RONDETAFELS CONTINUÏTEIT VAN ZORG IN DE HUISARTSGENEESKUNDE. Samenvatting van de debatten en conclusies

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "RONDETAFELS CONTINUÏTEIT VAN ZORG IN DE HUISARTSGENEESKUNDE. Samenvatting van de debatten en conclusies"

Transcriptie

1 RONDETAFELS CONTINUÏTEIT VAN ZORG IN DE HUISARTSGENEESKUNDE Samenvatting van de debatten en conclusies INHOUD: 1. Algemene informatie... 3 a. Context... 3 b. Origine... 4 b. Praktische organisatie... 4 c. Inhoud van de debatten... 6 e. Inleiding op de tekst Samenvatting van de debatten:... 8 WERKGROEP 1: Verdeling tussen eerste- en tweedelijnszorg... 8 Thema 1: Taakverdeling tussen 1 ste en 2 de lijn (huisartsenwachtdienst spoeddienst)... 8 Thema 2: Permanentie versus continuïteit van zorg (nachtdienst nuit noire ) Thema 3: Organisatie van de zorgcontinuïteit Discussiepunten buiten de thema s Overeenkomsten en verschillen tussen de regio s WERKGROEP 2: Triage van de aanvragen Thema 1: Triagesysteem en kenmerken Thema 2: Verantwoordelijkheid en protocollen Thema 3: Profielen binnen het triagesysteem Thema 4: Doorverwijzing van de spoed naar de huisarts en omgekeerd Thema 5: Multidisciplinaire wachtdiensten en rol van verpleegkundigen in de zorgcontinuïteit Thema 6: Professionele wachtartsen ( gardistes ) Discussiepunten buiten de thema s Overeenkomsten en verschillen tussen de regio s WERKGROEP 3: Kwaliteitscriteria voor de huisartsenwachtdienst Thema 1: Aanvaardbare werklast en frequentie van wachtdiensten Thema 2: Veiligheid van de wachtarts

2 Thema 3: Vrijstellingen van de wachtdienst Thema 4: Patiëntendossier Thema 5: Wachtposten Thema 6: Vergoedingen en financiële aspecten Thema 7: Organisatie van de wachtdienst overdag en s nachts Thema 8: Wachttijd voor de patiënt Discussiepunten buiten de thema s Overeenkomsten en verschillen tussen de regio s Conclusies Vraag 1: Vraag 2: Vraag 3: Vraag 4: Bijlagen:

3 1. Algemene informatie a. Context Het aantal huisartsen in België is de laatste jaren aan het afnemen en de algemene werklast voor de huisartsen wordt steeds groter. De gemiddelde leeftijd van de huisartsen is boven de 50 jaar, waardoor de komende jaren een grote uitstroom uit het beroep te verwachten valt. Er dient ook rekening gehouden te worden met de demografische kenmerken van de huisartsen die in verandering zijn. Steeds meer vrouwen kiezen voor het beroep van huisarts, onder de 44 jaar is de meerderheid van de huisartsen vrouwelijk. 1 De erkende huisartsen in België zijn verplicht om zich in te schrijven in een wachtdienst georganiseerd door een huisartsenkring. 2 Maar deze wachtdiensten blijken steeds zwaarder te wegen. Daarenboven is de hoge werklast een belangrijke factor in de aantrekkingskracht van het beroep 3. De continuïteit van de zorgverlening is heel belangrijk voor een kwaliteitsvolle zorg aan de patiënt. De Wereldgezondheidsorganisatie definieert Continuity of care als volgt 4 (eigen vertaling): Zorg zou niet beperkt moeten zijn tot het moment dat de patiënt zich op consultatie bij de arts bevindt, of tot de vier muren van de consultatieruimte. De belangstelling voor de uitkomsten verplicht de arts tot een consistente en coherente aanpak van het probleem van de patiënt, totdat het probleem is opgelost of totdat het risico waardoor de opvolging nodig was verdwenen is. Continuïteit van de zorg is van doorslaggevend belang voor de effectiviteit, zowel voor beheer van chronische ziekten, van reproductieve gezondheid, van geestelijke gezondheid of voor het zorgen voor het gezond opgroeien van kinderen. De volgende factoren zijn van belang in de continuïteit van zorg: - Een goed begrip van de context waarin patiënten leven. - Continuïteit van zorg hangt af van de continuïteit van informatie, dit is bijvoorbeeld van belang wanneer patiënten ouder worden, wanneer ze verhuizen, of wanneer verschillende beoefenaars interageren met een patiënt of een gezin. De huidige communicatie- en informatietechnologie biedt vele mogelijkheden voor het delen van informatie aan een lage kost. - Betaling per prestatie is, vergeleken met de forfaitaire betaling (per patiënt) of betaling per tijdsperiode (fee-for-episode), een obstakel voor zowel de toegang tot als voor de continuïteit van de zorg. - Het is belangrijk dat de behandelingsschema s goed onderhandeld worden met de patiënt, zodat hij in de mogelijkheid verkeert de afspraken na te komen en zonder dat hij teveel tijd en geld verliest. Daarnaast is een duidelijke doorverwijzing naar andere zorgverleners van belang. 1 Statistieken FOD Volksgezondheid: /index.htm 2 Art. 10, 4, Ministerieel besluit van 1 maart 2010 tot vaststelling van de criteria voor de erkenning van huisartsen. 3 Huisartsgeneeskunde: aantrekkingskracht en beroepstrouw bevorderen. Rapport KCE The world health report 2008 : primary health care now more than ever. World Health Organization. 3

4 b. Origine In het kader van de moeilijkheden waarmee de huisartsenwachtdienst te kampen heeft, heeft de Federale Raad voor de Huisartsenkringen (FRHAK) eerst een nota (5 mei 2011) en dan een advies (22 maart 2012) over de wachtdiensten opgesteld. 5 Minister Laurette Onkelinx stelde in reactie op deze adviezen voor om rondetafels te organiseren om een antwoord te krijgen op enkele bijkomende vragen en om de opinies van alle deelnemers aan de continuïteit van zorg in de huisartsgeneeskunde te verzamelen. Het onderwerp van deze rondtafels werd de continuïteit van de zorg in de huisartsgeneeskunde. Concreet heeft de Minister de volgende vier vragen gesteld: 1. Welke samenwerking tussen de huisartsenwachtdienst, de dienst 100/112 en de wachtdiensten in het ziekenhuis? Hoe de samenwerking tussen deze verschillende diensten verbeteren voor een optimaal gebruik van deze middelen? 2. In het kader van de vermindering van het minimum aantal artsen van wacht voor een gegeven bevolkingsaantal, welke kwaliteitscriteria kunnen vrijgemaakt worden om een optimale wachtdienst voor de bevolking te verzekeren? 3. Hoe kan er, in het voorstel van een minimale wachtdienst in samenwerking met de ziekenhuizen tijdens de nacht, in de zones met een lage bevolkingsdichtheid, toch een minimale dienst van verplaatsing van de huisarts verzekerd worden, bijvoorbeeld in de RVT en voor de palliatieve patiënten? 4. In het kader van het triëren van de oproepen type 1733, hoe ziet u de evolutie van dit instrument en de opvolging van de toepasbaarheid van de beslissingsroosters die werden opgesteld door het beroep? c. Praktische organisatie Ter voorbereiding van de ronde tafels werd een stuurgroep opgericht bestaande uit een vertegenwoordigers van elke regio (deze vertegenwoordigers zijn lid van en aangesteld door de FRHAK), de voorzitter van de FRHAK, twee vertegenwoordigers van het RIZIV, een vertegenwoordiger voor de Medicomut die ook in de FRHAK zetelt met raadgevende stem, een vertegenwoordiger van het kabinet van Minister L. Onkelinx en enkele vertegenwoordigers van de FOD Volksgezondheid. De stuurgroep stond in voor de inhoudelijke voorbereiding van de ronde tafels. De FOD Volksgezondheid stond in voor de praktische organisatie van de evenementen. Er werden drie regionale ronde tafels georganiseerd één voor het Vlaams gewest (in Antwerpen), één voor het Waals gewest (in Namen) en één voor het Brussels hoofdstedelijk gewest (in Brussel). De reden waarom de ronde tafels per regio werden georganiseerd is dat de problemen vaak verschillend zijn in de verschillende regio s. Het was dan ook een voorstel van de Minister om regionale ronde tafels op te richten om op de verschillende vragen te antwoorden. 5 Zie bijlage 1 4

5 Tenslotte werd op 21 september een gemeenschappelijke rondetafel georganiseerd waarop de conclusies werden gepresenteerd. Om zo veel mogelijk mensen te bereiken, werd ervoor gekozen om de ronde tafels op een zaterdag te laten plaatsvinden gedurende een hele dag. Tijdens de drie regionale ronde tafels was er plaats voor getuigenissen, wetenschappelijke presentaties en debatten. In het programma kwamen in elke ronde tafel dezelfde zaken aan bod, maar de volgorde ervan was niet altijd dezelfde. In de voor- en in de namiddag werden de deelnemers opgesplitst in drie parallelle werkgroepen. Deze werkgroepen behandelden drie grote thema s, die werden gedefinieerd op basis van de vragen van de Minister en op basis van de adviezen van de FRHAK. In de voormiddag werd getracht om een antwoord te formuleren op enkele basisvragen, in de namiddag was het de bedoeling om de debatten open te trekken en ook meer te betrekken op de andere actoren (dan de huisartsen) die betrokken zijn bij de eerstelijnszorg. In Namen en Antwerpen werd hiervoor in de namiddag in de werkgroepen een panel samengesteld, in Brussel werd geen panel samengesteld omdat de werkgroepen er kleiner waren. In elke ronde tafel werd een presentatie gegeven door het KCE over het rapport Welke oplossingen voor de wachtdiensten van huisartsen? (Report 171). In Antwerpen vond deze presentatie aan het begin van de dag plaats, in Brussel en Namen was het aan het begin van de namiddag. De meerderheid van de deelnemers aan de ronde tafels bestond uit huisartsen, maar er werden ook andere actoren uitgenodigd die betrokken zijn bij de eerstelijnszorg. Er werd gestreefd naar een deelname van maximum 25% andere doelgroepen dan huisartsen. Er werd besloten om de doelgroepen duidelijk af te bakenen: De afvaardiging van de huisartsen gebeurde via de huisartsenkringen, de afvaardiging van andere actoren gebeurde via de beroepsverenigingen, adviesraden of andere verenigingen. De andere deelnemers bestonden uit vertegenwoordigers van de spoeddiensten, apothekers, verpleegkundigen, tandartsen, vroedvrouwen, patiëntenverenigingen en vertegenwoordigers van rusthuizen. Er waren echter niet van alle genodigde doelgroepen vertegenwoordigers aanwezig op elke ronde tafel of in elke werkgroep. 6 Het Vlaams Patiëntenplatform had vooraf al aangegeven niet aanwezig te kunnen zijn. Om deze reden hadden zij een brief geschreven met enkele vragen omtrent de continuïteit van zorg. De standpunten uit deze brief werden in sommige werkgroepen expliciet aangehaald. Ook de Patienten Ratt und Treff heeft als reactie op de conclusies een brief geschreven om zijn standpunten uiteen te zetten. 7 Aan de ronde tafels heeft de FOD Volksgezondheid ook een posterwedstrijd verbonden. De bedoeling was om hierdoor een wetenschappelijke inbreng aan de debatten toe te voegen. De verschillende universiteiten, de centra voor de huisartsenopleiding en enkele andere betrokken actoren werden gecontacteerd met een oproep om een poster te ontwerpen binnen het kader van de thematiek van de 6 In bijlage 2 van deze samenvatting bevinden zich de lijsten met de deelnemers aan de ronde tafels. 7 Beide brieven bevinden zich in bijlage 3 5

