Inhoud. Thema 1: Inleiding en situering 5 1 Basisbegrippen 5 2 Welvaart en welzijn 16 3 De economische kringloop 24

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Inhoud. Thema 1: Inleiding en situering 5 1 Basisbegrippen 5 2 Welvaart en welzijn 16 3 De economische kringloop 24"

Transcriptie

1

2 2

3 Inhoud Thema 1: Inleiding en situering 5 1 Basisbegrippen 5 2 Welvaart en welzijn 16 3 De economische kringloop 24 Thema 2: Ondernemingen en bedrijven 32 1 De bedrijfskolom 32 2 Btw 43 3 Indeling van de ondernemingen 52 4 Hoe een faillissement vermijden? 66 5 Hoe motiveer ik mijn personeel? 80 6 Mijn werknemers doen wat ik wil, of niet...? 90 7 Als ondernemer moet je met iedereen rekening houden 99 Thema 3: Handel en handelaar Functies van de handel Verplichtingen en rechten van de handelaar 129 Thema 4: Kopen en verkopen Het verkoopproces De handelsdocumenten De verkoopsvoorwaarden 163 Thema 5: Betaling De rechtstreekse betaling De onrechtstreekse betaling De elektronische betalingstechnieken E-bankieren of e-banking Andere betaalvormen 217 Thema 6: Verzekeringen Wat zegt de wetgeving Waarom verzekeren de mensen zich? Hoe sluit je een verzekeringscontract af? Het verzekeringscontract of de polis Soorten verzekeringen De schaderegeling 241 Thema 7: Krediet Begrip en belang Krediet op korte termijn Krediet op lange termijn Intrestberekening Intrestvergelijking 266 3

4 6 Valkuilen voor de kredietnemer Bescherming van de kredietnemer: wet op het consumentenkrediet Steunmaatregelen bij specifieke financieringsvormen 274 Thema 8: Gezinnen Inkomensvorming De inkomensbesteding 300 Tijdens je ontdekkingstocht door de fascinerende wereld van de economie zul je in je handboek deze icoontjes terugvinden: Info & analyse Kernleerstof Oefeningen Wat-en-hoe-overzicht Wist je dat... Aan de hand van teksten, foto s, grafieken, tekeningen... en onderzoeksopdrachten verken je de wereld van de economie. Hier vind je de sleutelwoorden, een samenvatting van de leerstof in de vorm van een tekst of een oefening. Hier vind je oefeningen, toepassingen of uitdieping van de leerstof. Na ieder item vind je hier wat je moet kennen en kunnen en hoe je de leerstof kunt herhalen. In deze rubriek vind je extra informatie bij het onderwerp. Meestal gaat het om leuke weetjes. Dit logo verwijst naar oefeningen of extra informatie op de methodesite 4

5 Thema 1 Inleiding en situering 1 Basisbegrippen Wat zul je leren? Het begrip behoefte omschrijven en concretiseren via voorbeelden. De begrippen goederen en diensten omschrijven en concretiseren via voorbeelden. De begrippen produceren (productie) en consumeren (consumptie) omschrijven en concretiseren via voorbeelden. De productiefactoren (natuurlijke hulpbronnen, arbeid en kapitaal) opsommen en omschrijven aan de hand van zelf verzamelde informatie. Het begrip economie omschrijven en illustreren. Een procentberekening maken. Een schematische synthese van een tekst maken. Info & analyse 1 Wat heb je allemaal nodig? Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen 5

6 Je hebt de voorbije maand waarschijnlijk heel wat geld uitgegeven aan allerlei dingen. Voor sommige zaken heb je je eigen zakgeld gebruikt, maar voor andere zul je geld van je ouders gebruikt hebben Som 10 zaken op waaraan je de voorbije maand geld hebt uitgegeven Lees onderstaand artikel over de uitgaven bij jongeren. Jongeren hebben geld genoeg Uit een onderzoek bij bijna 4000 Vlaamse jongeren tussen 16 en 18 jaar blijkt dat jongeren veel geld hebben. Op hun kamer staat steeds vaker een computer met internetaansluiting naast de tv met dvdspeler. Een derde van de jongeren heeft wel eens een aankoop gedaan die hij of zij zich niet kon veroorloven, wat bij twee derde tot discussies met de ouders leidde. Die ouders blijven wel de grootste bron van inkomen voor jongeren. Gemiddeld krijgt een Vlaamse jongere EUR zakgeld. Jongens krijgen gemiddeld 2 EUR meer dan meisjes. Maar 40 % van de jongeren heeft ook een job tijdens het schooljaar en 50 % van de jongeren werkt tijdens de zomervakantie. Alles samen verdienen jongeren ongeveer 18 EUR per week uit eigen arbeid. Een van de vaste uitgaven zijn gsmfacturen. 90 % heeft een eigen gsm en 50 % van de gsm-bezitters betaalt de helft van die factuur. Voor 25 % komen de ouders tussenbeide in de kosten en voor 25 % betalen de ouders zelfs de hele factuur. Ook aan cd s, dvd s en kleren wordt veel geld besteed. Over welke jongeren handelt deze studie? Naar: De Morgen, Waaraan geven deze jongeren hun (zak)geld uit? Komt dat overeen met de zaken waaraan jij je geld uitgeeft? Waarom (niet)? Waarom besteden jongeren zoveel geld aan hun gsm-gesprekken of aan cd s? 6 Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen

7 Met andere woorden: ze hebben er behoefte aan. Zijn er in jouw lijstje behoeften waarzonder je niet zou kunnen overleven als ze niet bevredigd worden? Waarom? Zijn er in je lijstje ook behoeften die niet echt levensnoodzakelijk zijn? Welke? In het artikel kun je ook lezen dat heel wat jongeren tussen de 16 en 18 jaar een eigen tv met dvd-speler op hun kamer hebben. Dat is toch een echte luxe! We kunnen de behoeften dus onderverdelen in drie categorieën: de levensnoodzakelijk behoeften of de primaire behoeften. de niet-levensnoodzakelijke behoeften of de secundaire behoeften. de luxebehoeften of de tertiaire behoeften. Het onderscheid tussen secundaire en tertiaire behoeften is niet altijd zo eenvoudig te bepalen. Is een mp3-speler een luxe? Waarschijnlijk niet, maar als je die vraag stelt aan een jongere van 15 jaar in de achterwijken van Mexico-Stad, zal die waarschijnlijk anders antwoorden Hecht jij veel belang aan luxegoederen? Waarom (niet)? We zullen eens kijken! Kun je jouw eigen lijstje met 10 behoeften ook indelen in: primaire behoeften: secundaire behoeften: tertiaire behoeften: Wat is je besluit? 2 Wat koop je? Behoeften worden bevredigd door bepaalde zaken te kopen. De meeste goederen uit het artikel op de vorige pagina of in jouw lijstje kun je aanraken, zoals een cd. Toch besteed je ook zakgeld aan dingen die je niet kunt aanraken, zoals een bezoek aan de tandarts. Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen 7

8 Aanraakbaar Niet-aanraakbaar Internet Kun je de zaken uit het artikel indelen in de tabel? Zet een kruisje in de juiste kolom. Vul de tabel aan met een voorbeeld uit elke categorie. Kleren Cd s Dvd s Gsm-gesprekken De eerste kolom noemen we goederen, de tweede diensten. Behalve dat een goed tastbaar is en een dienst niet-tastbaar, is er nog een belangrijk verschil: van goederen kun je een voorraad aanleggen in een winkel of het bedrijf, van een dienst niet. Je kunt bijvoorbeeld een stapel gsm s bewaren in een winkel, maar dat is moeilijk voor een doktersbezoek Als je geen onderscheid wilt maken tussen goederen en diensten, noem je ze best producten. Kun je uit het artikel afleiden waar die jongeren het geld halen om de producten te betalen? Kunnen ze daarmee alles kopen wat hun hartje verlangt? Wat doe jij als je op een bepaald ogenblik van alles wilt kopen, maar je hebt niet genoeg geld op zak? 3 Waarom koop je niet alles wat je wilt? Aangezien je maar een beperkte hoeveelheid geld hebt, moet je dus een keuze maken tussen al je behoeften! Bovendien moet je kiezen uit de beschikbare producten, zelfs al heb je genoeg geld: je wilt een cd van Lily Allen kopen, maar die laatste van Moby is ook niet slecht Dat is de kern van de economie. Zou je andere dingen kopen als je zakgeld zou verhogen met 10 %? Hoeveel bedraagt je zakgeld in dat geval? 8 Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen

9 In het artikel heb je gelezen dat men vooral geld uitgeeft aan kleren. Welke kledij zouden de jongeren van 15 jaar vooral kopen, m.a.w. waardoor laten ze zich leiden bij de aankoop van hun kleren? 4 Eerst produceren en dan consumeren Steeds meer jongeren kopen milieubewust of ethisch verantwoord. Dat betekent dat men onder andere rekening houdt met de omstandigheden waarin bijvoorbeeld het T-shirt is gemaakt of welke grondstoffen men gebruikt. Denk maar aan de kinderarbeid in sommige Aziatische landen of het gebruik van schadelijke onderdelen in batterijen. Nu zijn er kleine bedrijfjes die inspelen op die behoefte van de jongeren en milieuvriendelijke T-shirts op de markt brengen. Van een gat in de markt gesproken! Wij produceren voor de milieubewuste consument! Natuurlijk comfort Bamboe T-shirts zijn de meest comfortabele, zachte, milieuvriendelijke, bacteriebestrijdende, reukvrije, snel drogende en verkoelende modetrend sinds jaren. Bamboe shirts zijn ecologisch verantwoord, duurzaam en van hoge kwaliteit. Ze worden doorgaans voor 70 % van bamboevezels geproduceerd en voor 30 % van katoen, maar er komen ook shirts die volledig van bamboevezels zijn gemaakt. Milieuvriendelijk Bamboe is van nature volledig afbreekbaar en dus in het geheel niet milieuverontreinigend. Omdat bamboe zo snel groeit en vaker geoogst kan worden, is het een verantwoord product dat niet bijdraagt aan de ontbossing. Hightechrevolutie Bamboe T-shirts veroorzaken binnenkort een revolutie in de modewereld, omdat gemak en kwaliteit hand in hand gaan met natuurvriendelijke productie en dat voor een aangename prijs. De bamboe wordt in China geoogst en vermalen tot een brij waarvan zijdezachte draden worden gesponnen. Daarmee worden stoffen geweven die eerst een aantal behandelingen ondergaan, zoals voorkrimpen en op kleur brengen, voordat de kledingstukken worden gemaakt in het naaiatelier. Trendy patronen worden wereldwijd aangeleverd om de meest modieuze modellen te kunnen leveren. Wat bedoelt men in de titel met de woorden: produceren: consument: Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen 9

10 Om de behoeften te bevredigen, heb je dus telkens twee groepen, nl. de producent en de consument. De consument gebruikt of verbruikt goederen en diensten die worden geleverd door de producent. Wat is er zo speciaal aan het bamboe T-shirt? Wat is er allemaal nodig om zo n T-shirt te produceren? 5 Wat heeft een producent nodig? Bij de productie van een goed moet de producent een beroep doen op: natuur of natuurlijke hulpbronnen, zoals lucht, zonlicht, water, olie, gas... Als je een bamboe T-shirt wilt maken, heb je natuurlijk bamboe, vruchtbare grond, water... nodig. arbeid: dit is de geestelijke en de lichamelijke inspanning die mensen leveren voor de productie van goederen of diensten. Kun je bij de productie van ons T-shirt een voorbeeld geven van: een geestelijke inspanning: een lichamelijke inspanning: kapitaal: dit zijn de machines en werktuigen die in het productieproces worden ingeschakeld om het eindproduct te maken. Het zijn de zogenaamde kapitaalgoederen. Die factoren heb je nodig om een bamboe T-shirt te produceren. We noemen ze dan ook de drie productiefactoren. Natuurlijk moeten die productiefactoren goed met elkaar samenwerken: als je arbeiders klaarstaan om de bamboe te snijden, maar er is geen vervoer naar de fabrieken, klopt er iets niet De ondernemersactiviteiten die alles op elkaar afstemmen, worden daarom ook wel de vierde productiefactor genoemd. Zo, nu ken je al heel wat basisbegrippen uit de economie. Vul onderstaande zin aan, zodat je een mooie omschrijving krijgt van het begrip economie. Gebruik de woorden: middelen, keuze maken, behoeften. Economie is de wetenschap die ernaar streeft zoveel mogelijk te bevredigen met een beperkt aantal Daarvoor moet iedereen een. 10 Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen

11 Kernleerstof Iedereen, ook jij, heeft enorm veel behoeften. Spijtig genoeg kun je slechts beschikken over je zakgeld, en misschien krijg je nog wat geld toegestopt van je ouders. Sommige jongeren gaan zelfs nog wat bijklussen, maar ze zullen niet al hun behoeften kunnen bevredigen. Je zult dus een keuze moeten maken tussen al die behoeften met het aantal middelen dat je hebt: Wat ga ik eerst kopen? Een cd of dvd? En dan zul je moeten kiezen of je een cd van Lily Allen of van Moby gaat kopen Je merkt het wel: economie is steeds weer opnieuw een keuze maken! Als je éénmaal je keuze hebt gemaakt, kun je het product kopen of consumeren. Je kunt goederen of diensten kopen. Een goed is tastbaar, zoals een cd, en een dienst is niet-tastbaar, zoals een telefoongesprek. Als je geen onderscheid tussen beide wilt maken, spreek je van een product. Maar vanwaar komen al die producten? Ze worden natuurlijk geproduceerd in een bedrijf: zij produceren of maken enorm veel producten om te voldoen aan al die behoeften van de mensen. Bij de productie maakt men gebruik van grondstoffen, arbeid en machines. De juiste terminologie voor die drie productiefactoren is Natuur, Arbeid en Kapitaal. Schematiseer die synthese nu in onderstaand schema. Gebruik daarvoor de woorden die vet gedrukt zijn. De kern van de economie KEUZE consumeren } Handige woorden: behoeften consumeren/consumptie consument diensten economie goederen producent produceren/productie productiefactoren natuur arbeid kapitaal Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen 11

12 Oefeningen 1 Lees het onderstaande artikel. Gsm, MP3-speler, internet en Playstation Pakweg vijftien of twintig jaar geleden zaten jongeren amper thuis in hun vrije tijd. Ze gingen een potje voetballen, maakten fietstochten, bouwden kampen of ravotten in de tuin. Vandaag zitten meer en meer jongeren tijdens weekends en schoolvakanties binnen aan hun computer- of televisiescherm geklampt om dvd's te bekijken, te surfen, chatten of gamen. Koen Pairoux uit Genk is veertien. Zijn hobby's zijn internetten, gamen en dvd's bekijken. Koen is geen uitzondering, heel wat jongeren tussen 12 en 17 spenderen uren per dag aan multimedia. Bovendien gaat ook al hun zakgeld naar hun hobby. "Mijn zakgeld gaat grotendeels naar prepaid-telefoonkaarten en games, maar ik ben nu volop aan het sparen om een Xbox 360 te kunnen kopen." Koen is de jongste van het gezin, hij heeft nog drie zussen. "Onze dochters zijn bij een jeugdbeweging geweest en sporten nog elke week, zoals volleybal, fietsen en judo," leggen de ouders Mia Nijssen (45) en Daniel Pairoux (48) uit. "Ik vind het soms wel jammer dat Koen niet aan sport doet en zo weinig buitenkomt, maar ik hoor van heel wat collega's dezelfde verhalen. Zeker bij jongens, ze doen niets liever dan computeren en videospelletjes spelen. Als zijn rapport goed is, heb ik er eigenlijk geen problemen mee. Maar als hij een buis heeft, mag Koen een paar weken niet meer op de pc of Playstation. Het enige voordeel van zijn hobby is dat hij door het chatten snel kan typen," besluit Mia Nijssen. a Som de belangrijkste behoeften van Koen en zijn drie zussen op. b Zijn dat allemaal economische behoeften? Zoek eventueel eerst de betekenis van economische behoeften op in de woordenlijst op c Een van de belangrijkste behoeften van de drie zussen is sport. Kun je enkele goederen en diensten opnoemen die ze nodig kunnen hebben om te volleyballen? Goederen Diensten 12 Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen

13 2 Stel een lijstje op van jouw behoeften en vergelijk die dan met de behoeften van een medeleerling. a Waarom zouden jullie behoeften verschillend zijn? b Waardoor laten jullie je leiden bij de aankoop van goederen en diensten? Kun je enkele concrete voorbeelden geven? 3 a Geef de productiefactoren om een broodje gezond te maken. b Maak per twee een collage waarin je die productiefactoren afbeeldt. Misschien komt ze wel aan de muur te hangen! 4 Welke productiefactoren heb je nodig bij de productie van: a een auto: Natuur: Arbeid: Kapitaal: b elektriciteit: Natuur: Arbeid: Kapitaal: 5 Ga via naar de website van Max Havelaar ( Producten Cacao). a Kun je hieruit de belangrijkste productiefactoren afleiden om tot een heerlijke reep chocolade te komen? b Wat is Max Havelaar? Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen 13

14 c Zou je zelf bereid zijn om iets meer te betalen voor deze chocolade? Waarom (niet)? 6 Ga via naar de OIVO-studie. a Welke behoeften hebben de jongeren tussen 13 en 14 jaar? b Verschillen hun behoeften met die van jongeren tussen 15 en 17 jaar? Waarom? 7 Speeltje: zoek de (5) kernwoorden van de definitie van economie. W R B R I P E R R R E F N T O M E G T O T T J T L B M T E Z E C O N O M I E P M N D Z B K G D C W V S E A E Y F D Z R N C R B E H O E F T E H F A M H D L I W L A C K E U Z E T Z G P C Q P J S N C Y E Schrijf hier nu nog eens die definitie. 14 Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen

15 Wat-en-hoe-overzicht Wat? 1 Het begrip behoefte omschrijven en concretiseren via voorbeelden. 2 De begrippen goederen en diensten omschrijven en concretiseren via voorbeelden. 3 De begrippen produceren (productie) en consumeren (consumptie) omschrijven en concretiseren via voorbeelden. 4 De productiefactoren (natuurlijke hulpbronnen, arbeid en kapitaal) opsommen en omschrijven aan de hand van zelf verzamelde informatie. Hoe? 1 Studeer je kernleerstof. Wat zou je allemaal willen kopen met je wekelijkse zakgeld? Wat willen je ouders deze maand nog kopen? 2 Studeer je kernleerstof. Wat koop je allemaal met je zakgeld? Deel dit dan in in zaken die je wel en niet kunt aanraken. Je kunt dit eventueel ook doen voor de producten die je ouders kopen. 3 Studeer je kernleerstof. Wat maken bedrijven om aan je behoefte te kunnen voldoen? Neem een product uit je directe omgeving en zoek wie de producent is en wie dit product koopt. 4 Studeer de kernleerstof. Zoek op (internet, boeken ) waarmee een bepaald product uit de oefeningen of uit je directe omgeving wordt geproduceerd. 5 Het begrip economie omschrijven en illustreren. 6 Een intrest berekenen. 7 Een schema vervolledigen aan de hand van een gegeven tekst. 5 Studeer de kernleerstof. Argumenteer waarom je een bepaald product consumeert. 6 Raadpleeg leerfiche 1 op 7 Lees de tekst een eerste maal, dan een tweede maal om de kernwoorden te markeren, en probeer ten slotte het schema te vervolledigen. Thema 1: Inleiding en situering 1 Basisbegrippen 15

16 2 Welvaart en welzijn Wat zul je leren? Het onderscheid tussen welvaart en welzijn toelichten. Aantonen dat welvaart en welzijn hand in hand kunnen gaan, maar elkaar ook kunnen tegenwerken. Het belang van de vrijetijdsbesteding voor de mens aantonen. Rekening houden met de mening van de anderen. Respect opbrengen voor de mening van de anderen. Een tabel analyseren. Info & analyse 1 Welvaart en welzijn Je zult zelf ook wel mensen kennen, of er alleszins van gehoord hebben, die zo rijk zijn als de zee diep is en toch niet gelukkig zijn; ofwel zijn ze ziek, ofwel hebben ze geen tijd om hun geld te spenderen, of Opdracht Elke groep van 4 leerlingen krijgt een placemat van de leerkracht, waarop jij in jouw veld die dingen noteert die jou gelukkig maken. In jouw veld schrijf je ook je naam. Iedereen noteert minstens 5 zaken, waarvan je vindt dat ze je gelukkig maken of je een gevoel van tevredenheid geven. Je hoeft dit niet te verantwoorden voor de andere groepsleden. Nadien wordt het centrale deel in de placemat ingevuld door de secretaris. Hierin komen die dingen die gemeenschappelijk zijn voor de vier groepsleden. Hierbij moet je jouw antwoorden verdedigen, maar tegelijk moet je ook openstaan voor de antwoorden van de anderen. De gespreksleider stuurt het gesprek. Ten slotte licht de woordvoerder van je groep de antwoorden bondig klassikaal toe. Vooraf moet je duidelijk afspreken wie in jouw groepje gespreksleider is, wie secretaris en wie woordvoerder. De placemats worden gekopieerd en in je map gestoken. Welke zaken komen bij de meeste groepjes voor in het centrale veld? 16 Thema 1: Inleiding en situering 2 Welvaart en welzijn

17 Noteer in de eerste kolom die dingen uit je antwoorden, waarvoor je geld moet uitgeven om het te bereiken; in de tweede kolom noteer je die dingen waaraan je geen geld moet uitgeven. Hiervoor moet ik geld uitgeven: Hiervoor moet ik geen geld uitgeven: Voor sommige zaken heb je geld nodig om aan die behoefte te voldoen, zoals een cd kopen of naar een pretpark gaan. Je kunt dan een bepaalde mate van welvaart bereiken. Welvaart heb je dus als je kunt doen wat je wilt: naar de laatste film met Brat Pitt gaan, dat nieuwste pc-spel kopen Het zijn meestal materiële behoeften die worden bevredigd. Zoek in het woordenboek of op eens op wat materieel betekent? Toch heb je niet voor alle dingen geld nodig, m.a.w. je kunt gelukkig zijn zonder geld uit te geven, zoals wandelen of gewoon in de zon liggen. Het maakt je leven aangenaam! Nu spreek je over welzijn. Het betreft dus niet alleen materiële, maar ook immateriële zaken. Zo kan het zonnige weer je welzijn bepalen, maar het helpt als je daarbij een frisdrank kunt kopen. Kun je nu ook noteren wat 'immaterieel' betekent? Zoek het eventueel op in het woordenboek of op Wikipedia. Zijn voor jouw groep de materiële of immateriële zaken het belangrijkste? Bekijk hiervoor je placemat. Thema 1: Inleiding en situering 2 Welvaart en welzijn 17

18 2 Alles hebben wat je wil, maar wat met ons milieu? Het spijtige van welvaart is dat er niet in meegerekend wordt of we gelukkig zijn, veel vrienden hebben of in een mooie leefomgeving wonen. De overheid streeft vooral naar een grote welvaart en een goede economie. Pas de laatste jaren is de overheid gaan inzien dat bijvoorbeeld ook een schoner milieu belangrijk is. Toch is het zeer moeilijk om steeds meer nieuwe producten te maken, zonder het milieu te belasten. Geef drie voorbeelden waarbij het milieu wordt belast door te streven naar meer welvaart: Als we willen dat het beter gaat met het milieu, zullen we misschien een deel van onze welvaart moeten opgeven. Maar vergeet niet dat daartegenover een schoner milieu, een mooiere leefomgeving en een plaats om te leven voor ons nageslacht staan. Geef drie mogelijkheden hoe je je welvaart toch kunt verbeteren zonder schade te berokkenen aan het milieu: We kunnen nu onze omschrijving van economie uitbreiden. Vul de juiste woorden in: welzijn, keuze, behoeften, welvaart, middelen. Economie is de wetenschap die ernaar streeft de en het te verbeteren door zoveel mogelijk te bevredigen met een beperkt aantal Daarvoor moet iedereen een maken. 3 Vrije tijd en je welvaart of welzijn Om je welzijn te verbeteren, geef je heel wat geld uit aan je vrijetijdsbesteding: een bioscoopbezoek, een cd, nieuwe sportschoenen... Ook je ouders spenderen meer en meer geld aan hun favoriete vrijetijdsbesteding; ze gaan misschien af en toe naar een sauna of naar het theater. België: verdeling van de uitgaven volgens de Huishoudbudgetonderzoeken (in promille) Evolutie Code Omschrijving goederen en diensten Totale consumptie 1.000, , , , ,00 +0,00 1 Voeding, drank, tabak 221,5 189,5 174,9 156,0 159,72-91,78 2 Kleding, schoeisel 78,5 73,2 61,2 48,7 44,80-33,70 3 Eerste of tweede woning 241,8 267,8 264,0 261,2 249,76 +7,96 4 Meubelen, huishoudtoestellen 85,9 67,2 66,5 66,0 61,22-24,68 5 Gezondheid 32,7 36,3 45,0 41,9 49,80 +17,10 6 Vervoer en communicatie 111,8 115,6 125,5 162,6 159,19 +47,39 7 Cultuur, ontspanning, onderwijs 72,8 74,1 81,1 88,4 81,42 +8,62 8 Andere goederen en diensten, 155,0 176,2 182,0 175,2 194,09 +39,09 zoals lichaamsverzorging, horeca, toeristische reizen, financiële diensten... Bron: Huishoudbudgetonderzoek - Uitgaven per huishouden in de periode 1978/79 tot 2006, België 18 Thema 1: Inleiding en situering 2 Welvaart en welzijn

19 In de bovenstaande tabel vind je de resultaten van de jaarlijkse huishoudbudgetonderzoeken. Om te weten waaraan het gemiddelde Belgische gezin zijn inkomen spendeert, verricht de Federale Overheidsdienst (FOD) Economie huishoudbudgetonderzoeken. Maandelijks worden door meer dan 300 gezinnen alle inkomsten en uitgaven gedetailleerd bijgehouden! Meer info nodig? Ga via naar het Huishoudbudgetonderzoek. Wat betekent in promille? Wat is het symbool voor promille? Wat betekent het getal 81,42? Welke uitgaven kun je in verband brengen met vrijetijdsbesteding (zet een kruisje in de kolom Vrijetijdsbesteding )? Geef ook een voorbeeld voor die rubrieken? België: verdeling van de uitgaven volgens de Huishoudbudgetonderzoeken (in promille) Code Omschrijving goederen en diensten 1 Voeding, drank, tabak 2 Kleding, schoeisel 3 Eerste of tweede woning 4 Meubelen, huishoudtoestellen 5 Gezondheid 6 Vervoer en communicatie 7 Cultuur, ontspanning, onderwijs 8 Andere goederen en diensten, zoals lichaamsverzorging, horeca, toeristische reizen, financiële diensten... Vrijetijdsbesteding Voorbeeld Hoe evolueren de uitgaven voor cultuur, ontspanning, communicatie, lichaamsverzorging en horeca? Geef een daarvoor verklaring. Je merkt dat er heel wat geld omgaat in de vrijetijdssector. Zowel de overheid als de bedrijven besteden er meer en meer aandacht aan. Geef zelf enkele voorbeelden van initiatieven die jouw gemeente neemt om tegemoet te komen aan de vrijetijdsbesteding van de mensen? Thema 1: Inleiding en situering 2 Welvaart en welzijn 19

