VISIE, ERVARINGEN EN AANBEVELINGEN VAN DE ERKENDE INSTELLINGEN VOOR SCHULDBEMIDDELING IN VLAANDEREN

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "VISIE, ERVARINGEN EN AANBEVELINGEN VAN DE ERKENDE INSTELLINGEN VOOR SCHULDBEMIDDELING IN VLAANDEREN"

Transcriptie

1 10 JAAR COLLECTIEVE SCHULDENREGELING VISIE, ERVARINGEN EN AANBEVELINGEN VAN DE ERKENDE INSTELLINGEN VOOR SCHULDBEMIDDELING IN VLAANDEREN V l a a m s C e n t r u m S c h u l d b e m i d d e l i n g i. s. m. S c h u l d b e m i d d e l a a r s v a n e r k e n d e i n s t e l l i n g e n v o o r s c h u l d b e m i d d e l i n g u i t d e v e r s c h i l l e n d e V l a a m s e p r o v i n c i e s De wet op de collectieve schuldenregeling heeft onlangs haar 10e verjaardag gevierd. De erkende instellingen voor schuldbemiddeling in Vlaanderen (OCMW s en CAW s) zijn van in den beginne betrokken bij de toepassing van deze wet. Ondertussen hebben zij hierover heel wat expertise verworven, enerzijds door zelf aangesteld te worden als schuldbemiddelaar en anderzijds door de ondersteuning van een externe schuldbemiddelaar (veelal een advocaat). Op basis van deze jarenlange ervaring, de knelpunten die zij hierbij vaststelden en hun multidisciplinaire expertise, geven zijn in onderstaande tekst hun visie op de procedure collectieve schuldenregeling weer met telkens ook concrete aanbevelingen.

2 INHOUD Inleiding: de erkende instellingen voor schuldbemiddeling, ervaren actoren in de procedure collectieve schuldenregeling 1. Wettelijk kader 2. De aanstelling van OCMW s als schuldbemiddelaar 3. De rol van OCMW s/caw s bij de aanstelling van een externe schuldbemiddelaar 4. Enkele cijfers 5. Na 10 jaar praktijkervaring: visie en aanbevelingen van de erkende instellingen voor schuldbemiddeling in Vlaanderen I. Re-integratie van personen in overmatige schuldenlast is een grondrecht 1. De re-integratie van personen in overmatige schuldenlast als grondrecht 1.1. Het belang van de economische re-integratie, ook voor de maatschappij en voor de schuldeisers 1.2. Het belang van de sociale en culturele re-integratie en de verwevenheid met het menswaardig leven 1.3. De verworvenheid binnen de Europese rechtstraditie 1.4. Besluit 2. Aandachtspunten en aanbevelingen 2.1. Inzake de toegankelijkheid van de procedure collectieve schuldenregeling 2.2. Inzet van voldoende gespecialiseerd personeel 2.3. Voldoende bescherming van de menselijke waardigheid van de schuldenaar en diens gezin tijdens de procedure 2.4. Garantie op een fresh start op verschillende vlakken 2.5. Bij de uitvaardiging van nieuwe regelgeving moet rekening gehouden worden met de personen in collectieve schuldenregeling II. Voorkomen van schuldenoverlast is beter dan genezen 1. Algemeen 2. Meer investeren in de bekendmaking van de alternatieven 3. Meer investeren in de buitengerechtelijke aanpak van schuldenproblemen 4. Aanbod aan gespecialiseerde en toegankelijke schuldhulpverlening verhogen 5. Het optrekken van (vervangings)inkomens tot boven de Europese armoedegrenzen 6. Meer controle op de toepassing van de regels inzake consumentenbescherming 7. Meer investeren in preventie III. De menselijke waardigheid van het hele gezin moet gegarandeerd worden 1. Algemeen 2. Voldoende leefgeld voor het hele gezin dat tijdig betaald wordt 3. Betere informatie, meer transparantie en een voldoende betrokkenheid van de schuldenaar 4. Efficiënte procedure voor betwistingen en meer aandacht voor tucht 5. Recht op bijstand van een vertrouwenspersoon 6. Meer aandacht voor het gezin 7. Bescherming tegen discriminatie en tegen reële executie 8. Nood aan een gericht vormingsaanbod voor (advocaten-)schuldbemiddelaars en magistraten 9. Opmaak deontologische code voor schuldbemiddelaars IV. Geen propere lei zonder loyale medewerking 1. Meer controlemogelijkheden betreffende de procedurele goede trouw 2. Meer differentiatie in het sanctieapparaat V. Dwang kan alleen eindigen in chaos VI. De schuldbemiddelaar is de spilfiguur binnen de collectieve schuldenregeling 1. Algemeen 2. Aanbevelingen betreffende de vergoeding van de schuldbemiddelaar 3. Aanbevelingen betreffende de aanstelling en het functioneren van de schuldbemiddelaar 4. Nood aan een versterking van de procedurele positie en aan meer bevoegdheden voor de schuldbemiddelaar VII. Willekeur moet vermeden worden VIII. Een ezel stoot zich geen tweemaal aan dezelfde steen IX. Naar een kennis- en onderzoekscentrum X. Samenvattend overzicht van de aanbevelingen 1

3 I n l e i d i n g : d e e r k e n d e i n s t e l l i n g e n v o o r s c h u l d b e m i d d e l i n g, e r v a r e n a c t o r e n i n d e p r o c e d u r e c o l l e c t i e v e s c h u l d e n r e g e l i n g 1. Wettelijk kader 1.1. Algemeen Art. 1675/17, 1 Ger.W. voorziet dat de overheidsinstellingen of de particuliere instellingen, die daartoe door de bevoegde overheid zijn erkend aangewezen kunnen worden als schuldbemiddelaar in dossiers collectieve schuldenregeling. In de Omzendbrief WEL/99/04 van 23 april 1999 betreffende de wet op de collectieve schuldenregeling - instellingen voor schuldbemiddeling 1 wijst men er in dit verband op dat de instellingen die door de Vlaamse overheid erkend zijn in het kader van het decreet van 24 juli 1996 houdende regeling tot erkenning van de instellingen voor schuldbemiddeling in de Vlaamse Gemeenschap, eveneens kunnen optreden in het kader van de wet op de collectieve schuldenregeling en dit zonder dat er een nieuwe erkenning vereist is. Dit erkenningsdecreet van 24 juli bepaalt onder welke voorwaarden instellingen erkend kunnen worden als instelling die aan schuldbemiddeling in de zin artikel 1, 13 van de Wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet doet. Art. 6 van dit decreet bepaalt dat -in Vlaanderen- enkel de OCMW s en de door de Vlaamse Regering erkende autonome centra voor algemeen welzijnswerk (CAW s) voor erkenning in aanmerking komen. Art. 5 van decreet bepaalt dat deze instellingen enkel erkend kunnen worden als zij ten behoeve van de schuldbemiddeling tegelijkertijd: 1.) een maatschappelijk werker ter beschikking hebben, die ter zake een gespecialiseerde opleiding van ten minste zestig uren heeft gevolgd of daaromtrent een nuttige beroepservaring van ten minste drie jaar kan voorleggen; 2.) het bewijs leveren dat ze een doctor of licentiaat in de rechten met bovenvermelde opleiding of beroepservaring tewerk stellen, dan wel een overeenkomst hebben gesloten hetzij met een doctor of licentiaat in de rechten die aan minstens één van die voorwaarden voldoet, hetzij met een orde van advocaten bij een balie. De Vlaamse decreetgever heeft voor de schuldbemiddeling dus duidelijk gekozen voor de formule van een tandem bestaande uit een maatschappelijk werker en een jurist of advocaat. Dit met het oog op de combinatie van sociaal-agogische deskundigheid en juridische expertise. De duurzaamheid, kwaliteit en menswaardigheid van de schuldbemiddeling staan of vallen immers met de wijze waarop de schuldbemiddeling verloopt. Om op een integrale manier aan schuldbemiddeling 1 B.S. 18 mei Bij decreet van 10 juli 2008 (B.S. 13 augustus 2008) werd het opschrift van dit decreet vervangen door wat volgt: Decreet van 24 juli 1996 houdende regeling tot erkenning en subsidiëring van de instellingen voor schuldbemiddeling en tot subsidiëring van een Vlaams Centrum Schuldenlast. Zie voor de geconsolideerde versie van dit decreet. 2

4 te doen, moeten sociaal-juridische en sociaal- agogische deskundigheid niet alleen beschikbaar, maar ook met elkaar verbonden zijn. Het Vlaams Centrum Schuldbemiddeling hanteert dit tevens als uitgangspunt voor de opbouw en de inhoud van de tiendaagse basisopleiding schuldbemiddeling 3. Uit de parlementaire werken bij de Wet van 5 juli 1998 betreffende de collectieve schuldenregeling en de mogelijkheid van verkoop uit de hand van de in beslag genomen onroerende goederen blijkt deze mogelijkheid tot multidisciplinaire aanpak de reden te zijn waarom de erkende instellingen voor schuldbemiddeling als schuldbemiddelaar kunnen optreden in dossiers collectieve schuldenregeling 4 : Van meet af aan het begin heeft het aandachtig luisteren naar de personen met overmatige schulden en de sociale begeleiding van deze personen het meest belangrijke aspect gevormd van de schuldbemiddelingsactiviteit, naast de meer technische prestaties zoals (...). Zo kan men nooit voldoende het pluridisciplinaire karakter van de schuldbemiddeling beklemtonen. Deze prestaties behouden al hun redenen van bestaan in het kader van de collectieve regelingsprocedure en men merkt onmiddellijk het verschil op met de activiteit die gewoonlijk uitgeoefend wordt door de curatoren bij faillissementen inzake handelsaangelegenheden. De minister is ervan overtuigd dat, voor deze procedure, het beroep op de schuldbemiddelaars die erkend zijn in het kader van de wet op het consumentenkrediet het meest aangewezen is Schuldbemiddeling in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest In het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest zijn instellingen voor schuldbemiddeling actief die ofwel erkend zijn door de Vlaamse Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapcommissie, de Franstalige Gemeenschapscommissie en de Franse Gemeenschap. Een Nederlandstalige cliënt met schulden kan in Brussel bijgevolg terecht in: - één van de twee Brusselse CAW s (nl. CAW Archipel 5 ); - één van de zeven private centra die erkend zijn door GGC Brussels Hoofdstedelijk Gewest (o.a. het Leger des Heils te Koekelberg); - één van de negentien OCMW s die allen een erkenning zonder voorwaarden verkregen hebben door de GGC. Het wettelijk kader van de bi-communautaire schuldbemiddeling in Brussel is gebaseerd op volgende bijzondere regelgeving: - de Ordonantie van 7 november 1996 betreffende de erkenning van de instellingen voor schuldbemiddeling - het Besluit van 15 oktober 1998 van het Verenigd College betreffende de erkenning, de opleiding van het personeel en de kostprijs van de bemiddeling van de instellingen voor schuldbemiddeling. 3 Voor meer info over deze opleiding, zie: 4 Parl. St. Kamer , /011, Het andere CAW (Mozaiek) ontplooit geen schuldbemiddelingsactiviteiten. 3

5 In vergelijking met Vlaanderen valt het op dat de functie van maatschappelijk werker in Brussel ruimer geïnterpreteerd wordt en dat de volgende diploma s recht geven op die titel: maatschappelijk assistent, assistent psychologie, opvoeder klasse I, maatschappelijk verpleegkundige, licentiaat in de politieke of sociale wetenschappen, licentiaat in de rechten of licentiaat in de psychologie. Een ander opvallend verschilpunt is dat de private instellingen voor schuldbemiddeling in Brussel kosten mogen aanrekenen met verschillende tarieven volgens de aard van de werkzaamheden die zij uitvoeren zoals opstellen globale balans, onderhandeling met schuldeisers over een aanzuiveringsplan en invullen en redigeren van verzoekschrift. 2. De aanstelling van OCMW s als schuldbemiddelaar Gelet op de nieuwe mogelijkheid om als schuldbemiddelaar in procedures collectieve schuldenregeling aangesteld te worden, is bij de erkende instellingen voor schuldbemiddeling al snel het besef gegroeid dat het aangewezen kan zijn om deze taak op te nemen. De CAW s hebben echter principieel het standpunt ingenomen dat zij niet optreden als schuldbemiddelaar in procedures collectieve schuldenregeling. De OCMW s hebben geen principieel bezwaar tegen de aanstelling als schuldbemiddelaar, en geleidelijk aan werden (en worden) zij dan ook meer en meer aangesteld. Aangezien de aanstelling als schuldbemiddelaar een grote beschikbaarheid van de jurist vereist, namen vooral de grotere OCMW s (die minstens één jurist fulltime in dienst hebben) en de OCMW s die een samenwerkingsverband afsloten (en op deze manier over minstens één fulltime jurist kunnen beschikken) de beslissing om zich als schuldbemiddelaar in procedures collectieve schuldenregeling te laten aanstellen. Kleine(re) OCMW s, die zelf niet over een jurist beschikken maar een samenwerkingsverband afsloten met een externe advocaat, laten zich veel minder vaak aanstellen als schuldbemiddelaar. Op heden bestaan er op het terrein allerlei constructies, die er o.m. op gericht zijn om de aanstelling als schuldbemiddelaar op een onafhankelijke en onpartijdige manier te kunnen vervullen: samenwerkingsverbanden tussen OCMW s, die gezamenlijk één of meerdere jurist(en) aanwerven, al dan niet via de oprichting van een feitelijke vereniging of een vzw; samenwerkingen met externe advocaten; de oprichting van een OCMW-vereniging; specifieke tandems op het niveau van een gespecialiseerde tweedelijnsdienst schuldbemiddeling (apart georganiseerde dienst binnen het OCMW). Op het terrein werkte men tevens allerlei samenwerkingsverbanden en draaiboeken uit, vaak in samenspraak met eerstelijnsdiensten (sociale diensten en deelvoorzieningen) en soms ook via regionale/provinciale overlegfora. Op die manier komt men tot een afbakening van rollen t.a.v. cliënten en derden. De sociale dienst staat bv. in voor de sociaal-agogische ondersteuning (bv. budgetbeheer), terwijl de gespecialiseerde schuldbemiddelingsdienst de dossiers collectieve 4

