Ministerie van Binnenlandse Zaken

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Ministerie van Binnenlandse Zaken"

Transcriptie

1 Ministerie van Binnenlandse Zaken Aan de Korpsbeheerders van de politieregio's i.a.a. de Korpschefs Bijlagen Uw kenmerk Ons kenmerk Datum div. - EA97/U maart 1997 Inlichtingen bij Doorkiesnummer mr. W M van Andel (070) Onderwerp Departementsonderdeel mobiele eenheid Directie Politie Doelstelling : bekendmaking van beleid Juridische grondslag : artt. 20 en 24 Regeling mobiele eenheid relatie met andere circulaires : EA94/U172 d.d. 26/7/1994, EA94/U3399 d.d. 26/10/1994, EA95/U934 d.d. 24/4/1995 gaat in per : n.v.t. geldig tot en met : n.v.t Samenvatting: De procedure inzake goedkeuring van M.E.-beleidpslannen voor het jaar 1996 wordt afgerond. Voorts wordt de goedkeuringsprocedure voor de M.E.- beleidpslannen voor 1997 nader ingevuld met als doel inzicht te verkrijgen in de financiële aspecten van de basiseenheden van de M.E.- bijstandsorganisatie. Tenslotte wordt advies gevraagd over de ontwerp- regeling waarin de basiseisen en de aanschafprocedure voor de M.E.- bijstandsvoertuigen worden vastgelegd. Mede namens mijn ambtgenote van Justitie breng ik het volgende onder uw aandacht. Ter afronding van de cyclus van het M.E.-beleidsplan 1996 deel ik mee dat uit de indertijd opgevraagde informatie blijkt dat aan de voortgezette M.E.-opleiding binnen de politieregio's op verschillende wijze vorm (één dan wel meerdaagse oefeningen) en inhoud (programma in eigen beheer en/of in samenwerking met het PIOV) wordt gegeven. Geconcludeerd kan worden dat de toegezonden opleidingsprogramma's in ieder geval aandacht besteden aan de basisvaardigheden van het M.E.-optreden, aan groepsdynamische processen en aan fysiek/mentale training. Het beeld dat is verkregen zal meegenomen worden in het traject van de vaststelling van de eindtermen voor aangewezen vervolgopleidingen, waaronder die voor de mobiele eenheid.

2 Ten aanzien van het M.E.-beleidsplan 1997 breng ik het volgende naar voren. Voorzover het M.E.-beleidsplan 1997 van uw regiokorps nog niet is verzonden dring ik - onder verwijzing naar artikel 24 van de Regeling mobiele eenheid - aan op spoedige toezending. Voorts verzoek ik - ook indien het plan van uw regiokorps reeds is ontvangen - om toezending van een specificatie van de voor 1997 begrote kosten van personeel en materieel voor het instandhouden van de basiseenheden van de M.E.-bijstandsorganisatie. De informatie wil ik gebruiken om inzicht te krijgen in de regionale en landelijke kosten voor instandhouding van de M.E.-bijstandsorganisatie. Gelet op de verschillende wijzen waarop de politieregio's de betreffende kosten in voorgaande beleidsplannen begrootten wordt u verzocht bij het verstrekken van deze gegevens gebruik te maken van de bijgevoegde standaardopgave. Voorts treft u bijgaand aan de ontwerp-regeling eisen bijstandsvoertuigen voor de mobiele eenheid met een programma van eisen voor groeps- en commandovoertuigen. De regeling en het programma van eisen zijn opgesteld met het oog op de standaardisatie van de M.E.-voertuigen ten behoeve van de bijstand. Tevens gelden zij als kader voor de (Europese) aanbesteding en de centrale aanschaf van genoemde voertuigen. Het programma van eisen is op mijn verzoek opgesteld door de Divisie Logistiek van het Korps landelijke politiediensten, die daartoe deskundigen uit het politieveld heeft geraadpleegd. De Divisie Logistiek zal tevens een centrale rol gaan vervullen bij de aanschaf van de voertuigen. In eerdere correspondentie (zie aanhef) informeerde ik u reeds over mijn voornemen terzake. Gelet op ook uw belang bij de ontwerp-regeling bied ik u de gelegenheid daarop - gaarne binnen een maand na dagtekening van deze brief - te reageren. Daarna zal de regeling worden ingevoerd.

3 O N T W E R P Bijlage bij EA97/U612 Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken van , nr. EA97/..., houdende vaststelling van de eisen aan voertuigen van mobiele eenheden ten behoeve van bijstandsverlening /nr. EA97/... De Minister van Binnenlandse Zaken, Gelet op artikel 14 van het Besluit beheer regionale politiekorpsen in samenhang met artikel 20, aanhef en onder b, van de Regeling mobiele eenheid; Besluit: HOOFDSTUK 1 BEGRIPSBEPALING Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a) voertuigen: groeps- en commandovoertuigen, die door de mobiele eenheden worden gebruikt bij de bijstandsverlening. b) minister: de minister van Binnenlandse Zaken. HOOFDSTUK 2 UNIFORMITEIT VOERTUIGEN Artikel 2 1. De voertuigen voldoen aan het door de minister vastgestelde programma van eisen. Het programma van eisen is als bijlage bij deze regeling opgenomen. 2. Het programma van eisen houdt in ieder geval in dat de voertuigen: - met het oog op de veiligheid van de inzittenden bestand zijn tegen ernstige vormen van geweld van buitenaf tijdens het optreden ter handhaving van de openbare orde; - zijn voorzien van voldoende comfort voor de inzittenden; - zijn uitgemonsterd zoals voorgeschreven in het Handboek politielogo en huisstijl-, dat als bijlage bij de Regeling politielogo is vastgesteld. Artikel 3 Wijziging van het programma van eisen wordt door de minister voorgelegd aan de korpsbeheerders indien zij betrekking heeft op de eisen die worden bedoeld in artikel 2, tweede lid. Artikel 4 1. De voertuigen worden aangeschaft via het Korps landelijke politiediensten., 2. De minister treft een voorziening op grond waarvan de voertuigen periodiek op inzetbaarheid voor de bijstand worden getoetst. HOOFDSTUK 3 SLOTBEPALINGEN Artikel 5 Deze regeling treedt in werking met ingang van Artikel 6 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling eisen bijstandsvoertuigen voor de mobiele eenheid. Deze regeling zal met de toelichting worden geplaatst in de Staatscourant en het Algemeen Politieblad. Het programma van eisen ligt ter inzage bij de Divisie Logistiek van het Korps landelijke politiediensten. 's-gravenhage,

4 DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN,

5 TOELICHTING Algemeen De mobiele eenheden treden op in situaties waarin politie-optreden in groepsverband gewenst is. In het belang van een evenwichtige geweldsbeheersing door de mobiele eenheden is het noodzakelijk dat, naast een eenvormige basisopleiding en uitrusting van het personeel, de voertuigen gelijksoortig zijn. De bijstandsverlening vereist in het bijzonder uniforme eisen ten aanzien van de voertuigen in verband met de inzet ervan als instrument van het tactisch m.e.-optreden, vanwege de onderlinge uitwisselbaarheid van de voertuigen, alsmede met het oog op het kunnen verrichten van noodreparaties door het bijstandsontvangend korps tijdens het optreden. Bovendien wordt de herkenbaarheid van de voertuigen zowel voor het politiepersoneel als voor het publiek bevorderd bij het voeren van dezelfde uitmonstering. Onderhavige regeling voorziet in de eisen die moeten leiden tot uniformiteit ten aanzien van groeps- en commandovoertuigen voor de bijstand. De eisen richten zich op de veiligheid, het comfort van de inzittenden en de uiterlijke verschijning van het voertuig. De paraatheid van de mobiele eenheden vereist periodiek onderhoud, keuring en vervanging van de voertuigen. Door verschillen in omvang en soort inzet van de voertuigen is afgezien van het vastleggen van de afschrijvingstermijn van de voertuigen. Ook is afgezien van een centrale regeling op het gebied van voertuigen voor het vervoer van aanhoudingseenheden, omdat deze vaartuigen niet als tactisch middel worden ingezet, zoals bijvoorbeeld de vorming van een wegafsluiting met groepsvoertuigen. Niettemin verdient het aanbeveling om ook deze voertuigen te beveiligen. De verbindingsmiddelen voor de voertuigen van de mobiele eenheden zullen in een afzonderlijke regeling worden voorgeschreven. Artikelsgewijs Artikel 2 De landelijke bijstandsorganisatie van de mobiele eenheid is gebaseerd op uniformiteit. Dit geldt ook voor het materieel, waaronder de voertuigen. Standaardisatie van de voertuigen is noodzakelijk om landelijke inzet en gebruik te waarborgen. Deze eis van uniformiteit wordt gerealiseerd door de basiseisen die aan de voertuigen worden gesteld, in een programma van eisen centraal voor te schrijven. Het programma van eisen wordt door de minister vastgesteld. Het onderhoud van het programma van eisen ligt bij de Divisie Logistiek van het Korps landelijke politiediensten. In verband met gewelddadige situaties tijdens het optreden ter handhaving van de openbare orde vergt de bescherming en beveiliging van het politiepersoneel bijzondere aandacht bij de inrichting van de voertuigen. De voertuigen moeten zo zijn ingericht dat deze tijdens het optreden inzetbaar blijven. Daarvoor is het noodzakelijk dat het plaatwerk van de carrosserie, de ramen, de verlichtingsarmaturen en de apparatuur voor de optische en geluidssignalen extra beveiligd zijn. De uitvoering van het voertuig moet zodanig zijn dat wordt voorkomen dat het voertuig met menskracht kan worden gekanteld. Het voertuig moet bestand zijn tegen ernstige vormen van geweld. Hierbij moet worden gedacht aan het bestoken van de carrosserie, de deuren en ramen van de voertuigen met zware en gevaarlijke voorwerpen zoals trottoirtegels en puntige staven, alsmede het leksteken van banden. Indien de portieren niet meer van binnenuit te openen zijn of indien het voertuig te water raakt, moet het voertuig op andere wijze - via een nooduitgang - verlaten kunnen worden. Het comfort van het voertuig dient voldoende te zijn. In verband met de bijstandsverlening moet rekening worden gehouden met het vervoer van het personeel over langere afstanden. Dit stelt bijzondere eisen aan de verwarming en de ventilatie. Ook is te denken aan het motorgeluid in het voertuig en de vering van de voertuigen. Voorwaarde voor comfort is ook dat de hoogte in de voertuigen zodanig is dat volwassen personen erin kunnen staan. Artikel 3

