voordelen dat zij de filosofie van de arbeidsbemiddeling respecteert en rekening houdt met mogelijke evoluties inzake bemiddelingstechnieken en -methodes. Hierbij moet wel opgemerkt worden dat de terminologie van dit woordenboek, alhoewel bij decreet van 25 september 1975 verplichtend gesteld van de Vlaamse overheidsdiensten, niet kan gesteld worden boven definities die in wettelijke of reglementaire teksten worden gegeven. Besluitend meen ik te kunnen stellen dat outplacement wel degelijk een vorm van arbeidsbemiddeling betreft en dus door de Vlaamse overheid kan gereglementeerd worden.

4 172 (BZ 1992) - Nr. 5 PI 2.2. Outplacement en arbeidsrechtelijke aspecten Het is evident dat de Vlaamse overheid niet reglementerend kan optreden ten aanzien van de arbeidsrechtelijke aspecten die aan outplacement verbonden zijn. Aangezien outplacement deel uitmaakt van een uitwervings- en afdankingsbeleid zijn er onvermijdelijk raakvlakken met het ontslagrecht. Outplacement kan geen afbreuk doen aan de wettelijke en conventionele normen die van toepassing zijn bij ontslag van werknemers, en moet neutraal zijn ten aanzien van de ontslagrechten van de werknemers. De Vlaamse overheid kan hier niet rechtstreeks op ingrijpen. Dat is de exclusieve bevoegdheid van de nationale wetgever. Wel kan de Vlaamse overheid hier ondersteunend optreden, bijvoorbeeld door de erkenning van een outplacementbureau afhankelijk te maken van diens verbintenis de aangehaalde wettelijke en conventionele ontslagnormen na te leven. Het ontwerp refereert in die zin dan ook naar de CAO nr. 51, gesloten in de Nationale Arbeidsraad op 10 februari Evenmin kan de Vlaamse overheid outplacement verplichtend stellen in geval van afvloeiingsmaatregelen. Zij kan immers geen bepalingen treffen die ingrijpen op de arbeidsrechtelijke verhouding tussen werkgever en werknemer. De vrijheid van de sociale partners om ter zake bijvoorbeeld een CAO of een collectief akkoord af te sluiten moet dan ook gerespecteerd worden. De wetgevende lacune rond pre- en postcontractuele relaties tussen werkgever en werknemer kan niet door de regionale overheid worden ingevuld. 3. De rol van de Vlaamse overheid Voor de Vlaamse overheid is inzake outplacement, werving enselectie eendubbele rolweggelegd. Vooreerst is er de noodzaak om de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB) de nodige beleidsmatige middelen en instrumentaria ter beschikking te stellen zodat zij zelf tot outplacement kan overgaan. Daarenboven kan de Vlaamse overheid, in navolging van wat zij gedaan heeft op het vlak van de uitzendarbeid, reglementerend optreden ten aanzien van de marktsector van de outplacement-, wervings- en selectiebureaus. Dit tweesporenbeleid wordt navolgend toegelicht Een VDAB-outplacementdienst De VDAB speelt als openbare arbeidsbemiddelingsdienst een centrale rol in het arbeidsmarktgebeuren. Zij intervenieert voor ongeveer 40 à 45 percent van de vacatures in het reguliere economisch circuit. De opdracht van de VDAB is tweeërlei. Enerzijds moet zij in functie van de economische wetmatigheden vraag- en aanbodzijde van de arbeidsmarkt efficiënt op mekaar afstemmen. Dit veronderstelt dat zij vacatures zo vlug mogelijk invult met beschikbare en aangepaste arbeidskrachten. Dit houdt ook in dat zij werkt aan opleidingsbehoeften van werknemers die reeds ingeschakeld zijn in het arbeidsproces. Anderzijds heeft zij de sociale opdracht de reïntegratiemogelijkheden van de kansarme werklozen, langdurig en/of laaggeschoolde werklozen, te verhogen zodat deze personen reële doorstromingskansen krijgen naar het economisch circuit, om werkloosheid voor zo veel mogelijk werknemers te voorkomen.

5 (BZ 1992) - Nr. 5 Om deze dubbele doelstelling te verwezenlijken heeft de VDAB nood aan een breed en aangepast instrumentarium. Outplacement dient hier een onderdeel van te zijn. De creatie van een outplacementdienst binnen de VDAB is niet zo innoverend als zou kunnen worden gedacht. Vooreerst hanteren de jobclubs die sedert 1 oktober 1987 werden opgericht, al geruime tijd outplacementtechnieken, weliswaar voor een moeilijkere doelgroep, namelijk de werkzoekenden die reeds ten minste één jaar werkloos zijn. De resultaten zijn hier vrij positief ; de plaatsingsratio bedraagt na twee maanden immers 62 percent. Vervolgens werden er reeds in individuele gevallen, voornamelijk naar aanleiding van herstructureringen of sluitingen van grote ondernemingen, specifieke bemiddelingsacties ondernomen om de afvloeiing van de werknemers te verzachten. Bij besluit van de Vlaamse Executieve van 11 september 1991 heeft de VDAB dan ook de mogelijkheid gekregen om outplacement te organiseren. Outplacement door de VDAB georganiseerd heeft een aantal onmiskenbare voordelen. Eerstens kan zij er toe leiden dat groepen van werknemers die buiten het privaatrechtelijk outplacementaanbod vallen toch van deze voorziening kunnen genieten. Dit zou met name het geval kunnen zijn voor werkgevers die niet bereid zijn de tarieven van de private bureaus te betalen of voor openbare instellingen of besturen. Verder kan de VDAB een meer geïntegreerde aanpak verzekeren voor de betrokken werknemers, zelfs na beëindiging van de outplacementopdracht, door doorstroming naar het gewone instrumentarium te verzekeren (jobclubs, beroepsopleidingen en dergelijke meer). Tenslotte zal er een zekere spontane marktregulering ontstaan tengevolge van een overheidsoptreden in dit domein. De evolutie die heeft plaatsgevonden op de markt van de uitzendarbeid, kan hier als voorbeeld gelden. Vanzelfsprekend is het niet de bedoeling met deze aanpak een overheidsdienst in de plaats te stellen van het privé-initiatief. Er moet integendeel een faire concurrentie kunnen spelen tussen de VDAB-outplacementdiensten en de privaatrechtelijke outplacementbureaus. Het VDAB-optreden kan ertoe leiden dat het tarificatie-systeem transparanter wordt ook in de private sector, doch mag niet tot gevolg hebben dat onrechtstreeks de kwaliteit van outplacement door de particuliere sector wordt aangetast Een marktregulerend optreden Naast de oprichting van een VDAB-outplacement-dienst is ook een decretaal initiatief nodig. Bedoeling van dit initiatief dat nu voorligt, is ervoor te zorgen dat de marktsector gesaneerd wordt en dat enkel bonafide outplacement-, wervings- en selectiebureaus in Vlaanderen hun activiteiten kunnen uitoefenen. Tevens kan dit ertoe leiden dat niet enkel de economische rendabiliteit bij deze diensten primeert, maar dat ook aandacht wordt geschonken aan de sociale doeltreffendheid van dergelijke voorziening. Tenslotte dringt zich een regulerend optreden ook op om misbruiken tegenover personen die in een economische of intellectueel zwakkere positie verkeren, te voorko-

6 172 (BZ 1992) - Nr. 5 PI men en om te waken over de bevoegdheidsverdeling inzake plaatsing (overheidsopdracht) en outplacement (gemengde opdracht). Dergelijk regulerend optreden is geïnspireerd door het decreet van 6 maart 1991 houdende regeling tot erkenning van de uitzendbureaus in het Vlaamse Gewest en het KB van 28 november 1975 betreffende de exploitatie van bureaus voor arbeidsbemiddeling tegen betaling. Om hun activiteiten te kunnen uitoefenen in het Vlaamse Gewest moeten outplacement-, wervings- en selectiebureaus over een erkenning vanwege de Vlaamse overheid beschikken. Deze erkenning wordt afhankelijk gemaakt van een aantal voorwaarden zoals : - het verlenen van de nodige le deskundigheid aanwezig is ; waarborgen dat professione- - het verbod aan plaatsing van werknemers te doen ; - de verbintenis de privacy van zowel de werkgever als de werknemer te respecteren ; uitwervende - de verbintenis geen afbreuk te doen aan de wettelijke of conventionele beschermingsmaatregelen inzake ontslag ; - het voldoen aan de sociale en de belastingwetgeving ; - het verbod voor de werknemer te vorderen. activiteiten een vergoeding van de Een op te richten erkenningscommissie moet waken over de toepassing van de hiervoor geciteerde normen. Deze commissie bestaat naast de sociale partners uit deskundigen die een grondige kennis hebben over het werkveld. II. ALGEMENE BESPREKING 1. Het begrip,,outplacement Door een lid wordt met betrekking tot artikel 2 van het ontwerp van decreet, dat de meest voorkomende definities weergeeft, kritisch opgemerkt dat vele begrippen die betrekking hebben op het domein van de arbeidsbemiddeling, onbegrijpelijk overkomen voor de sociaal-zwakkere doelgroepen op de arbeidsmarkt. Het zoeken naar een correct Nederlands equivalent verloopt meestal moeizaam. Kan hieraan niet meer zorg en aandacht worden besteed naar de toekomst toe? Het lid betreurt dat de sociaal-rechtelijke structuren worden gecreëerd door universitairen en sociale scholen, zonder inspraak van de arbeiders zelf. Hij vindt dit een betreurenswaardige evolutie en protesteert hiertegen. De minister betwijfelt dat de vervanging van het woord,,outplacement door het Nederlandstalige equivalent,,uitplaatsing of,,uitwerving concreet zal bijdragen tot een grotere duidelijkheid. De term,,uitplaatsing zou beleidsmatig voor nog meer verwarring zorgen, vermits het ontwerp van decreet er juist moet voor zorgen dat outplacement, werving en selectie zich niet uitstrekken tot het domein van de plaatsing. De minister is gekant tegen het hanteren van een terminologie die haaks staat op de in de praktijk ontwikkelde begrippen. Een dergelijke handelwijze zou de verwarring slechts doen toenemen.