6 ronde tafels. De winnaars van deze wedstrijd werden gekozen tijdens de afsluitende ronde tafel op 21 september. 8 De eerste plaats was voor: - Jonathan Van Bergen "Informele telefonische triage: hoe presteren secretaresses op huisartsenwachtposten in België wat betreft inschatting van de urgentie aan de telefoon?" Centrum Huisartsengeneeskunde - Universiteit Antwerpen De tweede plaats werd verdeeld onder de volgende twee posters: - Tim Dewyn Triage of 1733 after-hours calls by the emergency call centers. Katholieke Universiteit Leuven UZ Leuven. - Edmond Brasseur Algorithmes Liégeois de régulation des appels de Médecine Générale. Université de Liège Centre Hospitalier Universitaire de Liège. d. Inhoud van de debatten Voorafgaand aan de ronde tafels werd door Domus Medica en FAG een enquête gestuurd naar alle huisartsenkringen. In de voormiddag werden binnen de verschillende werkgroepen de resultaten van de enquête die betrekking hadden op het onderwerp van de werkgroep, geprojecteerd. Aangezien deze enquête niet representatief was, werden de resultaten enkel gebruikt als aanleiding voor de debatten, maar niet voor het opstellen van de conclusies in dit document. De onderwerpen van de drie werkgroepen waren: 1. Verdeling tussen eerste- en tweedelijnszorg Hoe de huisartsenwachtdiensten organiseren in coördinatie met de spoeddiensten? 2. Triage van de aanvragen Wat zijn de mogelijkheden die gecreëerd worden door de triage en door een betere verdeling van de taken tussen de huisartsen en de andere zorgverleners? 3. Kwaliteitscriteria voor de huisartsenwachtdienst Wat zijn de kwaliteitscriteria waaraan de wachtdienst moet voldoen zowel voor de patiënt als voor de zorgverleners? In elke werkgroep werd een vragenlijst verdeeld die als leidraad voor de debatten diende. 9 In elke regio werden dezelfde vragenlijsten gebruikt. In Antwerpen werd de vraagstelling niet heel precies gevolgd, de vragen werden eerder als opening van de discussie gebruikt. In Brussel en Namen werden de vragen meer precies gevolgd. Naast de vragen uit de verschillende werkgroepen werden ook drie transversale vragen gesteld die tijdens de debatten in alle werkgroepen in het achterhoofd gehouden dienden te worden: 1. Wat zijn de echte noden van de patiënten? 8 Alle posters bevinden zich in bijlage 4 9 De vragenlijsten bevinden zich in bijlage 5 6

7 2. Wat is de rol van de huisarts in de organisatie van de zorg en in hoever is hij competent om de patiënten waarvoor hij normaal niet instaat te behandelen? 3. Welke toegankelijkheid wenst men voor de zorg in België? e. Inleiding op de tekst De onderstaande tekst is een gesynthetiseerde weergave van de debatten die plaatsvonden tijdens de drie regionale ronde tafels. De debatten zijn geordend per werkgroep, binnen elke werkgroep wordt de tekst onderverdeeld in thema s. Deze thema s volgen min of meer de vragen die tijdens de debatten werden gesteld. Toch volgen ze de originele vragen niet volledig, om teveel herhaling te vermijden en om een duidelijkere onderverdeling in thema s te presenteren. Niettemin worden sommige zaken herhaald in de nota. De eerste reden hiervoor is dat in de verschillende parallelle werkgroepen dezelfde onderwerpen werden besproken. De tweede reden is dat dezelfde meningen soms herhaald werden in de verschillende ronde tafels. Deze herhaling is bedoeld om duidelijkheid te scheppen over de zaken waarover een consensus werd bereikt tussen de regio s. Ter conclusie van elke werkgroep worden de consensuspunten en verschillen tussen de regio s samengevat. Tenslotte worden de algemene conclusies gegeven. Gebruik makend van de consensuspunten die voortkwamen uit de regionale debatten zal getracht worden een antwoord te geven op de vier vragen van de Minister. 7

8 2. Samenvatting van de debatten: WERKGROEP 1: Verdeling tussen eerste- en tweedelijnszorg Antwerpen Thema 1: Taakverdeling tussen 1 ste en 2 de lijn (huisartsenwachtdienst spoeddienst) De huisartsen zijn niet uitgerust om spoedgevallen te behandelen (ze beschikken bijvoorbeeld niet over een prioritair voertuig). De huisarts moet soms wel eerste hulp bieden in afwachting van een ziekenwagen. De inschatting van de graad van dringendheid gebeurt in de praktijk meestal door de patiënt zelf. Er worden enkele mogelijke redenen opgenoemd waarom de patiënt zich eerder tot de spoed zou wenden (indien het niet echt dringend is): hij denkt er sneller geholpen te worden, hij heeft de perceptie dat het gratis is, enz Daarom is een goede triage van belang. Daarnaast is het ook belangrijk dat de 1 ste lijn zich duidelijk profileert, en moet een duidelijke definitie komen van het profiel van de huisarts. De bevolking dient ook gesensibiliseerd (met aandacht voor culturele verschillen) te worden, zodat de patiënten weten tot wie ze zich moeten richten. Door de oprichting van wachtposten kan de zichtbaarheid van de 1 ste lijn ook verhoogd worden. Aan deze wachtposten zou een uniek oproepnummer gekoppeld moeten worden, zodat het zowel tijdens de week als het weekend duidelijk is voor de patiënt welk nummer hij moet opbellen. In Antwerpen werd een ander (progressief) model naar voor gebracht vanuit de spoeddiensten. Het houdt in dat de spoeddiensten buiten het ziekenhuis zouden treden, en er zouden huisartsen in het systeem stappen. Het zou dus een geïntegreerd systeem van wachtposten, spoeddiensten en eventueel apothekers kunnen worden. Hieraan zou een goed beheer van het (gedeeld) globaal medisch dossier gekoppeld worden. Dit systeem heeft veel voordelen: aanwezigheid van een huisarts op de spoeddienst, zichtbaarheid voor de patiënten en een verdeling van de werklast. Het betreft hier een idee dat nog verder moet worden onderzocht. Men merkt echter op dat de huisarts en de spoedarts op een totaal verschillende manier nadenken over de patiënt, het gevaar bestaat dat ze door naast elkaar te werken de patiënt op dezelfde manier gaan benaderen (wat niet wenselijk is). De samenwerking tussen de 1 ste en 2 de lijn is heel belangrijk. Men wenst geen getrapt systeem, maar eerder een geïntegreerd systeem. Brussel Een goede coördinatie tussen de spoeddiensten en de huisartsenwachtdiensten is essentieel. Ze zou meer gestructureerd moeten worden en meer gefocust op complementariteit, zodat men komt tot één 8

9 aanbod dat op elkaar is afgestemd. Er is overleg nodig tussen de huisartsenkringen en de ziekenhuizen, maar is er ook één beleidsvisie nodig, van waaruit men een verschillende lokale organisatie kan instellen naargelang de lokale noden. In Brussel zijn de spoeddiensten overbelast. Ze zijn vragende partij voor een betere samenwerking met de huisarts. Minder patiënten op spoed voor niet-dringende problemen betekent ook een besparing voor de ziekteverzekering. Men maakt een onderscheid tussen de vitale of levensbedreigende spoedgevallen en de medische spoedgevallen. De medische spoedgevallen betreffen niet-geprogrammeerde noden, die de behandelende huisarts moeilijk of niet kan inpassen in zijn planning. Het zijn de dringende situaties die specifiek aan de huisartsgeneeskunde toebehoren. In Brussel stellen deze noden zich ook overdag, doordat er veel patiënten geen vaste huisarts hebben. De zichtbaarheid van de huisarts is een aandachtspunt en heeft specifieke actie nodig. Men stelt enkele maatregelen om de zichtbaarheid te verbeteren en om ervoor te zorgen dat de patiënt zich tot de juiste dienst richt: Er zou een betere registratie kunnen gebeuren van de patiënten zodat men de patiënten die een fout gebruik maken van het zorgaanbod kan identificeren. Zoekmachines voor een huisarts in de buurt. Groepspraktijken Verplichting van een doorverwijzing naar de huisarts door de spoeddiensten (enkel doenbaar als er zich een huisarts in de buurt bevindt) Er wordt geopperd dat de ontoegankelijkheid van de 1 ste lijn misschien enkel zo waargenomen wordt, dat ze te wijten is aan een bepaalde mentaliteit van de patiënt van het consumentisme (alles onmiddellijk). Indien dit zo is moet men proberen dit valse gevoel te beïnvloeden, door de opvoeding van de patiënt, de communicatie aan de bevolking, sensibilisering op het niveau van de ziekenhuizen, enz Men moet ook zorgen voor een versterking van de capaciteit van de huisartsen. Het aantal complexe patiënten stijgt, en deze vragen veel meer tijd en aandacht. In Brussel is er daarenboven een grote groep kwetsbare patiënten. Namen Consensus: Men is het erover eens dat de huisarts niet uitgerust is en niet verantwoordelijk is voor het behandelen van vitale spoedgevallen. Men merkt wel op dat in sommige gebieden de huisarts eerder ter plaatse zal zijn dan de ziekenwagen. De samenwerking met de spoeddiensten is noodzakelijk en de interventietermijn van de hulpdiensten moet snel en efficiënt zijn op het volledige Belgische grondgebied. Er is een verschil tussen wat de huisarts wenst en wat de patiënt nodig heeft. Bovendien is elke patiënt gelijk voor de wet. De bedoeling is dus om het geschikte medische antwoord op het probleem van de patiënt te vinden. Triage is hiervoor van fundamenteel belang. 9

10 De oplossing moet lokaal zijn, aangepast aan lokale problemen. Er moet met andere woorden rekening gehouden worden met regionale verschillen. In Namen wordt gesproken over de prioritaire bezoeken (te onderscheiden van de vitale spoedgevallen), die tot de huisartsgeneeskunde blijven behoren tijdens de afterhours. Men benadrukt dat de huisarts en niet de patiënt moet bepalen welke gevallen prioritair zijn. Gezien het beperkt aantal oproepen in bepaalde zones zou het wenselijk zijn om fusies aan te gaan, maar men moet constateren dat bepaalde artsen in kleinere zones dit weigeren. Er dient ook te worden onderstreept dat de huisartsen één bepaalde categorie actoren naast andere actoren zijn die kunnen beantwoorden aan de behoeften van de patiënten. Alle specialiteiten zouden 24u/24 beschikbaar moeten zijn. Het delen van het dossier van de patiënt is cruciaal, zowel voor de huisarts als voor de spoeddienst. Het gedeeld medisch dossier moet gepromoot worden. Antwerpen Thema 2: Permanentie versus continuïteit van zorg (nachtdienst nuit noire ) Men is het erover eens dat de huisartsenwachtdienst de hele nacht door moet verzekerd zijn. Dit vooral omdat de huisarts verantwoordelijk blijft voor een bepaalde groep patiënten (palliatieve patiënten, RVT, patiënten die niet mobiel zijn ). Men denkt wel dat een deel van het werk overgeheveld zou kunnen worden naar de spoeddiensten, of dat er een integratie kan gebeuren tussen de huisartsenwachtdienst en de spoeddiensten. Men vraagt zich wel af wat er tegenover een continue beschikbaarheid van de huisarts staat: een betere vergoeding? De plichten en verantwoordelijkheden van de patiënten worden hier ook benadrukt. Brussel Men vindt dat de huisarts verantwoordelijk is voor de zorg aan de eigen patiënten. Dit is vooral van belang bij complexe patiënten, die een goede opvolging vereisen. Hiertoe behoren ook de niet geprogrammeerde zorgen tijdens de weekdagen. De meerwaarde van de huisarts is Multi-pathologie, de huisarts is niet graag dispensarium of polikliniek (werd gedefinieerd als ik zie de patiënt slechts één keer voor een acute pathologie en zie hem daarna niet meer terug ). Voor wat betreft de niet-geprogrammeerde zorgen tijdens de afterhours is er dus een permanentie nodig. In Brussel is er echter ook een bepaald deel van de bevolking dat nood heeft aan een permanentie overdag, door de specifieke kenmerken van de Brusselse bevolking (een groot aantal patiënten zonder behandelende huisarts, het grote aantal patiënten dat zich bij de spoed aanbiedt met een niet-dringend probleem, dit door culturele verschillen of door financiële aspecten ) Men opteert eerder voor het gebruik van de spoed tijdens de nuit noire, ter vervanging van de vaste wachtdienst (in de wachtpost). De mobiele wachtdienst echter moet zeker behouden blijven, vooral 10

