Cultuurhistorische inventarisatie gemeente Groningen Gemeente Groningen, dienst RO/EZ, afdeling Bouw- Woningtoezicht en Monumenten

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Cultuurhistorische inventarisatie gemeente Groningen Gemeente Groningen, dienst RO/EZ, afdeling Bouw- Woningtoezicht en Monumenten"

Transcriptie

1 Cultuurhistorische inventarisatie gemeente Groningen Gemeente Groningen, dienst RO/EZ, afdeling Bouw- Woningtoezicht en Monumenten BOUWHISTORISCHE VERKENNING Adres: Muurstraat 1 Status: Voorbescherming in het kader van aanwijzing tot gemeentelijk monument Periode: veldwerk Onderzocht door: T. Tel., F. van der Waard (veldwerk) H. Wierts (archiefonderzoek). Auteur: F. van der Waard en Taco Tel Datum: Oktober 2007 Groningen Inleiding Deze bouwhistorische verkenning is uitgevoerd in het kader van het project Bouwhistorische inventarisatie en verkenning van de binnenstad van Groningen. Dit is het eerste project in het kader van de cultuurhistorische inventarisatie van het hele grondgebied van de gemeente Groningen die tot doel heeft de cultuurhistorische kwaliteiten in beeld te brengen. De bouwhistorische verkenning bevat een korte schets van de bouwgeschiedenis van het pand, een beschrijving van het interieur en het exterieur en een waardestelling. Het onderzoek richt zich in hoofdzaak op het gebouw zelf, waarbij in beperkte mate gebruik is gemaakt van schriftelijke bronnen en oud kaartmateriaal. De bouwgeschiedenis wordt daarom in hoofdlijnen weergegeven. Ook is het mogelijk dat achter voorzetwanden en verlaagde plafonds oudere constructies en interieur-afwerkingen verborgen zitten. Voor het onderzoek van de bouwgeschiedenis is gebruik gemaakt van het bouwdossier van de dienst Ruimtelijke Ordening en Economische Zaken van de Gemeente Groningen. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 1

2 SITUERING EN STRUCTUUR Het huis maakt onderdeel uit van een bouwblok dat wordt omsloten door de Oude Boteringestraat ten oosten, de Muurstraat ten zuiden, de Derde Drift ten westen en het Lopende Diep ten noorden. Het ligt op een rechthoekig perceel aan de noordzijde van de Muurstraat, een straat die vroeger achter de middeleeuwse stadsmuur langs liep. Het bestaat uit een eenlaags dwars huis (7 x 10,5 meter) met ten oosten een eenlaagse garage (6 x 10 meter) met een plat dak. Achter de garage is een overdekte binnenplaats. Het huis heeft evenwijdig aan de straat een breed zadeldak met dubbele bovenkappen, waarbij de zakgoot ter hoogte van de vliering zit. De bovenkappen hebben aan de oostzijde een schilddak en zijn aan de westzijde afgewolfd. De achterste helft van het huis is onderkelderd. Het pand (m.u.v. de garage) bestaat uit een voor- en achterbeuk die evenwijdig aan de straat liggen. Het pand hoort thans bij Lopende Diep 4 en heeft een merkwaardige relatie met Lopende Diep 6 dat op de begane grond een brede gang naar de Muurstraat dwars door Muurstraat 1 en 3 bezit. Deze gang wordt hier niet behandeld, maar is bij Lopende Diep 6 beschreven. De kap strekt zich uit over de gang. Ook heeft het pand een eigenaardige relatie met het buurpand Muurstraat 3 waarmee het mogelijk ooit een eenheid heeft gevormd. Zie voor Muurstraat 3 de bouwhistorische verkenning van dat pand. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 2