20 Voor andere vrijetijdsbestedingen wordt er een beroep gedaan op ondernemingen, zoals pretparken, bioscopen, vakantiewoningen Ook binnen de ondernemingen zelf wordt meer belang gehecht aan het goedvoelen van de werknemers. Want als de werknemer zich goed in zijn vel voelt, zal hij beter presteren! Geef enkele voorbeelden hoe een bedrijf ernaar streeft om zijn werknemers geestelijk en lichamelijk te ontspannen. Het is duidelijk dat de vrijetijdssector in de toekomst een van de belangrijkste sectoren in onze westerse samenleving wordt. Kernleerstof Welvaart is het gevoel dat je hebt als je in staat bent om aan je economische behoeften te voldoen. Je kunt al dan niet die goederen en diensten kopen, die je op een bepaald ogenblik nodig hebt. Welzijn is een totaal ander begrip dat buiten de economie staat. Welzijn is een algemeen geluksgevoel, zonder dat je daarvoor geld moet spenderen. Een voorbeeld zal dat verduidelijken: op woensdagnamiddag ga je naar de bioscoop (welvaart) en ga je nog even frisdrank kopen (welvaart) met je vriend/vriendin waar je heel erg verliefd op bent (welzijn). Daarna ga je samen wandelen in het stadspark (welzijn); je was nooit zo gelukkig! Met welvaart wordt vaak aangeduid hoe goed een bepaald land het, economisch gezien, doet. Toch kan die welvaart negatieve gevolgen hebben voor het welzijn. Denk maar aan de milieuvervuiling in China, een land met een enorme stijging van de welvaart economische behoefte gelduitgave welvaart welzijn gelukkig zijn vrije tijd... welvoelen Steeds meer mensen voelen zich gelukkig als ze zich kunnen ontspannen in hun vrije tijd. In onze drukke maatschappij is die vrijetijdssector heel belangrijk geworden. We geven er jaarlijks meer geld aan uit. De overheid en de bedrijven spelen hierop in door het bouwen van nieuwe sporthallen, bibliotheken, pretparken, zwembaden, culturele centra Handige woorden: Welvaart welzijn vrijetijdssector promille 20 Thema 1: Inleiding en situering 2 Welvaart en welzijn

21 Oefeningen 1 Welzijn betekent voor iedereen iets anders. Wat betekent dat welzijn voor: je grootouders: de mensen in een arm land, zoals Ethiopië of Soedan: iemand met aids: 2 Hoe kan je school je welzijn verbeteren? Moet de school daarvoor geld uitgeven? 3 België is een welvarend land. Maar niet iedereen deelt in gelijke mate in die welvaart. Sommige mensen wonen in een luxevilla met zwembad en tennisterrein, anderen moeten dagelijks wikken en wegen om rond te komen. Niet iedereen vindt dat terecht. Dat alles roept verschillende vragen op: Hoe groot mogen de welvaartsverschillen zijn? Heeft iedereen in België recht op zo'n minimumpakket aan welvaart? Denk aan een student of een asielzoeker. Wat is welvaart? Immers, wat voor de één welvaart is, vindt de ander verspilling. Vind je dat iemand die rijk is, verplichtingen heeft tegenover minderbedeelden? Wat is volgens jou in België minimaal nodig om een normaal leven te leiden? Hoort daar bijvoorbeeld een auto bij? Een kleurentelevisie? Een gsm? Je schrijft af en toe een artikel voor het maandblad Wel gevaren. Maak in een artikel van maximaal 1 bladzijde duidelijk wat je mening is over de verdeling van de welvaart. Ga in op de vijf bovenstaande vragen. 4 Maak een overzicht van al jouw uitgaven van de voorbije maand voor je vrijetijdsbesteding. Neem in dat overzicht ook de prijs op van de aankoop van al de dingen die je nodig hebt om dat te kunnen doen (bijvoorbeeld een Playstation heb je nodig als je een game wilt spelen). Noteer hier eerst wat je denkt hoeveel dat bedraagt: Thema 1: Inleiding en situering 2 Welvaart en welzijn 21

22 5 De klas wordt in twee delen opgedeeld. In elke groep wordt één stelling onder de loep genomen. a Stelling 1: 'Geld maakt gelukkig.' i Ben je het eens met deze zin? Denk er enkele minuten over na. ii Overleg dan met een klasgenoot. Stel je mening eventueel bij. iii Je leerkracht vraagt je mening. b Stelling 2: 'Hoe hoger de welvaart, hoe hoger het algemeen welzijn'. i Ben je het eens met deze zin? Denk er enkele minuten over na. ii Overleg dan met een klasgenoot. Stel je mening eventueel bij. iii Je leerkracht vraagt je mening. 6 Ga via de Optimumsite naar de website van Douwe Egberts. Op welke manieren verhoogt Douwe Egberts het welzijn van: a zijn eigen werknemers: b zijn koffieleveranciers: 7 Speeltje: vul het kruiswoordraadsel in. Het zijn allemaal begrippen die je in dit hoofdstuk hebt behandeld. Horizontaal: Gratis encyclopedie op het internet. 3 4 Om ons welzijn te verbeteren, hechten we veel belang aan een schone leefomgeving of Wat moeten we maken om met een beperkt aantal middelen zoveel mogelijk behoeften te bevredigen? 8 Onze arbeid, geld, machines, grondstoffen... 8 Verticaal: 1 5,00 euro op 1000,00 euro of 5/1000ste of We hebben er ongelofelijk veel, eigenlijk oneindig veel. 3 Wanneer de mensen het economisch gezien goed hebben. 5 Hierover gaat dit handboek. 6 Mensen verwarren dit woord wel eens met welvaart. 22 Thema 1: Inleiding en situering 2 Welvaart en welzijn

23 Wat-en-hoe-overzicht Wat? 1 Het onderscheid tussen welvaart en welzijn toelichten. 2 Aantonen dat welvaart en welzijn hand in hand kunnen gaan, maar elkaar ook kunnen tegenwerken. 3 Het belang van de vrijetijdsbesteding voor de mens aantonen. 4 Rekening houden met de mening van de anderen. 5 Respect opbrengen voor de mening van de anderen. 6 Een tabel met procenten of promilles analyseren. Hoe? 1 Studeer je kernleerstof. Som enkele zaken op die je gelukkig maken en duid aan waarvoor je geld moet uitgeven en waarvoor niet. 2 Studeer de kernleerstof. Geef enkele voorbeelden waarbij de productie van een bepaald product negatieve gevolgen heeft voor het milieu, arbeidsomstandigheden 3 Studeer de kernleerstof. Geef voorbeelden waarbij de overheid en de ondernemingen inspelen op de vrijetijdsbesteding van de mens. Analyseer de tabel van de gezinsbudgetenquêtes en trek de juiste besluiten betreffende de evolutie van de uitgaven voor vrije tijd. 4 Luister naar de mening van de anderen. Laat iedereen uitspreken en onderbreek niet. Probeer je in de plaats te stellen van de anderen. 5 Zie 4. 6 Kijk eerst naar de legende, zodat je weet in welke eenheden de getallen worden uitgedrukt. Druk de getallen uit in de vorm van: op 100,00 (of 1000,00) EUR geeft men gemiddeld x euro uit aan product y. Thema 1: Inleiding en situering 2 Welvaart en welzijn 23

H1: Economie gaat over..

H1: Economie gaat over.. H1: Economie gaat over.. 1: Belangen Geld is voor de economie een smeermiddel, door het gebruik van geld kunnen we handelen, sparen en goederen prijzen. Belangengroep Belang = Ze komen op voor belangen

Nadere informatie

Goede tijden, slechte tijden. Soms zit het mee, soms zit het tegen

Goede tijden, slechte tijden. Soms zit het mee, soms zit het tegen Slides en video s op www.jooplengkeek.nl Goede tijden, slechte tijden Soms zit het mee, soms zit het tegen 1 De toegevoegde waarde De toegevoegde waarde is de verkoopprijs van een product min de ingekochte

Nadere informatie

Wat is het verschil tussen actieve en passieve bevolking?...

Wat is het verschil tussen actieve en passieve bevolking?... Activiteit III. De beroepssectoren We zoeken een antwoord op deze vragen: - Wat is het verschil tussen actieve en passieve bevolking? - In welke beroepssectoren werken onze ouders? - Hoe pak je een onderzoeksopdracht

Nadere informatie

1 De economische kringloop

1 De economische kringloop 1 De economische kringloop Wat is Marco-economonie? Studie van het verband tussen Gezinnen Bedrijven Overheid Buitenland Welke soorten economische vraagstukken hebben we? Productie Werkloosheid Inflatie

Nadere informatie

Thema 1 Pizzeria ANTWOORDEN

Thema 1 Pizzeria ANTWOORDEN 1 Thema 1 Pizzeria ANTWOORDEN Deel 1 Consumptie 1. Ieder mens probeert zo veel mogelijk wensen te vervullen. Iedereen begint daarbij met de belangrijkste behoeften: eten, drinken, kleding en een dak boven

Nadere informatie

Examen economie thema 2 deel 1 Theorie thema 2: Produceren voor de wereldmarkt

Examen economie thema 2 deel 1 Theorie thema 2: Produceren voor de wereldmarkt Examen economie thema 2 deel 1 Theorie thema 2: Produceren voor de wereldmarkt Door: F. De Smyter en P. Holvoet 1. Geef een correcte omschrijving van de volgende economische begrippen: a) Globalisering:.