11 voor de patiënten die continue zorg nodig hebben en zich niet kunnen verplaatsen (palliatieve patiënten, Rusthuizen, ). Dit aanbod zou ook anders georganiseerd kunnen worden (bijvoorbeeld door het inzetten van verpleegkundigen). Daarenboven moet men de sociale taxi (verplaatsing van de patiënt) bevoordelen boven de verplaatsing van de huisarts. Namen Aangezien de vitale spoedgevallen niet aan de huisarts toebehoren wordt geopperd dat de huisarts niet verantwoordelijk is voor de nuit noire. De lokale kenmerken moeten in aanmerking genomen worden, elke kring is verantwoordelijk voor het beheer van zijn eigen wachtdienst (en om bijvoorbeeld overeenkomsten met ziekenhuizen af te sluiten) in functie van deze specifieke kenmerken. De huisartsenwachtdienst s nachts moet gereserveerd zijn voor bepaalde patiënten die continue zorg nodig hebben. De continuïteit van zorg die meer specifiek is aan de huisartsgeneeskunde (de zorg voor bepaalde groepen patiënten, zoals daar zijn palliatieve patiënten en patiënten in rusthuizen) moet verzekerd kunnen blijven worden door de huisarts zonder gebruik van de 2 de lijn. Hiervoor is een effectieve triage nodig. Er is ook nood aan een handleiding voor het verzorgen van de zorgen in de rusthuizen. Ten slotte is er, vooral voor de behandeling van palliatieve patiënten, nood aan een goed onderhouden en duidelijk medisch dossier beschikbaar bij de patiënt thuis. Er dient dus een zorgcontinuïteit voorzien te worden voor bepaalde groepen patiënten (palliatieve patiënten, patiënten in rusthuizen, bedlegerige patiënten). Hiervoor dient echter een optimale samenwerking met het verpleegkundig personeel van de rusthuizen en een beheerprotocol voor de meest voorkomende problematieken voorzien te worden. Men is voorstander van de aanwezigheid van een huisarts die 24u/24u mobiliseerbaar is, op voorwaarde dat er een kwaliteitsvolle triage is, dat de omkaderingsnormen tijdens de nacht herzien worden en dat er een mogelijkheid wordt gegeven dat deze taak aan professionele wachtartsen wordt overgedragen. De patiënt moet betrokken en opgevoed worden. De patiënt moet het systeem leren kennen en vertrouwen krijgen in het systeem. De mogelijkheid van telefonische consultaties komt aan bod. Dit zou een oplossing zijn voor vele oproepen, maar het zou wettelijk geregeld moeten worden en er zou een vergoeding voor voorzien moeten worden. Antwerpen Thema 3: Organisatie van de zorgcontinuïteit De organisatie van de zorg in steden en op het platteland is verschillend. De huisartsenkringen hebben hierin een verantwoordelijkheid. Volgens sommigen is er geen verschil qua werking of organisatie indien er veel of weinig ziekenhuizen in de buurt van een wachtpost liggen. Toch lijkt het volgens anderen relevant om een wachtpost in de buurt van een ziekenhuis te bevoordelen. Een voordeel van een wachtpost in de buurt van een 11

12 ziekenhuis is de herkenbaarheid. Een doorverwijzing van de spoeddienst naar de huisarts moet ook mogelijk zijn. In deze context vindt men het vooral belangrijk dat er afstand genomen wordt van het concurrentiemodel tussen spoedgevallen en huisartsenwachtdienst. Het zijn twee verschillende diensten die zich apart moeten profileren. Kringen die ervoor kiezen om geen wachtpost op te richten moeten erop toezien dat het wachtdienstsysteem even performant is. Het idee wordt geopperd om een wachtapotheek te koppelen aan een wachtpost, naar het voorbeeld van Nederland. Er zou geëvolueerd worden naar een geïntegreerd model van wachtposten, spoeddiensten en wachtapotheken buiten de ziekenhuizen. Dit idee werd niet met algemene consensus aanvaard. Brussel Men is het erover eens dat de context heel belangrijk is: kenmerken van de bevolking, van het territorium, enz... Het is duidelijk dat de situatie in Brussel helemaal anders is dan die op het platteland. Het aantal en de ligging van de ziekenhuizen zijn een belangrijke factor voor de inplanting van de wachtposten. De inplanting van de wachtposten dicht bij de ziekenhuizen is logisch, want zo wordt deze locatie een verzamelpunt voor de patiënten die men moet vangen op het niveau van de 1 ste lijn. Hierbij moet wel een onafhankelijkheid van 1 ste ten opzichte van 2 de lijn blijven bestaan, en er moet ook een coördinatie zijn tussen beide. Men heeft hier echter twee opmerkingen bij: 1. De wachtposten die overdag de permanentie voorzien moeten aan andere criteria voldoen. 2. De locatie van de ziekenhuizen is niet de enige bepalende factor, wachtposten in zones met een hoge bevolkingsdichtheid zouden ook aangespoord moeten worden. Wachtposten bieden een meerwaarde door een vermindering van het aantal huisbezoeken en een betere zichtbaarheid van de 1 ste lijn. Men acht het bestaan van verschillende modellen binnen dezelfde stad als te vermijden, omdat de mobiliteit tussen wijken heel groot kan zijn. Er is nood aan een coherent model, ontwikkelen van een gemeenschappelijke visie. Namen Bij de organisatie van een wachtdienst dient rekening gehouden te worden met de semi-rurale, rurale en stedelijke specifieke kenmerken. Bepaalde regio s hebben een dichtheid van ziekenhuizen die legitimeert dat ze de wachtposten niet in de buurt van een ziekenhuis worden geplaatst. In andere regio s daarentegen betekent de nabijheid van 12

13 een ziekenhuis een meerwaarde, met het oog op de zichtbaarheid, de toegang, het beheer van de ernstige gevallen. De huisartsenkringen zijn het best geplaatst om de wachtpost optimaal te organiseren. Ze moeten autonoom kunnen handelen. Antwerpen Discussiepunten buiten de thema s Men vraagt zich af of de spoeddiensten/ziekenhuizen vragende partij zijn om in een systeem van triage te stappen (en bijgevolg minder patiënten te ontvangen), immers, hoe meer patiënten hoe meer inkomsten. Van de deelnemers van de 2 de lijn komt het antwoord dat er geen enkele druk is vanuit het ziekenhuis om zoveel mogelijk prestaties uit te voeren. Er is geen ambitie van de spoedgevallen om de taak van de huisarts over te nemen, maar als de druk te hoog is tijdens de afterhours is men bereid te spreken over de integratie van de huisartsenwachtdienst in de spoed. Er worden enkele criteria opgenoemd in verband met professionele wachtartsen: Ten eerste moet een wachtarts ook een huisarts zijn om zo een betere voeling te hebben met de basis. Aanvullend bouwt een huisarts ervaring op waardoor hij/zij de situatie beter kan inschatten. Ten tweede moet de taak van een wachtarts binnen een wachtpost duidelijk worden omschreven. Is de wachtpost een verlenging van de huisartsenpraktijk of bestaat de taak van een wachtpost enkel uit het oplossen van dringende zaken? Het is belangrijk dat die arts een affiniteit heeft met de plaatselijke bevolking maar ook dat hij/zij over de juiste competenties beschikt. In een wachtpost in Gent, bijvoorbeeld, moet een externe arts eerst een stage doen. Brussel Een van de specifieke problemen in Brussel is de overmaat aan patiënten die zich aanmelden bij de spoed en die er niet thuishoren, zowel overdag als s nachts en tijdens het weekend. Er wordt extra aandacht besteed aan het onderscheid tussen de wachtdienst overdag en de wachtdienst s nachts en in het weekend. In Brussel wordt momenteel een wachtdienst overdag georganiseerd. De wachtdienst tijdens het weekend en op feestdagen wordt gezien als een aanvulling op de basisprestaties van de huisarts, die de continuïteit van de zorg voor de chronische patiënten en een referentie voor meer acute pathologieën toelaat. De wachtdienst overdag daarentegen is een dubbel van de dagelijkse activiteiten van de huisartsgeneeskunde, want ze is gelijklopend met de gewone uren van de dagelijkse consultaties. Deze wachtdienst overdag blijkt momenteel noodzakelijk te zijn gezien de specifieke Brusselse context (een groot deel van de bevolking heeft geen behandelende huisarts, een groot deel van de bevolking richt zich rechtstreeks tot de 2 de lijn ). Men vindt de wachtdienst overdag een aanvaardbaar antwoord op deze problematiek, maar men moet zich absoluut inspannen om de factoren die tot deze situatie leiden te verminderen, en om de situatie op lange termijn te keren. 13

14 Men dient specifieke aandacht te besteden aan patiënten buiten het systeem (kwetsbare patiënten, die niet aangesloten zijn bij een ziekenfonds ). Er zouden sociale assistenten naast de huisarts in de wachtpost geplaatst kunnen worden om de toetreding tot hun rechten te vergemakkelijken. Hierdoor wint de huisarts tijd om zich te concentreren op de consultaties. (Rol van de lokale overheden? Duidelijkere link met de OCMW s) Men zou het uniek oproepnummer overdag, kunnen transformeren in een inlichtingendienst eerder dan het dezelfde functies te geven als s avonds en tijdens het weekend (toch blijven er dan de noden van de huisbezoeken voor de personen die zich niet kunnen verplaatsen, of degenen in de rusthuizen en de palliatieve zorg). Iedere huisarts in Brussel zou wacht moeten doen. Verplichte deelname aan de wachtdienst is nodig. Wachtdienst door verpleegkundigen lijkt moeilijk, verpleegkundigen zouden wel ingezet kunnen worden bij triage van de oproepen. Taakverdeling 1 ste en 2 de lijn (thema 1) Consensus: Overeenkomsten en verschillen tussen de regio s 1. Binnen het zorgsysteem hebben de huisartsenwachtdiensten en de spoeddiensten een eigen specifieke rol te vervullen. De huisarts kan niet instaan voor vitale spoedgevallen. Er bestaan wel dringende gevallen die specifiek aan de huisartsgeneeskunde toebehoren. 2. Er is nood aan een betere samenwerking en coördinatie tussen de 1 ste en de 2 de lijns-zorg. Het zijn twee verschillende diensten die zich apart moeten profileren, er mag geen concurrentie zijn tussen de diensten. 3. De patiënt is in de huidige context niet altijd in staat om een inschatting te maken van welke zorg hij nodig heeft. Voor het correct gebruik van de wachtdienst en de spoeddienst is er nood aan een duidelijkere taakomschrijving en profilering van de 1 ste en de 2 de lijn. De zichtbaarheid van de 1 ste lijn dient verbeterd te worden. Er worden twee hulpmiddelen voorgesteld: triage en een sensibilisering van de bevolking. Verschillen en uitbreidingen: 1. De dringende gevallen die toebehoren aan de huisarts worden op verschillende manieren gedefinieerd: In Brussel wordt gesproken over de medische spoedgevallen. De medische spoedgevallen betreffen de niet-geprogrammeerde noden die de huisarts niet kan inplannen in zijn agenda. In Vlaanderen haalt men aan dat de huisarts soms eerste hulp moeten bieden in afwachting van een ziekenwagen. In Wallonië spreekt men over prioritaire bezoeken die tot de huisartsgeneeskunde blijven behoren tijdens de afterhours. Men benadrukt dat het de huisarts is die bepaald welke gevallen prioritair zijn, en niet de patiënt. 14

15 2. Voor wat betreft het verbeteren van de zichtbaarheid van de 1 ste lijn worden in Vlaanderen ook wachtposten en een uniek oproepnummer (dat zowel tijdens de week als in het weekend hetzelfde is) voorgesteld als oplossing. In Brussel worden de volgende maatregelen voorgesteld het verbeteren van de zichtbaarheid en om de patiënten aan te sporen tot het gebruik van de juiste dienst: een betere registratie van de patiënten, zoekmachines voor huisartsen, groepspraktijken en een verplichte doorverwijzing van de spoeddienst naar de huisarts. Continuïteit vs. permanentie van zorg (thema 2) Consensus: 1. De continuïteit van zorg behoort tot de taken van de huisartsgeneeskunde. Deze continuïteit is vooral belangrijk voor een bepaalde groep patiënten met specifieke zorgen (palliatieven, chronisch zieken, niet-mobiele patiënten, bejaarden in ziekenhuizen, enz ) 2. De vraag wordt overal gesteld hoe de huisartsgeneeskunde zal voldoen aan de opdracht van continuïteit van zorg tijdens de afterhours, en dan vooral tijdens de nacht. Iedereen is het erover eens dat de wachtdiensten een zware last zijn voor de huisartsen en dan vooral s nachts, en dat er maatregelen nodig zijn om ze te verlichten. Verschillen en uitbreidingen: 1. In Vlaanderen is men van mening dat de huisartsenwachtdienst de hele nacht door moet verzekerd zijn. Toch vindt men dat een deel van de huidige oproepen niet aan de huisarts toebehoort en kan overgeheveld worden naar de spoeddiensten. Men vraagt ook een betere financiering voor de continue beschikbaarheid van de huisarts. 2. In Brussel vindt men dat er een permanentie noodzakelijk is voor de niet-geprogrammeerde zorgen of medische spoedgevallen, die specifiek aan de huisartsgeneeskunde toebehoren. Men vindt dat deze permanentie tijdens de nuit noire ook voorzien zou kunnen worden door de spoeddiensten, ter vervanging van de zittende wacht in de wachtpost. Voor de specifieke groep patiënten die zich niet kan verplaatsten dient wel een andere oplossing te worden gezocht: De mobiele wachtdienst kan behouden blijven, er kan een sociale taxi worden ingezet, er kunnen verpleegkundigen worden ingezet. 3. In Wallonië is men van mening dat de huisarts niet perse verantwoordelijk is om de permanentie te voorzien tijdens de nuit noire. De onafhankelijkheid van de huisartsenkring om zich te organiseren wordt benadrukt. Net zoals in Brussel vindt men dat de continuïteit van zorg voor de specifieke groep patiënten blijven voorzien moet worden. Men stelt oplossingen voor die het werk tijdens deze periode kunnen verlichten: Er is een effectieve triage nodig, er is een optimale samenwerking met het verpleegkundig personeel van de rusthuizen nodig, men is voorstander van het delegeren van taken aan professionele wachtartsen, er zou een wettelijke omkadering en een vergoeding voorzien moeten worden voor telefonische consultaties. 15