3 24 73t/m a 20-a Lopendediep a a b 4 13-a b a a Lopende Diep 15 Derde Drift 9-a 7-a 12 5-a Muurstraat 4t/m8 3-a 8-a 8b a 2 4-a Boter.plaats 74 2a \1 1t/m3 2b t/m b 62-a 58-b 60-a b 41-b f a 59-h 57-d c 2 42t/m BOUWGESCHIEDENIS Het huis dateert in zijn huidige vorm uit de tweede helft van de 17 e- of eerste helft 18 e eeuw maar het kan een oudere kern bezitten. Omdat het huis een sterke samenhang heeft met Muurstraat 3 en bovendien een relatie heeft met de ten noorden gelegen panden Lopende Diep 6 en Lopende Diep 4, is de bouwgeschiedenis ingewikkeld. Op grond van de weergave op de kaart van Haubois uit omstreeks 1643 is het goed mogelijk dat het huis aanvankelijk een eenlaags dwarspand was omdat de kaart hier een rij van dergelijke huizen aangeeft. Helaas is door het gekozen perspectief niet precies de plaats van Muurstraat 1 aan te geven. De Muurstraat was een straat die achter de middeleeuwse stadsmuur liep. Muurstraat 1 kan tegen de stadsmuur aan zijn gebouwd maar omdat het tracé van de (vroegere) stadsmuur niet duidelijk is, is dit niet zeker. Het is denkbaar dat de rooilijn van de Muurstraat de binnenkant van de (vroegere) stadsmuur aangeeft. Op de rooilijn ligt ten oosten van het pand een muur van ca. 70 cm dik die naar het noorden helt. Wellicht is deze dikke muur een restant van de stadsmuur maar omdat dit muurwerk aan beide zijden is gepleisterd kan dit niet goed beoordeeld worden. Van het eenlaagse dwarshuis dat op Haubois staat afgebeeld zijn geen duidelijke restanten overgebleven behalve misschien bovengenoemde dikke muur. Toen omstreeks 1620 de noordelijke uitbreiding van de stad gereed kwam, verloor de middeleeuwse stadsmuur haar functie en werd deze voor een groot deel afgebroken, tenzij er al huizen tegenaan gebouwd waren of als zij als bouwmuur benut kon worden. Het terrein tussen de gracht en de stadsmuur kon worden bebouwd en één van die nieuwe huizen is het ten noorden van Muurstraat 1 gelegen pand Lopende Diep 6 dat als een belangrijk dwarshuis kan worden gekwalificeerd. Het is waarschijnlijk de kern van de hier besproken gebouwen. Achter de eenlaagse voorbeuk van Muurstraat 1 werd in de tweede helft van de 17 e - of in de eerste helft van de 18 e eeuw een tweede beuk gebouwd en dit geheel werd van een nieuwe kap voorzien die beide beuken afdekt. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 3

4 Uitsnede uit de kaart van Haubois uit omstreeks 1643, het noorden is op deze kaart links. Muurstraat 1 is op deze kaart niet goed te lokaliseren maar de dwars geplaatste bebouwing aan de Muurstraat is wel herkenbaar. Muurstraat 1 vertoont een sterke samenhang met de rechter helft van het westelijke buurpand. Muurstraat 3 en dit heeft aanvankelijk een bouwkundige eenheid gevormd. Dit kan afgeleid worden aan de voorgevels die ter hoogte van de begane grond naadloos op elkaar aansluiten waarbij een horizontale lijst over beide panden doorloopt. Ook het ankerpatroon loopt over beide huizen door. Bovendien geeft een plattegrondtekening uit 1899 (zie verderop in dit rapport) duidelijk een bouwkundige eenheid aan die door een dikke buitenmuur wordt omgeven. Dit geheel heeft bij Lopende Diep 6 gehoord zoals ook duidelijk blijkt uit de kadastrale kaart van omstreeks 1830 waarop het één perceel is. Niet toevallig is het dat Muurstraat 1 en de rechter helft van 3 gezamenlijk even breed zijn als het brede dwarshuis Lopende Diep 6. Muurstraat 1 en de rechter helft van 3 hebben gezamenlijk een min of meer vierkante plattegrond van 13,5 x 11 meter. De achterste beuk van het rechter gedeelte (Muurstraat 1) was in ieder geval onderkelderd, of dit voor Muurstraat 3 ook geldt is niet duidelijk. De eigenaar van Lopende Diep 6 verkocht of verhuurde, vermoedelijk in de late 19 e eeuw maar voor 1899, een deel van het bouwdeel aan de Muurstraat. Muurstraat 3 werd toen met een verdieping verhoogd. Uit de kadastrale kaart van omstreeks 1830 blijkt verder dat ten oosten van Muurstraat 1 op de plaats van de huidige garage een smalle dwarsvleugel (ca. 3,5 x 7,5 m) stond. Verdere gegevens over dit bouwdeel zijn niet voorhanden. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 4

