RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving Dat is het verschil!

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving www.rigo.nl Dat is het verschil!"

Transcriptie

1 RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving Dat is het verschil! Een analyse van t.o.v. overige gebieden uit het WoON

2 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij RIGO Research en Advies. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in artikelen, scripties en boeken is toegestaan mits de bron duidelijk wordt vermeld. Vermenigvuldiging en/of openbaarmaking in welke vorm ook, alsmede opslag in een retrieval system, is uitsluitend toegestaan na schriftelijke toestemming van RIGO Research en Advies. RIGO Research en Advies aanvaardt geen aansprakelijkheid voor drukfouten en/of andere onvolkomenheden.

3 RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving Dat is het verschil! Een analyse van t.o.v. overige gebieden uit het WoON Contactpersonen Annika Janse en Froukje van Rossum Uitgave oktober 2011 Rapportnummer IP RIGO Research en Advies BV De Ruyterkade AC Amsterdam Telefoon Fax E -mail

4

5 Inhoud Hoofdstuk 1 Inleiding Achtergrond Definitie woonservicegebied Zijn bijzonder? 1 Hoofdstuk 2 De resultaten Bewoners De woningen Ligging Leefbaarheid Participatie 12 Hoofdstuk 3 Conclusie De verschillen op een rij Aanbevelingen voor nader onderzoek 16 Bijlagen Geen inhoudsopgavegegevens gevonden. Inhoudsopgave

6

7 1 Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Achtergrond Vanaf het begin van deze eeuw zijn veel gemeenten, woningcorporaties, zorgaanbieders en welzijnsorganisaties gestart met de ontwikkeling van. De gedachte: met elkaar werken aan een hoger voorzieningenniveau in wijken, buurten en dorpen, gericht op alle inwoners, maar zo dat ook mensen met een beperking zo lang mogelijk zel fstandig en in de wijk kunnen blijven wonen. RIGO heeft het initiatief genomen om de stand van zaken van te onde r- zoeken. De aanleiding voor het onderzoek is dat RIGO in de praktijk heeft gemerkt dat veel gemeenten en hun samenwerkingspartners erg druk zijn rond het realiseren van, maar dat onduidelijk is wat hier nu het rendement van is. Daarnaast is er druk op de budgetten van alle partners in, wat aanleiding geeft voor een blik op de stand van zaken. RIGO wil graag een bijdrage leveren om het inzicht in de resultaten van woo n- servicegebieden te vergroten, als startpunt voor verdere discussie en nader onderzoek. Zijn er verschillen te zien tussen en andere gebieden? Wat leveren op voor mensen mét en mensen zonder beperkingen? Zijn er indicaties dat ze inderdaad langer zelfstandig kunnen wonen in? In dit onderzoek heeft RIGO samengewerkt met Hugo van den Beld, zelfstandig adviseur. De onderzoeksresultaten zijn gepresenteerd op een studiemiddag in oktober 2011 in samenwerking met het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg. 1.2 Definitie woonservicegebied Het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg definieert een woonservicegebied als volgt: een woonservicegebied is een wijk in een stad of dorp waar kwetsbare mensen als ouderen en g e- handicapten zo zelfstandig mogelijk wonen. Binnen zo n wijk is sprake van wonen, welzijn en zorg op maat, variërend van aanpassingen aan de woning tot 24-uurszorg. Gemeenten, corporaties, zorgorganisaties en welzijn- en bewonersorganisaties werken samen, en blijven dat doen, om tot een goed afgestemd aanbod te komen. Kenmerken van woonservicegebie den zijn: gewoon woongebied waarin de zorg beslist niet domineert; integrale zorg- en dienstverlening, georganiseerd in multifunctionele wijkcentra; levensloopgeschikte woningen en woonomgeving met een goed voorzieningenniveau. 1.3 Zijn bijzonder? Door RIGO is een aantal verwachtingen geformuleerd over hoe en hun bewoners zouden kunnen verschillen van gemiddelde wijken en buurten in Nederland. De ve r- wachtingen zijn dat: Inleiding

8 2 ouderen in langer zelfstandig kunnen blijven wonen; een aantrekkende werking hebben op ouderen ; ouderen in meer participeren in de samenleving ; ouderen in tevredener zijn met de woonomgeving en de geb o- den voorzieningen. Om dit te toetsen zijn allereerst dertig bekende geselecteerd. Het gaat om de volgende gebieden: nr Naam woonservicegebied gemeente 1 De Uiterton Lelystad 2 Woons.gebied Wierden-Oost Wierden 3 Hilzorg St. Joseph Hilversum 4 Woonservicewijk Westerkoog, Zaanstad Koog a/d Zaan 5 Skewiel Trynwalden Tytsjerksteradiel 6 Meerstede Emmermeer Emmen 7 Steunstee Oldambt, Winschoten Winschoten 8 Woonzorgzone Moerwijk Den Haag (Erasmusplein) 9 Servicezone Hoogvliet, Rotterdam Rotterdam 10 Vivera Nederhoven Zwijndrecht 11 Woonzorgzonering Krimpen a/d Krimpen a/d IJssel IJssel 12 Servicepunt Zuid Apeldoorn 13 De Schans Woudenberg 14 Meulenvelden, Didam Montferland 15 Leenderhof, Leende Heeze-Leende 16 Woonzorgzone Rundgraafpark Veldhoven 17 Woonzorgzone Bolnes Ridderkerk 18 Woonservicegebied Bonvie Culemborg 19 Wijkservicecentrum Dijckstate De Bilt (Maartensdijk) 20 Levensloopbestendig Spijkenisse: Spijkenisse Paganinihof 21 Bilgaard (Omkeer 2.0) Leeuwarden 22 Woonzorgzone Dronten (De Dronten Regenboog) 23 Woonzorgzone Krakeel Hoogeveen 24 Wmo-innovatieproject MENS De Bilt 25 Woonservicezone Zuid Middelburg 26 woonz.zone Boeimeer/Ruiterbos Breda 27 De Ankerplaats, Grashoek Helden 28 Pannenhoef (Gerard de Nijshof), Loon op Zand Kaatsheuvel 29 Woonservicegebied Wezep Oldebroek 30 Pluszone met wijksteunpunt BaLaDe Waalwijk De invloedssfeer van de is ruimtelijk afgebakend. De kern van het woonservicegebied is bepaald aan de hand van beschikbare informatie van de databank van het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg. Per woonservicegebied is een gebied getekend met natuurlijke grenzen bij een straal van ongeveer 250 meter rondom het centrum van de woonserv i- cegebieden. Vervolgens zijn in de WoON-onderzoeken 1 uit 2006 en 2009 respondenten geselec- 1 Het Woononderzoek Nederland (WoON) vindt plaats in opdracht van het Rijk. Om de 3 of 4 wordt ruim mensen gevraagd naar onder andere hun woonwensen, de samenstelling van hun huisho u- den, woonlasten en woonomgeving. Het databestand is beschikbaar voor (wetenschappelijk) onde r- zoek. Dat is het verschil!

9 3 teerd die binnen deze gebieden wonen. Dat bleken er (voor beide jaren samen) 562 te zijn. Hoewel dat geen grote groep is, is de groep van voldoende omvang om er betrouwbare uitspr a- ken mee te kunnen doen over bewoners en hun woningen in in het a l- gemeen. Over afzonderlijke zijn vanzelfsprekend geen uitspraken mog e- lijk. De kans dat eenzelfde respondent in beide tallen voorkomt is zeer klein. De respondenten in de zijn vrijwel alle zelfstandige huishoudens in een woning. Slechts vier respondenten zijn gehuisvest in een zogenaamde zelfstandige woonee n- heid en één in een onzelfstandige wooneenheid. De uitkomsten kunnen dan ook worden geï n- terpreteerd als betrekking hebbend op zelfstandig wonende huishoudens. In de analyses wordt de groep bewoners van steeds vergeleken met het gemiddelde in Nederland. Omdat het soms om kleine aantallen gaat, worden - waar relevant - voor de groep bewoners van betrouwbaarheidsmarges gegeven. Voor het Nederlands gemiddelde is dat niet nodig omdat beide jaren van het WoON samen nemend dit zoveel respondenten betreft (ruim ) dat de nauwkeurigheid van die uitkomsten erg groot is. Door betrouwbaarheidsmarges in de vergelijking te betrekken, wordt getoond of de verschillen betekenis hebben of eerder toevallig zijn. Inleiding

10 4 Dat is het verschil!

