Diagnostiek, behandeling en klinisch beloop van maligne lymfomen

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Diagnostiek, behandeling en klinisch beloop van maligne lymfomen"

Transcriptie

1 Diagnostiek, behandeling en klinisch beloop van maligne lymfomen Projectleiders: D. de Jong, NKI-AVL W.L.E. Vasmel, SLAZ Projectteam: J. Benraadt, IKA R.L.M. Haas, NKI-AVL P.C. Huijgens, VUMC C.M. van Leeuwen, IKA I. Mulder, IKA L.A. Noorduijn, AMC M.H.J. van Oers, AMC O. Visser, IKA Integraal Kankercentrum Amsterdam November 5

2

3 Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Het doel van de hier beschreven studie Diagnostiek, behandeling en klinisch beloop van maligne lymfomen is het in kaart brengen van de algemene praktijk met betrekking tot de diagnostiek, stadiëring en behandeling van maligne lymfomen in de IKA-regio, alsmede van de (ziektevrije) overleving. Hiervoor zijn alle patiënten van 5 jaar of ouder geselecteerd uit de kankerregistratie van het IKA bij wie in 999 de diagnose maligne lymfoom is gesteld, met uitzondering van cutane lymfomen. Patiënten met de klinische diagnose M. Waldenström of chronische lymfatisch leukemie (CLL) zijn niet opgenomen. Daarnaast zijn patiënten bij wie de diagnose of behandeling in een ziekenhuis buiten de regio plaatsvond niet geïncludeerd. Gegevens over tumorkenmerken, diagnostiek, behandeling en follow-up zijn verzameld door middel van statusonderzoek in alle ziekenhuizen in de regio. Van de 8 patiënten in de studie hadden er 64 een Hodgkin lymfoom (HL; 7%), 97 een B-cel non-hodgkin lymfoom (B-NHL; 78%), een T-cel non-hodgkin lymfoom (T-NHL; %) en 7 (%) patiënten een niet nader gespecificeerd lymfoom. De belangrijkste resultaten en conclusies zijn: Diagnostiek: - Het gebruik van CT-scans als beeldvormende diagnostiek bij B-NHL was relatief laag (69% CT-thorax en 8% CT-abdomen). Bij oudere patiënten werd minder vaak een CTscan gemaakt dan bij jongere. Dit kan duiden op onderdiagnostiek bij oudere patiënten. Behandeling: - De trialdeelname was beperkt, slechts 8% van de patiënten met een HL en 4% van de patiënten met een agressief B-NHL is in trialverband behandeld. Voor patiënten met een indolent B-NHL waren er ten tijde van de studie nagenoeg geen mogelijkheden voor inclusie in een trial. - Bij patiënten met een agressief B-NHL werd een hoge toxiciteit en sterfte tijdens de behandeling gerapporteerd (totaal 9%, stadium II tot en met IV (II-IV) %). Deze uitvallers waren gemiddeld ouder dan de patiënten bij wie de behandeling volgens behandelplan is uitgevoerd (69 jaar vs 6 jaar, p<,5 (stadium II-IV)). - Buiten studieverband werd een diversiteit aan behandelingen gegeven, welke afweken van de standaardbehandeling. Bijvoorbeeld aan patiënten met een stadium II-IV agressief B-NHL werden 6 of 8 kuren CHOP gegeven, waarbij de patiënten die 6 kuren kregen gemiddeld ouder waren dan de patiënten die 8 kuren kregen (gemiddelde leeftijd bij 6 kuren CHOP 64 jaar, bij 8 kuren 54 jaar, p<,5). Oudere patiënten met een agressief B-NHL werden ook behandeld met COP of chloorambucil ( van de patiënten met COP of chloorambucil waren ouder dan 7 jaar). Beoordeling respons: - De beoordeling van de respons na het afsluiten van de behandeling was in veel gevallen onvolledig, met name bij indolent B-NHL (slechts in 49% is beeldvormend onderzoek verricht) en agressief B-NHL (in 69% is beeldvormend onderzoek verricht). i

4 Documentatie: - De IPI-score, een prognostische factor voor agressief B-NHL, was in slechts 7% van de gevallen te bepalen, omdat niet van iedere patiënt alle benodigde informatie voor de berekening van de IPI-score bekend was. Met name de performance status was in een groot aantal gevallen (%) niet gedocumenteerd. - De documentatie van de behandeling was niet altijd volledig. Zo was in veel gevallen geen verantwoording terug te vinden voor het geven van CHOP bij patiënten met een indolent B-NHL (gegeven in % van de patiënten met een indolent B-NHL) of voor het geven van aanvullende radiotherapie na CHOP bij patiënten met een stadium II-IV agressief B-NHL (gegeven in 8% van de patiënten met een stadium II-IV agressief B- NHL). - Bij een kwart van de patiënten voor wie de lokale patholoog voor het stellen van de juiste diagnose consult heeft aangevraagd bij het IKA-lymfoompanel was deze aanvraag niet in het dossier gedocumenteerd. Aanbevelingen: De projectgroep adviseert op grond van de bevindingen: - Bij elke lymfoompatiënt, ongeacht leeftijd of type lymfoom, volledig stadiëringsonderzoek uit te voeren volgens de richtlijnen. - Het resultaat van behandeling nauwkeuriger te monitoren, met name met beeldvormende technieken. - Te bezien hoe knelpunten aan te pakken die studiedeelname in de weg staan. - Te overwegen of voor de meer fragiele oudere patiënt (>65 jaar) een gemodificeerde aanpak gerechtvaardigd is. - Te streven naar vollediger documentatie en verantwoording van het gevoerde beleid bij een individuele patiënt. Een deel van deze aanbevelingen kan worden ingebracht door de consulenten in de IKAhematologiebesprekingen in de regio. Daarnaast zal aan de IKA tumorwerkgroep hematooncologie gevraagd worden de aanbevelingen over te nemen en beleid te ontwikkelen om deze aanbevelingen uit te werken. ii

5 Inhoudsopgave Samenvatting, conclusies en aanbevelingen i Inleiding Methoden Patiënten Gegevensverzameling Resultaten 5 Karakteristieken van patiënten en tumoren 5 Diagnostiek 9 Lymfoompanel Behandeling Hodgkin lymfoom Indolent B-cel non-hodgkin lymfoom 4 Agressief B-cel non-hodgkin lymfoom 6 Follow-up 9 Bijlage: Deelnemende ziekenhuizen

6

7 Inleiding Hodgkin lymfoom (HL) is een relatief zeldzame maligniteit, welke iets vaker bij mannen dan bij vrouwen voorkomt. De incidentie van HL bedroeg in het jaar in Nederland,7/. per jaar bij mannen en,8/. per jaar bij vrouwen. In de leeftijdsverdeling zijn twee pieken te onderscheiden: de eerste piek tussen en jarige leeftijd, de tweede piek na 55 jarige leeftijd. Non-Hodgkin lymfomen (NHL), met een grote verscheidenheid aan morfologische typen, komen vaker voor. De incidentie van deze groep tumoren was 5,9/. bij mannen en,8/. bij vrouwen. In de IKA regio treden per jaar ongeveer 6 nieuwe patiënten met een HL en ongeveer 4 patiënten met een NHL op. Het doel van de hier beschreven studie Diagnostiek, behandeling en klinisch beloop van maligne lymfomen is het in kaart brengen van de algemene praktijk met betrekking tot de diagnostiek, stadiëring en behandeling van maligne lymfomen in de IKA regio, alsmede van de (ziektevrije) overleving. Methoden Patiënten Voor deze retrospectieve studie zijn met behulp van de kankerregistratie van het Integraal Kankercentrum Amsterdam (IKA; Noord-Holland en de zuidelijke IJsselmeerpolders) patiënten geselecteerd bij wie in het jaar 999 in een van ziekenhuizen in de IKA regio een maligne lymfoom is gediagnosticeerd. Alle ziekenhuizen in de regio namen deel aan deze studie. Inclusiecriteria voor deze selectie waren: - Maligne lymfoom - Diagnosedatum tussen januari 999 en januari Exclusiecrieria waren: - Diagnose gesteld of behandeld in een ziekenhuis buiten de IKA regio - Leeftijd jonger dan 5 jaar - Cutaan lymfoom, M. Waldenström of chronisch lymfatische leukemie (CLL) In totaal voldeden 8 patiënten aan deze criteria. Gegevensverzameling De gegevens voor deze studie zijn in en verzameld door kankerregistratiemedewerkers door middel van statusonderzoek in de ziekenhuizen. De verzamelde gegevens omvatten onder andere informatie over tumorkenmerken, lichamelijk onderzoek, beeldvormende en invasieve diagnostiek, primaire behandeling, resultaat van de behandeling en follow-up. Na verzameling is kwaliteitscontrole over de gegevens uitgevoerd. De indeling van de typen HL en NHL is gebaseerd op de WHO-classificatie. Daarnaast zijn de NHL opgedeeld in: indolent (kleincellig lymfocytair lymfoom, marginale zone lymfoom, Vereniging van Integrale Kankercentra. URL:

8 splenisch marginale zone lymfoom, graad I en II folliculair lymfoom, lymfoplasmocytair lymfoom, laaggradig B-cel lymfoom NOS) en agressief (grootcellig B-cellymfoom, mantelcellymfoom, Burkitt-lymfoom, graad III folliculair lymfoom, intermediair en hooggradig B-cel lymfoom NOS). Een lymfoom is extranodaal genoemd indien de patiënt met klachten kwam betreffende een extranodale lokalisatie. Voor de performance status is de indeling volgens de WHO gebruikt. De IPI (International Prognostic Index)-score, een prognostische factor voor agressief NHL, is berekend volgens de methode die is beschreven door de International Non-Hodgkin s Lymphoma Prognostic Factors Project. Deze score is gebaseerd op de volgende kenmerken: leeftijd van de patiënt, stadium, aantal extranodale lokalisaties, performance status en LDH. Het LDH werd als verhoogd verondersteld als dit hoger was dan normaal. Comorbiditeit is geclassificeerd op basis van een aangepaste versie van de methode beschreven door Janssen-Heijnen en Coebergh. Non-responsive disease is gedefinieerd indien chemotherapie na in totaal drie of minder kuren, of, indien continu toegediend, na minder dan drie maanden gestaakt is in verband met stabiele ziekte of progressie. Indien de initiële therapie na meer dan kuren of na meer dan maanden niet het gewenste resultaat gaf en overgegaan is op een andere behandeling, dan is die laatste behandeling de -lijns genoemd. De overleving en event-vrije overleving is bepaald met behulp van de Kaplan Meier methode. De overleving is berekend vanaf start behandeling tot aan overlijden ongeacht de doodsoorzaak. Informatie over de vitale status en overlijdensdatum zijn verkregen uit de IKA kankerregistratie. De event-vrije overleving is berekend vanaf start behandeling tot aan recidief na complete remissie, progressie na partiele remissie of stabiele ziekte, of overlijden ongeacht welke doodsoorzaak. Indien een patiënt na de behandeling progressieve ziekte had dan is de event-vrije overleving op gesteld. 4 Therasse P (editor). A practical guide to EORTC studies. Brussel: EORTC, 996. The international non-hodgkin s lymphoma prognostic factors project. A predictive model for aggressive non-hodgkin s lymphoma. New Engl J Med 99; 9: Janssen-Heijnen MLG, Coebergh JWW. Comorbidity: aims and methods for recording and analyses. In: Sankila R. et al (editors). Evaluation of clinical care by cancer registries. IARC Technical Publication No. 7. Lyon: IARCPress,.