7 (BZ 1992) - Nr. 5 Het domein van de plaatsing is immers wettelijk voorbehouden voor de overheid. Het gebruik van het woord,,uitplaatsing zou de indruk kunnen doen ontstaan of versterken dat plaatsingsactiviteiten geoorloofd zijn in het kader van de hier bedoelde diensten. De minister beaamt dat er zich vele nieuwe begrippen ontwikkelden met betrekking tot het brede referentiekader van het arbeidsmarktgebeuren. Zelf streeft de minister ernaar om de nieuwe begrippen afdoende te omschrijven (bijvoorbeeld ingroeibanen, jobcreatie, arbeidsallocatie, enzovoort). Met betrekking tot het begrip,,outplacement benadrukt de minister dat dit begrip reeds op algemene wijze ingang heeft gevonden in de wetgeving, rechtsleer en de vakliteratuur. Voor wat de wetgeving betreft kan worden verwezen naar de CAO, nr. 51 betreffende outplacement, afgesloten in de Nationale Arbeidsraad op 10 februari Ook in de patronale en syndicale middens is het begrip,,outplacement voldoende ingeburgerd. De minister refereert naar het artikel 2 van het voorliggende ontwerp van decreet. Artikel 2, 1 bevat de definitie van,,outplacement en bakent de bevoegdheidssfeer af van de openbare en privé-sector. De minister stelt vast dat er zich in het arbeidsmarktgebeuren een nieuwe bedrijfscultuur heeft ontwikkeld, om met ontslag bedreigde of ontslagen werknemers te begeleiden naar een nieuwe tewerkstelling. Het initiatief tot outplacement gaat uit van de werkgever. Volgens de privaatrechtelijke gedragscodes is outplacement de begeleiding van deze werknemers en strekt het zich niet uit tot het zoeken naar een betrekking voor deze werknemers. Het plaatsingsproces, waarvan werving en selectie slechts componenten zijn, is krachtens het IAO-Verdrag van 1949 en de wet die aan dit verdrag uitwerking verleende, nog steeds een taak van de overheid. De finaliteit van het plaatsingsproces is het zoeken naar de meest geschikte werknemer voor de opvulling van een welbepaalde vacature op de arbeidsmarkt. Outplacement daarentegen is een dienstenpakket dat aangeboden wordt ter ondersteuning van een werknemer naar een toekomstige tewerkstelling Collectieve- en individuele outplacementactiviteiten Door een lid wordt erop gewezen dat in artikel 2 van het ontwerp van decreet geen onderscheid is gemaakt tussen groeps- en individuele outplacementactiviteiten. Hij stelt vast dat outplacement vooral wordt toegepast door ondernemingen in moeilijkheden, of door bedrijven in herstructurering. Quid voor een groepsoutplacement?

8 172 (BZ 1992) - Nr. 5 PI De minister verduidelijkt dat groepsoutplacement wel degelijk mogelijk is, doch dat de intrede in het outplacementproces strikt individueel is, uit respect voor de keuzevrijheid van de werknemer, die steeds moet gevrijwaard blijven. Hierop wordt door hetzelfde lid opgemerkt dat bedrijven vaak voor een groep van werknemers de outplacementtechniek toepassen. Het strikt individuele karakter moet volgens een ander lid worden bewaard. De minister beaamt dat outplacement, bij herstructurering van bedrijven in moeilijkheden, ook betrekking kan hebben op een grote groep van kaderpersoneel. De keuzevrijheid moet gerespecteerd worden naar analogie met andere collectieve beslissingen, onder meer inzake brugpensioenregeling. Volgens een ander lid is het perfect mogelijk om oplossingen aan te reiken voor een grote groep van met ontslag bedreigde of ontslagen werknemers, doch de gemaakte keuze zal steeds resulteren in een individuele overeenkomst. Volgens de minister sluit artikel 2 van voorliggend ontwerp van decreet een collectief outplacement niet uit, doch het akkoord van de betrokken werknemer is steeds noodzakelijk, vermits het collectief outplacement deel uitmaakt van het ontslagrecht. Deze materie is geregeld door CAO nr. 51 betreffende outplacement, afgesloten in de Nationale Arbeidsraad op 10 februari 1992, waarin expliciet een onderscheid wordt gemaakt tussen het individuele en collectieve outplacement. Het ontwerp van decreet regelt de erkenning van de outplacementbureaus, maar handelt niet over de wijze waarop een werkgever de techniek van het outplacement in het kader van het ontslagrecht kan aanwenden. De minister benadrukt dat de opname in artikel 2 van het ontwerp van decreet van collectief outplacement overbodig is, vermits outplacement inherent verbonden is aan individuele werknemers, ook al zijn deze betrokken in een collectief outplacementproces. 2. Het bevoegdheidsprobleem Door een lid wordt nadere opheldering gevraagd nopens de mogelijke interpretatieproblemen die gerezen waren met betrekking tot het bevoegdheidsvraagstuk. Hij merkt op dat de minister outplacement beschouwt als een vorm van arbeidsbemiddeling. Volgens dit lid werden door meerdere professoren hieromtrent uiteenlopende stellingen verdedigd. Door sommige professoren werd betwijfeld of outplacement wel een vorm van arbeidsbemiddeling is. Dit is, aldus het lid, de kern van de discussie. Volgens de ene stelling is outplacement geen vorm van arbeidsbemiddeling en valt het niet onder de bevoegdheid van de Gewesten, maar van de nationale wetgever. Volgens een andere stelling is dit gestoeld op een al te enge interpretatie van een verouderde wetgeving. Hij is daarenboven van mening dat outplacement onder de bevoegdheid van de Gewesten valt. Het lid wenst van de minister te vernemen of dit juridisch imbroglio definitief is ontward. De minister antwoordt hierop door te refereren naar het advies van de Raad van State van 10 oktober 1991, uitgebracht over het voorontwerp van decreet. Nopens dit be-

9 PI 172 (BZ 1992) - Nr. 5 voegdheidsvraagstuk werden in dit advies door de Raad van State geen opmerkingen geformuleerd. 3. Gedragscode van de Nationale Vereniging van Outplacementbureaus (NVOB) Met betrekking tot de outplacementbureaus zelf merkt hetzelfde lid op dat, in 1990, door negen outplacementbureaus de Nationale Vereniging van Outplacementbureaus werd opgericht met zetel te Brussel. De belangrijkste verdienste van de NVOB bestond in het ontwerpen van een sectoriële gedragscode die begin 1990 werd gepubliceerd. Deze code behoort tot de strengste die waar ook door een outplacementassociatie tot stand werd gebracht. De bedoeling van dit ontwerp van decreet was een structuur te brengen in de outplacementmarkt en in de deontologische gedragscode. Volgens de NVOB zouden in april 1992 negen bureaus, die samen een marktaandeel van naar schatting 80 percent van de Belgische markt hebben, deel uitmaken van haar organisatie. Daarnaast zijn er nog een twintigtal bureaus die outplacement aanbieden. De meeste daarvan komen niet in aanmerking voor het NVOB-lidmaatschap omdat zij tevens onverenigbare activiteiten als executive search en recrutering uitoefenen. Het lid betwijfelt de noodwendigheid van dit ontwerp van decreet, vermits er reeds een regeling is uitgewerkt door de betrokken sector zelf, waarbij deze sector zichzelf organiseert, eigen gedragsregels uitwerkt en controleert. Andere leden verheugen zich echter over dit ontwerp, dat een eerste aanzet is tot structurering van de outplacementmarkt. De minister repliceert dat het opzet van het voorliggende ontwerp van decreet erin bestaat een reglementerend kader aan te reiken. De minister poneert, dat de vraag om structuren en regelgeving, vanuit de betrokken sector zelf werd geformuleerd. Zolang de outplacementmarkt onvoldoende is gereguleerd, zullen bepaalde outplacementbureaus malafide praktijken blijven uitoefenen, die ten koste gaan van de klant en waardoor ook de bonafide bureaus in opspraak worden gebracht. Een marktregulering kan in ruime mate bijdragen tot een betere sociale bescherming van de werkgeversgebruikers en van de werknemers. De minister merkt op dat, via deze reglementering, de erkenning slechts wordt verleend, wanneer de betrokken bureaus aan bepaalde voorwaarden voldoen en op advies van de erkenningscommissie, opgericht in de schoot van de SERV, waarin zowel afgevaardigden van de werkgevers- en syndicale organisaties zitting hebben. 4, Erkenningsvoorwaarden Tijdens de algemene bespreking wordt in de Commissie een uitvoerige gedachtenwisseling gewijd aan artikel 6, onder meer inzake een mogelijke verruiming van het toepassingsgebied van het voorliggende ontwerp van decreet tot de VZW s, het verbod tot activiteitenvermenging, bescherming van de privacy van de werknemer en een mogelijke preferentiële behandeling van de VDAB.

10 172 (BZ 1992) - Nr. 5 [ Verruiming van het van decreet tot de vzw s toepassingsgebied van het ontwerp Meerdere leden betonen zich hiervan voorstander. Hiertoe moet onder meer de tekst van artikel 6, paragraaf 1, 1 van het ontwerp van decreet worden aangepast. Door verschillende leden wordt de indiening van amendementen aangekondigd, omdat het toepassingsgebied van het ontwerp van decreet niet mag beperkt worden tot de handelsvennootschappen en de natuurlijke personen. Ook de vzw s moeten binnen het ontwerp van decreet vallen. het toepassingsgebied van Vervolgens merkt een ander lid op dat een verruiming tot vzw s te vaag is omschreven. Het moet gaan om vzw s die actief zijn op de outplacementmarkt en nauw verbonden zijn met sectoriële opleidingsinstituten, beheerd door sociale partners. Een strikte omschrijving van de activiteiten van de vzw s is gewenst. De minister stelt dat de erkenningsvoorwaarden, opgesomd in artikel 6 van het ontwerp van decreet één globaal geheel vormen. Zij moeten in onderlinge samenhang worden gelezen Verbod van activiteitenvermenging Verschillende leden tonen zich sceptisch ten aanzien van de strikte scheiding tussen de activiteiten van wervings-, selectie- en outplacementbureaus. Is deze opsplitsing wel houdbaar in de praktijk? Zal de verleiding niet te groot zijn om onderling gegevensbestanden uit te wisselen? Volgens een van deze leden kan deze artificiële activiteitenopsplitsing nefaste gevolgen hebben voor de economische leefbaarheid van de wervings- en selectiebureaus en de outplacementkantoren, vermits de hoofdmoot van deze activiteiten bestaat uit werving en selectie, die vanuit markteconomisch oogpunt de meest rendabele activiteiten zijn, terwijl outplacement slechts een bescheiden marktsegment vertegenwoordigt. Daarenboven kan dit verbod tot activiteitenvermenging zeer gemakkelijk worden omzeild, door uit hoofde van één aandeelhouder verschillende bureaus op te richten. Ware het niet eerder aangewezen om de drie luiken : werving, selectie en outplacement te groeperen in één enkele erkenning, gezien de grote complementariteit van de drie begrippen? Is deze opsplitsing ingegeven omwille van een doorgedreven specialisatie? De minister beklemtoont dat deze opsplitsing er gekomen is op verzoek van de betrokken sector zelf. Ook in andere landen (Nederland) geldt het verbod op activiteitenvermenging, dat eveneens is opgenomen in de voluntaristische gedragscodes en in de Gedragscode van de Nationale Vereniging voor Outplacementbureaus en de Beroepsvereniging voor Werving- en Adviesbureaus. De ratio legis hiervan is een maximale bescherming van de werknemer en de gebruiker. Een werknemer mag in een plaatsingsproces niet volledig afhankelijk worden van één organisatie. Het instandhouden van eenzijdige gesloten circuits tast de keuzevrijheid van de werknemer aan. Vandaar dit verbod op de activiteitenvermenging, op het vlak van werving, selectie en outplacement.