6 Voorstellen tot wijziging van het programma van eisen worden gecoördineerd door de Divisie Logistiek van het Korps landelijke politiediensten die de voorstellen ter goedkeuring voorlegt aan de minister. Het is daarbij van belang dat in overleg met de korpschefs van de regiopolitie het advies van deskundigen uit het politieveld op het gebied van de inzet van de mobiele eenheid is ingewonnen. Uit praktische overwegingen is het niet nodig alle wijzigingen in het programma van eisen aan de korpsbeheerders voor te leggen. Hun oordeel wordt in ieder geval wel gevraagd over wijzigingen die wezenlijke veranderingen betekenen ten aanzien van het veiligheidsconcept van het voertuig, van de inrichting of van het aanzien van het voertuig. Daarnaast kunnen vergaande financiële consequenties voor de regiokorpsen reden zijn wijzigingen voor te leggen. Artikel 4 De centrale aanschaf van de voertuigen via de Divisie Logistiek van het Korps landelijke politiediensten heeft als doel de noodzakelijke standaardisatie in de groeps- en commandovoertuigen te waarborgen. Centrale inkoop is daarbij tevens van belang met het oog op de openbare aanbestedingsprocedure, zoals voorgeschreven in de richtlijn nr. 93/36/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 14 juni 1993 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor leveringen. Naast het programma van eisen zullen leveringsvoorwaarden en serviceverlening belangrijke onderwerpen zijn in het kader van de aanbesteding. Mede gelet op de financiële belangen van de regiokorpsen is afstemming in dit verband van de Divisie Logistiek met de opdrachtgevers van belang. Teneinde de kwaliteit en de kwantiteit van het bijstandspotentieel te waarborgen is voorzien in een periodiek fysiek toezicht op de voertuigen. De voertuigen zullen hiertoe onder meer worden getoetst op het programma van eisen. DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN,

7

8 PROGRAMMA VAN EISEN AAN DE VOERTUIGEN VOOR DE NEDERLANDSE MOBIELE EENHEDEN Inhoud Inhoud 1 Inleiding Indeling van de Mobiele Eenheid Eisen aan inzet van de Mobiele Eenheid Uniformiteit 2 2 Specifieke taakeisen Algemeen Bescherming van ondoorzichtige delen De beschermde ruiten Overige beschermdelen en aanpassingen 6 3 Algemene inrichtingseisen Algemeen De laadruimte De extra aangebrachte zitplaatsen in de laadruimte De bestuurdersruimte Electrische installatie 11 4 Inrichting van een manschappenvoertuig Algemeen De laadruimte 4.3 De bestuurdersruimte De elektrische installatie Standaard uitrusting van een groepsvoertuig 14 5 Inrichting van een commandovoertuig Algemeen De laadruimte De bestuurdersruimte De elektrische installatie Standaard uitrusting van een commandovoertuig 17 6 Technische specificatie van het voertuig Uitvoering van het voertuig Prestaties na bescherming 18 7 Kleurgebruiken herkenbaarheid Kleur Marketing 20 8 Opties Inleiding Wensenpakket 21 9 Normeringen voor M.E.-voertuigen Gehanteerde normeringen Gehanteerde norm voor doorslagwerendheid Doorbraakwerendheid Antropometrie Bronnen 28

9 1 Inleiding 1.1 Indeling van de Mobiele Eenheid De Mobiele Eenheid (in het vervolg aangeduid met de afkorting: M.E.) van de Nederlandse Politie is ingedeeld op grond van de Regeling mobiele eenheid. Een basiseenheid van de M.E. kan bestaan uit een of meerdere groepen, secties, pelotons en compagnies. - Een compagnie van een basiseenheid bestaat uit: een compagniescommandant, een plaatsvervangend compagniescommandant en twee of meer pelotons. Een compagnie heeft zijn eigen commandovoertuig. - Een M.E.-peloton staat onder leiding van een pelotonscommandant en bestaat uit twee secties. Iedere sectie staat onder leiding van een sectiecommandant. Een der sectiecommandanten treedt op als plaatsvervangend pelotonscommandant. Ieder peloton heeft zijn eigen commando voertuig. - Een sectie is ingedeeld in twee groepen en staat onder leiding van een sectiecommandant. Bij zelfstandig optreden heeft een sectie de beschikking over een commandovoertuig. - Een groep is de kleinst in te zetten M.E.-eenheid. Een groep opereert onder leiding van een groepscommandant. Een groep bestaat uit een groepscommandant, een plaatsvervangend groepscommandant, acht leden en een chauffeur (sterkte 11). Een groep heeft de beschikking over een groepsvoertuig. 1.2 Eisen aan inzet van de Mobiele Eenheid De M.E. is belast met de uitvoering van de politietaken wanneer het bevoegd gezag aan de inzet van deze organisatie de voorkeur geeft vanwege het politieoptreden in groepsverband. De M.E. is naar aard, opleiding en uitrusting niet geschikt om te worden ingezet in situaties waarin meer dan incidenteel vuurwapengebruik (gedacht wordt aan massaal vuurwapengebruik) het gebruik van automatische wapens of van explosieven te duchten is. Kenmerken voor deze organisatie zijn: - Een hechte organisatie - Duidelijke bevelslijnen - Een uniforme uitvoering van de opdracht - Snelle verplaatsbaarheid - Uniforme bewapening en uitrusting - Beheerste technieken en tactieken 1.3 Uniformiteit In het belang van een evenwichtige geweldsbeheersing door de M.E. tijdens grootschalig politieoptreden, alsmede voor het verlenen van bijstand, dienen de eenheden op uniforme wijze georganiseerd en uitgerust zijn. Bij inzet van M.E. maken de voertuigen deel uit van de formaties. Op grond hiervan is uniformiteit van het M.E.-wagenpark van belang. Voorkomen moet worden dat met bijstandsvoertuigen de uniforme wijze van optreden tezamen met de eigen voertuigen wordt doorbroken. In verband met het landelijk gebruik dient het M.E.-voertuig qua bescherming en inbouw te voldoen aan eenzelfde programma van eisen. Het is daarom van belang dat het eisenpakket waaraan een M.E.- voertuig dient te voldoen zo volledig mogelijk is omschreven. Door gebruik te maken van toetsbare eisen kan per voertuig worden bekeken of dit voldoet aan alle eisen uit het eisenpakket.

10 2 Specifieke taakeisen 2.1 Algemeen Veiligheid Het voertuig dient bescherming te bieden aan inzittenden tegen geweld van buitenaf (zie punt 2.1.2). Tevens dient het voertuig zodanig te zijn uitgevoerd dat schade aan delen van het voertuig, welke voor de voortbeweging van het voertuig van belang zijn, zoveel mogelijk wordt vermeden, waardoor inzet van het voertuig gewaarborgd blijft Aard van het geweld Onder geweld van buitenaf wordt niet het geweld van vuurwapens verstaan. Met geweld wordt gedoeld op het gooien op of tegen het voertuig van puntige en/of zware voorwerpen welke op of langs de openbare weg kunnen worden aangetroffen (zoals staven en trottoirtegels) en tevens allerlei andere zaken welke relschoppers plegen te gebruiken. Eveneens moet het voertuig bestand zijn tegen inwerking (met een inwerkingsduur van maximaal 1 uur) van tenminste de volgende chemicaliën: - Fuel C + 15% Methanol (superbenzine) - Zoutzuur HCL (tot 35%) - Thinner, Durodur-Verdünning WKE 302/002 - Spiritus, (Methanol) CH3OH - Ammonia, NH3 -waterstofperoxyde, H2O2 Tevens bestaat er de mogelijkheid dat het voertuig wordt bestookt met molotov-cocktails. Molotovcocktails hebben een brandingsduur van circa 15 seconden. Het voertuig dient daarom zodanig te zijn beschermd dat brandende vloeistoffen op het oppervlak van het voertuig geen nadelig effect hebben op het functioneren van het voertuig Mate van bescherming Alle zijden van het voertuig dienen te worden beschermd, dus ook het dak. Voor wat betreft het dak dient men te denken aan zware voorwerpen (huishoudelijke apparaten) welke vanaf gebouwen naar beneden kunnen worden gegooid (zie hiervoor ook paragraaf ) Normering Het voertuig moet aan alle verticale zijden, het dak en alle ruiten een bescherming bieden tegen puntige voorwerpen en scherpe projectielen volgens de in dit hoofdstuk vermelde normen. Voor de motivatie van de gekozen normering wordt verwezen naar hoofdstuk Prestaties na bescherming De bescherming en inrichting van het voertuig verhogen het totaalgewicht van het voertuig. Eigenschappen van het voertuig op het gebied van wegligging, comfort en veiligheid bij botsingen dienen echter na beveiliging en ombouw behouden te blijven (zie hiervoor onder andere punt 6.2) Wettelijke eisen Het voertuig mag na bescherming en maximale belading (zie punt ) de door de fabrikant schriftelijk toegestane maximum totaal gewichten en de maximale aslasten niet overschrijden Het voertuig dient in Nederland te zijn toegelaten voor gebruik op de openbare weg, eventueel door middel van een keuring door de Rijksdienst voor het Wegverkeer.

11 Vrijstellingen voor ME-voertuigen van bepalingen van het Voertuigreglement staan vermeld in de beschikking van 4 oktober 1996, nummer RV , van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat Uitstekende delen De bescherming dient zodanig te zijn uitgevoerd dat eventueel uitstekende delen van het voertuig niet aan buitenstaanders de mogelijkheid geeft om aan het voertuig te geen hangen. Eventuele handvatten voor het openen van deuren dienen daarom op een hoogte van maximaal 1,5 meter boven de straat te worden geplaatst (zie hiervoor ook punt ) Pech Om bij eventueel uitvallen van een motor het voertuig te kunnen verplaatsen dient het voertuig uitgerust te zijn met een voorziening aan de voor- en achterzijde om het voertuig weg te kunnen trekken. 2.2 Bescherming van ondoorzichtige delen Het beschermend materiaal Het beschermend materiaal (is niet brandbaar of bezit een hoge mate van zelfdovendheid. Bij eventuele verbranding van het materiaal mogen geen schadelijke stoffen vrijkomen De mate van onbrandbaarheid wordt bepaald conform NEN 6064 (zie hiervoor ook punt 2.1.2) Het beschermend materiaal is bestand tegen de chemicaliën welke zijn genoemd in punt Het. voertuig is tevens op een zodanige wijze afgewerkt dat vloeistoffen langs het voertuig neer beneden lopen. Hierbij dient met name gelet te worden op de afwerking van de brandstof vulopening (zie punt 2.4.3) en de op het voertuig aanwezige regengoten Gedurende de hele levensduur van het voertuig (zie punt 6.1.2) dient het beschermend materiaal te voldoen aan de in dit bestek gestelde normen van bescherming Wandbescherming verticaal Alle ondoorzichtige verticale delen van een M.E.-voertuig (inclusief de bumpers) dienen bij doorgooien te voldoen aan de klasse lil van beschermingsnorm welke is omschreven in paragraaf 9.2. Dat wil zeggen: vijf maal een treffer met een trefenergie van 150 Joule en eenmaal een treffer met een trefenergie van 400 Joule mag niet resulteren in doorboring van het proefstuk. De bevestigingspunten van het beschermend materiaal en eventuele onderliggende delen mogen na beproeving niet loslaten Alle verticale delen van een M.E.-voertuig dienen bij doorhakken te voldoen aan de klasse DIN B1 (zie hiervoor paragraaf 9.3) Dakbekleding horizontaal Het dak van een M.E.-voertuig moet bescherming bieden aan een treffer van bijvoorbeeld een koelkast van + 50 kg. welke van een hoogte van 4 meter op het voertuigdak wordt gegooid. Deze situatie kan worden vergeleken met een vallend voorwerp met een trefenergie van Joule. Beproeving kan dan plaatsvinden door simulatie middels een val van een kogel met een gewicht van 20 kg. en een valhoogte van 10 meter. (de diameter ven de kogel is 10 cm.). Na het treffen mag de grootte van de blijvende vervorming aan de binnenzijde van het voertuig niet meer dan 5 cm. bedragen. Zie hiervoor ook punt Het dakluik (zie punt 3.2.5) en de in het dak aangebrachte ventilatoren (zie punt 3.2.6) dienen na beproeving niet los te laten of naar binnen te dringen De voorzijde