9 Resultaten Karakteristieken van patiënten en tumoren % % 78% 7% Hodgkin lymfoom (n=64) B-cel non-hodgkin lymfoom (n=97) T-cel non-hodgkin lymfoom (n=) Overig en niet gespecificeerd lymfoom (n=7) Figuur Onderverdeling in maligne lymfomen. Ruim driekwart van de 8 patiënten had een B-cel non-hodgkin lymfoom (B-NHL), 7% had een Hodgkin lymfoom (HL) (Figuur ). De groep overig en niet nader gespecificeerd lymfoom bestond uit twee niet nader gespecificeerde maligne lymfomen, vier niet nader gespecificeerde non-hodgkin lymfomen en een gemengd ( composite ) Hodgkin en non- Hodgkin lymfoom. Tabel geeft de verschillende typen HL, B-NHL en T-NHL (T-cel non-hodgkin lymfoom) weer. Bij HL kwam het nodulair scleroserende type het meest voor (6%). Bij B-NHL waren grootcellig B-cellymfoom (46%) en folliculair lymfoom (4%) het meest frequent. Onder overige B-NHL vielen 5 maligne lymfomen, gemengd klein en grootcellig diffuus, en primair effusielymfoom. De groep T-NHL werd voornamelijk gevormd door perifeer T-cellymfoom en anaplastisch grootcellig T-cellymfoom. Tabel Onderverdeling in subtypen Hodgkin lymfoom (HL), B-NHL en T-NHL. HL (n=64) Nodulair scleroserend Gemengdcellig 4 (6%) 4 (%) B-NHL (n=97) Grootcellig B-cellymfoom Folliculair lymfoom Lymfocytenrijk NOS T-NHL (n=) Perifeer T-cellymfoom Anaplastisch grootcellig T- cellymfoom AILD (5%) 7 (%) 6 (5%) 5 (4%) (8%) Mantelcellymfoom Kleincellig lymfocytair lymfoom Lymfoplasmocytair lymfoom Marginale zone lymfoom Burkitt-lymfoom Splenisch marginale zone lymfoom Overig NOS 8 (46%) 7 (4%) (7%) 7 (6%) 4 (5%) (4%) 4 (%) (%) 6 (%) (4%) 5

10 Tabel Geslacht, leeftijdsopbouw en performance status van de patiënten. Hodgkin lymfoom Non-Hodgkin lymfoom Totaal Geslacht Man Leeftijd 5-65 jaar jaar 76+ jaar mediaan range Performance status 4 (n=64) 56% 86% 8% 6% % 5% % % % (n=) 5% (n=8) Onbekend % % % Bevat B-NHL, T-NHL en niet nader gespecificeerd NHL. Inclusief een overig en 5% 5% 5% % 5% 7% % % 54% 56% % % % 5% 7% twee niet nader gespecificeerde maligne lymfomen. Eén patiënt was transsexueel. % % Een kleine meerderheid van de patiënten was man (54%; Tabel ). Ruim de helft was 65 jaar of jonger (Tabel ). Dit percentage lag een stuk hoger bij HL (86%) dan bij NHL (5%). Bij patiënten met een HL was de mediane leeftijd 9 jaar. Ruim tweederde van de patiënten had WHO performance status of (Tabel ). In Figuur is de performance status voor B-NHL uitgesplitst naar leeftijd. Ruim 6% van de patiënten van 66 jaar of ouder had performance status of, slechts 7% ( patiënten) had een hoge performance status ( of 4). Voor een groot aantal patiënten (% van de totale patiëntenpopulatie) was de performance status echter onbekend. Van de patiënten met een HL had % comorbiditeit, 4% had één en 9% had twee aandoeningen. Bij patiënten met een B-NHL kwam comorbiditeit vaker voor (6%), % had twee en 8% had drie of meer aandoeningen. Oudere B-NHL patiënten hadden vaker comorbiditeit dan jongere (77% en 67% respectievelijk in 76+ en jarigen versus 49% in 5-65 jarigen). Ook lag het aantal aandoeningen hoger bij oudere patiënten (= % 8% 6% 4% % % 5-65 jaar jaar 76+ jaar Onbekend Figuur Performance status per leeftijdscategorie bij B-NHL (5-65 jaar: n=46; jaar: n=76; 76+ jaar: n=75). 4 6

11 Onbekend % Onbekend % > cm 5% 5- cm 7% HL <= 5 cm 58% Nvt % > cm 9% B-NHL 5- cm 8% <= 5 cm 4% Figuur Omvang van de grootste lymfoommassa (Hodgkin lymfoom (HL): n=64; B-NHL: n=97). aandoeningen in 7% en % respectievelijk in 76+ en jarigen versus % in 5-65 jarigen). De grootste lymfoommassa bij patiënten met een HL was voornamelijk gelokaliseerd in lymfeklieren in het hoofd/hals of intrathoracale gebied. Van de 97 patiënten met een B-NHL was de grootste lymfoommassa bij 9 patiënten nodaal gelokaliseerd, met name in de lymfeklieren in het hoofd/hals en het intra-abdominale gebied, en bij 6 patiënten extranodaal gelokaliseerd, onder andere in het beenmerg, het maag/darmkanaal of de geslachtsorganen. Hierbij moet in aanmerking worden genomen dat extranodale lokalisatie van tevoren niet duidelijk gedefinieerd was en het onderscheid tussen nodale en extranodale lokalisaties mogelijk niet altijd optimaal gedocumenteerd is. De omvang van de grootste lymfoommassa was 5 cm of kleiner bij 58% van de HL patiënten en bij 4% van de B-NHL patiënten. Bij ongeveer % van de totale groep patiënten met een maligne lymfoom was deze omvang niet beschreven (Figuur ). B-symptomen werden vermeld bij 4% van de patiënten met een HL en bij % van de patiënten met een B-NHL. Het serum LDH was verhoogd (> normaal) voor 4% van de B- NHL patiënten. Figuur 4 laat zien dat bij HL stadium II het meest voor kwam (48%), gevolgd door stadium I (7%). Bij B-NHL vormden stadium IV lymfomen de grootste groep (4%). IV % Onbekend % I 7% Onbekend 9% I 7% III % HL II 48% IV 4% B-NHL III % II % Figuur 4 Stadiumverdeling (Hodgkin lymfoom (HL): n=64; B-NHL: n=97). 7

12 Ongeclassificeerd (n=6) % Agressief (n=8) 6% Indolent (n=8) 6% Figuur 5 Mate van agressiviteit bij B-NHL. Figuur 5 geeft de mate van agressiviteit weer voor B-NHL. Van deze groep lymfomen had 6% een indolent karakter, 6% was agressief. Op basis van de IPI-score, een prognostische factor voor agressief NHL, behoorde de helft van de patiënten met een agressief B-NHL tot de groep met een laag of laag-intermediair risico (Figuur 6). Bij een groot aantal patiënten was de IPI-score onbekend (ruim een kwart), doordat niet voor iedere patiënt met een agressief B-NHL alle benodigde informatie voor de berekening van de IPIscore bekend was (leeftijd en aantal extranodale lokalisaties % onbekend; stadium, performance status en LDH, respectievelijk, %, % en % onbekend). Onbekend 8% Laag risico 8% Hoog risico 9% Hoog-intermediair risico 4% Laag-intermediair risico % Figuur 6 Indeling agressief B-NHL op basis van de IPI-score (n=8). 8

13 Diagnostiek Bij zowel patiënten met een HL als bij patiënten met een B-NHL is in 95% of meer van de gevallen in het dossier vermeld dat er lichamelijk onderzoek is verricht in het gebied van hoofd/hals, lever/milt, oksel/armen en liezen/benen. Bij HL werd vaker vermeld dat er KNO onderzoek was verricht (8%) dan bij B-NHL (65%). Voor wat betreft beeldvormend onderzoek werd bij vrijwel elke HL patiënt een CT-scan van de thorax (95%) of een CT-scan van het abdomen (98%) gemaakt. Voor B-NHL patiënten lagen deze percentages aanzienlijk lager (Figuur 7). Figuur 8 laat zien dat met name bij oudere patiënten met een B-NHL minder vaak een CT-scan van de thorax of het abdomen werd gemaakt in vergelijking met jongere patiënten (p<,). De performance status en aanwezigheid van comorbiditeit hadden geen invloed op het verrichten van een CT-scan. Galliumscans en spectscans zijn vaker bij HL dan B-NHL verricht (Figuur 7). Een beenmergpunctie of -biopsie werd bij 9% van de HL patiënten en bij 87% van de B- NHL patiënten uitgevoerd. A Hodgkin lymfoom % 8% 8% 95% % 98% 98% Afwijkend Verricht 6% 5% 4% % % 7% % X-thorax CT-thorax X- of CTthorax CTabdomen echo abdomen CT- of echo abdomen galliumscan spectscan B B-NHL % 8% 84% 69% 96% 8% 9% Afwijkend Verricht 6% 4% 4% % % 7% % X-thorax CT-thorax X- of CTthorax CT-abdomen echo abdomen CT- of echo abdomen galliumscan spectscan Figuur 7 Aantal patiënten bij wie beeldvormend onderzoek is verricht (totale staafje; % boven staafjes) en bij wie het onderzoek aanwijzing gaf voor een lymfoom (gearceerde deel staafje), bij Hodgkin lymfoom (A; n=64) en B-NHL (B; n=97). 9

14 p<, p<, % 8% 6% 4% % % CT-thorax CT-abdomen 5-65 jaar jaar 76+ jaar Figuur 8 Relatie verrichte CT-thorax en CT-abdomen en leeftijd bij B-NHL (5-65 jaar: n=46; jaar: n=76; 76+ jaar: n=75). Naast patiëntgebonden eigenschappen (bv leeftijd, zoals eerder beschreven) is ook de relatie tussen het verrichten van een CT-scan van de thorax of het abdomen en overig diagnostisch onderzoek onderzocht (Tabel ). Er werden minder CT-scans van de thorax gemaakt als de X-thorax geen afwijking aangaf (verricht, niet afwijkend vs afwijkend p<,) en er werden minder CT-scans van het abdomen gemaakt als de echo van het abdomen geen afwijking aangaf (verricht, niet afwijkend vs niet verricht p<,). Daarentegen werden vaker CT-scans van de thorax en het abdomen gemaakt als er ook beenmergonderzoek was gedaan (beenmergonderzoek verricht vs niet verricht p<,). Tabel CT-thorax, CT-abdomen en overig diagnostisch onderzoek bij B-NHL (n=97). X-thorax Verricht, niet afwijkend Verricht, afwijkend Niet verricht n % CT-thorax verricht 64% 85% 77% % CT-abdomen verricht Echo abdomen Verricht, niet afwijkend 4 68% Verricht, afwijkend Niet verricht % 87% Beenmergbiopsie/-punctie Verricht, niet afwijkend Verricht, afwijkend % 68% 95% 77% Verricht, te weinig materiaal Niet verricht 9 67% 6% 8% 49%