11 5 Hoofdstuk 2 De resultaten 2.1 Bewoners Leeftijd Een belangrijk doel van de is dat ze ouderen in staat stellen om langer zelfstandig te blijven wonen. Dat brengt met zich mee dat zou mogen worden verwacht dat in de het aandeel zelfstandig wonende ouderen hoger ligt dan gemiddeld in Nederland. Dat blijkt het geval te zijn (figuur 1). In de ligt het aandeel zelfstandig wonende 65-plussers hoger dan gemiddeld in Nederland. Het aandeel jongeren (onder de 25 ) ligt er lager. figuur 1 Leeftijdsverdeling in en gemiddeld in Nederland 25% 20% 15% 10% NL- gemiddeld 5% 0% en ouder Er wonen dus gemiddeld meer ouderen zelfstandig in dan elders. Maar wonen deze mensen ook langer zelfstandig? De vraag is of deze ouderen ook allemaal zelfstandig hadden kunnen wonen als zij niet in een woonservicegebied hadden gewoond. Deze vraag kan niet met behulp van het WoON worden beantwoord. In elk geval trekken de ook veel ouderen. Van de recente vestigers (na 2000) in deze gebieden is bijna 30% 55 of ouder (marge: 23-36%). Gemiddeld in Nederland is het aandeel 55-plussers dat zich recent ergens heeft gevestigd 18%. In de woonservicegebi e- den wonen dus niet alleen relatief veel ouderen, er vestigen zich ook relatief veel ouderen. Van de afzonderlijke leeftijdsklassen is het grotere aandeel vestigers in de tussen de 65 en 74 betekenisvol. De resultaten

12 aandeel van de recent verhuisden 6 figuur 2 Leeftijdsverdeling van recent verhuisden in en gemiddeld in Nede r- land 2 20% 18% 16% 14% 12% 10% 8% 6% 4% 2% 0% en ouder leeftijd recent verhuisden na 2000 NL- gemiddeld Gezondheid en beperkingen Langer zelfstandig blijven wonen is niet alleen een kwestie van leeftijd. Het gaat ook om g e- zondheid en beperkingen. Verwacht zou mogen worden dat mensen met een slechte gezon d- heid of met beperkingen in dagelijks functioneren in zelfstandig kunnen blijven wonen, terwijl ze dat elders minder makkelijk kunnen. Op de vraag of men last heeft van een of meer langdurige ziekten, aandoeningen of handicaps antwoordt een kwart (26%) van de respondenten in het WoON bevestigend. In de is dat 35%. Gecontroleerd voor inkomen en leeftijd, is het aandeel bewoners met een langdurige ziekte, aandoening of handicap wel wat lager (32%), maar het blijven er significant meer dan gemiddeld in Nederland. Mensen die in wonen, voelen zich ook minder gezond dan gemiddeld in Nederland. In de geeft 29% van de bewoners aan dat men de eigen g e- zondheid minder dan goed vindt, tegenover 20% gemiddeld in Nederland. Dit hangt sterk s a- men met leeftijd. Maar ook als wordt gecontroleerd voor leeftijd (en inkomen) blijkt er een significant verschil te bestaan tussen de ervaren gezondheid van bewoners van woonserviceg e- bieden en de gemiddelde ervaren gezondheid (van mensen met eenzelfde leeftijd en inkomen ). In de heeft 26% van de bewoners een minder dan goede (ervaren) g e- zondheid. Gemiddeld in Nederland is dat 20%. In het WoON wordt van een behoorlijk aantal dagelijkse activiteiten gevraagd of men die kan, of men die met moeite kan, alleen met hulp of zelfs helemaal niet. In de blijkt vooral het aandeel mensen dat veel van deze activiteiten met moeite kan groter. Dat geldt voor de 65-plussers (zie tabel 1), maar ook bij de respondenten onder de 55 is het aandeel met beperkingen in de groter. In het bijzonder is het aandeel 55-minners dat met moeite kan traplopen, geen half uur kan zitten of staan zonder pijn en dat geen of met moeite klussen kan doen met een huishoudtrap, in groter dan elders in Nederland. 2 De marges zijn hier relatief groot omdat de recente vestigers een subgroep van de bewoners zijn. Dat is het verschil!

13 7 tabel 1 Aandeel respondenten van 65 en ouder met beperkingen, gemiddeld in Nederland en in de Gemiddeld NL Woonservicegebieden traplopen - met moeite 24% 30% traplopen - met hulp 7% 9% half uur staan/zitten - met moeite 22% 31% half uur staan/zitten - niet 10% 9% gaan zitten staan - met moeite 16% 24% gaan zitten/staan - met hulp 1% 0% woning verlaten/binnen gaan - met moeite 8% 11% woning verlaten/binnen gaan - met hulp 2% 1% wassen - met moeite 5% 9% wassen - met hulp 4% 3% 10 minuten lopen - met moeite 17% 21% 10 minuten lopen - met hulp 6% 3% dagelijkse boodschappen - met moeite 12% 15% dagelijkse boodschappen - niet 10% 12% klussen met huishoudtrap - met moeite 11% 13% klussen met huishoudtrap - niet 31% 36% * significante verschillen zijn gemarkeerd Dit suggereert dat de niet alleen aantrekkelijk zijn voor ouderen in het bijzonder maar ook voor jongere huishoudens met beperkingen. Dat wordt bevestigd als wordt gekeken naar het aandeel recente vestigers in de met een langdurige ziekte, aandoening of handicap. Van de recente vestigers tot 65 in de heeft 38% (marge: 30-46%) een langdurige ziekte, aandoening of handicap. Gemiddeld in N e- derland ligt dat voor deze groep op 21%. Ofwel, de trekken niet alleen ouderen. Er vestigen zich ook relatief veel mensen met een langdurige ziekte, aandoening of handicap die nog geen 65 zijn. Voor de 65-plussers die zich in de hebben gevestigd geldt overigens niet dat zij vaker dan normaal voor deze leeftijdsgroep een langdurige ziekte, aandoening of handicap hebben Hulp en zorg Bewoners van ontvangen vaker minimaal een keer per week huishoud e- lijke hulp (15% versus 11% gemiddeld in Nederland). Dat hangt echter weer sterk samen met de leeftijd. Als per leeftijdsklasse wordt vergeleken zijn de verschillen beperkt. Alleen in de lee f- tijdsklasse lijkt het aandeel met huishoudelijke hulp in de wat hoger (20% versus 15% gemiddeld). Door het beperkte aantal waarnemingen is dat echter niet significant. Nader onderzoek zal moeten uitwijzen of ouderen in ook significant meer huishoudelijke zorg ontvangen dan ouderen elders in Nederland. De resultaten

14 aandeel met huishoudelijke hulp 8 figuur 3 Aandeel huishouden met minimaal wekelijks huishoudelijk hulp gemiddeld in Nederland en in de 60% 50% 40% 30% 20% 10% NL-gemiddeld 0% en ouder In de wordt de huishoudelijke hulp wat vaker betrokken van een thui s- zorgorganisatie (56% versus 45% landelijk) of van een vrijwilliger via een instelling of organis a- tie (7% versus 4%). In de wordt minder beroep gedaan op mantelzorg (10% versus 21%) dan gemiddeld in Nederland. Het is de vraag wat hiervan de achterliggende oorzaak is: trekken vooral mensen zonder mantelzorgers naar of ontva n- gen bewoners van minder mantelzorg omdat er voldoende professionele hulp aanwezig is? Of is er misschien nog iets anders aan de hand? Dit vraagt om nader onderzoek. We kijken hier in elk geval nog naar de invloed van stedelijkheid op het gebruik van ma n- telzorg in. De geselecteerde liggen vooral in de middenklasse voor wat betreft de mate van stedelijkheid. tabel 2 Mate van stedeli jkheid NL 1 Zeer sterk stedelijk 20% 10% 2 Sterk stedelijk 28% 37% 3 Matig stedelijk 20% 24% 4 Weinig stedelijk 20% 26% 5 Niet stedelijk 12% 2% totaal 100% 100% Splitsing in twee groepen stedelijkheid (meer gaat niet vanwege kleine aantallen) levert een constant lager percentage mensen met huishoudelijk hulp in de dat deze via mantelzorg krijgt. De invloed van de mate van stedelijkheid op het gebruik van mantelzorg in is zeer beperkt. Hoewel stedelijkheid wel samenhangt met het ontvangen van mantelzorg, verklaart stedelijkheid niet het verschil in ontvangen mantelzorg tussen en Nederland. Dat is het verschil!