16 Praktische organisatie van de zorg (thema 3): Consensus: 1. Er dient aandacht te zijn voor de specifieke kenmerken van het territorium bij de organisatie van de zorg (verschil tussen stad en platteland). De huisartsenkringen zijn goed geplaatst om aan deze specifieke noden te beantwoorden. 2. Men ziet meerdere voordelen als een wachtpost naast een ziekenhuis wordt ingericht, of als er een zich of meerdere ziekenhuizen in de buurt van een wachtpost bevinden: De zichtbaarheid, gemakkelijke doorverwijzing van de 1 ste naar de 2 de lijn en omgekeerd. Dit zou echter geen bindend criterium mogen zijn, de kringen dienen hun onafhankelijkheid te behouden bij de oprichting van een wachtpost. Verschillen en uitbreidingen: 1. In Brussel heeft men twee opmerkingen bij de inplanting van wachtposten: De wachtposten die overdag de permanentie verzorgen moeten aan andere criteria voldoen dan de wachtposten tijdens de afterhours. Naast de inplanting van wachtposten bij ziekenhuizen zouden wachtposten in gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid ook aangemoedigd moeten worden. 2. In Vlaanderen vindt men dat de kringen vrij zijn te kiezen voor een wachtpost of niet, maar de kringen die ervoor kiezen om geen wachtpost op te richten moeten erop toezien dat de organisatie van de wachtdienst even performant is. Extra discussiepunten - In alle regio s wordt het belang van een goed onderhouden gedeeld medisch dossier benadrukt, zowel voor de 1 ste als voor de 2 de lijn. - In Vlaanderen wordt een nieuw model naar voor gebracht: De spoeddiensten zouden buiten het ziekenhuis kunnen treden en er zouden ook huisartsen kunnen meewerken. - Het idee wordt geopperd om een wachtapotheek te koppelen aan de wachtpost. - Er worden enkele criteria voor een professionele wachtarts opgenoemd. - In Brussel vermeldt men als meerwaarde van wachtposten: een vermindering van het aantal huisbezoeken en een betere zichtbaarheid van de 1 ste lijn. - Het is noodzakelijk om een coherent model en een gemeenschappelijke visie te ontwikkelen. - Er wordt extra aandacht besteed aan de wachtdienst overdag. - Er is nood aan specifieke aandacht voor de grote groep kwetsbare patiënten in Brussel. - De wachtdienst laten uitvoeren door verpleegkundigen lijkt moeilijk, maar verpleegkundigen zouden wel kunnen ingezet worden bij triage. - In Wallonië wordt sterk benadrukt dat er aandacht moet zijn voor lokale kenmerken en verschillen. 16

17 - Men is van mening dat specialisten ook 24u / 24u beschikbaar zouden moeten zijn, de huisarts is slechts één bepaalde zorgverlener die kan beantwoorden aan de noden van de patiënten. - Gezien het beperkt aantal oproepen in bepaalde zones zou het wenselijk zijn om fusies aan te gaan, maar men moet constateren dat bepaalde artsen in kleinere zones dit weigeren. 17

18 WERKGROEP 2: Triage van de aanvragen Antwerpen Thema 1: Triagesysteem en kenmerken Triage is nodig, maar het moet op een hoger niveau georganiseerd worden dan op het niveau van de wachtposten, met voldoende opgeleid personeel die er de nodige tijd voor heeft. In Nederland kent men een systeem van zorg op maat (in plaats van zorg op vraag) en is de triage goed ingericht. Een triagesysteem heeft namelijk weinig zin wanneer iedereen zomaar de wachtposten en spoeddiensten kan binnenlopen. Indien men in België wil evolueren van een zorg op vraag naar een zorg op maat, moet de toegang tot de zorg worden geregeld. Kortom: de patiënt duidelijk informeren over wie, wat, waar en wanneer. Hierbij moet er ook aandacht zijn voor anderstaligen en mensen van vreemde origine. In Antwerpen vertrekt men in deze werkgroep van een presentatie van het bestaande project HA-DISP in Brugge. Hieruit bleek dat men nood heeft aan een antwoord op de volgende vragen: - De dispatching: vroeger was de dispatcher (=telefonist) een personeelslid van de stad (convenant met de FOD volksgezondheid) en was er ter plaatse een verpleegkundige FOD die meekeek met de telefonist. Sinds 2012 creatie van de functie medisch directeur. Een spoedarts werd aangesteld als directeur om telefonisten aan te sturen. De relatie met de telefonist is moeilijk want hij/zij heeft verschillende bazen. Wat is de relatie van de telefonist met de huisartsenkring? Wat is de precieze functie van de huisartsenkring in het geheel? Wat is de taak van de medisch directeur? - Wat is het juridisch kader van de medische protocollen? Ze werden wetenschappelijk gevalideerd, maar wat nu verder? Is een handtekening van de minister nodig voor de protocollen? De huisartsprotocollen moeten geïntegreerd worden in de urgentie protocollen. - Is het onthaalpersoneel juridisch beschermd? - De scholing van de telefonisten: het is moeilijk mensen te vinden die makkelijk met medische protocollen werken. Een beetje medische scholing en opleiding is noodzakelijk. Zij worden weinig betaald. Brussel De triage lijkt een onmisbaar middel in de evolutie en de vooruitgang van de huisartsgeneeskunde. Een triage zou bovenaan de ladder moeten staan, zodat ze toegang biedt tot het volledige zorgaanbod. Daardoor komen enkel de patiënten de huisartsgeneeskunde toebehoren ook effectief bij de huisarts terecht. Door een goede triage beantwoordt men aan de noden van de patiënt: zijn specificiteit, zijn pathologie (acuut en complex). Model van de patiënt in het centrum. 18

19 Belang van coherentie: de huisartsenwachtdienst moet coherent zijn, maar er is ook nood aan een coherente coördinatie van de 1 ste en 2 de lijns-zorg. Een kwaliteitsvolle triage houdt een opvolging van alle oproepen in, een opvolging van de opleiding voor de actoren in het systeem (telefonisten, opzichters ) Het is duidelijk dat er zonder een duidelijk en precies wettelijk kader en aangepaste financiering, moeilijk een coherente structuur op poten kan gezet worden. Een wettelijk kader en wettelijke informatie is belangrijk: - Voor wat betreft de verantwoordelijkheden (bijv. verplichting om zich te verplaatsen tegenover telefonisch advies) - Voor wat betreft opleiding en protocollen - Voor wat betreft bevolkingsquota / professionele wachtartsen De financiering is van belang: - Voor een goede motivatie van de huisartsen. - Voor een kwaliteitsvolle opleiding en een evaluatie van die kwaliteit. - Voor een adequate opleiding en aangepaste informatie die het juiste publiek bereikt. - Om de problematiek van de spoedgevallen en huisartsenwachtdienst in zijn geheel aan te pakken. Namen De zware druk die weegt op de wachtdiensten valt te verklaren doordat men dient te beantwoorden aan de vraag van de patiënten en niet aan hun behoeften. Triage is het enige middel om de wachtdienst leefbaar te maken. Met een triagesysteem kan de patiënt niet meer zelf kiezen tot welke dienst hij zich richt. Een goede triage kan slechts gebeuren als er nauwkeurige criteria worden bepaald. De criteria dienen niet hetzelfde te zijn s nachts en overdag, en er dient rekening te worden gehouden met de lokale specifieke kenmerken. Een triage is niet hetzelfde als de diagnose die een arts stelt. Met een triage wordt er een klassering doorgevoerd op basis van de urgentiegraad. Voor de artsen is het moeilijk om een triage door te voeren. De oproepen dienen te worden geregistreerd. Het 1733-model is de enige oplossing. Deze triage is zeer belangrijk voor de coördinatie tussen de eerste en de tweede lijnszorg. De kosten van een triagesysteem lopen hoog op indien de huisarts van wacht zelf de triage doorvoert, omdat de huisarts verantwoordelijk is voor kleine zones. Triage betekent een verhoging van de veiligheid van de arts, want de oproepen worden geregistreerd, er is een stevige medisch-gerechtelijke basis. 19

20 Antwerpen Thema 2: Verantwoordelijkheid en protocollen De triage moet op een hoger niveau gebeuren dan de wachtpost of huisartsenpraktijk. Er wordt geopteerd voor het provinciale niveau en meer bepaald binnen de provinciale geneeskundige commissie dringende geneeskundige hulp. Er stelt zich een probleem met de protocollen die zich op federaal/vlaams niveau bevinden, omdat ze niet kunnen aangepast worden aan de lokale omstandigheden. Het is bijvoorbeeld niet nodig om overal een wachtpost te hebben. In Antwerpen wordt niet uitgebreid ingegaan op de ideale protocollen, aangezien men vertrekt van de huidige situatie en de bestaande protocollen. Men vermeldt dat er nood is aan een opvolging en een permanente evaluatie van de protocollen. Er ontbreekt een juridisch kader om de protocollen te gebruiken. Brussel De triage dient te gebeuren onder verantwoordelijkheid van de Staat, maar elke kring moet een rol spelen in de aanpassing van de triage in functie van de specificiteit van de zone. De protocollen moeten op federaal niveau worden voorbereid, maar moeten via de kring kunnen aangepast worden aan de specifieke kenmerken van de zone. Dit punt is heel belangrijk voor de Brusselse zone. De kringen zijn goede structuren door hun expertise, reflectie en ervaring van hun zone. Namen De wachtdienst wordt georganiseerd door de huisartsenkringen, maar onder de verantwoordelijkheid van de Staat. Voor de triage is de overheid verantwoordelijk. De algoritmen worden in samenwerking met de huisartsenkringen opgesteld. Er dienen twee soorten protocollen te zijn, met name de lokale beheerprotocollen (=manier om de patiënt door te verwijzen) en de nationale klinische protocollen (=identificatie van het probleem en urgentiegraad). Er dienen dus algemene algoritmen, maar met lokaal gedefinieerde acties te bestaan. De lokale aanpassing verloopt via de huisartsenkringen. De protocollen moeten worden opgesteld in overeenstemming met de Belgische gids voor de medische regulatie. De redactie van de protocollen dient in een multidisciplinair team te gebeuren, met medewerking van academische overheden, verpleegkundigen, artsen en patiënten Er is een nationale validatie noodzakelijk om de verantwoordelijkheden vast te stellen. Deze protocollen moeten worden geofficialiseerd zoals de 112-protocollen. Men vindt dat deze materie niet kan worden gedefederaliseerd. 20

21 Antwerpen Thema 3: Profielen binnen het triagesysteem De functie van de telefonist moet duidelijk worden omschreven alsook de relatie met de huisartsenkringen. Vandaag de dag wordt de telefonist aangestuurd door de medisch directeur. Wanneer het gaat over het profiel van telefonist, wordt er vooral benadrukt dat hij/zij praktijkervaring moet hebben in de medische sector (verpleegkundigen 50+, medische secretaressen, enz.). De opleiding moet bestaan uit een bijscholing van 30 uur rond de protocollen. Er ontbreekt een juridisch kader om de positie van de telefonist te beschermen. Als ideale profiel van de telefonist noemt men verpleegkundigen, maar ook (medische) secretaressen of ambulanciers. De ervaring is belangrijk. De opvolging van de triage kan op verschillende manieren gebeuren: door een referentie-arts ter plaatse, door een validatie achteraf of door een evaluatiecommissie. Het moet mogelijk zijn om de validatie achteraf elektronisch te doen. Voor een telefonist is het belangrijk om feedback te krijgen. Dit wordt reeds gedaan door de huisartsen maar niet door de spoeddiensten, waardoor veel informatie verloren gaat. Brussel De telefonisten dienen een adequate opleiding te krijgen, specifiek over triage en gecentreerd op het medische. De basisopleiding is van de telefonisten is hierbij niet van belang. Het is belangrijk om telefonisten te hebben die vaardigheden hebben opgedaan (niet zozeer de achtergrond is belangrijk, het kan een oudere arts zijn, een onthaalbediende of een telefonist). Het gebruik van een goede procedure en van goede protocollen is belangrijk. Namen De triage moet worden verricht door een opgeleide persoon teneinde de patiënten op basis van algoritmen zo goed mogelijk door te verwijzen. De triage door een verpleegkundige die over een titel beschikt is een duidelijk pluspunt. De aangestelden voor de triage moeten worden gesuperviseerd door opgeleide verpleegkundigen ter Een referentiearts kan ook beschikbaar zijn op afstand of ter plaatse. Antwerpen Thema 4: Doorverwijzing van de spoed naar de huisarts en omgekeerd Het moet mogelijk zijn om in de spoeddiensten aan triage te doen op basis van dezelfde bestaande protocollen. Indien nodig, kan een patiënt worden teruggestuurd naar de huisarts. De triage zou vroeg in de hulpvraag moeten plaatsvinden namelijk nog voor de patiënt op de spoeddienst of wachtpost staat. Het triagesysteem is noodzakelijk tijdens de wachtdienst maar kan ook overdag gebeuren. 21