15 Lymfoompanel Bij een deel van de patiënten is voor het stellen van de juiste diagnose door de lokale patholoog consult aangevraagd bij het IKA-lymfoompanel. Er waren in totaal 4 patiënten (van de 8) waarbij de primaire diagnostiek niet in eerste instantie door een patholoog in VUmc, AMC of AvL is gedaan. Na koppeling met het bestand van het lymfoompanel bleek dat (mede op basis van informatie in het dossier) van in totaal 6 patiënten (7%) consult was aangevraagd (Tabel 4). In ongeveer een kwart van de gevallen (59 patiënten) was niet in het dossier terug te vinden dat consult was gevraagd bij het panel. Zeven patiënten waarvan in het dossier wel een uitslag van het lymfoompanel was vermeld, waren door een administratieve omissie niet opgenomen in de databank van het lymfoompanel, maar zij waren wel door het panel beoordeeld. Van 6 naar het panel ingezonden patiënten (%) was door de lokale patholoog geen diagnose gesteld; deze patiënten werden door het panel alsnog geclassificeerd. In 4 gevallen (6,5%) werd de diagnose van de lokale patholoog door het panel essentieel gewijzigd. Tabel 4 Diagnostiek door het IKA-lymfoompanel (excl. VUmc, AMC, AvL). Patiënt opgenomen in databank van lymfoom-panel Nee Ja Uitslag lymfoom-panel vermeld in medisch dossier Nee Ja Totaal Totaal

16 Behandeling Het percentage patiënten dat in trialverband werd behandeld is laag: bijna dertig procent van de HL patiënten en 4% van de patiënten met een agressief B-NHL (Tabel 6). Voor indolent B-NHL waren nagenoeg geen mogelijkheden voor inclusie in een trial. Drie patiënten met een indolent B-NHL zijn wel behandeld in trialverband: van deze patiënten zijn behandeld in een trial voor agressief B-NHL (HOVON 5 en 6), wat duidt op een discrepantie tussen de definitieve diagnose (indolent) en inclusie in een trial, de derde patiënt is behandeld volgens HOVON5. De behandelingsgegevens zijn hierna apart weergegeven voor patiënten met een HL, patiënten met een indolent B-NHL en patiënten met een agressief B-NHL. Tabel 6 Behandeling in trialverband. Hodgkin lymfoom (n=64) Agressief B-NHL (n=8) Nee 46 (7%) Nee 58 (86%) Ja, namelijk 8 (8%) Ja, namelijk 5 (4%) E98 (H9) HOVON5 E884 (H4) HD HOVON6 HOVON7 of 4 Hodgkin lymfoom Tabel 7 Primaire behandeling bij Hodgkin lymfoom, uitgesplitst naar type chemo- en radiotherapie. Chemo- en radiotherapie ABVD + IF (escalated) BEACOPP + IF EBVP + IF MOPP/ABV + IF Chemotherapie + ijsbergbestraling Chemotherapie ABVD (escalated) BEAC(H)OPP EBVP MOPP/ABV Overig Radiotherapie Involved field Overig Stadium I/II (n=48) Stadium III/IV (n=4) Totaal per behandelings Trialverband Trialverband Totaal groep ja nee ja 4 nee (n=64) 5 (n=64) (8%) 9 (4%) 7 (%) 4 (6%) (5%) (5%) (%) (%) 4 (6%) (%) 5 (8%) (%) 4 (64%) (%) 6 (9%) Geen behandeling 4 (6%) 5 4 (6%) 5 IF = involved field bestraling. Chemotherapie bestond uit ABVD en MOPP/ABV. Behandeld volgens HD ( patiënten met BEACOPP + IF) of E98 (H9; de overige patiënten). 4 Behandeld volgens E884 (H4). 5 Inclusief patiënten met een onbekend stadium.

17 Tabel 8 Reden einde behandeling bij Hodgkin lymfoom. Volgens behandelplan Toxiciteit Weigering Stadium I/II (n=47) 45 Stadium III/IV (n=) Totaal (n=6) 57 (95%) (%) (%) In Tabel 7 is de primaire behandeling van HL patiënten weergegeven uitgesplitst naar type chemo- en radiotherapie. Ruim driekwart van de stadium I/II patiënten kreeg gecombineerde chemo- (met name ABVD) en radiotherapie. BEACOPP werd in zowel stadium I/II als stadium III/IV in een aantal gevallen ook buiten trialverband gegeven. Van de stadium I/II patiënten die alleen radiotherapie kregen hadden drie patiënten het lymfocytenrijke type; twee patiënten kregen involved field en patiënt overige bestraling. Voor drie van de vier patiënten die niet behandeld werden was de reden van niet behandelen de slechte conditie van de patiënt. Bij de vierde patiënt zonder behandeling werd vrijwel gelijktijdig een longcarcinoom geconstateerd, waarvoor eerst behandeling heeft plaatsgehad. Bij bijna alle patiënten (95%) werd de behandeling volgens het behandelplan gegeven (Tabel 8). Bij drie patiënten werd de behandeling voortijdig gestaakt wegens toxiciteit of weigering van de patiënt. Bij patiënten met stadium I/II die volgens behandelplan zijn behandeld met chemo- en radiotherapie bestond het aantal kuren chemotherapie met name uit 4x ABVD, 6x EBVP of 4x BEACOPP, over het algemeen gevolgd door of 4 Gy involved field bestraling (range -46 Gy). Aan het eind van de behandeling is het behandelingsresultaat bij ruim driekwart van de patiënten geëvalueerd door middel van beeldvormend onderzoek, bij % is dit verricht door middel van lichamelijk onderzoek (Tabel 9). Uiteindelijk bereikte volgens het dossier 85% van de behandelde HL patiënten complete remissie, bij % werd partiële remissie bereikt (Tabel ). Tabel 9 Wijze van evaluatie eind van de behandeling bij Hodgkin lymfoom (n=6). Beeldvormend onderzoek Alleen lichamelijk onderzoek Onbekend Geen 49 (8%) 8 (%) (%) (%) Tabel Resultaat van behandeling bij Hodgkin lymfoom. Complete remissie Partiële remissie Stabiele ziekte Progressieve ziekte Stadium I/II (n=47) 4 5 Stadium III/IV (n=) 9 Totaal (n=6) 5 (85%) 7 (%) (%) (%)

18 Indolent B-cel non-hodgkin lymfoom n= n=7 n=8 % 8% 6% 4% % % stadium I/II stadium III/IV totaal wait and see/geen overige behandeling CT + RT RT CT Figuur 9 Primaire behandeling bij indolent B-NHL. CT = chemotherapie; RT = radiotherapie. Inclusief 6 patiënten met onbekend stadium. Patiënten met stadium I/II indolent B-NHL werden met name behandeld met -4 Gy radiotherapie (4%) (Figuur 9), op een na waren dit alle patiënten met stadium I. Ruim de helft van de stadium III/IV patiënten werd behandeld met chemotherapie (Figuur 9). Twee patiënten met een indolent B-NHL werden niet behandeld zonder dat een wait and see beleid is gedocumenteerd. De reden hiervoor was de slechte conditie van de patiënt, beide waren 76 jaar of ouder. Bij driekwart van de patiënten is de behandeling volgens behandelplan uitgevoerd, bij 9% was de behandeling ten tijde van deze studie nog niet beëindigd (Tabel ). Tabel Reden einde behandeling bij indolent B-NHL. Volgens behandelplan Behandeling nog niet beëindigd Non-responsive disease Toxiciteit Intercurrente ziekte/slechte conditie Overleden tijdens behandeling Niet van toepassing Onbekend Stadium I/II (n=6) 4 Stadium III/IV (n=46) Stadium onbekend (n=4) Totaal (n=76) In Tabel is de behandeling van indolent B-NHL uitgesplitst naar type chemo- en radiotherapie. Patiënten met stadium III/IV werden in de meeste gevallen behandeld met chloorambucil. COP werd met name gegeven in 8 kuren (range 6-). Bij een stadium III/IV patiënt met een klein lymfocytair lymfoom is x Gy involved field radiotherapie gegeven. In totaal zijn indolent B-NHL patiënten met chloorambucil behandeld, ruim de helft (6 patiënten) kreeg dit continu. Negen patiënten met een indolent B-NHL kregen CHOP, een schema voor agressief B- NHL, al dan niet met radiotherapie. Twee patiënten kregen dit in trialverband (HOVON 5 en 6), bij de overige patiënten zouden onder andere botlaesies of de snelle achteruitgang van de patiënt bij een nog niet definitieve diagnose een reden kunnen zijn voor het geven van CHOP. Bij een aantal patiënten werd geen mogelijke verklaring gevonden (75%) 7 (9%) 4 (5%) (%) (%) (%) (%) (%) Bijvoorbeeld bij behandeling met continue chloorambucil. Mogelijk is een aantal patiënten met non-responsive disease ingedeeld in een andere categorie, bijvoorbeeld overleden tijdens behandeling. Bijvoorbeeld bij behandeling met prednison. 4

19 Tabel Primaire behandeling bij patiënten met een indolent B-NHL, behandeld met chemo- en/of radiotherapie. Chemotherapie Chloorambucil (+ prednison) COP CHOP Radiotherapie Involved field Extended field Overig Chemo- en radiotherapie CHOP + IF Stadium I/II (n=) 4 9 Stadium III/IV (n=46) 6 4 Stadium onbekend (n=) Totaal (n=7) (4%) 4 4 (%) 4 4 (6%) (4%) (%) (4%) COP + IF (4%) IF = -4 Gy involved field bestraling. Waarvan patiënt behandeld volgens HOVON5. Waarvan patiënt behandeld volgens HOVON6 (CHOP) of HOVON5 (COP). 4 Twee patiënten zijn naast chemotherapeutisch ook chirurgisch behandeld. 5 (7%) Tijdens behandeling met of meer kuren chemotherapie of chloorambucil continu is ter evaluatie bij tweederde van de patiënten beeldvormend onderzoek verricht, bij een kwart is alleen lichamelijk onderzoek uitgevoerd. Bij % is geen evaluatie tijdens behandeling uitgevoerd, 5 van deze 6 patiënten kregen chloorambucil continu. Het behandelingsresultaat aan het eind van de behandeling is bij de helft van de patienten niet geëvalueerd door middel van beeldvormend onderzoek, bij een kwart is dit verricht met lichamelijk onderzoek (Tabel ). Bij 5% ( patiënten) is na behandeling niet geëvalueerd. Deze patiënten waren behandeld met chloorambucil (5 patiënten), COP ( patiënten) of een overige behandeling. Uiteindelijk bereikte volgens opgave in het dossier 7% van de indolent B-NHL patiënten complete remissie, een andere 7% bereikte partiële remissie (Tabel 4). Tabel Wijze van evaluatie eind van de behandeling bij indolent B-NHL (n=68). Beeldvormend onderzoek Alleen lichamelijk onderzoek Alleen overig onderzoek (49%) 7 (5%) 8 (%) Geen (5%) Patiënten bij wie de behandeling nog niet beëindigd was (7 patiënten) en die overleden waren tijdens behandeling ( patiënt) zijn in deze analyses niet meegenomen. Onder overig onderzoek vallen onder andere beenmergbiopt, endoscopie en biopt klier. Tabel 4 Resultaat van behandeling bij indolent B-NHL. Complete remissie Partiële remissie Stabiele ziekte Progressieve ziekte Stadium I/II (n=6) 8 5 Stadium III/IV (n=46) Stadium onbekend (n=4) Totaal (n=76) Behandeling nog niet beëindigd Onbekend 5 5 (7%) 4 (5%) Bij patiënt was het resultaat van behandeling niet te bepalen wegens voortijdig afbreken van de (7%) 8 (7%) 8 (%) (4%) behandeling door toxiciteit, patiënt met stadium I/II werd behandeld met prednison. 5