15 9 tabel 3 Ontvangt huishoudelijke hulp van mante lzo rgers NL Woonservicegebieden (Zeer) sterk stedelijk 19% 9% Matig stedelijk t/m niet stedelijk 22% 11% Gebruik van particulier ingekochte hulp verschilt niet veel tussen en de rest van het land (29% versus 34%). Voor wat betreft overige zorg en diensten zijn er onvoldoende respondenten die hebben aa n- gegeven er een beroep op te doen om een zinvolle vergelijking mee te kunnen maken. De algemene indruk is echter dat de verschillen wat dit betreft tussen de bewoners van woonserv i- cegebieden en de rest van het land beperkt zijn. Dat is gezien de vraagstelling overigens ook niet vreemd omdat de vragen alleen zijn gesteld aan mensen die wonen in een woning die b e- hoort bij een verzorgings- of verpleeghuis of dienstencentrum. 2.2 De woningen De meeste woningen (ongeveer twee derde) in de zijn gewone woni n- gen. Een aantal en meer dan gemiddeld in Nederland - is doelgroepgericht. Zo is het aandeel woningen dat door de respondenten in het WoON als verzorgd wonen wordt gelabeld 3 beduidend groter in de dan gemiddeld in Nederland (12% versus 6%). Ook het aandeel overige ouderenwoningen ligt hoger in de dan gemiddeld in Nederland. Voor de overige onderscheiden zijn de verschillen niet significant. Hoewel het grote aandeel verzorgd wonen als tautologisch zou kunnen worden gezien is dat toch niet helemaal terecht. Immers, het betreft oordelen van bewoners. Daarmee is de (mog e- lijkheid tot) levering van verpleging en verzorging meer dan een theoretische: het wordt blij k- baar ook als zodanig waargenomen door de bewoners. 3 Er wordt gesproken van verzorgd wonen bij: zelfstandige of onzelfstandige woonruimten (door de respondenten) gelabeld als specifiek geschikt voor ouderen, waar volgens de respondent verpleging of verzorging geleverd kan worden vanuit een nabij de woning gelegen steunpunt, verzorgingshuis of dienstencentrum, exclusief de intramurale woonruimten (bedenoorden, verzorgingshuizen etc.). De resultaten

16 10 figuur 4 20% 18% 16% 14% 12% 10% 8% 6% 4% 2% 0% Aandeel doelgroepwoningen gemiddeld in Nederland en in de NL-gemiddeld De woningen in de zijn vaker huurwoningen (54%) dan gemiddeld in N e- derland het geval is (45%). Het aandeel eengezinswoningen is gelijk aan het gemiddelde in Nederland, maar de woningvoorraad is er wel wat eenzijdiger qua bouwperiode. Vooral het aa n- deel woningen uit de naoorlogse periode tot 1970 en in mindere mate uit de periode ligt wat hoger in de. Vooral vooroorlogse woningen maar ook meer recente woningen komen er wat minder frequent voor dan gemiddeld in Nederland. Daarmee betreft het gebieden waarin de aanwezigheid van corporatiebezit herkenbaar is. figuur 5 Bouwperiode woningvoorraad, gemiddeld in Nederland en in de 50% 45% 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% vooroorlogs of later NL-gemiddeld Dat is het verschil!

17 Ligging De geselecteerde liggen in woonmilieutermen wat vaker buiten de stedelijke centra in de zogenaamde buiten-centrum-milieus. Daarnaast zijn ze wat vaker te vinden in de centrum-dorpse milieus. In landelijk gebied (logischerwijs), maar ook in centrum - stedelijk gebied zijn de gelabelde ondervertegenwoordigd. 2.4 Leefbaarheid In termen van de geobjectiveerde leefbaarheid van woongebieden (de Leefbaarometer 4 ) zijn de relatief vaak te vinden in gebieden die vallen in de categorieën matig positief en positief en juist minder vaak in zeer positief. Hoewel de (of beter: de invloedssferen van de ) daarmee niet overwegend liggen in gebieden met leefbaarheidsproblemen, is de gemiddelde leefbaarheid er daardoor wel wat lager dan gemiddeld in Nederland. figuur 6 Verdeling van huishoudens over leefbaarheidsklassen, gemiddeld in Nederland en in de 45% 40% 35% 30% 25% 20% 15% NL- gemiddeld 10% 5% 0% zeer negatief matig matig negatief positief positief zeer positief uiterst positief Naast de verwachting dat mensen in staat stellen om langer zelfstandig te blijven wonen ondanks met leeftijd en gezondheid toenemende beperkingen - wordt ook verwacht dat men dit naar tevredenheid doet en dat er meer wordt deelgenomen in de same n- leving dan door ouderen in een vergelijkbare situatie buiten de. Het oordeel over de leefbaarheid van bewoners in ligt gemiddeld gen o- men niet hoger dan gemiddeld in Nederland. Sterker, het ligt significant lager. Voor een deel komt dat door de specifieke samenstelling van de woningvoorraad (meer huurwoningen bi j- voorbeeld) en de situatie van bewoners (meer lage inkomens en meer mensen met gezon d- heidsklachten en beperkingen). Maar ook als daarvoor wordt gecorrigeerd, is het gemiddelde oordeel van bewoners over de leefbaarheid in minder gunstig. Als ook wordt gecontroleerd voor de geobjectiveerde leefbaarheid (die gemiddeld iets lage r is in de ) zijn de verschillen niet meer significant. 4 De Leefbaarometer is door RIGO ontwikkeld in opdracht van het ministerie van VROM. Deze monitor berekent de leefbaarheidsscore aan de hand van 49 indicatoren. Zie De resultaten

18 % zeer tevreden met winkels in de buurt 12 Het enige aspect waarover bewoners van de significant tevredener zijn dan gemiddeld, zijn de winkels in de buurt. Dat geldt voor alle leeftijden met uitzonderin g van de groep onder de 25. Per leeftijdsgroep zijn de verschillen niet significant vanwege de kleine aantallen, maar over de gehele linie en voor de groep 55 -plussers is het verschil wel betekenisvol. figuur 7 Aandeel bewoners dat (zeer) tevreden is met de winkels in de buurt, naar leeftijdsklasse 60% 50% 40% 30% 20% NL- gemiddeld 10% 0% en ouder 2.5 Participatie Over het algemeen ligt het niveau van deelname aan allerlei maatschappelijke activiteiten onder de oudere bewoners van de in dezelfde orde van grootte als bij de ouderen in de rest van het land. Als er al sprake is van een trend, dan is die dat de deelname aan activiteiten iets lager ligt en het contact met buurtgenoten, familieleden en vrienden en kennissen iets hoger. De orde van grootte van de verschillen is echter niet dusdanig dat hier in dit onderzoek betekenis aan kan worden gehecht (tabel 4). Wel kan het als aanleiding gezien worden voor nader onderzoek waarbij verder wordt ingezoomd op deze aspecten. tabel 4 Deelname aan activiteiten en contact van 65-plussers gemiddeld in Nederland en in de NL veel contact met buren 60% 57% veel contact met buurtgenoten 48% 49% wekelijks contact met familieleden 84% 89% wekelijks contact met vrienden en kennissen 73% 76% wekelijks verenigingsleven 34% 30% uren tv per week uren sport per week 4,6 4,1 gaat op vakantie 52% 49% interesse in politiek (tamelijk tot zeer) 56% 50% Dat is het verschil!

19 13 NL kerkbezoek (wekelijks) 31% 27% autobezit 62% 62% volgt opleiding/cursus 3% 3% heeft werk 5% 3% partner volgt opleiding/cursus 3% 0% partner heeft werk 4% 1% Om te kunnen controleren voor andere invloeden dan leeftijd op de participatiegraad berekenen we een samengestelde score uit de verschillende activiteiten. Deze participatiegraad wordt groter als men: werkt; een cursus volgt; deelneemt aan sport; deelneemt aan verenigingsleven; een kerk bezoekt; op vakantie gaat. De maximale score is dan zes en de minimale nul. We controleren voor het hebben van een langdurige ziekte, aandoening of handicap, voor leeftijd en voor inkomen. Het resultaat is weergegeven in figuur 8 op de volgende bladzijde. Daaruit blijkt dat er betekenisvolle verschillen zijn in participatiegraad tussen ouderen en jongere huishoudens en tussen bewoners met en zonder handicap of aandoening. Tussen bewoners van en gemiddeld Nederland zijn de verschillen beperkt. Voor ouderen is er geen betekenisvol verschil. Voor bewoners van onder de 65 ligt de participatiegraad zowel voor bew o- ners met een aandoening/handicap als voor bewoners zonder zo n handicap iets lager dan g e- middeld in Nederland. Er kan dan ook niet worden geconcludeerd dat het wonen in een woonservicegebied bijdraagt aan de participatie in de samenleving. De resultaten

20 participatiegraad (0-6) 14 Figuur 8 Participatiegraad naar leeftijd en het hebben van een aandoening/handicap voor bew o- ners van en gemiddeld in Nederland, gecontroleerd voor inkomen 3,5 3 2,5 2 1,5 1 0,5 NL- gemiddeld 0 <65 65-plus <65 65-plus langdurige aandoening/handicap geen langdurige aandoening of handicap *Participatiegraad wordt weergegeven voor een inkomen van Dat is het verschil!

