Archief van de Stichting de Werkschuit

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Archief van de Stichting de Werkschuit"

Transcriptie

1 Archief van de Stichting de Werkschuit Henk van Faassen Algemene kenmerken Toegangsnummer: 918 Periode: Archiefvormer Stichting de Werkschuit, centrum voor ontwikkeling van kreativiteit Stichting Kunstzinnige Vorming Amsterdam Stichting Kunstweb Stichting Taalvorming Muyzenberg-Willemse, B. van de (Brecht) Faassen-Kalmijn, F. van (Frederice) Inleiding: De inventaris omvat het archief van de stichting De Werkschuit [periode ] Toegevoegd zijn: Het privéarchief van de schuitleidster Brecht v.d. Muijzenberg. [periode ] De archieven van de rechtsopvolgens nadat de stichting De Werkschuit in 1988 fuseert met het Instituut voor Dramatische Vorming (IDV) en de werkgroep Vrije Expressie Kinkerbuurt (VREK) tot de Stichting Kunstzinnige Vorming Amsterdam (SKVA), later genaamd stichting Kunstweb. [periode ] Het archief van de Taaldrukwerkplaats Staatsliedenbuurt, als onderdeel van De Werkschuit en rechtsopvolgers, vanaf 1999 als zelfstandige stichting Taalvorming. [periode ] Het archief van fotografe Frederice van Faassen voor wat betreft de fotografische documentatie van het werk van de Stichting Kunstzinnige Vorming Amsterdam, het Instituut voor Dramatische Vorming en de Taaldrukwerkplaats. [periode ] Voorbereiding tot Vernieuwing van Opvoeding en Onderwijs in Nederland In 1921 wordt de New Education Fellowship (NEF) opgericht door Beatrice Ensor, een Engelse onderwijsinspectrice. In Nederland begint Kees Boeke met de Werkplaats de Kindergemeenschap in Bilthoven. Hij richt de Werkgemeenschap voor Vernieuwing van Opvoeding en Onderwijs (WVO), als Nederlandse afdeling van de NEF op. Al voor de Tweede Wereldoorlog, in 1939, werd nagedacht over hoe het onderwijs er in de toekomst uit moest zien. Het Onderwijscongres in hotel Krasnapolsky, in dat jaar, kan gezien worden als een beginpunt van de Onderwijsvernieuwing in Nederland en daarmee is ook de kiem gelegd voor de Werkschuit. Prof. Dr. Ph. A. Kohnstamm, hoogleraar aan het Nutssemniarium van de Universiteit van Amsterdam en de Amsterdamse schrijver en onderwijzer Theo Thijssen houden referaten over moderne didactiek en leerplanherziening. E. Boekman, wethouder (SDAP) promoveert op Overheid en Kunst in Nederland Gedurende de Tweede Wereldoorlog wordt er in binnen- en buitenland aan de voorbereiding van Onderwijsvernieuwing gewerkt. In 1941 is er een Congres Kunstzinnige Vorming te Bilthoven en in 1944 een Internationaal Overleg van Ministers van Onderwijs in Londen onder voorzitterschap van de Minister for education R.A.Butler. Voor Nederland neemt Minister van Onderwijs in ballingschap, Dr. G. Bolkestein, deel. Het is de bedoeling dat direct na de bevrijding wordt gestart met Onderwijsvernieuwing. In april 1946 is een Landelijk Congres in Utrecht met 1500 deelnemers bijeen. De Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, prof. dr. G v.d. Leeuw, spreekt over Vernieuwing, de Versie november

2 leuze waaronder het kabinet is aangetreden. De onderwijsvernieuwing is één van de aspecten voor het Nederlandse volk om zijn eigen levenshouding terug te vinden. Oprichting van de Werkschuit Een aantal kunstenaars richt Stichting de Werkschuit op. De architect Wil Bertheux ontwerpt een Woonschoolschip dat het studiecentrum voor de Werkgemeenschap voor Vernieuwing van Opvoeding en Onderwijs (WVO) gaat worden. De aankoop van het schip en de verbouwing ervan komt uit de opbrengst van de verkoop van een schilderij van Cézanne aan het Stedelijk Museum Amsterdam. Beeldend kunstenares Ina van Blaaderen, één van de initiatiefnemers van de Werkschuit, had het schilderij geërfd en schonk het onder de voorwaarde dat die schenking anoniem bleef. Later is het toch bekend geworden. Op 15 april 1950 wordt de Werkschuit officieel geopend met een toespraak door Wethouder van Onderwijs en Kunstzaken van Amsterdam, mr. A de Roos. Er is protest tegen het vermeende elitaire karakter van de Werkschuit. De aanwezigheid van Maria Montessori moet onderstrepen dat er binnen de Montessoribeweging geen bezwaren zijn tegen de opvattingen van de Werkschuit, ondanks het feit dat veel dogmatische montessorianen het tegendeel beweren. Het schip meert af in de sluis in de Amstel tegenover theater Carré. Men wil oorspronkelijk door het land trekken maar de schuit kan niet onder de vele bruggen door. Bovendien: als ze haar ligplaats in Amsterdam zou verlaten zou ze er nooit meer terug mogen komen. De gemeente doet pogingen om de schuit weg te krijgen onder het mom jullie belemmeren de doorstroming van het grachtenwater, maar de doorstroming van het geestelijk goed wint het en De Werkschuit blijft liggen. Naar een Mammoetwet In 1951 ontvouwt Dr. F. J. T. Rutten, onderwijsminister in het Kabinet Drees, zijn Nota Onderwijsvoorzieningen. Deze nota bevat plannen voor een integrale benadering van het onderwijs waarop minister van Onderwijs Jo Cals later zijn Mammoetwet bouwt. In een rapport: De Aesthetische vorming, beschouwingen in verband met de onderwijsherzieningen, samengesteld door de Nederlandse Federatie van Beroepsverenigingen van Kunstenaars (1952), wordt aangetoond wat de taak van de school in samenwerking met kunstenaars zou kunnen zijn. Binnen het Nederlands Cultureel Contact (NCC) werken alle mogelijke organisaties aan het herstel van de Nederlandse samenleving. In Amsterdam komt een Schoolkunstcommissie om de overdracht van cultuur naar de jeugd te bevorderen. Eerst zijn dat voornamelijk museumlessen. Later komen er muziekluisterlessen bij. Tentoonstellingen van tekeningen van kinderen In samenwerking met de Nederlandse Federatie van Beroepsverenigingen van Kunstenaars en de Vereniging van Letterkundigen, organiseert Jhr. Willem Sandberg, directeur van het Stedelijk Museum Amsterdam, de tentoonstelling Kunst en Kind. De invloed van Cobra op de tekeningen is onmiskenbaar. Schilders als Appel, Corneille en Constant sluiten in hun beeldtaal aan bij de vrije vormen die kinderen ontwikkelen. Al in 1949 is vol afschuw op een Cobratentoonstelling in het Stedelijk Museum gereageerd. Experimentele kunstwerken mogen slechts korte tijd geëxposeerd worden. Een en ander zorgt voor veel ophef in de pers. In 1950 volgt de spraakmakende tentoonstelling in het Stedelijk Museum: Kinderen Uiten Zich, samengesteld door medewerkers van de Werkschuit. Er is ondermeer een vuilnishoop van kindertekeningen te zien die volgens de idealisten op een verkeerde kopieermanier gemaakt Versie november 2018