12 De voorzijde van het voertuig (waaronder de motorkap en de bumper) dient, voor wat betreft het doorgooien voor het grootste deel bestand te zijn tegen klasse lil van de norm welke is omschreven in paragraaf De voorzijde van het voertuig (waaronder de motorkap, de radiateur en de bumper) dient bij doorhakken te voldoen aan klasse DIN B1 (conform paragraaf 9.3) Conform punt dient b] bescherming van de voorzijde van het voertuig rekening gehouden te worden met de voorwaartse snelheid van het voertuig. Het voorruitraster (zie punt 5) en de radiateur dienen minimaal een treffer met een trefenergie van 500 Joule te kunnen stoppen De radiateur dient eveneens zodanig te zijn afgeschermd dat lange puntige voorwerpen dit onderdeel op geen enkele wijze onklaar kunnen maken. De aangebrachte bescherming dient echter de normale werking van de radiateur niet te belemmeren. 2.3 De beschermde ruiten Algemeen De gebruikte ruiten dienen op een zodanige wijze in de sponning te worden gebracht (en in de zijwanden van het voertuig te worden gemonteerd) dat z] bestand zijn tegen de inwerking van puntige voorwerpen (volgens de norm welke is omschreven in paragraaf 9.2) en scherpe projectielen (volgens de norm DIN deel 3, zie hiervoor paragraaf 9.3). De gebruikte ruiten dienen bij beproevingen van buitenaf niet uit hun sponningen gedrukt te kunnen worden De gebruikte ruiten dienen b] inwerking van chemische en/of brandende stoffen, welke staan vermeld in punt , niet zodanig te degraderen dat zij niet meer kunnen voldoen aan de bescherming welke is omschreven in punt of zo ondoorzichtig worden dat het besturen van het voertuig onmogelijk wordt De gebruikte ruiten dienen zowel aan de binnen- als de buitenzijde gemakkelijk te reinigen te zijn De voorruit Het uitzicht van de bestuurder dient bij geweld van buitenaf (zoals omschreven in punt 2.1.2) zoveel mogelijk te worden gewaarborgd (zie hiervoor ook punt 3.4.1) De voorruit dient te voldoen aan de beschermingsklasse tegen doorhakken DIN B1 (zie hiervoor paragraaf 9.3) Tegen doorgooien dient de ruit bestand te zijn tegen de klasse I (zie paragraaf 9.2). Gezien het feit dat de voorruit reeds wordt beschermd door een voorruitraster (zie punt 2.3.3) kan bij de voorruit worden volstaan met een lager beschermingsniveau Het voorruitraster Om zware voorwerpen te kunnen opvangen en zakjes verf te breken dient voor de voorruit een raster te worden geplaatst. Op deze wijze kan worden voorkomen dat de voorruit van het voertuig onnodig wordt beschadigd De afstand tussen voorruit en raster, de maaswijdte en de dikte van het raster dienen zodanig te worden gekozen dat het raster de bestuurder niet zodanig belemmert in zijn uitzicht dat het veilig besturen van het voertuig onmogelijk wordt Het raster mag de werking van de op het voertuig aanwezige ruitensproeiers en ruitewissers niet belemmeren.

13 Het raster dient een voorwerp met een trefenergie van 500 Joule, loodrecht getroffen op het raster, met een kogeldiameter van meer dan 20 mm. te kunnen stoppen. Hierbij mag het raster niet scheuren of losraken b] de bevestigingspunten (zie hiervoor punt ) Om zonder voorruitraster te kunnen rijden dient van de totale hoogte van het raster de onderste 80 cm. te bestaan uit twee evengrote afneembare delen, welke in het voertuig opgeborgen kunnen worden (zie punt 3.2.9). De bovenzijde van het raster dient vast gemonteerd te worden De zij- en achterruiten Het voertuig dient voorzien te zijn van vier zijruiten in de laadruimte (twee in elke zijwand) en twee achterruiten, om inzittenden voldoende uitzicht te geven De portierramen en de zij- en achterruiten dienen te voldoen aan de beschermingsklasse tegen doorhakken DIN B1 (zie hiervoor paragraaf 9.3) Tegen doorgooien dienen de portierramen en de zij- en achterruiten bestand te zijn tegen de klasse lil (zie paragraaf 9.2) Na bescherming van de portierruiten dienen de portierruiten te openen en te sluiten te zijn. Indien in een portier verscheidene afzonderlijke ruiten zijn aangebracht dient per portier de ruit met het grootste ruitoppervlak te openen en te sluiten te zijn. 2.4 Overige beschermdelen en aanpassingen Toespreekinstallatie Op het voertuig dient aan de voor- en achterzijde een toespreekinstallatie te zijn gemonteerd welke gemeten op een afstand van minimaal 70 meter, op een vlakke ondergrond, bij normale weersomstandigheden een geluidsniveau geeft van minimaal 60 db(a) (verstaanbaar geluidsniveau) De speakers aan de buitenzijde van het voertuig dienen beschermd te zijn in de klasse lil (zie paragraaf 9.2) De speakers dienen zodanig te zijn gemonteerd dat punt blijft gelden De brandstoftank De brandstoftank dient bestand te zijn tegen geweld van buitenaf (zie punt 2.1.2) en het overrijden van blokkades op de weg De brandstoftank dient tegen doorgooien te zijn beschermd in de klasse lil (zie paragraaf 9.2) De brandstoftank dient te voldoen aan de beschermingsklasse tegen doorhakken DIN B1 (zie paragraaf 9.3) De brandstofvulopening De vuldop van de brandstoftank dient zodanig te zijn afgeschermd of afsluitbaar te zijn dat deze niet door onbevoegden is te openen De brandstofvulopening dient zodanig te zijn weggewerkt in de carrosserie dat brandende vloeistoffen langs de wand naar beneden lopen en er geen ophoping van deze vloeistof rond de vuldop ontstaat (zie ook punt ) Buitenverlichting.

14 De koplampen, de achterlichten, de mistlamp en de achteruitrijlampen dienen te zijn afgeschermd in de klasse lil en de klasse DIN B1 (zie paragraaf 9.2 en 9.3) Na bescherming van de verlichting dient de lichtopbrengst te voldoen aan de in het Voertuigreglement gestelde eisen, met uitzondering van de in punt genoemde vrijstellingen In verband met het kunnen reinigen van de koplampen dient de bescherming wegklapbaar of afneembaar te worden uitgevoerd. Tevens dient de mogelijkheid te bestaan om zonder bescherming te kunnen rijden Het voertuig dient voorzien te zijn van een achteruitrijlamp en twee richtingaanwijzers aan de linker en rechter buitenzijde. De achteruitrijlamp dient te zijn beschermd volgens punt Achteruitrijbeveiliging Het voertuig dient uitgerust te worden met een geluidssignaalinrichting welke andere weggebruikers er op attendeert dat de achteruitversnelling van het voertuig is ingeschakeld Vergrendeling van de deuren Vanaf de bestuurdersplaats moeten de rechter cabinedeur en de beide achterdeur van het voertuig te openen zijn. Door middel van bij de bedieningsknoppen aangebrachte tekststroken dient eenduidig op het dashboard afleesbaar te zijn welke deur geopend wordt (zie punt 7.2.4) Vanaf de bestuurdersplaats moet de vergrendeling van de rechter voordeur en de beide achterdeuren te controleren zijn, door middel van controlelampjes op het dashboard welke branden wanneer een deur is geopend De achterdeuren De achterdeuren dienen onafhankelijk van elkaar te kunnen worden geopend en gesloten (zie punt 6.1.8). Beide achterdeuren kunnen daarbij worden geopend vanaf de bestuurdersplek De deuren dienen aan de binnenzijde te zijn voorzien van degelijke handvatten om de deuren snel te kunnen openen. Aan de buitenzijde dienen de handvatten op een zodanige plaats te worden bevestigd en een zodanige vorm te hebben dat punt gehandhaafd blijft In verband met het extra gewicht van de bescherming en het mogelijk ruw openen van de achterdeuren dienen de deuren te zijn verstevigd om zo vervorming van deuren te voorkomen Het dient onmogelijk te zijn dat een voorwerp met een diameter groter dan 5 mm. tussen beide deuren doorgestoken kan worden De achterdeuren dienen zodanig te zijn geconstrueerd dat er geen enkele mogelijkheid bestaat om de deuren aan de buitenzijde af te sluiten De achterdeuren dienen niet verder dan 90 graden te kunnen worden geopend Opsluitbaarheid De scharnieren dienen tegen geweld van buitenaf aan de buitenzijde beschermd te worden volgens punt Tevens dient de afwerking van de buitenzijde van het voertuig zodanig te zijn dat op geen enkele wijze voorwerpen tussen scharnieren gestoken of gehaakt kunnen worden om op deze wijze het van binnenuit openen van de deuren te blokkeren De uitlaat De uitlaat van het voertuig en de uitlaat van de in het voertuig aanwezige kachel (zie punt

15 3.2.8) dienen zodanig te zijn afgeschermd dat deze door geen enkel voorwerp geheel kunnen worden afgesloten door het desbetreffende voorwerp in de uitlast te steken Spiegels Het voertuig dient te zijn voorzien van, van binnenuit verstelbare, onbreekbare buitenspiegels in een behuizing van een degelijke kwaliteit. 3 Algemene inrichtingseisen 3.1 Algemeen Gebruikersgroep De gebruikersgroep van een M.E.-voertuig heeft als ondergrens de 4e percentielwaarde van volwassen mannen en vrouwen (P4) en als bovengrens de 99e percentielwaarde van volwassen mannen en vrouwen (P99). De afmetingen van de doelgroep zijn gerelateerd aan het Dined-tabel 1986 (zie hiervoor paragraaf 9.4). Het voertuig dient qua afmetingen geschikt te zijn voor het gebruik door en het vervoer van de gehele gebruikersgroep Stahoogte Het voertuig dient in beschermde vorm, in het midden van de laadruimte een stahoogte te hebben van minimaal 1850 mm. (Lichaamslengte P99 conform Dined-tabel 1986 is 1947 mm. Wanneer daarbij; 5 cm. toeslag wordt gerekend voor een M.E.-helm en 3 cm. toeslag voor het schoeisel zal de vereiste stahoogte 2027 mm. moeten bedragen. Gezien het feit dat geen enkel voertuig standaard een dergelijke inwendige hoogte van de laadruimte heeft wordt gekozen voor een minimaal haalbare stahoogte van 1850 mm.) Veiligheid De inrichting van het voertuig dient zodanig te zijn uitgevoerd dat deze kan voldoen aan de laatste eisen met betrekking tot de Arbeidsomstandighedenwet. Hierbij; dient echter het tactisch gebruik van het voertuig in acht genomen te worden. 3.2 De laadruimte Vloer De wagenvloer dient te zijn voorzien van een slijtvaste, naadloze vloerbedekking. De vloer dient gemakkelijk te reinigen te zijn De wagenvloer dient, ook in vochtige toestand, voldoende stroef te zijn Zijwanden De wanden van de laadruimte dienen zodanig te zijn afgewerkt dat deze makkelijk zijn schoon te houden en er zich geen vuil kan ophopen Brandblussers Binnen het bereik van de bestuurder en de bijrijder bevindt zich een 2 kg. poederblusser In de laadruimte is een opbergmogelijkheid voor twee brandblussers. Eenmaal een 7 kg. poederblusser en eenmaal een 6 kg. HCA schuimblusser E.H.B.O.-koffer in de laadruimte dient een koffer voor Eerste-hulpverlening (type B) aanwezig te zijn.