5 24 73t/m a 20-a Lopendediep Lopende Diep a 14 Derde Drift 12-b 10-b 8 6 6a a15 13-a11 11a a 7-a 5-a Muurstraat 8b 4t/m8 3-a 1 8-a 6-a 2 4-a Boter.plaats 74 2a \1 1t/m3 2b 75t/m b 62-a 60-a b 41-b f 59-h 57-d2 58-b 61-a t/m58 35-c De kadastrale kaart uit omstreeks 1830 met daarop aangegeven de moderne huisnummering. Op de genoemde plattegrondtekening uit 1899 krijgen we een goed beeld van het panden Muurstraat 1, 3 en Lopende Diep 6 waaruit blijkt dat diverse zelfstandige eenheden ontstonden die ingewikkeld in elkaar grijpen. In rood is de bestaande plattegrond weergegeven en in zwart de geplande nieuwe delen waaruit valt af te lezen dat de begane grond van Muurstraat 1 (gang en de kamers ten oosten daarvan) en de zolderverdieping bij Lopende Diep 6 horen. Ook de voorkamer ten westen van de gang die gelegen is in Muurstraat 3 bleef bij Lopende Diep 6 horen terwijl de kamer daarachter (ten noorden) hoorde bij de benedenwoning ten westen van de gang. De verdieping van Muurstraat 3 werd een zelfstandige bovenwoning. Opmerkelijk is dat de trap naar de zolder van Muurstraat 3 werd uitgetimmerd in de zolderruimte van Muurstraat 1. Uit het bouwdossier van de dienst RO/EZ van de gemeente Groningen wordt iets duidelijk van de eigendomsverhoudingen. In 1899 was Muurstraat 1-3 en Lopende Diep 6 in handen van één eigenaar, te weten G. Hoekzema. In datzelfde jaar liet K. Hoekzema het pand Lopende Diep 4 bouwen waarvoor de stalling en het wagenhuis van Lopende Diep 6 werden gesloopt. In 1925 is G. Hoekzema eigenaar pand Lopende Diep 4 en Muurstraat 1. Sindsdien horen Lopende Diep 4 en Muurstraat 1 bij elkaar met uitzondering van de gang die nog altijd bij Lopende Diep 6 hoort en als achterontsluiting functioneert. Van diverse op de tekening aangegeven elementen zijn tijdens het bouwhistorisch onderzoek bouwsporen aangetroffen. Tussen de beide kamers op de begane grond van Muurstraat 1 was een bedsteden/kastenwand getekend. Hierin waren de trappen naar de zolder en de kelder ondergebracht. Een uitholling in een van de zolderbalken die vanaf een gat in de zoldervloer waargenomen kon worden, geeft de plaats van deze zoldertrap nog aan. De voorkamer (toen kantoor) kreeg in de noordoostelijke hoek een stookplaats. De achterkamer (slaapkamer) had in het midden van de oostmuur een stookplaats met aan weerszijden vensters. Van beide vensters zijn restanten nog aanwezig. Van de stookplaats zijn een stookgewelf in de kelder aangetroffen en in de kap een raamwerk voor een gesleepte schoorsteen. In 1935 is ten oosten van Muurstraat 1 de eenlaagse vleugel met plat dak tot stand gekomen. Dit werd als magazijnruimte gebouwd. Op het minuutplan werd, zoals boven gemeld, hier een smalle dwarsvleugel aangegeven maar deze was al eerder gesloopt zoals blijkt uit een tekening uit Het terrein is hierop als tuin aangeduid met een tuinmuur langs de Muurstraat. Ook de oostelijke tuinmuur is vrij zwaar (55 cm) en werd bij de bouw in 1935 benut als zijmuur van de eenlaagse vleugel. Gezien de zwaarte van deze muur is deze mogelijk ook onderdeel geweest van het de vroegere dwarsvleugel. In Muurstraat 1 werd in 1935 de zoldertrap verplaatst. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 5