6 schuldenregeling behandelt. In de loop van de jaren hebben veel van deze diensten extra aanwervingen kunnen doen, o.m. via de middelen uit de Wet van 4 september 2002 houdende toewijzing van een opdracht aan de Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn inzake de begeleiding en de financiële maatschappelijke steunverlening aan de meest hulpbehoevenden inzake energielevering 6 en via de erelonen en kosten die aangerekend kunnen worden voor de behandeling van procedures collectieve schuldenregeling. Dat de aanpak van de dossiers collectieve schuldenregeling door de OCMW s sterk geapprecieerd werd door de arbeidsrechters, blijkt o.m. uit de ervaringen van de voormalige Gentse beslagrechter Bart Wylleman (ondertussen raadsheer bij het Hof van Beroep van Gent, tevens mede-auteur van de Praktische Gids voor Schuldbemiddelaars, een referentiewerk betreffende de collectieve schuldenregeling): Bart Wylleman die als beslagrechter in Gent ook OCMW's aanstelt als schuldbemiddelaar, begrijpt niet waarom zo weinig OCMW's deze rol op zich nemen. Zijn ervaring met OCMW s als schuldbemiddelaar is uiterst positief: 'OCMW's houden zich aan afspraken en timing. Ook de jarenlange ervaring van OCMW's met het opstellen van een budget en het feit dat ze oog hebben voor de totale problematiek en de mens achter de schuld zijn onmisbare pluspunten.' (...) Bart Wylleman: 'OCMW's hebben als schuldbemiddelaar een aantal belangrijke troeven: zij hebben een ruime expertise in de aanpak van overmatige schuldenlast. In de schoot van een OCMW is een multidisciplinaire aanpak mogelijk. Niet alleen het juridische, maar ook het sociale en menselijke aspect krijgt bij het OCMW alle aandacht. 7 De overdracht van de procedure collectieve schuldenregeling van de beslagrechters naar de arbeidsrechters is ondertussen afgerond. Uit de praktijk blijkt dat de arbeidsrechters grote inspanningen leveren om deze nieuwe opdracht op een zo goed mogelijke manier uit te voeren en de OCMW s hierbij actief in te schakelen. 3. De rol van OCMW s/caw s bij de aanstelling van een externe schuldbemiddelaar OCMW's en CAW's hebben heel wat expertise in huis wat betreft de begeleiding bij financiële moeilijkheden. Los van de aanstelling als schuldbemiddelaar in procedures collectieve schuldenregeling (enkel door de OCMW s), komen zij dan ook op allerlei andere manieren tussen in dergelijke dossiers. Zo treedt het OCMW/CAW soms op als tussenpersoon tussen de schuldbemiddelaar en de schuldenaar (bemiddelende rol brugfunctie). Het gebeurt immers regelmatig dat de verstandhouding tussen de (externe) schuldbemiddelaar en de schuldenaar omwille van diverse redenen niet optimaal is. Door een goede kennis van de procedure collectieve schuldenregeling komt het OCMW/CAW soms tussen om de nodige informatie te geven over de opstart en het verloop van het dossier (bv. opmaak inleidend verzoekschrift). De procedure collectieve schuldenregeling voorziet trouwens ook een 6 B.S. 28 september Uit het artikel Collectieve schuldenregeling en OCMW s: koudwatervrees?, Lokaal maart 2004,

7 aantal procedurele waarborgen voor de schuldenaar, waarbij de hulp en de begeleiding van een OCMW/CAW het verschil kunnen maken. Te denken valt o.m. aan: het bieden van ondersteuning bij de bepaling van het noodzakelijke leefgeld; het bieden van ondersteuning bij de indiening van een bezwaar tegen een ontwerp van minnelijke aanzuiveringsregeling ; het bieden van ondersteuning wanneer een herziening van de aanzuiveringsregeling zich opdringt; het bieden van ondersteuning wanneer een vervanging van de schuldbemiddelaar aangewezen lijkt ; Het OCMW/CAW kan de schuldenaar ook begeleiden door bv. budgetbeheer of budgetbegeleiding aan te bieden of door begeleiding te bieden bij de naleving van de voorwaarden of begeleidingsmaatregelen die in het kader van de collectieve schuldenregeling worden opgelegd. Een andere belangrijke meerwaarde is gelegen in de preventieve rol die het OCMW/CAW kan opnemen. Een goede begeleiding door de maatschappelijk werker werkt preventief en kan ervoor zorgen dat de schuldenaar na de collectieve schuldenregeling niet opnieuw in de financiële problemen hervalt. De maatschappelijk werker helpt de schuldenaar immers om de nodige kennis en vaardigheden te ontwikkelen zodat hij op termijn terug zelfstandig het eigen budget kan beheren. Deze individuele begeleiding kan ondersteund worden door een samenwerking met andere gespecialiseerde diensten, o.m. de centra voor basiseducatie waar de aangeleerde vaardigheden bv. via groepswerk verder worden geoefend en versterkt. Indien nodig en onder de wettelijk vastgelegde voorwaarden, kan het OCMW ook zorgen voor de toekenning van financiële steun tijdens een collectieve schuldenregeling. Uit dit alles blijkt dus dat het OCMW/CAW een belangrijke rol kan spelen in een procedure collectieve schuldenregeling, zonder hierbij aangesteld te zijn door de rechtbank. Deze rol van het OCMW/CAW kan verschillen van dossier tot dossier. In sommige dossiers is een actieve opvolging vereist en kan het nodig zijn om op regelmatige basis met de (externe) schuldbemiddelaar samen te komen. In andere dossiers kunnen de tussenkomsten van de maatschappelijk werker dan weer minimaal zijn. Een goede begeleiding door de maatschappelijk werker kan alleszins preventief werken en ervoor zorgen dat de schuldenaar na de collectieve schuldenregeling niet opnieuw in de financiële problemen hervalt. 6

8 4. Enkele cijfers Uit de cijfers van de Kredietcentrale van de Nationale Bank blijkt dat er eind berichten van toelaatbaarheid van collectieve schuldenregelingen geregistreerd stonden voor heel België. Opgesplitst betekent dit berichten van toelaatbaarheid voor Vlaanderen 8. Anderzijds blijkt uit de cijfers van het Vlaams Centrum Schuldbemiddeling dat de Vlaamse OCMW s en CAW s in het jaar 2008 in dossiers collectieve schuldenregeling een tussenkomst of begeleiding verleenden. Dit betekent dat de Vlaamse instellingen voor schuldbemiddeling in 2008 in maar liefst 21,5 % van de Vlaamse dossiers collectieve schuldenregeling tussengekomen zijn! Opgesplitst naar soort activiteit die het OCMW/CAW uitoefende, geeft dit het volgende beeld 9 : Enkel voorbereidende werkzaamheden (= dossiers waarvoor allerlei voorbereidende administratieve werkzaamheden 1802 verricht werden, ook de dossiers waarvoor uitsluitend het verzoekschrift werd opgesteld) Aanstelling als schuldbemiddelaar (= dossiers waarin men wordt aangesteld als schuldbemiddelaar, maar het 532 budgetbeheer of de budgetbegeleiding wordt niet opgenomen) Aanstelling als schuldbemiddelaar + budgetbeheer/budgetbegeleiding (= dossiers waarin men aangesteld wordt als schuldbemiddelaar en waarin men 2262 ook het budgetbeheer of de budgetbegeleiding opneemt) Enkel budgetbeheer/budgetbegeleiding bij externe aanstelling (= dossiers waarbij een externe schuldbemiddelaar aangesteld werd, maar de 2629 dienst wel het budgetbeheer of de budgetbegeleiding opneemt tijdens de procedure van de collectieve schuldenregeling) Totaal 7225 Uit de registratiegegevens van het Vlaams Centrum Schuldbemiddeling blijkt tevens het volgende: De collectieve schuldenregeling (CSR) kent de grootste stijging: van 5736 dossiers in 2007 tot 7225 in 2008, d.i. een stijging met bijna 26%. De volgende evolutie kan erop wijzen dat de arbeidsrechtbanken steeds meer bereid zijn om OCMW s en intergemeentelijke diensten schuldbemiddeling aan te stellen als schuldbemiddelaar: er vond een stijging plaats van aanstellingen in 2007 naar in Dit betekent dat er 15,7% meer aanstellingen waren in 2008 dan in Het aantal dossiers collectieve schuldenregeling waarin budgetbeheer/budgetbegeleiding geboden wordt (met een externe aanstelling van een schuldbemiddelaar) is eveneens gestegen: van in 2007 naar in Het betreft een toename van bijna 26%, en dit is bijgevolg de grootste stijger binnen de categorie collectieve schuldenregeling. 8 Zie voor meer details. 9 Zie voor meer details. 7

9 5. Na 10 jaar praktijkervaring: visie en aanbevelingen van de erkende instellingen voor schuldbemiddeling in Vlaanderen De wet op de collectieve schuldenregeling heeft onlangs haar 10e verjaardag gevierd. De erkende instellingen voor schuldbemiddeling in Vlaanderen (OCMW s en CAW s) zijn van in den beginne betrokken bij de toepassing van deze wet. Ondertussen hebben zij hierover heel wat expertise verworven, enerzijds door zelf aangesteld te worden als schuldbemiddelaar en anderzijds door de ondersteuning van een externe schuldbemiddelaar (zie hoger). Op basis van deze jarenlange ervaring, de knelpunten die zij hierbij vaststelden en hun multidisciplinaire expertise, geven zijn in onderstaande tekst hun visie op de procedure collectieve schuldenregeling weer, met telkens ook concrete aanbevelingen. Volgende kerngedachten worden hierbij gehanteerd: I. de re-integratie van personen in overmatige schuldenlast is een grondrecht; II. III. IV. het voorkomen van schuldenoverlast is beter dan het genezen hiervan; de menselijke waardigheid van het hele gezin moet gegarandeerd worden tijdens de collectieve schuldenregeling; de schuldenaar moet goed meewerken en -indien mogelijk- bijkomende inspanningen leveren: geen propere lei zonder loyale medewerking; V. verplicht budgebeheer/budgetbegeleiding of het weigeren van een vraag tot vrijwillige stopzetting van de collectieve schuldenregeling is weinig opportuun: dwang kan alleen eindigen in chaos; VI. VII. VIII. IX. de schuldbemiddelaar is de spilfiguur binnen de collectieve schuldenregeling; op een aantal punten kan de relevante wetgeving verbeterd worden, zodat er meer rechtszekerheid heerst; een ezel stoot zich niet twee keer aan dezelfde steen: er moet vermeden worden dat personen na het doorlopen van een collectieve schuldenregeling, nogmaals beroep moeten doen op deze procedure; meten is weten: er is nood aan meer onderzoek rond de collectieve schuldenregeling en aan de uitwisseling van kennis, ervaringen en goede praktijken terzake. De volgende personen werkten mee aan de opmaak van dit dossier: Evi D'haene (juriste vzw Schuldbemiddeling Zuid-West-Vlaanderen); Anne-Mieke De Wilde (diensthoofd schuldhulpverlening OCMW Roeselare); Steven Derycke (jurist-schuldbemiddelaar OCMW Gent); Sylvie De Souter (jurist-afdelingschef dienst schuldbemiddeling bij OCMW Brugge); Mohamed El Omari (stafmedewerker-jurist Vlaams Centrum Schuldbemiddeling); Milly Hoolants (CAW Archipel te Brussel); Michel Joris (consulent rechten bij dienst schuldbemiddeling van OCMW Antwerpen); Martin Lievens (directeur LDH-Koekelberg - Brussel); Ingrid Staelens (jurist-schuldbemiddelaar dienst schuldbemiddeling Welzijnsregio Noord- Limburg); Pascale Struys (coördinator dienst schuldbemiddeling OCMW Genk); Guy Umans (jurist-schuldbemiddelaar bij OCMW Lier); Robin van Trigt (stafmedewerker-jurist Vlaams Centrum Schuldbemiddeling); Leden van de beleidsgroep schuldbemiddeling van het Vlaams Centrum Schuldbemiddeling. 8