Nadere informatie

SPEL VAN DE GOUDEN EEUW - LESMATERIAAL

SPEL VAN DE GOUDEN EEUW - LESMATERIAAL Amsterdam in 1594, aan het begin van de Gouden Eeuw. De Nederlandse kunst, wetenschap en vooral de economie bloeien op. Ondernemers krijgen nieuwe kansen en kunnen steeds grotere investeringen doen. De

Nadere informatie

Pakket 5: auteursrechten

Pakket 5: auteursrechten Pakket 5: auteursrechten Inhoud 5. PAKKET 5: AUTEURSRECHTEN ENZ. 5.1 Eindtermen voor het lager onderwijs 3 5.2 Eindtermen voor het secundair onderwijs 4 5.3 Doelen 5 5.4 Links 6 5.5 Tip voor de leerkracht

Nadere informatie

Thema 1 LP 2: De leerlingen kunnen het begrip toegevoegde waarden omschrijven en het verband leggen met het begrip welvaart

Thema 1 LP 2: De leerlingen kunnen het begrip toegevoegde waarden omschrijven en het verband leggen met het begrip welvaart Thema 1 LP 2: De leerlingen kunnen het begrip toegevoegde waarden omschrijven en het verband leggen met het begrip welvaart Tijd 2 lesuren Doel 1 De leerlingen kunnen opzoeken en in eigen woorden vertellen

Nadere informatie

2. Inkomen uit arbeid

2. Inkomen uit arbeid Jijzelf en/of het gezin waarvan je deel uitmaakt, kunnen dus op verschillende manieren aan een inkomen geraken. Er zijn drie grote categorieën. inkomen uit arbeid inkomen uit sociale vergoedingen en toevallige

Nadere informatie

Hoofdstuk 1: Schaarste

Hoofdstuk 1: Schaarste Hoofdstuk 1: Schaarste Economie HAVO 2011/2012 www.lyceo.nl H1: Schaarste Economie 1. Schaarste 2. Ruil 3. Markt 4. Ruilen over tijd 5. Samenwerken en onderhandelen 6. Risico en informatie 7. Welvaart

Nadere informatie

Maak je eigen jaarbegroting

Maak je eigen jaarbegroting Maak je eigen jaarbegroting Inleiding Een begroting maken. Het woord begroting wordt normaal gesproken alleen gebruikt bij bedrijven en de overheid. Maar het is tijd om ook jouw budget dezelfde aandacht

Nadere informatie

FAIRTRADE. Een beter leven. Wat is Fairtrade

FAIRTRADE. Een beter leven. Wat is Fairtrade Wat is Fairtrade EERLIJKE HANDEL STAAT VOOROP KEURMERK INTERNATIONALE SAMENWERKING HANDEL GEMEENTE DUURZAAMHEID Een beter leven Veel boeren en arbeiders in arme landen (ook wel ontwikkelingslanden ) hebben

Nadere informatie

groep 8 blok 12 Malmberg s-hertogenbosch naam:

groep 8 blok 12 Malmberg s-hertogenbosch naam: blok 12 groep 8 naam: Malmberg s-hertogenbosch blok 12 les 1 1 Vul de enquête in. Hoe oud ben je precies? Welk schoolvak vind je het leukst? Hoe lang ben je? Hoeveel boterhammen eet je gemiddeld per dag?

Nadere informatie

Les 1 woordenschat 2F. de markt de uitvinding favoriet waarde hechten aan waar voor je geld krijgen de consumptie de trend de claim

Les 1 woordenschat 2F. de markt de uitvinding favoriet waarde hechten aan waar voor je geld krijgen de consumptie de trend de claim Fris innoveert Woorden van deze les de markt de uitvinding favoriet waarde hechten aan waar voor je geld krijgen de consumptie de trend de claim de omzet innoveren Wat weet je al? Lees het woord. Kun jij

Nadere informatie

Op bezoek in Het Beroepenhuis

Op bezoek in Het Beroepenhuis Op bezoek in Het Beroepenhuis Naam:... 1) Het Beroepenhuis Lees de folder van Het Beroepenhuis. Geef een antwoord op de vragen. Op bezoek met de klas In Het Beroepenhuis leer je ongeveer 50 beroepen kennen.

Nadere informatie

uitgave december 2007

uitgave december 2007 ... als je centen wilt uitgave december 2007 ... als je centen wilt Muziek op je kamer, met je vrienden naar de bioscoop, een cadeautje voor je lief,. Het kost allemaal centen. Je zakgeld aan de kant zetten

Nadere informatie

Naar de kern. Thema 1: De kern van het ondernemen ...

Naar de kern. Thema 1: De kern van het ondernemen ... Thema 1: De kern van het ondernemen overheid klanten leveranciers leefomgeving onderneming werknemers... mede-eigenaars drukkingsgroepen en actiecomités U Ondernemen doet iemand in de eerste plaats uit

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL - COMPEX

Examen VMBO-GL en TL - COMPEX Examen VMBO-GL en TL - COMPEX 2008 tijdvak 1 woensdag 28 mei totale examentijd 2 uur economie CSE GL en TL COMPEX Vragen 1 tot en met 22 In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet

Nadere informatie

Is jouw eurocent al gevallen

Is jouw eurocent al gevallen Crisis graad 3 Is jouw eurocent al gevallen Lesvoorbereiding Projecteer de krantenkoppen of verzamel zelf krantenkoppen over de economische crisis. Knip het verhaal van de crisis in 6 stukken (1 deel voor

Nadere informatie

Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op.

Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. De economische kringloop Voor de beantwoording van de vragen 1 tot en met 6 moet je soms gebruikmaken van informatiebron 1 in de

Nadere informatie

Examen HAVO. economie. tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. economie. tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2010 tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur economie tevens oud programma economie 1,2 Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 27 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Geld en economie vmbo-b34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Geld en economie vmbo-b34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 15 September 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/62237 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Verwijswoorden begrijpen

Verwijswoorden begrijpen 1. Lees de uitleg. Verwijswoorden begrijpen Een verwijswoord wijst naar een ander woord. In veel zinnen in de tekst staan verwijswoorden. Bijvoorbeeld: het, hij, daar, die, dat, ze, haar, er, deze, daarmee.

Nadere informatie

VERSCHILLENDE TARIEVEN VOOR MEER WINST

VERSCHILLENDE TARIEVEN VOOR MEER WINST VERSCHILLENDE TARIEVEN VOOR MEER WINST - LEERLING SuccesformulesVoorkant_Opmaak 1 06-10-14 10:08 Pagina 1 VERSCHILLENDE TARIEVEN VOOR MEER WINST 1 anigap 80:01 41-01-60 1 kaampo_tnakroovselumrofseccus

Nadere informatie

Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op.

Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. De heilige koe Bij de beantwoording van de vragen 1 tot en met 5 moet je soms gebruikmaken van de informatiebronnen 1 en 2. Nederlanders

Nadere informatie

De kritische consument

De kritische consument De kritische consument Inleiding Om producten te kunnen maken heb je grondstoffen nodig. Mensen werken met deze grondstoffen en maken er producten van die we consumeren. Een ondernemer is tevreden als

Nadere informatie

Hoe gelukkig ben je? Opdracht 1

Hoe gelukkig ben je? Opdracht 1 Hoe gelukkig ben je? Geluk is een veranderlijk iets. Het ene moment kun je jezelf diep gelukkig voelen, maar het andere moment lijkt het leven soms maar een zware last. Toch is voor geluk ook een soort

Nadere informatie

3 Consumentenprijs, BTW en inkoopwaarde van de omzet

3 Consumentenprijs, BTW en inkoopwaarde van de omzet 3 Consumentenprijs, BTW en inkoopwaarde van de omzet 3.1 Inleiding De overheid profiteert mee van elke aankoop die wordt gedaan. Want iedere ondernemer is verplicht aan de fiscus omzetbelasting (btw) af

Nadere informatie

Inhoud. 1 Winkel 6. 2 De overheid 54. 3 Inkomsten en uitgaven 92

Inhoud. 1 Winkel 6. 2 De overheid 54. 3 Inkomsten en uitgaven 92 Inhoud 1 Winkel 6 2 De overheid 54 3 Inkomsten en uitgaven 92 1 Winkel 1.1 Opdracht 1.1 De bedrijfskolom Doel Na deze opdracht kun je aangeven hoe producten bij de consument komen en kun je zelf een bedrijfskolom