6 In 1959 werd de overgebleven open grond achter de eenlaagse vleugel volgebouwd door een eenlaags gebouw met plat dak. In 1991 werd de eenlaagse vleugel omgebouwd in een dubbele garage. Vermoedelijk is toen pas de grote garagedeur met boog in de zware voorgevel aangebracht. BESCHRIJVING Gevels De voorgevel is een rechtgesloten eenlaagse gepleisterde gevel van vijf traveeën die voor het laatst in de late 19 e eeuw is gemoderniseerd. De gevel is gepleisterd en wit geschilderd met een grijze plint die tot aan de onderkant van de vensters reikt. Deze plint is in deze vorm niet oorspronkelijk en zal vermoedelijk lager zijn geweest. De pleisterlaag kan uit de 19 e eeuw dateren terwijl het achterliggende muurwerk (tenminste) uit de tweede helft van de 17 e- of eerste helft van de 18 e eeuw dateert. De gevel gaat naadloos over in de voorgevel van het ter linker zijde gelegen pand Muurstraat 3. Een eenvoudige lijst vlak onder de goot van Muurstraat 1 loopt door over de gevel van Muurstraat 3. Muurstraat 3 heeft in de late 19 e eeuw een nieuwe vensterindeling gekregen waardoor de samenhang tussen beide panden minder duidelijk is geworden. Uiterst links in de gevel van Muurstraat 1 bevindt zich een deur met bovenlicht, dit is de achteruitgang van Lopende diep 6. Het deurkozijn is zwaar uitgevoerd en geprofileerd en staat op zandstenen neuten met kapellen. De profilering wordt gedeeltelijk aan het zicht onttrokken door lijstwerk dat in de late 19 e eeuw op het kozijn is aangebracht en aansluit op het pleisterwerk. Het bovenlicht heeft een eenvoudige roedenverdeling in een vorm die uit omstreeks 1900 dateert. Rechts zitten vier smalle hoge vensters met opmerkelijk zware houten kozijnen met vaste tussendorpel. Boven en onderlichten zijn voorzien van raamhout met vierruits roedenverdeling. De bovenlichten zijn aan de buitenkant van het kozijn geplaatst terwijl de onderlichten aan de binnenkant zitten. Uit de wijze waarop dit is gemaakt, ontstaat de indruk dat dit een verbouwde situatie is. Het kozijnhout dateert waarschijnlijk uit de tweede helft van de 17 e- of de eerste helft van de 18 e eeuw terwijl het raamhout uit de 19 e eeuw dateert. In het midden van de gevel bevindt zich een 18 e eeuwse gemetselde dakkapel met een hijsbalk. De dakkapel heeft een dubbele deur waarbij elke deurhelft een liggend en een staand paneel heeft. De dakkapel wordt gekroond door een houten, halfrond opgebogen kroonlijst. De achtergevel met bouwsporen in de vorm van segmentbogen. De horizontale lijnen in de rechter boog zijn schijnvoegen. Later is het geheel gepleisterd. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 6

7 De achtergevel (noordgevel) is een eenlaagse thans blinde lijstgevel die deels is ingebouwd. Het gedeelte tussen twee aanbouwen is van een mogelijk 19 de -eeuwse blokpleister voorzien die op meerdere plaatsen beschadigd is. Waar de pleister ontbreekt is de gevel meestal wit gesausd. In de beschadigingen van de pleister zijn de sporen van diverse dichtgezette smalle vensters (vermoedelijk gaat het om kloostervensters) te zien. De vensters zijn voorzien van segmentbogen. De tienlagenmaat van deze gevel bedraagt 54 cm en op de linkerhoek van de gevel kon gezien worden dat er klezoren in de koppenlagen verwerkt waren. Opmerkelijk is dat in de segmentbogen schijnvoegen zitten waaruit blijkt dat het muurwerk in een bouwfase voorafgaand aan het pleisteren is gemoderniseerd. De segmentbogen werden aan het zicht onttrokken door met schijnvoegen het metselverband voor het oog door te laten lopen. De gevel dateert op zijn laatst uit omstreeks 1730 en kan mogelijk nog uit de tweede helft van de 17 de eeuw dateren. De oostgevel met dubbele bovenkap. De oostelijke zijgevel is een eenlaagse kopse gevel met afgeknotte top die tot de vlieringvloer reikt. De gevel wordt afgesloten door een geprofileerde houten lijst. De begane grond is ingebouwd. Het voorste gedeelte van de begane grondmuur is in 1935 gesloopt. Het achterste gedeelte van de begane grond gevel kan vanuit de overdekte binnenplaats deels gezien worden. Dit deel van de gevel heeft een blokpleister gehad. In de gevel kunnen twee vensters gezien worden die vroeger de achterkamer boven de kelder hebben verlicht. Het voorste venster is veranderd doordat men er onder een recente toegang naar de kelder heeft gemaakt. Het achterste venster is aan de onderzijde ingekort. De geprofileerde kozijnen kunnen 19 de -eeuws zijn het raamhout is 20 ste -eeuws. De zolder heeft een groot kozijn waarin vijf schuiframen naast elkaar zijn gevat. De schuiframen hebben een ongedeeld onderlicht en een zesruitsbovenlicht (2 x 3). Dit enorme kozijn kan uit de jaren 20 of 30 van de 20 ste eeuw stammen. Onder het kozijn bevindt zich schoon metselwerk dat in kruisverband (10 lagen 63 cm; steenmaat 23/23/23,5 x 11/11/11,3/11,5/11,5 x 5/5/5,2/5,5/5,5/6 cm) is opgetrokken en van oud voegwerk met een dagstreep voorzien. De datering van de gevel is lastig. Het bovenste ongepleisterde deel is mogelijk 19 de -eeuws terwijl het gepleisterde deel daaronder wel ouder zal zijn. Gezien de dikte van de gevel ter plekke van de kelder en de datering van de achtergevel kan het onderste deel van de zijgevel uit de 17 de of 18 de eeuw dateren. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 7