10 I. Re- i n t e g r a t i e v a n p e r s o n e n i n o v e r m a t i g e s c h u l d e n l a s t i s e e n g r o n d r e c h t 1. De re-integratie van personen in overmatige schuldenlast als grondrecht 1.1. Het belang van de economische re-integratie, ook voor de maatschappij en voor de schuldeisers In het kader van een mogelijke discussie over de legitimiteit van de procedure collectieve schuldenregeling 10, zijn de erkende instellingen voor schuldbemiddeling van mening dat de mogelijkheid tot re-integratie van personen in overmatige schuldenlast een absolute noodzaak is. In eerste instantie verwijzen zij hierbij naar de afschaffing van de burgerlijke dood, die voorzien is in artikel 18 van de Grondwet: De burgerlijke dood is afgeschaft; hij kan niet opnieuw worden ingevoerd.. De burgerlijke dood hield in dat de betrokkene definitief elk recht verloor, o.m. het eigendomsrecht en het recht om goederen te verwerven of erover te beschikken. Bij het opstellen van de Belgische Grondwet in 1830 werd de straf burgerlijke dood voor altijd afgeschaft: in een moderne staat is een dergelijke straf immers niet aanvaardbaar. Personen die zich in een overmatige schuldenlast bevinden, en geen perspectief hebben om hier binnen een redelijk termijn uit te geraken, ervaren echter een aantal gelijkaardige beperkingen. Als zij geen mogelijkheid hebben om uit de schuldenoverlast te geraken, geen nieuwe start kunnen maken, geen licht aan het einde van de tunnel kunnen zien, riskeren zij algauw in een situatie terecht te komen waarin het verwerven van goederen niet mogelijk of niet zinvol meer is. Schuldeisers kunnen immers beslag (blijven) leggen op hun inkomsten en op hun goederen (mits naleving van de regels inzake beslagbescherming), soms tot het oneindige toe. Zij zien zich veroordeeld tot het levenslang afbetalen, het levenslang (quasi) bezitloos blijven. Ook dit is in een moderne samenleving niet aanvaardbaar. Uit de Memorie van Toelichting bij de Wet van 5 juli 1998 betreffende de collectieve schuldenregeling en de mogelijkheid van verkoop uit de hand van de in beslag genomen onroerende goederen blijkt dat de wetgever dit terecht heeft willen vermijden: (...) De kwijtschelding van schulden is het enige middel om de persoon met overmatige schuldenlast opnieuw in het economisch stelsel te integreren. Bij gebrek hieraan zal deze persoon zich buiten de maatschappij plaatsen, zich in een ondergrondse economie opsluiten en een last voor de maatschappij worden. (...) De bedoeling van de collectieve aanzuiveringsregeling is, de sociale kost te verminderen van de overmatige schuldenlast, die voortvloeit uit de sociale uitsluiting van personen met overmatige schuldenlast, het zwartwerk, ondergrondeconomie, bepaalde vormen van criminaliteit, enz. Het is ook de bedoeling terug een uitzicht op beterschap te bieden aan personen die in het verleden misschien blijk hebben gegeven van onvoorzienigheid. ( ) Het is tenslotte een positieve aansporing voor de schuldenaar om opnieuw inkomens en bezittingen te verwerven, en dit in volledige transparantie. (...) Wat betreft de zekerheid van de overeenkomsten en het sparen in t algemeen, mogen deze principes, 10 Binnen deze procedure wordt er immers geraakt aan een aantal belangrijke hoekstenen van ons rechtssysteem. Het principe uit art B.W. dat stelt dat alle overeenkomsten die wettig zijn aangegaan, degenen die deze hebben aangegaan tot wet strekken wordt bv. sterk ingeperkt door de mogelijkheid om (gedeeltelijke) kwijtscheldingen op te leggen aan de schuldeisers. De zekerheden (voorrechten en hypotheken) verliezen bv. voor het grootste deel hun nut. Enz. 9

11 hoe buitengewoon achtenswaardig ook, niet stuiten op de realiteit van de overmatige schuldenlast : schuldenaars zijn onvermogend en de economische logica mag niet aanvaarden dat deze personen zich verschansen in de ondergrondse economie en een gewicht voor de maatschappij blijven. Zij moeten opnieuw in het economisch en sociaal stelsel worden opgenomen door hen de mogelijkheid te geven een nieuwe start te nemen. 11. Uit deze parlementaire voorbereiding blijkt echter niet alleen dat de wetgever oog heeft voor de sociale en economische re-integratie van personen in schuldenoverlast: Een schuldsaneringsregeling moet bovendien ook economisch verantwoord kunnen worden. 12. De maatschappij heeft er m.a.w. ook belang bij dat dergelijke schuldenaars opnieuw geïntegreerd worden in het economische verkeer. In dit verband dient beklemtoond te worden dat ook de schuldeisers deel uitmaken van de maatschappij. Ingevolge de opstart van een collectieve schuldenregeling door de schuldenaar, hoeven zij geen kosten (meer) te maken aan dure invorderingsprocedures met inschakeling van advocaten en gerechtsdeurwaarders. Bovendien heeft een schuldeiser i.h.k.v. een collectieve schuldenregeling vaak méér kans op recuperatie van zijn schuldvordering dan bij een gewone invordering, waar hij stuit op beslaggrenzen en onverkoopbare inboedels. Dit geldt des te meer voor de niet-bevoorrechte schuldeiser en voor de "kleine" particuliere schuldeiser, die bij een gewone invordering bovendien geconfronteerd worden met het mogelijke voorrecht van andere schuldeisers (fiscus, RSZ...). In het kader van een collectieve schuldenregeling worden zij daarentegen in principe op gelijke voet gezet met deze bevoorrechte schuldeisers, en is er in principe dus geen achterstelling t.o.v. deze schuldeisers. Op die manier vaart de maatschappij in de meest ruime zin van het woord er wel bij, ook de schuldeiser, als een schuldenaar wordt toegelaten tot de CSR Het belang van de sociale en culturele re-integratie en de verwevenheid met het menswaardig leven Het economische belang van de samenleving en/of van de persoon in schuldenoverlast mag echter niet de enige noch de hoofdverantwoording zijn voor het bestaan van de procedure collectieve schuldenregeling. Er kan in dit verband verwezen worden naar de rechtspraak van het Grondwettelijk Hof waarin werd geoordeeld dat art. 1675/13, 1 en 5 Ger.W., in de interpretatie dat het de mogelijkheid om een gerechtelijke aanzuiveringsregeling te genieten ontzegt aan de persoon die totaal en definitief onvermogend lijkt te zijn of van wie het inkomen lager dan of gelijk is aan het bestaansminimum, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet -al dan niet gelezen in samenhang met artikel 23 van de Grondwet- schendt 13. De link met art. 23 van de Grondwet -dat stipuleert dat iedereen het recht heeft om een menswaardig leven te leiden- is volgens de erkende instellingen voor schuldbemiddeling van cruciaal belang. Deze menselijke waardigheid heeft niet alleen een economische dimensie, maar omvat volgens art. 23 G.W. ook een aantal andere rechten: 11 Parl. St. Kamer , /001, 11, 17 en E. DIRIX en A. DE WILDE, Materieelrechtelijke aspecten van de collectieve schuldenregeling, in Collectieve schuldenregeling in de praktijk, Antwerpen, Intersentia, 1999, p. 18, nr Zie het arrest nr. 35/2001 van 13 maart 2001, het arrest nr. 18/2003 van 30 januari 2003 en het arrest nr. 38/2003 van 3 april 2003 op Ondertussen heeft de Wet van 13 december 2005, via een nieuw art. 1675/13bis Ger. W., de mogelijkheid tot totale kwijtschelding ook wettelijk ingevoerd. 10

12 Ieder heeft het recht een menswaardig leven te leiden. Daartoe waarborgen de wet, het decreet of de in artikel 134 bedoelde regel, rekening houdend met de overeenkomstige plichten, de economische, sociale en culturele rechten, waarvan ze de voorwaarden voor de uitoefening bepalen. Die rechten omvatten inzonderheid: 1 het recht op arbeid en op de vrije keuze van beroepsarbeid in het raam van een algemeen werkgelegenheidsbeleid dat onder meer gericht is op het waarborgen van een zo hoog en stabiel mogelijk werkgelegenheidspeil, het recht op billijke arbeidsvoorwaarden en een billijke beloning, alsmede het recht op informatie, overleg en collectief onderhandelen; 2 het recht op sociale zekerheid, bescherming van de gezondheid en sociale, geneeskundige en juridische bijstand; 3 het recht op een behoorlijke huisvesting; 4 het recht op de bescherming van een gezond leefmilieu; 5 het recht op culturele en maatschappelijke ontplooiing. De mogelijkheid tot re-integratie van personen in overmatige schuldenlast hangt volgens de erkende instellingen voor schuldbemiddeling nauw samen met het welzijn van deze personen, met hun recht op culturele en maatschappelijke ontplooiing, en bijgevolg ook met het grondrecht menselijke waardigheid 14. Schuldenproblemen in het algemeen, en schuldenoverlast in het bijzonder, hebben een bijzonder grote impact op het welzijn van mensen. Personen in schuldenoverlast verliezen al gauw het vertrouwen in zichzelf, worden wanhopig en zelfs depressief, raken sociaal geïsoleerd, verliezen hun partner,... In sommige situaties gaan zij zelfs zo ver om een wanhoopsdaad te plegen 15. Personen die zich op zichzelf terugplooien ingevolge hun situatie van schuldenoverlast, raken ook sterk beperkt in hun culturele en maatschappelijke ontplooiing. Het feit dat de mogelijkheid tot re-integratie van personen in overmatige schuldenlast een sterke sociale dimensie heeft en samenhangt met de menselijke waardigheid, blijkt ook uit recentere evoluties zoals de overdracht van de bevoegdheid inzake de collectieve schuldenregeling naar de arbeidsrechtbanken door de Wet van 13 december In de rechtsleer wijst men er dan ook op de problematiek van de schuldenoverlast opschuift naar de sfeer van de sociale zekerheid. Benevens andere oogmerken, is deze overheveling naar de arbeidsgerechten vooral bedoeld om meer rekening te kunnen houden met de sociale dimensie van deze specifieke materie. De arbeidsgerechten hebben meer ervaring en zijn beter georganiseerd in het omgaan met de sociale realiteit van personen die gebukt gaan onder schuldoverlast. De problematiek van de schuldoverlast schuift aldus op naar de sfeer van de sociale zekerheid. Schuldoverlast van particulieren wordt beschouwd als een «sociale kost» (Parl. St. Kamer, , nr. 1073/1, p. 17), als een risico van de 14 De menselijke waardigheid wordt trouwens niet alleen door art. 23 Grondwet gegarandeerd. Zie ook bv. art van het Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten: 1. De Staten die partij zijn bij dit Verdrag erkennen het recht van een ieder op een behoorlijke levensstandaard voor zichzelf en zijn gezin, daarbij inbegrepen toereikende voeding, kleding en huisvesting, en op steeds betere levensomstandigheden. De Staten die partij zijn bij dit Verdrag nemen passende maatregelen om de verwezenlijking van dit recht te verzekeren, daarbij het essentieel belang erkennende van vrijwillige internationale samenwerking.. Zie ook bv. art. 1 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (2000/C 364/01): De menselijke waardigheid is onschendbaar. Zij moet worden geëerbiedigd en beschermd.. 15 Zie bv. het artikel Moeder steekt kinderen neer in Het Laatste Nieuws van 8 augustus 2009: Twee kinderen van 13 en 14 jaar verkeren nog steeds in levensgevaar nadat ze met verschillende messteken werden neergestoken door hun moeder, Patricia Meeus uit Londerzeel. (...) In de woning vonden speurders een korte afscheidsbrief van de vrouw. Daarin vertelde ze niet meer te willen leven omdat ze schulden heeft. 11