16 3.2.5 Dakluik Om in noodgevallen of tijdens disfunctioneren van de voertuigdeuren het voertuig te kunnen verlaten dient een uitwerpbaar dakluik, groot genoeg om de grootste persoon uit de doelgroep (P99) door te laten, aanwezig te zijn. In de door het dakluik vrijgegeven opening meet daarom minimaal een vierkant kunnen worden beschreven met zijden van 500 mm (conform NEN 5518) Het dakluik dient een gelijk beschermingsniveau als de rest van het dak te hebben (zie punt 2.2.3) Ventilatie In verband met de luchtverversing in het voertuig dient in het dak van de laadruimte een dubbelwerkende elektrische dakventilator aanwezig te zijn, afsluitbaar aan de binnenzijde door middel van een ventilatierozet De aanwezige ventilatie dient zodanig te zijn aangesloten dat bij stilstaande motor de ventilatoren kunnen draaien De aanwezige ventilatie dient schadelijke gassen in het voertuig in maximaal 2 minuten te kunnen afvoeren Afvalbak In de laadruimte dient een afvalbak aanwezig te zijn welke gemakkelijk is te legen en te reinigen en niet rammelt tijdens het rijden Kachel De aanwezige warmtebron dient het gehele voertuig zo snel mogelijk op minimaal 18 C te kunnen brengen en te houden bij een omgevingstemperatuur lager dan 18 C (met een minimum buitentemperatuur zoals is omschreven in punt 6.2.7) Middels een thermostaat in de laadruimte dient de binnentemperatuur van het voertuig geregeld te worden. Het aan- en uitschakelen van de kachel dient vanaf de bestuurderszitplaats mogelijk te zijn (zie hiervoor punt 3.4.2) De warmtebron moet kunnen functioneren zonder draaiende motor De warmtebron dient zodanig te zijn aangesloten dat het onmogelijk is om via de kachel alle aanwezige brandstof te verbruiken (minimaal 20 liter moet in de brandstoftank overblijven op moment van afslaan van de kachel) Opbergmogelijkheid voor de voorruitrasters In het voertuig dienen de voorruitrasters op een veilige en rammelvrije wijze kunnen worden opgeborgen (zie hiervoor ook punt 2.3.3). 3.3 De extra aangebrachte zitplaatsen in de laadruimte Uitvoering Elke zitplaats in de laadruimte dient te zijn voorzien van een zit- en rugkussen (zie punt 3.3.2) en een afsluitbare onderberging (zie punt 3.3.3) Zitcomfort Om inzittenden voldoende comfort te bieden bij een rit van + 3 uur dienen de zitplaatsen te worden voorzien van een zit- en rugkussen. Hieraan worden de volgende eisen gesteld: -De zitkussens zijn gemaakt van schuimrubber met een minimale dikte van 3 cm.

17 - De zitbreedte van de personen in de laadruimte dient tenminste 50 cm. per persoon te bedragen (gerelateerd aan de heupbreedte van de P99 uit de doelgroep, zie paragraaf 9.4). -De hoek tussen het zitvlak en de rugkussen is circa 105 graden. -De diepte van het zitvlak meet tussen de 40 en de 42 cm. liggen en is aan de voorzijde afgerond (gerelateerd aan de zitdiepte van de P4 uit de doelgroep, zie paragraaf 9.4). -De hoogte van de bovenzijde van het zitvlak ten opzichte van de wagenvloer is 43 cm. met een maximale afwijking van + 4 cm. (gerelateerd aan de zithoogte van de P50 van de doelgroep, zie paragraaf 9.4). -De bekleding van de kussens is stroef, dempend en slijtvast. Tevens dient de bekleding makkelijk te reinigen zijn en bestand te zijn tegen chemische stoffen als: verf, olie, verfverdunner en benzine Onderberging De banken dienen te zijn voorzien van een onderberging, welke toegankelijk is door het opklappen van de zitting De onderberging van de banken dienen alle afsluitbaar te zijn. 3.4 De bestuurdersruimte Bestuurbaarheid De diverse voorzieningen welke zijn aangebracht mogen geen enkele belemmering veroorzaken bij het besturen van het voertuig. Dat wil onder andere zeggen: -voor een gemiddeld persoon (P50) recht vooruit kijkend, mag maximaal 4 m. aan het zicht onttrokken zijn, gemeten voor de bumper op de grond (conform NEN 5518). -een lang persoon (P90, ooghoogte zittend: 894 mm.) moet een minimale zichthoek van 8 graden ten opzichte van het horizontale vlak naar boven hebben (conform NEN 5518) Ergonomie.~ Binnen handbereik van de bestuurder dienen naast de normale bedieningsmiddelen ter besturing van het voertuig eveneens de onderstaande bedieningsmiddelen te worden gemonteerd om de volgende handelingen vanaf de bestuurdersplaats te kunnen verrichten: - Het in- en uitschakelen van de aanwezige ventilatie (zie punt 3.2.6). Plaatsing: midden op het dashboard of op het middenconsole. - Het in- en uitschakelen van de in het voertuig aanwezige verlichting (zie punt en 5.4.1). Plaatsing: midden op het dashboard of op het middenconsole. - Het in- en uitschakelen van het zwaailicht en de tweetoon (zie punt en 3.5.3). Plaatsing: midden op het dashboard of op het middenconsole. - Het in- en uitschakelen van de warmtebron (zie punt 3.2.8). Plaatsing: midden op het dashboard of op het middenconsole. - Het bedienen van de radio (zie punt en 5.3.2). Plaatsing: midden op het dashboard, op het middenconsole of boven de voorruit. - Het bedienen van de toespreekinstallatie (zie punt 2.4.1). Plaatsing: midden op het dashboard, op het middenconsole of boven de voorruit. - Het bedienen van de diverse spreeksleutels en het bedienen van de aanwezige verbindingsapparatuur (zie punt en 5.3.1). Plaatsing: midden op het dashboard, op het middenconsole of boven de voorruit. - Het elektrisch openen en sluiten van beide achterdeuren en de rechter cabinedeur (zie punt 2.4.6). Plaatsing: midden op het dashboard of op het middenconsole Het bedienen van de toespreekinstallatie, het zwaailicht en de tweetoon, de spreeksleutels, de verbindingsapparatuur en de deuropeners dient eveneens door de passagier op de bijrijdersplaats vanuit zijn zitplaats te kunnen worden uitgevoerd Bestuurderbescherming :

18 Achter de bestuurder dient een beveiliging aanwezig te zijn, door middel van een separatiewand met boven het midden een onbreekbare doorzichtige kunststof ruit De ruit in de tussenseparatie dient geblindeerd te kunnen worden door bijvoorbeeld een rolgordijn aan de voorzijde De separatiewand is zo stijf mogelijk geconstrueerd, door middel van een stalen hulpframe Handblusapparaat Binnen handbereik van de bestuurder dient een 2 kg. poederblusser aanwezig te zijn (zie punt 3.2.3) Gordels De zitplaatsen in de cabine dienen te zijn voorzien van deugdelijke rolgordels, eventueel voorzien van R.D.W.-gekeurde aangepaste gordelstokken Kaartleeslamp De bijrijdersplaats dient uitgevoerd te zijn met een kaartleeslamp met flexibele bevestiging. De verlichtingssterkte van de kaartleeslamp is minimaal 200 Ix. (conform NEN 3087). 3.5 Electrische installatie Stroomvoorziening De extra elektrische apparatuur dient aangesloten te worden op een extra batterij met voldoende capaciteit om enige tijd zonder draaiende motor te kunnen functioneren De extra batterij in het voertuig dient via een voedingsinstallatie bij een draaiende motor door een eventueel verzwaarde boorddynamo te worden opgeladen. B] langdurige stilstand van het voertuig dient het opladen te kunnen worden uitgevoerd via een 220 Volt-aansluiting of een andere externe stroombron De extra batterij dient via een beugel zodanig in een lekbak te zijn bevestigd dat deze bij een eventuele voertuigkanteling op haar plaste blijft Alle aanwezige elektrische apparatuur (zoals de ventilatie, verlichting, optische en akoestische signaalinstallatie, warmtebron, radio, deuropeners en communicatie- apparatuur) dienen ieder apart en neer vermogen te worden gezekerd Alle aanwezige extra elektrische apparatuur, behalve de warmtebron, dienen te zijn aangesloten via een hoofdstroomschakelaar op de extra stroombron Het voertuig dient te worden uitgerust met een dusdanige voorziening, dat voorkomen wordt dat de batterijen tijdens het opladen worden "overladen", ongeacht middels welke laadstroom de batterijen worden opgeladen De in het voertuig eventueel aanwezige 220 Volt-installatie, dient voorzien te zijn van een beveiliging tegen aanrakingsgevaar in geval van isolatiestoring (mogelijk door middel van een scheidingstrafo of een aardlekschakelaar) Optische signaalinstallatie Het voertuig dient te zijn voorzien van twee zwaailampen welke linksvoor en rechtsachter op het dak worden geplaatst De zwaailampen dienen te zijn beschermd in de klasse lil (zie paragraaf 9.2) Akoestische signaalinstallatie

19 Het voertuig dient te worden uitgevoerd met een tweetoon installatie aan de voorzijde. ~ De akoestische signaalinstallatie dient te voldoen aan de in Nederland gestelde norm, zodanig dat de wettelijke eis van minimaal 100 db(a) uit Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RW 1990; Stb. 459) dient te worden gehaaid. Metingen dienen te worden uitgevoerd overeenkomstig hoofdstuk 11 van de Regeling Toelatingseisen De tweetoon installatie dient op een zodanige wijze te zijn geplaatst dat deze bestand is volgens de beschermingsnorm conform klasse lil van de bescherming op doorslagwerendheid (zie paragraaf 9.2) en klasse DIN B1 op doorbraakwerendheid (zie paragraaf 9.3) De tweetoon installatie dient zodanig te zijn geplaatst dat bij een ingeschakelde twee-toon het maximale geluidsniveau in het voertuig voldoet aan punt Bedrading Eventuele bedrading voor de optische en akoestische installatie dient zodanig te zijn aangebracht dat deze vervangen kan worden zonder dat de bescherming van het voertuig behoeft te worden verwijderd Communicatiemiddelen De in het voertuig aanwezige communicatiemiddelen (zie punt 4.3.1, en 5.3.1) dienen te worden aangesloten conform de richtlijnen welke zijn gesteld door de leverancier De op het voertuig aanwezige mobilofoonantennes dienen naar frequentie te zijn afgetrimd en op de meest optimale wijze over het voertuigdak te zijn verdeeld. 4 Inrichting van een manschappenvoertuig 4.1 Algemeen Aantal zitplaatsen Het voertuig dient zodanig te zijn ingericht dat deze plaats biedt aan minimaal 11 personen, inclusief bestuurder. Hiertoe dient de cabine plaste te kunnen bieden aan de bestuurder en bijrijder. De laadruimte dient te worden ingericht voor het vervoer van tenminste 9 personen Bereikbaarheid De indeling van de binnenzijde van het voertuig dient door middel van een vrije doorloop van de bestuurderscabine naar de manschappenruimte zodanig te zijn uitgevoerd, dat alle inzittenden snel via de achterdeuren of de rechter portierdeur het voertuig kunnen verlaten. 4.2 De laadruimte Banken In de laadruimte dienen langs de beide zijwanden twee banken geplaatst te worden, waardoor minimaal 9 zitplaatsen worden gecreëerd. De banken dienen te zijn voorzien van een rugleuning en zitkussen over de gehele lengte (zie punt 3.3.2) en een onderberging (zie punt 3.3.3). De kopse kanten van de;bank zijn voorzien van een leuning op gelijke hoogte als de rugleuning Asbakken In de laadruimte dienen op evenredige afstand verdeeld over de zijwanden vier asbakken aanwezig te zijn M.E.-schilden