8 Plattegrond van Lopende Diep 6 (voor), Muurstraat 1 (links achter) en Muurstraat 3 (rechts achter) uit In rood wordt de bestaande situatie aangegeven en in zwart de geplande wijzigingen. Goed zichtbaar is de gang die vanaf de voordeur van Lopende Diep 6 doorloopt tot aan de Muurstraat. Plattegrond per bouwlaag. De achterste helft van het gebouw is zijn volle breedte onderkelderd met uitzondering van de gang ten westen ervan. De kelder heeft vijf balkvakken, bestaande uit grenen balken (doorsnede ca. 24,5 x 19,5 cm) die in noordzuid-richting (haaks op de straat) liggen. Over de balken liggen zware grenen vloerdelen van 4,5 cm dik (breedte cm) die vroeger de vloer van de begane grond hebben gevormd. De balken en de onderkant van de vloerdelen hebben een geelachtige kleurafwerking. Op een van de balken is nog de aftekening van een verdwenen lattenwerk van een opslaghok zichtbaar. Tegen de rechter kopse (oostelijke) gevel zit een raveling waarin een stookgewelfje is gemetseld. Dit stookgewelfje geeft uiteraard de plek aan van een stookplaats op de begane grond. De kelder is thans bereikbaar via een doorgang door de oostelijke zijmuur door middel van een recente aangebrachte betonnen trap die in de zuidoosthoek van de kelder uitkomt. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 8

9 In de meest westelijke balk zit aan het zuideinde aan de onderzijde een uitholling. Vermoedelijk heeft dit te maken met de vroegere aanwezigheid van een trap in deze zuidwesthoek van de kelder. Deze trap is op de tekening uit 1899 aangegeven. Men kon vanuit de gang de kelder bereiken. De kelder heeft in de zuidoostelijke hoek een uitbouw naar het zuiden. De betekenis daarvan is niet geheel duidelijk, maar heeft mogelijk iets te maken met de vroegere aanwezigheid van een trap op die plek. De betonnen trap kan de opvolger van die veronderstelde trap zijn. De begane grond is overdekt met een enkelvoudige naaldhouten balklaag (vermoedelijk 6 balkvakken) waarbij de balken (doorsnede ca. 29 x 30 cm met een balkafstand van ca.1,3 meter hart op hart) haaks op de straat liggen. Aan de linkerzijde bevindt zich een gang die hoort bij Lopende Diep 6 en aldaar omschreven is. Naast deze gang bevinden zich een voorkamer en de onderkelderde achterkamer. De muur tussen de voor- en de achterkamer zal vermoedelijk een vrij oude dragende muur zijn. De voorkamer heeft een stucwerkplafond met floraal middenornament uit omstreeks De positie van het middenornament past niet goed bij de huidige voorkamer, maar hoort bij een kleinere voorkamer. De vensters hebben een eenvoudige omtimmering. Voor het overige zijn de ruimten afgetimmerd en is de afwerking van betrekkelijk recente datum. De huidige trap is een 20 ste -eeuwse steektrap. Vanaf een gat in de zoldervloer kon een uitholling (wijzend op de vroegere aanwezigheid van een trap) gezien worden. Dit gedeelte van de balken was wit geschilderd. Deze trap bevond zich in het midden van het pand haaks op de gang. Het plafond van de voorkamer was voor het aanleggen van het stucplafond zwart geschilderd. Onder de zwarte kleurafwerking lijkt een rode verflaag te zitten. Plattegrond van de verdieping. Vooraan Lopende Diep 6, rechts achter Muurstraat 3 en links achter de zolder van Muurstraat 1. Goed zichtbaar is de trap van Muurstraat 3 die van de verdieping naar de zolder voert en in de zolderruimte van Muurstraat 1 is uitgetimmerd. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 9