3 zijn. Het in deze vorm tentoonstellen wordt door sommige mensen als een persoonlijke belediging opgevat. Er komt in 1953 een tweede tentoonstelling Kinderen Uiten Zich. Deze keer hangen er mooie kindertekeningen in plaats van de voorbeelden van hoe het niet moet. Het onderwijs moet er van doordrongen worden dat het er niet om gaat dat kinderen kunstenaars in de dop zijn, maar om de ontwikkeling van creativiteit en vrije ontplooiing in algemene zin. Het pleidooi voor Kunstzinnige Vorming zet zich voort. Twaalf organisaties richten in 1956, met steun van het Prins Bernhard Fonds, een reizende tentoonstelling over Kunstzinnige Vorming in onder de titel Begin. Op de tentoonstelling in het Stedelijk museum: De Werkschuit en de opgroeiende jeugd, wordt het beest uitgehangen; het beest is een groepswerkstuk van de club hout en ijzer. Het werk wordt op esthetische kwaliteiten beoordeeld, terwijl het in werkelijkheid gaat om het proces van creatieve samenwerking van jongeren. De schuitleidster Brecht van den Muyzenberg ( ) is de belangrijkste schuitleidster van de Werkschuit en dat is iets anders dan een directeur. Ze was kleuterleidster aan de 2 e Montessorischool in de Kinkerbuurt. Verder was ze actief in vele maatschappelijke organisaties. In de oorlog zat ze gevangen in Ravensbrück. Haar lidmaatschap van de CPN zorgde voor problemen waardoor de Werkschuit soms als een communistische mantelorganisatie bestempeld wordt. Ze zit twee jaar in de Tweede kamer, maar moet in 1948 vertrekken om plaats te maken voor een echte arbeider. Brecht houdt met strakke hand de slordige kunstenaars in bedwang die op de Werkschuit les geven. Haar motto is: Niemand kan zelfstandig leiding geven aan anderen, als hij niet in staat is zichzelf weg te cijferen en waar te nemen wat er in anderen omgaat. Brecht van de Muijzenberg overlijdt 28 september 1984 op 87-jarige leeftijd. Ze laat voor het ontwikkelen van vernieuwende projecten een legaat na. Ook de stichting Vrienden van De Werkschuit krijgt een legaat. Brecht was een sociaal bewogen vrouw, die haar leven ten dienste van kinderen stelde en dat deed met een strengheid die niet voor ieder, die met haar te maken kreeg, te accepteren was. De laboratoriumfunctie van de Werkschuit Kunstenaars begeleiden op de Werkschuit kinderclubs in tekenen, boetseren, muziek en spel, als een laboratorium voor vernieuwende expressiewerkvormen. Daarnaast zijn er Basiscursussen voor onderwijzers en opvoeders. In Kadertrainingen geven de kunstenaars elkaar hun inzichten en werkwijzen door. De Werkschuit heeft goede contacten met de in 1950 opgerichte coöperatieve vereniging de Drukpers op School, die het gedachtegoed van de Franse pedagoog Celestin Freinet wil uitdragen. Volgens Freinet ontleent de geschreven tekst haar waarde aan de functie die ze heeft als middel. Het Werkcentrum voor Leketoneel en Creatief Spel (1953) wordt opgericht als tegenhanger van de Werkschuit waar tot dan toe voornamelijk beeldend gewerkt wordt en volgens sommigen te weinig aan spel. Het is de voorloper van het Instituut voor Dramatische Vorming (IDV). Rob van Reijn introduceert pantomime geschikt voor schoolkinderen. Mensen komen in het algemeen niet in aanraking met het grote toneel. Integratie van verschillende kunstvormen in het onderwijs is wenselijk. Alle jeugdigen kunnen met het Cultureel Jeugd Paspoort (CJP) Versie november

4 voor gereduceerd tarief naar alle mogelijke kunstuitingen. Vaststelling van het begrip Kunstzinnige Vorming Er heerst een voortdurende begrippenstrijd. Verbale Expressie gaat om uitdrukkingsvaardigheid en verrijking van de woordenschat. Expressie is ontplooiing van de fantasie en ontwikkeling van verbeeldingskracht. Ontdekking van eigen creatieve mogelijkheden, maar vooral ook verbreding van inzicht in de verschillende maatschappelijke rollen zijn de voornaamste doelstellingen. Vijf jaar lang denkt de Commissie Kunstzinnige Vorming van de Jeugd na hoe het moet. Minister J.Cals van OK&W bedankt de commissieleden prof. dr N.R.A.Vroom, prof.dr. G.Stuiveling en prof.dr.r.c.kwant voor de moeite en de WVO publiceert het rapport: Kunstzinnige Vorming, werkelijkheid en wensen. Muzische vorming vindt men een vaag begrip Het gaat over de emotionele verwaarlozing in de opvoeding van kinderen en het nut dat expressieve werkvormen kunnen hebben. Pancratius Post schrijft: Vrije expressie en aestetische vorming. Hij volgt de Britse kunstcriticus en anarchistisch cultuurfilosoof Herbert Read, die pleit voor een intuïtieve pedagogie in plaats van een wetenschappelijke. Post is voor een gerichte, begeleidende en stimulerende aanpak. De pedagoog L. van Gelder en de kunstenaar J. van Praag nemen een tussenpositie in door wel uit te willen gaan van de eigen beleving van kinderen, maar hen te betrekken bij de wetmatigheden van de beeldende vormgeving zoals die binnen het Bauhaus [ ] door Walter Gropius ontwikkeld zijn. De school zal langzaam moeten overgaan in een werkplaats waar geen verschil is tussen Kunst en Toegepaste Kunst. Docenten en consulenten van de Werkschuit moeten benoembaar zijn, gewaarmerkt door de Inspectie voor Amateuristische Kunstbeoefening en Kunstzinnige Vorming. Veel medewerkers hebben wel een kunstvakopleiding gevolgd, maar missen voldoende pedagogische en didactische vaardigheden. De Werkschuit is een bekend maar vaag begrip. Men wil geen methode propageren terwijl de leerkrachten in het primair onderwijs nu juist wél houvast willen hebben. De Werkschuit besluit getuigschriften uit te geven opdat de medewerkers voor vol aangezien worden. Het is wel duidelijk dat er een groot verschil tussen bevoegdheid en bekwaamheid is. Op het Wereldcongres INSEA International Non-Government World Organisation for Education through Art. (1957) geven de ideeën van Herbert Read aan in welke richting we Kunstzinnige Vorming moeten ontwikkelen. Die gedachten ontleende Read aan Plato, die zei dat kunst de grondslag van de opvoeding diende te zijn. De psychologe Dr. Wilhelmina Bladergroen schrijft voor hoe ouders hun woning moeten inrichten op een manier dat kinderen er lekker kunnen spelen met verantwoord speelgoed. In het Stedelijk Museum is een tentoonstelling van Hedendaags Speelgoed (1965). De Werkschuit richt in één van de zalen een werkplaats in waar de kinderen hun eigen speelgoed kunnen maken. De kinderen beginnen, tot vertwijfeling van de suppoosten, met het tentoongestelde speelgoed te spelen en vaders gaan karretjes voor hun kroost timmeren. Het anders zo rustige museum is even in de ban van vrije expressie Versie november 2018