Nadere informatie

Lesbrief Verdienen en uitgeven 2 e druk

Lesbrief Verdienen en uitgeven 2 e druk Hoofdstuk 1. Inkomen verdienen 1.22 1.23 1.24 1.25 1.26 1.27 1.28 1.29 1.30 1.31 1.32 1.33 1.34 D A C C A D B A D D B C D 1.35 a. 1.000.000 425.000 350.000 40.000 10.000 30.000 = 145.000. b. 1.000.000

Nadere informatie

Een nieuwe bank. Lesvoorbereiding Crisis graad 2. Verwondering

Een nieuwe bank. Lesvoorbereiding Crisis graad 2. Verwondering Een nieuwe bank Lesvoorbereiding Crisis graad 2 Voorzie speelgoed - geld, echte kleine muntstukken of print het blad met de centen. Op elk blad staan 100 centen in rijen van 10. Zo kan je gemakkelijk het

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL - COMPEX

Examen VMBO-GL en TL - COMPEX Examen VMBO-GL en TL - COMPEX 2009 tijdvak 1 woensdag 27 mei totale examentijd 2 uur economie CSE GL en TL COMPEX Vragen 1 tot en met 24 In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet

Nadere informatie

Antwoordenvel Handel en Wandel, primair onderwijs

Antwoordenvel Handel en Wandel, primair onderwijs ntwoordenvel Handel en Wandel, primair onderwijs Vraag 1: Zoek op de kaart van Nijmegen op welke straten er nog meer een naam hebben met een kolonie erin. Vraag 2a: Gezegde of spreekwoord met peper Vraag

Nadere informatie

1. Leg uit dat het sparen door gezinnen een voorbeeld is van ruilen in de tijd. 2. Leg uit waarom investeren door bedrijven als ruilen over de tijd beschouwd kan worden. 3. Wat is intertemporele substitutie?

Nadere informatie

Thema Informatie vragen bij een instelling

Thema Informatie vragen bij een instelling http://www.edusom.nl Thema Informatie vragen bij een instelling Lesbrief 28. De belastingaanslag. Wat leert u in deze les? Informatie over uw inkomsten begrijpen. Informatie over uw uitgaven begrijpen.

Nadere informatie

Eindexamen vmbo gl/tl economie 2011 - II

Eindexamen vmbo gl/tl economie 2011 - II Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 scorepunt toegekend. MINpunten 1 maximumscore 1 2 / 6 x 100 % = 33,3% 2 maximumscore 1 Voorbeeld van een juiste reden: Klantenbinding:

Nadere informatie

De wensen van mensen zijn onbegrensd. Hoe noemen we in de economie deze wensen? BEHOEFTEN. Categorie Vraag & Antwoord

De wensen van mensen zijn onbegrensd. Hoe noemen we in de economie deze wensen? BEHOEFTEN. Categorie Vraag & Antwoord Categorie Vraag & Antwoord De wensen van mensen zijn onbegrensd. Hoe noemen we in de economie deze wensen? BEHOEFTEN Er zijn te weinig middelen om in alle behoeften te kunnen voorzien. Hoe heet dit verschijnsel?

Nadere informatie

Ik heb geen idee wat het betekent. Ik heb dit woord wel eens gezien of gehoord.

Ik heb geen idee wat het betekent. Ik heb dit woord wel eens gezien of gehoord. Tekst lezen en moeilijke woorden bespreken 1. Hoe goed ken je de woorden in het schema? Je hoeft alleen een kruisje te zetten bij hoe goed je het woord kent. 2. Lees de tekst met het stappenplan. Onderstreep

Nadere informatie

Een deel van het onderzoek doe je met z n tweeën, het andere deel doe je zelfstandig. Dit onderzoek telt als repetitie A en B.

Een deel van het onderzoek doe je met z n tweeën, het andere deel doe je zelfstandig. Dit onderzoek telt als repetitie A en B. In jouw stad of dorp zijn er vast wel wijken waar mensen met wat hogere inkomens wonen en wijken waar mensen met wat lagere inkomens wonen. Er wordt beweerd dat mensen met een hoger inkomen meer en verder

Nadere informatie

Mijn kledinggebruik. Succes! Dit gedeelte gaat over het kopen van kleding.

Mijn kledinggebruik. Succes! Dit gedeelte gaat over het kopen van kleding. Mijn kledinggebruik Wellicht weet je al dat verschillende aspecten van kleding slecht zijn voor het milieu. In deze opdracht gaan we bekijken op welke manier jij zelf je steentje bij kan dragen aan het

Nadere informatie

Doel Leerlingen kunnen in eigen woorden formuleren waarvoor en wanneer de berekeningen nodig zijn en deze op een correcte manier uitrekenen.

Doel Leerlingen kunnen in eigen woorden formuleren waarvoor en wanneer de berekeningen nodig zijn en deze op een correcte manier uitrekenen. Algemene informatie: De aankomende 2 lessen ga je in groepjes van drie personen je bezig houden met het berekenen van procenten. Er zijn drie vormen en iedereen behandeld alle vormen. Jullie wisselen om

Nadere informatie

Voorblad Wat is geld?

Voorblad Wat is geld? Voorblad Wat is geld? Je hebt de test op de website van Nibud gedaan: http://service.nibud.nl/geldtypetest/ Welk geldtype ben je? Vind je dit zelf ook? Motiveer je antwoord. Beantwoord de volgende vragen

Nadere informatie

Inleiding: kennismaking met het spilbedrijf + voorstelling van het assortiment

Inleiding: kennismaking met het spilbedrijf + voorstelling van het assortiment School: JAARPLAN 2011 2012 Handel: onderdeel Initiatie in administratie, retail en logistiek VAK Handel I. A. R. L. ONDERWIJSVORM 2 lesuren per week in het 2 de jaar van de B-stroom BVL LERAAR Vakoverschrijdende

Nadere informatie

Lesbrief DUURZAAM WERKEN OPDRACHT 1 - WERKEN IN DE HAVEN

Lesbrief DUURZAAM WERKEN OPDRACHT 1 - WERKEN IN DE HAVEN Lesbrief Primair onderwijs - BOVENBOUW DUURZAAM WERKEN De haven van Rotterdam is de grootste haven van Europa. Veel mensen werken in de haven. Steeds meer spullen die je in de winkel koopt, komen per schip

Nadere informatie

Werkboekje. Natuur en milieu educatie. Groep 7. Naam: Fruit in de mix. Dit is een product van Stichting Vogelpark Avifauna

Werkboekje. Natuur en milieu educatie. Groep 7. Naam: Fruit in de mix. Dit is een product van Stichting Vogelpark Avifauna Werkboekje Natuur en milieu educatie Naam: Groep 7 Fruit in de mix Dit is een product van Stichting Vogelpark Avifauna Werkblad 1 Waar komt ons fruit vandaan? Vul 1. Teken het klassikale woordenweb die

Nadere informatie

Korte kennismaking met de verschillende thema s binnen de economische en sociale rechten:

Korte kennismaking met de verschillende thema s binnen de economische en sociale rechten: Ontwerp eens een land (Uit: RECHT-vaardig, menswaardig) De deelnemers ontwerpen een land waar het goed is om te leven. Ze beslissen in het ontwerp: hoe het landschap eruit ziet, waar de mensen leven in

Nadere informatie

Examen VMBO-BB. economie CSE BB. tijdvak 2 dinsdag 19 juni 13.30-15.00 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

Examen VMBO-BB. economie CSE BB. tijdvak 2 dinsdag 19 juni 13.30-15.00 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Examen VMBO-BB 2007 tijdvak 2 dinsdag 19 juni 13.30-15.00 uur economie CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Dit examen bestaat uit 36 vragen. Voor dit examen

Nadere informatie

De JetStar bestaat uit een reeks onderdelen die in de onderneming JetFun bvba worden geproduceerd.

De JetStar bestaat uit een reeks onderdelen die in de onderneming JetFun bvba worden geproduceerd. De onderneming JetFun bvba produceert één type jetski, de JetStar. De JetStar bestaat uit een motor die de jetski aandrijft. De motor is een Kawasaki 23 pk die wordt aangekocht. De JetStar bestaat uit

Nadere informatie

Crisis in de EU docentenhandleiding

Crisis in de EU docentenhandleiding Crisis in de EU docentenhandleiding In deze les vergelijken leerlingen de economische situatie van verschillende EU-leden met elkaar. Daarbij maken zij gebruik van de interactieve kaart en grafiek Economische

Nadere informatie

Ruilen over de tijd (havo)

Ruilen over de tijd (havo) 1. Leg uit dat het sparen door gezinnen een voorbeeld is van ruilen in de tijd. 2. Leg uit waarom investeren door bedrijven als ruilen over de tijd beschouwd kan worden. 3. Wat is intertemporele substitutie?