10 Kapconstructie De kap overspant in een keer de diepte van het huis en dateert uit de tweede helft van de 17 e of eerste helft van de 18 e eeuw. Het gaat om een naaldhouten sporenkap die wordt ondersteund door twee dekbalkgebinten. Vanwege de grote overspanning heeft de kap een bijzondere en weinig voorkomend hoofdvorm. Boven het niveau van de dekbalkgebinten, ter hoogte van de vliering bestaat de sporenkap uit twee elkaar naast gelegen daken ( bovenkappen ) met daartussen een zakgoot. Overzicht van de dubbele bovenkappen die worden gedragen door twee dekbalkgebinten. Aan de westzijde is het bovenste deel van de bovenkappen afgewolfd. Aan de oostzijde hebben de bovenkappen een eindschild. De gebinten zijn genummerd met door een beitel gehakte merken. De zolder heeft een zeer lage borstwering. De ruimte tussen de sporen vlak boven de muurplaat is met stenen dichtgemetseld waaruit blijkt dat op zolder losse waren werden opgeslagen. De dichtmetseling voorkwam dat de losse waren via de spleet in de dakvoet naar beneden zouden vallen. De stijlen (19,5 x 13 cm) van de kapgebinten staan op sloffen waar de stijlen ingetand zijn. De sloffen liggen op de balken die dezelfde richting (noord-zuid) hebben als de dekbalkgebinten. De sloffen zijn aan de uiteinden met een smeedijzeren bout aan de balken bevestigd. Deze bouten hebben aan de bovenkant een spleet waardoor een ijzeren wig is geslagen. De stijlen en korbelen zijn in de dekbalken (19 x 13 cm) gepend en steeds met een toognagel vastgezet. De korbelen zijn daarnaast met een soort rechthoekige tand aan het uiteinde in de dekbalken gewerkt. Dit is een zeer zeldzame constructie. De korbelen zijn overigens ook aan de onderzijde in de stijlen gepend en met een toognagel vastgezet. De windschoren zijn aan de onderkant iets in de stijlen getand en gespijkerd. In het midden van de kap ligt een zware plaat over de dekbalken waar de beide binnenste dakvlakken op steunen. Daarbovenop bevindt zich de zakgoot. Onder deze plaat zijn de gebinten met een naaldhouten stijl ondersteund. De sporen zijn forse gekantrechte sporen (doorsnede ca. 12 x 12 cm; spoorafstand ca. 75 cm hart op hart) die in beide bovenkappen op een nokgording steunen. In de beide bovenkappen zit in het oostelijke einde van de nok, op de plek waar de nok op het oostelijke dakschild stuit, een houten raamwerk waar vroeger een schoorsteen op heeft gestaan en waar een rookkanaal heen gesleept is geweest. Hieruit blijkt dat in de BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 10

11 oostelijke kopse gevel twee stookplaatsen hebben gezeten zoals ook blijkt uit de tekening die in 1899 is vervaardigd. Bovendien is van de noordelijke stookplaats is in de kelder het stookgewelf gevonden. De zolder heeft in het zuidelijk dakvlak een oorspronkelijke dakkapel met hijsbalk. De oostelijke gemetselde zijwang van de dakkapel steunt op de stijl van een van de dekbalkgebinten. De zoldervloer bestaat uit forse naaldhouten delen met losse eiken veer. Afmetingen cm breed en 4,3 cm dik. Op het dak liggen 20 ste -eeuwse zwarte golfpannen. Detailopname van de houtverbinding van een spantbeen met een dekbalk. De kapvoet met vooraan de vloer, een lage borstwering met muurplaat waarop de daksporen rusten. De ruimte boven de muurplaat, tussen de sporen is met bakstenen dichtgemetseld. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 11