21 15 Hoofdstuk 3 Conclusie 3.1 De verschillen op een rij Uit het onderzoek komt naar voren dat op een aantal punten significant afwijken van het gemiddelde in Nederland. De huisvesten relatief veel ouderen en bewoners met een lan g- durige aandoening, handicap of beperking. In vestigen zich meer ouderen en mensen met een langdurige aandoening, handicap of beperking. In voelen meer mensen zich minder gezond, ook als gecorrigeerd wordt voor leeftijd en inkomen. In ontvangen minder bewoners mantelzorg bij huishoudelijke hulp. De woningen in zijn meer dan gemiddeld in Nederland doe l- groepgericht, zoals verzorgd wonen. Woonservicegebieden hebben naar verhouding veel huurwoningen. In zijn de bewoners tevredener over het winkelaanbod. In is het gemiddelde oordeel over de leefbaarheid lager dan gemiddeld in Nederland. De participatiegraad van bewoners jonger dan 65 in is lager dan van deze leeftijdsgroep elders in Nederland. Bij 65-plussers is die ongeveer hetzelfde. De lijken in een behoefte te voorzien waar het voorzieningen, diensten, en verzorging betreft die mensen in staat stelt om zelfstandig te wonen waar dat anders problematisch zou kunnen zijn. Met name de combinatie van de eerste drie constateringen is een indicatie dat ouderen en mensen met beperkingen in wel eens langer zelfstandig zouden kunnen wonen dan elders in Nederland. Hierbij wordt nog geen antwoord gegeven op de vraag of en zo ja welke interventies en arrangementen een gunstige uitwerking hebben op het langer zelfstandig wonen van ouderen en mensen met een beperking. Misschien woonden er al veel ouderen en waren er al veel voorzieningen en is daar zonder verdere inspanningen het etiket woonservicegebied op deze gebieden geplakt. Als dat zo is, dan zijn de keuzen voor de geselecteerde in elk geval goed gemaakt. Voor de meer afgeleide doelen van de - betrekking hebbend op een grotere tevredenheid met de woonomgeving en een hogere participatiegraad - kan geen bevestiging worden gevonden. Bewoners van hebben als wordt gecontroleerd voor de geobjectiveerde leefbaarheid van de gebieden - geen positiever oordeel over hun woonomgeving dan andere mensen in vergelijkbare omstandigheden. Alleen het oordeel over het winkelaanbod in de buurt is positiever. Dat werkt echter maar beperkt door in het algem e- ne oordeel. De participatiegraad van bewoners van ligt lager dan gemi d- deld in Nederland. Voor een deel komt dat door de gemiddeld hogere leeftijd en het feit dat er Conclusie

22 16 meer mensen met een langdurige ziekte, aandoening of beperking wonen. Wanneer daarvoor wordt gecontroleerd, geldt dat de bewoners van de woons ervicegebieden in gelijke mate deelnemen in de samenleving als mensen in vergelijkbare omstandigheden elders in het land. Alleen mensen jonger dan 65 in participeren naar verhouding significant minder dan vergelijkbare bewoners elders. 3.2 Aanbevelingen voor nader onderzoek Uit het onderzoek komen aanwijzingen naar voren dat ouderen en mensen met een beperking mogelijk langer zelfstandig kunnen blijven wonen in woonser vicegebieden. In elk geval wonen er meer mensen uit deze doelgroepen en vestigen zij zich in ook meer. Het is niet ondenkbaar dat deze ouderen en mensen met beperkingen elders niet allemaal zelfstandig hadden kunnen blijven wonen. In vervolgonderzoek zou hier meer duidelijkheid over moeten komen om de op hun resultaten te kunnen beoordelen. Een andere vraag is waardoor in naar verhouding veel zelfstandig wonende ouderen wonen vergeleken met de rest van Nederland. Het kan zijn dat deze gebieden ook voordat zij officieel tot woonservicegebied zijn bestempeld al bepaalde kenmerken hadden waardoor hier relatief veel ouderen zelfstandig wonen, zoals geschikte woningen, adequate voorzieningen en bouw van de wijk. Het kan ook zijn dat de interventies van de samenwerkingspartners in dit woonservicegebied tot dit resultaat hebben geleid. Bij een aantal zullen beide factoren een rol spelen. In welke mate elke factor heeft bijgedragen is relevant vervolgonderzoek. In maart 2012 worden de resultaten van de proeftuinen woo n- servicegebieden van de SEV verwacht, die in elk geval op dit onderwerp dieper ingaan. Een opvallende uitkomst is dat bewoners in minder huishoudelijke hulp van mantelzorgers ontvangen dan bewoners elders in Nederland. Dit vraagt om nader onderzoek om de achterliggende oorzaken hiervan de achterhalen: neemt mantelzorg af zodra bewoners in gaan wonen of trekken mensen die niet over mantelzorg be schikken juist naar? Of spelen er nog andere factoren een rol? Omdat het overheidsbeleid erop gericht is om meer mantelzorg te bewerkstelligen is dit punt van groot belang en urgent. Dat is het verschil!

WoON-themarapport: Ouderen en gezondheid. Nadet Somers en Dick van der Wouw augustus 2013. Inleiding

WoON-themarapport: Ouderen en gezondheid. Nadet Somers en Dick van der Wouw augustus 2013. Inleiding WoON-themarapport: Ouderen en gezondheid Nadet Somers en Dick van der Wouw augustus 13 Inleiding Het aandeel ouderen in neemt sterk toe de komende jaren. Voor het wonen heeft dit grote betekenis. Ouderdom

Nadere informatie

Zelfstandig wonen: de mening van senioren en mantelzorgers uit de stadsregio Rotterdam

Zelfstandig wonen: de mening van senioren en mantelzorgers uit de stadsregio Rotterdam Zelfstandig wonen: de mening van senioren en mantelzorgers uit de stadsregio Rotterdam Inleiding Het Tympaan Instituut heeft in de zomer van 2013 verschillende groepen (potentiële) zorgvragers en mantelzorgers

Nadere informatie

Herstructurering Plan Zuid: een goede plek voor ouderen?

Herstructurering Plan Zuid: een goede plek voor ouderen? Herstructurering Plan Zuid: een goede plek voor ouderen? Harlingen, 6 maart 2014 George de Kam Honorair hoogleraar VolkshuisvesBng en grondmarkt, met bijzondere aandacht voor het wonen van ouderen Rijksuniversiteit

Nadere informatie

Actualisatie Nationaal Bestand Woonzorgcomplexen

Actualisatie Nationaal Bestand Woonzorgcomplexen Actualisatie Nationaal Bestand Woonzorgcomplexen 2004 In opdracht van Aedes-Arcares Kenniscentrum Wonen-Zorg Postbus 8258 3503 RG Utrecht, Oudlaan 4 3515 GA Utrecht telefoon 030 273 97 75, fax 030 273

Nadere informatie

Waardering van leefbaarheid en woonomgeving

Waardering van leefbaarheid en woonomgeving Waardering van leefbaarheid en woonomgeving Burgerpeiling Woon- en Leefbaarheidsmonitor Eemsdelta 2015 In de Eemsdelta zijn verschillende ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op de leefbaarheid.

Nadere informatie

Verhuisplannen en woonvoorkeuren

Verhuisplannen en woonvoorkeuren Verhuisplannen en woonvoorkeuren Burgerpeiling Woon- en Leefbaarheidsmonitor Eemsdelta 2015 Bevolkingsdaling ontstaat niet alleen door demografische ontwikkelingen, zoals ontgroening en vergrijzing of

Nadere informatie

Samenvatting Klanttevredenheidsonderzoek Wmo en de Benchmarks Wmo resultaten over 2013

Samenvatting Klanttevredenheidsonderzoek Wmo en de Benchmarks Wmo resultaten over 2013 Samenvatting Klanttevredenheidsonderzoek Wmo en de Benchmarks Wmo resultaten over 2013 Klanttevredenheidsonderzoek Het KTO is een wettelijke verplichting wat betreft de verantwoording naar de Gemeenteraad

Nadere informatie

Resultaten bewonersonderzoek, meting 2013

Resultaten bewonersonderzoek, meting 2013 Resultaten bewonersonderzoek, meting 2013 In de periode half mei/ begin juli 2013 heeft USP Marketing Consultancy in opdracht van Volkshuisvesting opnieuw een bewonersonderzoek gedaan naar de tevredenheid

Nadere informatie

RESULTATEN WOONONDERZOEK PURMEREND UPDATE MAART 2015

RESULTATEN WOONONDERZOEK PURMEREND UPDATE MAART 2015 Inhoud 1. Woningvoorraad 2 2. Huishoudens 4 3. Huishoudens in woningen 5 4. Verhuizingen 8 5. Verhuiswensen doorstromers 10 6. Verhuiswensen starters 14 7. Woonruimteverdeling 15 Inleiding Er is heel veel

Nadere informatie

Tevredenheid over MEE. Brancherapport 2011. Een onderzoek in opdracht van MEE Nederland. Marieke Hollander Betty Noordhuizen BA3913