13 hedendaagse samenleving die op consumptie en krediet is afgesteld en waarvan vooral de sociaal zwakkeren het slachtoffer dreigen te worden. Dit risico moet dan door de samenleving voor haar rekening worden genomen (...) De verworvenheid binnen de Europese rechtstraditie Het belang van de mogelijkheid tot re-integratie van personen in overmatige schuldenlast, blijkt ook uit het feit dat wetgeving in dit verband op heden een onderdeel is geworden van de Europese rechtstraditie. Today ten out of 15 Member States have consumer insolvency legislation. Both Italy and Portugal are in the process of preparing such laws. In France too, where discharge of debt has been possible only to a limited extent, a reform aiming at wider discharge provisions is pending. Only Greece, Ireland and Spain have not started a serious legal policy discussion on consumer insolvency regulation. Thus we can conclude that consumer insolvency law has become a part of a European legal tradition Besluit Gelet op dit alles, en in het bijzonder rekening houdende met de hoger aangehaalde link met het grondrecht menselijke waardigheid, menen de erkende instellingen voor schuldbemiddeling dat in onze huidige samenleving de mogelijkheid tot (sociale, economisch, culturele,...) re-integratie van personen in overmatige schuldenlast ook als grondrecht beschouwd moet worden. 2. Aandachtspunten en aanbevelingen Gelet op de kwalificatie van de mogelijkheid tot (sociale, economisch, culturele,...) re-integratie van personen in overmatige schuldenlast als zijnde een grondrecht, dient er gewezen te worden op een aantal aandachtspunten en aanbevelingen die hieruit voortvloeien: 2.1. Inzake de toegankelijkheid van de procedure collectieve schuldenregeling Vooreerst is het belangrijk om de toegankelijkheid van de procedure collectieve schuldenregeling te verhogen en om alle mogelijke drempels weg te werken. Vaststelling/probleem: In dit verband dient gewezen te worden op het feit dat het bestaan van de procedure collectieve schuldenregeling bij vele personen in schulden niet (goed) gekend is, dat de relevante terminologie (budgetbeheer, budgetbegeleiding, schuldbemiddeling, collectieve schuldenregeling) met elkaar verward wordt, dat personen die een collectieve schuldenregeling opstarten vaak niet goed weten wat de gevolgen hiervan zijn, dat personen in schuldoverlast vaak niet weten waar zij terecht kunnen voor hulp bij de opmaak van een verzoekschrift collectieve schuldenregeling, dat men niet weet dat de schuldbemiddelaar vergoed moet worden,... Ook (een groot deel van) de hulpverleningssector en diverse intermediairen (personeelsdiensten, vakbonden,...) blijken deze procedure niet (goed) te kennen. Het komt bovendien ook voor dat hulpverleners 16 E. Dirix, Boeven en schuldsanering, R.W , afl. 27, p U. Reifner, J. Kiesilainen, N. Huls, H. Springeneer, Consumer Overindebtedness and Consumer Law in the European Union - Contract Reference No. B5-1000/02/ Final Report, presented to the Commission of the European Communities, Health and Consumer Protection Directorate-General, september 2003, p Te downloaden via 12

14 vooroordelen koesteren t.o.v. deze procedure, zodat zij personen in schuldenoverlast ten onrechte afraden om een collectieve schuldenregeling op te starten. Aanbeveling 1: - De beschikbaarheid en bereikbaarheid van de informatie betreffende de collectieve schuldenregeling moet verhoogd worden, zowel naar particulieren als naar professionals toe. Dit kan bv. door overheidscampagnes, door de actieve verspreiding van folders, door campagnes gericht op het middenveld, door bestaande folders (bv. de folder van de F.O.D. Justitie betreffende slachtoffers van misdrijven) aan te vullen met informatie over deze procedure, - De informatieverschaffing moet, zowel op het vlak van taalgebruik als op het vlak van wijze van informatieverschaffing, afgestemd worden op de verschillende doelgroepen. - Personen die een collectieve schuldenregeling opstarten en/of toegelaten worden tot de collectieve schuldenregeling, moeten beter geïnformeerd worden over hun rechten en hun plichten (bv. door hen het verzoekschrift verplichtend te laten (mee)tekenen, door de opmaak van een overeenkomst tussen schuldenaar en schuldbemiddelaar, ). Vaststelling/probleem: In dit verband dient tevens gewezen te worden op het feit dat bepaalde advocaten kosten aanrekenen voor de opmaak van een verzoekschrift collectieve schuldenregeling, alhoewel de kosteloosheid hiervan voorzien is in onze wetgeving 18. Aansluitend hierbij kan er ook opgemerkt worden dat vele personen in collectieve schuldenregeling niet weten dat zij recht hebben op de bijstand van een pro deo advocaat. Aanbeveling 2: - Er moet toegezien worden op de kosteloze opmaak van het verzoekschrift collectieve schuldenregeling. - Het recht op een pro deo advocaat moet ruimer bekend gemaakt worden, in het bijzonder op bepaalde sleutelmomenten (bv. als er een betwisting voorgelegd wordt aan de rechter, als er een herroeping wordt gevraagd, ). Anderzijds is het noodzakelijk om de toegangspoort tot de collectieve schuldenregeling niet a priori te sluiten voor personen die bepaalde fouten gemaakt hebben in het verleden. Er kan in dit verband gewezen worden op recente cassatierechtspraak, waaruit blijkt dat een opzettelijke of zware fout (die zich bv. concretiseert in het plegen van een misdrijf) niet meer lijkt te volstaan om de verzoeker wiens schuldenoverlast vooral uit deze fout voortvloeit, de toegang tot de procedure collectieve schuldenregeling te weigeren. Er moet volgens het Hof van Cassatie ook sprake zijn van het opzet om zich onvermogend te maken 19. Het ontoelaatbare of bedrieglijke karakter van handelingen die een misdrijf uitmaken, lijkt derhalve op zich de toelaatbaarheid tot de collectieve schuldenregeling niet meer in de weg te staan. Er moet telkens ook nagegaan worden of er een opzet 18 Zie art. 1, 1, 1 e lid, 11 van het K.B. van 18 december 2003 tot vaststelling van de voorwaarden van de volledige of gedeeltelijke kosteloosheid van de juridische tweedelijnsbijstand en de rechtsbijstand : Genieten de volledige kosteloosheid (...)11 de persoon tijdens de procedure van collectieve schuldenregeling, op voorlegging van de beschikking van toelaatbaarheid, bedoeld in artikel 1675/6 van het Gerechtelijk Wetboek, alsmede de persoon belast met overmatige schulden op voorlegging van een verklaring van hem waaruit blijkt dat de toekenning van de rechtsbijstand of van de juridische tweedelijnsbijstand aangevraagd wordt met het oog op de inleiding van een procedure van collectieve schuldenregeling.. 19 Cass. 21 juni 2007, rolnr. C F, zie 13

15 om zich onvermogend te maken aanwezig was in hoofde van de crimineel, oplichter of bedrieger die het verzoek tot toelaatbaarheid indiende. Deze uitspraak van het Hof van Cassatie ligt in de lijn van het standpunt van prof. E. Dirix. In de noot Boeven en schuldsanering 20 wijst hij erop dat de toelaatbaarheidsvoorwaarde dat een schuldenaar niet kennelijk zijn onvermogen heeft bewerkstelligd niet gelijk staat aan de voorwaarde inzake de goede trouw, maar dat de parlementaire werken wel aangeven dat het de bedoeling is om misbruiken te voorkomen: "De collectieve schuldenregeling mag geen toevluchtsoord worden voor debiteuren die zich proberen te onttrekken aan hun schuldeisers.. Terwijl men in Nederland eerder kijkt naar de redenen van het ontstaan van de schulden, ligt in België de klemtoon eerder op de redenen van het onbetaald blijven van de schulden. Prof. Dirix is dan ook van oordeel dat de omstandigheid dat de schuldenlast te wijten is aan de financiële gevolgen van door de debiteur opzettelijk gepleegde misdrijven, niet steeds een grond tot uitsluiting oplevert als bedoeld in art. 1675/2 Ger.W.. Aanbeveling 3: in het kader van de rechtszekerheid moet de wet verduidelijkt worden in die zin dat een weigering van toelaatbaarheid tot de collectieve schuldenregeling die louter gebaseerd is op het feit dat de schuldenoverlast het gevolg is van het misdrijven die in het verleden werden gepleegd, zonder hierbij tevens vast te stellen dat het de bedoeling was om zich onvermogend te maken, niet meer mogelijk is 21. De keerzijde van deze ruime toegangspoort, bestaat erin dat de schuldenaar loyaal moet meewerken aan de procedure (zie punt IV. Geen propere lei zonder loyale medewerking ) Inzet van voldoende gespecialiseerd personeel De behandeling van de vele dossiers collectieve schuldenregeling is een tijdrovende bezigheid, die een grote inzet vergt van verschillende actoren (magistraten, griffies, schuldbemiddelaars). Vaststelling/probleem: De overdracht van de procedure collectieve schuldenregeling van de beslagrechters naar de arbeidsrechters is ondertussen afgerond. Na de overdracht van de bevoegdheid voor nieuwe dossiers, werden met ingang van 1 september 2008 ook de lopende dossiers overgedragen aan de arbeidsrechtbanken. Uit de praktijk blijkt dat de arbeidsrechters grote inspanningen leveren om deze nieuwe opdracht op een zo goed mogelijke manier uit te voeren. De overdracht van de lopende dossiers leidde echter tot een grote bijkomende werklast voor de arbeidsrechters zonder dat hiervoor (middelen voor) extra personeel werd(en) voorzien 22. Het gevolg is dat ook de behandeling van dringende vragen in dossiers collectieve schuldenregeling soms lang op zich laat wachten E. DIRIX, Boeven en schuldsanering, R.W , afl. 27, p e.v. 21 Zie ook bv. inzake de kwestie betreffende de grens tussen de toelaatbaarheidsvoorwaarden en de handhavingsvoorwaarden: B. DE GROOTE, Collectieve schuldenregeling: discussie over de grens tussen toelaatbaarheidsvoorwaarden en handhavingsvoorwaarden, Jaarboek Kredietrecht 2005, p. 143 e.v. 22 Zie bv. het artikel Achterstand onmogelijk in te halen uit De Tijd van , waarin o.m. het volgende staat te lezen: Het heikele punt is dat de arbeidsrechtbanken aan hun lot worden overgelaten. Van den Bossche: 'In Brussel kost de collectieve schuldenregeling ons 3 van de 26 arbeidsrechters en nog eens 16 personeelsleden. We hebben echter nooit extra rechters gekregen en slechts 2.5 extra personeelsleden. U begrijpt dat onze hele organisatie daardoor overhoop ligt.'. 23 Zie bv. volgende opmerking van een schuldbemiddelingsdienst: In alle gevallen is het lang wachten op een beschikking. Zelfs bij een verzoek tot machtiging uitzonderlijke uitgave (aankoop auto) loopt de wachttijd 14

16 Aanbeveling 4: de arbeidsrechtbanken moeten voldoende middelen krijgen teneinde de vele dossiers collectieve schuldenregeling -die vaak snelle tussenkomsten van de rechter vereisenop een vlotte manier te kunnen behandelen. De behandeling van dossiers collectieve schuldenregeling vergt tevens een specialisatie op diverse domeinen (op juridisch-technisch vlak, op methodisch vlak, empowerend werken, leefgeld begroten, leefwereld van armen,...). Het aanbod van het Vlaams Centrum Schuldbemiddeling in dit verband staat in principe echter enkel open voor de erkende instellingen voor schuldbemiddeling. Er dient derhalve bijkomend geïnvesteerd te worden in een gespecialiseerd en divers vormingsaanbod dat ook openstaat voor advocaten, magistraten en griffiepersoneel. III.B.3.b)(2) Specialisation Debt counsellors must have knowledge of the financial, legal and social aspects of debts and overindebtedness. A counsellor should have insight into how financial markets work; how banks operate; what the debt enforcement strategies of mail-order houses are and what the disconnection policies of utilities are. Creditors have a material interest at stake and operate both aggressively and diligently to make sure that they get their money back. Especially in the case of consumers with multiple debts, counsellors have to defend their clients on several fronts. Moreover, they must be able to do basic accounting and have an understanding of welfare law. They must handle computerised advice and assistance programmes; they must be aware of key areas of debtor-creditor law and must also have insight into the ways creditors operate. Specialisation is the key word for debt counsellors. They must be knowledgeable in household economics, they must develop bargaining skills and they must possess the necessary social skills to understand the problems of their clients. Increasingly, detailed legal knowledge, going beyond insolvency law, must become a part of their professional skills. 24 Aanbeveling 5: er moet geïnvesteerd worden in een gespecialiseerd en divers vormingsaanbod dat ook openstaat voor advocaten, magistraten en griffiepersoneel Voldoende bescherming van de menselijke waardigheid van de schuldenaar en diens gezin tijdens de procedure Dit thema komt verder uitgebreid aan bod, onder hoofdstuk III. De menselijke waardigheid van het hele gezin moet gegarandeerd worden Garantie op een fresh start op verschillende vlakken In het kader van de procedure collectieve schuldenregeling, moet de niet-kwijtscheldbaarheid van schulden de grote uitzondering zijn. inmiddels al op tot 2 maanden! Volgens de rechtbank is dit te wijten aan werkoverlast voor het griffiepersoneel. 24 U. Reifner, J. Kiesilainen, N. Huls, H. Springeneer, Consumer Overindebtedness and Consumer Law in the European Union - Contract Reference No. B5-1000/02/ Final Report, presented to the Commission of the European Communities, Health and Consumer Protection Directorate-General, september 2003, p Te downloaden via 15