22 Brussel De doorverwijzing van de oproepen van de huisartsenwachtdienst naar de spoeddienst zou op dezelfde manier moeten gebeuren als omgekeerd. Men verwacht echter dat er in de toekomst nog heel zelden een dergelijke doorverwijzing zal moeten gebeuren (met een centrale triage die het volledige aanbod overspant, met een evolutie van de bevolking door aangepaste informatie ) Namen Men moet voorzien dat de doorverwijzing van de oproepen van de 112 naar de huisarts op dezelfde manier zou kunnen gebeuren als de doorverwijzing van de oproepen van de huisarts naar de DGH. De 112 zou ook gebruik moeten maken van de 1733-protocollen teneinde te triëren naar de huisartsengeneeskunde. Momenteel is het volgens de deelnemers zo dat de spoedgevallendiensten op zichzelf functioneren, ze verwijzen nooit door naar de huisartsenwachtdienst zelfs al bestaat er een wachtpost bij het ziekenhuis. De redenen zijn van financiële aard. Het ziekenhuis dient de gevallen van de huisartsengeneeskunde door te verwijzen naar de huisarts en niet naar een specialist. Thema 5: Multidisciplinaire wachtdiensten en rol van verpleegkundigen in de zorgcontinuïteit Antwerpen Men staat open voor multidisciplinaire wachtdiensten, met bijvoorbeeld verpleegkundigen. Men vindt het niet nodig dat er een aparte parallelle wachtdienst van pediaters ingericht wordt: deze zouden zich beter (verplicht) aansluiten bij de wachtdienst in de ziekenhuizen. Verpleegkundigen spelen momenteel al een rol in de zorgcontinuïteit. Als er een contact plaatsvindt met een verpleegkundige moet er geen validatie van deze consultatie zijn door de huisarts achteraf, maar wel op voorhand (door het gebruik van protocollen). Verpleegkundigen kunnen parameters opvolgen en bij afwijking de arts van wacht bellen. Er moet wel gelet worden op de kwaliteit van de opleiding van deze verpleegkundigen. Verpleegkundigen kunnen ingeschakeld worden voor o. a. wondzorg. Een aanpassing van de wetgeving is nodig. Brussel Om adequaat te beantwoorden aan de noden van de patiënt is het belangrijk is om een aanbod van polyvalente en multidisciplinair ploegen toe te voegen aan het aanbod van huisartsgeneeskunde. Er wordt absoluut om een multidisciplinaire samenwerking gevraagd. Verschillende beroepen zouden kunnen worden betrokken in deze samenwerking: huisartsen, vroedvrouwen, verpleegkundigen, tandartsen, apothekers Het belang van het creëren van databanken en het uitwisselen van gegevens wordt aangehaald. 22

Het project /03/2014. Situering van het project. Situering van het project 18/03/2014

Het project /03/2014. Situering van het project. Situering van het project 18/03/2014 Het project 1733 18/03/2014 2 Situering van het project Debatten rond oneigelijk gebruik van spoedgevallen, Huisartsen wachtdiensten steeds moeilijker te organiseren. Vooral Nacht en WE 3 Situering van

Nadere informatie

Dr. Stefan Teughels Voorzitter WP Vlaanderen

Dr. Stefan Teughels Voorzitter WP Vlaanderen Dr. Stefan Teughels Voorzitter WP Vlaanderen De pro en contra s van een wachtpost Moeilijkheden en uitdagingen Mogelijkheden van Wachtposten (in) Vlaanderen Dalend aantal artsen Vergrijzing makkelijker

Nadere informatie

Handleiding voor het gebruik van medische wacht- en hulpdiensten

Handleiding voor het gebruik van medische wacht- en hulpdiensten Handleiding voor het gebruik van medische wacht- en hulpdiensten Medische wacht- en hulpdiensten zijn er steeds voor mensen die medische zorgen nodig hebben. De realiteit leert echter dat men vaak niet

Nadere informatie

Afsprakenplan STREVEN NAAR MEER SAMENWERKING TUSSEN HUISARTSEN EN ZIEKENHUIZEN/SPOEDDIENSTEN

Afsprakenplan STREVEN NAAR MEER SAMENWERKING TUSSEN HUISARTSEN EN ZIEKENHUIZEN/SPOEDDIENSTEN Afsprakenplan STREVEN NAAR MEER SAMENWERKING TUSSEN HUISARTSEN EN ZIEKENHUIZEN/SPOEDDIENSTEN Samenwerking Spoed en huisartsenwachtposten: evolutie Conventie 2015: Stelde al een samenwerkingsovereenkomst

Nadere informatie

Brussel, 5 februari _Advies_Huizen_van_het_Nederlands. Advies. over het voorontwerp van decreet betreffende de Huizen van het Nederlands

Brussel, 5 februari _Advies_Huizen_van_het_Nederlands. Advies. over het voorontwerp van decreet betreffende de Huizen van het Nederlands Brussel, 5 februari 2004 020504_Advies_Huizen_van_het_Nederlands Advies over het voorontwerp van decreet betreffende de Huizen van het Nederlands 1. Inleiding Op 26 januari 2004 heeft de raad van de Vlaams

Nadere informatie

5 JULI Koninklijk besluit tot oprichting van een nationale raad voor dringende geneeskundige hulpverlening.

5 JULI Koninklijk besluit tot oprichting van een nationale raad voor dringende geneeskundige hulpverlening. 5 JULI 1994. - Koninklijk besluit tot oprichting van een nationale raad voor dringende geneeskundige hulpverlening. BS : 16-09-1994 in voege 16/09/1994 (art. 11) Gewijzigd door: KB BS in voege blz 04/07/2004

Nadere informatie

Samenwerking tussen huisartsenwachtposten en spoedgevallen in Gent

Samenwerking tussen huisartsenwachtposten en spoedgevallen in Gent Samenwerking tussen huisartsenwachtposten en spoedgevallen in Gent Huisartsenvereniging Gent, vzw HVG Dr. Bart Van de Velde, lid raad van bestuur en werkgroep wachtdiensten Huisartsen wachtdiensten Gent

Nadere informatie

Uw patiëntendossier en privacy

Uw patiëntendossier en privacy Uw patiëntendossier en privacy UZ Leuven werkt met één centraal dossier per patiënt, over alle specialisaties heen. Dit dossier is volledig elektronisch en bevat gegevens van artsen, verpleegkundigen en

Nadere informatie

Burnout bij huisartsen preventie en aanpak

Burnout bij huisartsen preventie en aanpak Burnout bij huisartsen preventie en aanpak P. Jonckheer (KCE), S. Stordeur (KCE), G. Lebeer (METICES, ULB), M. Roland (CUMG-ULB), J. De Schampheleire (TESA-VUB), M. De Troyer (METICES, ULB), N. Kacenelenbogen

Nadere informatie

UZ Leuven: zie bijlage 2 UZ Antwerpen: zie bijlage 3 UZ Brussel: zie bijlage 4

UZ Leuven: zie bijlage 2 UZ Antwerpen: zie bijlage 3 UZ Brussel: zie bijlage 4 Aanmelding voor de functie zeldzame ziekten versie d.d. 02/06/2016 validatie projectgroep d.d. 02/06/2016 goedkeuring begeleidingscomité d.d. 06/06/2016 Situering Deze procedure is gebaseerd op bestaande

Nadere informatie

Brandend actueel: Multidisciplinaire pijncentra en algologische teams. Susan Broekmans VS pijn UZ Leuven

Brandend actueel: Multidisciplinaire pijncentra en algologische teams. Susan Broekmans VS pijn UZ Leuven Brandend actueel: Multidisciplinaire pijncentra en algologische teams Susan Broekmans VS pijn UZ Leuven Overzicht Historiek Pilootprojecten Algologische functies Multidisciplinaire pijnteams Waar staan

Nadere informatie

FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu. Koninkrijk België TANDARTSEN

FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu. Koninkrijk België TANDARTSEN FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu Koninkrijk België TANDARTSEN Aanvraag erkenning als stagemeester en als stageplaats Orthodontie O Eerste aanvraag O Parodontologie O Verlenging

Nadere informatie

Praktische problemen en het niveau van oplossing

Praktische problemen en het niveau van oplossing MELDING VAN DE MEDISCHE PERMANENTIE AAN DE TERRITORIAAL BEVOEGDE PGC Wat moet zeker gemeld worden 1. Naam en voornaam (en RIZIVnummer) van de huisarts op de wachtrol zodat een eenduidige identificatie

Nadere informatie

BS Gewijzigd door: MB (BS ) HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen

BS Gewijzigd door: MB (BS ) HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen 12 NOVEMBER 1993. - Ministerieel besluit tot vaststelling van de bijzondere criteria voor de erkenning van geneesheren - specialisten houders van de bijzondere beroepstitel in de URGENTIEGENEESKUNDE, alsook

Nadere informatie

BS 31/05/2002 in voege 01/06/2002. Gewijzigd door: MB 16/01/2006 BS 10/02/2006 MB 23/03/2007 BS 05/04/2007

BS 31/05/2002 in voege 01/06/2002. Gewijzigd door: MB 16/01/2006 BS 10/02/2006 MB 23/03/2007 BS 05/04/2007 29 MAART 2002. - Ministerieel besluit tot vaststelling van de criteria voor de erkenning van beoefenaars van de tandheelkunde, houders van de bijzondere beroepstitel van algemeen tandarts BS 31/05/2002

Nadere informatie

De patiënt wil één aanspreekpunt, de huisarts lagere. werkdruk en de verzekeraar goede zorg voor het geld.

De patiënt wil één aanspreekpunt, de huisarts lagere. werkdruk en de verzekeraar goede zorg voor het geld. Discussie zorgverleners over ontwikkeling eerstelijns spoedzorg : De patiënt wil één aanspreekpunt, de huisarts lagere werkdruk en de verzekeraar goede zorg voor het geld. De inwoner van Noord-Nederland

Nadere informatie

FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU

FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU KONINKLIJK BESLUIT VAN 25 APRIL 2014 TOT DEFINIËRING VAN DE FUNCTIE, DE OPDRACHTEN EN HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE

Nadere informatie

ORGANISATIE EN FINANCIERING VAN SPOEDDIENSTEN IN BELGIË:

ORGANISATIE EN FINANCIERING VAN SPOEDDIENSTEN IN BELGIË: ORGANISATIE EN FINANCIERING VAN SPOEDDIENSTEN IN BELGIË: Aanbevelingen van het KCE-rapport KOEN VAN DEN HEEDE, CÉCILE DUBOIS, STEPHAN DEVRIESE, NATALIE BAIER, OLIVIER CAMALY, EVELINE DEPUIJDT, ALEXANDER

Nadere informatie

1. Uw profiel. Q1/3: U bent... Q2/3: U beantwoordt deze enquête als lid van een...

1. Uw profiel. Q1/3: U bent... Q2/3: U beantwoordt deze enquête als lid van een... Meer uitleg over het doel van deze enquête vindt u hier. 1. Uw profiel Q1/3: U bent... directeur, coördinator of voorzitter. administratief medewerker. arts. hoofdverpleegkundige. andere, te specifiëren:

Nadere informatie

Gewoonlijk gebeurt in uw regio (huisartsenkring voor huisartsen/territorium MBE voor MBE professionals, etc) de opvolging van...

Gewoonlijk gebeurt in uw regio (huisartsenkring voor huisartsen/territorium MBE voor MBE professionals, etc) de opvolging van... Meer uitleg over het doel van deze enquête vindt u hier. Default Question Block Q2/3: U beantwoordt deze enquête als lid van een... palliatief netwerk. multidisciplinaire begeleidingsequipe. huisartsenkring.