11 [ (BZ 1992) - Nr. 5 Door een ander lid wordt de indiening van een amendement op artikel 6, paragraaf 1, 10, en artikel 6, paragraaf 1, 120, aangekondigd teneinde te voorzien in een adequatere bescherming van de privacy van de werknemer. Het lid poneert dat de evolutie op het vlak van de bescherming van de privacy van de werknemers in het outplacementproces, ronduit verontrustend is. Hij toont zich daarom verheugd met dit ontwerp van decreet dat een regelgevend kader voor de outplacementbureaus wil aanreiken. Vele bureaus legden gegevensbestanden aan en wisselden deze onderling uit, zonder dat hierop een afdoende controle is ingesteld. In deze context wordt door nog een ander lid erop gewezen dat in het kader van de outplacementactiviteiten, door de outplacementbureaus hoe dan ook contacten zullen worden gelegd met de wervings- en selectiebureaus, teneinde alle mogelijkheden aan te boren. Outplacement is immers een dienstenpakket aangeboden aan de werkgever tegen een vergoeding. Indien één bureau, zowel selectie-, wervings- en outplacementactiviteiten concentreert fnuikt dit de mogelijkheden van de werknemer. De minister repliceert dat het de facto verboden is aan outplacementkantoren om plaatsingsactiviteiten te ontplooien. Outplacementkantoren beperken zich op grond van hun Gedragscode tot het zuiver versterken en begeleiden van de bij de werknemers aanwezige kwalificaties. Het is niet de taak van de outplacementbureaus om de link te leggen tussen de vraag- en aanbodzijde van de arbeidsmarkt. Precies daarom die verbodsbepaling tot activiteitenvermenging in hun gedragscode. Outplacement, selectie en werving worden door de werkgever betaald. Door een lid wordt opgemerkt dat de outplacementbureaus het bewijs moeten leveren dat zij alle mogelijkheden benutten om die met ontslag bedreigde of ontslagen werknemer(s) terug te integreren op de arbeidsmarkt. De minister verduidelijkt dat aan deze bekommernis wordt tegemoet gekomen door de bepalingen van artikel 6, paragraaf 1, 21. Een ander lid stelt vast dat de paragraaf 1, 21, haaks staan op 6, paragraaf 1, 10. bepalingen van artikel 6, de bepalingen van artikel Volgens dit lid is er een te strikte scheiding tussen selectie, werving en outplacement. Teneinde de stringente bepalingen van artikel 6, paragraaf 1, 10, enigszins te temperen, kondigt hij de indiening aan van een amendement, waardoor eveneens een adequatere controle zal worden ingesteld op de banden van een outplacementbureau met een wervings- en selectiebureau en omgekeerd. De minister benadrukt echter dat op het vlak van de Gedragscode het van zeer groot belang is dat bepaalde bedrijven de drie functies niet zouden groeperen. Ook de erkenningscommissie, opgericht in de schoot van de SERV, betoonde zich hieromtrent bijzonder waakzaam. Het lid kan zich echter niet van de indruk ontdoen dat dit ontwerp van decreet vooral mikt op de bescherming van de belangen van een beroepssector. Wordt wel voldoende aandacht besteed aan de werknemer? De praktijk zal, volgens een ander lid, onvermijdelijk evolueren naar een sterke vermenging van selectie-, wervingsen outplacementactiviteiten. Bonafide kantoren zullen op-

12 172 (BZ 1992) - Nr. 5 [ 12 1 passend zijn en hun opdrachten correct vervullen, zoniet worden zij automatisch uit de outplacementmarkt geduwd. Hij beschouwt deze discussie als vrij theoretisch. Vervolgens ontspint zich tussen verschillende leden een discussie over : een zinsnede van artikel 6, paragraaf 1, 10,,,waarbij een outplacementbureau in zijn werking geen banden van exclusieve of overwegende aard mag onderhouden met een wervings- of selectiebureau of omgekeerd. Verschillende leden stellen voor om in de tekst van artikel 6, paragraaf 1, 10, de woorden,,overwegend weg te laten en alleen het woord,,exclusief te behouden, teneinde geen ruimte te laten voor mogelijke interpretatie. Op deze denkpiste wordt door de commissie niet dieper ingegaan Verbod van activiteitenvermenging ten aanzien van de VDAB door middel van een interne code Een lid stipt aan dat de strikte scheiding tussen selectie, werving en outplacement niet geldt ten aanzien van de VDAB. Hij stelt vast dat in het voorliggende ontwerp van decreet de wetgeving op de VDAB is aangepast. De VDAB wordt aldus gelijkgeschakeld met een erkend wervings- en selectiebureau dat eveneens outplacementactiviteiten mag ontplooien, en is niet onderworpen aan de stringente bepalingen inzake verbod van activiteitenvermenging. Is dit geen concurrentievervalsing? Waarom geldt de onverenigbaarheid tussen werving, selectie en outplacement wél ten opzichte van de privé-organisaties? De minister repliceert dat deze visie de resultante is van een functionele taakverdeling in de schoot van de VDAB. De opsplitsing opgenomen in het decreet spruit voort uit de wensen van de betrokken sector zelf. Het lid neemt hiermede geen genoegen. Hij benadrukt dat voor de VDAB dezelfde criteria als voor de privésector moeten worden gehanteerd. De minister verwijst naar het besluit van de Vlaamse Executieve van 11 september 1991 dat bepaalt dat de VDAB onderworpen is aan het algemeen regelgevend kader, dat vastgelegd is in CAO nr. 51 betreffende outplacement, afgesloten in de Nationale Arbeidsraad op 10 februari Deze CAO streeft prioritair naar de bescherming van de rechten van die gebruikers, zowel werkgevers als werknemers. Ook bij de VDAB is op basis van de deontologische gedragscode, vastgelegd door het Beheerscomité een activiteitenvermenging verboden. Een werkzoekende bij de VDAB wordt niet automatisch klant bij de andere door de VDAB aangeboden diensten. Steeds wordt er overleg gepleegd met de werkzoekende. Er is geen automatische gegevensdoorstroming naar de verschillende andere VDAB-geledingen. De VDAB-structuur bestaat uit verschillende onderafdelingen die zich axeren op welbepaalde beleidsterreinen, waarvan per beleidsdomein de specifieke aanpak is gewaarborgd. In de VDAB is er, aldus de minister een opsplitsing van de bevoegdheden. Opleiding, bemiddeling, worden afgehandeld in aparte groepen. Het lid repliceert dat de automatische gegevensdoorstroming binnen de VDAB zeer vlot kan gebeuren via de centrale databank van het SIMONA-project.

13 [ (BZ 1992) - Nr. 5 De minister stelt dat er een duidelijk onderscheid moet worden gemaakt tussen werving en selectie en benadrukt de stringente criteria met betrekking tot de erkenning van de outplacementbureaus. Het lid repliceert dat uit de bepalingen van artikel 6, paragraaf 1, 10 afdoende blijkt dat het verbod tot activiteitenvermenging slechts geldt ten aanzien van de privébureaus en niet ten aanzien van de VDAB. De minister merkt vervolgens op dat de VDAB paritair wordt beheerd. Dit is volgens het lid echter geen afdoende waarborg voor een correcte naleving van het verbod van activiteitenvermenging door de VDAB. Hij kondigt de indiening van een amendement aan op artikel 17, 1 van het voorliggende ontwerp van decreet teneinde via een interne code het principe van het verbod tot activiteitenvermenging in te bouwen voor de VDAB. III. ARTIKELSGEWIJZE BESPREKING Opschrift Tussen meerdere commissieleden ontspint zich een gedachtenwisseling omtrent de precieze draagwijdte van de titel van het ontwerp van decreet. Een lid stelt vast dat het ontwerp van decreet slechts een regeling inhoudt van de erkenning van de outplacementbureaus in het Vlaamse Gewest. Waarom werden dan in de titel de drie soorten activiteiten outplacement, werving en selectie opgenomen? De minister verwijst naar de tekst van de artikelen 2 en 4 van het voorliggende ontwerp van decreet. Artikel 2 somt de punten op van de verschillende begrippen : outplacement, werving, selectie, enzovoort. Artikel 4 heeft betrekking op de erkenning. Door een ander lid wordt opgemerkt dat uit de aard van de ingediende amendementen afdoende blijkt dat de hoofdbekommernis van meerdere leden tijdens de algemene bespreking uitging naar de stringente toepassing van het verbod tot activiteitenvermenging. Hetzelfde lid oppert dat de gelijktijdige opname van de drie activiteiten in de titel de indruk wekt dat het om een globale regeling gaat, terwijl het ontwerp van decreet zich precies kant tegen iedere vorm van activiteitenvermenging. De minister beaamt dat inderdaad ten onrechte de indruk wordt gewekt dat het decreet slechts de erkenning regelt van de outplacementbureaus alleen. Artikel 6 somt de erkenningsvoorwaarden op die van toepassing zijn op alle bureaus, waaronder ook de wervings- en selectiebureaus, die echter niet met name genoemd worden, vermits ze ressorteren onder het in artikel 2 opgesomde begrip,,bureau. Gelet op die specificiteit van de dienstverlening door de outplacementbureaus, dienen deze outplacementbureaus nog te beantwoorden aan specifieke erkenningsvoorwaarden. De minister verklaart dat het misverstand omtrent de precieze draagwijdte van de titel van het ontwerp van decreet voortspruit uit de bijzondere aandacht voor het verbod tot activiteitenvermenging tijdens de algemene bespreking. Het ontwerp van decreet beoogt wel degelijk een regeling tot erkenning van de outplacement-, wervings- en selectiebureaus in het Vlaamse Gewest.

14 172 (BZ 1992) - Nr. 5 [ 14 1 Door een ander lid wordt opgemerkt dat, op het vlak van de arbeidsbemiddeling, artikel 4 van het decreet van 20 maart 1984, houdende oprichting van de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling aan de VDAB ter zake een monopoliepositie toekent. Hij benadrukt dat een strikte scheiding tussen werving, selectie, outplacement en de arbeidsbemiddeling dient gehandhaafd. De grens tussen beide begrippen is echter zeer nauw. Hij benadrukt dat, gezien de finaliteit van de outplacementactiviteit en de bedrijvigheid van wervings- en selectiebureaus in het outplacementdomein, de outplacementbureaus zich evenwel dienen te onthouden van iedere vorm van arbeidsbemiddeling voor werknemers in het kader van een outplacementactiviteit. De minister toont begrip voor deze bekommernis van het lid en verwijst ter zake naar de bepalingen van artikel 6, 11 van het voorliggende ontwerp van decreet. Zij bevestigt dat de arbeidsbemiddeling gereserveerd blijft voor de VDAB. Met betrekking tot de noodzaak om in de titel van het ontwerp verschillende activiteiten op te nemen, en het verbod opgelegd door CAO nummer 51 aan outplacementbureaus, inzake werving en selectie, wordt door andere leden voorgesteld om het opschrift te wijzigen als volgt :,,Ontwerp van decreet houdende regeling tot erkenning van de outplacementbureaus enerzijds en wervings- en selectiebureaus in het Vlaamse Gewest anderzijds. De minister repliceert dat de Raad van State geen opmerkingen formuleerde ten aanzien van het opschrift en wenst het opschrift in zijn huidige vorm te behouden. De Commissie stemt hiermede in. Deze artikelen genomen. HOOFDSTUK 1 Algemene bepalingen Artikelen 1 tot 3 worden zonder opmerkingen eenparig aan- Deze artikelen genomen. HOOFDSTUK II Erkenning Artikelen 4 en 5 worden zonder opmerkingen eenparig aan- Artikel 6 Dit artikel regelt de erkenningsvoorwaarden. Op dit artikel worden door de heren C. Lisabeth, E. Schuermans en H. Candries (Stuk 172 (BZ 1992) - Nr. 2) verschillende amendementen ingediend teneinde het toepassingsgebied van het ontwerp van decreet te verruimen tot de VZW s actief op het domein van outplacement. Het eerste amendement strekt ertoe in 0 1, 1 te vervangen door wat volgt :,,l regelmatig opgericht zijn in de vorm van een handelsvereniging of een vereniging zonder winstgevend doel waarvan, blijkens de statuten, de activiteit bestaat uit het exploiteren van een bureau. Het amendement wordt eenparig aangenomen.