17 III.B.2.b) Second Principle: Discharge Consumer insolvency law should give the debtor the possibility of a discharge from the debt burden. The discharge may be, in principle, partial so that the debtor is required to pay part of the total debt. The payment obligation has to be individually adjusted to the debtor s means. Discharge of the total debt should be allowed in cases of hardship. The discharge should, as far as possible, cover all the debtor s debts. Exceptions for taxes, fines, damages are not recommended. Other social policies to deal with these legitimate social concerns should be developed. A priority for alimonies to the debtor s children is, however, recognised in many Member States. Furthermore, unknown debts, that is to say, debt not claimed by the creditor nor identified by the debtor, should be included. ( ). 25 Vaststelling/probleem: bepaalde rechtspraak is nog steeds van oordeel dat geldboetes bij een minnelijke of gerechtelijke aanzuiveringsregeling niet kwijtgescholden kunnen worden. Aanbeveling 6: in het kader van de rechtszekerheid moet de wet verduidelijkt worden in die zin dat er expliciet bepaald wordt dat ook geldboetes kwijtscheldbaar zijn. Vaststelling/probleem: achterstallige sociale bijdragen van (ex-)zelfstandigen die een collectieve schuldenregeling opstarten, worden mee opgenomen in de procedure en op het einde van de procedure worden de niet-betaalde gedeelten hiervan kwijtgescholden. De kwijtgescholden sociale bijdragen worden vervolgens oninbaar verklaard, waardoor de pensioenrechten van betrokkene voor deze periode verloren zullen gaan (hetgeen tot een vermindering van de latere pensioenuitkeringen zal leiden). (Ex-)zelfstandigen die succesvol een collectieve schuldenregeling hebben doorlopen, krijgen daarom vanwege hun (voormalige) sociale verzekeringskas een brief waarin hen wordt verzocht om de kwijtgescholden bijdragen alsnog te betalen, teneinde de negatieve impact op de latere pensioenuitkeringen niet te moeten ondergaan. Deze personen genieten dus niet van een volwaardige propere lei. Aanbeveling 7: om een negatieve impact op de latere pensioenuitkeringen van (ex- )zelfstandigen te vermijden, moet de periode voor dewelke er geen bijdragen werden betaald ingevolge een kwijtschelding in het kader van een collectieve schuldenregeling, als gelijkgestelde periode worden beschouwd bij de berekening van het pensioen. Er dient niet alleen aandacht te gaan naar de nieuwe start op economisch vlak, maar ook naar de nieuwe start op strafrechtelijk vlak. Enkel een propere lei op financieel vlak, zonder dat dit gepaard gaat met een propere lei op strafrechtelijk vlak, riskeert in elk geval de volwaardige re-integratie van de veroordeelde ernstig te hypothekeren. Vaststelling/probleem: in het strafrecht is er voorzien dat de veroordeelde die gedurende een bepaalde proefperiode blijk heeft gegeven van verbetering en van goed gedrag is geweest, een eerherstel kan verkrijgen. Bij de beoordeling van het verzoek tot eerherstel kan er inzonderheid rekening gehouden worden met de moeite die door de verzoeker werd gedaan om de uit de misdrijven voortvloeiende schade die niet gerechtelijk mocht zijn vastgesteld, te herstellen 26. Bovendien gelden ook volgende voorwaarden: 25 U. Reifner, J. Kiesilainen, N. Huls, H. Springeneer, Consumer Overindebtedness and Consumer Law in the European Union - Contract Reference No. B5-1000/02/ Final Report, presented to the Commission of the European Communities, Health and Consumer Protection Directorate-General, september 2003, p Te downloaden via 26 Art. 624 Wetboek van Strafvordering. 16

18 1.) De veroordeelde moet de vrijheidsstraffen hebben ondergaan en de geldstraffen hebben gekweten, tenzij die straffen krachtens het recht van genade kwijtgescholden zijn, of, indien zij voorwaardelijk zijn uitgesproken of voorwaardelijk zijn geworden bij genademaatregel, als niet bestaande worden beschouwd. Is de straf verjaard, dan kan de veroordeelde alleen in eer en rechten hersteld worden wanneer de niet-uitvoering niet aan hem te wijten is ) De veroordeelde moet voldaan hebben aan de in het vonnis bepaalde verplichting tot teruggave, schadevergoeding en betaling van kosten, en indien hij veroordeeld is wegens overtreding van artikel 489ter van het Strafwetboek moet hij het passief van het faillissement, hoofdsom, interesten en kosten, hebben gekweten. Het hof dat over het verzoek tot eerherstel moet beslissen, kan de veroordeelde evenwel van deze voorwaarde ontslaan, indien hij aantoont dat hij in de onmogelijkheid verkeerde om aan de verplichtingen te voldoen hetzij wegens zijn onvermogen, hetzij wegens enig ander feit waaraan hij geen schuld heeft. Het hof kan in dat geval, onverminderd de rechten van de schuldeisers, ook het gedeelte bepalen van de teruggave, de schadevergoeding, de gerechtskosten en het passief, dat de veroordeelde moet hebben voldaan alvorens hem herstel in eer en rechten kan worden toegestaan 28. Gelet op het feit dat de maatschappelijke (re-)integratie van personen met een strafblad niet evident is, en rekening houdende met deze voorwaarden die gelden om een eerherstel te bekomen, dient ervoor gezorgd te worden dat de voorwaarden om een eerherstel te bekomen beter afgestemd kunnen worden op de situatie waarbij de veroordeelde toegelaten werd tot de collectieve schuldenregeling. Aanbeveling 8: de voorwaarden om op strafrechtelijk vlak een eerherstel te bekomen moeten beter afgestemd worden op de situatie waarbij de veroordeelde toegelaten werd tot de collectieve schuldenregeling. Het afsluitend vonnis van de procedure collectieve schuldenregeling, in zoverre de slachtoffers van het misdrijf als schuldeiser betrokken werden bij de procedure, kan voor het eerherstel bv. gelijkgesteld worden aan de voorwaarde inzake het voldaan hebben aan de in het vonnis bepaalde verplichting tot teruggave, schadevergoeding en betaling van kosten. Hetzelfde vonnis kan gelijkgesteld worden aan de voorwaarde betreffende de geldstraffen hebben gekweten, in zoverre betrokken overheidsschuldeiser(s) betrokken werd(en) bij de procedure. Personen die met succes een collectieve schuldenregeling hebben doorlopen, mogen voor de aangezuiverde en/of kwijtgescholden schulden niet meer als wanbetalers op zwarte lijsten geregistreerd worden vermits de fresh start hierdoor in het gedrang kan komen. Aanbeveling 9: personen die met succes een collectieve schuldenregeling hebben doorlopen, mogen voor de aangezuiverde en/of kwijtgescholden schulden niet meer als wanbetaler op zwarte lijsten geregistreerd worden. 27 Art. 622 Wetboek van Strafvordering. 28 Art. 623 Wetboek van Strafvordering. 17

19 2.5. Bij de uitvaardiging van nieuwe regelgeving moet rekening gehouden worden met de personen in collectieve schuldenregeling Personen in collectieve schuldenregeling bevinden zich in een zwakke positie, o.m. wegens het beperkte leefgeld dat zij ontvangen en de samenloop die het gevolg is van deze procedure. De wetgever moet hier een bijzondere aandacht aan besteden bij het uitvaardigen van nieuwe wet- en regelgeving. Vaststelling/probleem: een aantal wet- en regelgevingen besteden reeds een speciale aandacht aan personen met schulden (of met budgetteringsproblemen), door hen bijzondere rechten toe te kennen. Dit gebeurt echter slechts ad hoc, en is geen automatische toetssteen bij het uitvaardigen van nieuwe regels. Bovendien dreigt het toekennen van bepaalde rechten aan personen in collectieve schuldenregeling in sommige gevallen tot gevolg te hebben dat de facto vooral de schuldeisers hiervan profiteren. Aanbeveling 10: bij het uitvaardigen van nieuwe wet- en regelgeving moet de precaire situatie van personen in collectieve schuldenregeling steeds een toetssteen zijn. Hierbij is het aangewezen dat het toekennen van bijzondere rechten aan personen in collectieve schuldenregeling niet tot gevolg heeft dat de schuldeisers hier indirect door bevoordeeld worden. 18

20 II. V o o r k o m e n v a n s c h u l d e n o v e r l a s t i s b e t e r d a n g e n e z e n 1. Algemeen Alhoewel de mogelijkheid tot re-integratie van personen in overmatige schuldenlast als grondrecht beschouwd moet worden, is het nog belangrijker dat er zoveel als mogelijk vermeden wordt dat personen beroep moeten doen op een insolventieprocedure. III.B.2.c) Third Principle: Preference for Informal and Out-of-court Settlements Debt problems should be tackled as early as possible. There should be a variety of remedies available for the debtor. The early approach is also preferable for the creditors because is usually gives a better outcome than formal consumer insolvency proceedings. Consumer insolvency law should also enhance a preference for less formal solutions. While the preference for out-of-court settlements can be observed in almost all Member States, the concrete laws differ considerably on this point. Therefore we want to indicate in the following only some features that, according to our observations, enhance outof court settlements. Most importantly, debtors must have access to adequate legal aid or debt counselling to be able to benefit from out-of-court procedures. Some degree of court supervision or the possibility of seeking support from the court facilitates out-of-court settlements. If negotiations for a settlement can be, for example, backed by a courtimposed stay of enforcement, the chances of a settlement improve. Since settlements have the legal form of a contract, creditor resistance and passivity hamper such settlements. Therefore, specific measures for these situations should be considered. If creditor passivity can be assumed as acceptance of the settlement, the feasibility of settlements is improved considerably. Another approach might be that creditors are required to give reasons for their non-acceptance of a settlement and if their opposition is deemed unreasonable, they will bear the costs of court proceedings. 29 Deze noodzaak aan preventie wordt hieronder geconcretiseerd in een aantal concrete punten. 2. Meer investeren in de bekendmaking van de alternatieven Voor personen in schulden moet er slechts in subsidiaire orde beroep gedaan worden op een insolventieprocedure (zoals de procedure collectieve schuldenregeling). Als er andere, minder verregaande oplossingen mogelijk zijn, dienen deze eerst benut te worden. Vaststelling/probleem: In dit verband dient gewezen te worden op het feit dat het bestaan van de verschillende mogelijke alternatieven voor personen in schulden weinig gekend zijn. Het gaat hierbij bv. om de mogelijkheid tot kwijtschelding van fiscale schulden ( onbeperkt uitstel van de invordering in de officiële terminologie), de mogelijkheid om betalingsfaciliteiten te vragen op basis van art. 38 Wet Consumentenkrediet,... Personen in schulden weten bovendien vaak niet waar zij terecht kunnen voor hulp bij hun schuldenproblemen. Ook (een groot deel van) de hulpverleningssector en diverse intermediairen (personeelsdiensten, vakbonden,...) blijken deze alternatieven voor de collectieve schuldenregeling niet (goed) te kennen. 29 U. Reifner, J. Kiesilainen, N. Huls, H. Springeneer, Consumer Overindebtedness and Consumer Law in the European Union - Contract Reference No. B5-1000/02/ Final Report, presented to the Commission of the European Communities, Health and Consumer Protection Directorate-General, september 2003, p Te downloaden via 19

Hoofdstuk I: Inzake de toepasselijke wetgeving:

Hoofdstuk I: Inzake de toepasselijke wetgeving: Hoofdstuk I: Inzake de toepasselijke wetgeving: Afdeling I: De oorspronkelijke wet van 5 juli 1998 en de diverse wetswijzigingen: Bij wet van 5 juli 1998 2 werd een titel IV toegevoegd aan het Gerechtelijk

Nadere informatie

Jaarverslag Juridische dienstverlening

Jaarverslag Juridische dienstverlening Jaarverslag Juridische dienstverlening Woensdag 10 april 2013 Lovendegem Bianca Buysse Renate Cools Sarah Forsyth Jaarverslag juridische dienstverlening Welzijnsband Meetjesland Woensdag 10 april 2013

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 15 JANUARI 2010 C.08.0349.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.08.0349.F A. S., Mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen D. A. M., Mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof

Nadere informatie

Schuldbemiddeling in Limburg. 30 juni 2008 Studiedag PLOT Genk

Schuldbemiddeling in Limburg. 30 juni 2008 Studiedag PLOT Genk Schuldbemiddeling in Limburg 30 juni 2008 Studiedag PLOT Genk Dienst Schuldbemiddeling Welzijnsregio Noord-Limburg Oprichting: juli 1999 Verenging onder Hfdst XII OCMW-wet 8 OCMW s Noord-Limburg (arr.