Nadere informatie

Is POP geschikt voor de SOLO praktijk? Kwaliteitsdag POP. Mechelen, 28 april 2012

Is POP geschikt voor de SOLO praktijk? Kwaliteitsdag POP. Mechelen, 28 april 2012 Is POP geschikt voor de SOLO praktijk? Kwaliteitsdag POP Mechelen, 28 april 2012 Voorbereiding : Marleen De Greef Invaller : Olga Van de Vloed Met de medewerking van Jan Gevers en de inbreng van alle deelnemers

Nadere informatie

Reflecties over de stand van zaken over case management thuis in België Jean Macq Thérèse Van Durme

Reflecties over de stand van zaken over case management thuis in België Jean Macq Thérèse Van Durme Reflecties over de stand van zaken over case management thuis in België Jean Macq Thérèse Van Durme Context Definitie van case management vanuit een benadering Top-down: bijv. zorgcoördinatie in het Waalse

Nadere informatie

De huisarts als nachtwinkel. Hilde Philips Zeewolde 9 april 2013

De huisarts als nachtwinkel. Hilde Philips Zeewolde 9 april 2013 De huisarts als nachtwinkel Hilde Philips Zeewolde 9 april 2013 Google afbeeldingen: WACHTPOST 2 Voting system 1. Geslacht: 1. Vrouw 2. Man 2. Ik ben momenteel werkzaam als huisarts: 1. Ja 2. Neen 3. Ik

Nadere informatie

KONINKLIJK BESLUIT VAN 10 AUGUSTUS 1998 TOT OPRICHTING VAN DE COMMISSIES VOOR DRINGENDE GENEESKUNDIGE HULPVERLENING. (B.S

KONINKLIJK BESLUIT VAN 10 AUGUSTUS 1998 TOT OPRICHTING VAN DE COMMISSIES VOOR DRINGENDE GENEESKUNDIGE HULPVERLENING. (B.S MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN, VOLKSGEZONDHEID EN LEEFMILIEU KONINKLIJK BESLUIT VAN 10 AUGUSTUS 1998 TOT OPRICHTING VAN DE COMMISSIES VOOR DRINGENDE GENEESKUNDIGE HULPVERLENING. (B.S. 02.09.1998) Gelet

Nadere informatie

BEVORDERING VAN DE COMMUNICATIE TUSSEN ZORGVERLENERS BETROKKEN BIJ DE ZORG VOOR OUDERE AFHANKELIJKE PERSONEN EINDRAPPORT - PERIODE : 2007

BEVORDERING VAN DE COMMUNICATIE TUSSEN ZORGVERLENERS BETROKKEN BIJ DE ZORG VOOR OUDERE AFHANKELIJKE PERSONEN EINDRAPPORT - PERIODE : 2007 BEVORDERING VAN DE COMMUNICATIE TUSSEN ZORGVERLENERS BETROKKEN BIJ DE ZORG VOOR OUDERE AFHANKELIJKE PERSONEN EINDRAPPORT - PERIODE : 2007 COORDINATEN VAN DE GDT : GDT van de regio: oostende Adres :Hospitaalstraat

Nadere informatie

Meerjarenplan voor het verhogen van de aantrekkelijkheid van het verpleegkundig beroep

Meerjarenplan voor het verhogen van de aantrekkelijkheid van het verpleegkundig beroep Meerjarenplan voor het verhogen van de aantrekkelijkheid van het verpleegkundig beroep Voorstelling aan de NRV - 28 augustus 2008 Laurette Onkelinx Minister van Volksgezondheid en Sociale Zaken Een ambitieus

Nadere informatie

Er is geen tekort aan huisartsen in Vlaanderen en zij zijn niet "burnt out"!

Er is geen tekort aan huisartsen in Vlaanderen en zij zijn niet burnt out! Er is geen tekort aan huisartsen in Vlaanderen en zij zijn niet "burnt out"! Het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg maakte een interessante studie over de performantie van de Belgische gezondheidszorg.

Nadere informatie

FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu. Koninkrijk België TANDARTSEN. Orthodontie O Eerste aanvraag O

FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu. Koninkrijk België TANDARTSEN. Orthodontie O Eerste aanvraag O FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu Koninkrijk België TANDARTSEN Aanvraag erkenning als stagemeester-coördinator en als universitair opleidingscentrum Orthodontie O Eerste

Nadere informatie

11 JUNI Ministerieel besluit tot vaststelling van de gemeenschappelijke criteria voor de erkenning van tandartsen-specialisten

11 JUNI Ministerieel besluit tot vaststelling van de gemeenschappelijke criteria voor de erkenning van tandartsen-specialisten 11 JUNI 2001. - Ministerieel besluit tot vaststelling van de gemeenschappelijke criteria voor de erkenning van tandartsen-specialisten BS 05/07/2001 in voege 01/06/2002 Gewijzigd door: MB 23/03/2007 BS

Nadere informatie

Coordinatie--erkenningscriteria --geneesheren-specialisten--klinische-biologie--bijzondere-criteria --MB doc

Coordinatie--erkenningscriteria --geneesheren-specialisten--klinische-biologie--bijzondere-criteria --MB doc 15 SEPTEMBER 1979. _ Ministerieel besluit tot vaststelling van de bijzondere criteria voor de erkenning van geneesheren-specialisten, stagemeesters en stagediensten voor de specialiteit van klinische biologie.

Nadere informatie

Contactnummer: Francis Vermote hoofdverpleegkundige. dr. Peter Casteleyn verantwoordelijke arts spoedgevallendienst

Contactnummer: Francis Vermote hoofdverpleegkundige. dr. Peter Casteleyn verantwoordelijke arts spoedgevallendienst spoedgevallendienst Op de spoedgevallendienst kunt u terecht voor alle dringende medische problemen. We beschikken over de nodige faciliteiten om patiënten in de meest kritische toestand op te vangen.

Nadere informatie

Advies betreffende de zichtbaarheid en de toegankelijkheid van de ombudsfuncties in de ziekenhuizen

Advies betreffende de zichtbaarheid en de toegankelijkheid van de ombudsfuncties in de ziekenhuizen FOD VOLKSGEZONDHEID, 15 12 2011 VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU --- DIRECTORAAT-GENERAAL ORGANISATIE GEZONDHEIDSZORGVOORZIENINGEN --- FEDERALE COMMISSIE RECHTEN VAN DE PATIËNT Advies betreffende

Nadere informatie

Vroedvrouwen en prenatale counseling

Vroedvrouwen en prenatale counseling Vroedvrouwen en prenatale counseling Resultaten van de crz enquête mbt counseling voor de 1 ste trimesterscreening Sindy Helsen, stafmedewerkster crz Overzicht I. Inleiding II. crz en prenatale diagnose

Nadere informatie

apotheek ziekenhuis mutualiteit SIS-kaart dringende medische hulp handicap dokter van wacht medisch centrum gezinsplanning Gezondheid

apotheek ziekenhuis mutualiteit SIS-kaart dringende medische hulp handicap dokter van wacht medisch centrum gezinsplanning Gezondheid SIS-kaart dringende medische hulp handicap gezinsplanning mutualiteit medisch centrum apotheek ziekenhuis dokter van wacht Gezondheid Ik leef in België. Heb ik recht op gezondheidszorg? In België heeft

Nadere informatie

OVERZICHT TERUGBETALING NIET-DRINGEND ZIEKENVERVOER IN VLAANDEREN HEVERLEE, NOVEMBER 2016

OVERZICHT TERUGBETALING NIET-DRINGEND ZIEKENVERVOER IN VLAANDEREN HEVERLEE, NOVEMBER 2016 OVERZICHT TERUGBETALING NIET-DRINGEND ZIEKENVERVOER IN VLAANDEREN HEVERLEE, NOVEMBER 2016 1. Context Regelmatig verschijnen in de media verhalen van patiënten die een heel hoge factuur moeten betalen voor

Nadere informatie

2.5. Opzetten van een Bijzondere Onderhandelingsgroep (BOG). Stappen

2.5. Opzetten van een Bijzondere Onderhandelingsgroep (BOG). Stappen 2.5. Opzetten van een Bijzondere Onderhandelingsgroep (BOG). Stappen 2.5.0. Inleiding over het opstarten van een BOG Opstarten van een bijzondere onderhandelingsgroep (BOG) Wetenschappelijk onderzoek en

Nadere informatie

OPROEP TOT KANDIDATEN EVALUATIE VAN HET VINCA-PROJECT. Brussel, 11 maart 2008

OPROEP TOT KANDIDATEN EVALUATIE VAN HET VINCA-PROJECT. Brussel, 11 maart 2008 FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu Cel Informatica, Telematica en Communicatie in de Gezondheidszorg Eurostation Bloc II 1ste verd. bureau 01D269 Victor Horta Plein 40/B10

Nadere informatie

Het etcs project Gestructureerde samenwerking van WoonZorgCentra met Huisartsen en Ziekenhuizen

Het etcs project Gestructureerde samenwerking van WoonZorgCentra met Huisartsen en Ziekenhuizen Het informatiseringstraject van de Vlaamse Woonzorgcentra (ewzc-programma) Het etcs project Gestructureerde samenwerking van WoonZorgCentra met Huisartsen en Ziekenhuizen Woonzorgnet Dijleland WZC Sint-Bernardus

Nadere informatie

AFSPRAKENPLAN HUISARTSEN - SPOED

AFSPRAKENPLAN HUISARTSEN - SPOED AFSPRAKENPLAN HUISARTSEN - SPOED Van Abdissen en Graafheren. MACHT? INVLOEDSSFEER? VOORDEEL SAMEN? GELD? Van Huisartsen en Ziekenhuis Herkenrode HA : 112 88 Hasselt Diepenbeek - Zonhoven JESSA Ziekenhuis

Nadere informatie

PROJECT PATIËNTGERICHTHEID BIJ ZORGINNOVATIE

PROJECT PATIËNTGERICHTHEID BIJ ZORGINNOVATIE Samenvatting PROJECT PATIËNTGERICHTHEID BIJ ZORGINNOVATIE Innovatie is een actueel thema binnen de zorg- en welzijnssector. Via zorginnovatie wil men o.a. de kwaliteit van zorg verbeteren. Patiëntgerichtheid

Nadere informatie

Dossier kandidaatstelling projectvoorstel rond bevallen met verkort ziekenhuisverblijf

Dossier kandidaatstelling projectvoorstel rond bevallen met verkort ziekenhuisverblijf Dossier kandidaatstelling projectvoorstel rond bevallen met verkort ziekenhuisverblijf Werkwijze: Bijgevoegd sjabloon is bedoeld als kandidaatstelling voor een pilootproject bevallen met verkort ziekenhuisverblijf.

Nadere informatie

Inhoud. Algologische functie in de praktijk. Annemie Van Aken verpleegkundige 4/13/2011

Inhoud. Algologische functie in de praktijk. Annemie Van Aken verpleegkundige 4/13/2011 Algologische functie in de praktijk Annemie Van Aken verpleegkundige Inhoud Taak van de algologische functie (AF) FOD begeleidingscomité - universitair onderzoeksequipe Samenstelling van de AF Project

Nadere informatie

PATIËNTEN INFORMATIE. TRIAGE op spoed

PATIËNTEN INFORMATIE. TRIAGE op spoed PATIËNTEN INFORMATIE TRIAGE op spoed Beste mevrouw, mijnheer Wanneer je je op de spoedgevallendienst aan het loket aanmeldt, zal een verpleegkundige je zo snel mogelijk opvangen. Zij zal via het triagesysteem

Nadere informatie

BIJZONDERE BEROEPSTITELS EN BIJZONDERE BEROEPSBEKWAAMHEDEN VOOR DE BEOEFENAARS VAN DE VERPLEEGKUNDE.

BIJZONDERE BEROEPSTITELS EN BIJZONDERE BEROEPSBEKWAAMHEDEN VOOR DE BEOEFENAARS VAN DE VERPLEEGKUNDE. Wettelijk kader. BIJZONDERE BEROEPSTITELS EN BIJZONDERE BEROEPSBEKWAAMHEDEN VOOR DE BEOEFENAARS VAN DE VERPLEEGKUNDE. 1) K.B. nr. 78, artikel 35ter: De Koning stelt de lijst van bijzondere beroepstitels

Nadere informatie

Een geïntegreerd zorgmodel voor abnormale moeheid: Oost-en West Vlaanderen

Een geïntegreerd zorgmodel voor abnormale moeheid: Oost-en West Vlaanderen Een geïntegreerd zorgmodel voor abnormale moeheid: Oost-en West Vlaanderen Rol van de kinesitherapeut D Hooghe Simon Axxon, Physical Therapy in Belgium CVS: Voorstel van proefproject Inleiding: 2009: KCE

Nadere informatie

Structuur van de palliatieve zorg in Vlaanderen.