20 Achter de banken dienen de M.E.-schilden opgeborgen te kunnen worden. De benodigde bergruimte tussen bank en wand is minimaal 10 cm. breed Jashaken In het manschappendeel dienen 9 jashaken aanwezig te zijn, evenredige verdeeld over de zijwanden Wapenrek In het groepsvoertuig kan een opbergmogelijkheid worden gecreëerd om minimaal 9 vuurwapens, van het type Heckler & Koch (H&K), veilig en handzaam op te kunnen bergen in een afsluitbare voorziening (zie punt 4.2.5, 8.2.6). Wanneer een groepsvoertuig gebruikt wordt voor het verplaatsen van H&K-schutters is een wapenrek in het voertuig verplicht Wapenstokberging De lange wapenstokken behoren tot de standaard uitrusting van een M.E.-er en worden "op de man" gedragen. In het voertuig kan een wapenstokberging worden geplaatst (zie punt 8.2.7) Bagagerekken Boven de zitplaatsen in de laadruimte dienen minimaal elf voorgeschreven M.E.-helmen opgeborgen te kunnen worden. Het bagagerek heeft daarom een minimale hoogte van 28 cm. en een diepte van minimaal 34 cm. (De breedte van een M.E.-helm is 25 cm.). De afstand tussen het zitvlak en de onderzijde van de helmberging is minimaal 1097 mm. (conform Dined-tabel 1986 is de kruin-zitvlakhoogte van de P mm. Wanneer hierbij een toeslag van 50 mm. (voor de helm) en 30 mm. (voor de kleding) wordt gerekend wordt de minimale hoogte 1097 mm.) Stootkussens Om lichamelijk letsel te voorkomen dienen scherpe hoeken en randen bij de bagagerekken en aan de achterzijde van het voertuig te worden afgewerkt met een stootkussen. 4.3 De bestuurdersruimte Verbindings middelen Het voertuig dient uitgerust te zijn met: - 1 x mobilofoon, 450 Mhz-band - 1 x mobilofoon, 170 Mhz-band - 1 x mobilofoon, 80 MHz-band De mobilofoons ten behoeve van de 80 Mhz. en de 450 Mhz-band dienen te zijn uitgerust met een uitschakelbare variabele dubbelzijdige toon-squelch (TQ). Dit geldt eveneens voor de desbetreffende mobilofoons in de commando-voertuigen De in het voertuig aanwezige verbindingsmiddelen dienen tegen de voertuighemel in de bestuurdersruimte te worden gemonteerd, zodanig dat punt blijft gehandhaafd De spreeksleutels en de luidsprekers van de diverse mobilofoons dienen zodanig te zijn geplaatst dat er geen misverstand kan ontstaan b9 gebruik De houder van elke spreeksleutel dient zodanig te zijn opgehangen of geconstrueerd dat de spreeksleutel tijdens het rijden niet uit de houder kan vallen en dat bediening door zowel de bestuurder als de passagier op de bijrijdersplaats mogelijk blijft Radio In het voertuig dient in de bestuurdersruimte een radio-cassetterecorder aanwezig te zijn' voorzien van vier luidsprekers. Twee luidsprekers dienen in de bestuurdersruimte te zijn geplaatst en twee luidsprekers in de laadruimte. Het volume van de speakers voor en achter in het voertuig dient afzonderlijk geregeld te kunnen worden.

1. Een scharnierend of uitneembaar gedeelte op die plaats waar noodzakelijk onderhoud moet worden gepleegd;

1. Een scharnierend of uitneembaar gedeelte op die plaats waar noodzakelijk onderhoud moet worden gepleegd; Belasting van Personenauto s en motorrijwielen. Inrichtingseisen bestelauto s 1 Belasting van Personenauto s en motorrijwielen. Inrichtingseisen bestelauto s Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling,

Nadere informatie

DACIA LOGAN VAN/PICK-UP PRIJSLIJST januari 2012

DACIA LOGAN VAN/PICK-UP PRIJSLIJST januari 2012 DACIA LOGAN VAN/PICK-UP PRIJSLIJST januari 2012 VERSIEPRIJZEN LOGAN VAN/PICK-UP Dacia Logan Van Motor Uitvoering CATALOGUSPRIJS BTW BPM* CONSUMENTENPRIJS Netto INCL. BTW en BPM 1.6 MPI 85 Euro 5 Logan

Nadere informatie

Bijlagen Uw kenmerk Ons kenmerk Datum 1 E96/U2457 8 oktober 1996. Departementsonderdeel

Bijlagen Uw kenmerk Ons kenmerk Datum 1 E96/U2457 8 oktober 1996. Departementsonderdeel Aan De korpsbeheerders van de regionale politiekorpsen De korpsbeheerder van het KLPD i.c. DGPC Justitie i.a.a. de korpschefs van de regionale politiekorpsen de korpschef van het KLPD de (fgd.) hoofdofficieren

Nadere informatie

Eisen Examenvoertuig T-rijbewijs. Johan Simmelink

Eisen Examenvoertuig T-rijbewijs. Johan Simmelink Eisen Examenvoertuig T-rijbewijs Johan Simmelink Eisen aan examenvoertuigen Examen wordt afgelegd met Landbouw- of bosbouwtrekker(lbt) met aanhangwagen Eisen aan de landbouw- of bosbouwtrekker(lbt) Trekkers

Nadere informatie

Volkswagen Bedrijfswagens Dubbele Cabines. Bedrijfswagens

Volkswagen Bedrijfswagens Dubbele Cabines. Bedrijfswagens Volkswagen Bedrijfswagens Dubbele Cabines Bedrijfswagens De Dubbele Cabines van Volkswagen Bedrijfswagens. Met het oog op snelheid en efficiency is het voor u belangrijk dat mensen en materieel gelijktijdig

Nadere informatie

Algemene. Montagerichtlijnen. Elektrische Bediende. Beveiligingsrolluiken. NCP AMR augustus 2007 versie 1.0

Algemene. Montagerichtlijnen. Elektrische Bediende. Beveiligingsrolluiken. NCP AMR augustus 2007 versie 1.0 Algemene Montagerichtlijnen Elektrische Bediende Beveiligingsrolluiken Algemene montage richtlijnen elektrische beveiligingsrolluiken Inleiding: Een rolluik is zo sterk als zijn bevestiging toelaat. Vandaar

Nadere informatie

Programma van Eisen en Wensen BBT Testbaan

Programma van Eisen en Wensen BBT Testbaan Programma van en en Wensen BBT Testbaan 1. BBT Testbaan Medewerkers van de brandweer worden periodiek medisch en fysiek gekeurd. Dit Periodiek Preventief Medisch Onderzoek (PPMO) bestaat uit de volgende

Nadere informatie

Domicare is de Nederlandse importeur voor huisliften van een Engelse producent met ruim 40 jaar

Domicare is de Nederlandse importeur voor huisliften van een Engelse producent met ruim 40 jaar Domicare huisliften Domicare is de Nederlandse importeur voor huisliften van een Engelse producent met ruim 40 jaar ervaring, circa 900 liften per jaar verlaten de fabriek. Onze plateauliften en huisliften

Nadere informatie

Artikel 11.03 Afmeting van de werkplekken Werkplekken moeten zo groot zijn dat iedere persoon die er werkt voldoende bewegingsvrijheid heeft.

Artikel 11.03 Afmeting van de werkplekken Werkplekken moeten zo groot zijn dat iedere persoon die er werkt voldoende bewegingsvrijheid heeft. Reglement Onderzoek Schepen Rijnvaart HOOFDSTUK 11 VEILIGHEID OP DE WERKPLEK Artikel 11.01 Algemene bepalingen 1. Vaartuigen moeten zodanig zijn gebouwd, ingericht en uitgerust, dat personen daarop veilig

Nadere informatie

Eisen aan uw meterruimte en invoervoorzieningen Informatie voor aanvragers van een Lianderaansluiting

Eisen aan uw meterruimte en invoervoorzieningen Informatie voor aanvragers van een Lianderaansluiting Eisen aan uw meterruimte en invoervoorzieningen Informatie voor aanvragers van een Lianderaansluiting voor nieuwbouw iedereen energie eisen aan uw meterruimte en invoervoorzieningen Voor uw eigen veiligheid

Nadere informatie

Januari 2012-01-19 Verenigingsondersteuning/Belangenbehartiging

Januari 2012-01-19 Verenigingsondersteuning/Belangenbehartiging Koninklijk Nederlands Watersport Verbond Overkoepelende organisatie ten dienste van de watersport Januari 2012-01-19 Verenigingsondersteuning/Belangenbehartiging Watersporters en trailers Regelmatig komen

Nadere informatie

y Verwarming op brandstof 87

y Verwarming op brandstof 87 Klimat 5 1 y Verwarming op brandstof 87 912-B, 912-D Op. no. 87516 01- Benzine 30618 095-1 Diesel 3730 340-1 20000 excl. automaat Benzine 30618 095-1 Er is een nieuwe generatie verwarming geïntroduceerd

Nadere informatie

U kunt met uw kinderen snel en goed altijd alle uitgangen bereiken

U kunt met uw kinderen snel en goed altijd alle uitgangen bereiken U kunt met uw kinderen snel en goed altijd alle uitgangen bereiken Zijn de ingangen, doorgangen, uitgangen, nooduitgangen, gangpaden, trappen, hellingbanen en vluchtroutes over de minimaal vereiste breedte

Nadere informatie

N 1 zonder autorijbewijs

N 1 zonder autorijbewijs e e N 1 zonder autorijbewijs e De e City is het meest compacte model in het e AIXAM assortiment. Het ideale stadsvoertuig van een onvergelijkbare kwaliteit en een uitgesproken design. De e City is speels;

Nadere informatie

Wijzigingen: AB 2000 no. 11; AB 2004 no. 47; AB 2010 no. 17; AB 2011 no. 41 ====================================================================

Wijzigingen: AB 2000 no. 11; AB 2004 no. 47; AB 2010 no. 17; AB 2011 no. 41 ==================================================================== Intitulé : LANDSBESLUIT, houdende algemene maatregelen, ter uitvoering van de artikelen 10, vierde lid, 16, derde lid, en 17 van de Landsverordening wegverkeer (AB 1997 no. 18) Citeertitel: Landsbesluit

Nadere informatie

Opel Movano dubbele cabine. perfecte combinatie van personen en lading

Opel Movano dubbele cabine. perfecte combinatie van personen en lading Opel Movano dubbele cabine perfecte combinatie van personen en lading Inhoud Snoeks dubbele cabines 4 Comfort dubbele cabine 6 Elegance dubbele cabine 8 Accessoires 10 Beschikbaarheid en Maatvoering 14

Nadere informatie

Besluit bewapening en uitrusting politie

Besluit bewapening en uitrusting politie http://wetten.overheinl/bwbr0032136/geldigheidsdatum_12-09-20.. 1 van 8 02/06/2015 15:30 Besluit bewapening en uitrusting politie (Tekst geldend op: 12-09-2014) Besluit van 13 oktober 2012, houdende regels

Nadere informatie

Wijziging van de Regeling eisen verblijfsruimte penitentiaire inrichtingen in verband met verruiming van de mogelijkheden van meerpersoonscelgebruik

Wijziging van de Regeling eisen verblijfsruimte penitentiaire inrichtingen in verband met verruiming van de mogelijkheden van meerpersoonscelgebruik Wijziging van de Regeling eisen verblijfsruimte penitentiaire inrichtingen in verband met verruiming van de mogelijkheden van meerpersoonscelgebruik De Minister van Justitie, Gelet op artikel 16, vijfde

Nadere informatie

Richtlijn voor de uitvoering van bouwkasten. Het gehele Cogas elektriciteitsgebied.