Nadere informatie

Kim Dalessi. K.dalessi@student.fontys.nl

Kim Dalessi. K.dalessi@student.fontys.nl 1 Inhoudsopgave Inhoudsopgave...2 Hallo!!...3 Aflevering 1...7 Opdracht 1...7 Opdracht 2...8 Aflevering 2...9 Opdracht 3...9 Opdracht 4...10 Aflevering 3...11 Opdracht 6...12 Opdracht 7...13 Werkblad Logboek...14

Nadere informatie

LESPAKKET DE 9 LEVENS VAN VAN BOMMEL

LESPAKKET DE 9 LEVENS VAN VAN BOMMEL @ LESPAKKET DE 9 LEVENS VAN VAN BOMMEL ! inleiding ONDERNEMEN Voor het maken van deze opdrachten moet je eerst het stripboek De 9 levens van Van Bommel hebben gelezen. Om de onderneming zo succesvol mogelijk

Nadere informatie

Eindexamen economie havo II

Eindexamen economie havo II Opgave 1 Buitenland en overheid in de kringloop In de economische wetenschap wordt gebruikgemaakt van modellen. Een kringloopschema is een model waarmee een vereenvoudigd beeld van de economie van een

Nadere informatie

IJS FABRIEK IJSSALON

IJS FABRIEK IJSSALON IJS FABRIEK IJSSALON Rekenen voor vmbo-groen en mbo-groen Colofon RekenGroen. Rekenen voor vmbo- groen en mbo- groen Module IJsfabriek IJssalon Leerlingtekst Versie 1.0. November 2012 Auteurs: Monica Wijers,

Nadere informatie

Evenredigheden en verhoudingen

Evenredigheden en verhoudingen WERKBOEK 4 Evenredigheden en verhoudingen Les 16 Dit kan ik al! Ik kan de verhouding tussen verschillende dingen behouden door alles evenveel keer groter of kleiner te maken. 1 Lees en los op. Gebruik

Nadere informatie

Vroeg wijs met geld. gemeente www.heumen.nl. Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld

Vroeg wijs met geld. gemeente www.heumen.nl. Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld Vroeg wijs met geld Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld gemeente www.heumen.nl Heumen HU.090 brch vroeg wijs met geld.indd 1 04-02-14 09:30 Inhoudsopgave Zakgeld

Nadere informatie

A. Jouw rechten! Kinderrechten

A. Jouw rechten! Kinderrechten Dit werkblaadje is van... A. Jouw rechten! Kinderrechten Je hebt ongetwijfeld al gehoord van de Rechten van het Kind. De koningen, presidenten en andere leiders van over de hele wereld hebben gezegd dat

Nadere informatie

Inleiding We hebben gezien uit welke componenten het nationaal product en het nationaal inkomen bestaat.

Inleiding We hebben gezien uit welke componenten het nationaal product en het nationaal inkomen bestaat. Bestedingsevenwicht - 1 van 15 MACRO-ECONOMISCH BESTEDINGSEVENWICHT Welke factoren bepalen de grootte van het nationaal inkomen? Inleiding We hebben gezien uit welke componenten het nationaal product en

Nadere informatie

Waarom heb ik voor dit onderwerp gekozen?

Waarom heb ik voor dit onderwerp gekozen? Chocolade Waarom heb ik voor dit onderwerp gekozen? Chocolade is heel erg lekker. Mijn zus kwam op het idee.en ik dacht goed idee. En toen heb ik het dus over chocolade gedaan. Waar komt chocolade vandaan?

Nadere informatie

Lesbrief DUURZAAM WERKEN OPDRACHT 1 - WERKEN IN DE HAVEN

Lesbrief DUURZAAM WERKEN OPDRACHT 1 - WERKEN IN DE HAVEN Lesbrief Primair onderwijs - MIDDENBOUW DUURZAAM WERKEN De haven van Rotterdam is de grootste haven van Europa. Veel mensen werken in de haven. Steeds meer spullen die je in de winkel koopt, komen per

Nadere informatie

Studenten combineren voor tal van redenen hun studies met een job.

Studenten combineren voor tal van redenen hun studies met een job. Werk en studies : een prima huwelijk Hoofdstuk 2 Studenten combineren voor tal van redenen hun studies met een job. Het maakt niet uit of die beslissing een vrije keuze is of gebeurt om financiële redenen,

Nadere informatie

Opdrachten bij cahier Foodtopia Het voedsel van de toekomst

Opdrachten bij cahier Foodtopia Het voedsel van de toekomst Opdrachten bij cahier Foodtopia Het voedsel van de toekomst BEWAREN EN BEHOUDEN Wij vinden het heel normaal dat de supermarkt vol eten ligt. Vandaag, morgen, volgende week en daarna. Dat is mogelijk doordat

Nadere informatie

38.1.BELASTING OP DE TOEGEVOEGDE WAARDE ( B.T.W.)

38.1.BELASTING OP DE TOEGEVOEGDE WAARDE ( B.T.W.) 38 -MECHANISME 38.1.BELASTING OP DE TOEGEVOEGDE WAARDE ( B.T.W.) 38.1.1. principe wil zeggen belasting op de toegevoegde waarde en betekent dat er belasting moet betaald worden op elk stukje waarde dat

Nadere informatie

Kaarten module 4 derde klas

Kaarten module 4 derde klas 1. Uit welke twee onderdelen bestaan de totale kosten? 2. Geef 2 voorbeelden van variabele kosten. 3. Geef 2 voorbeelden van vaste (of constante) kosten. 4. Waar is de totale winst gelijk aan? 5. Geef

Nadere informatie

VOORBEELDEN FUNCTIONELE TAKEN

VOORBEELDEN FUNCTIONELE TAKEN VOORBEELDEN FUNCTIONELE TAKEN LEZEN OM EEN KEUZE TE MAKEN VOEDING De juiste melk kiezen Je hebt magere, halvolle en volle melk. Maar er zijn nog meer verschillen in de melk die je in de supermarkt vindt.

Nadere informatie

Naam:... Nr... SPRONG 6

Naam:... Nr... SPRONG 6 Naam:... Nr.... SPRONG 6 G 1 Percenten a Bereken het percent. Schrijf de tussenuitkomsten op. 5 % van 500 = van 500 = x = 15 % van 200 = van 200 = x = 4 % van 2 000 = van 2 000 = x = 10 % van 700 = van

Nadere informatie

De voorstellen van Vivant Beschrijving, kritiek en alternatief

De voorstellen van Vivant Beschrijving, kritiek en alternatief De voorstellen van Vivant Beschrijving, kritiek en alternatief Iedereen kent wel het minipartijtje Vivant. Roland Duchâtelet, stichter-financier van de beweging en ondernemer, en de zijnen zoeken nu aansluiting

Nadere informatie

MODULE 3: Het eigen adviesbureau De eigen winkel (vaardigheidstoets voor de opleidingen Modestyling en Interieuradviseur) Inhoud:

MODULE 3: Het eigen adviesbureau De eigen winkel (vaardigheidstoets voor de opleidingen Modestyling en Interieuradviseur) Inhoud: Het eigen adviesbureau De eigen winkel (vaardigheidstoets voor de opleidingen Modestyling en Interieuradviseur) MODULE 3: BTW Inhoud: Consumentenprijs Verkoopprijs Te betalen btw Verschuldigde btw Af te

Nadere informatie

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 MEMORY WOORDEN 1.1 TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 ik jij hij zij wij jullie zij de baby het kind ja nee de naam TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 2 MEMORY WOORDEN 1.2 TaalCompleet A1 Memory Woorden

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL COMPEX 2006

Examen VMBO-GL en TL COMPEX 2006 Examen VMBO-GL en TL COMPEX 2006 tijdvak 1 dinsdag 23 mei totale examentijd 2,5 uur ECONOMIE CSE GL EN TL COMPEX Vragen 30 tot en met 44 In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer wel

Nadere informatie

Ga naar www.nibud.nl klik bij Test en spel op: Alle tests en spellen Doe de test: Wat voor geldtype ben jij? Uitslag: je bent een

Ga naar www.nibud.nl klik bij Test en spel op: Alle tests en spellen Doe de test: Wat voor geldtype ben jij? Uitslag: je bent een kritisch consument Geld genoeg? In deze opdracht ga je je eigen inkomsten vergelijken met leeftijdgenoten, je maakt een overzicht van je inkomsten en uitgaven. Daarna laat je zien hoe belangrijk reclame

Nadere informatie

Een voorlopige balans (Periode 1)

Een voorlopige balans (Periode 1) Een voorlopige balans (Periode 1) Omschrijving van deze periode We hebben tijdens dit schooljaar al heel wat gediscussieerd, besproken, nagedacht, Je hebt in deze gesprekken, maar ook in de logboekopdrachten

Nadere informatie

Lesbrief Iedereen betaalt belasting

Lesbrief Iedereen betaalt belasting Lesbrief Iedereen betaalt belasting inleiding Iedereen betaalt belasting» waar komt het geld vandaan?» waar gaat het geld naar toe?» nederland, europa en de wereld» Iedereen betaalt belasting 1 Iedereen

Nadere informatie

Expeditie M&M. ontdek avontuurlijk leren. lesbrief. Bijbanen. Foto: Marcel van den Bergh / Hollandse Hoogte

Expeditie M&M. ontdek avontuurlijk leren. lesbrief. Bijbanen. Foto: Marcel van den Bergh / Hollandse Hoogte Expeditie M&M ontdek avontuurlijk leren lesbrief VMBO Foto: Marcel van den Bergh / Hollandse Hoogte Bijbanen Expeditie M&M Inleiding Nieuwe telefoon, mp3-speler, een vette game, naar de film, kleren, schoenen.