12 OOSTELIJK BOUWDEEL 1935 Ten oosten van het gebouw staat een eenlaagse garage met plat dak die uit 1935 dateert, met uitzondering van de oudere voorgevel en de rechter (oostelijke) zijgevel die wel 55 cm dik is. Op die plek stond in 1821 een smalle dwarsvleugel. In 1935 bestond deze vleugel niet meer. Dit bouwdeel was afgebroken, maar de voorgevel was als tuinmuur bewaard gebleven en mogelijk gold dit ook voor de zijgevel. De voorgevel is een recht gesloten gevel waarop een blokpleister is aangebracht en die een 19 de -eeuwse indruk maakt. Links zit een halfronde deuropening met een dubbele deur en rechts ervan een garagedeur overdekt door een gedrukte boog. Op een tekening van de bestaande toestand in 1935 is hier nog op de plek van de linkerdeur een rechthoekige deur te zien en overigens een blinde muur. De linkse halfronde opening is pas in 1935 ontstaan en de garagedeur in De muurpenanten links en rechts van de deur zijn wel 70 cm dik en hellen naar het zuiden. Deze muurgedeelten zijn van binnen en buiten gepleisterd zodat er weinig over de datering gezegd kan worden. Deze restanten zijn, gezien de muurzwaarte, overduidelijk onderdeel van een behoorlijk oude muur. Het is niet geheel duidelijk wat de geschiedenis van deze muurrestanten is. Wellicht zijn dit de overblijfselen van een stadsmuur. Opname van de garagedeur aan de Muurstraat waarop de forse omvang van de muur duidelijk te zien is. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 12

13 WAARDESTELLING Muurstraat 1 heeft stedenbouwkundig hoge monumentwaarde door zijn ligging in het gebied bij de voormalige stadsmuur en zijn aparte functionele relatie met een belangrijk 17 de -eeuws huis aan het Lopende Diep. De percellerings- en bebouwingsstructuur weerspiegelt de ontwikkeling van het gebied met aanvankelijk smalle dwarse huizen bij de middeleeuwse stadsmuur waarvoor in het tweede kwart van de 17 de -eeuw belangrijke huizen aan de grachtengordel ontstaan. Kenmerkend voor veel bebouwing in dit gebied is de ingewikkelde eigendomsverhouding tussen de bebouwing aan de gracht (Lopende Diep, Noorderhaven en Spilsluizen) en de daarachter gelegen straat (Hoekstraat, Achter de Muur en Hardewikerstraat). Kapvorm en bouwmassa hebben hoge monumentwaarde als voorbeeld van een eenlaags dubbel dwars huis uit de tweede helft van de 17 e - of eerste helft van de 18 e eeuw met mogelijk een oudere kern. Als bijzonder en zeldzaam moet in dit verband de dakvorm genoemd worden met dubbele bovenkappen. De voorgevel heeft hoge monumentwaarde als langsgevel van het huis uit de tweede helft van de 17 e - of eerste helft van de 18 de -eeuwse en kan in de kern nog ouder zijn. Van belang zijn ook de zeldzame smalle kozijnen met vast kalf waarvan het kozijnhout opvallend zwaar is uitgevoerd. (opvolgers van kloosterkozijnen?). Ook de achtergevel uit de tweede helft van de 17 de of de vroege 18 de eeuw is van belang mede omdat daarin bouwsporen van dichtgezette vensters bewaard zijn gebleven evenals schijnvoegen. Het casco heeft hoge monumentwaarde wat betreft de tweede helft 17 de - of eerste helft 18 de - eeuwse muren (oostelijke zijmuur, voorgevel en achtergevel en vermoedelijk ook de muur tussen voor- en achterkamer) en grenen balklagen (de balklaag van de kelder, de balklaag boven begane grond). Ook de zorgvuldige geconstrueerde kapconstructie uit de tweede helft van de 17 e - of eerste helft van de 18 e eeuw heeft hoge monumentwaarde vanwege zijn zeldzaamheid en gaafheid. In het bijzonder geldt dit voor de verbinding korbeel-dekbalk. Aparte vermelding verdient ook de voormuur van de garage waarin restanten van een zware oude muur (stadsmuur?) bewaard zijn gebleven. Met uitzondering van het eenvoudige stucplafond in de voorkamer heeft de interieurafwerking indifferente monumentwaarde. AANBEVELINGEN Bij een eventuele verbouwing is bouwhistorisch onderzoek gewenst. Met name dient door onderzoek van de muren en balklagen nagegaan te worden in hoeverre het pand als een dubbel dwars huis nieuw gebouwd werd of dat het voorste gedeelte een oudere kern heeft. Ook moet onderzocht worden of de dikke voorgevel van de garage een restant van een stadsmuur is. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 13