Tevredenheid over MEE. Brancherapport 2011. Een onderzoek in opdracht van MEE Nederland. Marieke Hollander Betty Noordhuizen BA3913 Tevredenheid over MEE Brancherapport 2011 Een onderzoek in opdracht van MEE Nederland Marieke Hollander Betty Noordhuizen BA3913 Zoetermeer, 21 december 2011 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust

Nadere informatie

Waardering van voorzieningen, vervoer en werk

Waardering van voorzieningen, vervoer en werk Waardering van voorzieningen, vervoer en werk Burgerpeiling Woon- en Leefbaarheidsmonitor Eemsdelta 2015 Een afname van het inwoneraantal heeft gevolgen voor het voorzieningenniveau. Er zal immers niet

Nadere informatie

WijkWijzer Deel 1: de problemen

WijkWijzer Deel 1: de problemen WijkWijzer Deel 1: de problemen Ondiep, Utrecht overlast dronken mensen overlast door drugsgebruik overlast jongeren vernieling openbare werken rommel op straat overlast van omwonenden auto-inbraak fietsendiefstal

Nadere informatie

Bewonerspanel Woonvormen

Bewonerspanel Woonvormen Interne Bedrijven, Gemeente Utrecht onderzoek@utrecht.nl / 030 286 1350 www.utrecht.nl/onderzoek Bewonerspanel Woonvormen Extra ruimte is belangrijkste wens voor toekomstige woning Bijna de helft van de

Nadere informatie

Woonwensen van 55-plussers in Pijnacker-Nootdorp; een samenvatting

Woonwensen van 55-plussers in Pijnacker-Nootdorp; een samenvatting Woonwensen van 55-plussers in Pijnacker-Nootdorp; een samenvatting 1 2 Inhoud 1. Aanleiding 5 2. Wonen en leven in Pijnacker-Nootdorp 6 3. Waar en hoe wonen de 55-plussers? Tevredenheid met woning en woonomgeving

Nadere informatie

1 Inleiding. Parkeernormering ontwikkeling Brittenstein. Rijnhart Wonen. notitie. 28 augustus 2012 RHW010/Bes/0025

1 Inleiding. Parkeernormering ontwikkeling Brittenstein. Rijnhart Wonen. notitie. 28 augustus 2012 RHW010/Bes/0025 Deventer Den Haag Eindhoven Snipperlingsdijk 4 Verheeskade 197 Flight Forum 92-94 7417 BJ Deventer 2521 DD Den Haag 5657 DC Eindhoven T +31 (0)570 666 222 F +31 (0)570 666 888 Leeuwarden Amsterdam Postbus

Nadere informatie

Meedoen in Kinderdijk

Meedoen in Kinderdijk Meedoen in Kinderdijk Belangstelling voor activiteiten en diensten Inhoud: 1. Conclusies 2. Belangstelling in beeld Sinds 2011 heeft Kinderdijk een eigen wijkcentrum, het Multifunctioneel Centrum (MFC)

Nadere informatie

Bijlage bij persbericht Hoe prettig is het wonen in Borger-Odoorn? Korte samenvatting van de resultaten uit het Leefbaarheidsonderzoek

Bijlage bij persbericht Hoe prettig is het wonen in Borger-Odoorn? Korte samenvatting van de resultaten uit het Leefbaarheidsonderzoek Bijlage bij persbericht Hoe prettig is het wonen in Borger-Odoorn? Korte samenvatting van de resultaten uit het Leefbaarheidsonderzoek Hoe prettig is het wonen in Borger-Odoorn? De leefbaarheid waar het

Nadere informatie

Wijkaanpak. bekendheid, betrokkenheid en communicatie

Wijkaanpak. bekendheid, betrokkenheid en communicatie Afdeling Onderzoek & Statistiek Gemeente Deventer Karen Teunissen April 2006 Inhoudsopgave Inleiding 3 Hoofdstuk 1 Bekendheid en betrokkenheid 4 Samenvatting 8 Hoofdstuk 2 Communicatie 9 Samenvatting 12

Nadere informatie

Raads informatiebrief

Raads informatiebrief gemeente Eindhoven Raadsnummer O8.R2403.OOI Inboeknummer oybstoa86r Dossiernummer ysr.qr8 8 januari aoo8 Raads informatiebrief Betreft resultaten Ouderenmonitor Gemeentelijke Gezondheidsdienst 1 Inleiding

Nadere informatie

RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving www.rigo.nl Regionale leefbaarheidskaarten

RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving www.rigo.nl Regionale leefbaarheidskaarten RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving www.rigo.nl De Leefbaarometer ten opzichte van het regionaal gemiddelde De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij RIGO Research en Advies. Het gebruik

Nadere informatie

Gevolgen scheiden van wonen en zorg Goeree-Overflakkee 2013-2025

Gevolgen scheiden van wonen en zorg Goeree-Overflakkee 2013-2025 Gevolgen scheiden van wonen en zorg Goeree-Overflakkee 213-225 Inleiding Als we nu al weten hoeveel ouderen in 225 in een verzorgingshuis wonen, is het mogelijk om hierop te anticiperen. Voor beleidsmakers

Nadere informatie

Onderzoek nieuwe inwoners

Onderzoek nieuwe inwoners faculteit ruimtelijke wetenschappen nr. 331 Onderzoek nieuwe inwoners De Marne R.A. Bijker, T. Haartsen en D. Strijker November 2010 Onderzoek nieuwe inwoners De Marne > 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding 4

Nadere informatie

Mantelzorgbeleid Inovum

Mantelzorgbeleid Inovum Paginanummer: 1 / 5 Mantelzorgbeleid Inovum 1. Doel Geven van duidelijkheid over wie mantelzorgers zijn, wat het verschil is tussen mantelzorgers en vrijwilligers en hoe Inovum en mantelzorgers elkaar

Nadere informatie

minder dan 5 jaar tussen de 5 en de 10 jaar tussen de 10 en de 15 jaar langer dan 15 jaar

minder dan 5 jaar tussen de 5 en de 10 jaar tussen de 10 en de 15 jaar langer dan 15 jaar Burgerpanel Zeewolde Resultaten peiling 3: Wmo-nota juli 2012 Inleiding Deze nieuwsbrief beschrijft de resultaten van de 3 e peiling met het burgerpanel van Zeewolde. De peiling ging over de sociale netwerken

Nadere informatie

Inwoners van Leiden Opleiding en inkomen

Inwoners van Leiden Opleiding en inkomen Inwoners van Leiden Het aantal inwoners blijft vrijwel stabiel. Relatief jonge en hoogopgeleide bevolking. Tweeverdieners met kleine kinderen en een gemiddeld inkomen verlaten de stad. Meer Leidenaren

Nadere informatie

Onderzoek nieuwe inwoners Ferwerderadiel

Onderzoek nieuwe inwoners Ferwerderadiel faculteit ruimtelijke wetenschappen nr. 334 Onderzoek nieuwe inwoners Ferwerderadiel R.A. Bijker, T. Haartsen en D. Strijker Januari 2011 Onderzoek nieuwe inwoners Ferwerderadiel > 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding

Nadere informatie

1. Inwoners stad Groningen

1. Inwoners stad Groningen facts & figures 1. Inwoners stad Groningen Huidige inwoneraantal: 195.676 De stad Groningen is de afgelopenjaren sterk gegroeid. Bovenstaande grafiek laat zien dat de stad in de komende 15 jaar blijft

Nadere informatie

FACTSHEET OUDEREN EN WONEN PURMEREND APRIL 2015

FACTSHEET OUDEREN EN WONEN PURMEREND APRIL 2015 FACTSHEET OUDEREN EN WONEN PURMEREND APRIL 2015 Kaartje concentraties 75+ 1 team Beleidsonderzoek en Informatiemanagement Inleiding Op 23 maart 2015 startte het Woondebat met een open bijeenkomst. Doel

Nadere informatie

Wonen met Zorg in de anticipeerregio s

Wonen met Zorg in de anticipeerregio s Wonen met Zorg in de anticipeerregio s Inleiding In de komende decennia zal de bevolkingssamenstelling veranderen en zal het aandeel ouderen in de bevolking toenemen. Indien nu al bekend is hoeveel ouderen

Nadere informatie

Resultaten van een enquête onder de bewoners van Austerlitz - eind 2012

Resultaten van een enquête onder de bewoners van Austerlitz - eind 2012 Resultaten van een enquête onder de bewoners van Austerlitz - eind 2012 Datum: 15 december 2012 Auteur: Coöperatie Austerlitz Zorgt U.A., Jan Smelik Inlichtingen: info@austerlitzzorgt.nl Verspreiding:

Nadere informatie

Doelgroepen TREND A variant

Doelgroepen TREND A variant Doelgroepen TREND A variant Kleidum Socrates 2013 Doelgroepen 3 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 5 1.1 Doelgroepen en Socrates... 5 1.2 Werkgebieden... 6 2 Doelgroepen en bereikbare voorraad... 7 2.1 Ontwikkeling