Structuur van de palliatieve zorg in Vlaanderen. Structuur van de palliatieve zorg in Vlaanderen. Dr. Y. Lievens 1,2, Dr. J. Menten 1, I. Bossuyt 1, M. Depril 1. 1 Palliatief-supportteam Dienst Gezwelziekten Universitaire Ziekenhuizen K.U.Leuven 2 Correspondentieadres

Nadere informatie

Inleiding. Sabine Drieskens

Inleiding. Sabine Drieskens Inleiding Sabine Drieskens Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 50 25 E-mail : sabine.drieskens@wiv-isp.be

Nadere informatie

Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning van beoefenaars van paramedische beroepen

Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning van beoefenaars van paramedische beroepen Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning van beoefenaars van paramedische beroepen DE VLAAMSE REGERING, Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, gewijzigd

Nadere informatie

Debat: 'Apothekers aan het woord

Debat: 'Apothekers aan het woord Debat: 'Apothekers aan het woord Hoe staan zorgverleners ten opzichte van de uitdagingen in de zorgsector? Welke hervormingen zijn voor hen aan de orde? Hoe zien ze hun beroep evolueren in de toekomst?

Nadere informatie

SENIORENADVIESRAAD SINT- NIKLAAS STATUTEN

SENIORENADVIESRAAD SINT- NIKLAAS STATUTEN SENIORENADVIESRAAD SINT- NIKLAAS STATUTEN ARTIKEL 1: oprichting Op datum van 27 juni 1968 werd de Stedelijke Raad voor de Derde Leeftijd te Sint-Niklaas opgericht. Er is een hernieuwing van de statuten

Nadere informatie

vergadering C318 zittingsjaar Woordelijk Verslag Commissievergadering Commissie voor Brussel en de Vlaamse Rand

vergadering C318 zittingsjaar Woordelijk Verslag Commissievergadering Commissie voor Brussel en de Vlaamse Rand vergadering C318 zittingsjaar 2014-2015 Woordelijk Verslag Commissievergadering Commissie voor Brussel en de Vlaamse Rand van 14 juli 2015 2 Commissievergadering nr. C318 (2014-2015) 14 juli 2015 INHOUD

Nadere informatie

Versie 26april 2016 (EvA/BC/2016/FAQ-list)

Versie 26april 2016 (EvA/BC/2016/FAQ-list) Veelgestelde vragen Jeugdgezondheidszorg In deze lijst met veelgestelde vragen vindt u antwoorden op vragen rondom privacy, inzage van dossiers, etc. Staat uw vraag er niet tussen of zijn de antwoorden

Nadere informatie

Betreft de visie van de thuiszorgsector rond opname en ontslag management

Betreft de visie van de thuiszorgsector rond opname en ontslag management Aan Van ons kenmerk Gent, Partners SEL zorgregio Gent SEL Zorgregio Gent 10 januari Betreft de visie van de thuiszorgsector rond opname en ontslag management Beste, In het kader van de werkgroep zorg rond

Nadere informatie

- kiezen voor het gebruik van goede digitale informatiesystemen in de zorgpraktijk.

- kiezen voor het gebruik van goede digitale informatiesystemen in de zorgpraktijk. SAMENVATTING Het aantal mensen met een chronische aandoening neemt toe. Chronische aandoeningen leiden tot (ervaren) ongezondheid, tot beperkingen en vermindering van participatie in arbeid en in andere

Nadere informatie

Rol en statuut van de CRA. Coördinerend Raadgevend Arts. Geschiedenis. Een KB. 25 februari Dr Rudy Faelens, Cra-domus 1

Rol en statuut van de CRA. Coördinerend Raadgevend Arts. Geschiedenis. Een KB. 25 februari Dr Rudy Faelens, Cra-domus 1 Dr Rudy Faelens, Cra-domus 1 Rol en statuut van de Coördinerend Raadgevend Arts Geschiedenis 1982: Zwaar hulpbehoevende ouderen horen niet per definitie thuis in een ziekenhuis (V) RVT Aangewezen geneesheer

Nadere informatie

Observatorium voor Gezondheid en Welzijn OPERATIONEEL PLAN 2011-2014

Observatorium voor Gezondheid en Welzijn OPERATIONEEL PLAN 2011-2014 Observatorium voor Gezondheid en Welzijn OPERATIONEEL PLAN 2011-2014 1. OPDRACHTEN VAN HET OBSERVATORIUM VOOR GEZONDHEID EN WELZIJN 1.1 Wettelijke basis De opdrachten van het Observatorium staan opgesomd

Nadere informatie

INITIATIEFADVIES. Overheveling van de voorziening voor uitbetaling van de kinderbijslag in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

INITIATIEFADVIES. Overheveling van de voorziening voor uitbetaling van de kinderbijslag in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. INITIATIEFADVIES Overheveling van de voorziening voor uitbetaling van de kinderbijslag in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest 16 juni 2016 Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Nadere informatie

Studentenbrochure Mobiel Crisisteam Noolim

Studentenbrochure Mobiel Crisisteam Noolim Studentenbrochure Mobiel Crisisteam Noolim INTRODUCTIEBROCHURE VOOR STUDENTEN MOBIEL CRISISTEAM NOOLIM 1 VOORSTELLING VAN MOBIEL CRISISTEAM 1.1 Noolim Noolim - het netwerk Geestelijke Gezondheidszorg Oost-Limburg

Nadere informatie

ZELFEVALUATIE VAN DE THEMA S HOOG RISICO MEDICATIE IDENTITOVIGILANTIE

ZELFEVALUATIE VAN DE THEMA S HOOG RISICO MEDICATIE IDENTITOVIGILANTIE COÖRDINATIE KWALITEIT EN PATIËNTVEILIGHEID TWEEDE MEERJARENPLAN 2013-2017 Contract 2013 ZELFEVALUATIE VAN DE THEMA S HOOG RISICO MEDICATIE IDENTITOVIGILANTIE Sp-ziekenhuizen 1 1. Inleiding Hierna volgt

Nadere informatie

PERSONEEL IN VLAAMSE ZIEKENHUIZEN

PERSONEEL IN VLAAMSE ZIEKENHUIZEN / Archief cijfers PERSONEEL IN VLAAMSE ZIEKENHUIZEN Vlaams Gewest 2013 / 5.01.2016 5.01.2016 Personeel in Vlaamse Ziekenhuizen 1/20 GEPUBLICEERD OP: http://www.zorg-en-gezondheid.be/cijfers op januari

Nadere informatie

Betreft: Geïntegreerd inspectieverslag. Geachte Voorzitter,

Betreft: Geïntegreerd inspectieverslag. Geachte Voorzitter, Aan de Voorzitter van het OCMW van MESEN Markt 1 8957 Mesen Geïntegreerd inspectieverslag POD MI Inspectiedienst POD MI MESEN/RMID-SCP/2017 Betreft: Geïntegreerd inspectieverslag Geachte Voorzitter, Hierbij

Nadere informatie

Ja/Neen 15/10/ /10/2015: Verplichte DBR voor huisarts. Welke patiënten? Recht op Verhoogde Verzekeringstegemoetkoming

Ja/Neen 15/10/ /10/2015: Verplichte DBR voor huisarts. Welke patiënten? Recht op Verhoogde Verzekeringstegemoetkoming 1/10/2015: Verplichte DBR voor huisarts 15/10/2016 475075 101076 Welke patiënten? Recht op Verhoogde Verzekeringstegemoetkoming Welke prestaties? Consultaties + technische prestaties tijdens consultatie

Nadere informatie

OPHEFFING VAN HET SYSTEEM VAN VRIJSTELLING VAN LEERPLICHT

OPHEFFING VAN HET SYSTEEM VAN VRIJSTELLING VAN LEERPLICHT AANBEVELING 151 / 18 oktober 2016 1 OPHEFFING VAN HET SYSTEEM VAN VRIJSTELLING VAN LEERPLICHT Inhoud 1. Betrokken bevoegdheden... 1 2. Context... 1 3. Verplichtingen onder het Internationaal Verdrag inzake

Nadere informatie

RE-INTEGRATIE VAN LANGDURIG ZIEKEN

RE-INTEGRATIE VAN LANGDURIG ZIEKEN RE-INTEGRATIE VAN LANGDURIG ZIEKEN Januari 2017 Het voorbije jaar verschenen er in de media heel wat berichten over de plannen van minister van Volksgezondheid Maggie De Block en minister van Werk Kris

Nadere informatie

Gids voor pilootprojecten Frequently Asked Questions

Gids voor pilootprojecten Frequently Asked Questions Gids voor pilootprojecten Frequently Asked Questions CONCEPTUALISATIEFASE 1. Moet de projectcoördinator een «superman» zijn? Het profiel van de projectcoördinator is idealiter een creatief iemand die openstaat

Nadere informatie

6. Wachtdienstregeling. Inleiding. SUGGESTIEvragen

6. Wachtdienstregeling. Inleiding. SUGGESTIEvragen 6. Wachtdienstregeling Inleiding Huisartsen en apothekers moeten de continuïteit van zorg verzekeren, ze zijn beiden dan ook wettelijk, moreel en deontologisch verplicht om deel te nemen aan de wachtdienst.

Nadere informatie

ADVIES BETREFFENDE DE VERSTERKING VAN DE PALLIATIEVE FUNCTIE IN DE RUST- EN VERZORGINGSTEHUIZEN EN IN DE RUSTOORDEN VOOR BEJAARDEN

ADVIES BETREFFENDE DE VERSTERKING VAN DE PALLIATIEVE FUNCTIE IN DE RUST- EN VERZORGINGSTEHUIZEN EN IN DE RUSTOORDEN VOOR BEJAARDEN FOD VOLKSGEZONDHEID, Brussel, 12/11/2009 VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU DIRECTORAAT-GENERAAL ORGANISATIE GEZONDHEIDSZORGVOORZIENINGEN NATIONALE RAAD VOOR DE ZIEKENHUISVOORZIENINGEN --------

Nadere informatie

Coordinatie--erkenningscriteria--geneesheren-specialisten--Klinische-hematologie--BIJZONDERE-CRITERIA--MB-18-10- 2002.doc

Coordinatie--erkenningscriteria--geneesheren-specialisten--Klinische-hematologie--BIJZONDERE-CRITERIA--MB-18-10- 2002.doc 18 OKTOBER 2002. - Ministerieel besluit tot vaststelling van de bijzondere criteria voor de erkenning van geneesheren-specialisten, houders van de bijzondere beroepstitel in de klinische hematologie, alsmede

Nadere informatie

Federaal Plan Armoedebestrijding. Reactie van BAPN vzw. Belgisch Platform tegen Armoede en Sociale Uitsluiting EU2020 30/11/2012

Federaal Plan Armoedebestrijding. Reactie van BAPN vzw. Belgisch Platform tegen Armoede en Sociale Uitsluiting EU2020 30/11/2012 Belgisch Platform tegen Armoede en Sociale Uitsluiting EU2020 30/11/2012 Federaal Plan Armoedebestrijding Reactie van BAPN vzw BAPN vzw Belgisch Netwerk Armoedebestrijding Vooruitgangstraat 333/6 1030

Nadere informatie

Vlaamse Regering rssjj^f ^^

Vlaamse Regering rssjj^f ^^ Vlaamse Regering rssjj^f ^^ Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van ISjuli 2007 houdende de organisatie van opvoedingsondersteuning DE VLAAMSE REGERING, Gelet op de decreten

Nadere informatie

Medewerker pedagogische cel - Kwaliteitsbewaking

Medewerker pedagogische cel - Kwaliteitsbewaking Doel van de functie Medewerker pedagogische cel - Kwaliteitsbewaking De medewerker pedagogische cel coördineert ook de EVC- en EVK-procedure en ziet toe op de correcte afhandeling van de aanvragen. Ook

Nadere informatie

Screenen naar colorectale kanker in de huisartspraktijk

Screenen naar colorectale kanker in de huisartspraktijk Frans Govaerts (Domus Medica) Jessy Hoste (Domus Medica) Screenen naar colorectale kanker in de huisartspraktijk Handleiding voor de moderator Handleidingen voor Kwaliteitsbevordering Antwerpen 2014 Domus

Nadere informatie

Stuurgroep Zorgtrajecten

Stuurgroep Zorgtrajecten Aanwezig: Dr. Bossuyt Bart, Dr. Boumendil Areski, Dr. Crepel Thierry, Dr. Devriendt Ivan, Dr. Leenknegt John, Dr. Vanneste Luc, Van Den Moorter Eve (stagiair Dr. Boumendil) Verontschuldigd: Dr. Deleu Gilles,

Nadere informatie

Mogelijkheid waarbij een derde (= de mutualiteit) de rekening van de zorgverstrekker betaalt: Patiënt betaalt contant enkel remgeld Getuigschrift wordt niet meer aan patiënt gegeven, maar naar mutualiteit

Nadere informatie

Het beroep van de medisch laboratoriumtechnoloog

Het beroep van de medisch laboratoriumtechnoloog 1 Het beroep van de medisch laboratoriumtechnoloog Hanne Van Herp Secretaris Nationale Raad voor de paramedische beroepen Secretaris Commissie van beroep voor de paramedische beroepen Attaché Gezondheidszorgberoepen

Nadere informatie

Visie : Palliatieve zorgen

Visie : Palliatieve zorgen Indien op een gegeven ogenblik een curatieve therapie geen hulp meer brengt en de mens zich geconfronteerd ziet met het onvermijdelijke, wordt hij bevangen door angst en pijn. Het is moeilijk om dragen,

Nadere informatie

Overdracht en samenwerking 1 e en 2 e lijns diëtisten bij de dieetbehandeling van ondervoede patiënten.