5 Splitsing van Kunstzinnige Vorming en Amateuristische Kunstbeoefening Een aantal medewerkers van het eerste uur, waaronder Ina van Blaaderen en Piet Klaasse, trekken zich in 1961 terug. De pioniers zien onvoldoende kans hun inzichten over te dragen. Andere medewerkers gaan op persoonlijke titel in het onderwijs werken. Als de eerste schuitleidster van de Werkschuit, Brecht van den Muyzenberg met pensioen gaat, verandert langzaam de koers van de Werkschuit. De contacten met het onderwijs verlopen stroef. De nieuwe Rijksbijdrageregeling Amateuristische Kunstbeoefening van het ministerie van CRM geeft de gemeenten de verantwoordelijkheid te bepalen wat er gesteund moest worden en wat niet. Daarom probeert de Werkschuit de activiteiten te splitsen. Aan de ene kant cursussen in amateurkunst en vrijetijdsbesteding. Aan de andere kant creativiteitsontwikkeling en onderwijsvernieuwing. De Werkschuit moet zijn voortrekkersrol en de idealen van vijftien jaar werken opgeven. De cursussen worden vervangen door ateliers per discipline voor volwassenen. Er mogen alleen nog maar cursussen voor Amateuristische Kunstbeoefening gegeven worden. De invoering van de vrije zaterdag veroorzaakt een nieuwe markt. De cursussen voor volwassenen nemen een grote vlucht en verdringen het werken met scholen en in kinderclubs Er komen nieuwe schuitleiders. Door Fabrie, voormalig directrice van Ons Huis, neemt de leiding op zich. Vervolgens komt Han van Essen, de eerste die zich directeur noemt. Onder zijn management voltrekt zich de splitsing tussen het werken met kinderen en hun leerkrachten, dat later Steunfunctie genoemd wordt en het Cursuswerk. Cursussen die voorheen slechts functioneel dienden te zijn ten gunste van opvoeding en onderwijs, zijn nu algemeen toegankelijk. Frans Scharff is de laatste directeur voor de fusie van de Werkschuit met het Instituut voor Dramatische Vorming en de werkgroep VREK tot de Stichting Kunstzinnige Vorming Amsterdam Creativiteit en de spelende mens De Werkschuit staat model voor veel landelijke Creativiteitscentra. Er komt een dependance, in 1964, in Groningen, die echter weer in 1968 opgeheven wordt. Op meerdere plaatsen begint men activiteiten waar de naam Werkschuit aan verbonden wordt, zoals in Zeist, Nieuw-Vennep, Velsen, Muiderberg, Haarlem en Gouda. Kunstzinnige Vorming in de opvoeding: Mens en expressie Er is een groeiende aandacht voor Kunstzinnige Vorming, maar dat stelt hogere eisen aan leerkrachten, zeker als het gaat om bijvoorbeeld dans, drama en muziek. Musea beginnen educatieve afdelingen op te richten waarbij meer gekeken wordt naar de interessewereld van de kinderen dan alleen het ontsluiten van hun collectie voor kinderen. Schoolbegeleidingsdiensten nemen op een voorzichtige manier Kunstzinnige Vorming in hun beleid op. Men vraagt om erkenning bij de overheid. Bij het verschijnen van de film Rock around the clock denken sommige opvoeders dat de jeugd aan complete verwildering ten prooi is gevallen. De ouderen zijn geschokt en verontrust en begrijpen niet wat er met de Nederlandse jeugd aan de hand is. Een pedagoog laat in de Telegraaf weten dat het allemaal de schuld van de ouders is. Dit is nou precies wat er gebeurt als kinderen niet streng genoeg worden opgevoed en waar ouders tekort schieten moet de politie dan maar ingrijpen. De muziek en de relletjes kondigden een nieuwe tijd aan. Een tijd die veel verandering met zich mee brengt. Maar prof. Kwant vindt dat we deze verschijnselen serieus moeten nemen. Men had nog geen idee wat er te gebeuren staat als de Beatles en de Rolling Stones ten tonele verschijnen. In de uitvoering van kunsteducatieve projecten circuleren verwarrende begrippen zoals Ludische Vorming, Esthetische Vorming, Kunstzinnige Vorming, Muzische vorming. Vrije- en Gebonden expressie. Wat ontbreekt is een bruikbare onderbouwing van die termen. Als de vijfde Belgisch-Nederlandse conferentie over de plaats van Kunstzinnige Vorming in de volksopvoeding gehouden wordt is het tijd om na te denken over een Nederlandse Stichting Kunstzinnige Versie november