20 Agressief B-cel non-hodgkin lymfoom % n=54 n=9 n= n=8 n=65 n=8 8% 6% 4% % % stadium I stadium II-IV onbekend nodaal extranodaal totaal Wait and see/geen Overige behandeling Chirurgie + CT/RT CT + RT RT CT Figuur Primaire behandeling bij agressief B-NHL. CT = chemotherapie; RT = radiotherapie. Stadium I agressief B-NHL werd met name behandeld met gecombineerde chemo- en radiotherapie. Bij stadium II tot en met IV (II-IV) werd voornamelijk chemotherapie gegeven (Figuur ). Van de patiënten met een nodaal agressief B-NHL hadden 6 stadium I, deze werden voornamelijk behandeld met gecombineerde chemo- en radiotherapie (7%). Van de 79 patiënten met stadium II-IV nodaal agressief B-NHL kreeg bijna driekwart (7%) chemotherapie, % kreeg gecombineerde chemo- en radiotherapie. Vierentwintig patiënten met een agressief B-NHL werden niet behandeld. Bij 5 patiënten hiervan was gedocumenteerd dat er een wait and see beleid is toegepast, dit waren 4 patiënten met een mantelcellymfoom en patiënt met een folliculair lymfoom. Drie patiënten hadden een hoge leeftijd. De 9 niet behandelde patiënten bij wie geen wait and see beleid was gedocumenteerd hadden een gemiddelde leeftijd van 74 jaar (range 44-9) (versus gemiddeld 64 jaar voor de totale groep agressief B-NHL). De jongste twee patiënten waren HIV positief. Redenen om niet te behandelen waren met name de slechte conditie van de patiënt en weigering van de behandeling. Een patiënt was chirurgisch behandeld voor een parotistumor wat uiteindelijk een lymfoom bleek. Bij ruim driekwart van de patiënten is de behandeling volgens behandelplan uitgevoerd. Bij een patiënt was de behandeling ten tijde van deze studie nog niet beëindigd (Tabel 5), dit was een oudere patiënt (7+ jaar) met een mantelcellymfoom, waarvoor chloorambucil continu werd gegeven. De relatief grote groep patiënten met stadium II-IV bij wie de behandeling voortijdig werd gestaakt wegens toxiciteit of overlijden van de patiënt was 6 Tabel 5 Reden einde behandeling bij agressief B-NHL. Volgens behandelplan Overleden tijdens behandeling Wegens toxiciteit Non-responsive disease Weigering Stadium I (n=5) 47 Stadium II-IV (n=98) Stadium onbekend (n=) Totaal (n=59) Intercurrente ziekte/slechte conditie Behandeling nog niet beëindigd (%) (%) Bijvoorbeeld bij continue chloorambucil; Mogelijk is een aantal patiënten met non-responsive disease ingedeeld in een andere categorie, bijvoorbeeld overleden tijdens behandeling. 7 5 (77%) 8 (%) (7%) (%) (%)

21 Tabel 6 Primaire behandeling bij patiënten met een agressief B-NHL, behandeld met chemo- en/of radiotherapie. Chemotherapie CHOP Intensified CHOP/CHOP + overig schema Chloorambucil (+ prednison) COP overig Chemo- en radiotherapie CHOP (+ overig schema) + IF CHOP + RT anders dan IF Overige CT + IF Overige CT + RT anders dan IF Radiotherapie Stadium II-IV (n=96) Stadium Stadium I 5 Trialverband onbekend 5 Totaal (n=48) ja,5 nee 5 (n=9) (n=5) 4 gemiddeld ouder dan de groep patiënten bij wie de behandeling volgens behandelplan is uitgevoerd (69 versus 6 jaar, p<,5). In Tabel 6 is de behandeling van agressief B-NHL uitgesplitst naar type chemo- en radiotherapie. Bij zowel stadium I als stadium II-IV werd voornamelijk met CHOP behandeld. Bij stadium I werd ruim 6% van de patiënten behandeld met CHOP en involved field radiotherapie (44%) of een andere vorm van bestraling (9%), meestal, 6 of 4 Gy. Van deze patiënten kreeg ongeveer 4% 6 of 8 kuren. Bijna een kwart van de patiënten werd behandeld met alleen CHOP, meestal 6 kuren. Bij stadium II-IV werd meer dan de helft van de patiënten behandeld met alleen CHOP. Dit werd met name gegeven in 6 of 8 kuren, zowel in trialverband als daarbuiten (Tabel 7). Buiten trialverband was de groep patiënten die met 6 kuren CHOP werd behandeld gemiddeld ouder dan de groep die 8 kuren kreeg (gemiddelde leeftijd bij 6 kuren CHOP 64 jaar, bij 8 kuren 54 jaar, p<,5). Verder kreeg 8% van de stadium II-IV patiënten CHOP (meestal 6x of 8x) gevolgd door radiotherapie (Tabel 6). Echter, volgens de richtlijn is de meerwaarde van aanvullende radiotherapie niet bewezen. De reden waarom radiotherapie is gegeven is veelal onduidelijk. Zeven patiënten kregen aanvullende radiotherapie na behandeling in trialverband, bij een patiënt was bekend dat er sprake was van bulky disease. Twaalf patiënten met een agressief B-NHL kregen COP of chloorambucil. Elf hiervan waren ouder dan 7 jaar, een andere had comorbiditeit. 4 9, (46%) 4 5 (%) 8 (5%) 4 (%) 8 (5%) 4 (%) 4 6 (%) 4 (%) (%) 4 Involved field Overig/onbekend 4 5 (%) (%) 4 CT=chemotherapie, RT=radiotherapie, IF=involved field bestraling. Waarvan patiënt behandeld volgens HOVON5. Behandeld volgens HOVON6 (5 patiënten met CHOP, met intensified CHOP, met CHOP + IF), HOVON7 ( met overige CT + RT anders dan IF), HOVON4 ( met CHOP + overig schema) of HOVON5 (de overige patiënten). 4 Acht patiënten met stadium I en vier patiënten met stadium II-IV zijn naast chemo- en/of radiotherapeutisch ook chirurgisch behandeld. 5 Behandeld met groeifactoren zijn 6 patiënten met stadium I (waarvan volgens HOVON5), 8 met stadium II-IV (waarvan buiten (9 met CHOP, met overig CT) en 7 binnen trialverband (7 HOVON5, 7 HOVON6, HOVON7, HOVON4)) en 4 patiënten met onbekend stadium. 7

22 Tabel 7 Aantal kuren CHOP bij patiënten met stadium II-IV agressief B-NHL, behandeld met alleen chemotherapie, bij wie behandeling volgens behandelplan is beëindigd (n=4). 4 kuren ja Trialverband 6 kuren 7 kuren 8 kuren Twee patiënten zijn naast chemotherapeutisch ook chirurgisch behandeld. Behandeld volgens HOVON5 ( patiënten met 6 en met 8 kuren) of HOVON6 (de overige patiënten). nee Tijdens behandeling met of meer kuren chemotherapie of chloorambucil continu is bij ruim tweederde van de patiënten beeldvormend onderzoek verricht ter evaluatie van de behandeling, dit percentage was hoger binnen trialverband dan daarbuiten. Bij 9% is alleen lichamelijk onderzoek verricht. Bij patiënten (8%) is geen evaluatie verricht. Twee patiënten hiervan kregen chloorambucil continu, 5 anderen kregen -4 kuren chemotherapie, hiervan hadden 4 patiënten stadium I. Aan het eind van de behandeling is het behandelingsresultaat bij slechts 69% van de patiënten geëvalueerd door middel van beeldvormend onderzoek, bij een kwart is dit verricht door middel van lichamelijk onderzoek. Bij 6 patiënten (4%) is na de behandeling niet geëvalueerd (Tabel 8). Tabel 8 Wijze van evaluatie eind van de behandeling bij agressief B-NHL (n=4). Beeldvormend onderzoek Alleen lichamelijk onderzoek Alleen overig onderzoek Geen 97 (69%) 4 (4%) (%) 6 (4%) Patiënten bij wie de behandeling nog niet beëindigd was ( patiënt) en die overleden waren tijdens behandeling (8 patiënten) zijn in deze analyses niet meegenomen. Onder overig onderzoek vallen liquor punctie, endoscopie en biopt klier. Uiteindelijk is volgens opgave in het dossier bij 57% van de patiënten met een agressief B- NHL complete remissie bereikt (Tabel 9). De 49 patiënten met als resultaat partiële remissie, stabiele of progressieve ziekte zouden in aanmerking komen voor e -lijns behandeling, slechts 5 patiënten kregen dit daadwerkelijk, allen patiënten met stabiele of progressieve ziekte. 8 Tabel 9 Resultaat van behandeling bij agressief B-NHL. Complete remissie Partiële remissie Stabiele ziekte Progressieve ziekte Behandeling nog niet beëindigd Behandeling voortijdig afgebroken Stadium I (n=5) 8 Stadium II-IV (n=98) Stadium onbekend (n=) Totaal (n=59) 8 (%) Bij 8 patiënten was het resultaat van behandeling niet te bepalen wegens voortijdig afbreken van de behandeling door toxiciteit of wegens overlijden van de patiënt tijdens behandeling (57%) 5 (%) 5 (%) 9 (6%) (%)

23 Follow-up De overleving en de event-vrije overleving is berekend voor behandelde patiënten voor wie de startdatum van de behandeling bekend was (6 HL, 7 indolent B-NHL en 55 agressief B-NHL patiënten). Onder een event wordt verstaan: progressieve ziekte na de primaire behandeling, recidief na complete remissie, progressie na partiële remissie of stabiele ziekte, of overlijden ongeacht de doodsoorzaak. De mediane follow-up duur voor de totale overleving was 5,4, 5, en,9 jaar voor respectievelijk HL, indolent B-NHL en agressief B- NHL. Drie patiënten met een HL en 7 patiënten met een indolent B-NHL waren binnen 5 jaar na de behandeling overleden. Ruim een derde van deze patiënten overleed ten gevolge van het lymfoom, maar bij bijna de helft was de doodsoorzaak niet beschreven in het dossier. De 5-jaars overleving bedroeg respectievelijk 95% en 6%. De -jaars event-vrije overleving was 87% en 48% bij respectievelijk patiënten met een HL en indolent B-NHL (Figuur ). Bij 5 respectievelijk patiënten had binnen drie jaar na de start van de behandeling geen event plaatsgevonden. Van de 55 patiënten met een agressief B-NHL waren 8 patiënten binnen 5 jaar na start van de behandeling overleden. Bij ruim 6% van deze patiënten was het lymfoom de doodsoorzaak, bij ruim % was de doodsoorzaak echter niet bekend. De - en 5-jaars overleving waren respectievelijk 5% en 46% (Figuur ). De -jaars event-vrije overleving bedroeg 4%, bij 6 patiënten had binnen jaar na de start van de behandeling geen event plaatsgevonden. In Figuur is de overleving en de event-vrije overleving voor agressief B- NHL uitgesplitst naar IPI-score. De 5-jaars overleving varieerde van 75% in patiënten met A Overleving Overleving (%) Tijd (jaren) B Event-vrije overleving -jaars 5-jaars Hodgkin lymfoom 95% (%) 95% (%) Indolent B-NHL 7% (5%) 6% (6%) Agressief B-NHL 5% (4%) 46% (4%) Event-vrije overleving (%) Tijd (jaren) -jaars event-vrije overleving (se) Hodgkin lymfoom 87% (4%) Indolent B-NHL 48% (6%) Agressief B-NHL 4% (4%) M. Hodgkin indolent B-NHL agressief B-NHL Figuur Overleving (A) en event-vrije overleving (B) voor Hodgkin lymfoom, indolent B- NHL en agressief B-NHL. se=standard error. Bij patiënt met een Hodgkin lymfoom was informatie over recidief of progressie tijdens follow-up onbekend. 9