15 [ (BZ 1992) - Nr. 5 Een tweede amendement strekt ertoe in 0 1, 4, 5, 6 en 7 op de eerste regel na het woord,,lasthebbers telkens het woord,,beheerders en op de tweede regel na het woord,,vennootschap telkens de woorden,,of de vereniging in te voegen. Door een lid wordt opgemerkt dat beide amendementen zich vooral toespitsen op de VZW s die actief zijn op het domein van outplacement. In het licht van de eerder gevoerde gedachtenwisseling nopens de preciese draagwijdte van de titel van het ontwerp van decreet en de opname van de drie soorten activiteiten, dient de draagwijdte van deze amendementen verruimd tot VZW s die actief zijn op het vlak van werving en selectie. Hij vraagt aan de indieners hieromtrent enige verduidelijking. Een mede-indiener van deze amendementen beaamt dit, doch handhaaft het amendement in zijn voorliggende vorm. Het amendement wordt eenparig aangenomen. Op artikel 6, 0 1, 10 liggen twee amendementen voor. Een eerste amendement wordt ingediend door de heren C. Lisabeth, E. Schuermans en H. Candries (Stuk 172 (BZ. 1992) - Nr. 2) dat ertoe strekt 6 1, 10, te vervangen door wat volgt :,,lo niet gelijktijdig activiteiten uitoefenen op het vlak van outplacement, werving of selectie, waardoor de rechten van de werknemer worden geschaad ;. Dit amendement komt tegemoet aan de noodzakelijke bescherming van de rechten en privacy van de werknemer bij een eventuele gelijktijdige uitoefening van de verschillende activiteiten. Een mede-indiener van het amendement verklaart dat de zinsnede,,niet gelijktijdig activiteiten uitoefenen ook een tijdsmoment kan impliceren. Uit een korte gedachtenwisseling tussen meerdere leden blijkt dat de desbetreffende tekst van het voorliggende ontwerp van decreet op afdoende wijze een adequate bescherming van de rechten en privacy van de werknemer garandeert. Het amendement op $ 1, 10 wordt ingetrokken. Vermits de tekst van artikel 6, 0 1, 10 van het ontwerp van decreet aldus ongewijzigd blijft, wordt het amendement op artikel 6, 0 1, 12 O, op verzoek van de minister ingetrokken. Een lid merkt evenwel op dat een strikte scheiding tussen de diverse activiteiten niet het afsluiten van contracten verhindert, waarbij prioritaire banden worden gecreëerd tussen een outplacementbureau en een wervings- en selectiebureau. Het lid is er zich van bewust dat bij een adequate werking van een outplacementbureau contacten met meerdere wervings- en selectiebureaus noodzakelijk zullen zijn. Een eenrichtingscircuit dient vermeden ; doch ook de contacten en relaties van outplacementbureaus met wervings- en selectiebureaus moeten ontmoedigd worden. Preferentiële relaties zouden een reden tot intrekking van de erkenning moeten zijn. Door een ander lid wordt gepleit voor de opstelling van een gedragscode en een zekere soepelheid met betrekking tot de interpretatie van de woorden,,preferentiële banden. Door de heer J. Laverge wordt vervolgens op 8 1, 10 van dit artikel een amendement ingediend dat ertoe strekt 9 1, 10 te vervangen door wat volgt :,,lo geen activiteiten uitoefenen die zowel op outplacement als op werving en selectie betrekking hebben ; (Stuk 172 (BZ 1992) - Nr. 3).

16 172 (BZ 1992) - Nr. 5 [ 16 1 De indiener verantwoordt dit amendement erop wijzend dat in de praktijk moeilijk kan verhinderd worden dat een outplacementbureau in zijn werking banden zal hebben met een wervings- en selectiebureau en omgekeerd. Een adequate controle hierop dringt zich op. Daarenboven moet bij de bepaling van de voorwaarden tot erkenning het bezorgen van een job primeren. De bepalingen van artikel 6, 8 1, 10 zijn te strikt en het amendement streeft een afzwakking na van deze al te strikte bepaling. Het pen. amendement wordt met 8 stemmen tegen Ter stemming gelegd eenparig aangenomen. verwor- wordt het geamendeerde artikel 6 Deze artikelen genomen. Artikelen 7 en 8 worden zonder opmerkingen eenparig aan- HOOFDSTUK III Intrekking of schorsing van de erkenning Artikel 9 Het artikel wordt zonder opmerkingen eenparig aangenomen. HOOFDSTUK IV Erkenningscommissie inzake outplacement, werving en selectie Artikel 10 Dit men. artikel wordt zonder opmerkingen eenparig aangeno- HOOFDSTUK V Toezicht Artikel 11 Ingevolge de aanneming van de amendementen door de heren C. Lisabeth, E. Schuermans en H. Candries (Stuk 172 (BZ 1992) - Nr. 2) op 8 1, l, 4, 5, 6 en 7 van artikel 6 dienèn deze indieners op artikel 11, een technisch amendement in dat ertoe strekt in dit artikel in 1 op de tweede en derde regel de woorden,,of lasthebbers te vervangen door de woorden,,, lasthebbers of beheerders ; (Stuk 172 (BZ 1992) - Nr. 2). Het amendement en het aldus den eenparig aangenomen. geamendeerde artikel wor- Deze artikelen genomen. Artikelen 12 en 13 worden zonder opmerkingen eenparig aan-

17 172 (BZ 1992) - Nr. 5 HOOFDSTUK VI Strafbepalingen Artikelen 14 en 15 Deze artikelen worden zonder opmerkingen eenparig aangenomen. HOOFDSTUK VII Slotbepalingen Artikel 16 Dit artikel wordt zonder opmerkingen eenparig aangenomen. Artikel 17 Op dit artikel wordt een amendement ingediend door de heer J. Laverge (Stuk 172 (BZ 1992) - Nr. 3) dat ertoe. strekt in fine van de in 1 voorgestelde tekst toe te voegen wat volgt.. Een interne code zal worden bepaald met dezelfde basisprincipes als geldig voor de privébureaus,,. De indiener verantwoordt de indiening van het amendement als volgt. Opdat er geen concurrentievervalsing zou zijn mag de VDAB net zoals de privébureaus geen activiteiten die zowel op outplacement als op werving en selectie betrekking hebben, uitoefenen. Dit amendement strekt ertoe dit principe via een interne code in te bouwen voor de VDAB. Eenzelfde dienst van de VDAB mag niet aan outplacement, werving en selectie doen. Wel mogen twee aparte diensten enerzijds aan outplacement doen en anderzijds aan werving en selectie. Binnen dit kader moet hetzelfde principe gelden als voor de privébureaus. Een lid uit enig scepticisme ten aanzien van een gelijkschakeling van de VDAB met de privébureaus daar dit omwille van de specificiteit van de taken van de VDAB niet aangewezen is. De minister repliceert dat, omwille van de wettelijk vastgelegde bevoegdheid van de VDAB inzake arbeidsbemiddeling, er reeds een activiteitenvermenging bestaat. Naast de plaatsing en de bemiddeling vervult de VDAB ook nog een belangrijke sociale rol inzake de integratie in het arbeidscircuit van de zwakkere groepen op de arbeidsmarkt. De privébureaus behandelen deze categorie van werknemers eerder stiefmoederlijk, ofwel worden ze gewoon vergeten, omdat het hier om een moeilijk bemiddelbare groep gaat. De minister verduidelijkt dat inzake de gedragscode ten aanzien van de VDAB, het besluit van de Executieve van 11 september 1991 ter zake reeds een aantal bepalingen omvat. Ook het door het Beheerscomité van de VDAB goedgekeurde standaardcontract verwijst hiernaar. De taakstelling van de VDAB is ook veel ruimer dan de opdracht van een privébureau. De VDAB begeleidt de werknemer verder, ook na de voltooiing van de outplacementactiviteit en het opnemen van een geschikte job, dit in tegenstelling met de privébureaus. De minister stelt dat de bestaande code van de VDAB garant staat voor de uitsluiting van iedere vorm van oneerlijke concurrentie.

18 172 (BZ 1992) - Nr De indiener van het amendement suggereert vervolgens om op de derde regel van de in 1 voorgestelde tekst van dit artikel na het woord,,selectiebureau de woorden,,en outplacementbureau in te voegen. Artikel 17 verwijst naar de decreten van 20 maart 1984 houdende oprichting van de VDAB en het wijzigingsdecreet van 6 maart De minister stemt niet in met de voorgestelde tekstaanpassing en verduidelijkt dat ook in deze decreten wordt verwezen naar de interne gedragscode van de VDAB. Hetzelfde lid stelt dat er in hoofde van de VDAB een vermenging is van vier verschillende activiteiten namelijk werving, selectie, bemiddeling en outplacement. Hij mist een afdoende scheiding tussen deze verschillende taakstellingen. Via het SIMONA-bestand kan de doorstroom van outplacement-klanten vlot verlopen naar het luik van de wervingsen selectieactiviteiten en de rationele en competitieve opstelling van de VDAB houdt een groot risico van concurrentievervalsing in. Een onderscheid tussen de commerciële arbeidsbemiddeling en deze georganiseerd door de overheid is, aldus een ander lid, van het grootste belang. Ter zake refereert het lid naar het Internationaal Verdrag nummer 96 van 1 juli 1949 betreffende bureaus voor Arbeidsbemiddeling welke voor hun bemiddeling betaling vragen, aangenomen door de Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie. België aanvaardt de bepalingen van Deel II van het Verdrag houdende voorzieningen voor de geleidelijke afschaffing van de bureaus voor arbeidsbemiddeling tegen betaling en met winstoogmerk, alsmede voor de regeling van andere bureaus voor arbeidsbemiddeling. Strikt genomen, aldus nog een ander lid, zou ten aanzien van de VDAB, moeten geopteerd worden voor de oprichting van vier aparte overheidsdiensten, namelijk voor werving, selectie, outplacement, T-interim. Dit is echter ondoenbaar. Het lid beklemtoont, dat ook inzake de outplacementactiviteiten binnen de VDAB zelf alle mogelijkheden dienen uitgeput en niet beperkt mogen worden tot de eigen structuren. De begeleiding naar een andere job moet ook mogelijk zijn via andere circuits, desnoods buiten de VDAB-structuren om. De indiener van het amendement stelt dat de koppeling van werving en selectie aan outplacement dient verhinderd. De VDAB valt evenwel buiten het toepassingsgebied van het ontwerp van decreet. Een afdoende controle is noodzakelijk en een interne gedragscode aan de VDAB dringt zich op teneinde werving en selectie strikt te scheiden van outplacement. De VDAB heeft een monopoliepositie. Het probleem van de erkenning van bureaus voor de uitoefening van deelactiviteiten, en de bekommernis om oneerlijke concurrentie te weren, ten gevolge van een activiteitenvermenging tussen werving, selectie en outplacement staat echter los van de uitoefening van deze activiteiten door de overheid, aldus dit lid. De minister repliceert dat er binnen de VDAB-structuur verschillende diensten actief zijn namelijk T-interim, outplacement, werving, selectie. Op het vlak van de controle is er voldoende budgettaire transparantie. Het vorige lid stelt voor om het Beheerscomité van de VDAB in kennis te stellen van de bezorgdheid van de commissie ten aanzien van het probleem van de activiteitenvermenging en aan te dringen op de naleving van de geest van het ontwerp van decreet. De minister vraagt het amendement te verwerpen.