6 Vorming die er inderdaad in 1964 komt. IVKO-school Hans Snoek richt in 1961 de school voor Individueel Voortgezet en Kunstzinnig Onderwijs, IVKO, op Het hele leerplan Kunstzinnigheid moet met, onder andere, hulp van de Werkschuit vanaf het begin ontwikkeld worden. De school is bedoeld voor kinderen die al op deze leeftijd intensief aan een kunstopleiding in muziek of ballet bezig zijn. Aandacht voor Taalvorming ontstaat Er wordt op de Werkschuit met taal op dezelfde manier omgegaan als met verf en klei. Het heet Creatief Taalgebruik en behelst het vrij gebruik van woorden, maken van teksten en aandacht voor het gesproken woord. Er is regelmatig samenwerking met het Werkcentrum voor Lekentoneel en Creatief spel. De Werkschuit werkt mee aan een conferentie Vereniging Onderwijs in het Nederlands (VON). Een mooie gelegenheid om leraren Nederlands te laten zien hoe je het platgedrukte taalvermogen bij middelbare scholieren weer levend krijgt. Er bestaat een gevaar dat Creatief Taalgebruik wordt gezien als vrijblijvend spelen en knutselen met woorden en typografie. Pas later komt het inzicht dat Taalexpressie de bron is van wat de kinderen moeten leren. Vernieuwingen in het onderwijs Tweede Kamer, Buitengewone Zitting 31 juli Bij monde van de minister-president is uitgesproken dat de Regering het op prijs zal stellen bij de invoering van nieuwe vormen van onderwijs en de verbeteringen van bestaande, gebruik te maken van de ervaring en kennis van al diegenen die bij het onderwijs zijn betrokken. De Nederlandse Stichting voor Kunstzinnige Vorming (NSKV) krijgt van minister Th.H.Bot van OK&W subsidie, maar niet uit de pot van Onderwijs. Toch wil men met Kunstzinnige Vorming in het Lager Onderwijs beginnen. Creativiteit is een modewoord geworden voor de verbondenheid, niet alleen met de kunst, maar met het hele leven. Bij het vaststellen van de Mammoetwet zijn er tekenen die er op wijzen dat Kunstzinnige Vorming een plaatsje in het Voortgezet Onderwijs krijgt. Inspraakcultuur De tijd van de eindeloze inspraak is aangebroken. Er komen Teach-In s. Jongeren verzetten zich tegen de welvaartsmaatschappij en de autoritaire gezagstructuur. Zij keren zich van de samenleving af en vormen een subcultuur waarin vrijere leefregels en een antiautoritaire levenshouding de boventoon voeren. Op de Werkschuit neemt een Werkcommissie, bestaande uit medewerkers, het beheer op zich. In 1964 worden nieuwe statuten voor de Werkschuit vastgesteld. De Werkschuit richt zich in het vervolg op de groeiende vrijetijdsmarkt, de Amateuristische Kunstbeoefening. Daaruit volgt dat die cursussen hun eigen broek moeten ophouden en de cursusgelden dus omhoog gaan. Éducation Permanente is de kreet die de Nederlandse Stichting Kunstzinnige Vorming lanceert. Alle bekende uitgangspunten worden steeds opnieuw bijgeslepen en andere toegevoegd zonder dat er in werkelijkheid van de Creativiteitscentra iets verandert Versie november 2018

7 Minister Marga Klompé roept dat Kunstzinnige Vorming uiterst belangrijk is. Wat daarvan zichtbaar is: Provo, Flower Power, Ludieke Aksie, Sensitivity-trainingen. Politiek Vormingstheatergroep Proloog, Werktheater, Tejater TeNeeter. Bread and Puppet Theater, Living Theatre. Afijn nieuw elan dus. Er komt een Stichting Vrienden van De Werkschuit, want er ontbreekt nog fl ,- voor de aanschaf van een nieuw schip om al die nieuwe activiteiten te kunnen herbergen. Een wig tussen onderwijs en cultuur De minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk werk in 1965, M.Vrolijk (PvdA) vindt dat er wel wat meer voorzieningen voor cultuur en maatschappelijk welzijn nodig zijn. Er komen een aantal instellingen zoals het NIVON, het Nut, NCVO. De nieuwe minister van CRM, Marga Klompé (KVP) vindt dat kunst een element van maatschappelijk welzijn moet zijn. Aan de Werkschuit wordt gevraagd om een landelijke vereniging voor instellingen van creativiteitsontwikkeling op te zetten. Een van de medewerkers van de Werkschuit, Jan van Oosten wordt de eerste directeur van de Vereniging voor Creativiteits Ontwikkeling (VCO). Er is een sterke behoefte aan kwaliteitsbewaking ontstaan omdat her en der stichtingen opgericht worden met het woord schuit in hun naam, terwijl ze inhoudelijk niet met een vergelijkbare kwaliteit bezig zijn. De instellingen die subsidies willen krijgen moeten eerst lid van de VCO worden. Daarmee wordt de VCO een verkapte inspectie. Jan Blokker verzucht: Er zijn hobbyclubs genoeg, er is behoefte aan een culturele ANWB. In de loop der tijd ontwikkelt de VCO zich tot een werkgeversorganisatie die later Vereniging voor Kunstzinnige Vorming VKV gaat heten. De kwaliteitsbewaking komt in handen van de Rijksinspectie Kunstzinnige Vorming en Amateueristische Kunstbeoefening (KV/AK). Men adviseert gemeenten en provincies bij beleidsontwikkeling en het aannemen van docenten. De inspectie wordt vervolgens weer geprivatiseerd tot een Stichting Kwaliteitsbewaking KV/AK. Daarna komt de inspectie in handen van de Onderwijsinspectie. Daarna valt het onder inspectie Erfgoed. Einde van kwaliteitsbewaking, begin bureaucratie. Meer begrip voor kunstenaars kweken De voorzitter van de Werkschuit, Emil Meijer, directeur van het Stedelijk Museum, kondigt bij het vijftienjarig bestaan aan dat de Werkschuit uit haar min of meer elitaire cocon moet kruipen. Het onderwijs kan dan nog wel indirect profiteren van de experimenten die op de Werkschuit plaats vinden. Die opvatting wordt mede ingegeven doordat veel kunstenaarsdocenten zich in het onderwijs, pedagogisch-didactisch, onzeker voelen. Het gevolg van deze ontwikkeling is dat de Vrije expressie op de scholen er steeds meer bij komt te hangen. De Gemeente Amsterdam geeft alleen subsidie voor de cursussen en niet voor begeleiding van het onderwijs. Verhitte discussies spelen zich aan boord van de Werkschuit af. Moeten er op gezag van de overheid uitsluitend volwassenencursussen voor de vrijetijdssector gegeven worden? Voor afgestudeerden aan de kunstacademies komen er Creatief Pedagogische en Didactische Bijscholingen waarmee ze een bevoegdheid voor het werken in Creativiteitscentra verwerven. De bijscholing in Arnhem start met een volwaardig aandeel Creatief Taalgebruik en druktechnieken. De bijscholingen in Rotterdam, Amsterdam, Den Bosch, Maastricht en Enschede volgen dat voorbeeld. Er komt in 1967 een nieuw groot schip voor de Werkschuit. De medewerkers moeten het zelf op de werf blauw schilderen. Het is een verwijzing naar het tijdschrift de Blauwe Schuit waarin kunstenaars zoals Hendrik Nicolaas Werkman hun werk publiceerden. De stichting Vrienden van De Werkschuit is eigenaar van het schip. Versie november