Nadere informatie

IJS FABRIEK GEITENMELK

IJS FABRIEK GEITENMELK IJS FABRIEK GEITENMELK Rekenen voor vmbo-groen en mbo-groen Colofon RekenGroen. Rekenen voor vmbo- groen en mbo- groen Module IJsfabriek Geitenmelk Leerlingtekst Versie 1.0. November 2012 Auteurs: Monica

Nadere informatie

Tekst 1 Goede voornemens voor 2013 Vrouwen willen meer voor zichzelf opkomen, mannen willen vaker bij hun familie zijn.

Tekst 1 Goede voornemens voor 2013 Vrouwen willen meer voor zichzelf opkomen, mannen willen vaker bij hun familie zijn. Actuele opdracht leesvaardigheid Goede voornemens januari - 2013 2 vmbo Opdracht 1 Veel mensen maken goede voornemens aan het begin van een nieuw jaar. Ze bedenken dan wat ze in het nieuwe jaar anders

Nadere informatie

!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!! Uitgave van Stichting Be Aware Januari 2015 WIL JE MINDER GAMEN?

!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!! Uitgave van Stichting Be Aware Januari 2015 WIL JE MINDER GAMEN? Uitgave van Stichting Be Aware Januari 2015 WIL JE MINDER GAMEN? Je vindt dat je teveel tijd doorbrengt met het spelen van games. Je beseft dat je hierdoor in de problemen kunt raken: je huiswerk lijdt

Nadere informatie

Migrerende euromunten

Migrerende euromunten Migrerende euromunten Inleiding Op 1 januari 2002 werden in vijftien Europese landen (twaalf grote en drie heel kleine) euromunten en - biljetten in omloop gebracht. Wat de munten betreft, ging het in

Nadere informatie

Slim omgaan met geld

Slim omgaan met geld Slim omgaan met geld Deel 1 Oorzaken en financieel overzicht. Dit werkboek is van: Datum: 1 Copyright - Drukke Moeders Marijke Minten Welkom Drukke Moeders Online Cursus Financiën Werkboek Dit is een werkboek

Nadere informatie

Leren leren : geschiedenis

Leren leren : geschiedenis Leren leren : geschiedenis A. In klas 1) actief meewerken Als je actief meewerkt in de klas, spaar je thuis heel wat tijd uit! = nadenken over vragen, proberen te antwoorden, vragen stellen over onderdelen

Nadere informatie

UITDAGING 5: Justine helpt de buren

UITDAGING 5: Justine helpt de buren Dit werkblaadje is van... UITDAGING 5: Justine helpt de buren Solidariteit in je eigen omgeving Individuele oefening Heb jij al eens iemand geholpen? Schrijf op wat je deed om die persoon te helpen. Voorbeeld:

Nadere informatie

Management en Organisatie. Proefles

Management en Organisatie. Proefles Management en Organisatie Proefles I. Geld lenen. Stel: je wordt 18 jaar, je haalt je rijbewijs en je wilt dan direct een auto hebben. Die kost 25.000, maar jij hebt geen cent. Je kijkt naar de TV en je

Nadere informatie

Inhoud. Mijn leven. ik regel mijn geldzaken

Inhoud. Mijn leven. ik regel mijn geldzaken Inhoud Inleiding...3 Hoofdstuk 1 Bewaren...5 Hoofdstuk 2 Administratie...7 Hoofdstuk 3 Inkomsten... 8 Hoofdstuk 4 Uitgaven... 10 Hoofdstuk 5 Sparen... 12 Hoofdstuk 6 Verzekeringen...15 Hoofdstuk 7 Begroting...

Nadere informatie

HALLO WERELD WERKSTUK

HALLO WERELD WERKSTUK HALLO WERELD WERKSTUK Opdracht Maak een werkstuk over China, het onderwerp van het boek De Parel en De Draak. Beschrijf verschillende aspecten van het land en maak je werkstuk zo afwisselend mogelijk.

Nadere informatie

Examen VMBO-BB. economie CSE BB. tijdvak 1 vrijdag 25 mei 9.00-10.30 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

Examen VMBO-BB. economie CSE BB. tijdvak 1 vrijdag 25 mei 9.00-10.30 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Examen VMBO-BB 2007 tijdvak 1 vrijdag 25 mei 9.00-10.30 uur economie CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Dit examen bestaat uit 36 vragen. Voor dit examen

Nadere informatie

1 Aanbodfunctie. 2 Afschrijvingskosten Asymmetrische 3 informatie

1 Aanbodfunctie. 2 Afschrijvingskosten Asymmetrische 3 informatie 1 Aanbodfunctie 2 Afschrijvingskosten Asymmetrische 3 informatie Het verband tussen prijs een aangeboden hoeveelheid kun je weergeven met een vergelijking: de aanbodfunctie. De jaarlijkse waardevermindering

Nadere informatie

Mijn reis met STIMI MAATSCHAPPIJ VOOR HET INTERCOMMUNAAL VERVOER TE BRUSSEL

Mijn reis met STIMI MAATSCHAPPIJ VOOR HET INTERCOMMUNAAL VERVOER TE BRUSSEL Mijn reis met STIMI MAATSCHAPPIJ VOOR HET INTERCOMMUNAAL VERVOER TE BRUSSEL Openbaar vervoer is de verzamelnaam voor alle bussen, trams en metro s. Mijn naam is STIMI Ik ben 7 jaar en een grote fan van

Nadere informatie

leer-actief werkboek Naam: www.leer-actief.nl 1

leer-actief werkboek Naam: www.leer-actief.nl 1 leer-actief werkboek Naam: www.leer-actief.nl 1 actief leren WWW.leer-actief.nl Dit is Wybo. Wybo was vroeger een heel gewoon jongetje, maar hij was wel erg lui. En dat...werd zijn redding. Hij had nooit

Nadere informatie

Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken

Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken - 2 - Weer huiswerk? Nee, deze keer geen huiswerk, maar een boekje óver huiswerk! Wij (de meesters en juffrouws) horen jullie wel eens mopperen als je huiswerk opkrijgt.

Nadere informatie

Leren (kan je ) leren!

Leren (kan je ) leren! Leren (kan je ) leren! Leertips op maat van de middenschool Beste leerlingen en ouders, Het begrip leren leren klinkt jullie waarschijnlijk niet onbekend in de oren. We hopen dat er in de basisschool al

Nadere informatie

Examen VMBO-BB 2005 ECONOMIE CSE BB. tijdvak 1 donderdag 2 juni 9.00 10.30 uur. 12-10-2004 Versie vaststelling. Naam kandidaat Kandidaatnummer

Examen VMBO-BB 2005 ECONOMIE CSE BB. tijdvak 1 donderdag 2 juni 9.00 10.30 uur. 12-10-2004 Versie vaststelling. Naam kandidaat Kandidaatnummer Examen VMBO-BB 2005 12-10-2004 Versie vaststelling tijdvak 1 donderdag 2 juni 9.00 10.30 uur ECONOMIE CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Dit examen bestaat

Nadere informatie

Thema Informatie vragen bij een instelling

Thema Informatie vragen bij een instelling http://www.edusom.nl Thema Informatie vragen bij een instelling Les 28. Geld lenen Wat leert u in deze les? Een gesprek voeren met een bank over geld lenen. Woorden en zinnen gebruiken die gaan over het

Nadere informatie

LESBRIEF. Laat uw leerlingen 10 minuten lezen in 7Days. Uw leerlingen mogen zelf weten welke artikelen ze deze 10 minuten lezen.

LESBRIEF. Laat uw leerlingen 10 minuten lezen in 7Days. Uw leerlingen mogen zelf weten welke artikelen ze deze 10 minuten lezen. Vrijdag 15 januari 016 Artikelen: Alle artikelen - 7Days week Inhoud: De leerlingen leren om kritisch te kijken naar de verschillende artikelen uit 7Days. De leerlingen leren strategieën toe te passen

Nadere informatie

Les 1 Van koffieboon tot pakje koffie

Les 1 Van koffieboon tot pakje koffie Les 1 Van koffieboon tot pakje koffie VAKKEN PAV, Humane Wetenschappen, Aardrijkskunde DOELSTELLINGEN EN EINDTERMEN Gemeenschappelijke stam De leerlingen brengen belangrijke elementen van communicatief

Nadere informatie

Klas 4m2 Economie Leerling instructie Koehandel

Klas 4m2 Economie Leerling instructie Koehandel Klas 4m2 Economie Leerling instructie Koehandel Mollers Inleiding spel koehandel De komende 5 lessen gaan we aan de slag met het spel koehandel. Dit spel speel je met maximaal 5 personen. Met deze vijf

Nadere informatie

12 REDENEN NOG TE STARTEN MET NETWERK

12 REDENEN NOG TE STARTEN MET NETWERK 12 REDENEN OM VANDAAG NOG TE STARTEN MET NETWERK MARKETING LETSPLAYBUSINESS.BE Enkele jaren geleden maakte mijn vrouw kennis met netwerk marketing. Ze leerde de Aloé Vera producten van Forever Living Products

Nadere informatie