19 (BZ 1992) - Nr. 5 Door de heer J. Laverge wordt vervolgens een subamendement ingediend (Stuk 172 (BZ 1992) - Nr. 4) op het in stuk 172 (BZ 1992) - Nr. 3) voorgestelde amendement op artikel 17. Dit subamendement strekt ertoe in de voorgestelde tekst op de tweede regel de woorden geldig voor de privébureaus,, te vervangen door de woorden vermeld in het decreet,,. Door een ander lid wordt erop gewezen dat prioritaire aandacht dient uit te gaan naar een volledige tewerkstelling. De verwezenlijking van dit objectief mag niet afgeremd worden door al te veel structuren. Ter stemming gelegd worden het subamendement en het amendement verworpen met 8 stemmen voor tegen 1. Het artikel wordt aangenomen met 8 stemmen voor bij 1 onthouding. Artikel 18 Dit artikel wordt zonder verdere opmerkingen eenparig aangenomen.. De titel van de minister wordt conform het besluit van de Vlaamse Executieve van 20 oktober 1992 aangepast. In het ontwerp van decreet wordt telkens,,gemeenschapsminister vervangen door,,minister. IV. EINDSTEMMING Het geamendeerde ontwerp van decreet wordt aangenomen met 7 stemmen voor bij 2 onthoudingen. De verslaggever, De voorzitter, E. SCHUERMANS J. LAVERGE

20 172 (BZ 1992) - Nr TEKST AANGENOMEN DOOR DE COMMISSIE HOOFDSTUK 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Dit decreet regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 107quater van de Grondwet. Artikel 2 Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder : 1 outplacement : het geheel van begeleidende adviezen en diensten dat in opdracht en op kosten van een werkgever aan een ontslagen of met ontslag bedreigde werknemer wordt verstrekt om deze in staat te stellen zo vlug mogelijk een betrekking bij een nieuwe werkgever te vinden of een beroepsactiviteit als zelfstandige te ontplooien ; 2 werving : het geheel van activiteiten dat in opdracht en op kosten van een werkgever wordt uitgevoerd met betrekking tot het bekendmaken van een openstaande arbeidsplaats ; 3 selectie : het geheel van activiteiten dat in opdracht en op kosten van een werkgever wordt uitgevoerd met het oog op het uitbrengen van een advies nopens de geschiktheid van de sollicitanten voor één of meerdere vacatures ; 4 het bureau : de rechtspersoon of de natuurlijke persoon die als tussenpersoon voor een werkgever optreedt om tegen betaling activiteiten in de zin van l, 2 of 3 uit te oefenen ; 5 de erkenningscommissie artikel 10 van dit decreet ; 6 de minister : de minister onder zijn bevoegdheid heeft. : de commissie ingesteld bij die het tewerkstellingsbeleid Artikel 3 Dit decreet is niet van toepassing op bekendmakingen in kranten en publikaties of door middel van auditieve of visuele media tenzij deze als uitsluitend of hoofddoel hebben als tussenpersoon in de zin van artikel 2, 4 op te treden. Dit decreet is evenmin van toepassing op het Vast tariaat voor Werving van het Rij kspersoneel. Secre- HOOFDSTUK II Erkenning Artikel 4 Zonder voorafgaande erkenning mag niemand een bureau exploiteren waarvan de activiteiten bestaan uit het hetzij outplacement, hetzij werving of selectie, noch met het oog op de uitoefening van deze activiteiten, adverteren of reclame maken.

VLAAMSE RAAD VOORSTEL VAN DECREET. houdende bepalingen inzake arbeidsbemiddeling door arbeidsbemiddelingsbureaus opgericht naar privaatrecht

VLAAMSE RAAD VOORSTEL VAN DECREET. houdende bepalingen inzake arbeidsbemiddeling door arbeidsbemiddelingsbureaus opgericht naar privaatrecht Stuk 367 (1992-1993) - Nr. 1 ARCHIEF VLAAMSE RAAD TERUGBEZORGEN VLAAMSE RAAD ZITITNG 1992-1993 15 JUNI 1993 VOORSTEL VAN DECREET - van de heer E. Schuermans C.S. - houdende bepalingen inzake arbeidsbemiddeling

Nadere informatie

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 51 VAN 10 FEBRUARI 1992 BETREFFENDE OUTPLACEMENT ------------------------

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 51 VAN 10 FEBRUARI 1992 BETREFFENDE OUTPLACEMENT ------------------------ COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 51 VAN 10 FEBRUARI 1992 BETREFFENDE OUTPLACEMENT ------------------------ Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de

Nadere informatie

De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt

De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt HOOFDSTUK I Algemene bepalingen Artikel 1 Dit decreet regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 107quater van de Grondwet.

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.605 ------------------------------ Zitting van dinsdag 24 april 2007 -------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.605 ------------------------------ Zitting van dinsdag 24 april 2007 ------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.605 ------------------------------ Zitting van dinsdag 24 april 2007 ------------------------------------------- Uitvoering van het interprofessioneel akkoord 2007-2008 Outplacement Ontwerp

Nadere informatie

DE VERSCHILLENDE REGELINGEN INZAKE OUTPLACEMENT VANAF 1 JANUARI 2014

DE VERSCHILLENDE REGELINGEN INZAKE OUTPLACEMENT VANAF 1 JANUARI 2014 1 april 2014 DE VERSCHILLENDE REGELINGEN INZAKE OUTPLACEMENT VANAF 1 JANUARI 2014 De wet van 26 december 2013 betreffende de invoering van een eenheidsstatuut tussen arbeiders en bedienden inzake de opzeggingstermijnen

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.386 ------------------------------ Zitting van dinsdag 29 januari 2002 --------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.386 ------------------------------ Zitting van dinsdag 29 januari 2002 -------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.386 ------------------------------ Zitting van dinsdag 29 januari 2002 -------------------------------------------- Ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen 7, 3

Nadere informatie

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 24 VAN 2 OKTOBER 1975 BETREFFENDE DE PROCEDURE VAN INLICHTING EN RAADPLEGING VAN DE WERKNEMERSVER-

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 24 VAN 2 OKTOBER 1975 BETREFFENDE DE PROCEDURE VAN INLICHTING EN RAADPLEGING VAN DE WERKNEMERSVER- COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 24 VAN 2 OKTOBER 1975 BETREFFENDE DE PROCEDURE VAN INLICHTING EN RAADPLEGING VAN DE WERKNEMERSVER- TEGENWOORDIGERS MET BETREKKING TOT HET COLLECTIEF ONTSLAG, GEWIJZIGD

Nadere informatie

VLAAMSE RAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende wijziging van artikel 57bis van de Huisvestingscode MEMORIE VAN TOELICHTING. Stuk 295 (1989-1990) - Nr.

VLAAMSE RAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende wijziging van artikel 57bis van de Huisvestingscode MEMORIE VAN TOELICHTING. Stuk 295 (1989-1990) - Nr. Stuk 295 (1989-1990) - Nr. 1 VLAAMSE RAAD ZITTING 1989-1990 14 FEBRUARI 1990 ONTWERP VAN DECREET houdende wijziging van artikel 57bis van de Huisvestingscode MEMORIE VAN TOELICHTING DAMES EN HEREN, Door

Nadere informatie

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer,

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, KONINKRIJK BELGIE 1000 Brussel, Postadres : Ministerie van Justitie Waterloolaan 115 Kantoren : Regentschapsstraat 61 Tel. : 02 / 542.72.00 Fax : 02 / 542.72.12 COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING VAN DE PERSOONLIJKE

Nadere informatie

VLAAMSERAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende regeling tot erkenning van de outplacement-, wervingsen selectiebureaus in het Vlaamse Gewest

VLAAMSERAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende regeling tot erkenning van de outplacement-, wervingsen selectiebureaus in het Vlaamse Gewest Stuk 172 (BZ 1992) - Nr. 1 VLAAMSERAAD BUITENGEWONE ZITTING 1992 14 APRIL 1992 ONTWERP VAN DECREET houdende regeling tot erkenning van de outplacement-, wervingsen selectiebureaus in het Vlaamse Gewest

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.952 ------------------------------- Zitting van dinsdag 14 juli 2015 -------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.952 ------------------------------- Zitting van dinsdag 14 juli 2015 ------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.952 ------------------------------- Zitting van dinsdag 14 juli 2015 ------------------------------------------- Elektronische ecocheques Follow-up en monitoring Ontwerp van koninklijk

Nadere informatie

N Financiële planners A2 Brussel, 27 maart 2014 MH/SL-EDJ/AS 717-2014 ADVIES. over

N Financiële planners A2 Brussel, 27 maart 2014 MH/SL-EDJ/AS 717-2014 ADVIES. over N Financiële planners A2 Brussel, 27 maart 2014 MH/SL-EDJ/AS 717-2014 ADVIES over EEN ONTWERP VAN WET INZAKE HET STATUUT VAN EN HET TOEZICHT OP DE ONAFHANKELIJK FINANCIËLE PLANNERS EN INZAKE HET VERSTREKKEN

Nadere informatie

--------------------------

-------------------------- COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 107 VAN 28 MAART 2013 BETREFFENDE HET KLIKSYSTEEM VOOR HET BEHOUD VAN DE AANVULLENDE VERGOEDING IN HET KADER VAN BEPAALDE STELSELS VAN WERKLOOSHEID MET BEDRIJFSTOESLAG

Nadere informatie

VLAAMSERAA D VOORSTEL VAN DECREET

VLAAMSERAA D VOORSTEL VAN DECREET Stuk 199 (19881989) - Nr. 1 ARCHIEF VLAAMSE RAAD TERUGBEZORGEN VLAAMSERAA D ZITTING 1988-1989 20 APRIL 1989 VOORSTEL VAN DECREET - van mevrouw M. De Meyer - houdende wijziging van het besluit van de Vlaamse

Nadere informatie

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 17 TRICIES -----------------------------------------------------------------------------------

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 17 TRICIES ----------------------------------------------------------------------------------- COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 17 TRICIES ----------------------------------------------------------------------------------- Zitting van dinsdag 19 december 2006 ----------------------------------------------------

Nadere informatie

VLAAMS PARLEMENT DECREET. houdende oprichting van een Kinderrechtencommissariaat. van Kinderrechtencommissaris. Artikel 1

VLAAMS PARLEMENT DECREET. houdende oprichting van een Kinderrechtencommissariaat. van Kinderrechtencommissaris. Artikel 1 VLAAMS PARLEMENT DECREET houdende oprichting van een Kinderrechtencommissariaat en instelling van het ambt van Kinderrechtencommissaris Artikel 1 Dit decreet regelt een gemeenschaps- en gewestaangelegenheid.