8 Aandacht voor taalonderwijs Plotseling duikt een voorstel van een leerkracht op om een les Nederlands op een andere manier te geven. Onderwijsbegeleiding is in handen van de Schoolbegeleidingsdienst A.B.C. Men is bereid na te denken over een driehoeksverhouding : Openbare Bibliotheek, A.B.C. en de Werkschuit. Mejuffrouw Jannie Daanen, hoofd van de Jeugdbibliotheek, is een groot voorstander van een actievere inzet van de bibliotheekjuffrouwen. Ze kunnen meer doen dan alleen boeken afstempelen en de kinderen wegwijs maken in het uitleensysteem. De Boekenboot is de één van de eerste speciale jeugdbibliotheken in de stad. Helaas zullen die later stuk voor stuk verdwijnen tot er nog slechts jeugdafdelingen van grotere bibliotheken zijn. De Buurtbibliotheek in de Staatsliedenbuurt begint ook als een Jeugdbibliotheek. Vrije Expressie Kinkerbuurt (VREK) start activiteiten in de buurthuizen van de Amsterdamse Kinkerbuurt. Ontplooiingskansen, kritisch denken en creativiteit, voor alle buurtkinderen. Taalactivering neemt een belangrijke plaats in. Zorgen dat de leerkrachten geschoold worden deze doelstellingen zelf in de klas te halen. Ouders en buurthuiswerkers gaan samenwerken, want het gaat immers om de communicatie tussen buurt, school en thuis. Kern is de wereldoriëntatie maar dan op de buurt gericht. Het jaar van Dolle Mina s (1972), die ontevreden zijn met de plaats en de mogelijkheden van vrouwen, zowel in hun privé-leven, als in de maatschappij. Kritische Leraren van verschillende scholen maken in de drukkerij van de IVKO-school hun eigen projectmateriaal als protest tegen slechte leermiddelen. Er komen Experimentele Eindexamens Expressievakken. Kunstbeleid mag niets anders zijn dan welzijnsbeleid (CRM-nota). Dus een divers kunstaanbod met een vergrote toegankelijkheid. Maar ja, er is ook een minister van Onderwijs die nog niet aan deze vorm van ontgrenzing gedacht heeft. Het Amsterdams Centraal Instituut (ACI) moet zien dat ze het hok met niet al te makke kunstzinnige schapen bijeen houdt en ervoor zorgt dat er creatieve projecten uitgevoerd worden. Het gaat om de Werkschuit, het Werkcentrum, de Nutsschool voor Beeldende Expressie, de Scapino Dansschool, het Nederlands Mimecentrum, de Vereniging voor Handenarbeid en het Vormingscentrum voor Amateurtoneel. Kunsteducatie De Werkschuit start zogenoemde Createams voor het Lager Beroeps Onderwijs waarin leerkrachten en kunstenaars samenwerken. Er blijkt in het onderwijs nog steeds belangstelling voor creativiteitsontwikkeling, met gebruikmaking van middelen aan de kunsten ontleend, te bestaan. De kunstenaars van de Werkschuit geven de nodige injecties om het LBO leuk te maken. In 1973 ontwerpt de werkgroep O3, een organisatie voor onderwijskundig onderzoek, een model voor Kunstzinnige Vorming. Men komt tot de slotsom dat ze moeilijk tastbare resultaten van KV kunnen aantonen. De instellingen staan bol van idealen maar kunnen die niet waar maken. De maakbaarheid van mens en samenleving is nog niet gelukt. Men adviseert Kunsteducatie, inleiding tot kunst, in te voeren. Veel verbeteringen in het onderwijs vinden, vooral in de zogenoemde achterstandswijken plaats. Het Rijks Instituut voor Toegepaste Psychologie (RITP) doet onder leiding van Co van Calcar onderzoek naar taalachterstand onder handarbeiderskinderen. Er komt een contact tussen de Taaldrukwerkplaats en de alternatieve schooladviesdienst van Provo tot stand. Op 12 mei 1970 gaan kinderen niet naar school uit protest tegen de wantoestanden in het onderwijs. De Kabouters en Dolle Mina s geven die dag les in buurthuizen. De Werkschuit gaat de wijken in met het project Kreaktief. Het is de bedoeling bij vrijwilligers en beroepskrachten van buurthuizen en speeltuinen deskundigheid te bevorderen op het gebied van Kunstzinnige Vorming. Het wordt georganiseerd door de Amsterdamse Raad voor Sociaal-cultureel werk, het Amsterdams Centraal Instituut, het Amsterdams Speeltuinverbond, het Instituut voor Dramatische Vorming en de Werkschuit. Het Van Goghmuseum organiseert in 1975 de manifestatie Per Expressie, waar alle instellingen die iets kunstzinnigs in de stad doen, zich presenteren. De Taaldrukwerkplaats en het Drukhuis richten er een drukwerkplaats in. Er komt een permanent kinderatelier met medewerkers in Versie november 2018

9 dienst van het museum. In de jaren 90 verdwijnt het atelier weer als het museum de ruimte voor andere dingen nodig heeft. Iedere zondag houdt De Werkschuit in de Melkweg een themamiddag waar kinderen tegen een entree van 50 cent creatief aan de slag gaan. Iets dergelijks is eerder ook in Paradiso georganiseerd. Maar snel werd de grote zaal te mooi om in te kliederen. De Taaldrukwerkplaats zijn de jaren van Kritische leraren, Scholierencomités, Aktie Tomaat, Dolle Mina s. In de Staatsliedenbuurt en de Hugo de Grootbuurt roeren krakers zich. Het is de Koperen knopen buurt genoemd naar de geüniformeerde gemeenteambtenaren die er wonen. Burgemeester Samkalden regeert, en kabouter Roel van Duyn zit in de gemeenteraad. De buurt moet gerenoveerd worden, maar de bewoners laten zich niet gemakkelijk mee renoveren. De krakers spreken een woordje mee over de slechte woningen, de gezondheid, werkloosheid en het cultureel klimaat in de buurt. Er wordt actie gevoerd. De Werkplaats voor Taalvisualisatie van de IVKO, school voor Individueel Voortgezet en Kunstzinnig Onderwijs, waar Henk van Faassen, Kees van Baalen en Marijke Baars projectonderwijs geven, doet mee. Leerlingen drukken de benodigde posters. Verschillende buurtinstanties, zoals het Wijkcentrum, het ABC-wijkteam van de Onderwijsbegeleidingsdienst en de buurthuizen dringen aan op een vestiging van een Openbare Bibliotheek in de Staatsliedenbuurt, met een Drukwerkplaats voor buurtbewoners, in of vlakbij die bibliotheek. Op 21 januari 1976 wordt de Taal- & Drukwerkplaats geopend. In een leegstaand schoolgebouw zijn twee lokalen gekraakt. In deze werkplaatsen kan taal als gereedschap gebruikt worden. De afdeling Kunstzaken van de gemeente geeft een eenmalige subsidie om de inrichting van de Taaldrukwerkplaats mogelijk te maken. Er worden stencilmachines, boekdrukpersen, letters en zo meer aangeschaft. Veel bezoekers zijn bijzonder gecharmeerd van al die oude spullen en zien het als een museum van oude drukambachten. Over de vraag onder welke koepel de Taaldrukwerkplaats zou moeten vallen is verschil van inzicht. Vallen de activiteiten onder het buurthuiswerk, de onderwijsbegeleiding, de bibliotheek of de Werkschuit? Volwassenen educatie De term Functioneel Analfabetisme wordt gebruikt als mensen wel kunnen lezen en schrijven, maar zelden zelf het woord nemen. De geest van de tijd is gericht op verandering van deze achterstelling. De Taaldrukwerkplaats vervult in dit domein, naast dat van het Basisonderwijs, een belangrijke rol. Lange tijd heeft de Taaldrukwerkplaats zitting in de Wijkraad, de voorloper van de Stadsdeelraad Westerpark en praat mee over de plannen die van de versleten buurt iets nieuws moeten maken. Een Open Drukwerkplaats is ingericht voor de buurtbewoners om er hun affiches te maken. Er ontstaat een grote belangstelling voor Taaldrukken vanuit verschillende vormen van volwassenen educatie. Op een miniconferentie over het werken in de Volwasseneneducatie wordt het Cursusmodel Taaldrukken gepresenteerd: Ieder mens heeft een stem. Er is een wisselwerking tussen mondelinge en schriftelijke geletterdheid. In het kader van het Internationale Jaar van Het Kind zijn er werkgroepen Taaldrukken. H.K.H. Prinses Beatrix der Nederlanden doet mee aan een vertelronde. Ter gelegenheid van de herdenking van het Jordaanoproer schrijven en drukken grote groepen leerlingen van de basisscholen uit de Jordaan in de Taaldrukwerkplaats muurkranten. Versie november