Nadere informatie

Sociaal Rapport en de Jeugdmonitor Provincie Groningen

Sociaal Rapport en de Jeugdmonitor Provincie Groningen Groningen, 1 maart 2011 Persbericht nr. 34 Sociaal Rapport en de Jeugdmonitor Provincie Groningen SPECIALE AANDACHT VOOR KRIMPGEBIEDEN EN VOOR JEUGD De Groninger bevolking groeit nog door tot 2020, en

Nadere informatie

Woonmilieus. Stedelijke woonmilieus

Woonmilieus. Stedelijke woonmilieus Woonmilieus Voor de indeling in woonmilieus wordt om praktische redenen aangesloten bij de bestaande indeling van ABF. Deze indeling kent een typering in vijf verschillende woonmilieus, met een verfijning

Nadere informatie

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Woonvoorkeuren specifieke woonvormen voor ouderen: een verhaal met veel gezichten 23 mei 2014 DATUM 23 mei 2014 TITEL Woonvoorkeuren specifieke

Nadere informatie

Vragenlijst WoON 2015

Vragenlijst WoON 2015 Vragenlijst WoON 2015 Informatiebijeenkomst oversampling Judith Hurks 5 maart 2015, Utrecht Feitjes over de vragenlijst Hoeveel vragen zitten er in de vragenlijst? Circa 450 vragen Afhankelijk van; leeftijd,

Nadere informatie

Hoofdstuk 9. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 10. Financiële situatie

Hoofdstuk 9. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 10. Financiële situatie Hoofdstuk 9. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 10. Financiële situatie Samenvatting Hfst 9. Trendvragen financiële situatie Jaarlijks worden drie trendvragen gesteld die inzicht geven in de financiële

Nadere informatie

Check Je Kamer Rapportage 2014

Check Je Kamer Rapportage 2014 Check Je Kamer Rapportage 2014 Kwantitatieve analyse van de studentenwoningmarkt April 2015 Dit is een uitgave van de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb). Voor vragen of extra informatie kan gemaild worden

Nadere informatie

Demografische gegevens ouderen

Demografische gegevens ouderen In dit hoofdstuk worden de demografische gegevens van de doelgroep ouderen beschreven. We spreken hier van ouderen indien personen 55 jaar of ouder zijn. Dit omdat gezondheidsproblemen met name vanaf die

Nadere informatie

Preventief huisbezoek 75+

Preventief huisbezoek 75+ Hollandsspoor 37 3994 VT Houten Postbus 209 3990 GA Houten tel. 030-7001500 info@vanhoutenenco.nl www.vanhoutenenco.nl Preventief huisbezoek 75+ Houten Noord-West de ERVEN en het OUDE DORP 'van Houten&co'

Nadere informatie

Tussenbalans lokale samenwerking wonen, zorg en welzijn

Tussenbalans lokale samenwerking wonen, zorg en welzijn Tussenbalans lokale samenwerking wonen, zorg en welzijn Rapportage December 2014 c14theswz Aanleiding USP Marketing Consultancy heeft samen met Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg onderzoek gedaan naar

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015 Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl Zoetermeer, vrijdag 13 november 2015 In opdracht van Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl De verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Wonen in Amsterdam 2013 Stadsdeelprofielen

Wonen in Amsterdam 2013 Stadsdeelprofielen Stadsdeelprofielen Gemeente Amsterdam Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties Colofon Uitgave Dienst Wonen, Zorg en Samenleven Amsterdam Datum Juni 2014 Auteurs Kees Dignum en Hester Booi Grafische

Nadere informatie

Bijlagen bij: Woonagenda Aalsmeer 2016 2020

Bijlagen bij: Woonagenda Aalsmeer 2016 2020 Bijlagen bij: Woonagenda Aalsmeer 2016 2020 Bijlage 1: Vraag en Aanbod woningmarkt Aalsmeer Bijlage 2: Kaart Woningbouwprojecten Bijlage 3: Woonfonds Aalsmeer Bijlage 1: Vraag & aanbod woningmarkt Aalsmeer

Nadere informatie

Wonen, Zorg en Maatschappelijk Vastgoed. Gerard Koster VNG

Wonen, Zorg en Maatschappelijk Vastgoed. Gerard Koster VNG Wonen, Zorg en Maatschappelijk Vastgoed Gerard Koster VNG Opbouw presentatie 1. Ontwikkelingen 2. Opgaven regionaal/lokaal 3. Samenwerking 4. Voorbeelden 5. Vragen aan u 1. Ontwikkelingen Extramuralisering:

Nadere informatie

Langdurig ziekteverzuim van werknemers met een chronische ziekte of beperking Geeke Waverijn, Mieke Rijken

Langdurig ziekteverzuim van werknemers met een chronische ziekte of beperking Geeke Waverijn, Mieke Rijken Deze factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Langdurig ziekteverzuim van werknemers met een chronische ziekte of beperking, G. Waverijn & M. Rijken, NIVEL, januari

Nadere informatie

Trends in het gebruik van informele zorg en professionele zorg thuis: gebruik van informele zorg neemt toe

Trends in het gebruik van informele zorg en professionele zorg thuis: gebruik van informele zorg neemt toe Deze factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Trends in het gebruik van informele zorg en professionele zorg thuis: gebruik van informele zorg neemt toe, G. Waverijn

Nadere informatie

Fortuna 2007 P r o g n o s e Wonen met Zorg

Fortuna 2007 P r o g n o s e Wonen met Zorg Fortuna 2007 P r o g n o s e Wonen met Zorg Inleiding De nieuwste ramingen op het gebied van wonen met zorg zijn weer beschikbaar: Fortuna 2007. Deze ramingen zijn gebaseerd op de uitkomsten van het WoON

Nadere informatie

Monitoring gebruikerstevredenheid invoering 130 km/h

Monitoring gebruikerstevredenheid invoering 130 km/h TNS Nipo Grote Bickersstraat 74 1013 KS Amsterdam t 020 5225 444 e info@tns-nipo.com www.tns-nipo.com Rapport Monitoring gebruikerstevredenheid invoering 130 km/h Rick Heldoorn & Matthijs de Gier H1630

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2012. Jobcoach organisatie Trace Daelzicht

Tevredenheidsonderzoek 2012. Jobcoach organisatie Trace Daelzicht Tevredenheidsonderzoek 2012 Jobcoach organisatie Trace Daelzicht Zoetermeer, maandag 4 februari 2013 In opdracht van Jobcoach organisatie Trace Daelzicht De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij

Nadere informatie

IJsselland. Wijkgezondheidsprofiel Borgele en Platvoet Deventer

IJsselland. Wijkgezondheidsprofiel Borgele en Platvoet Deventer IJsselland Wijkgezondheidsprofiel Deventer Januari 2015 Wijkgezondheidsprofiel Dit wijkgezondheidsprofiel bestaat uit gegevens afkomstig van diverse bronnen, registraties en (bewoners)onderzoeken. Voor

Nadere informatie

3.5 Voorzieningen in de buurt

3.5 Voorzieningen in de buurt 3.5 Voorzieningen in de buurt Samenvatting: Straatverlichting en straatmeubilair Veruit de meeste (8%) bewoners zijn (zeer) tevreden over de straatverlichting in hun buurt. De verschillen naar wijk zijn

Nadere informatie

Bijlage 5. Wonen met zorg, Ouderenhuisvesting

Bijlage 5. Wonen met zorg, Ouderenhuisvesting Bijlage 5. Wonen met zorg, Ouderenhuisvesting 4.1 Analyse Meer mensen met vraag naar zorg en ondersteuning De komende jaren zal de groep mensen met beperkingen als gevolg van ouderdom toenemen. Dit heeft

Nadere informatie

De woningmarkt in Goirle 2010-2015; jongeren die terug willen keren. Woonbehoefte van jongeren die terug willen verhuizen naar de gemeente Goirle

De woningmarkt in Goirle 2010-2015; jongeren die terug willen keren. Woonbehoefte van jongeren die terug willen verhuizen naar de gemeente Goirle De woningmarkt in Goirle 2010-2015; jongeren die terug willen keren Woonbehoefte van jongeren die terug willen verhuizen naar de gemeente Goirle De woningmarkt in Goirle 2010-2015; jongeren die terug willen

Nadere informatie

De gegevens die worden gebruikt door de benchmark worden door de gemeente zelf aangeleverd. De burgerpeiling levert een deel van deze gegevens aan.

De gegevens die worden gebruikt door de benchmark worden door de gemeente zelf aangeleverd. De burgerpeiling levert een deel van deze gegevens aan. Burgerpeiling 2013 Eind 2013 is onder 2000 inwoners van de gemeente Noordoostpolder een enquete verspreid ten behoeve van de benchmark waarstaatjegemeente.nl. De enquete vormt een onderdeel van de benchmark.