Nadere informatie

De collectieve schuldenregeling in de praktijk

De collectieve schuldenregeling in de praktijk De collectieve schuldenregeling in de praktijk De collectieve schuldenregeling is een gerechtelijke procedure die u in staat stelt om uw schulden te betalen en tegelijkertijd waarborgt dat u een menswaardig

Nadere informatie

Verslag Collectieve schuldenregeling

Verslag Collectieve schuldenregeling Verslag Collectieve schuldenregeling 24 april 2014 Aanwezig Lieve De Bosscher (Vzw De Sloep), Ria Roosens (KRAS-diensten), Memet Karaman (Intercultureel Netwerk Gent), Youri Nuytinck (CAW O-VL), Michèle

Nadere informatie

HANDLEIDING BASISREGISTRATIEFORMULIER 2011

HANDLEIDING BASISREGISTRATIEFORMULIER 2011 HANDLEIDING BASISREGISTRATIEFORMULIER 2011 1. Situering. De registratie door de instelling voor schuldbemiddeling wordt geregeld bij het decreet van 24 juli 1996 houdende regeling tot erkenning en subsidiëring

Nadere informatie

Katholieke Hogeschool Kempen

Katholieke Hogeschool Kempen Katholieke Hogeschool Kempen Studiecentrum voor Lokaal Sociaal en Lokaal Economisch Beleid Onderzoek naar de werking en de organisatie van erkende instellingen voor schuldbemiddeling met het oog op een

Nadere informatie

WEGWIJS IN DE BUDGET- EN SCHULDHULPVERLENING VAN OCMW EN CAW. Eenmalige bemiddeling Budgetbegeleiding Budgetbeheer Collectieve Schuldenregeling

WEGWIJS IN DE BUDGET- EN SCHULDHULPVERLENING VAN OCMW EN CAW. Eenmalige bemiddeling Budgetbegeleiding Budgetbeheer Collectieve Schuldenregeling WEGWIJS IN DE BUDGET- EN SCHULDHULPVERLENING VAN OCMW EN CAW Eenmalige bemiddeling Budgetbegeleiding Budgetbeheer Collectieve Schuldenregeling INLEIDING ONZE KIJK OP HULP In deze brochure vind je informatie

Nadere informatie

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer,

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, ADVIES Nr 03 / 1999 van 27 januari 1999 O. Ref. : 10 / A / 98 / 030 / 10 BETREFT : Ontwerp van koninklijk besluit tot regeling van de registratie van de berichten van collectieve schuldenregeling door

Nadere informatie

Jaarverslag Juridische dienstverlening

Jaarverslag Juridische dienstverlening Jaarverslag Juridische dienstverlening Woensdag 13 april 2011 Nevele Bianca Buysse Renate Cools Sarah Forsyth 1 Jaarverslag juridische dienstverlening Welzijnsband Meetjesland Woensdag 13 april 2011 I.

Nadere informatie

Rechtsbijstand bij bemiddeling

Rechtsbijstand bij bemiddeling Rechtsbijstand bij bemiddeling De wet van 21 februari 2005 in verband met de bemiddeling heeft de mogelijkheid geopend rechtsbijstand toe te kennen in elke procedure van vrijwillige of gerechtelijke bemiddeling

Nadere informatie

7 JULI 1994. Decreet betreffende de erkenning van instellingen voor schuldbemiddeling

7 JULI 1994. Decreet betreffende de erkenning van instellingen voor schuldbemiddeling 7 JULI 1994. Decreet betreffende de erkenning van instellingen voor schuldbemiddeling (Vertaling) Artikel 1. Dit decreet is van toepassing op de openbare of privé-instellingen voor schuldbemiddeling zoals

Nadere informatie

Projectoproep. Gericht aan de schuldbemiddelingssector. Innoverende projecten of nieuwe initiatieven inzake preventie van overmatige schuldenlast

Projectoproep. Gericht aan de schuldbemiddelingssector. Innoverende projecten of nieuwe initiatieven inzake preventie van overmatige schuldenlast Projectoproep Gericht aan de schuldbemiddelingssector Innoverende projecten of nieuwe initiatieven inzake preventie van overmatige schuldenlast Uiterste datum voor het indienen van de projecten : 6 juli

Nadere informatie

VERZOEKSCHRIFT TOT COLLECTIEVE SCHULDENREGELING. Aan de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven,

VERZOEKSCHRIFT TOT COLLECTIEVE SCHULDENREGELING. Aan de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven, VERZOEKSCHRIFT TOT COLLECTIEVE SCHULDENREGELING Aan de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven, Op verzoek van : (adres) (adres) (raadsman) (vorige adressen in de afgelopen drie jaar)

Nadere informatie

3 ministers : de Leden van het Verenigd College, bevoegd voor het beleid inzake Bijstand aan personen;

3 ministers : de Leden van het Verenigd College, bevoegd voor het beleid inzake Bijstand aan personen; 15 OKTOBER 1998. Besluit van het Verenigd College betreffende de erkenning, de opleiding van het personeel en de kostprijs van de bemiddeling van de instellingen voor schuldbemiddeling. HOOFDSTUK I. -

Nadere informatie

Rolnummer 5870. Arrest nr. 184/2014 van 10 december 2014 A R R E S T

Rolnummer 5870. Arrest nr. 184/2014 van 10 december 2014 A R R E S T Rolnummer 5870 Arrest nr. 184/2014 van 10 december 2014 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 1675/13, 3, en 1675/13bis, 2, van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de

Nadere informatie

Rolnummer 5633. Arrest nr. 26/2014 van 6 februari 2014 A R R E S T

Rolnummer 5633. Arrest nr. 26/2014 van 6 februari 2014 A R R E S T Rolnummer 5633 Arrest nr. 26/2014 van 6 februari 2014 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 4 van het koninklijk besluit van 18 november 1996 «houdende invoering van een sociale

Nadere informatie

VERZOEKSCHRIFT INZAKE COLLECTIEVE SCHULDBEMIDDELING Art. 1675/4 Ger.W.

VERZOEKSCHRIFT INZAKE COLLECTIEVE SCHULDBEMIDDELING Art. 1675/4 Ger.W. VERZOEKSCHRIFT INZAKE COLLECTIEVE SCHULDBEMIDDELING Art. 1675/4 Ger.W. Aan de Voorzitter bij de Arbeidsrechtbank Gent, afdeling ****** Ten verzoeke van: 1. Eerste verzoeker: Geboorteplaats: Burgerlijke

Nadere informatie

Rolnummer 4560. Arrest nr. 21/2009 van 12 februari 2009 A R R E S T

Rolnummer 4560. Arrest nr. 21/2009 van 12 februari 2009 A R R E S T Rolnummer 4560 Arrest nr. 21/2009 van 12 februari 2009 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 13 van de wet van 21 april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten

Nadere informatie

Praktische gids voor schuldbemiddelaars

Praktische gids voor schuldbemiddelaars Praktische gids voor schuldbemiddelaars Elie VAN ACKER (advocaat - schuldbemiddelaar) Bart WYLLEMAN (beslagrechter te Gent) ISBN 90-4651-036-0 D/2006/2664/356 BP/SCHULD-BI6001 Verantwoordelijke uitgever:

Nadere informatie

RECHTSBIJSTAND. Hoofdstuk 5. Art.21. Voorafgaandelijke bepaling

RECHTSBIJSTAND. Hoofdstuk 5. Art.21. Voorafgaandelijke bepaling Hoofdstuk 5 RECHTSBIJSTAND Voorafgaandelijke bepaling Gewaarborgd schadegeval Art.21 De bepalingen van de overige hoofdstukken van deze overeenkomst zijn van toepassing op Rechtsbijstand voor zover ze

Nadere informatie

50 jaar Jeugdbescherming. Jeugdadvocaten

50 jaar Jeugdbescherming. Jeugdadvocaten 50 jaar Jeugdbescherming Jeugdadvocaten Eric Van der Mussele Advocaat Balie Antwerpen en verkozen lid van de OVB Verantwoordelijke sectie Jeugdrecht - BJB Antwerpen Voorzitter Unie Jeugdadvocaten EvdM2015

Nadere informatie

Rolnummer 4255. Arrest nr. 9/2008 van 17 januari 2008 A R R E S T

Rolnummer 4255. Arrest nr. 9/2008 van 17 januari 2008 A R R E S T Rolnummer 4255 Arrest nr. 9/2008 van 17 januari 2008 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 82 van de faillissementswet van 8 augustus 1997, zoals vervangen bij artikel 29 van de wet

Nadere informatie

Standpunt van de Orde van Vlaamse Balies betreffende het deskundigenonderzoek

Standpunt van de Orde van Vlaamse Balies betreffende het deskundigenonderzoek Standpunt van de Orde van Vlaamse Balies betreffende het deskundigenonderzoek Het deskundigenonderzoek neemt in de burgerlijke procedure een belangrijke plaats in. Hoewel de rechters niet verplicht zijn

Nadere informatie

Rolnummer 2847. Arrest nr. 57/2004 van 24 maart 2004 A R R E S T

Rolnummer 2847. Arrest nr. 57/2004 van 24 maart 2004 A R R E S T Rolnummer 2847 Arrest nr. 57/2004 van 24 maart 2004 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 394 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, vóór de wijziging ervan bij de

Nadere informatie

AANVULLEND PROFESSIONEEL TARIEF

AANVULLEND PROFESSIONEEL TARIEF 2,0773 AANVULLEND PROFESSIONEEL TARIEF 2013 Artikel Verwijzing naar Vademecum Opmerkingen A 1 Port. Port bij het doorsturen van opgemaakte stukken naar een plaatselijk bevoegde gerechtsdeurwaarder A 2

Nadere informatie

Relevante feiten. Beoordeling. RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996

Relevante feiten. Beoordeling. RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996 RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996 Relevante feiten Als kaderlid van M heeft eerste eiser in 1993 aandelenopties verkregen op aandelen

Nadere informatie

DE VERJARINGS- EN ONDERZOEKSTERMIJNEN INZAKE BTW

DE VERJARINGS- EN ONDERZOEKSTERMIJNEN INZAKE BTW DE VERJARINGS- EN ONDERZOEKSTERMIJNEN INZAKE BTW Kris Heyrman TITEL VAN DE CONFERENTIE Advocaat-vennoot Dubois, Verlinden, Wauman Berkenlaan 45, 2610 Antwerpen Voornaam & Naam van de spreker tel:03.287.06.66

Nadere informatie

Maatschappelijke, juridische, professionele en deontologische situering

Maatschappelijke, juridische, professionele en deontologische situering INHOUD Algemene handleiding I. Gebruiksaanwijzing Opbouw van het Handboek 1 Juridische verwijzingen en afkortingen 2 1. Wettelijke referenties 2 2. Verwijzingen naar rechtspraak 2 3. Verwijzingen naar

Nadere informatie

Instantie. Onderwerp. Datum

Instantie. Onderwerp. Datum Instantie Hof van Cassatie Onderwerp Faillissement, Faillissementsakkoord en gerechtelijk akkoord - Gevolgen (personen, goederen, verbintenissen) - Verbintenissen - Schuldvordering - Aangifte Gevolg -

Nadere informatie

Schuldhulpverlening. Hoe gaat dat in zijn werk?

Schuldhulpverlening. Hoe gaat dat in zijn werk? Schuldhulpverlening Hoe gaat dat in zijn werk? In deze brochure vind je informatie over de mogelijke vormen van schuldhulpverlening binnen OCMW Antwerpen. Inhoud Wat is schuldhulpverlening?... 3 Kort overzicht

Nadere informatie

Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat en de Vlaamse Gemeenschap inzake de begeleiding en behandeling van daders van seksueel misbruik

Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat en de Vlaamse Gemeenschap inzake de begeleiding en behandeling van daders van seksueel misbruik Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat en de Vlaamse Gemeenschap inzake de begeleiding en behandeling van daders van seksueel misbruik Gelet op artikel 128, 1, van de Grondwet; Gelet op de bijzondere

Nadere informatie

STRAFRECHTELIJKE VERANTWOORDELIJKHEID VAN MINISTERS. Wet van 25 juni 1998 tot regeling van de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van ministers 1

STRAFRECHTELIJKE VERANTWOORDELIJKHEID VAN MINISTERS. Wet van 25 juni 1998 tot regeling van de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van ministers 1 STRAFRECHTELIJKE VERANTWOORDELIJKHEID VAN MINISTERS Wet van 25 juni 1998 tot regeling van de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van ministers 1 TITEL I TOEPASSINGSGEBIED Artikel 1 Deze wet regelt een

Nadere informatie

Rolnummer 4834. Arrest nr. 78/2010 van 23 juni 2010 A R R E S T

Rolnummer 4834. Arrest nr. 78/2010 van 23 juni 2010 A R R E S T Rolnummer 4834 Arrest nr. 78/2010 van 23 juni 2010 A R R E S T In zake : de prejudiciële vragen over artikel 162bis van het Wetboek van strafvordering, zoals ingevoegd bij artikel 9 van de wet van 21 april

Nadere informatie

Rolnummer 5490. Arrest nr. 118/2013 van 7 augustus 2013 A R R E S T

Rolnummer 5490. Arrest nr. 118/2013 van 7 augustus 2013 A R R E S T Rolnummer 5490 Arrest nr. 118/2013 van 7 augustus 2013 A R R E S T In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 7, 1, van de wet van 26 maart 2012 tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek wat de

Nadere informatie

SCSZ/04/85. Gelet op het auditoraatsrapport van de Kruispuntbank van 24 mei 2004; Gelet op het verslag van de heer Michel Parisse.