24 A Overleving Overleving (%) Tijd (jaren) -jaars 5-jaars Laag 77% (6%) 75% (6%) Laag-intermediair 48% (9%) 48% (9%) Hoog/hoog-intermediair % (7%) 5% (6%) Onbekend 44% (8%) 6% (8%) B Event-vrije overleving Event-vrije overleving (%),8,6,4, Tijd (jaren) -jaars event-vrije overleving (se) Laag 68% (7%) Laag-intermediair 5% (8%) Hoog/hoog-intermediair % (6%) Onbekend 5% (8%) Laag Laag-intermediair Hoog/hoog-intermediair Onbekend Figuur Overleving (A) en event-vrije overleving (B) voor agressief B-NHL, uitgesplitst naar IPI-score. se=standard error een lage IPI-score tot 5% in patiënten met een hoog/hoog-intermediaire IPI-score. De - jaars event-vrije overleving was voor deze patiënten respectievelijk 68% en %. Tijdens -jaar follow-up werd bij 6 patiënten met een HL, 5 patiënten met een indolent B- NHL en 57 patiënten met een agressief B-NHL een recidief of progressie geconstateerd. Hiervan werden patiënten met een indolent B-NHL en patiënten met een agressief B- NHL niet verder behandeld. Van de patiënten die wel werden behandeld voor een recidief of progressie kreeg HL patiënt, indolent B-NHL patiënt en 7 agressief B-NHL patiënten ablatieve therapie. Dit waren allen patiënten in de leeftijdscategorie 5-65 jaar. De overige patiënten werden behandeld met andere vormen van chemotherapie, radiotherapie en/of immunotherapie.

25 Bijlage: Deelnemende ziekenhuizen Academisch Medisch Centrum, Amsterdam Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis, Amsterdam Ziekenhuis Amstelland, Amstelveen BovenIJ Ziekenhuis, Amsterdam Flevoziekenhuis, Almere Gemini Ziekenhuis, Den Helder Ziekenhuis Gooi-Noord, Blaricum Ziekenhuis Hilversum, Hilversum IJsselmeerziekenhuizen, Lelystad Kennemer Gasthuis, Haarlem Medisch Centrum Alkmaar, Alkmaar Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, Amsterdam Rode Kruis Ziekenhuis, Beverwijk Sint Lucas Andreas Ziekenhuis, Amsterdam Slotervaartziekenhuis, Amsterdam Spaarne Ziekenhuis, Hoofddorp Vrije Universiteit Medisch Centrum, Amsterdam Waterlandziekenhuis, Purmerend Westfries Gasthuis, Hoorn Zaans Medisch Centrum, Zaandam

HOVON-Hematologie scholingsdag donderdag 1 okt 2015

HOVON-Hematologie scholingsdag donderdag 1 okt 2015 HOVON-Hematologie scholingsdag donderdag 1 okt 2015 Josée Zijlstra VUMC www.hematologie.nl/ j.zijlstra@vumc.nl Thomas Hodgkin 1798-1866 Hodgkin lymfoom Diagnostiek Pathologie Epidemiologie Symptomen Beeldvorming

Nadere informatie

Welkom in Meander Medisch Centrum. Informatieavond non-hodgkinlymfoom en stamceltransplantatie 25 november 2014

Welkom in Meander Medisch Centrum. Informatieavond non-hodgkinlymfoom en stamceltransplantatie 25 november 2014 Welkom in Meander Medisch Centrum Informatieavond non-hodgkinlymfoom en stamceltransplantatie 25 november 2014 Indolent non Hodgkin lymfoom en chronischlymfatischeleukemie Van oorzaaktot (nieuwe ontwikkelingen

Nadere informatie

Behandeling van patiënten met Hodgkin lymfoom: wikken en wegen? Josée Zijlstra Hematoloog Vumc j.zijlstra@vumc.nl

Behandeling van patiënten met Hodgkin lymfoom: wikken en wegen? Josée Zijlstra Hematoloog Vumc j.zijlstra@vumc.nl Behandeling van patiënten met Hodgkin lymfoom: wikken en wegen? Josée Zijlstra Hematoloog Vumc j.zijlstra@vumc.nl Wikken en wegen Wat is de beste behandeling? Beste behandeling? Grootste kans op genezing..

Nadere informatie

Maligne melanoma Belang van sentinelklierbiopsie

Maligne melanoma Belang van sentinelklierbiopsie Maligne melanoma Belang van sentinelklierbiopsie Annemie Rutten Medische Oncologie AZ St. Augustinus Maligne melanoma 10% van alle huidkankers, maar meest agressieve. Incidentie van maligne melanoma neemt

Nadere informatie

Ouderen en kanker: epidemiologie en factoren van invloed op behandeling en overleving. Maryska Janssen-Heijnen Valery Lemmens

Ouderen en kanker: epidemiologie en factoren van invloed op behandeling en overleving. Maryska Janssen-Heijnen Valery Lemmens Ouderen en kanker: epidemiologie en factoren van invloed op behandeling en overleving Maryska Janssen-Heijnen Valery Lemmens Levensverwachting in jaren Nederlandse bevolking 2007 Leeftijd Mannen Vrouwen

Nadere informatie

NABON Breast Cancer Audit (NBCA)

NABON Breast Cancer Audit (NBCA) NABON Breast Cancer Audit (NBCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De ontsluiting

Nadere informatie

Maligne hematologie. Asia Ropela, internist-oncoloog St.Jansdal ziekenhuis 22 maart 2014

Maligne hematologie. Asia Ropela, internist-oncoloog St.Jansdal ziekenhuis 22 maart 2014 Maligne hematologie Asia Ropela, internist-oncoloog St.Jansdal ziekenhuis 22 maart 2014 Indeling Leukemie acuut AML (acute myeloïde leukemie) ALL (acute lymfoïde leukemie) chronisch CML (chronische myeloïde

Nadere informatie

Agressief non-hodgkin lymfoom

Agressief non-hodgkin lymfoom Agressief non-hodgkin lymfoom Case report Mels Hoogendoorn Hematon lymfklierkankerdag 13 september 2014 Mels Hoogendoorn Marinus van Reymerswaele - Geldwisselaar en zijn vrouw - 1539 83 x 97 cm - Museo

Nadere informatie

KWALITEITSINDICATOREN VOOR ONCOLOGIE: BORSTKANKER Fase 1: validatie van de individuele resultaten Ziekenhuis 86

KWALITEITSINDICATOREN VOOR ONCOLOGIE: BORSTKANKER Fase 1: validatie van de individuele resultaten Ziekenhuis 86 1 KWALITEITSINDICATOREN VOOR ONCOLOGIE: BORSTKANKER Fase 1: validatie van de individuele resultaten Ziekenhuis 86 2 1. BESCHRIJVENDE STATISTIEK Tabel 1: Invasieve borstkanker en ductaal carcinoma in situ

Nadere informatie

Diagnostiek, behandeling en follow-up van het intermediair en hooggradig Non-Hodgkin Lymfoom

Diagnostiek, behandeling en follow-up van het intermediair en hooggradig Non-Hodgkin Lymfoom Diagnostiek, behandeling en follow-up van het intermediair en hooggradig Non-Hodgkin Lymfoom Kosten van protocollaire en niet-protocollaire behandelingen Drs. M. van Agthoven Dr. L.M. Faber Dr. C.A. Uyl-de

Nadere informatie

T-cel lymfomen diagnostische dilemma's, klinische consequenties en moleculaire oplossingen

T-cel lymfomen diagnostische dilemma's, klinische consequenties en moleculaire oplossingen T-cel lymfomen diagnostische dilemma's, klinische consequenties en moleculaire oplossingen Daphne de Jong, NKI-AVL Amsterdam Werkgroep Moleculaire Diagnostiek in de Pathologie 28-01-1011 WHO classificatie

Nadere informatie

Non-Hodgkin Lymfomen: naar therapie op maat?

Non-Hodgkin Lymfomen: naar therapie op maat? Non-Hodgkin Lymfomen: naar therapie op maat? LYMMCARE Patiëntensymposium 13 november 2014 Rien van Oers non-hodgkin lymfomen Inleiding: indeling non-hodgkin lymfomen Behandeling anno 2014 Nieuwe ontwikkelingen

Nadere informatie

Samenvatting. Inleiding

Samenvatting. Inleiding Samenvatting Inleiding Indolente en agressieve lymfomen Dit proefschrift gaat over maligne lymfomen, ook wel lymfeklierkanker genoemd. In Nederland krijgen jaarlijks ongeveer 3000 mensen een maligne lymfoom.

Nadere informatie

Nut en noodzaak van CZS profylaxe bij DLBCL in rituximab tijdperk

Nut en noodzaak van CZS profylaxe bij DLBCL in rituximab tijdperk Nut en noodzaak van CZS profylaxe bij DLBCL in rituximab tijdperk Moderator P.J. Lugtenburg speaker Jeanette Doorduijn Belangenverklaring In overeenstemming met de regels van de Inspectie van de Gezondheidszorg

Nadere informatie

Stichting Hematologisch-Oncologisch. Wetenschapsonderzoek (SHOW) Research en patiëntenzorg

Stichting Hematologisch-Oncologisch. Wetenschapsonderzoek (SHOW) Research en patiëntenzorg Stichting Hematologisch-Oncologisch Wetenschapsonderzoek (SHOW) Research en patiëntenzorg Comité van aanbeveling Ria Bremer, journalist Prof. Dr. Jan Wouter ten Cate, vasculair geneeskundige Peter Faber,

Nadere informatie

NABON Breast Cancer Audit (NBCA)

NABON Breast Cancer Audit (NBCA) NABON Breast Cancer Audit (NBCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De ontsluiting

Nadere informatie

Factsheet NABON Breast Cancer Audit (NBCA)

Factsheet NABON Breast Cancer Audit (NBCA) Factsheet NABON Breast Cancer Audit () [1.0.; 15-09-] Registratie gestart: 2011 Als algemene voorwaarde voor het meenemen van een patiënt in de berekening van de kwaliteitsindicatoren is gesteld dat ten

Nadere informatie

Wait and See. Arnon Kater. Afdeling Hematologie AMC Amsterdam

Wait and See. Arnon Kater. Afdeling Hematologie AMC Amsterdam Wait and See Arnon Kater Afdeling Hematologie AMC Amsterdam Onderwerpen Algemene aspecten CLL en non-hodgkin lymfomen Wait and See beleid Therapie CLL en indolente lymfomen anno 2015 Nieuwe ontwikkelingen..?