Nadere informatie

Achtergrondinformatie Woonsymposium WONEN IN STAD.NL SESSIE BETAALBAAR- HEID

Achtergrondinformatie Woonsymposium WONEN IN STAD.NL SESSIE BETAALBAAR- HEID Achtergrondinformatie Woonsymposium WONEN IN STAD.NL SESSIE BETAALBAAR- HEID donderdag 19 maart 2015 BETAAL- BAARHEID Groningen is de jongste stad van Nederland. Van de totaal circa 200.000 inwoners zijn

Nadere informatie

SOCIAAL PERSPECTIEF. sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020

SOCIAAL PERSPECTIEF. sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020 SOCIAAL PERSPECTIEF sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020 SOCIAAL PERSPECTIEF sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020 De sociale ambitie: Zaanstad manifesteert zich binnen de metropoolregio Amsterdam

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT Tevredenheidsonderzoek 2011 Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT Zoetermeer, zaterdag 4 februari 2012 In opdracht van Universiteit van Amsterdam, INTT De verantwoordelijkheid voor de inhoud

Nadere informatie

Mantelzorg. Figuur 1. Mantelzorg per GGD regio. 2 van 6 Rapport Mantelzorg. Bron: Zorgatlas RIVM

Mantelzorg. Figuur 1. Mantelzorg per GGD regio. 2 van 6 Rapport Mantelzorg. Bron: Zorgatlas RIVM Mantelzorg Op 10 november 2014 is het de Dag van de Mantelzorg. Dit jaar wordt deze dag voor de 16 e maal georganiseerd. De Dag van de Mantelzorg is bedoeld om mantelzorgers in het zonnetje te zetten en

Nadere informatie

Belanghoudersbijeenkomst

Belanghoudersbijeenkomst V e r s l a g Belanghoudersbijeenkomst Donderdag 17 november was u met ruim 30 andere genodigden aanwezig bij de belanghoudersbijeenkomst van Woningstichting Bergh. Een bijeenkomst waarbij wij graag twee

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek ROC De Leijgraaf

Tevredenheidsonderzoek ROC De Leijgraaf Tevredenheidsonderzoek 2015 ROC De Leijgraaf Zoetermeer, zondag 14 februari 2016 In opdracht van ROC De Leijgraaf De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of

Nadere informatie

Hoe leefbaar is Leiden? Leiden in de Atlas voor Gemeenten

Hoe leefbaar is Leiden? Leiden in de Atlas voor Gemeenten Hoe leefbaar is Leiden? & Leiden in de Atlas voor Gemeenten Colofon Serie Statistiek 2010/06 juni 2010 Beleidsonderzoek en Analyse (BOA) Afdeling Strategie en Onderzoek Gemeente Leiden tel: 071 516 5123

Nadere informatie

Waarom dit onderzoek?

Waarom dit onderzoek? Waarom dit onderzoek? Een betere buurt in 2026! Woningstichting De Volmacht wil uw buurt vernieuwen en verbeteren en klaar maken voor de toekomst. Daarvoor is een allereerst goede analyse van uw buurt

Nadere informatie

WOONWENSENONDERZOEK PARKSTAD LIMBURG 2008-2009

WOONWENSENONDERZOEK PARKSTAD LIMBURG 2008-2009 WOONWENSENONDERZOEK PARKSTAD LIMBURG 2008-2009 RAPPORTAGE WOONWENSENONDERZOEK PARKSTAD LIMBURG 2008 2009 Uitgevoerd in opdracht van Parkstad Limburg Door: Datum: Ikwileenanderewoning.nl, 13 09 2009 Woonplein

Nadere informatie

3. Minder tevreden over het wonen

3. Minder tevreden over het wonen 3. Minder tevreden over het wonen zijn minder tevreden over hun woning en hun woonomgeving dan autochtonen. Zij wonen in kwalitatief minder goede woningen en moeten met meer mensen de beschikbare ruimte

Nadere informatie

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Een analyse van de huisartsenregistratie over de

Nadere informatie

Een schoon en leefbaar huis

Een schoon en leefbaar huis Een schoon en leefbaar huis Onderzoek schoonmaakondersteuning Voorjaar 2015 1/28 Inhoud 1. Inleiding 4 2. Werkwijze en verantwoording 5 2.1 Het doel van het onderzoek 5 2.2 Definitie van een schoon en

Nadere informatie

EFFECTEN VAN DE WEEKEND- SCHOOL VAN STICHTING WITTE TULP. - eindrapport - dr. Marga de Weerd. Amsterdam, november 2009

EFFECTEN VAN DE WEEKEND- SCHOOL VAN STICHTING WITTE TULP. - eindrapport - dr. Marga de Weerd. Amsterdam, november 2009 EFFECTEN VAN DE WEEKEND- SCHOOL VAN STICHTING WITTE TULP - eindrapport - dr. Marga de Weerd Amsterdam, november 2009 Regioplan Beleidsonderzoek Nieuwezijds Voorburgwal 35 1012 RD Amsterdam Tel.: +31 (0)20-5315315

Nadere informatie

Maatwerk gewenst in de ondersteuning? Soort beperking van belang

Maatwerk gewenst in de ondersteuning? Soort beperking van belang Maatwerk gewenst in de ondersteuning? Soort beperking van belang Door: Dorrit Verkade en Annelies de Jong van Onderzoekcentrum Drechtsteden (OCD) Waarom deze factsheet? Er vinden belangrijke veranderingen

Nadere informatie

Woningvoorraad en woningbehoefte in Nederland

Woningvoorraad en woningbehoefte in Nederland Wonen in Hilversum Woningvoorraad en woningbehoefte in Nederland De Nederlandse woningmarkt staat momenteel in het middelpunt van de belangstelling. Deze aandacht heeft vooral betrekking op de ordening

Nadere informatie

Strategisch samenwerken wonen, welzijn, zorg Annette Duivenvoorden

Strategisch samenwerken wonen, welzijn, zorg Annette Duivenvoorden Strategisch samenwerken wonen, welzijn, zorg Annette Duivenvoorden Projectleider Rem op AWBZ: 3 miljard Hervorming Langdurige Zorg Niet nieuw - Extramuralisering al gewenst beleid sinds jaren 90 - Geleid

Nadere informatie

Sociaal-economische schets van Leiden Zuidwest 2011

Sociaal-economische schets van Leiden Zuidwest 2011 Sociaal-economische schets van Zuidwest 2011 Zuidwest is onderdeel van het en bestaat uit de buurten Haagwegnoord en -zuid, Boshuizen, Fortuinwijk-noord en -zuid en de Gasthuiswijk. Zuidwest heeft een

Nadere informatie

25 juni 2015 Dorpsraad Waarland Bouwend Waarland Waarland Bouwt Zelf

25 juni 2015 Dorpsraad Waarland Bouwend Waarland Waarland Bouwt Zelf Onderzoek woningbehoefte Waarland 2015 25 juni 2015 Dorpsraad Waarland Bouwend Waarland Waarland Bouwt Zelf 1 Inleiding 1.1 Inleiding De gemeente Schagen wil haar toekomstig woningbouwprogramma inrichten

Nadere informatie

Marketing van het verzorgingshuis

Marketing van het verzorgingshuis Marketing van het verzorgingshuis Het was nooit een probleem; de klant kwam vanzelf. Het verzorgingshuis was wellicht geen aanlokkelijk vooruitzicht, maar wel een dankbaar alternatief als thuis wonen niet

Nadere informatie

Uitkomsten enquête Nieuw-Weerdinge

Uitkomsten enquête Nieuw-Weerdinge Uitkomsten enquête Nieuw-Weerdinge We zijn in Nieuw-Weerdinge bezig met het maken van een dorpsprogramma. Hierin staat wat de organisaties en de bewoners de komende vijf jaar met elkaar willen bereiken

Nadere informatie

De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Research voor Beleid. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in

De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Research voor Beleid. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in Achtergronden en motieven bij wachten op een pgb Eindrapport Een onderzoek in opdracht van het ministerie van VWS drs. L. Boer drs. M. Hollander Projectnummer: B3811 Zoetermeer, 16 december 2010 De verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv Tevredenheidsonderzoek 2011 Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv Zoetermeer, zaterdag 4 februari 2012 In opdracht van Studiecentrum Talen Eindhoven bv De verantwoordelijkheid voor de inhoud

Nadere informatie

Toelichting op de lokale senioren agenda

Toelichting op de lokale senioren agenda Notitie Toelichting op de Lokale Seniorenagenda Kadernota integrale informatie, advies en cliëntondersteuning Toelichting op de lokale senioren agenda 1. Inleiding De lokale seniorenagenda is één van de