10 De Taaldrukwerkplaats vindt navolging De Nederlandse Stichting Kunstzinnige Vorming in Amersfoort raakt geïnteresseerd en stelt voor om Taaldrukwerkplaatsen en Buurthuizen te laten samengaan. Daar is het nooit van gekomen. De structuur van het buurthuiswerk lijkt wel bij die van een Taaldrukwerkplaats aan te sluiten, maar de draagkracht is gering. Het wijkteam van het Advies en Begeleidings Centrum voor het Onderwijs, (ABC), bemoeit zich intensief met de Taaldrukwerkplaats. Ondanks verschillen van inzicht verschijnt in 1983 een advies waarin het ABC waardering voor Taaldrukken uitspreekt. Er komen werkplaatsen in Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Eindhoven, Nijmegen, Vlaardingen, Dordrecht,Tilburg, Leeuwarden, Bergen Op Zoom. Alkmaar, Groningen. Professionalisering is noodzakelijk Er komt een Bijscholing Taaldrukken. De hoofddoelen zijn het ontwikkelen van visie op Taaldrukken, het leren aanbieden van werkvormen en het verhelderen van toepassingen. Een advies, gegeven door een Begeleidingscommissie, concludeert: Taaldrukken is een belangrijke onderwijsvernieuwende factor, zowel ten aanzien van de ontwikkeling van het moedertaalonderwijs als van de Kunstzinnige Vorming. Het Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk werk vraagt advies over de plaats van Taaldrukken in de bestaande structuren om de kwaliteit van het werk te garanderen en mogelijkerwijs te vergroten. De Stichting Leerplan Ontwikkeling zorgt voor middelen om een handboek te schrijven. Het congres Ieder Kind is een Kinderboekenschrijver wordt in 1987 in de Meervaart in Amsterdam gehouden. Het is georganiseerd door de Taaldrukwerkplaats in samenwerking met Stichting Leerplan Ontwikkeling, Nederlands Bibliotheek en Lectuur Centrum, Stichting Schrijvers School en Samenleving, het Landelijk Ontwikkelingsinstituut Kunstzinnige Vorming en de Landelijke Taaldrukwerkplaatsen. Ondersteuning wordt geboden door de universiteiten van Amsterdam, Nijmegen en Utrecht. Het tijdschrift Vernieuwing maakt een themanummer en geeft alle werkverslagen uit. De stichting Taalvorming wordt opgericht Het is de bedoeling om de werkwijze bekend te maken nationaal en internationaal. In de praktijk gaat het erom dat de werkzaamheden voor Taalvorming veilig gesteld worden voor het geval dat Kunstweb niet meer in staat is medewerkers voor Taalvorming in dienst te houden. Taalvorming wordt genomineerd voor de Taalunie onderwijsprijs. De jury vindt het project een indrukwekkend initiatief onder meer omdat het gaat om een totaalconcept dat vertrekt vanuit de inzet van de kinderen zelf Versie november 2018

11 Drukken verdwijnt als werkvorm Als reden wordt genoemd dat de drukactiviteiten op de meeste scholen, door de invoering van computers, niet meer uitgevoerd worden. Het begrip Taaldrukken verliest hiermee betekenis en vanaf dit punt wordt gesproken over Taalvorming. De stichting Taalvorming geeft ook onderdak aan dramaconsulenten, waarmee meerdere middelen voor Taalvorming worden ingezet. De Staatsliedenbuurt heeft geen literair steunpunt meer. Behalve de Taaldrukwerkplaats is de Buurtbibliotheek nu ook weg uit de Koperen Knoop. De Westergasfabriek is een energiebron van jewelste, continu in ontwikkeling. Sinds de opening van het cultuurpark worden de gebouwen van de grootste gasfabriek uit 1883 stuk voor stuk gerenoveerd. Inmiddels is het laatste grote monument, het Transformatorhuis, klaar voor Theatervoorstellingen. Enkele tientallen creatieve bedrijven hebben vast onderdak gevonden op het terrein. Amsterdammers komen er dansen, film kijken, eten, drinken en spelen. Filmopnames, festivals en exposities zijn aan de orde van de dag. In een bijlage van de nota van het Ministerie Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur (WVC) d.d.11 november staat dat de Notitie Literaire Vorming. Taalvorming als een onderdeel van de discipline taal beschouwd moet worden, waarbij talige vorming als volwaardig deelgebied van de Kunstzinnige Vorming erkend wordt. In 1990 is er een Symposium Kunstzinnige vorming in het basisonderwijs. Het gaat over de kwaliteit van de Kunstzinnige Vorming in het basisonderwijs; Literaire Vorming als kunst en kunde. In 1993 gevolgd door de Conferentie Literaire Vorming, Kunsteducatie in sociale vernieuwing. Taal is het basisgereedschap van de persoonlijke ontwikkeling en literaire vorming draagt eraan bij dit gereedschap te leren hanteren. Fusies Men besluit in 1985 tot een fusie van de Werkschuit met IDV en VREK tot Stichting Kunstzinnige Vorming Amsterdam (SKVA). De instellingen kijken met argwaan naar elkaar. IDV beschouwd drama als de moeder van taalvorming. VREK vindt dat sociale problemen met drama opgelost moeten worden. En de Werkschuit denkt voornamelijk aan beeldende kunst. In 1996 komt een nieuwe fusie van de SKVA met de Jeugd Tejaterschool, Scapino Dansacademie en de Amateurtheaterschool tot stichting Kunstweb tot stand. Doelstelling: het bevorderen van actieve en receptieve deelname aan kunst en cultuur. Met name voor binnen- en buitenschoolse Kunstzinnige Vorming en Kunsteducatie. Kunstweb verhuist naar een pretentieus pand in de Spuistraat. De nieuwe structuur van Kunstweb werkt niet. Interim-manager Dirk Monsma wil het beleid kantelen ; de OR trekt aan de bel. Het bestuur onder voorzitterschap van Walter Etty wil een raad van toezicht vormen. Er wordt gesproken over vergeten doelgroepen en wensen uit de bevolking. De Kunstraad over Kunsteducatie De ideeën van de Kunstraad over cultuureducatie getuigen van zorg voor het creëren van betrokkenheid bij en het doorgeven van gevoelens van verantwoordelijkheid voor ons culturele erfgoed. De school is de plaats waar niet alleen vaardigheden worden aangeleerd, maar ook de leeromgeving waarin emotionele betrokkenheid ontstaat. Na jaren van steeds minder aandacht voor kunsteducatie in het primair en daaropvolgend onderwijs, is van een omslag sprake. Noodzakelijk is dat de financiering breder is dan die op basis van de geldstroom van het rijk ten behoeve van Kunsteducatie en het Kunstenplan budget. Er is een commissie van wijze mensen ingesteld die gaat adviseren over de infrastructuur voor de kunsten. Een interim-manager probeert Kunstweb af te bouwen en de levensvatbare on- Versie november