Nadere informatie

Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van een onbekende primaire tumor in het hoofd-halsgebied: Unknown Primary

Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van een onbekende primaire tumor in het hoofd-halsgebied: Unknown Primary VII Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van een onbekende primaire tumor in het hoofd-halsgebied: Unknown Primary naar Algemeen 538 Epidemiologie 538 1. Screening 538 2. Diagnostiek 538 2.1 Anamnese

Nadere informatie

Is er nog een rol voor de radiotherapeut bij lymfatische maligniteiten anno 2020? Berthe M.P. Aleman Radiotherapeut

Is er nog een rol voor de radiotherapeut bij lymfatische maligniteiten anno 2020? Berthe M.P. Aleman Radiotherapeut Is er nog een rol voor de radiotherapeut bij lymfatische maligniteiten anno 2020? Berthe M.P. Aleman Radiotherapeut Disclosure belangen spreker (potentiële) belangenverstrengeling Geen Voor bijeenkomst

Nadere informatie

Bijlage E Deelrapportage voor hemato-oncologische aandoeningen

Bijlage E Deelrapportage voor hemato-oncologische aandoeningen Bijlage E Deelrapportage voor hemato-oncologische aandoeningen Cijfers over de oncologische zorg in Nederland; een globale verkenning van de verdeling en variatie van de oncologische zorg tussen verschillende

Nadere informatie

Zeldzame Gastro-intestinale poliepen. 1 september 2010 Marit Jalink, AIOS Interne Ziekenhuis Amstelland Afdeling MDL

Zeldzame Gastro-intestinale poliepen. 1 september 2010 Marit Jalink, AIOS Interne Ziekenhuis Amstelland Afdeling MDL Zeldzame Gastro-intestinale poliepen 1 september 2010 Marit Jalink, AIOS Interne Ziekenhuis Amstelland Afdeling MDL Casusbeschrijving 57 jarige Surinaamse vrouw Blanco voorgeschiedenis, medicatie Klachtenpresentatie:

Nadere informatie

- incidentele bevinding zonder klachten - weigering van chirurgische behandeling - slechte algehele conditie waardoor chirurgie niet verantwoord is

- incidentele bevinding zonder klachten - weigering van chirurgische behandeling - slechte algehele conditie waardoor chirurgie niet verantwoord is Auteur Soort studie Aantal patiënten Lee 2013 Qurashi Systematic review 1999-2011 Systematic review 1999-2011 Radiotherapie / Chirurgie (meestal gevolgd door ) 377 Conservatief waaronder Inclusiecriteria

Nadere informatie

Chronische Lymfatische Leukemie. anno 2015

Chronische Lymfatische Leukemie. anno 2015 Chronische Lymfatische Leukemie anno 2015 Marten R. Nijziel, internist-hematoloog Máxima Medisch Centrum Eindhoven/Veldhoven Hematon Leukemiedag Soesterberg, 3 oktober 2015 Wat is CLL? Wat is nodig voor

Nadere informatie

Onderstaande vragen zijn van toepassing op de periode 4-6 maanden postoperatief

Onderstaande vragen zijn van toepassing op de periode 4-6 maanden postoperatief Aantal maanden? Datum: Setting: O klinisch O poliklinisch Beoordelaar: (naam) Algemeen Onderstaande vragen zijn van toepassing op de periode 4- postoperatief Is de patient opgenomen geweest in een van

Nadere informatie

Hodgkin lymfoom 2014. Dr. A. Van Hoof, hematologie Brugge

Hodgkin lymfoom 2014. Dr. A. Van Hoof, hematologie Brugge Hodgkin lymfoom 2014 Dr. A. Van Hoof, hematologie Brugge Wat is Hodgkin lymfoom? Waarom bij mij? Diagnose en stadiumbepaling Behandeling Laattijdige verwikkelingen Lymfomen Ziekte van Hodgkin of Hodgkin

Nadere informatie

Behandeling van het agressieve non-hodgkin lymfoom naar therapie op maat

Behandeling van het agressieve non-hodgkin lymfoom naar therapie op maat Behandeling van het agressieve non-hodgkin lymfoom naar therapie op maat Martine Chamuleau Agressief Non-Hodgkin lymfoom -algemene inleiding lymfomen inclusief stadiering -diffuus grootcellig B cel lymfoom

Nadere informatie

1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström

1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström 1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström Dr. S.A.M. van de Schans, S. Oerlemans, MSc. en prof. dr. J.W.W. Coebergh Inleiding Epidemiologie is de wetenschap die eenvoudig gezegd

Nadere informatie

Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van Morbus Hodgkin

Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van Morbus Hodgkin Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van Morbus Hodgkin Inleiding 169 1. Anamnese 170 2. Onderzoek 170 2.1 Fysisch onderzoek 170 2.2 Laboratorium 171 2.3 Beeldvormende technieken 171 2.4 Histopathologie

Nadere informatie

Ouderen met kanker: epidemiologie en factoren van invloed op behandeling en overleving. Maryska Janssen-Heijnen

Ouderen met kanker: epidemiologie en factoren van invloed op behandeling en overleving. Maryska Janssen-Heijnen Ouderen met kanker: epidemiologie en factoren van invloed op behandeling en overleving Maryska Janssen-Heijnen Levensverwachting in jaren Nederlandse bevolking 2007 Leeftijd Mannen Vrouwen 60 21 24 70

Nadere informatie

Wait and See. Hematon, 29 maart 2014 Nieuwegein. Rien van Oers. Afdeling Hematologie AMC Amsterdam

Wait and See. Hematon, 29 maart 2014 Nieuwegein. Rien van Oers. Afdeling Hematologie AMC Amsterdam Wait and See Hematon, 29 maart 2014 Nieuwegein Rien van Oers Afdeling Hematologie AMC Amsterdam Keuze menu voor uw vragen Wait and See beleid Algemene aspecten non-hodgkin lymfomen Indeling lymfomen Klachten

Nadere informatie

De achilleshiel van CLL

De achilleshiel van CLL De achilleshiel van CLL Dr. S.H. Tonino 22 november 2012 Afdeling Hematologie AMC, Amsterdam Chronische lymfatische leukemie 1. wat is chronische lymfatische leukemie (CLL?) 2. behandeling anno 2012 3.

Nadere informatie

Folliculair Lymfoom graad 3B (FL3B)

Folliculair Lymfoom graad 3B (FL3B) Nederlandse samenvatting Folliculair Lymfoom graad 3B (FL3B) Inleiding Een maligne lymfoom is een kwaadaardige woekering van witte bloedcellen die zich meestal manifesteert in lymfeklieren en zich verspreidt

Nadere informatie

Non Hodgkin lymfoom. Albert Schweitzer ziekenhuis februari 2014 pavo 1113

Non Hodgkin lymfoom. Albert Schweitzer ziekenhuis februari 2014 pavo 1113 Non Hodgkin lymfoom Albert Schweitzer ziekenhuis februari 2014 pavo 1113 Uw hoofdbehandelaar is: hematoloog dr. Uw specialist is op werkdagen tussen 08.30 17.00 uur bereikbaar via de polikliniek Interne

Nadere informatie

Vlaams Indicatorenproject VIP²: Kwaliteitsindicatoren Borstkanker

Vlaams Indicatorenproject VIP²: Kwaliteitsindicatoren Borstkanker Vlaams Indicatorenproject VIP²: Kwaliteitsindicatoren Borstkanker INDICATOR B1 Proportie van patiënten gediagnosticeerd met invasieve borstkanker bij wie een systeembehandeling voorafgegaan werd door ER/PR-

Nadere informatie

Klinische Dag NVvH 2 oktober 2014 Claudia Ootjers

Klinische Dag NVvH 2 oktober 2014 Claudia Ootjers Dhr O., 60 jaar Klinische Dag NVvH 2 oktober 2014 Claudia Ootjers Klinische Dag NVvH 2 oktober 2014 Disclosure belangen Claudia Ootjers Geen (potentiële) belangenverstrengeling Klinische Dag NVvH 2 Relevante

Nadere informatie

(Neo)adjuvante chemotherapie bij het rectumcarcinoom. Prof.dr. Kees Punt afd. Medische Oncologie AMC Amsterdam

(Neo)adjuvante chemotherapie bij het rectumcarcinoom. Prof.dr. Kees Punt afd. Medische Oncologie AMC Amsterdam (Neo)adjuvante chemotherapie bij het rectumcarcinoom Prof.dr. Kees Punt afd. Medische Oncologie AMC Amsterdam Adjuvante chemotherapie bij rectumcarcinoom in Nederland Geloof Gewoonte Evidence-based medicine

Nadere informatie

Tumoren van centrale zenuwstelsel. Asia Ropela, internist-oncoloog St.Jansdal ziekenhuis 22 maart 2014

Tumoren van centrale zenuwstelsel. Asia Ropela, internist-oncoloog St.Jansdal ziekenhuis 22 maart 2014 Tumoren van centrale zenuwstelsel Asia Ropela, internist-oncoloog St.Jansdal ziekenhuis 22 maart 2014 Indeling Metastasen van tumoren van elders In de parenchym van de hersenen In hersenvliezen: leptomeningeale

Nadere informatie

Dutch Surgical Colorectal Audit (DSCA)

Dutch Surgical Colorectal Audit (DSCA) Dutch Surgical Colorectal Audit (DSCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA.

Nadere informatie

a) Percentage patiënten met een niercelcarcinoom 4 cm (ct1a) die geen nefrectomie hebben

a) Percentage patiënten met een niercelcarcinoom 4 cm (ct1a) die geen nefrectomie hebben Indicatoren evaluatie project richtlijn Niercelcarcinoom Indicator 1 a) Percentage patiënten met een niercelcarcinoom 4 cm (ct1a) die geen nefrectomie hebben ondergaan waarbij minstens 2 histologische

Nadere informatie

Borstkanker B1: Bepalen van ER/PR/Her2/Neu. Definitie: Aandeel van patiënten gediagnosticeerd met invasieve borstkanker bij wie

Borstkanker B1: Bepalen van ER/PR/Her2/Neu. Definitie: Aandeel van patiënten gediagnosticeerd met invasieve borstkanker bij wie Borstkanker B1: Bepalen van ER/PR/Her2/Neu Definitie: Aandeel van patiënten gediagnosticeerd met invasieve borstkanker bij wie systemische therapie (hormoon- en/of chemotherapie) voorafgegaan werd door

Nadere informatie

Een melanoom, wat nu?

Een melanoom, wat nu? Een melanoom, wat nu? Aanvullende diagnostiek Is er op gericht om aan te tonen dat er sprake is van gelokaliseerde ziekte Gelokaliseerde ziekte = een primair melanoom met ten hoogste satelliet-, intransit-

Nadere informatie

Samenvatting en conclusies

Samenvatting en conclusies Centraal in dit proefschrift staat de minimaal invasieve slokdarmresectie als behandeloptie voor het slokdarmcarcinoom. In hoofdstuk 2 en 3 belichten wij in twee overzichtsartikelen de in de literatuur

Nadere informatie

Comorbiditeit en oncologische zorg voor ouderen

Comorbiditeit en oncologische zorg voor ouderen Comorbiditeit en oncologische zorg voor ouderen Huub Maas, klinisch geriater TweeSteden ziekenhuis Tilburg IKZ Eindhoven Rotterdam 19-11-2008 Definities Comorbiditeit: bijkomende ziekte(n) naast de index

Nadere informatie

Inleiding. Het Hodgkin lymfoom en de standaardbehandeling

Inleiding. Het Hodgkin lymfoom en de standaardbehandeling De H10 EORTC/GELA gerandomiseerde Intergroep trial bij patiënten met stadium I of II Hodgkin lymfoom waarbij de standaard combinatie behandeling van chemotherapie en bestraling vergeleken wordt met aanpassing

Nadere informatie

Nederlanse Samenvatting. Nederlandse Samenvatting

Nederlanse Samenvatting. Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting 197 198 Samenvatting In het proefschrift worden diverse klinische aspecten van primaire PCI (Primaire Coronaire Interventie) voor de behandeling van een hartinfarct onderzocht.