Nadere informatie

Vlaamse Regering. De Vlaamse minister van Werkgelegenheid en Toerisme,

Vlaamse Regering. De Vlaamse minister van Werkgelegenheid en Toerisme, Vlaamse Regering MINISTERIEEL BESLUIT TOT UITVOERING VAN DE ARTIKELEN 7, 5 EN 13, TWEEDE LID VAN HET DECREET VAN 13 APRIL 1999 MET BETREKKING TOT DE PRIVATE ARBEIDSBEMIDDELING IN HET VLAAMSE GEWEST De

Nadere informatie

Vlaamse Regering. De Vlaamse minister van Werkgelegenheid en Toerisme,

Vlaamse Regering. De Vlaamse minister van Werkgelegenheid en Toerisme, Vlaamse Regering MINISTERIEEL BESLUIT TOT UITVOERING VAN DE ARTIKELEN 7, 5 EN 13, TWEEDE LID VAN HET DECREET VAN 13 APRIL 1999 MET BETREKKING TOT DE PRIVATE ARBEIDSBEMIDDELING IN HET VLAAMSE GEWEST De

Nadere informatie

Collectieve arbeidsovereenkomst van 18 januari 2016 betreffende de veralgemening van het sectorstelsel voor beroepsherinschakeling

Collectieve arbeidsovereenkomst van 18 januari 2016 betreffende de veralgemening van het sectorstelsel voor beroepsherinschakeling PARITAIR COMITÉ VOOR HET VERZEKERINGSWEZEN (PC 306) Collectieve arbeidsovereenkomst van 18 januari 2016 betreffende de veralgemening van het sectorstelsel voor beroepsherinschakeling Inleiding Gezien de

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.938 ------------------------------- Zitting van maandag 27 april 2015 ------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.938 ------------------------------- Zitting van maandag 27 april 2015 ------------------------------------------------ A D V I E S Nr. 1.938 ------------------------------- Zitting van maandag 27 april 2015 ------------------------------------------------ Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 118 van 27 april 2015 tot vaststelling

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 33286 25 november 2014 Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 17 november 2014, 2014-0000102276,

Nadere informatie

van de verwerking van persoonsgegevens (hierna WVP), inzonderheid artikel 31bis;

van de verwerking van persoonsgegevens (hierna WVP), inzonderheid artikel 31bis; 1/5 Sectoraal comité van het Rijksregister Beraadslaging RR nr 78/2013 van 11 december 2013 Betreft: aanvraag van het Vlaams Subsidieagentschap voor Werk en Sociale Economie om een netwerkverbinding tot

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.581 ----------------------------- Zitting van dinsdag 21 november 2006 ----------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.581 ----------------------------- Zitting van dinsdag 21 november 2006 ---------------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.581 ----------------------------- Zitting van dinsdag 21 november 2006 ---------------------------------------------------- Ontwerp van koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van

Nadere informatie

VLAAMSE RAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende aanvulling van de wet van 26 maart 1971. de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging

VLAAMSE RAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende aanvulling van de wet van 26 maart 1971. de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging Stuk 228 (1983-1984) - Nr. 1 VLAAMSE RAAD ZITTING 1983-1984 6 DECEMBER 1983 ONTWERP VAN DECREET houdende aanvulling van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging

Nadere informatie

1. Outplacement, waarover gaat het?

1. Outplacement, waarover gaat het? Generatiepact Uitvoering Doc nr 3 Koninklijk besluit van 9 mars 2006 Outplacement en sancties 1. Outplacement, waarover gaat het? «Outplacement», ook wel beroepsherklassering genoemd, bestaat uit een reeks

Nadere informatie

Persbericht. Anti-crisismaatregelen: goedkeuring van een tweede pakket maatregelen van de minister van Werk om ontslagen te vermijden

Persbericht. Anti-crisismaatregelen: goedkeuring van een tweede pakket maatregelen van de minister van Werk om ontslagen te vermijden Brussel, 30 april 2009 Persbericht Anti-crisismaatregelen: goedkeuring van een tweede pakket maatregelen van de minister van Werk om ontslagen te vermijden Vice-Eerste minister en minister van werk, Joëlle

Nadere informatie

BIJLAGE BIJ DE CAO NR. 38 VAN 6 DECEMBER 1983 BETREFFENDE DE WERVING EN SELECTIE VAN WERKNEMERS -------------------------

BIJLAGE BIJ DE CAO NR. 38 VAN 6 DECEMBER 1983 BETREFFENDE DE WERVING EN SELECTIE VAN WERKNEMERS ------------------------- BIJLAGE BIJ DE CAO NR. 38 VAN 6 DECEMBER 1983 BETREFFENDE DE WERVING EN SELECTIE VAN WERKNEMERS ------------------------- Zitting van vrijdag 10 oktober 2008 ---------------------------------------------

Nadere informatie

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 38 VAN 6 DECEMBER 1983 BETREFFENDE DE WERVING EN SELECTIE VAN WERKNEMERS, GEWIJZIGD DOOR DE COLLECTIEVE

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 38 VAN 6 DECEMBER 1983 BETREFFENDE DE WERVING EN SELECTIE VAN WERKNEMERS, GEWIJZIGD DOOR DE COLLECTIEVE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 38 VAN 6 DECEMBER 1983 BETREFFENDE DE WERVING EN SELECTIE VAN WERKNEMERS, GEWIJZIGD DOOR DE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMSTEN NR. 38 BIS VAN 29 OKTOBER 1991, NR. 38

Nadere informatie

WAT MOET U DOEN IN HET KADER VAN OUTPLACEMENT?

WAT MOET U DOEN IN HET KADER VAN OUTPLACEMENT? WAT MOET U DOEN IN HET KADER VAN OUTPLACEMENT? Ten gevolge van de zesde staatshervorming, is deze bevoegdheid overgedragen aan de gewesten. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het die verantwoordelijk

Nadere informatie

FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG ------ Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk.

FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG ------ Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk. FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG ------ Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk. ------ Advies nr. 70 van 12 december 2003 over voorstellen tot aanpassing

Nadere informatie

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 42 VAN 2 JUNI 1987 BETREF- FENDE DE INVOERING VAN NIEUWE ARBEIDSREGELINGEN IN DE

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 42 VAN 2 JUNI 1987 BETREF- FENDE DE INVOERING VAN NIEUWE ARBEIDSREGELINGEN IN DE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 42 VAN 2 JUNI 1987 BETREF- FENDE DE INVOERING VAN NIEUWE ARBEIDSREGELINGEN IN DE ONDERNEMINGEN, GEWIJZIGD DOOR DE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 42 BIS VAN 10 NOVEMBER

Nadere informatie

Stuk 1325 (1998-1999) Nr. 1. Zitting 1998-1999. 26 februari 1999 ONTWERP VAN DECREET

Stuk 1325 (1998-1999) Nr. 1. Zitting 1998-1999. 26 februari 1999 ONTWERP VAN DECREET Stuk 1325 (1998-1999) Nr. 1 Zitting 1998-1999 26 februari 1999 ONTWERP VAN DECREET houdende goedkeuring van het samenwerkingsakkoord van 20 oktober 1998 tussen de Vlaamse Gemeenschap en het Waalse Gewest

Nadere informatie

Huishoudelijk reglement van FOPAS. Hoofdstuk I Zetel van FOPAS Art. 2

Huishoudelijk reglement van FOPAS. Hoofdstuk I Zetel van FOPAS Art. 2 Huishoudelijk reglement van FOPAS Hoofdstuk I Zetel van FOPAS Art. 2 Hoofdstuk II Beheerscomité Opdracht Art. 3 Samenstelling Art. 4 Stemming Art. 5 Voorzitter- en ondervoorzitterschap Art. 6 Secretariaat

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.777 ----------------------------- Zitting van woensdag 5 oktober 2011 -------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.777 ----------------------------- Zitting van woensdag 5 oktober 2011 ------------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.777 ----------------------------- Zitting van woensdag 5 oktober 2011 ------------------------------------------------- Outplacement werknemers van beschutte en sociale werkplaatsen en

Nadere informatie

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer ;

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer ; 1/6 Advies nr 04/2016 van 3 februari 2016 Betreft: Adviesaanvraag van de Duitstalige Gemeenschap betreffende het voorontwerp van decreet betreffende de bestrijding van doping in de sport (CO-A-2016-002)

Nadere informatie

MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID ------ Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk. ------

MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID ------ Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk. ------ MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID ------ Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk. ------ Advies nr. 54 van 14 juni 2002 met betrekking tot een ontwerp van koninklijk besluit betreffende

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.917 ----------------------------- Zitting van dinsdag 25 november 2014 -----------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.917 ----------------------------- Zitting van dinsdag 25 november 2014 ----------------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.917 ----------------------------- Zitting van dinsdag 25 november 2014 ----------------------------------------------------- Nationaal profiel voor veiligheid en gezondheid op het werk

Nadere informatie

Deontologische code - Commissie Projectsourcing

Deontologische code - Commissie Projectsourcing Deontologische code - Commissie Projectsourcing 1. Algemene bepalingen 1.1. Doel van deze gedragscode is het bepalen van de regels waartoe de leden zich verbinden ze na te leven. Ze moet bijdragen tot

Nadere informatie

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Publicatieblad Nr. L 225 van 12/08/1998 blz. 0016-0021 DE RAAD VAN

Nadere informatie

VLAAMSERAAD VOORSTEL VAN DECREET. houdende vaststelling van het wapen, de vlag, het volkslied en de feestdag van de Vlaamse Gemeenschap VERSLAG

VLAAMSERAAD VOORSTEL VAN DECREET. houdende vaststelling van het wapen, de vlag, het volkslied en de feestdag van de Vlaamse Gemeenschap VERSLAG Stuk 174 (1988-1989) - Nr. 3 VLAAMSERAAD ZITTING 1989-1990 9 OKTOBER 1990 VOORSTEL VAN DECREET - van de heer M. Olivier C.S. - houdende vaststelling van het wapen, de vlag, het volkslied en de feestdag

Nadere informatie

Brussel, COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING VAN DE PERSOONLIJKE LEVENSSFEER ADVIES Nr 09 / 2007 van 21 maart 2007

Brussel, COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING VAN DE PERSOONLIJKE LEVENSSFEER ADVIES Nr 09 / 2007 van 21 maart 2007 KONINKRIJK BELGIE Brussel, Adres : Hoogstraat, 139, B-1000 Brussel Tel.: +32(0)2/213.85.40 E-mail : commission@privacycommission.be Fax.: +32(0)2/213.85.65 http://www.privacycommission.be COMMISSIE VOOR

Nadere informatie

REGLEMENT BETREFFENDE HET ONDERSTEUNEN VAN VRIJWILLIGERSWERK DOOR HET AANBIEDEN VAN EEN VERZEKERING

REGLEMENT BETREFFENDE HET ONDERSTEUNEN VAN VRIJWILLIGERSWERK DOOR HET AANBIEDEN VAN EEN VERZEKERING REGLEMENT BETREFFENDE HET ONDERSTEUNEN VAN VRIJWILLIGERSWERK DOOR HET AANBIEDEN VAN EEN VERZEKERING DE PROVINCIERAAD VAN WEST-VLAANDEREN Gelet op artikel 2 en artikel 42 van het Provinciedecreet; Overwegende

Nadere informatie

BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID VAN DE ARCHITECT VERBONDEN DOOR EEN ARBEIDSOVEREENKOMST

BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID VAN DE ARCHITECT VERBONDEN DOOR EEN ARBEIDSOVEREENKOMST BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID VAN DE ARCHITECT VERBONDEN DOOR EEN ARBEIDSOVEREENKOMST 1) Omschrijving van de arbeidsovereenkomst Artikel 3 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.445 ----------------------------- Zitting van dinsdag 15 juli 2003 -----------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.445 ----------------------------- Zitting van dinsdag 15 juli 2003 ----------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.445 ----------------------------- Zitting van dinsdag 15 juli 2003 ----------------------------------------- IAO - 92e zitting van de Internationale Arbeidsconferentie (juni 2004) - Rapport

Nadere informatie

2. Hoe kan je de strijd tegen discriminatie aangaan?

2. Hoe kan je de strijd tegen discriminatie aangaan? 2. Hoe kan je de strijd tegen discriminatie aangaan? Om de strijd tegen discriminatie op de werkvloer aan te gaan, kan je als militant beroep doen op een breed wettelijk kader. Je vindt hieronder de belangrijkste

Nadere informatie

WEGWIJS HERSTRUCTURERINGEN. Afgesloten op 19 juni 2009

WEGWIJS HERSTRUCTURERINGEN. Afgesloten op 19 juni 2009 WEGWIJS HERSTRUCTURERINGEN Afgesloten op 19 juni 2009 WEGWIJS HERSTRUCTURERINGEN : INTRODUCTIE Situering Herstructureringen zijn een dagelijks fenomeen geworden op onze arbeidsmarkt. Ze roepen steevast

Nadere informatie

DE OVEREENKOMST. en mediarte.be,...vertegenwoordigd door...