12 derdelen goed onder te brengen. De Raad van Toezicht van Kunstweb is opgestapt. Een nieuw bestuur is er niet. Kunstweb verhuist naar een pretentieus pand in de Spuistraat. De opening ervan wordt verricht door Wethouder Hannah Belliot. Tijdens de begrotingsbehandelingen eind 2004 trekt dezelfde wethouder de subsidie in. De activiteiten worden afgebouwd en iedereen is per 1 juli 2005 ontslagen. Doorstart Nadat alle medewerkers van Kunstweb, dus ook de consulenten Taalvorming, ontslagen zijn besluit de Commissie Cultuur van de Amsterdamse Gemeenteraad om de stichting Taalvorming voor het schooljaar te subsidiëren. Dat betekent dat een aantal mensen weer in dienst kunnen komen en in Amsterdam voor de scholen tegen een gesubsidieerde prijs kunnen werken. Het oude gebouw van de cursusafdeling van Kunstweb, aan de Mauritskade nummer 24, is nu de plek waar die verschillende levensvatbare instellingen bijeen zitten: Beeldende cursussen MK24, de Opstap, een activiteit voor ex-patiënten van psychiatrische instellingen, de stichting Taalvorming en meer samenwerkende clubs op het gebied van Kunstzinnige Vorming. Geschiedenis van het archief en verantwoording van de inventarisatie Het archief van de Stichting de Werkschuit en de rechtsopvolger Stichting Kunstzinnige Vorming Amsterdam is in.... overgedragen aan het Gemeentearchief van Amsterdam. Het bestaat, naast het administratieve archief, uit een grote collectie kindertekeningen die een beeld geven van de ontwikkeling van het beeldend vermogen van leerlingen van verschillende scholen voor Lager Onderwijs en de individuele kinderen van de kinderclubs. Daarnaast is een omvangrijke documentatie, die een verantwoording van de geschiedenis en het werk van de Werkschuit in het kader van Vernieuwing van Opvoeding en Onderwijs geeft, bijeengebracht in de vorm van foto s, logboeken, interviews en publicaties. Bijzondere aandacht is gegeven aan de de projecten die medewerkers van de Werkschuit uitgevoerd hebben in het kader van culturele, sociale en politieke buurtacties. Apart is het privéarchief van de schuitleidster, Brecht v.d. Muyzenberg opgenomen. Het bevat ondermeer een collectie kunstwerken die door de medewerkers ter gelegenheid van haar afscheid aangeboden zijn. De beschrijving en ontsluiting van het Werkschuitarchief was in dit stadium summier. Het archief van de Taaldrukwerkplaats is in 2008 toegevoegd. Daarmee werd de noodzaak duidelijk het gehele archief van de Werkschuit uitgebreid te beschrijven. Dit archief bestaat, naast het administratieve deel, uit een uitvoerige documentatie van werkstukken, gedrukte boekjes, in eigen beheer gedrukte posters en handgescheven teksten van leerlingen in het Basisonderwijs en het Voortgezet onderwijs, alsmede van volwassen deelnemers aan de vele cursussen en werkbijeenkomsten. Daarnaast een zeer uitgebreide documentatie van artikelen, handboeken en verslagen over de visie op de taalontwikkeling van kinderen en volwassenen en de werkvormen die bij Taalvorming toegepast worden, geschreven door de medewerkers van de Taaldrukwerkplaats. Daarnaast zijn artikelen van derden over dit onderwerp opgenomen Versie november 2018

13 Het fotoarchief van Frederice van Faassen-Kalmijn is in 2009 toegevoegd. Het bevat een uitvoerige documentatie van de werkvormen voor Taalvorming en Drama die een beeld geven van de begeleiding van leerlingen in het Basisonderwijs, het Speciaal onderwijs, alsmede van de cursussen voor volwassenen. Opgenomen zijn afdrukken zowel als negatieven en contactafdrukken. Tenslotte is in 2009 een beperkt deel van de stichting Kunstweb toegevoegd. Inventaris Stukken betreffende Stichting de Werkschuit Stukken betreffende de rechtsopvolger: Stichting Kunstzinnige Vorming Amsterdam (SKVA) en de Stichting Kunstweb Amsterdam (SKA) Stukken betreffende de Taaldrukwerkplaats (onderdeel van de Werkschuit en rechtsopvolgers) Fotoarchief van Frederice van Faassen ( ) Stukken betreffende Stichting de Werkschuit 1.1 Stukken van algemene aard Notulen en correspondentie 1-9 Notulen van het Algemeen en Dagelijks Bestuur pakken en 1 omslag omslag Correspondentie van en aan de schuitleiding / directie pak en 1 omslag pak Correspondentie van en met het Dagelijks Bestuur omslagen Correspondentie met het Gemeentebestuur van Amsterdam omslagen en 1 pak pak Correspondentie met het ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk pak Versie november