Nadere informatie

Neutropenie bij ABVD. Mirjam Oudshoorn. Co-authors Sabina Kersting, Ward Posthuma, Marjolein Donker

Neutropenie bij ABVD. Mirjam Oudshoorn. Co-authors Sabina Kersting, Ward Posthuma, Marjolein Donker Neutropenie bij ABVD Mirjam Oudshoorn Co-authors Sabina Kersting, Ward Posthuma, Marjolein Donker Belangenverklaring In overeenstemming met de regels van de Inspectie van de Gezondheidszorg (IGZ) Naam:

Nadere informatie

Presentatie Een 24-jarige vrouw presenteert zich met hypermenorrhoea, veel hematomen en bloedneuzen. Haar vorige menstruatie verliep normaal.

Presentatie Een 24-jarige vrouw presenteert zich met hypermenorrhoea, veel hematomen en bloedneuzen. Haar vorige menstruatie verliep normaal. CASUS 2 Presentatie Een 24-jarige vrouw presenteert zich met hypermenorrhoea, veel hematomen en bloedneuzen. Haar vorige menstruatie verliep normaal. Lichamelijk onderzoek Bleek, veel hematomen, veel bloed

Nadere informatie

Rol van radiotherapie bij Hodgkin lymfoom

Rol van radiotherapie bij Hodgkin lymfoom Rol van radiotherapie bij Hodgkin lymfoom Berthe M.P. Aleman Radiotherapeut Scholingsdag 2015 Disclosure belangen spreker (potentiële) belangenverstrengeling Geen Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties

Nadere informatie

samenvatting de belangrijkste vraagstellingen van dit proefschrift zijn:

samenvatting de belangrijkste vraagstellingen van dit proefschrift zijn: Samenvatting Hodgkin lymfoom en zaadbalkanker zijn beide zeldzame maligniteiten die voornamelijk bij jong-volwassenen voorkomen. Beide ziekten hebben tegenwoordig een uitstekende prognose, o.a. door de

Nadere informatie

Ruwe sterftecijfers ziekenhuizen

Ruwe sterftecijfers ziekenhuizen Ruwe sterftecijfers ziekenhuizen Klinische opname Ziekenhuis Plaats Dagopname Dagmortaliteit Klinische mortaliteit % dag % kliniek Stg. Medisch Centrum Alkmaar Alkmaar 30.641 33.947 0 765 0,00 2,25 Ziekenhuisgroep

Nadere informatie

Ontwikkelingen in de behandeling van het indolente non-hodgkin lymfoom Hematon/LVN Patiëntensymposium

Ontwikkelingen in de behandeling van het indolente non-hodgkin lymfoom Hematon/LVN Patiëntensymposium Ontwikkelingen in de behandeling van het indolente non-hodgkin lymfoom Hematon/LVN Patiëntensymposium 13 september 2014 Marie José Kersten non-hodgkin lymfomen Inleiding: indeling non-hodgkin lymfomen

Nadere informatie

De indicatoren over borstkanker, die in kader van het VIP²-project worden opgevolgd zijn:

De indicatoren over borstkanker, die in kader van het VIP²-project worden opgevolgd zijn: Indicatoren VIP²-project Oncologie In België is, net als in Europa, borstkanker de meest voorkomende oorzaak van overlijden door kanker bij vrouwen (20,6 % van alle overlijdens ingevolge kanker). In 2009

Nadere informatie

Oncologische zorg bij ouderen

Oncologische zorg bij ouderen Oncologische zorg bij ouderen Balanceren tussen over- en onderbehandeling Johanneke Portielje, HagaZiekenhuis Kring ouderenzorg AMC & partners 12 juni 2013 mamma carcinoom

Nadere informatie

Vlaams Indicatoren Project VIP²

Vlaams Indicatoren Project VIP² Vlaams Indicatoren Project VIP² Het initiatief voor het Vlaams Indicatoren Project VIP² gaat uit van de Vlaamse overheid, de Vlaamse vereniging van hoofdartsen en de ziekenhuiskoepels Zorgnet en Icuro.

Nadere informatie

EDITORIAL p. 3. NUT VAN MEDISCHE BEELDVORMING BIJ DE BEHANDELING VAN LYMFOOM: VISIE VAN DE HEMATOLOOG p. 4. NUT VAN CT EN MRI BIJ LYMFOOM p.

EDITORIAL p. 3. NUT VAN MEDISCHE BEELDVORMING BIJ DE BEHANDELING VAN LYMFOOM: VISIE VAN DE HEMATOLOOG p. 4. NUT VAN CT EN MRI BIJ LYMFOOM p. DRIEMAANDELIJKS Feb. > april 2016 Nummer 6 EDITORIAL p. 3 NUT VAN MEDISCHE BEELDVORMING BIJ DE BEHANDELING VAN LYMFOOM: VISIE VAN DE HEMATOLOOG p. 4 NUT VAN CT EN MRI BIJ LYMFOOM p. 9 NUT VAN DE POSITRONEMISSIETOMO-

Nadere informatie

Bossche Samenscholingsdagen MAMMACARCINOOM 2.0

Bossche Samenscholingsdagen MAMMACARCINOOM 2.0 Bossche Samenscholingsdagen MAMMACARCINOOM 2.0 3-10-2014 Dr. M. (Maud) Bessems Chirurg-oncoloog JBZ Malaga DOELSTELLING Update van de huidige standaard in zorg rondom het mammacarcinoom Sneak preview in

Nadere informatie

KWALITEITSINDICATOREN VOOR ONCOLOGIE: BORSTKANKER (2007-2008) Handleiding bij fase 1: Validatie van de individuele resultaten

KWALITEITSINDICATOREN VOOR ONCOLOGIE: BORSTKANKER (2007-2008) Handleiding bij fase 1: Validatie van de individuele resultaten KWALITEITSINDICATOREN VOOR ONCOLOGIE: BORSTKANKER (2007-2008) Handleiding bij fase 1: Validatie van de individuele resultaten 1 2 Op initiatief van de Vlaamse Overheid, de Vlaamse Vereniging van Hoofdartsen,

Nadere informatie

CoRPS. 'Cancer survivorship' onderzoek in Zuid Oost Nederland: van epidemiologische bevindingen naar interventies

CoRPS. 'Cancer survivorship' onderzoek in Zuid Oost Nederland: van epidemiologische bevindingen naar interventies 'Cancer survivorship' onderzoek in Zuid Oost Nederland: van epidemiologische bevindingen naar interventies Center of Research on Psychology in Somatic diseases Lonneke van de Poll Franse, Integraal Kankercentrum

Nadere informatie

COLOPEC trial. 9. Follow-up 2/3/4/5 jaar na primaire resectie. Anamnese. Lichamelijk onderzoek. Labwaarden. Patiënt Identificatie Nummer: Initialen:

COLOPEC trial. 9. Follow-up 2/3/4/5 jaar na primaire resectie. Anamnese. Lichamelijk onderzoek. Labwaarden. Patiënt Identificatie Nummer: Initialen: Aantal maanden? maanden Datum: Setting: O klinisch O poliklinisch Beoordelaar: (naam) Algemeen Onderstaande vragen zijn van toepassing op de periode 18- postoperatief Is de patient opgenomen geweest in

Nadere informatie

Betere kwaliteit = betere uitkomst van zorg?

Betere kwaliteit = betere uitkomst van zorg? Betere kwaliteit = betere uitkomst van zorg? Symposium (Over)leven na Kanker Tilburg, 8 maart 2013 Dr. V. Lemmens Hoofd Sector Onderzoek, Integraal Kankercentrum Zuid Eindhoven Kwaliteit Kwaliteit: definitie?

Nadere informatie

AVL symposium 11 juni 2015 Eva Balkenende, arts onderzoeker CVV AMC e.m.balkenende@amc.nl

AVL symposium 11 juni 2015 Eva Balkenende, arts onderzoeker CVV AMC e.m.balkenende@amc.nl Fertiliteitspreservatie bij borstkanker, wat zijn de mogelijkheden? AVL symposium 11 juni 2015 Eva Balkenende, arts onderzoeker CVV AMC e.m.balkenende@amc.nl Achtergrond borstkanker Incidentie 2012: 14.296

Nadere informatie

Uitkomstenonderzoek in non-hodgkin lymphoma. Hedwig Blommestein

Uitkomstenonderzoek in non-hodgkin lymphoma. Hedwig Blommestein Uitkomstenonderzoek in non-hodgkin lymphoma ~Kansen en uitdagingen~ Hedwig Blommestein Inleiding Inhoud presentatie Uitkomstenonderzoek Casus rituximab maintenance Achtergrond Resultaten t Conclusie Uitkomstenonderzoek

Nadere informatie

Hoofd-hals kanker epidemiologie, etiologie, symptomatologie en diagnostiek

Hoofd-hals kanker epidemiologie, etiologie, symptomatologie en diagnostiek Hoofd-hals kanker epidemiologie, etiologie, symptomatologie en diagnostiek M. Lacko KNO-arts/Hoofd-hals oncoloog Oncologie symposium, Maastricht 21 mei 2015 Indeling presentatie 1. Incidentie en epidemiologie

Nadere informatie

Project Kwaliteitsindicatoren Borstkanker 2007-2008

Project Kwaliteitsindicatoren Borstkanker 2007-2008 Project Kwaliteitsindicatoren 2007-2008 De borstkliniek: Iedere nieuwe diagnose van een borsttumor dient door de borstkliniek te worden geregistreerd bij het Nationaal Kankerregister. Het Project Kwaliteitsindicatoren

Nadere informatie

Samenvatting en conclusies

Samenvatting en conclusies Samenvatting en conclusies Chapter IX De schildwachtklier is de eerste lymfklier waarop een kwaadaardige tumor draineert. Deze lymfklier zal als eerste zijn aangedaan, wanneer de tumor via de lymfbanen

Nadere informatie

EFFECT studie - Formulier follow-up registratie

EFFECT studie - Formulier follow-up registratie EFFECT studie - Formulier follow-up registratie (Opgelet: Tijdstip invullen variabelen: minstens 6 maand na diagnose of na het beëindigen van de adjuvante behandelingen of na de heelkundige ingreep als

Nadere informatie

Ziekenhuis: positie op ranglijst plus plaatsnaam

Ziekenhuis: positie op ranglijst plus plaatsnaam Ziekenhuis: positie op ranglijst plus plaatsnaam Percentage van de ondervraagden dat specialisme goed vindt Anaesthesie/pijnbestrijding Oss, Ziekenhuis Bernhoven 56 Rotterdam, Ikazia ziekenhuis 47 Nieuwegein/Utrecht,

Nadere informatie

Dutch Upper GI Cancer Audit (DUCA)

Dutch Upper GI Cancer Audit (DUCA) Dutch Upper GI Cancer Audit (DUCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De

Nadere informatie

Chronische lymfatische leukemie Arnon Kater

Chronische lymfatische leukemie Arnon Kater Chronische lymfatische leukemie Arnon Kater http://www.lymmcare.nl/ CLL Epidemiologie Prognostische factoren Biologie en targeted therapy Huidige behandeling en studies CLL: epidemiologie CLL is de meest

Nadere informatie

Maligne pleura exsudaat

Maligne pleura exsudaat Maligne pleura exsudaat Regionale richtlijn IKL, Versie: 1.1 Laatst gewijzigd: 25-10-2005 Methodiek: Consensus based Verantwoording: IKL werkgroep bronchuscarcinomen Inhoudsopgave Algemeen...1 Diagnostiek...2

Nadere informatie

Radiotherapie in de palliatieve zorg

Radiotherapie in de palliatieve zorg Radiotherapie in de palliatieve zorg Radiotherapie bij myelumcompressie Karin Kleynen 24-11-2011 Casus: Dhr B 58 jaar Consult Urologie 21-7-2011 Patiënt had sinds 3 weken buik- en rugklachten, met name