SCSZ/04/85. Gelet op het auditoraatsrapport van de Kruispuntbank van 24 mei 2004; Gelet op het verslag van de heer Michel Parisse. SCSZ/04/85 BERAADSLAGING NR 04/024 VAN 6 JULI 2004 M.B.T. DE MEDEDELING VAN SOCIALE GEGEVENS VAN PERSOONLIJKE AARD DOOR DE VERZEKERINGSINSTELLINGEN AAN DE SOCIALEVERZEKERINGSFONDSEN VOOR ZELFSTANDIGEN,

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.438 ------------------------------- Zitting van woensdag 19 maart 2003

A D V I E S Nr. 1.438 ------------------------------- Zitting van woensdag 19 maart 2003 A D V I E S Nr. 1.438 ------------------------------- Zitting van woensdag 19 maart 2003 Ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van artikel 19 van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot

Nadere informatie

Rolnummer Arrest nr. 84/2007 van 7 juni 2007 A R R E S T

Rolnummer Arrest nr. 84/2007 van 7 juni 2007 A R R E S T Rolnummer 4100 Arrest nr. 84/2007 van 7 juni 2007 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 12, 1, en 253 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, gesteld door het Hof

Nadere informatie

ADVOCAAT. Vlaamse Overheid Dep Financiln Dienst derdengeschillen Koning Albert II laan 19 bus 6 1210 Brussel. Betreft: COLLECTIEVE SCHULDENREGELING

ADVOCAAT. Vlaamse Overheid Dep Financiln Dienst derdengeschillen Koning Albert II laan 19 bus 6 1210 Brussel. Betreft: COLLECTIEVE SCHULDENREGELING Peter GREYSON ADVOCAAT Tel: 0496 / 60.2799 Fax,03 / 216.03.82 Raadpleng volgens afspraak Antwerpen, 16.11.2011 u.r. : FB/DEB!DDG m.r.: GSB 140 (steeds te vermelden) Vlaamse Overheid Dep Financiln Dienst

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 14 DECEMBER 2007 F.06.0076.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. F.07.0076.F BELGISCHE STAAT, Minister van Financiën, Mr. François T Kint, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen 1.H.Y. 2.C.J. I.

Nadere informatie

Workshop consumentenkredieten

Workshop consumentenkredieten Workshop consumentenkredieten Inspiratiedag financiële vorming Maandag 26 oktober 2015 Inhoud van de workshop I. Korte toelichting II. Concrete voorbeelden III. (Overmatige) schuldenlast IV. Vragen en

Nadere informatie

Vlaamse gezinnen in budget- en / of schuldhulpverlening: cijfergegevens 2012

Vlaamse gezinnen in budget- en / of schuldhulpverlening: cijfergegevens 2012 Vlaamse gezinnen in budget- en / of schuldhulpverlening: cijfergegevens Augustus 2013 Vlaams Centrum Schuldenlast Paviljoenstraat 7-9 1030 Brussel www.vlaamscentrumschuldenlast.be INHOUD. Hoofdstuk 1 -

Nadere informatie

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 307bis van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door het Hof van Cassatie.

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 307bis van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door het Hof van Cassatie. Rolnummer 2287 Arrest nr. 163/2001 van 19 december 2001 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 307bis van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door het Hof van Cassatie. Het Arbitragehof,

Nadere informatie

Gelet op het auditoraatsrapport van de Kruispuntbank ontvangen op 24 juni 2005; A. SITUERING, ONDERWERP EN RECHTVAARDIGING VAN DE AANVRAAG

Gelet op het auditoraatsrapport van de Kruispuntbank ontvangen op 24 juni 2005; A. SITUERING, ONDERWERP EN RECHTVAARDIGING VAN DE AANVRAAG SCSZ/05/97 1 BERAADSLAGING NR. 05/034 VAN 19 JULI 2005 M.B.T. DE MEDEDELING VAN PERSOONSGEGEVENS BETREFFENDE BUITENLANDSE VERZEKERDEN, DOOR DE VERZEKERINGSINSTELLINGEN AAN HET VLAAMS ZORGFONDS, MET HET

Nadere informatie

SARiV Advies 2012/29 SAR WGG Advies. 31 oktober 2012

SARiV Advies 2012/29 SAR WGG Advies. 31 oktober 2012 Briefadvies over de Akkoorden tussen België en Frankrijk en Nederland voor de ontwikkeling van samenwerking en wederzijdse administratieve bijstand op het gebied van de sociale zekerheid SARiV Advies 2012/29

Nadere informatie

De rechten van slachtoffers in de strafuitvoering. Inge Mertens, CAW Archipel Natalie Ver Poorten, CAW De Kempen

De rechten van slachtoffers in de strafuitvoering. Inge Mertens, CAW Archipel Natalie Ver Poorten, CAW De Kempen De rechten van slachtoffers in de strafuitvoering Inge Mertens, CAW Archipel Natalie Ver Poorten, CAW De Kempen 23 oktober 2012 Inleiding Beroering rond voorwaardelijke invrijheidstelling Michèle Martin

Nadere informatie

Rolnummer Arrest nr. 55/2015 van 7 mei 2015 A R R E S T

Rolnummer Arrest nr. 55/2015 van 7 mei 2015 A R R E S T Rolnummer 5847 Arrest nr. 55/2015 van 7 mei 2015 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 347-2 van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door de Rechtbank van eerste aanleg te Luik. Het

Nadere informatie

Jaarverslag Juridische dienstverlening 2010

Jaarverslag Juridische dienstverlening 2010 1 Jaarverslag Juridische dienstverlening 2010 I. Algemeen : Inleiding Overzicht roulementen Opleiding juristen Inhoud II. Juridische dienstverlening Aard dienstverlening Cijfergegevens 2010 Cijfergegevens

Nadere informatie

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Vlaamse Regering Diensten voor het Algemeen Regeringsbeleid Afdeling Kanselarij Boudewijnlaan 30, bus 20 1000 Brussel

Nadere informatie

VLAAMS PARLEMENT DECREET. houdende oprichting van een Kinderrechtencommissariaat. van Kinderrechtencommissaris. Artikel 1

VLAAMS PARLEMENT DECREET. houdende oprichting van een Kinderrechtencommissariaat. van Kinderrechtencommissaris. Artikel 1 VLAAMS PARLEMENT DECREET houdende oprichting van een Kinderrechtencommissariaat en instelling van het ambt van Kinderrechtencommissaris Artikel 1 Dit decreet regelt een gemeenschaps- en gewestaangelegenheid.

Nadere informatie

Rolnummer 4533. Arrest nr. 110/2009 van 9 juli 2009 A R R E S T

Rolnummer 4533. Arrest nr. 110/2009 van 9 juli 2009 A R R E S T Rolnummer 4533 Arrest nr. 110/2009 van 9 juli 2009 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 162bis van het Wetboek van strafvordering, zoals ingevoegd bij artikel 9 van de wet van 21 april

Nadere informatie

Cijfermateriaal basisregistratie 2007-2010

Cijfermateriaal basisregistratie 2007-2010 Cijfermateriaal basisregistratie 2007-2010 Oktober 2011 1. Inleiding De schuldenproblematiek in Vlaanderen groeit. Steeds meer mensen ondervinden problemen met de betaling van hun schulden. Zo staan eind

Nadere informatie

De (herziene) Europese Overeenkomst inzake adoptie van kinderen

De (herziene) Europese Overeenkomst inzake adoptie van kinderen De (herziene) Europese Overeenkomst inzake adoptie van kinderen SARiV Advies 2013/19 SAR WGG Advies 11 juli 2013 Strategische Adviesraad internationaal Vlaanderen Boudewijnlaan 30 bus 81 1000 Brussel T.

Nadere informatie

Meer info inzake aansprakelijkheid VZW en haar bestuurders

Meer info inzake aansprakelijkheid VZW en haar bestuurders Meer info inzake aansprakelijkheid VZW en haar bestuurders DE BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID De persoon die schade aan iemand anders veroorzaakt, is verplicht die te herstellen. Hierbij wordt een onderscheid

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 5 SEPTEMBER 2014 C.13.0453.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.13.0453.N CRELAN nv, met zetel te 1070 Anderlecht, Sylvain Dupuislaan 251, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat

Nadere informatie

ADVIES. over DE IMPACTANALYSE VAN EEN EVENTUELE HERVORMING VAN DE REGELS INZAKE DE VERJARING VAN VORDERINGEN VAN EN TEGEN CONSUMENTEN

ADVIES. over DE IMPACTANALYSE VAN EEN EVENTUELE HERVORMING VAN DE REGELS INZAKE DE VERJARING VAN VORDERINGEN VAN EN TEGEN CONSUMENTEN N HAND PRAKT - Verjaring vorderingen cons. A2 Brussel, 12 februari 2013 MH/TM/AS 692-2012 ADVIES over DE IMPACTANALYSE VAN EEN EVENTUELE HERVORMING VAN DE REGELS INZAKE DE VERJARING VAN VORDERINGEN VAN

Nadere informatie

Rolnummer 5600. Arrest nr. 86/2013 van 13 juni 2013 A R R E S T

Rolnummer 5600. Arrest nr. 86/2013 van 13 juni 2013 A R R E S T Rolnummer 5600 Arrest nr. 86/2013 van 13 juni 2013 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 82, tweede lid, van de faillissementswet van 8 augustus 1997, zoals vervangen bij de wet

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 5 JANUARI 2006 C.05.0190.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.05.0190.N B.J., eiser, vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1050 Brussel,

Nadere informatie

Centrale voor kredieten aan particulieren

Centrale voor kredieten aan particulieren Brussel, 16 oktober 2013 Peter NEEFS Rol & belang van CKP Is CKP een wondermiddel? NEE Kan CKP ervoor zorgen dat er geen wanbetalingen meer zijn? NEE Kan CKP ervoor zorgen dat de overmatige schuldenlast

Nadere informatie

Rolnummer 5678. Arrest nr. 108/2014 van 17 juli 2014 A R R E S T

Rolnummer 5678. Arrest nr. 108/2014 van 17 juli 2014 A R R E S T Rolnummer 5678 Arrest nr. 108/2014 van 17 juli 2014 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 418, eerste lid, van het Wetboek van strafvordering, gesteld door het Hof van Cassatie.