Richtlijn voor de uitvoering van bouwkasten. Het gehele Cogas elektriciteitsgebied. Richtlijn bouwkasten TOEPASSINGSGEBIED: Het gehele Cogas elektriciteitsgebied. 1 DOELSTELLING Eisen voor bouwkasten t.b.v. tijdelijke en bouw- aansluitingen met een maximale doorlaatwaarde van 3x80A. 2

Nadere informatie

Richtlijn Commissie toelating examenvoertuigen

Richtlijn Commissie toelating examenvoertuigen Richtlijn Commissie toelating examenvoertuigen De commissie toelating examenvoertuigen (CTE) is samengesteld uit zowel afgevaardigden van rijschoolbranche, de overkoepelende autofabrikanten vertegenwoordiging

Nadere informatie

INLEIDING VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN SYMBOLEN. De symbolen in deze gebruiksaanwijzing. Symbolen op het apparaat

INLEIDING VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN SYMBOLEN. De symbolen in deze gebruiksaanwijzing. Symbolen op het apparaat INLEIDING Deze gebruiksaanwijzing is bedoeld voor Rapid 100E. Lees ze eerst grondig door alvorens u het apparaat in gebruik neemt. Deze gebruiksaanwijzing bevat de veiligheidsvoorschriften, de voorschriften

Nadere informatie

ERGONOMIE BESTAANDE CHAUFFEURSCABINE VRACHTWAGEN

ERGONOMIE BESTAANDE CHAUFFEURSCABINE VRACHTWAGEN ERGONOMIE BESTAANDE CHAUFFEURSCABINE VRACHTWAGEN Wettelijke grondslag De maatregelen beschrijven op welke wijze werkgevers en werknemers invulling kunnen geven aan de wettelijke bepalingen uit de Arbowet.

Nadere informatie

BIJLAGE INDIVIDUELE GOEDKEURING ELEKTRISCHE VOERTUIGEN

BIJLAGE INDIVIDUELE GOEDKEURING ELEKTRISCHE VOERTUIGEN BIJLAGE INDIVIDUELE GOEDKEURING ELEKTRISCHE VOERTUIGEN Deze bijlage bevat de eisen en de wijze van keuren die direct gerelateerd zijn aan de bouw van, of ombouw naar een elektrisch en hybride elektrisch

Nadere informatie

Hybride voortstuwing sloep met ballen

Hybride voortstuwing sloep met ballen Hybride voortstuwing sloep met ballen Sloep met ballen is een overnaads geklonken aluminium reddingssloep van 8,25 m met een gewicht van circa 2500 kilo. Voor deze sloep ben ik op zoek naar een hybride

Nadere informatie

Reglementen Crossbaan Boerenrockfestival

Reglementen Crossbaan Boerenrockfestival Reglementen Crossbaan Boerenrockfestival Het Boerenrockfestival is geen officiële crosswedstrijd maar hanteert wel regels waarin eisen aan voertuigen zijn vastgelegd. Ook zijn er eisen m.b.t. veiligheid

Nadere informatie

Deze omzendbrief is bestemd voor de overheden die over een brandweerkorps beschikken.

Deze omzendbrief is bestemd voor de overheden die over een brandweerkorps beschikken. MINISTERIËLE OMZENDBRIEF VAN 8 APRIL 2008 BETREFFENDE DE STANDAARDISERING VAN DE CONTAINERSLEDES DIE BESTEMD ZIJN VOOR DE OPENBARE BRANDWEER EN DE CIVIELE BESCHERMING. (B.S. 11.06.2008) Federale Overheidsdienst

Nadere informatie

Citroën Jumpy dubbele cabine. perfecte combinatie van personen en lading

Citroën Jumpy dubbele cabine. perfecte combinatie van personen en lading Citroën Jumpy dubbele cabine perfecte combinatie van personen en lading Inhoud Snoeks dubbele cabines 4 Standaard dubbele cabine 6 Luxe dubbele cabine 8 Accessoires 10 Beschikbaarheid en Maatvoering 14

Nadere informatie

Installatiehandleiding en gebruikershandleiding

Installatiehandleiding en gebruikershandleiding Elektrisch in hoogte verstelbare aankleedtafel MEDI Installatiehandleiding en gebruikershandleiding Aangepast sanitair Populierenlaan 59, 1911 BK Telefoon (0251) 316482 Fax (0251) 314043 Website www.sanmedi.nl

Nadere informatie

Uitvoeringsregeling belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992

Uitvoeringsregeling belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 Uitvoeringsregeling belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 De Staatssecretaris van Financiën, Gelet op de artikelen 3, vierde en vijfde lid, 4, tweede lid, 6, derde lid, 8, eerste lid, 9,

Nadere informatie

Kort overzicht BEDIENINGSKNOPPEN

Kort overzicht BEDIENINGSKNOPPEN Kort overzicht Kort overzicht BEDIENINGSKNOPPEN 6 5 4 3 2 1 12 9 3 6 80 100 120 km/h 60 140 40 160 LAND - - ROVER 20 0 180 200 H4959 7 8 9 1. Frisseluchtrooster - bedieningsknop 2. Ventilator - regeling

Nadere informatie

Eisen examenvoertuig categorieën CDE

Eisen examenvoertuig categorieën CDE Eisen examenvoertuig categorieën E eze voertuigeisen zijn van toepassing op voertuigen die gebruikt worden voor,, E en E examens. e examenvoertuigen dienen te voldoen aan de meest actuele wettelijke eisen

Nadere informatie

Frans comfort en duitse kwaliteit dé ideale combinatie voor uw vakantie!

Frans comfort en duitse kwaliteit dé ideale combinatie voor uw vakantie! Alle prijzen zijn inclusief btw en compleet gemonteerd. Technische- en prijswijzigingen voorbehouden. gewichten van het Basis voertuig Totaal toegestane massa: 3500 kg. Gewicht voertuig inclusief opbouw:

Nadere informatie

GEBRUIKSAANWIJZING ZUMOVAL MINIMAX & MINIMATIC

GEBRUIKSAANWIJZING ZUMOVAL MINIMAX & MINIMATIC GEBRUIKSAANWIJZING ZUMOVAL MINIMAX & MINIMATIC GEBRUIKSAANWIJZING ZUMOVAL MINIMAX/MINIMATIC INHOUDSOPGAVE GEBRUIKSAANWIJZING ZUMOVAL MINIMAX/MINIMATIC... 1 INHOUDSOPGAVE... 1 1. ALGEMENE INFORMATIE...

Nadere informatie

Regeling houdende regels met betrekking tot de verstrekking en het gebruik van tachograafkaarten (Regeling tachograafkaarten)

Regeling houdende regels met betrekking tot de verstrekking en het gebruik van tachograafkaarten (Regeling tachograafkaarten) (Tekst geldend op: 23-12-2010) Regeling houdende regels met betrekking tot de verstrekking en het gebruik van tachograafkaarten (Regeling tachograafkaarten) De Minister van Verkeer en Waterstaat en de

Nadere informatie

Innameprotocol. Autoinspectie Nederland - Telefoon +31(0)416-283843 - www. autoinspectie.nl

Innameprotocol. Autoinspectie Nederland - Telefoon +31(0)416-283843 - www. autoinspectie.nl Innameprotocol Voertuiginspecties Transparant inspectierapport Inspectie App Volledige ontzorging Onafhankelijk Erkend Register Taxateurs Landelijke dekking AutoInspectie Nederland - Telefoon +31(0)416-283843

Nadere informatie

Inleverprotocol. Grijs kenteken

Inleverprotocol. Grijs kenteken Inleverprotocol Grijs kenteken Inleverprotocol Schoonmaken De auto dient schoon ingeleverd te worden. Dat wil zeggen: schoonmaken in de wasstraat (of handmatig een vergelijkbare reiniging) de cabine en

Nadere informatie

Handleiding LifeGuard

Handleiding LifeGuard Handleiding LifeGuard I Introductie De LifeGuard bestaat uit een basisstation en een armband, die gebruikt kunnen worden als alarm bij onderdompeling in water en bij verdwalen. Ga naar www.manual-guide.com

Nadere informatie

Stap 2: Het constateren van eventuele beschadigingen aan het interieur van het voertuig.

Stap 2: Het constateren van eventuele beschadigingen aan het interieur van het voertuig. Bijlage Inname handleiding lease auto s Deze handleiding is opgesteld om duidelijkheid te verschaffen over de staat waarin een lease-auto dient te worden ingeleverd. Bovendien wordt beschreven op welke

Nadere informatie

FUSO CANTER 3C13-3C13D

FUSO CANTER 3C13-3C13D FUSO CANTER 3C13-3C13D Model Type 3C13 3C13D Cabine Enkel Dubbel Modelcode FEB01BL4SEA6 FEB01CL4SEA6 FEB01EL4SEA6 FEB01GL4SEA6 FEB01EL4WEA6 Zitplaatsen 3 6 + 1 Afmetingen mm Wielbasis (WHB) 2500 2800 3400

Nadere informatie

beleid remtestinrichtingen

beleid remtestinrichtingen beleid remtestinrichtingen In dit document wordt een toelichting gegeven omtrent de toepassing en plaatsing van remtestinrichtingen. Dit document is informatief van aard en wordt gezien als een groeidocument.

Nadere informatie

PRIJSLIJST VIP 490 FRANS COMFORT EN DUITSE KWALITEIT DÉ IDEALE COMBINATIE VOOR UW VAKANTIE!

PRIJSLIJST VIP 490 FRANS COMFORT EN DUITSE KWALITEIT DÉ IDEALE COMBINATIE VOOR UW VAKANTIE! Alle prijzen zijn inclusief btw en compleet gemonteerd. Technische- en prijswijzigingen voorbehouden. GEWICHTEN VAN HET BASIS VOERTUIG Totaal toegestane massa: 3300 kg. Gewicht voertuig inclusief opbouw:

Nadere informatie

Hartelijk gefeliciteerd met de aanschaf van een COBRA alarmsysteem type 889.