Overdracht en samenwerking 1 e en 2 e lijns diëtisten bij de dieetbehandeling van ondervoede patiënten. Overdracht en samenwerking 1 e en 2 e lijns diëtisten bij de dieetbehandeling van ondervoede patiënten. Inleiding Ziekte gerelateerde ondervoeding is nog steeds een groot probleem binnen de Nederlandse

Nadere informatie

1. Wat is het Vlaams Patiëntenplatform vzw? 2. Wat is de eerste lijn? 3. Wat is een Samenwerkingsinitiatief eerstelijnsgezondheidszorg (SEL)? 4.

1. Wat is het Vlaams Patiëntenplatform vzw? 2. Wat is de eerste lijn? 3. Wat is een Samenwerkingsinitiatief eerstelijnsgezondheidszorg (SEL)? 4. Klankbordgroep eerste lijn Gent 18 januari 2011 i.s.m. PLAZZO 1 Programma 1. Wat is het Vlaams Patiëntenplatform vzw? 2. Wat is de eerste lijn? 3. Wat is een Samenwerkingsinitiatief eerstelijnsgezondheidszorg

Nadere informatie

A. Verpleegkundige verpleegkundige activiteit

A. Verpleegkundige verpleegkundige activiteit Nota Betreffende wijzigingen van de Ziekenhuiswet inzake de organisatie van de verpleegkundige activiteitenn het middenkader en de hoofdverpleegkundige. A. Verpleegkundige verpleegkundige activiteit In

Nadere informatie

Projectoproep Kankerplan Actie 24 : Wetenschappelijke analyse in de onco-geriatrie

Projectoproep Kankerplan Actie 24 : Wetenschappelijke analyse in de onco-geriatrie B Projectoproep Kankerplan Actie 24 : Wetenschappelijke analyse in de onco-geriatrie Inleiding Deze projectoproep kadert binnen de verderzetting van Actie 24 van het Kankerplan: Steun aan pilootprojecten

Nadere informatie

Pijler 1 - beslissingsondersteuning

Pijler 1 - beslissingsondersteuning praktischer 1 Pijler 1 - beslissingsondersteuning Beschrijving - Aanreiken van evidence-based informatie en richtlijnen; - Informeren van zorgverstrekkers; - Expertisebevordering; - Praktijkondersteuning;

Nadere informatie

Patiënteninformatie. Welkom op de dienst spoedgevallen

Patiënteninformatie. Welkom op de dienst spoedgevallen Patiënteninformatie Welkom op de dienst spoedgevallen Welkom op onze dienst Namens het team van de dienst spoedgevallen heten wij u van harte welkom. U heeft wellicht veel vragen, bent ongerust en wil

Nadere informatie

Provincie Oost-Vlaanderen Gemeente Nevele GEMEENTELIJKE RAAD VOOR PERSONEN MET EEN BEPERKING NEVELE. Statuten

Provincie Oost-Vlaanderen Gemeente Nevele GEMEENTELIJKE RAAD VOOR PERSONEN MET EEN BEPERKING NEVELE. Statuten Provincie Oost-Vlaanderen Gemeente Nevele GEMEENTELIJKE RAAD VOOR PERSONEN MET EEN BEPERKING NEVELE Statuten Provincie Oost-Vlaanderen Gemeente Nevele GEMEENTELIJKE RAAD VOOR PERSONEN MET EEN BEPERKING

Nadere informatie

Protocol Organiseren van een Zorgnetwerk Ouderen

Protocol Organiseren van een Zorgnetwerk Ouderen Protocol Organiseren van een Zorgnetwerk Ouderen ZIO, Zorg in Ontwikkeling Versie 1 INLEIDING Het Multidisciplinair Overleg (MDO) krijgt een steeds grotere rol binnen Ketenzorg, redenen hiervoor zijn:

Nadere informatie

N HAND PRAK - Biociden A2 Brussel, 26 juli 2013 MH/AB/AS 709-2013 ADVIES. over

N HAND PRAK - Biociden A2 Brussel, 26 juli 2013 MH/AB/AS 709-2013 ADVIES. over N HAND PRAK - Biociden A2 Brussel, 26 juli 2013 MH/AB/AS 709-2013 ADVIES over EEN VOORONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT BETREFFENDE HET OP DE MARKT AANBIEDEN EN HET GEBRUIKEN VAN BIOCIDEN (goedgekeurd door

Nadere informatie

ASSESSMENT CENTER FOCUSED ASSESSMENT DEVELOPMENT CENTER

ASSESSMENT CENTER FOCUSED ASSESSMENT DEVELOPMENT CENTER DEELNEMEN AAN EEN ASSESSMENT CENTER FOCUSED ASSESSMENT DEVELOPMENT CENTER U wordt binnenkort bij Quintessence verwacht voor een evaluatie volgens de assessment center methode. In deze brochure vindt u

Nadere informatie

De verantwoordelijkheden van de thuisverpleegkundige in evolutie

De verantwoordelijkheden van de thuisverpleegkundige in evolutie De verantwoordelijkheden van de thuisverpleegkundige in evolutie Herman Nys KU Leuven Situering binnen Vlaamse beleidsvoornemens 1 Regeerakkoord 2014-2019 De zorg in Vlaanderen zal evolueren naar een meer

Nadere informatie

WST 1 AP 1 (DMG = EMD) Basis. Actiepunten

WST 1 AP 1 (DMG = EMD) Basis. Actiepunten WST 1 AP 1 (DMG = EMD) Basis Het EMD is de authentieke bron voor gegevensdeling door de huisarts. Deze gegevensdeling krijgt vorm door sumehr, medicatieschema en alle andere exportformaten voor gedeelde

Nadere informatie

BESCHIKKING van het Comité van Ministers van de Benelux Economische Unie met betrekking tot het grensoverschrijdend spoedeisend ambulancevervoer

BESCHIKKING van het Comité van Ministers van de Benelux Economische Unie met betrekking tot het grensoverschrijdend spoedeisend ambulancevervoer BESCHIKKING van het Comité van Ministers van de Benelux Economische Unie met betrekking tot het grensoverschrijdend spoedeisend ambulancevervoer Het Comité van Ministers van de Benelux Economische Unie,

Nadere informatie

Noodnummer 112: De ministerraad valideert de nieuwe organisatie van de 112-centra.

Noodnummer 112: De ministerraad valideert de nieuwe organisatie van de 112-centra. 17.07.2009 Nieuwe organisatie voor de 112 centra Noodnummer 112: De ministerraad valideert de nieuwe organisatie van de 112-centra. Hoe ver staat men? Velen onder u vragen zich af wat er geworden is van

Nadere informatie

UiJreksel roadmap 2013-2018. Actualisering Roadmap e- Gezondheid 2013-2018 Ac>epunt 6 Minimaal EPD Sessie 6 01 juni 2015 5/30/15

UiJreksel roadmap 2013-2018. Actualisering Roadmap e- Gezondheid 2013-2018 Ac>epunt 6 Minimaal EPD Sessie 6 01 juni 2015 5/30/15 Actualisering Roadmap e- Gezondheid 2013-2018 Ac>epunt 6 Minimaal EPD Sessie 6 01 juni 2015 UiJreksel roadmap 2013-2018 - - - - - - - - - - - - - Ontwikkelen en systema>sch gebruik van een minimaal EPD

Nadere informatie

Reflecties over het aanbod van de eerstelijnsgezondheidszorg in Vlaanderen. Prof. Dr. Paul Van Royen

Reflecties over het aanbod van de eerstelijnsgezondheidszorg in Vlaanderen. Prof. Dr. Paul Van Royen Reflecties over het aanbod van de eerstelijnsgezondheidszorg in Vlaanderen Prof. Dr. Paul Van Royen Deze voordracht Enkele basiscijfers qua aanbod en gebruik van zorg Vijf uitdagingen voor de toekomst

Nadere informatie

Hoe kan het LMN u als arts ondersteunen?

Hoe kan het LMN u als arts ondersteunen? Hoe kan het LMN u als arts ondersteunen? 1. Inleiding Het LMN (Lokaal Multidisciplinair Netwerk) Regio Gent werd in 2010 opgericht ter ondersteuning van de zorgtrajecten en meer algemeen ter ondersteuning

Nadere informatie

Voor Prof. J. Janssens, Voorzitter, De Secretaris, C. Decoster BRUSSEL, 12/10/2006. Afdelingen Programmatie & Erkenning en Financiering ---

Voor Prof. J. Janssens, Voorzitter, De Secretaris, C. Decoster BRUSSEL, 12/10/2006. Afdelingen Programmatie & Erkenning en Financiering --- FOD VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU Directoraat-generaal Organisatie gezondheidszorgvoorzieningen NATIONALE RAAD VOOR ZIEKEN- HUISVOORZIENINGEN. BRUSSEL, 12/10/2006 Afdelingen

Nadere informatie

Coordinatie--ZH--KB uitvoering-art-17bis--Hoofd-verpleegkundig-departement--Functie.doc

Coordinatie--ZH--KB uitvoering-art-17bis--Hoofd-verpleegkundig-departement--Functie.doc 14 DECEMBER 2006. - Koninklijk besluit houdende uitvoering van artikel 17bis van de wet op de ziekenhuizen, gecoördineerd op 7 augustus 1987, voor wat de functie van hoofd van het verpleegkundig departement

Nadere informatie

AP6 Delen om samen te werken

AP6 Delen om samen te werken AP6 Delen om samen te werken AP6 Partager afin de Collaborer Basisinformatie + hoe ze te bewaren/toegankelijk te maken 1. Een EPD voor alle zorgberoepen Om gegevens te kunnen delen dient elk zorgberoep

Nadere informatie

TERUGBETALING VAN NIET-DRINGEND ZIEKENVERVOER door Christelijke mutualiteit Brugge

TERUGBETALING VAN NIET-DRINGEND ZIEKENVERVOER door Christelijke mutualiteit Brugge TERUGBETALING VAN NIET-DRINGEND ZIEKENVERVOER door Christelijke mutualiteit Brugge Juli 2016 Het Vlaams Patiëntenplatform maakte een overzicht van de terugbetaling van het per ziekenfonds. Het overzicht

Nadere informatie

Prof. Em. Dr. Jan De Maeseneer

Prof. Em. Dr. Jan De Maeseneer Prof. Em. Dr. Jan De Maeseneer Universiteit Gent Vakgroep Huisartsgeneeskunde en Eerstelijnsgezondheidszorg Het Lokaal Bestuur is aan zet in de Eerste Lijn Opinion on Definition primary care Definitie

Nadere informatie

TERUGBETALING VAN NIET-DRINGEND ZIEKENVERVOER door Socialistische mutualiteit Bond Moyson West-Vlaanderen

TERUGBETALING VAN NIET-DRINGEND ZIEKENVERVOER door Socialistische mutualiteit Bond Moyson West-Vlaanderen TERUGBETALING VAN NIET-DRINGEND ZIEKENVERVOER door Socialistische mutualiteit Bond Moyson West-Vlaanderen Juli 2016 Het Vlaams Patiëntenplatform maakte een overzicht van de terugbetaling van het ziekenvervoer

Nadere informatie

De planning van het medisch aanbod in België: artsen STATUSRAPPORT 2010

De planning van het medisch aanbod in België: artsen STATUSRAPPORT 2010 De planning van het medisch aanbod in België: artsen STATUSRAPPORT 2010 V1.0 Directoraat-generaal Basisgezondheidszorg en Crisisbeheer Brussel, november 2011 1 De artsen 1.1 De planning van het aanbod

Nadere informatie