Nadere informatie

Rolnummer 4790. Arrest nr. 10/2010 van 4 februari 2010 A R R E S T

Rolnummer 4790. Arrest nr. 10/2010 van 4 februari 2010 A R R E S T Rolnummer 4790 Arrest nr. 10/2010 van 4 februari 2010 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 73 van de programmawet (I) van 27 december 2006, gesteld door de Vrederechter van het

Nadere informatie

Rolnummer 4418. Arrest nr. 12/2009 van 21 januari 2009 A R R E S T

Rolnummer 4418. Arrest nr. 12/2009 van 21 januari 2009 A R R E S T Rolnummer 4418 Arrest nr. 12/2009 van 21 januari 2009 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 301, 2, tweede en derde lid, van het Burgerlijk Wetboek, zoals gewijzigd bij artikel 7 van

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 13 JUNI 2005 S.04.0109.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. S.04.0109.N.- B. J., eiser, vertegenwoordigd door Mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel,

Nadere informatie

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Publicatieblad Nr. L 225 van 12/08/1998 blz. 0016-0021 DE RAAD VAN

Nadere informatie

Sociale maatregelen drinkwater 28 maart 2012

Sociale maatregelen drinkwater 28 maart 2012 i. inleiding Vlaams Netwerk van verenigingen waar armen het woord nemen vzw Aromagebouw / Vooruitgangstraat 323 bus 6 (3 de verdieping) / 1030 Brussel / tel. 02-204 06 50 / fax : 02-204 06 59 info@vlaams-netwerk-armoede.be

Nadere informatie

Rolnummer 4499. Arrest nr. 106/2009 van 9 juli 2009 A R R E S T

Rolnummer 4499. Arrest nr. 106/2009 van 9 juli 2009 A R R E S T Rolnummer 4499 Arrest nr. 106/2009 van 9 juli 2009 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 14, 1, eerste lid, 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals dat artikel

Nadere informatie

Schuldbriefing Van 1 november tot 30 november 2006, nr. 13

Schuldbriefing Van 1 november tot 30 november 2006, nr. 13 Schuldbriefing Van 1 november tot 30 november 2006, nr. 13 Maandelijks e-zine van het Vlaams Centrum Schuldbemiddeling voor OCMW s en CAW s Bedankt voor uw interesse! Hebt u suggesties of nieuws: U neemt

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR FINANCIËLE HULP AAN SLACHTOFFERS VAN OPZETTELIJKE GEWELDDADEN AAN DE OCCASIONELE REDDERS

COMMISSIE VOOR FINANCIËLE HULP AAN SLACHTOFFERS VAN OPZETTELIJKE GEWELDDADEN AAN DE OCCASIONELE REDDERS COMMISSIE VOOR FINANCIËLE HULP AAN SLACHTOFFERS VAN OPZETTELIJKE GEWELDDADEN EN AAN DE OCCASIONELE REDDERS A.R. M12-5-0321 Beslissing van 9 januari 2014 De vijfde kamer van de Commissie, samengesteld uit:

Nadere informatie

Rolnummer 4496. Arrest nr. 50/2009 van 11 maart 2009 A R R E S T

Rolnummer 4496. Arrest nr. 50/2009 van 11 maart 2009 A R R E S T Rolnummer 4496 Arrest nr. 50/2009 van 11 maart 2009 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 57, 2, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk

Nadere informatie

AANVULLEND PROFESSIONEEL TARIEF

AANVULLEND PROFESSIONEEL TARIEF 2,0948 AANVULLEND PROFESSIONEEL TARIEF 2014 Artikel Verwijzing naar Vademecum Opmerkingen A 1 Port. Port bij het doorsturen van opgemaakte stukken naar een plaatselijk bevoegde gerechtsdeurwaarder A 2

Nadere informatie

Auteur. Elfri De Neve. www.elfri.be. Onderwerp. Anatocisme. Copyright and disclaimer

Auteur. Elfri De Neve. www.elfri.be. Onderwerp. Anatocisme. Copyright and disclaimer Auteur Elfri De Neve www.elfri.be Onderwerp Anatocisme Copyright and disclaimer Gelieve er nota van te nemen dat de inhoud van dit document onderworpen kan zijn aan rechten van intellectuele eigendom,

Nadere informatie

Rolnummers 4767 en 4788. Arrest nr. 53/2010 van 6 mei 2010 A R R E S T

Rolnummers 4767 en 4788. Arrest nr. 53/2010 van 6 mei 2010 A R R E S T Rolnummers 4767 en 4788 Arrest nr. 53/2010 van 6 mei 2010 A R R E S T In zake : de prejudiciële vragen over artikel 162bis van het Wetboek van strafvordering, zoals ingevoegd bij artikel 9 van de wet van

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid»

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» SCSZ/10/109 BERAADSLAGING NR 98/60 VAN 13 OKTOBER 1998, GEWIJZIGD OP 7 SEPTEMBER 2010, BETREFFENDE EEN MACHTIGINGSAANVRAAG

Nadere informatie

Date de réception : 24/02/2012

Date de réception : 24/02/2012 Date de réception : 24/02/2012 Vertaling C-30/12-1 Zaak C-30/12 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 23 januari 2012 Verwijzende rechter: Okresný súd Prešov (Slowakije) Datum van

Nadere informatie

Rolnummer 2485. Arrest nr. 84/2003 van 11 juni 2003 A R R E S T

Rolnummer 2485. Arrest nr. 84/2003 van 11 juni 2003 A R R E S T Rolnummer 2485 Arrest nr. 84/2003 van 11 juni 2003 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende de wet van 4 juli 2001 tot wijziging van artikel 633 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door

Nadere informatie

Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, titel III, hoofdstuk II, afdeling III, onderafdeling 4. Ondernemingen die investeren in een raamovereenkomst voor de productie van een audiovisueel werk Art. 194ter.

Nadere informatie

RSZ bijdragen - betalingsmoeilijkheden

RSZ bijdragen - betalingsmoeilijkheden RSZ bijdragen - betalingsmoeilijkheden Bron : http://www.rsz.fgov.be/nl/werkgevers-en-de-rsz/betalingen#sancties De vier invorderingswegen van de RSZ 1 e weg is de gerechtelijke invordering : dagvaarding

Nadere informatie

Beleidsaanbevelingen

Beleidsaanbevelingen Beleidsaanbevelingen Beleidsaanbevelingen aan de Vlaamse overheid n.a.v. de conclusies uit het onderzoeksrapport registratie diensten schuldbemiddeling Zowel de basisregistratie als de uitgebreide registratie

Nadere informatie

Rolnummer 5606. Arrest nr. 43/2014 van 13 maart 2014 A R R E S T

Rolnummer 5606. Arrest nr. 43/2014 van 13 maart 2014 A R R E S T Rolnummer 5606 Arrest nr. 43/2014 van 13 maart 2014 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 1022, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek (vóór de wijziging ervan bij de wet van

Nadere informatie

Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie

Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Vlaamse Regering Diensten voor het Algemeen Regeringsbeleid Kanselarij Boudewijnlaan 30 1000 Brussel T. secretariaat:

Nadere informatie

Iedereen beschermd tegen armoede?

Iedereen beschermd tegen armoede? Iedereen beschermd tegen armoede? Sociaal onrecht treft 1 op 7 mensen in ons land Campagne 2014 Iedereen beschermd tegen armoede? België is een welvaartsstaat, Brussel is de hoofdstad van Europa en Vlaanderen

Nadere informatie

Wet van 22 april 1999 betreffende de beroepstucht voor accountants en belastingconsulenten

Wet van 22 april 1999 betreffende de beroepstucht voor accountants en belastingconsulenten Wet van 22 april 1999 betreffende de beroepstucht voor accountants en belastingconsulenten Bron : Wet van 22 april 1999 betreffende de beroepstucht voor accountants en belastingconsulenten (Belgisch Staatsblad,

Nadere informatie

Rolnummer 3739. Arrest nr. 79/2006 van 17 mei 2006 A R R E S T

Rolnummer 3739. Arrest nr. 79/2006 van 17 mei 2006 A R R E S T Rolnummer 3739 Arrest nr. 79/2006 van 17 mei 2006 A R R E S T In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 413bis tot 413octies van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij

Nadere informatie

De publicatie en inwerkingtreding van de verschillende boeken van het Wetboek Economisch Recht gaat door.

De publicatie en inwerkingtreding van de verschillende boeken van het Wetboek Economisch Recht gaat door. Wetgeving Nieuw Wetboek Economisch Recht De publicatie en inwerkingtreding van de verschillende boeken van het Wetboek Economisch Recht gaat door. Het boek dat de wet betreffende de marktpraktijken omzet

Nadere informatie

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer;

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer; COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING VAN DE PERSOONLIJKE LEVENSSFEER ADVIES Nr 29 / 95 van 27 oktober 1995 ------------------------------------------- O. ref. : 10 / A / 95 / 029 BETREFT : Ontwerp van koninklijk

Nadere informatie

BSAE- Verzekering. Towards Professional Recognition

BSAE- Verzekering. Towards Professional Recognition BSAE- Verzekering Towards Professional Recognition Beroepsaansprakelijkheidsverzekering Op vraag van BSAE heeft verzekeringsmakelaar Group Casier een exclusieve verzekeringspolis beroepsaansprakelijkheid

Nadere informatie

van de verwerking van persoonsgegevens (hierna "WVP"), inzonderheid artikel 29;

van de verwerking van persoonsgegevens (hierna WVP), inzonderheid artikel 29; 1/5 Advies nr. 35/2008 van 8 oktober2008 Betreft: Adviesaanvraag betreffende een ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 juli 2002 tot regeling van de Centrale voor

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 14 JUNI 2010 S.10.0005.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. S.10.0005.F N. A., Mr. Antoine De Bruyn, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen 1. AAGHON, besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,

Nadere informatie

Rolnummer 2409. Arrest nr. 113/2002 van 26 juni 2002 A R R E S T

Rolnummer 2409. Arrest nr. 113/2002 van 26 juni 2002 A R R E S T Rolnummer 2409 Arrest nr. 113/2002 van 26 juni 2002 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 80 en 82 van de faillissementswet van 8 augustus 1997, gesteld door het Hof van

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 5 MEI 2008 C.05.0223.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.05.0223.F AXA BELGIUM, naamloze vennootschap, Mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen 1. B. P., 2. AXA BELGIUM, naamloze

Nadere informatie

KLACHTEN. Wat moet je doen wanneer je een probleem hebt met een andere huurder van onze huisvestingsmaatschappij?

KLACHTEN. Wat moet je doen wanneer je een probleem hebt met een andere huurder van onze huisvestingsmaatschappij? KLACHTEN Wat moet je doen wanneer je een probleem hebt met een andere huurder van onze huisvestingsmaatschappij? Elke huurder moet zich gedragen als een goed huisvader. Dit staat zo in het huurcontract.

Nadere informatie

C.O.B.A. 4 COMMISSIE VOOR ONRECHTMATIGE BEDINGEN

C.O.B.A. 4 COMMISSIE VOOR ONRECHTMATIGE BEDINGEN C.O.B.A. 4 COMMISSIE VOOR ONRECHTMATIGE BEDINGEN Aanbeveling betreffende strafbedingen Brussel, 21 oktober 1997 1 Gelet op de artikelen 35, par. 3, lid 2, en 36 van de wet van 14 juli 1991 betreffende

Nadere informatie

Advies. Over het voorontwerp van decreet tot invoering van een verhoogd abattement bij hypotheekvestiging op de enige woning

Advies. Over het voorontwerp van decreet tot invoering van een verhoogd abattement bij hypotheekvestiging op de enige woning Brussel, 9 juli 2008 070908 Advies decreet hypotheekvestiging Advies Over het voorontwerp van decreet tot invoering van een verhoogd abattement bij hypotheekvestiging op de enige woning 1. Toelichting

Nadere informatie

ECHTSCHEIDINGEN KENNEN GEEN GRENZEN (regels van internationaal privaat recht)

ECHTSCHEIDINGEN KENNEN GEEN GRENZEN (regels van internationaal privaat recht) ECHTSCHEIDINGEN KENNEN GEEN GRENZEN (regels van internationaal privaat recht) Steeds meer worden we in de rechtspraktijk geconfronteerd met internationale echtscheidingen op basis van de volgende elementen:

Nadere informatie

Vredegerechten arrondissement Oost-Vlaanderen

Vredegerechten arrondissement Oost-Vlaanderen Vredegerechten arrondissement Oost-Vlaanderen JAARLIJKS VERSLAG OF EINDVERSLAG INZAKE VERTEGENWOORDIGING OF BIJSTAND Datum aanstelling:... Rolnummer:... Aan de vrederechter van het Kanton... Periode van

Nadere informatie

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 1675/13, 3, van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door het Hof van Beroep te Gent.

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 1675/13, 3, van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door het Hof van Beroep te Gent. Rolnummer 3858 Arrest nr. 175/2006 van 22 november 2006 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 1675/13, 3, van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door het Hof van Beroep te Gent.

Nadere informatie

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 135, 3, van het Wetboek van Strafvordering, gesteld door het Hof van Beroep te Gent.

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 135, 3, van het Wetboek van Strafvordering, gesteld door het Hof van Beroep te Gent. Rolnummer 1924 Arrest nr. 81/2001 van 13 juni 2001 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 135, 3, van het Wetboek van Strafvordering, gesteld door het Hof van Beroep te Gent. Het

Nadere informatie

Rolnummer 5264. Arrest nr. 24/2012 van 16 februari 2012 A R R E S T

Rolnummer 5264. Arrest nr. 24/2012 van 16 februari 2012 A R R E S T Rolnummer 5264 Arrest nr. 24/2012 van 16 februari 2012 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 38, 5, van de wetten betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk

Nadere informatie

Tewerkstelling. Algemene Vergadering Welzijnsoverleg Herentals 31 januari 2007. Projecteigenaar. Projectfiche tewerkstelling

Tewerkstelling. Algemene Vergadering Welzijnsoverleg Herentals 31 januari 2007. Projecteigenaar. Projectfiche tewerkstelling Algemene Vergadering Welzijnsoverleg Herentals 31 januari 2007 Algemene vergadering Welzijnsoverleg Herentals Tewerkstelling Projecteigenaar! strategisch verantwoordelijke: ISOM! operationeel verantwoordelijke:

Nadere informatie