DE OVEREENKOMST. en mediarte.be,...vertegenwoordigd door... Samenwerkingsovereenkomst VDAB mediarte.be 2013-2014 DE OVEREENKOMST Tussen De Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding, publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Gezondheid»

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Gezondheid» Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Gezondheid» SCSZG/11/134 BERAADSLAGING NR 11/088 VAN 18 OKTOBER 2011 MET BETREKKING TOT DE NOTA BETREFFENDE DE ELEKTRONISCHE BEWIJSMIDDELEN

Nadere informatie

HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO

HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO N BEROEPSREGL - Onthaalouders A08 Brussel, 25.06.2009 MH/BL/LC A D V I E S over EEN ONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT BETREFFENDE DE UITSLUITING VAN DE BEROEPSACTIVITEIT

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.606 ------------------------------ Zitting van dinsdag 24 april 2007 -------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.606 ------------------------------ Zitting van dinsdag 24 april 2007 ------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.606 ------------------------------ Zitting van dinsdag 24 april 2007 ------------------------------------------- Uitvoering van het interprofessioneel akkoord voor de periode 2007-2008

Nadere informatie

nationale arbeidsraad

nationale arbeidsraad nationale arbeidsraad A D V I E S Nr. 1.341 ------------------------------ Zitting van donderdag 15 maart 2001 Vereenvoudiging en modernisering van de sociale administratie bij te houden door de werkgevers

Nadere informatie

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 72 VAN 30 MAART 1999 BETREFFENDE HET BELEID TER VOORKOMING VAN STRESS DOOR HET WERK -------------------

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 72 VAN 30 MAART 1999 BETREFFENDE HET BELEID TER VOORKOMING VAN STRESS DOOR HET WERK ------------------- COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 72 VAN 30 MAART 1999 BETREFFENDE HET BELEID TER VOORKOMING VAN STRESS DOOR HET WERK ------------------- Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.438 ------------------------------- Zitting van woensdag 19 maart 2003

A D V I E S Nr. 1.438 ------------------------------- Zitting van woensdag 19 maart 2003 A D V I E S Nr. 1.438 ------------------------------- Zitting van woensdag 19 maart 2003 Ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van artikel 19 van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot

Nadere informatie

VOORSTEL VAN DECREET. van de heer Walter Vandenbossche c.s.

VOORSTEL VAN DECREET. van de heer Walter Vandenbossche c.s. Stuk 769 (1997-1998) Nr. 1 Zitting 1997-1998 9 oktober 1997 VOORSTEL VAN DECREET van de heer Walter Vandenbossche c.s. houdende de organisatie van zomerjobs voor jongeren en voor jongerenverenigingen in

Nadere informatie

Juli 2007 1 OVERZICHT REGELGEVING GEOGRAFISCH INFORMATIE SYSTEEM VLAANDEREN

Juli 2007 1 OVERZICHT REGELGEVING GEOGRAFISCH INFORMATIE SYSTEEM VLAANDEREN 1 OVERZICHT REGELGEVING GEOGRAFISCH INFORMATIE SYSTEEM VLAANDEREN I. GIS-DECREET Decreet van 17 juli 2000 houdende het Geografisch Informatie Systeem Vlaanderen (B.S., 2 september 2000 1, in werking 12

Nadere informatie

IAB-Info. Inhoud. Beroep. Economie

IAB-Info. Inhoud. Beroep. Economie Nummer 4 16 29 februari 2004 IAB-Info Inhoud 16e jaargang Beroep c Bestuur en aandeelhouderschap van erkende professionele vennootschappen Deze bijdrage strekt ertoe een overzicht te bieden van zowel de

Nadere informatie

DECREET. houdende de erkenning en de subsidiëring van organisaties voor volkscultuur en de oprichting van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur

DECREET. houdende de erkenning en de subsidiëring van organisaties voor volkscultuur en de oprichting van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur VLAAMS PARLEMENT DECREET houdende de erkenning en de subsidiëring van organisaties voor volkscultuur en de oprichting van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur HOOFDSTUK I Algemene bepalingen Artikel 1

Nadere informatie

www.weerwerkpremie.be

www.weerwerkpremie.be www.weerwerkpremie.be Handleiding bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2005 Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap 6/2005 Inhoud Woord vooraf 2 1. Op wie is de maatregel van toepassing? 3

Nadere informatie

!f0.lgemeen ~EHEERSCÇ:OMITE

!f0.lgemeen ~EHEERSCÇ:OMITE !f0.lgemeen ~EHEERSCÇ:OMITE VOOR HET SOCIAAL STATUUT DER ZELFSTANDIGEN Opgericht bij de wet van 30 december 1992 Jan Jacobsplein, 6 1 000 Brussel Tei.:025464340 Fax :02 546 21 53 ABC ADVIES 2010/04 Brussel,

Nadere informatie

A. Context van de goedkeuring van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 82 bis

A. Context van de goedkeuring van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 82 bis 1 december 2007. De collectieve arbeidsovereenkomst nr. 82 bis van 17 juli 2007 tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 82 van 10 juli 2002 betreffende het recht op outplacement voor werknemers

Nadere informatie

R A P P O R T Nr. 87 --------------------------------

R A P P O R T Nr. 87 -------------------------------- R A P P O R T Nr. 87 -------------------------------- Europese kaderovereenkomst betreffende inclusieve arbeidsmarkten Eindevaluatie van de Belgische sociale partners ------------------------ 15.07.2014

Nadere informatie

MEDEDELING Nr. 11 -------------------------------- Zitting van dinsdag 30 oktober 2012 --------------------------------------------------

MEDEDELING Nr. 11 -------------------------------- Zitting van dinsdag 30 oktober 2012 -------------------------------------------------- MEDEDELING Nr. 11 -------------------------------- Zitting van dinsdag 30 oktober 2012 -------------------------------------------------- MEDEDELING BETREFFENDE DE INTERPRETATIE VAN DE COLLECTIEVE ARBEIDS-

Nadere informatie

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer,

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, KONINKRIJK BELGIE 1000 Brussel, Postadres : Ministerie Waterloola Kantoren : Regentsch Tel. : 02 Fax : 02 / COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING VAN DE PERSOONLIJKE LEVENSSFEER ADVIES Nr 30 / 97 van 5 november

Nadere informatie

A-2015-033-ESR. Minister Gosuin. Aanvrager. Aanvraag ontvangen op 18 mei 2015. Aanvraag behandeld door

A-2015-033-ESR. Minister Gosuin. Aanvrager. Aanvraag ontvangen op 18 mei 2015. Aanvraag behandeld door ADVIES Voorontwerp van besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 juni 2007 betreffende het opleidingsfonds dienstencheques 16 juni 2015 Economische

Nadere informatie

ECHTSCHEIDINGEN KENNEN GEEN GRENZEN (regels van internationaal privaat recht)

ECHTSCHEIDINGEN KENNEN GEEN GRENZEN (regels van internationaal privaat recht) ECHTSCHEIDINGEN KENNEN GEEN GRENZEN (regels van internationaal privaat recht) Steeds meer worden we in de rechtspraktijk geconfronteerd met internationale echtscheidingen op basis van de volgende elementen:

Nadere informatie

TEWERKSTELLINGSCEL N.V. AMP en N.V. LSB

TEWERKSTELLINGSCEL N.V. AMP en N.V. LSB TEWERKSTELLINGSCEL N.V. AMP en N.V. LSB De tewerkstellingscel van de technische bedrijfseenheid N.V. AMP, Lenniksebaan 451 te 1070 BRUSSEL en N.V. LSB, Lenniksebaan 451 te 1070 BRUSSEL wordt opgericht

Nadere informatie

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST Nr. 82 -------------------------------------------------------------------- Zitting van woensdag 10 juli 2002

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST Nr. 82 -------------------------------------------------------------------- Zitting van woensdag 10 juli 2002 COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST Nr. 82 -------------------------------------------------------------------- Zitting van woensdag 10 juli 2002 COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST BETREFFENDE HET RECHT OP OUTPLACEMENT

Nadere informatie

INHOUD. VOORWOORD... v HOOFDSTUK 1. DISCRIMINATIE OP DE WERKVLOER EN DE WETTEN VAN 10 MEI 2007... 1

INHOUD. VOORWOORD... v HOOFDSTUK 1. DISCRIMINATIE OP DE WERKVLOER EN DE WETTEN VAN 10 MEI 2007... 1 INHOUD VOORWOORD....................................................... v HOOFDSTUK 1. DISCRIMINATIE OP DE WERKVLOER EN DE WETTEN VAN 10 MEI 2007........................................ 1 I. Inleiding

Nadere informatie

Gelet op het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur, inzonderheid op artikel 22;

Gelet op het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur, inzonderheid op artikel 22; Opschrift Besluit van de Vlaamse Regering tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Datum 19.07.2007 De Vlaamse Regering, Gelet op het

Nadere informatie

VLAAMSE RAAD. houdende instelling van een jaarlijkse staatsprijs voor vertaling van Nederlandse letterkunde VERSLAG

VLAAMSE RAAD. houdende instelling van een jaarlijkse staatsprijs voor vertaling van Nederlandse letterkunde VERSLAG Stuk 65 (1980-1981) - Nr. 2 ARCHIEF tf#amase RAAD TERUGBEZORGEN VLAAMSE RAAD ZITTING 1980-1981 16 FEBRUARI 1981 VOORSTEL VAN DECREET - van mevrouw J. DE LOORE - RAEYMAEKERS C.S. - houdende instelling van

Nadere informatie

Betreft : Maatregelen ten voordele van de vorming en opleiding van risicogroepen in 2015-2016.