Hartelijk gefeliciteerd met de aanschaf van een COBRA alarmsysteem type 889. COBRA 889 INLEIDING Hartelijk gefeliciteerd met de aanschaf van een COBRA alarmsysteem type 889. De belangrijkste vernieuwing in deze 889-serie bestaat uit het systeem, dat de herkenningscode van de afstandsbediening

Nadere informatie

4 Opbergruimten SCALA

4 Opbergruimten SCALA Ons laboratoriuminrichtingssysteem SCALA biedt u een grote variatie aan opbergmogelijkheden die snel toegankelijk zijn en een veilige bewaring garanderen. Alle opbergruimten zijn variabel indeelbaar en

Nadere informatie

Configuratie. Jimny 3 deurs. Samenvatting

Configuratie. Jimny 3 deurs. Samenvatting Jimny 3 deurs 5 jaar garantie en assistance Compacte 4x4 Uitstekende terreincapaciteiten Laagste kostprijs per kilometer Uniek in zijn segment Krachtige motor Bekijk alle 4x4's van Suzuki Samenvatting

Nadere informatie

DICTATOR HOMELIFT DHM 300

DICTATOR HOMELIFT DHM 300 DICTATOR HOMELIFT DHM 300 De lift volgens machinerichtlijn De DICTATOR Homelift DHM 300 is de ideale oplossing wanneer er in een woning of bedrijf een lift moet worden in - of aangebouwd - om het dagelijkse

Nadere informatie

Technisch reglement rodeo klasse

Technisch reglement rodeo klasse Technisch reglement rodeo klasse Wijzigingen t.o.v. 2010 zijn in Rood aangegeven. Vanaf 2010: zijn niet drukgevulde motoren met meer dan 2 kleppen per cilinder toegestaan. Reglementswijzigingen op termijn:

Nadere informatie

Toetsmatrijs Praktijkexamen Rijbewijs voor categorie T*

Toetsmatrijs Praktijkexamen Rijbewijs voor categorie T* Toetsmatrijs Praktijkexamen ijbewijs voor categorie T* Opgesteld door: Categoriecode: Toetsvorm: Bijzonderheden: CCV T-rijbewijs praktijk (T) Praktijk Toelichting op tabel met afbakening Tax = Taxonomiecode

Nadere informatie

bott vario De bedrijfswageninrichting voor uw Peugeot Bipper Partner Expert Boxer

bott vario De bedrijfswageninrichting voor uw Peugeot Bipper Partner Expert Boxer bott vario De bedrijfswageninrichting voor uw Peugeot Bipper Partner Expert Boxer bott vario Thuis in uw Peugeot 2 www.bottvario.nl U heeft gekozen voor een Peugeot. Met deze keuze heeft u een goede basis

Nadere informatie

F I A T 5 0 0 603.83.297 NL S N E L G I D S

F I A T 5 0 0 603.83.297 NL S N E L G I D S F I A T 5 0 0 603.83.297 NL S N E L G I D S Raadpleeg voor een uitvoerige beschrijving en meer informatie, of in noodgevallen, het instructieboek. DASHBOARD 1 Linker hendel: bediening buitenverlichting

Nadere informatie

Typhoon Eenvoudig te manoeuvreren Typhoon True Track

Typhoon Eenvoudig te manoeuvreren Typhoon True Track Invacare Typhoon Eenvoudig te manoeuvreren De Invacare Typhoon is dé elektrische rolstoel voor de actieve gebruiker. De centrale aandrijving garandeert extra gemak bij het manoeuvreren en het Walking Beam

Nadere informatie

SPORTIEF REGLEMENT VRIJE KLASSEN 2015

SPORTIEF REGLEMENT VRIJE KLASSEN 2015 SPORTIEF REGLEMENT VRIJE KLASSEN 2015 Van toepassing is het Algemeen Reglement Autorensport Nationaal B, Bijlage 1 Veiligheidsvoorschriften Rijder en Wagen, in het bijzonder het vermelde onder CATEGORIE

Nadere informatie

ALGEMEEN CERTIFICATEN

ALGEMEEN CERTIFICATEN SNEEUWPLOEG PT ALGEMEEN De ITM sneeuwploeg is een baanbrekend product, ontwikkeld in Italië, ze geven zeer goede resultaten, ook in moeilijke omstandigheden. Ze worden ingezet in straten, stegen, voet-

Nadere informatie

Uitrusting februari 2009

Uitrusting februari 2009 februari 2009 Design Passagiersstoel opklapbaar met verstelbare rugleuning Hoofdsteunen in de hoogte regelbaar Vloerbekleding in vast tapijt Verwarming/ontdooiing met 3 snelheden Dubbele, geforceerde geluidsisolatie

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding TTV4500 HP Dryfast Kreekweg 22 NL - 3133 AZ - Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: + 31-(0)104730011 Website: www.dryfast.nl E-mail: info@dryfast.nl Dryfast Klein Siberiëstraat

Nadere informatie

Reglementen autocross en rodeo Boerenrockfestival

Reglementen autocross en rodeo Boerenrockfestival Reglementen autocross en rodeo Boerenrockfestival HET IS VERBODEN BARBEQUES TE GEBRUIKEN, TERRASSEN OP TE RICHTEN, ALCOHOLISCHE DRANKEN TE SCHENKEN AAN DERDEN EN GELUIDSINSTALLATIES TE GEBRUIKEN OP HET

Nadere informatie

Chauffeur. De belangrijkste risico's voor de chauffeur zijn: Lawaai Onveiligheid Trillingen

Chauffeur. De belangrijkste risico's voor de chauffeur zijn: Lawaai Onveiligheid Trillingen Chauffeur Onder de verzamelnaam chauffeur valt ook de chauffeur-monteur. De chauffeur heeft door zijn werk onder andere kans op een verkeersongeval en het ontwikkelen van gehoorschade door lawaai. Verder

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding TTV 4500 Dryfast BV Kreekweg 22 3133AZ Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: +31- (0)104730011 www.dryfast.nl E-mail: info@dryfast.nl Inhoudsopgave 1. Algemene informatie 2. Veiligheid

Nadere informatie

Toolbox-meeting Werken op hoogte

Toolbox-meeting Werken op hoogte Toolbox-meeting Werken op hoogte Unica installatietechniek B.V. Schrevenweg 2 8024 HA Zwolle Tel. 038 4560456 Fax 038 4560404 Inleiding Volgens de Arbowet is werken op hoogte: al het werk dat op hoogte

Nadere informatie

EXPLOSIEVEILIGHEIDSDOCUMENT Beoordeling van explosiegevaren door stof van installaties en arbeidsplaatsen

EXPLOSIEVEILIGHEIDSDOCUMENT Beoordeling van explosiegevaren door stof van installaties en arbeidsplaatsen Installatie: Arbeidsplaats: Beschrijving van de installatie en arbeidsplaats Verantwoordelijke: (1) Brandbare Stoffen (2) Gegevens van de meest kritische stof Ontstekingstemperatuur: Ontstekingsenergie:

Nadere informatie

Acceptabele en niet verwijtbare gebruiksschades:

Acceptabele en niet verwijtbare gebruiksschades: Onderstaande norm hanteert Oostendorp Autolease bij de inname van uw leaseauto. Deze is vanuit de praktijk ontwikkeld. Wij streven er naar om dit zo duidelijk mogelijk weer te geven. Acceptabele en niet

Nadere informatie

Hieronder vindt u een uiteenzetting inzake de reglementaire voorschriften voor oldtimers.

Hieronder vindt u een uiteenzetting inzake de reglementaire voorschriften voor oldtimers. Hieronder vindt u een uiteenzetting inzake de reglementaire voorschriften voor oldtimers. Opgelet! Recent zijn er een aantal wijzigingen geweest in de reglementering voor de oldtimers. Zo is sinds 1 juli

Nadere informatie

Homologatie SLV. Second Life Vehicle

Homologatie SLV. Second Life Vehicle SLV Homologatie Second Life Vehicle Naam: Robin Lange (0851916) Datum: 24-3-2015 Document: Onderzoek Homologatie Citroën HY-e Versie: 1.0 Instituut: Hogeschool Rotterdam Samenvatting In het deel PRO06(februari

Nadere informatie

Breedte van het werkvlak Uw werkblad moet een breedte hebben van minimaal 120 cm.

Breedte van het werkvlak Uw werkblad moet een breedte hebben van minimaal 120 cm. Werkplekinstellingen bij beeldschermwerk Veel klachten aan het bewegingsapparaat zijn te wijten aan een verstoring van het evenwicht tussen belastbaarheid aan de ene kant en belasting aan de andere kant.

Nadere informatie

HET LANDLEVEN-KIPPENHOK

HET LANDLEVEN-KIPPENHOK LANDLEVEN-KIPPENHOK BLAD 1 HET LANDLEVEN-KIPPENHOK VROEGER WERDEN KIPPEN IN DE MEEST WONDERLIJKE BOUWSELS ONDERGEBRACHT. SOMS ERG ROMANTISCH OM TE ZIEN, MAAR VAAK ONPRAKTISCH, ONHYGIËISCH EN WEINIG DIERVRIENDELIJK.

Nadere informatie

Richtlijn ruimte voor afleverstation DWAS

Richtlijn ruimte voor afleverstation DWAS Richtlijn ruimte voor afleverstation DWAS Voorschriften en afmetingen van ruimten voor directe afleverstations Revisie F Richtlijn ruimte voor afleverstation DWAS Voorschriften en afmetingen van ruimten

Nadere informatie

Een andere optie is de vlinder armleuningen. Vlinder armleuningen voegen meer dan 10 cm toe aan de zitbreedte.

Een andere optie is de vlinder armleuningen. Vlinder armleuningen voegen meer dan 10 cm toe aan de zitbreedte. INHOUD Douche en Toilet... 2 XXL-Rehab shower commode... 2 XXL-Rehab douche commode met grote wielen... 5 XXL-Rehab shower commode TILT... 8 XXL-Rehab shower commode RISE N RECLINE... 11 XXL-Rehab douchestoel...