Nadere informatie

Vlaams Indicatoren Project VIP²: borstkankerindicatoren

Vlaams Indicatoren Project VIP²: borstkankerindicatoren Vlaams Indicatoren Project VIP²: borstkankerindicatoren Op initiatief van de Vlaamse Vereniging van Hoofdartsen, Icuro, Zorgnet Vlaanderen en de Vlaamse overheid, is het Vlaamse VIP 2 -indicatorenproject

Nadere informatie

TRAUMATISCH PANCREASLETSEL

TRAUMATISCH PANCREASLETSEL TRAUMATISCH PANCREASLETSEL Frank Oort Gutclub 29 oktober 2014 1 2 Opbouw Casus Achtergrond Traumatisch pancreas letsel bij kinderen Vervolg casus Leerpunten casus 3 Casus Mw. C. 13 jaar Overplaatsing vanuit

Nadere informatie

Tarieven 2014 Antoni van Leeuwenhoek Ingangsdatum: 1 april 2014

Tarieven 2014 Antoni van Leeuwenhoek Ingangsdatum: 1 april 2014 Tarieven 2014 Antoni van Leeuwenhoek Ingangsdatum: 1 april 2014 DBCzorgproductcode 19999007 6 tot maximaal 28 verpleegligdagen bij Een infectieziekte 15B932 11.286,44 10.283,87 1.002,57 20107006 Operatie

Nadere informatie

Ouderen met kanker. population-based studies van co-morbiditeit uit de oncologische praktijk Jan Willem Coebergh Kankersurveillance, Erasmus MC

Ouderen met kanker. population-based studies van co-morbiditeit uit de oncologische praktijk Jan Willem Coebergh Kankersurveillance, Erasmus MC Ouderen met kanker population-based studies van co-morbiditeit uit de oncologische praktijk Jan Willem Coebergh Kankersurveillance, Erasmus MC Inhoud + werkwijze Achtergrondinformatie /literatuur Onderzoeksbevindingen

Nadere informatie

EFFECT studie - Formulier follow-up registratie

EFFECT studie - Formulier follow-up registratie EFFECT studie - Formulier follow-up registratie (Opgelet: Tijdstip invullen variabelen: minstens 6 maand na diagnose of na het beëindigen van de adjuvante behandelingen of na de heelkundige ingreep als

Nadere informatie

Hoofdstuk 8. Orale leukoplakie een klinische, histopathologische en moleculaire studie. Samenvatting, conclusies en aanbevelingen

Hoofdstuk 8. Orale leukoplakie een klinische, histopathologische en moleculaire studie. Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Hoofdstuk 8 Orale leukoplakie een klinische, histopathologische en moleculaire studie Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Samenvatting, conclusies en aanbevelingen

Nadere informatie

Vroege detectie van naadlekkage. Marcel den Dulk 25 juni 2013

Vroege detectie van naadlekkage. Marcel den Dulk 25 juni 2013 Vroege detectie van naadlekkage Marcel den Dulk 25 juni 2013 Take home message Naadlekkage is een gevreesde complicatie geassocieerd met hoge morbiditeit en mortaliteit Leakage scores resulteren in gereduceerde

Nadere informatie

MRI: more is less? Emiel Rutgers

MRI: more is less? Emiel Rutgers Het 9e NKI-AVL mammacarcinoom symposium Less is more? Minder overbehandeling voor meer borstkankerpatiënten MRI: more is less? Emiel Rutgers Indicaties MRI mammae Opsporen van onbekende primaire bij patiënten

Nadere informatie

2.5.8 Hairy cell leukemie

2.5.8 Hairy cell leukemie 2.5.8 Hairy cell leukemie Volwassen patiënten Aantasting van beenmerg milt: kan enorm groot worden lever bloed Indolent verloop Low grade maligne Lymfeklieren laattijdig of nooit aangetast EM: lange cytoplasmatische

Nadere informatie

Snelle mutatiescreening bij borstkanker. Dr. Margreet Ausems Afdeling Medische Genetica UMC Utrecht

Snelle mutatiescreening bij borstkanker. Dr. Margreet Ausems Afdeling Medische Genetica UMC Utrecht Snelle mutatiescreening bij borstkanker Dr. Margreet Ausems Afdeling Medische Genetica UMC Utrecht Erfelijke borstkanker Tenminste 5% van de patiënten met mammacarcinoom Dominante overerving Oorzaak:

Nadere informatie

chemoradiatie en chemotherapie bij het rectumcarcinoom

chemoradiatie en chemotherapie bij het rectumcarcinoom Pre-operatieve chemoradiatie en chemotherapie bij het rectumcarcinoom Marie-Cecile Legdeur Relevante vragen 1. Hoe werkt chemoradiotherapie (CRT)? 2. Voegt chemotherapie iets toe aan pre-operatieve radiotherapie?

Nadere informatie

Dutch Lung Surgery Audit (DLSA)

Dutch Lung Surgery Audit (DLSA) Dutch Lung Surgery Audit (DLSA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De ontsluiting

Nadere informatie

Prijslijst 2013 : deurprijzen geldig voor behandelingen gestart tussen 01-07-2013 t/m 31-12-2013 VOORWAARDEN

Prijslijst 2013 : deurprijzen geldig voor behandelingen gestart tussen 01-07-2013 t/m 31-12-2013 VOORWAARDEN VOORWAARDEN Op alle door het ziekenhuis en door de daaraan verbonden vrijgevestigd medisch specialisten met patiënten gesloten behandelingsovereenkomsten, voorzover deze werkzaamheden binnen het kader

Nadere informatie

Echogeleide chirurgie voor mammacarcinoom

Echogeleide chirurgie voor mammacarcinoom Echogeleide chirurgie voor mammacarcinoom Een prospectief gerandomiseerd onderzoek N.M.A. Krekel M.H. Haloua M.P. van den Tol S. Meijer Chirurgische oncologie VU Universitair Medisch Centrum Incidentie

Nadere informatie

Onderzoek naar het functioneren van arts-assistenten in ziekenhuizen

Onderzoek naar het functioneren van arts-assistenten in ziekenhuizen Onderzoek naar het functioneren van arts-assistenten in ziekenhuizen BIJLAGE 1 Vragenlijst Vragen die betrekking hebben op de borging van de kwaliteit van de zorg. A. Algemeen Ik werk momenteel als arts

Nadere informatie

Vlaams Indicatoren Project VIP²

Vlaams Indicatoren Project VIP² Vlaams Indicatoren Project VIP² Op initiatief van de Vlaamse Vereniging van Hoofdartsen, Icuro, Zorgnet Vlaanderen en de Vlaamse overheid, is het Vlaamse VIP 2 -indicatorenproject opgericht. Samen met

Nadere informatie

PROFILES infrastructuur voor (online) data verzameling. Lonneke van de Poll-Franse

PROFILES infrastructuur voor (online) data verzameling. Lonneke van de Poll-Franse PROFILES infrastructuur voor (online) data verzameling Lonneke van de Poll-Franse Eindhoven Cancer Registry (ECR) Onderdeel van de Nederlandse Kankerregistratie* Gebied van 2,4 miljoen inwoners 10 ziekenhuizen

Nadere informatie

Uitleg over de interpretatie van de grafiek : De resultaten worden weergegeven via een trechtertechniek (= Funnel plot).

Uitleg over de interpretatie van de grafiek : De resultaten worden weergegeven via een trechtertechniek (= Funnel plot). Het H.-Hartziekenhuis scoort bij het Vlaams Indicatoren Project! Het initiatief voor het Vlaams Indicatoren Project (VIP²) gaat uit van de Vlaamse overheid, de Vlaamse vereniging van hoofdartsen en de

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/29128 holds various files of this Leiden University dissertation.

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/29128 holds various files of this Leiden University dissertation. Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/29128 holds various files of this Leiden University dissertation. Author: Daniëls, Laurien Aletta Title: Late effects after treatment for Hodgkin lymphoma

Nadere informatie

INLEIDING kwaliteitsindicatoren.

INLEIDING kwaliteitsindicatoren. INLEIDING Om objectief zicht te krijgen op de resultaten en de geleverde kwaliteit van onze patiëntenzorg, heeft het A.Z. St.-Dimpna in 2013 besloten in het Vlaamse indicatorenproject voor patiënten en

Nadere informatie

Micrometastasen helpen je echt niet voor de indicatie voor aanvullende chemotherapie TEGEN: debat AvL 3 november 2010. Vivianne Tjan-Heijnen

Micrometastasen helpen je echt niet voor de indicatie voor aanvullende chemotherapie TEGEN: debat AvL 3 november 2010. Vivianne Tjan-Heijnen Micrometastasen helpen je echt niet voor de indicatie voor aanvullende chemotherapie TEGEN: debat AvL 3 november 2010 Vivianne Tjan-Heijnen Met dank voor de uitnodiging Faculty name 2 Faculty name 3 NABON

Nadere informatie

kankerzorg in het MC Leeuwarden

kankerzorg in het MC Leeuwarden kankerzorg in het MC Leeuwarden nieuw gediagnosticeerde tumoren en hun primaire behandelingen IKNL in samenwerking met oncologiecommissie MCL Februari 2015 inhoudsopgave Versie Definitief Totstandkoming

Nadere informatie

Intrapulmonary mass: an unexpected diagnosis. A. A. Darbas, G.M. Chong, M. van der Klift, K. Lam, Y.M. Bilgin, E. Kneppers, J.K.

Intrapulmonary mass: an unexpected diagnosis. A. A. Darbas, G.M. Chong, M. van der Klift, K. Lam, Y.M. Bilgin, E. Kneppers, J.K. Intrapulmonary mass: an unexpected diagnosis A. A. Darbas, G.M. Chong, M. van der Klift, K. Lam, Y.M. Bilgin, E. Kneppers, J.K. Doorduijn CASUS: 69 JARIGE VROUW Medische voorgeschiedenis: Hypertensie,

Nadere informatie

Wanneer geen chemo? Sabine Linn Internist-oncoloog NKI-AVL

Wanneer geen chemo? Sabine Linn Internist-oncoloog NKI-AVL Wanneer geen chemo? Sabine Linn Internist-oncoloog NKI-AVL Wanneer geen chemo? Als de patiënt al genezen is na locoregionale behandeling Prognostische factoren Als er geen extra overlevingswinst optreedt

Nadere informatie

OLIJFdag 3 oktober 2015

OLIJFdag 3 oktober 2015 OLIJFdag 3 oktober 2015 Nieuwe behandelingen bij eierstokkanker Els Witteveen Internist-oncoloog Huidige en nieuwe inzichten Intraperitoneale toediening Toevoeging van bevacizumab Dose dense toediening

Nadere informatie

Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding.

Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Variatie tussen ziekenhuizen in de behandeling van vijf soorten kanker. Een verkennend onderzoek naar aanknopingspunten

Nadere informatie

anemie 1.1 Overzicht van de anemieën 1.2 Congenitale anemieën 1.3 Verworven anemieën

anemie 1.1 Overzicht van de anemieën 1.2 Congenitale anemieën 1.3 Verworven anemieën I N H O U D hoofdstuk 1 anemie 13 1.1 Overzicht van de anemieën 13 1.2 Congenitale anemieën 16 1.2.1 De thalassemieën 16 1.2.2 Sikkelcelanemie 19 1.2.3 Andere hemoglobinopathieën 22 1.2.4 Aangeboren membraanafwijkingen

Nadere informatie