Betreft : Maatregelen ten voordele van de vorming en opleiding van risicogroepen in 2015-2016. AAN ALLE LEDEN VAN HET SOCIAAL FONDS LOMPEN MVB/G/WINW/CIRCULAIRES FONDS//SOCIALES 2016/ CHIFFONS/CHIFFONS 001 NL RISICOGROEPEN Brussel, 20 januari 2016 Mijne heren, Betreft : Maatregelen ten voordele

Nadere informatie

--------------------------

-------------------------- COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 106 VAN 28 MAART 2013 TOT VASTSTELLING, VOOR 2013 EN 2014, VAN DE VOORWAARDEN VOOR DE TOEKENNING VAN EEN AANVUL- LENDE VERGOEDING IN HET KADER VAN DE REGELING VAN WERKLOOSHEID

Nadere informatie

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 55 VAN 13 JULI 1993 TOT INSTELLING VAN EEN REGELING VAN AANVULLENDE VERGOEDING

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 55 VAN 13 JULI 1993 TOT INSTELLING VAN EEN REGELING VAN AANVULLENDE VERGOEDING COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST NR. 55 VAN 13 JULI 1993 TOT INSTELLING VAN EEN REGELING VAN AANVULLENDE VERGOEDING VOOR SOMMIGE OUDERE WERKNEMERS, IN GEVAL VAN HAL- VERING VAN DE ARBEIDSPRESTATIES, GEWIJZIGD

Nadere informatie

ONTWERP VAN DECREET. houdende wijziging van diverse bepalingen inzake financiën en begroting als gevolg van het bestuurlijk beleid

ONTWERP VAN DECREET. houdende wijziging van diverse bepalingen inzake financiën en begroting als gevolg van het bestuurlijk beleid Stuk 825 (2005-2006) Nr. 1 Zitting 2005-2006 28 april 2006 ONTWERP VAN DECREET houdende wijziging van diverse bepalingen inzake financiën en begroting als gevolg van het bestuurlijk beleid 1879 FIN Stuk

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.891 ------------------------------ Zitting van woensdag 12 februari 2014 --------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.891 ------------------------------ Zitting van woensdag 12 februari 2014 -------------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.891 ------------------------------ Zitting van woensdag 12 februari 2014 -------------------------------------------------- Harmonisering van het statuut arbeider/bediende Motivering

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.937 ------------------------------- Zitting van maandag 27 april 2015 ----------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.937 ------------------------------- Zitting van maandag 27 april 2015 ---------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.937 ------------------------------- Zitting van maandag 27 april 2015 ---------------------------------------------- Uitvoering van het akkoord dat de groep van Tien op 17 december 2014

Nadere informatie

Art. 33 van de WZW verplicht elke WG een IDPBW op te richten, waarin minstens één PAwerknemer

Art. 33 van de WZW verplicht elke WG een IDPBW op te richten, waarin minstens één PAwerknemer Nr. 910 Brussel, 12 januari 2010 BETREFT: MOGELIJKHEID VOOR MEERDERE WERKGEVERS TOT OPRICHTING VAN EEN GEMEENSCHAPPELIJKE INTERNE DIENST VOOR PREVENTIE EN BESCHERMING OP HET WERK (GIDPBW). 1. Wetgeving

Nadere informatie

N HAND PRAK - Biociden A2 Brussel, 26 juli 2013 MH/AB/AS 709-2013 ADVIES. over

N HAND PRAK - Biociden A2 Brussel, 26 juli 2013 MH/AB/AS 709-2013 ADVIES. over N HAND PRAK - Biociden A2 Brussel, 26 juli 2013 MH/AB/AS 709-2013 ADVIES over EEN VOORONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT BETREFFENDE HET OP DE MARKT AANBIEDEN EN HET GEBRUIKEN VAN BIOCIDEN (goedgekeurd door

Nadere informatie

Het VLAAMS PARLEMENT heeft aangenomen en. Wij, REGERING, bekrachtigen hetgeen volgt :

Het VLAAMS PARLEMENT heeft aangenomen en. Wij, REGERING, bekrachtigen hetgeen volgt : Het VLAAMS PARLEMENT heeft aangenomen en Wij, REGERING, bekrachtigen hetgeen volgt : Artikel 1 Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid. Artikel 2 1. Er wordt een Herplaatsingsfonds opgericht bij het

Nadere informatie

A R R E S T. samengesteld uit voorzitter G. De Baets en de rechters-verslaggevers H. Coremans en E. Cerexhe, bijgestaan door de griffier L.

A R R E S T. samengesteld uit voorzitter G. De Baets en de rechters-verslaggevers H. Coremans en E. Cerexhe, bijgestaan door de griffier L. Rolnummer 1815 Arrest nr. 9/2000 van 19 januari 2000 A R R E S T In zake : het beroep tot vernietiging en de vordering tot schorsing van artikel 14 van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 30 maart

Nadere informatie

HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO

HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO N HANDELSPRAT - Fitness A04 Brussel, 29 september 2010 MH/SL/AS A D V I E S over EEN ONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT BETREFFENDE DE FITNESS- EN WELLNESSCONTRACTEN

Nadere informatie

Brugpensioen : hoofdelijke bijdragen en sociale inhoudingen. Belangrijke wijzigingen vanaf 1 april 2010

Brugpensioen : hoofdelijke bijdragen en sociale inhoudingen. Belangrijke wijzigingen vanaf 1 april 2010 Inhoudstafel Nieuwe hoofdelijke bijdragen inzake brugpensioen... 2 Nieuwe hoofdelijke bijdragen inzake pseudobrugpensioen (Canada Dry private sector)... 4 Vrijstelling van de werkgeversbijdrage en de sociale

Nadere informatie

Van deze beschikking werd aan de partijen kennis gegeven.

Van deze beschikking werd aan de partijen kennis gegeven. Rolnummer : 18 Arrest nr. 25 van 26 juni 1986 In zake : het beroep tot gedeeltelijke vernietiging van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 20 maart 1984 houdende het statuut van de logiesverstrekkende

Nadere informatie

Advies. Over het voorontwerp van decreet tot invoering van een verhoogd abattement bij hypotheekvestiging op de enige woning

Advies. Over het voorontwerp van decreet tot invoering van een verhoogd abattement bij hypotheekvestiging op de enige woning Brussel, 9 juli 2008 070908 Advies decreet hypotheekvestiging Advies Over het voorontwerp van decreet tot invoering van een verhoogd abattement bij hypotheekvestiging op de enige woning 1. Toelichting

Nadere informatie

nationale arbeidsraad

nationale arbeidsraad nationale arbeidsraad A D V I E S Nr. 1.349 ------------------------------ Zitting van dinsdag 15 mei 2001 Onderwerping aan de sociale zekerheid, van de personen die vervoer van personen verrichten x x

Nadere informatie

FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG ------ Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk.

FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG ------ Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk. FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG ------ Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk. ------ Advies nr. 118 van 13 maart 2007 over het ontwerp van koninklijk besluit

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling Sociale Zekerheid

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling Sociale Zekerheid Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling Sociale Zekerheid SCSZ/13/173 BERAADSLAGING NR. 13/049 VAN 7 MEI 2013, GEWIJZIGD OP 3 SEPTEMBER 2013, MET BETREKKING TOT DE MEDEDELING

Nadere informatie

De artikelen 51 tot 53 van het koninklijk besluit van 25.11.1991 houdende de werkloosheidsreglementering (B.S.31.12.1991)

De artikelen 51 tot 53 van het koninklijk besluit van 25.11.1991 houdende de werkloosheidsreglementering (B.S.31.12.1991) De artikelen 51 tot 53 van het koninklijk besluit van 25.11.1991 houdende de werkloosheidsreglementering (B.S.31.12.1991) Gewijzigd bij: (1) koninklijk besluit van [02 oktober 1992 tot wijziging van het

Nadere informatie

Rolnummer 3134. Arrest nr. 41/2005 van 16 februari 2005 A R R E S T

Rolnummer 3134. Arrest nr. 41/2005 van 16 februari 2005 A R R E S T Rolnummer 3134 Arrest nr. 41/2005 van 16 februari 2005 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 3, 2, van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst, vóór de opheffing

Nadere informatie

De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt:

De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt: De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt: Artikel 1 Dit decreet regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 107quater van de Grondwet. Artikel 2 Bij het Ministerie

Nadere informatie

Gelet op het auditoraatsrapport van de Kruispuntbank ontvangen op 24 juni 2005; A. SITUERING, ONDERWERP EN RECHTVAARDIGING VAN DE AANVRAAG

Gelet op het auditoraatsrapport van de Kruispuntbank ontvangen op 24 juni 2005; A. SITUERING, ONDERWERP EN RECHTVAARDIGING VAN DE AANVRAAG SCSZ/05/97 1 BERAADSLAGING NR. 05/034 VAN 19 JULI 2005 M.B.T. DE MEDEDELING VAN PERSOONSGEGEVENS BETREFFENDE BUITENLANDSE VERZEKERDEN, DOOR DE VERZEKERINGSINSTELLINGEN AAN HET VLAAMS ZORGFONDS, MET HET

Nadere informatie

13. Outplacement. Inhoudstafel KADERLEDEN

13. Outplacement. Inhoudstafel KADERLEDEN 13. Outplacement Outplacement is in principe een voordelige formule voor de werknemer waardoor hij of zij na ontslag makkelijker een nieuwe job kan vinden. Maar opgelet, outplacement kan ondanks de hoge

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.674 ------------------------------ Zitting van vrijdag 20 februari 2009 ------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.674 ------------------------------ Zitting van vrijdag 20 februari 2009 ------------------------------------------------ A D V I E S Nr. 1.674 ------------------------------ Zitting van vrijdag 20 februari 2009 ------------------------------------------------ Maatregelen inzake tijdskrediet - Cao nr. 77 bis - Uitvoering

Nadere informatie

Dit document wordt u aangeboden door de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid

Dit document wordt u aangeboden door de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid Dit document wordt u aangeboden door de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid Het kan vrij verspreid worden op voorwaarde dat de bron en het URL vermeld worden Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid Sint-Pieterssteenweg

Nadere informatie

VR 2015 2509 DOC.0987/2BIS

VR 2015 2509 DOC.0987/2BIS VR 2015 2509 DOC.0987/2BIS Besluit van de Vlaamse Regering betreffende steun aan projecten in het kader van het Europees Fonds voor de Regionale Ontwikkeling en het Europees Sociaal Fonds DE VLAAMSE REGERING,

Nadere informatie

WAT ZIJN UW RECHTEN EN PLICHTEN IN HET KADER VAN OUTPLACEMENT?

WAT ZIJN UW RECHTEN EN PLICHTEN IN HET KADER VAN OUTPLACEMENT? WAT ZIJN UW RECHTEN EN PLICHTEN IN HET KADER VAN OUTPLACEMENT? Ten gevolge van de zesde staatshervorming, is deze bevoegdheid overgedragen aan de gewesten. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het

Nadere informatie

Vrijwilliger : elke natuurlijke persoon die vrijwilligerswerk verricht.

Vrijwilliger : elke natuurlijke persoon die vrijwilligerswerk verricht. BIJLAGE Bijlage nr. 1 Reglement vrijwilligersverzekering Artikel 1.- Binnen de perken van de in het verdelingsplan van de nationale Loterij voorziene subsidies, biedt de Vlaamse Gemeenschapscommissie een

Nadere informatie

Diverse bepalingen om de tewerkstelling te beschermen

Diverse bepalingen om de tewerkstelling te beschermen Persbericht van de ministerraad van 30 april 2009 Diverse bepalingen om de tewerkstelling te beschermen Tijdelijke maatregelen tegen de crisis De ministerraad heeft op voorstel van minister van Werk Joëlle

Nadere informatie

Behoort bij raadsvoorstel , titel: Actualisatie Archiefverordening Utrechtse Heuvelrug

Behoort bij raadsvoorstel , titel: Actualisatie Archiefverordening Utrechtse Heuvelrug Behoort bij raadsvoorstel 2016-310, titel: Actualisatie Archiefverordening Utrechtse Heuvelrug De raad van de gemeente Utrechtse Heuvelrug; Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders

Nadere informatie

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer,

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, 1 COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING VAN DE PERSOONLIJKE LEVENSSFEER ADVIES Nr 19 / 94 van 6 juni 1994 ------------------------------------------- O. ref. : A / 94 / 011 BETREFT : Ontwerp van koninklijk besluit

Nadere informatie