Nadere informatie

Effecten van woonservicegebieden voor ouderen en hoe nu verder? Zie: www.wonenouderen.nl. George de Kam

Effecten van woonservicegebieden voor ouderen en hoe nu verder? Zie: www.wonenouderen.nl. George de Kam Effecten van woonservicegebieden voor ouderen en hoe nu verder? Zie: www.wonenouderen.nl George de Kam Deze workshop ---- Het onderzoek Wat zijn de uitkomsten Hoe verder. Verzoek van de SEV Projectteam

Nadere informatie

Klanttevredenheid consultatiebureaus Careyn

Klanttevredenheid consultatiebureaus Careyn Klanttevredenheid consultatiebureaus Careyn Klanten van Careyn over het consultatiebureau Inhoud: 1. Conclusies 2. Algemene dienstverlening 3. Het inloopspreekuur 4. Telefonische dienstverlening 5. Persoonlijk

Nadere informatie

Hoofdstuk 17. Financiële dienstverlening

Hoofdstuk 17. Financiële dienstverlening Hoofdstuk 17. Financiële dienstverlening Samenvatting In dit hoofdstuk wordt allereerst gekeken naar de bekendheid en het gebruik van vijf inkomensondersteunende regelingen, te weten: Kwijtschelding gemeentelijke

Nadere informatie

Leegstand, herbestemming en verzorgingshuizen: een verkenning door de oogharen heen

Leegstand, herbestemming en verzorgingshuizen: een verkenning door de oogharen heen Lars Brugman Lars Brugman is projectadviseur/onderzoeker bij Kadaster Ruimte & Advies. Hij legt zich toe op complexe maatwerkvraagstukken vanuit de bij het Kadaster beschikbare ruimtelijke informatie.

Nadere informatie

Leefbaarheid in Culemborg

Leefbaarheid in Culemborg RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving www.rigo.nl EINDRAPPORT Leefbaarheid in Culemborg Lemon vervolgmeting 2011 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij RIGO Research en Advies. Het

Nadere informatie

Werkbelevingsonderzoek 2013

Werkbelevingsonderzoek 2013 Werkbelevingsonderzoek 2013 voorbeeldrapport Den Haag, 17 september 2014 Ipso Facto beleidsonderzoek Raamweg 21, Postbus 82042, 2508EA Den Haag. Telefoon 070-3260456. Reg.K.v.K. Den Haag: 546.221.31. BTW-nummer:

Nadere informatie

Rapport. Eigen regie en zelfredzaamheid ; een enquête onder senioren

Rapport. Eigen regie en zelfredzaamheid ; een enquête onder senioren Rapport Eigen regie en zelfredzaamheid ; een enquête onder senioren Woerden, juli 2014 Inhoudsopgave I. Omvang en samenstelling groep respondenten p. 3 II. Wat verstaan senioren onder eigen regie en zelfredzaamheid?

Nadere informatie

Strategisch werken aan wonen, welzijn, zorg Bijeenkomst Tympaan Zuid Holland

Strategisch werken aan wonen, welzijn, zorg Bijeenkomst Tympaan Zuid Holland Strategisch werken aan wonen, welzijn, zorg Bijeenkomst Tympaan Zuid Holland Gebiedsgerichte aanpak 1 Opbouw workshop 1. Kennismaking 2. Context 3. Casus beschrijven 2 Gemeente: nieuwe rol, minder geld

Nadere informatie

De waarde van winkels

De waarde van winkels De waarde van winkels Gerard Marlet Nederlandse Raad Winkelcentra 20 januari 2015 Smart people, strong cities (Cpb) aandeel hoogopgeleiden 50,9% tot 79,2% 46,5% tot 50,9% 39,8% tot 46,5% 37,7% tot 39,8%

Nadere informatie

Hoofdstuk 7. Financiële situatie

Hoofdstuk 7. Financiële situatie Stadsenquête Leiden Hoofdstuk 7. Financiële situatie Samenvatting Bijna driekwart van de Leidenaren geeft aan gemakkelijk rond te komen met het huishoudinkomen, twee op de tien komt net rond en bijna een

Nadere informatie

Nieuwbouwplan De Koekoek

Nieuwbouwplan De Koekoek Sprang-Capelle Nieuwbouwplan De Koekoek S Daar waar gemoedelijkheid, tevredenheid, wonen en werken, inspanning en ontspanning hand in hand gaan. Dát is wonen in de gemeente Sprang-Capelle, met de vele

Nadere informatie

De stand van Mediation in Nederland

De stand van Mediation in Nederland De stand van Mediation in Nederland drs. R.J.M. Vogels Zoetermeer, 17 november 2011 In opdracht van het Nederlands Mediation Instituut (NMI). De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Stratus.

Nadere informatie

Presentatie. werkgroep WozozoBo. in stuurgroep

Presentatie. werkgroep WozozoBo. in stuurgroep 2 december 2004 Presentatie werkgroep WozozoBo in stuurgroep Wie zitten in de werkgroep WozozoBo Piet (RB) Erica (WV) Wim (NH) Cora (GEM) Carl (NH) Johan (IN) Sabine (SWOR) Anton (adv) Joop (WO) Projectgroep,

Nadere informatie

Wijk- en buurtmonitor

Wijk- en buurtmonitor Wijk- en buurtmonitor 2014 Uitleg 1 Opbouw monitor Op pagina 5 vindt u een plattegrond met alle wijken. Via deze plattegrond kunt u doorgaan naar een wijk door op het nummer te klikken. 1 2 U komt nu uit

Nadere informatie

Veel woningen van chronisch zieken nog niet toekomstbestendig

Veel woningen van chronisch zieken nog niet toekomstbestendig Dit factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Veel woningen van chronisch zieken nog niet toekomstbestendig, D.Baan & M. Heijmans, NIVEL, april 2011) worden gebruikt.

Nadere informatie

OUTCOMEMONITOR WIJKENAANPAK 2015

OUTCOMEMONITOR WIJKENAANPAK 2015 Kees Leidelmeijer Gerard Marlet Roderik Ponds Eva Broxterman René Schulenberg Clemens van Woerkens Research en Advies Research en Advies 2 INHOUD 1 Inleiding 5 2 Overall beeld leefbaarheid aandachtswijken

Nadere informatie

1. Woonzorgzone / woonservicegebied. 2. Serviceflat. 3. Verzorgingshuis. 4. Verpleeghuis. 5. Zorghotel. (Nieuwe) woonvormen voor senioren

1. Woonzorgzone / woonservicegebied. 2. Serviceflat. 3. Verzorgingshuis. 4. Verpleeghuis. 5. Zorghotel. (Nieuwe) woonvormen voor senioren (Nieuwe) woonvormen voor senioren Inhoud 1. Toelichting woonvormen 2. Hoe wonen senioren 3. Enige cijfers 4. Sociaal beheer 5. Voorbeeld Aedes/Actiz 6. Odensehuis: initiatieven mantelzorgers 7. Beschermd

Nadere informatie

Iedereen moet kunnen meedoen

Iedereen moet kunnen meedoen Nieuwe wet voor maatschappelijke ondersteuning in uw gemeente Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Inhoud 2 Voorwoord 5 Wat is de Wmo? 5 Waarom is de Wmo belangrijk? 9 Negen taken voor uw

Nadere informatie

Fries burgerpanel Fryslân inzicht

Fries burgerpanel Fryslân inzicht Fries burgerpanel Fryslân inzicht Wij gaan er van uit dat we zo lang mogelijk in onze eigen woonomgeving kunnen blijven. Wij gaan er van uit dat we zo lang mogelijk in onze eigen woonomgeving kunnen blijven.

Nadere informatie

Eenzaamheid onder ouderen

Eenzaamheid onder ouderen Eenzaamheid onder ouderen Een inventarisatie van de stand van zaken en van een mogelijke aanpak in Ede (versie 31 oktober 2011) Op 3 februari 2011 heeft de gemeenteraad een motie aangenomen over eenzaamheid

Nadere informatie

zorg- en dienstencentrum Lunteren Verzorgd leven achter uw eigen voordeur Opella Lunteren kan u van dienst zijn!

zorg- en dienstencentrum Lunteren Verzorgd leven achter uw eigen voordeur Opella Lunteren kan u van dienst zijn! zorg- en dienstencentrum Verzorgd leven achter uw eigen voordeur Opella kan u van dienst zijn! Verzorgd wonen achter uw eigen voordeur Wonen doe je het liefst in je eigen huis. Ook, of misschien juist

Nadere informatie

Woonlastenonderzoek regio Zuid-Holland Zuid

Woonlastenonderzoek regio Zuid-Holland Zuid RAPPORT 03-06-2014 RIGO Research en Advies Woon- werk- en leefomgeving www.rigo.nl Woonlastenonderzoek regio Zuid-Holland Zuid De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij RIGO. Het gebruik van cijfers

Nadere informatie