14 BIJLAGE Uittreksel uit het bouwdossier van de dienst RO/EZ van de gemeente Groningen. Adres : Muurstraat 1 / Lopende Diep 4 Bouwdossiernummer : B 3923 en B 3922 D.I.V. bezoek : 29 november K. Hoekzema krijgt een vergunning om de stalling met wagenhuis staande op het perceel sectie K nr aan het Lopende Diep (vanaf 1921 Lopende Diep 4) gedeeltelijk af te breken en in plaats daarvan een gebouw op te richten bevattende een woning bestemd en ingericht voor bewoning door een gezin. Daarnaast krijgt K. Hoekzema een vergunning voor het tot werderopzegging hebben van een stoep met hek tegen de voorgevel van het betreffende pand en het tot wederopzegging hebben van een erker aan de voorgevel. G. Hoekzema Kzn krijgt een vergunning om het gebouw staande op het perceel sectie K nr aan het Lopende Diep en de Muurstraat bevattende één woning in te richten tot twee gebouwen elk bevattende een beneden en een bovenwoning. Het betreft de panden Lopende Diep 6 en Muurstraat 1 en Eigenaar/bewoner architect G. Hoekzema Kzn krijgt een vergunning om een bestaand privaat in Lopende Diep 4 en een bestaand privaat in het aangrenzende kantoorgebouw Muurstraat 1 te voorzien van een waterspoeling Architect G. Hoekzema Kzn krijgt een vergunning om de stoeptreden tegen de voorgevel van Lopende Diep 4 te herleggen en stoepleuningen aan te brengen De firma J.en H. van Dam krijgt een vergunning voor het uitbreiden en gedeeltelijk veranderen van het gebouw Lopende Diep 4 / Muurstraat 1 bevattende een woning met kantoorruimten. De uitbreiding en gedeeltelijke verandering bestaat in het wijzigen van de indeling van het aan de zijde van de Muurstraat gelegen gedeelte van het gebouw, en het maken van een aanbouw. Het gebouw wordt bestemd en ingericht tot een woning met magazijnruimten. De architecten van het bouwplan zijn van Wijk en Broos. Het werk wordt nog hetzelfde jaar voltooid Er wordt een materiaalaanvraag ingediend voor het vernieuwen van een bouwvallige schoorsteen en een gedeelte van het pannendak van Muurstraat Er wordt een materiaalaanvraag ingediend voor het bepleisteren van een doorslaande muur en het herstellen van een schoorsteen en pannendak van Muurstraat Lopende Diep 4 / Muurstraat 1 bevat een woning met kantoor- en magazijnruimten. Borgman s Schoenen Groothandel krijgt een vergunning voor het wijzigen van de indeling op de begane grond van Lopende Diep 4 / Muurstraat 1 en het maken van een aanbouw ter vergroting van de magazijnruimte. Architect van het bouwplan is K. Visker uit Winschoten. BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 14

15 1959 Er wordt een vergunning verleend voor het gewijzigd uitvoeren van het bouwplan waarvoor in 1958 een vergunning is verleend. De wijziging bestaat in het veranderen van de indeling op de begane grond en het aanbrengen van een grote dakkapel met deurkozijn op het achterdakvlak, na afbraak van een aldaar aanwezig arkeneel en een dakkapel R. Boekholt krijgt toestemming voor het uitvoeren van werkzaamheden van ondergeschikte betekenis. Het betreft het veranderen van de indeling van de woning behorende bij het bedrijf gelegen aan het Lopende Diep 4. Architect van het bouwplan is dhr van Wissen Aannemer P. Boonstra dient een bouwaanvraag in voor het veranderen van een magazijnruimte in het gebouw Muurstraat 1 in een dubbele garage. H. Wierts BDM, Bureau voor bouwhistorisch onderzoek F.J. van der Waard/ Gemeente Groningen 15