Nadere informatie

Minimum inrichtingseisen voor de podotherapie praktijk

Minimum inrichtingseisen voor de podotherapie praktijk Minimum inrichtingseisen voor de podotherapie praktijk blz. 1 van 10 INHOUDSOPGAVE 1. Motivatie 2. Artikel 2 van de Algemene Bepalingen van het Podotherapeuten besluit. 3. Algemene eisen voor een praktijkruimte

Nadere informatie

Sweepmaster 900 / 980 R Voor comfortabel en stofvrij vegen, binnen en buiten

Sweepmaster 900 / 980 R Voor comfortabel en stofvrij vegen, binnen en buiten Reinigingstechniek Bedrijfsreiniging Sweepmaster 900 / 980 R Voor comfortabel en stofvrij vegen, binnen en buiten Zit-veegzuigmachines met een oppervlakterendement tot m 2 /h Perfect vegen snel en schoon

Nadere informatie

Bijlage: Vaste toegangsmiddelen

Bijlage: Vaste toegangsmiddelen Bijlage: Vaste toegangsmiddelen Inleiding Onder vaste toegangsmiddelen vallen werkbordessen, looppaden, trappen, trapladders, vaste ladders en balustraden. De Europese geharmoniseerde normserie NEN-EN-ISO

Nadere informatie

De totaalspecialist voor uw bedrijfswagen

De totaalspecialist voor uw bedrijfswagen De totaalspecialist voor uw bedrijfswagen - Dubbele cabine ombouw - Grijskenteken- en 4x4 aanpassingen - Betimmeringen,laadvloeren - Side-, bullbars en imperiaals - Separatiewanden - Sortimo bedrijfswagen

Nadere informatie

Aanvraagprocedure en Opbouwvoorschriften voor 1 e afgifte van een ADR-certificaat van goedkeuring voor:

Aanvraagprocedure en Opbouwvoorschriften voor 1 e afgifte van een ADR-certificaat van goedkeuring voor: Aanvraagprocedure en Opbouwvoorschriften voor 1 e afgifte van een ADR-certificaat van goedkeuring voor: - Aanhangwagens en opleggers bestemd voor het vervoer van ADR-tankcontainers met een inhoud > 3000

Nadere informatie

Innameprotocol bij het inleveren van de Leaseauto. Acceptabele en niet verwijtbare gebruiksschades:

Innameprotocol bij het inleveren van de Leaseauto. Acceptabele en niet verwijtbare gebruiksschades: Innameprotocol bij het inleveren van de Leaseauto Het innameprotocol is ontwikkeld om het voor u als klant zo helder mogelijk te maken wat u kan verwachten bij inlevering van de leaseauto als het contract

Nadere informatie

SXG 216 /323 /326. Krachtige en betrouwbare dieselzitmaaiers

SXG 216 /323 /326. Krachtige en betrouwbare dieselzitmaaiers SXG 216 /323 /326 Krachtige en betrouwbare dieselzitmaaiers Krachtig & betrouwbaar Bij de zitmaaiers van Iseki zit al het vakmanschap in één enkele machine: uitmuntende wereldvermaarde technologie van

Nadere informatie

Vereiste omgeving/eigen perceel. Blinden en slechtziende

Vereiste omgeving/eigen perceel. Blinden en slechtziende Maatregelen voor een woongebouw Woongebouwomgeving Bijlage 3 Vereiste omgeving/eigen perceel Doelgroep Blinden en slechtziende Rolstoelgebrui kers, personen Slechtlopende (spelende) Kinderen met boodschappen

Nadere informatie

Veeg-zuigmachines SR 1601

Veeg-zuigmachines SR 1601 Een beter ontwerp voor lagere kosten Product kenmerken De Nilfisk SR 1601 is de meest technisch ontwikkelde veegmachine in zijn categorie met innovaties die de reinigingsproductiviteit verhogen terwijl

Nadere informatie

Where you want to be.

Where you want to be. Where you want to be. Where you want to be. 2 Betrouwbaar en uiterst functioneel in al zijn eenvou d. Ontworpen voor een mobiel leven voor iederee n die dit anders niet zouden hebben. De Sterling scooters

Nadere informatie

Telescopische afzuigkap TEL06

Telescopische afzuigkap TEL06 Telescopische afzuigkap TEL06 2 Gelieve de volgende informatie van het typeplaatje voor een later gebruik te noteren, alsook de aankoopdatum, zoals op de rekening / factuur staat vermeld: Model... Serienummer...

Nadere informatie

U kunt als richtlijn bij inlevering aanhouden dat alles wat bij aflevering aanwezig was bij de auto, bij inlevering ook weer aanwezig moet zijn.

U kunt als richtlijn bij inlevering aanhouden dat alles wat bij aflevering aanwezig was bij de auto, bij inlevering ook weer aanwezig moet zijn. Inleverprocedure Inleverprocedure Schoonmaken: De auto dient schoon ingeleverd te worden. Dat wil zeggen: Buitenkant van de auto reinigen d.m.v. de wasstraat of een handmatige,vergelijkbare reiniging.

Nadere informatie

Elektronische keramische verwarming

Elektronische keramische verwarming Elektronische keramische verwarming Gebruiksaanwijzing Art.-No. 37419 230V~ 50Hz 1800W Belangrijke informatie 1. Voor ingebruikname deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig lezen. Belangrijk: Het apparaat mag

Nadere informatie

Rapportcode: 10.223-4w Datum: 3 november 2010

Rapportcode: 10.223-4w Datum: 3 november 2010 Titel: Toetsing van Sedus bureaustoel YEAH aan de eisen t.a.v. afmetingen zoals gesteld in Rapportcode: 10.223-4w Datum: 3 november 2010 Rapportcode: 10.223-4w Datum: 3 november 2010 Pagina: 2/9 SHR Het

Nadere informatie

Rapportcode: 10.223-6 Datum: 15 december 2010

Rapportcode: 10.223-6 Datum: 15 december 2010 Titel: Toetsing van Sedus bureaustoel MATCH UP aan de eisen t.a.v. afmetingen zoals Rapportcode: 10.223-6 Datum: 15 december 2010 Rapportcode: 10.223-6 Datum: 15 december 2010 Pagina: 2/9 SHR Het Cambium

Nadere informatie

FIAT NATURAL POWER INHOUD

FIAT NATURAL POWER INHOUD FIAT NATURAL POWER INHOUD 1. DE SCHOONSTE BRANDSTOF VAN HET MOMENT P.02 2. DE VOORDELEN P.03 3. FIAT PANDA P.04 4. FIAT PUNTO P.06 5. FIAT QUBO P.08 6. FIAT DOBLO P.10 7. FIAT FIORINO CARGO P.12 8. FIAT

Nadere informatie

Toetsmatrijs Praktijkexamen Rijbewijs voor categorie T

Toetsmatrijs Praktijkexamen Rijbewijs voor categorie T Toetsmatrijs Praktijkexamen ijbewijs voor categorie T In deze toetsmatrijs staat wat u moet kunnen en kennen. De toetsmatrijs vormt daarom de basis van de opleiding en het examen. Opgesteld door: CB divisie

Nadere informatie

Invacare Moover Delta II

Invacare Moover Delta II Invacare Moover Delta II Onafhankelijkheid en veiligheid De Invacare Moover Delta scooter werd ontwikkeld om mensen in staat te stellen een leven buitenshuis te hebben. Met de nadruk op veiligheid, gebruiksvriendelijkheid

Nadere informatie

REWI AANKOOPKEURING. Bezoekadres. Adres. Keurmeester. Postcode \ Plaats. Bezoekdatum. Telefoonnummer. Bezoektijd. Opdrachtgever.

REWI AANKOOPKEURING. Bezoekadres. Adres. Keurmeester. Postcode \ Plaats. Bezoekdatum. Telefoonnummer. Bezoektijd. Opdrachtgever. REWI AANKOOPKEURING Bezoekadres Adres Postcode \ Plaats Telefoonnummer Keurmeester Bezoekdatum Bezoektijd Opdrachtgever Gegevens voertuig Merk / Model Type Brandstof Kenteken Chassisnummer Datum deel 1A/1B

Nadere informatie

RAMEN EN OPDRAAIMECHANISME. Inhoud Algemene beschrijving Identificatie van speciale gereedschappen

RAMEN EN OPDRAAIMECHANISME. Inhoud Algemene beschrijving Identificatie van speciale gereedschappen RAMEN EN OPDRAAIMECHANISME RAMEN EN OPDRAAIMECHANISME Inhoud Algemene beschrijving Identificatie van speciale gereedschappen Onderhouds- en reparatiebewerkingen - inhoud Onderhouds- en reparatiebewerkingen

Nadere informatie

Het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 wordt als volgt gewijzigd:

Het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 wordt als volgt gewijzigd: Besluit van houdende wijziging van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het Voertuigreglement in verband met het toestaan van fietsverlichting die niet op de fiets is bevestigd Op de

Nadere informatie

Verkeerswetgeving fietsers

Verkeerswetgeving fietsers Verkeerswetgeving (Koninklijk besluit 1 december 1975) INDIVIDUELE FIETSERS of GROEPEN van MINDER DAN 15 FIETSERS Een verplicht fietspad wordt aangegeven met bord G11. Fietsers en snor MOETEN hier gebruik

Nadere informatie

CONTROLELIJST VEILIGHEID BIJ EVENEMENTEN

CONTROLELIJST VEILIGHEID BIJ EVENEMENTEN score INVENTARISATIE / INSPECTIE in orde niet geheel in orde niet in orde n.v.t. TOELICHTING / EVALUATIE 1. VERANTWOORDELIJKHEID 1. Alle partijen zijn aantoonbaar op hun resp. verantwoordelijkheid gewezen.

Nadere informatie

GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING

GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING SBM3 / 125.505 SBM4 / 125.510 SBM6 / 125.520 INHOUDSOPGAVE 1. DOEL en BEREIK 2. AANSPRAKELIJKHEID 3. AANWIJZINGEN 4. BASISEIGENSCHAPPEN

Nadere informatie

Technisch Reglement van het merk S3

Technisch Reglement van het merk S3 Technisch Reglement van het merk S3 ANPI 2011 1/6 S3 ANPI 2011 2/6 S3 1. Technische voorschriften algemeen.... 4 2.Technische voorschriften per gevelelement.... 4 2.1. Deur... 4 2.2. Tuimel-&Valramen (draaiend

Nadere informatie

Powerpack. gebruikshandleiding

Powerpack. gebruikshandleiding Powerpack gebruikshandleiding 1 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding De RMA powerpack is een hulpmiddel voor de begeleiding. Het vergemakkelijkt het duwen van een rolstoel gebruiker. De hulpmotor is niet ontworpen

Nadere informatie

Ergonomische douchezittingen

Ergonomische douchezittingen Ergonomische douchezittingen Een douchezitting wordt vast aan de muur gemonteerd en kan na gebruik worden opgeklapt. De gebruiker is verzekerd van een veilige houding en kan rustig zitten tijdens het wassen.

Nadere informatie

STAP 1. Legschema STAP 2

STAP 1. Legschema STAP 2 1 Quality Heating elektrische vloerverwarmingsfolie Wij willen u feliciteren met uw aankoop van één van de producten van Quality Heating. Elk product van Quality Heating is gemaakt op kwalitatief hoogstaande

Nadere informatie

1.Carrosserie en lak. Krassen die langer zijn dan 10 cm en niet meer te polijsten zijn. Beschadigingen groter dan 24mm (1 euro muntstuk) Krassen

1.Carrosserie en lak. Krassen die langer zijn dan 10 cm en niet meer te polijsten zijn. Beschadigingen groter dan 24mm (1 euro muntstuk) Krassen INLEVERSCHADE Beschadigingen aan de auto ten gevolge van bijvoorbeeld steenslag, aanrijding en (poging tot) inbraak waarbij de ontstane schade niet voldoet aan de criteria's zoals deze zijn omschreven

Nadere informatie

LAMBOX? LAMBOX staat voor: Innovatief & Hoogwaardig

LAMBOX? LAMBOX staat voor: Innovatief & Hoogwaardig LAMBOX? LAMBOX staat voor: Innovatief & Hoogwaardig Innovatief ontwerp Aërodynamisch, dus brandstofbesparend Geavanceerde technologie Prestigieus design Zeer hoogwaardige materialen Onderscheidend Gebruiksvriendelijk

Nadere informatie