14 21 Correspondentie met de directie over lezingen en werklessen pak 22 Correspondentie met verschillende Gemeentebesturen omslag Externe verslaggeving 23 Jaarverslagen omslag 1.2 Stukken betreffende bijzondere onderwerpen Organisatie en geschiedenis van de oprichting van de Werkschuit - Oprichting en geschiedenis 24 Stukken betreffende de Exposition des peintures et dessins d enfants, Musée du Luxembourg omslag 25 Bouwtekening van de Werkschuit door W. Bertheux omslag 26 Stukken betreffende de (voor-)geschiedenis van de Werkschuit omslag 27 Stukken betreffende opening van de Werkschuit ; Montessori Congressisten; Eerste cursussen; Bestuursvergaderingen; Werkgroepen deel 28 Stukken betreffende de verhouding tussen Literaire Vorming en de doelstellingen van de Werkschuit omslag 29 Overzicht met de chronologie van de geschiedenis van de Werkschuit omslag 30 Reproductie van het schilderij van Cézanne waarmee de Werkschuit bekostigd werd stuk Cassettebandjes betreffende de geschiedenis van de Werkschuit; interviews door Vera Asselbergs-Neessen, onderzoekster cassettebandjes 31 Interview met Brecht van den Muyzenberg-Willemse, schuitleidster Interview met E.H. v. Sonsbeek, bestuurslid Interview met Jan van Oosten, medewerker beginperiode van de Werkschuit, en Wil Bertheux, bestuurslid Interview met Ina van Blaaderen, initiatiefneemster van de Werkschuit, deel I en II Interview met Ina van Blaaderen, initiatiefneemster van de Werkschuit, deel III Interview met Brecht van den Muyzenberg, schuitleidster Interview met Piet Klaasse, medewerker beginperiode van de Werkschuit Interview met Joep Schellevis, medewerkster beginperiode van de Werkschuit, deel I en II Interview met Joep Schellevis, medewerkster beginperiode van de Werkschuit, deel III Interview met Annette Teunissen-van Manen Zanen, medewerkster beginperiode van de Werkschuit, deel I Interview met Annette Teunissen-van Manen Zanen, medewerkster beginperiode van de Werkschuit, deel II Interview met Ina van Blaaderen over de werkwijze van de Werkschuit, deel I en II Interview met Ina van Blaaderen over de werkwijze van de Werkschuit, deel III Versie november 2018

15 44 Interview met Ina van Blaaderen over de ontwikkeling van het kind aan de hand van tekeningen Interview met Ina van Blaaderen en Piet Klaasse, medewerker beginperiode van de Werkschuit, deel I en II Interview met Ina van Blaaderen en Piet Klaasse, medewerker beginperiode van de Werkschuit, deel III en IV Interview met Anton van de Ven, inspecteur onderwijs, deel I en II Interview met Anton van de Ven, inspecteur onderwijs, deel III Interview met B. Velthuis, bestuurslid Interview met Leo Schatz, medewerker beginperiode van de Werkschuit Interview met Henk van Faassen, medewerker beginperiode van de Werkschuit, door Vera Asselbergs, met bijlagen omslag 52 Interview met Piet Klaasse, medewerker beginperiode van de Werkschuit, door Theo vd Hoeven stuk 53 Afbeelding van het vroegste schilderij van kind met tekening stuk 54 Correspondentie tussen Ina van Blaaderen, initiatiefneemster van de Werkschuit, en Vera Asselbergs, onderzoeker omslag - Organisatie Logboeken van de Werkschuit met documentatie in de vorm van krantenknipsels, foto s, folders, ansichtkaarten, uitnodigingen, werkoverzichten, verslagjes enz omslagen 55 Logboek 1a Logboek 1b Logboek 1c Logboek 1d Logboek 1 e Logboek 1f Logboek 1g Logboek 1h Logboek 2a Logboek 2c Logboek 2d Doelstellingen, drukwerk op karton omslag Stukken betreffende de interne organisatie in het Werkcomité, ook genoemd de Werkcommissie pakken en 2 omslagen 67 Werkcomité Werkcomité Stukken betreffende formulering en vaststelling van het beleid en de doelstellingen omslag 70 Stukken betreffende de formulering en vaststelling van het het algemeen beleid Stukken betreffende werkplannen op scholen omslag 72 Notulen van medewerkersvergaderingen Correspondentie betreffende de organisatie van de werkgroepen Versie november

16 74 Interne Organisatie in de verschillende werkgroepen Stukken betreffende de Begeleidingscommissie, vanaf 1978 Kerngroep genaamd Logboeken betreffende de datering van cursussen, excursies, lezingen binnen en buiten de Werkschuit delen en 2 pakken pak pak Stukken betreffende de organisatie van de projecten: Amsterdam 700 ; Amsterdams Videocentrum; Karel Appel eiland; Paint-In; Kadercursus; omslag Schuitpraat, intern mededelingenblad van De Werkschuit, vanaf 1982 Schuitbulletin pakken Stukken betreffende de oprichting van de stichting Vrienden van de Werkschuit omslag 87 Stageverslagen van de studenten van de Sociale Academie pak 88 Stukken betreffende de affaire Administratiekantoor Brouwer omslag 89 Stukken betreffende de vakgroepen: Beeldhouwen en Keramiek, Algemeen beeldend en Ruimtelijk, Audio Visuele Vorming, Textiel, Drama pak Notulen van de Stafvergadering, ook genoemd Bureauvergadering pakken en 1 omslag 90 Bureauvergadering omslag 91 Bureauvergadering Bureauvergadering Werkoverleg, vestigingenoverleg Instellings- en bedrijfsplan omslag 95 Verslagen van het cursuswerk omslag 96 Verslagen en werkplannen van het onderwijswerk omslag 97 Plan inrichting Werkschuit Mauritskade stuk 98 Stukken betreffende de organisatie van de Open Studio omslag - Bestuursleden en medewerkers Stukken betreffende excursies, werkbijeenkomsten en lezingen pakken Versie november 2018

17 Stukken betreffende het organiseren van Kadercursussen voor medewerkers omslagen, 3 pakken en 1 deel 101 Kadercursussen Kadercursussen pak 103 Kadercursussen Kadercursussen pak 105 Kadercursussen Kadercursussen pak 107 Kadercursus Werkschuit Groningen; met werkstukken Foto s van de kadercursus Werkgroep Amsterdam Noord deel 109 Lijsten van medewerkers en bestuursleden omslag Correspondentie met medewerkers pak en 1 omslag omslag Foto s van medewerkers stukken en 1 omslag 112 Bespreking van kindertekeningen Werkbespreking, v.l.n.r. Gerda Rubenstein, H. Schellen, Ina v. Blaaderen, Arie v.d. Berg Medewerkers van de Werkschuit; 56 afdrukken omslag Financiën Kasboeken omslagen Financiële jaarverslagen pakken en 1 omslag omslag Accountantsrapporten inzake de controle van de jaarrekening pakken en 1 omslag omslag Stukken betreffende het financiële beheer van het schoolschip De Werkschuit omslag Promotie en publiciteit 126 Gedenkbundel studiedagen Vereniging tot bevordering van het Aesthetisch Element in het Voortgezet Onderwijs (VAEVO) s.d. 1 deel 127 Wat het harte boeit, bundel gedichten met illustraties, alsmede losse illustraties van Ina Samuelson-van Blaaderen (oprichter van de Werkschuit) omslag Publicaties en affiches stukken, 2 delen en 1 omslag 128 Kinderlijke expressie in deze tijd, door Vige Langevin e.a deel Versie november